‘Gelijkwaardige functies, dus gelijke salarissen’

De lerarenfuncties in het primair onderwijs zijn gelijkwaardig aan die in het voortgezet onderwijs, dus moeten de salarissen ook gelijkwaardig zijn. Dat meldt de PO-Raad op basis van de waardering van actuele functiebeschrijvingen voor het primair onderwijs.

De waardering van actuele functiebeschrijvingen ondersteunt volgens de sectororganisatie de claim dat de salarissen voor leraren in het primair en voortgezet onderwijs op gelijk niveau moeten liggen. Nu is het nog zo dat de lerarensalarissen in het primair onderwijs lager zijn dan in het voortgezet onderwijs.

De PO-Raad vindt dat onder andere de analysevaardigheden die van leraren in het primair onderwijs worden verwacht en de zwaarte van de contacten de claim voor gelijkwaardige salarissen rechtvaardigen.

Lees meer…

OCW ziet dat schoolbestuurders minder geld krijgen

Minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker van OCW hebben er vertrouwen in dat het aantal schoolbestuurders met een bezoldiging boven de norm de komende jaren gaat dalen. Dat schrijven ze in een brief aan de Tweede Kamer over de tweede monitor beloningscodes/cao’s.

Het doel van deze monitor is te kunnen vaststellen in hoeverre zelfregulering door middel van beloningscodes en bestuurders-cao’s werkt.  ‘Het algemene beeld is’, zo schrijven Bussemaker en Dekker, ‘dat in vergelijking met de nulmeting de beloningen meer in lijn liggen met de in de cao’s of beloningscodes vastgestelde criteria.’ Uit de monitor blijkt dat in het primair en voortgezet onderwijs 2,5 procent van de bestuurders meer krijgt dan de Wet normering topinkomens toestaat.

Ze benadrukken dat de monitor een macrobeeld geeft en niet ingaat op beloningen van individuele bestuurders. Een te hoge beloning mag vier jaar worden gerespecteerd. Daarna moet de beloning in drie jaar worden teruggebracht tot het geldende maximum. Uiterlijk in 2020 moeten alle bestuurders hun beloning onder het maximum volgens de Wet normering topinkomens hebben gebracht. In gevallen waar dat dan niet zo is, zal de Inspectie van het Onderwijs handhavend optreden.

De minister en de staatssecretaris schrijven dat veel bestuurders hun morele verantwoordelijkheid hebben genomen om hun beloning vrijwillig versneld onder het sectorale maximum te brengen. ‘Wij hebben er dan ook vertrouwen in dat het aantal bestuurders met een bezoldiging boven de norm de komende jaren gaat dalen’, aldus Bussemaker en Dekker.

Toezichthouders
De monitor gaat ook in op de bezoldiging van toezichthouders. In het primair onderwijs krijgt een toezichthouder gemiddeld 3175 euro per jaar. In het voortgezet onderwijs is dat 3530 euro. Voorzitters van raden van toezicht krijgen gemiddeld 12.342 respectievelijk 13.722 euro per jaar.

De aangepaste Wet normering topinkomens bepaalt dat de bezoldiging voor leden en voorzitters van de hoogste toezichthoudende organen van een rechtspersoon of instelling ten hoogste 10 respectievelijk 15 procent bedraagt van de voor die rechtspersoon of instelling geldende maximale bezoldiging. Voorheen was dat 5 respectievelijk 7,5 procent.

VOS/ABB adviseert om interne toezichthouders in het primair en voortgezet onderwijs een vrijwilligersvergoeding te geven of daar net iets boven te gaan zitten. Verruiming van de bezoldiging op basis van de WNT2 vindt VOS/ABB niet verstandig.

Bestuurders primair onderwijs hebben eigen cao

In de eerste cao voor bestuurders in het primair onderwijs staat een heldere bovengrens voor salarissen.

De hoogte van het salaris van de bestuurder wordt via een indeling in salarisklassen gekoppeld aan de omvang van de onderwijsinstelling. Staatssecretaris Sander Dekker van OCW had hierom gevraagd. Hij wil voorkomen dat te veel bestuurders het maximumloon bedingen. De CAO Bestuurders PO 2013 past binnen de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector en de daarop gebaseerde Regeling bezoldiging topfunctionarissen OCW-sectoren.

De ondertekening van de eerste cao voor bestuurders in het primair onderwijs is op 12 maart.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Van Bijsterveldt kritisch over beloningsleidraad

In antwoord op de vragen die Tweede Kamerlid Jan de Vries (CDA) hierover heeft gesteld, zegt Van Bijsterveldt dat ze nog geen definitief oordeel over de Beloningsleidraad kan geven. Dat komt omdat er nog geen kabinetsreactie is op het advies van de commissie Dijkstal over de normering van topinkomens in de semi-publieke sector. De sector voortgezet onderwijs heeft al aangegeven zich te conformeren aan de besluitvorming in het kabinet over dit advies-Dijkstal. De beleidsreactie wordt eind dit jaar verwacht.

Kanttekeningen
Toch plaatst Van Bijsterveldt op voorhand al kritische kanttekeningen bij de Beloningsleidraad van de VO-raad. “De afstand tussen de maximale beloning voor bestuurders conform de leidraad, en het salarismaximum in de cao vo vind ik fors”, schrijft zij in haar antwoord op de Kamervragen.

Ze vindt ook dat dat de leidraad op enkele punten aangescherpt en verhelderd moet worden. Het gaat dan om de secundaire arbeidsvoorwaarden. “De VO-raad geeft aan dat secundaire arbeidsvoorwaarden in de cao vo, zoals bovenwettelijke vakantiedagen en de bapo-regeling, niet van toepassing zijn op  bestuurders. Concrete normen voor toekenning van (andere) secundaire arbeidsvoorwaarden voor bestuurders ontbreken in de beloningsleidraad’.

Van Bijsterveldt geeft verder aan dat ze inmiddels tegenover de voorzitter van de VO-raad haar zorgen heeft uitgesproken over het mogelijk opdrijvende effect van de leidraad op de salarissen van bestuurders.

In de rechterkolom hiernaast staat de volledige brief met de antwoorden van Van Bijsterveldt.

Bijlagen