Bijna alle bestuurders in juiste bezoldigingsklasse

Het aantal onderwijsinstellingen dat voor bestuurders een hogere bezoldigingsklasse heeft berekend dan de Wet normering topinkomens (WNT) voorschrijft, is gedaald van iets minder dan 60 in 2016 naar 30 in 2017. Dat komt neer op 2 procent van het totaal. Dat melden de onderwijsminister Ingrid van Engelshoven en Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

Als een instelling een te hoge bezoldigingsklasse heeft vastgesteld, leidt dat niet automatisch tot een overtreding van de WNT door de bestuurder. ‘In veel gevallen ontvangt de bestuurder, ondanks de indeling in de te hoge bezoldigingsklasse, een bezoldiging die onder het door OCW berekende WNT-maximum ligt’, zo benadrukken Van Engelshoven en Slob in hun brief.

De bezoldigingsmaxima voor schoolbestuurders liggen tussen 115.000 en 194.000 euro per jaar. Hoe kleiner de instelling is, hoe lager de bezoldigingsklasse en dus ook hoe lager het individuele WNT-maximum (en andersom).

Lees meer…

Bezoldigingsklasse niet altijd goed vastgesteld

Ongeveer 13 procent van de schoolbesturen heeft een onjuist aantal complexiteitspunten bepaald op basis waarvan de maximale bezoldiging van de bestuurder wordt vastgesteld. Dat melden de onderwijsministers Ingrid van Engelshoven en Arie Slob aan de Tweede Kamer.

Sinds 1 januari 2016 zijn niet meer bezoldigingsklassen per onderwijssector van kracht, maar wordt de maximale bezoldiging volgens de Wet normering topinkomens (WNT) bepaald op grond van de bestuurlijke complexiteit van de organisatie.

De bestuurlijke complexiteit wordt bepaald aan de hand van de totale baten van de organisatie, het aantal leerlingen en het gewogen aantal onderwijssoorten en sectoren. Voor elk criterium krijgt de instelling een bepaald aantal complexiteitspunten. Het totale aantal punten bepaalt in welke bezoldigingsklasse de instelling valt.

Van Engelshoven en Slob melden aan de Tweede Kamer dat uit een analyse blijkt dat verreweg de meeste instellingen de bezoldigingsklasse correct hebben vastgesteld. Er is echter ook een aantal afwijkingen. Ongeveer 13 procent heeft een ander aantal complexiteitspunten berekend dan de regeling voorschrijft. Het betreft zowel afwijkingen naar boven als naar beneden.

De ministers wijzen erop dat de bezoldigingsklassen een bandbreedte hebben voor het aantal complexiteitspunten. Daardoor leidt een ander aantal punten niet direct tot een andere klasse. Bovendien leidt volgens hen de vaststelling van een te hoge bezoldigingsklasse niet automatisch tot een overtreding van de WNT.

Lees meer…