SGP vertrouwt dorpse overblijfouder op blauwe ogen

De SGP vindt dat overblijfouders van kleine basisscholen op het platteland geen Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) hoeven te hebben. Dit staat in een reddingsplan voor kleine scholen van de staatkundig gereformeerden.

SGP-Tweede Kamerlid Roelof Bisschop noemt het ‘merkwaardig’ dat overblijfmedewerkers van kleine dorpsscholen een VOG moeten hebben. Volgens hem kent iedereen in een dorp elkaar goed en zijn het vrijwel altijd ouders die doorgaans op hun eigen kinderen en hun vriendjes passen.

VOG verplicht in onderwijs

De VOG is in het primair onderwijs en voortgezet onderwijs verplicht voor onder leraren, (adjunct-)directieleden, (con-)rectoren en onderwijsondersteunende functionarissen, externe leraren (bijvoorbeeld gedetacheerd of werkzaam via een uitzendbureau), externe (adjunct-)directieleden, LIO-stagiaires (leerovereenkomst of leerarbeidsovereenkomst), conciërges en schoonmaakpersoneel (eventueel extern ingehuurd) en dus ook voor overblijfmedewerkers.

Een VOG is een verklaring waaruit blijkt dat het gedrag van iemand in het verleden geen bezwaar vormt voor het vervullen van een specifieke taak of functie. In het onderwijs is een VOG verplicht vanwege de kwetsbare positie van kinderen. Het betreft hier onder andere het risico van (seksueel) misbruik.

Leefbaarheid blijft op peil in dorpen zonder school

Bewoners van plattelandsdorpen waar voorzieningen zoals de basisschool verdwijnen, zijn de afgelopen jaren niet negatiever gaan denken over de leefbaarheid van hun woonplaats. Dat staat in het rapport Dorpsleven tussen stad en land van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP).

Het SCP schrijft dat leefbaarheid in dorpen vaak in verband wordt gebracht met voorzieningen, zoals de aanwezigheid van een basisschool. ‘In de dorpen in krimpgebieden zijn wat meer voorzieningen aanwezig dan in andere dorpen, maar hun aantal nam (…) wel sneller af. Dorpen in krimpregio’s bij de stad verloren vooral levensmiddelenzaken, zoals bakkers en slagers; in de dorpen in afgelegen krimpregio’s sloten deze winkels ook regelmatig hun deuren en verdwenen daarbij relatief vaak de laatste basisschool, het café of de supermarkt’, zo staat in het rapport.

Toch gingen dorpsbewoners volgens het SCP hun dorpen tussen 2011 en 2014 niet als minder leefbaar ervaren, ook niet die in krimpregio’s. ‘Ondanks de demografische ontwikkelingen en de sluiting van voorzieningen in de krimpende delen van het platteland zien wij in de beleving van bewoners en hun betrokkenheid bij het dorpsleven geen tekenen van toenemende contrasten binnen het Nederlandse platteland.’

Lees meer…

School dicht: minder burenhulp, hogere zorgkosten

Als een dorp zonder basisschool komt te zitten, wordt daar de sociale cohesie aangetast.  Dat kan leiden tot minder burenhulp en dus hogere zorgkosten. Dat stelt Stimuland, een Overijsselse stichting die de verbinding wil leggen tussen beleid en praktijk op het platteland.

Stimuland vreest dat met het verdwijnen van de kleinescholentoeslag in veel plattelandsdorpen de laatste basisschool zal verdwijnen. Staatssecretaris Sander Dekker van OCW heeft in zijn krimpvisie aangekondigd dat de kleinescholentoeslag wordt omgezet in een bonus op samenwerking tussen scholen.

De Overijsselse stichting in het dorp Vilsteren bij Ommen stelt dat een school de basis vormt voor de sociale structuur van de toekomst. ‘In dorpen waar scholen verdwijnen, is aandacht voor leefbaarheid dan ook belangrijk’, benadrukt Stimuland.

‘De afschaffing van de kleinescholentoeslag kan verstrekkende gevolgen hebben, vooral wanneer er een stapeling van factoren plaatsvindt. Bijvoorbeeld: geen samenwerkingstoeslag meer, stijgende huisvestingskosten en tegenvallende bekostiging als gevolg van invoering van passend onderwijs.’

Volgens Stimuland levert een school een (indirecte) bijdrage aan de leefbaarheid ‘door inzet van bewoners te genereren’ en ‘ontmoeting en interactie te faciliteren’. Bovendien wordt de school gezien als ‘identiteitsdrager’.

‘Als de laatste kleine school in een dorp verdwijnt, is de verwachting dat het draagvlak voor burgerparticipatie kleiner wordt’, aldus Simuland. Dat zou volgens deze stichting kunnen resulteren in minder burenhulp en daardoor tot hogere zorgkosten.

Dekker wil input actiegroep Behoud Kleine Scholen

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW heeft de Stichting Behoud Kleine Scholen gevraagd mee te denken over beleid voor de kleine scholen. RTV Oost meldt dat woordvoerster Bouwien Rutten dit bevestigt. Zij woont in het Twentse dorpje Angelo en maakt zich als een van de initiatiefnemers van de Stichting Behoud Kleine Scholen grote zorgen over het basisonderwijs op het platteland.

Volgens Rutten wil de staatssecretaris van de stichting horen hoe hij de krimp van het aantal kinderen op het platteland kan opvangen en tegelijkertijd de kosten binnen de perken kan houden. Woensdagmiddag heeft de Stichting Behoud Kleine Scholen actiegevoerd op het Plein bij de Tweede Kamer. Dekker kreeg namens ruim 7000 mensen een petitie overhandigd voor het behoud van kleine scholen.

De staatssecretaris wil de kleinescholentoeslag omzetten in een bonus op samenwerking. Hij garandeert dat dit geen bezuinigingsmaatregel is. De Stichting Behoud Kleine Scholen is bang dat door de samenwerking zoals Dekker die voor ogen heeft, steeds meer plattelandsdorpen zonder school komen te zitten.

Samenwerkingsbonus vervangt kleinescholentoeslag?

De christelijke oppositiepartijen CDA en ChristenUnie zijn tegen het plan van VVD en PvdA om de kleinescholentoeslag te vervangen door een stimuleringsbonus voor samenwerking.

VVD en PvdA sturen erop aan om de kleinescholentoeslag om te zetten in een samenwerkingsbonus. CDA-Kamerlid Michel Rog – de oud-voorzitter van CNV Onderwijs – noemt dit een 'verschrikkelijk voorstel' en een 'dwaas plan'. Hij vreest dat scholen worden gedwongen om met elkaar samen te werken, wat de autonomie van de schoolbesturen zou aantasten.

Arie Slob van de ChristenUnie is ook tegen. Het schrappen van de kleinescholentoeslag en het instellen van een samenwerkingsbonus noemt hij 'desastreus'. D66-Kamerlid Paul van Meenen is het met VVD en PvdA eens dat samenwerking tussen kleine scholen moet worden bevorderd.

VVD en PvdA hebben voor hun plan voldoende steun nodig in de Eerste Kamer, waar ze geen meerderheid hebben. Het voorstel volgt op het advies Grenzen aan kleine scholen van de Onderwijsraad, waarin staat dat alle basisscholen met minder dan 100 leerlingen dicht zouden moeten. Alles wijst erop dat dit advies, dat de afgelopen tijd veel kritiek kreeg in het onderwijs, geen realiteit zal worden.

Verdedigbaar
VOS/ABB vindt het plan voor de samenwerkingsbonus verdedigbaar, mits dit niet gepaard gaat met een bezuiniging. Al het geld voor de kleinescholentoeslag moet voor het onderwijs behouden blijven. VOS/ABB heeft dit onlangs tijdens een overleg met het ministerie van OCW benadrukt.

Als samenwerking financieel wordt gestimuleerd, moet de politiek wel snel werk maken van een wetswijziging om het ook voor openbare schoolbesturen mogelijk te maken om samenwerkingsscholen in stand te houden. Nu kan het openbaar onderwijs dat nog niet, terwijl het bijzonder onderwijs die mogelijkheid wel heeft. De achtergestelde positie van het openbaar onderwijs moet zeer spoedig worden opgeheven!