Minder havisten gaan studeren sinds invoering leenstelsel

Sinds de invoering van het leenstelsel voor studenten in 2015 is de doorstroom van havo naar hbo licht gedaald, terwijl de doorstroom van vwo naar universiteit vrijwel gelijk bleef, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

De doorstroom van havo naar hbo steeg van 2007 tot 2015, toen het oude stelsel van studiefinanciering nog bestond. De sterkste stijging deed zich voor 2013 en 2014. Na de invoering van het leenstelsel daalde de doorstroom van havo naar hbo. Meer jongeren kiezen sindsdien voor een tussenjaar of gaan werken.

Ook het percentage vwo’ers dat aan een universiteit ging studeren nam toe in de periode 2007–2015. De sterkste toename vond plaats in 2014. In tegenstelling tot de doorstroom van havo naar hbo nam de doorstroom van vwo naar universiteit nauwelijks af na de invoering van het leenstelsel.

Lees meer…

Instroom pabo en lerarenopleiding keldert

Het aantal nieuwe voltijdstudenten op de pabo is tussen 2014 en 2015 met 35 procent afgenomen. Ook bij de lerarenopleidingen neemt het aantal nieuwe studenten af. Dat staat in een monitorrapportage over het hoger onderwijs.

Er is met name een enorme daling van de aantallen nieuwe studenten aan de pabo die afkomstig zijn uit mbo of havo. In 2015 waren die aantallen respectievelijk 55 procent en 26 procent lager dan in 2014. De totale instroom in de (voltijds)pabo was in 2015 ruim 3250, terwijl dat in 2006 nog ruim 7000 was.

Minister Jet Bussemaker van OCW meldde eerder dat de grote afname van het aantal mbo’ers dat naar de pabo gaat, samenhangt met strengere toelatingseisen. Met name studenten met een allochtone achtergrond zouden de pabo te moeilijk vinden.

Mannen en vrouwen

Het aantal vrouwen dat voor de pabo kiest, daalde met 36 procent, het aantal mannen met 30 procent. Hiermee verandert de man-vrouwverhouding in de pabo iets: het aandeel mannelijke pabostudenten in 2014 was 20 procent, in 2015 was dat 21 procent. In 2006 was het aandeel mannen in de instroom in de pabo 16 procent.

In de monitor staat verder dat de pabo de ‘betere’ vwo-hbo-doorstromer trekt. Vwo-gediplomeerden die kiezen voor de pabo, hebben doorgaans iets hogere eindexamencijfers behaald dan andere vwo’ers die kiezen voor het hbo.

Lerarenopleidingen

Ook de instroom in de eerstegraadslerarenopleidingen en onderwijsmasters in het hbo neemt af. In 2009 was nog sprake van een instroom van ruim 3700, in 2015 was dat ruim 2600. Aan de universiteiten starten jaarlijks ruim 1000 studenten met een eerstegraadslerarenopleiding. In 2013 waren dit er nog bijna 1200.

Leenstelsel en toegankelijkheid

Als wordt gekeken naar het hoger onderwijs in zijn geheel, dan wordt ook een daling van het aantal studenten gesignaleerd. De Vereniging Hogescholen legt hierbij een verband met de invoering van het leenstelsel voor studenten en maakt zich in het verlengde hiervan zorgen over de toegankelijkheid van het hoger onderwijs.

‘In het bijzonder de grote daling (7%) van het aandeel studenten waarvan geen van beide ouders een hogere opleiding heeft genoten is zorgwekkend en is een signaal dat de toegankelijkheid van het hbo onder druk staat’, aldus de Vereniging Hogescholen.

Boeggolfeffect

Minister Bussemaker stelt in aanbieidingsbrief bij de monitor dat de dip in de directe instroom ‘lijkt te passen bij een boeggolfeffect in de jaren 2013 en 2014’. Daarmee bedoelt zij dat de afgelopen jaren meer studenten ervoor kozen om direct na hun diploma aan een studie te beginnen, zodat zij nog een basisbeurs konden krijgen.

Nu studenten geen basisbeurs meer krijgen, maar moeten lenen als ze geld voor hun studie nodig hebben, kiezen meer jongeren voor een tussenjaar om bijvoorbeeld te werken of een lange reis te maken alvorens te gaan studeren.

Opwaartse sociale mobiliteit

Bussemaker noemt de toegankelijkheid van het hoger onderwijs nog steeds goed. ‘Nederland scoort hoog op dit gebied, ook in internationaal opzicht. Ons hoger onderwijs vervult nog steeds een emanciperende functie en draagt bij aan de opwaartse sociale mobiliteit’, aldus de minister. Zij baseert zich voor haar uitspraken op gegevens van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).

Genoeg informatie over leenstelsel, vindt minister

Minister Jet Bussemaker van OCW vindt dat eindexamenkandidaten in het voortgezet onderwijs genoeg informatie kunnen vinden over het leenstelsel voor studenten.

Bussemaker reageert op Tweede Kamerlid Eppo Bruins van de ChristenUnie, die Kamervragen heeft gesteld over de resultaten van een enquête van het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) en het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS) en een bericht daarover in de Telegraaf. Uit die enquête kwam naar voren dat het leenstelsel abracadabra is voor toekomstige studenten.

De minister denkt dat dat wel meevalt. Volgens haar zijn toekomstige studenten doorgaans goed op de hoogte van de grote lijnen van het stelsel van studiefinanciering. Heel specifieke informatie – zoals exacte bedragen of aflostermijnen – zoeken ze volgens haar op als ze die informatie daadwerkelijk nodig hebben.

Ze verwijst in haar reactie naar de website duo.nlstartstuderen.nl en studiekeuze123.nl.

Leenstelsel maakt einde aan lange reis na vwo-eindexamen

De afgelopen twee schooljaren gingen meer vwo’ers direct na hun eindexamen naar de universiteit. Minder leerlingen gingen er een jaar tussenuit. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Van de circa 32.000 vwo’ers die in 2014 hun vwo-diploma behaalden, ging 80 procent meteen na de zomervakantie naar de universiteit. In 2012 en de jaren daarvoor schommelde dit rond de 71 procent.

Er zijn tegenwoordig minder vwo’ers die na de zomervakantie geen onderwijs meer volgen en bijvoorbeeld voor een tussenjaar kiezen om te reizen of werken. Het CBS legt hier een verband met het leenstelsel voor studenten.

Lees meer…

Informatiecampagne over leenstelsel

Eindexamenkandidaten in het voortgezet onderwijs krijgen van minister Jet Bussemaker van OCW een brief met uitleg over het leenstelsel voor studenten. Ook zet het ministerie van OCW radiospotjes, social media en een speciale website in.

Ongeveer 155.000 eindexamenkandidaten in havo, vwo en mbo-4 krijgen de brief van Bussemaker. Daarnaast is er info via een radiospot en social media. De website www.startstuderen.nl is het centrale platform tijdens de campagne. De voorlichtingscampagne duurt een aantal maanden.

De belangrijkste maatregel is dat de basisbeurs wordt afgeschaft en dat studenten per 1 september 2015 alleen nog kunnen lenen. De maatregel geldt ook voor studenten die nu al studeren en in augustus aan een master willen beginnen. De aanvullende beurs blijft wel bestaan.

Eerste Kamer stemt in met leenstelsel

De Eerste Kamer heeft ingestemd met het leenstelsel voor studenten. Dit betekent dat per 1 september 2015 de basisbeurs wordt afgeschaft en studenten alleen nog geld voor hun studie kunnen lenen. De ov-jaarkaart voor studenten blijft bestaan.

Een meerderheid bestaande uit de regeringspartijen VVD en PvdA en de oppositiepartijen GroenLinks en D66 sprak steun uit voor het leenstelsel. PvdA-minister Jet Bussemaker van OCW zegt met het geld dat met het schrappen van de basisbeurs vrijkomt, de kwaliteit van het onderwijs te willen verbeteren. Het gaat volgens het ministerie van OCW om een bedrag dat kan oplopen tot 1 miljard euro.

Het nieuwe stelsel voor studiefinanciering betekent dat vanaf volgend studiejaar de basisbeurs niet meer bestaat. Studenten moeten dan al het geld dat zij voor hun studie nodig hebben van de overheid lenen of daarvoor aankloppen bij hun ouders.

Het geld dat studenten van de overheid lenen kan tegen relatief gunstige voorwaarden en over een lange periode worden terugbetaald. Bussemaker benadrukt dat ze zo snel mogelijk met een voorlichtingscampagne begint om de onzekerheid bij studenten en leerlingen in het voortgezet onderwijs weg te nemen.

Magazine School! besteedde in het november 2014 aandacht aan het protest onder leerlingen uit het voortgezet onderwijs tegen het leenstelsel.

Lees het artikel Scholieren bezorgd over toegankelijkheid hoger onderwijs.

Leerlingen protesteren tegen leenstelsel

Duizenden leerlingen uit het voortgezet onderwijs hebben vrijdag op het Malieveld in Den Haag geprotesteerd tegen het leenstelsel voor studenten.

Onder hen waren ongeveer 50 leerlingen van het Rembrandt College in Veenendaal. Geke Beckerman en Merel Wessels van de leerlingenraad van deze openbare school zijn bang dat door het leenstelsel de algemene toegankelijkheid van het hoger onderwijs in het geding komt.

‘Het LAKS heeft laten onderzoeken dat één op de tien leerlingen nu niet meer gaat studeren. Het leenstelsel zorgt ervoor dat je je als student enorm in de schulden moet steken, soms wel voor 35.000 euro. Dat treft natuurlijk vooral studenten van wie de ouders niet zulke hoge bedragen voor de studie van hun kind kunnen betalen’, aldus Beckerman en Wessels.

Ze noemen het schokkend dat één op de tien leerlingen straks niet meer gaat studeren. ‘Je doet niet voor niets zes jaar vwo. Onze opleiding is erop gericht om te gaan studeren. Dan is het natuurlijk zonde als je dat niet meer kunt doen vanwege een torenhoge schuld. Bovendien, wij zijn opgevoed met het idee dat je werkt voor je geld en dat je geen schulden moet maken, en nu worden we daar min of meer toe gedwongen…’

Waar Beckerman en Wessels ook bezwaren tegen hebben, is dat de regering nog vaag is over wat er met de honderden miljoenen gaat gebeuren die vrijkomen als de basisbeurs wordt omgezet in een lening. ‘De regering beweert dat met het geld de kwaliteit van het onderwijs wordt verbeterd, maar er wordt niet bij verteld hoe. Wij moeten ons straks dus in de schulden steken en dan is het maar de vraag of we er beter onderwijs voor terugkrijgen.’

In het decembernummer van magazine School! van VOS/ABB en de Vereniging Openbaar Onderwijs kunt u meer lezen over het leenstelsel voor studenten en de bezwaren van Geke Beckerman en Merel Wessels van het openbare Rembrandt College in Veenendaal.