‘Ouders bij luxeverzuim direct op de bon slingeren’

Ouders die hun kinderen van school houden om eerder met vakantie te kunnen, moeten meteen een boete krijgen. Het Openbaar Ministerie (OM) wil dat leerplichtambtenaren die bevoegdheid krijgen, melden diverse media. De belangenorganisatie Ouders & Onderwijs is hiertegen.

Van luxeverzuim is bijvoorbeeld sprake als ouders een dag voor een schoolvakantie al op wintersport gaan en dan zonder dat ze daar toestemming voor hebben hun kinderen meenemen. Een deel van de ouders doet dat om files naar vakantiegebieden te mijden. In het schooljaar 2015-2016 waren er 6000 meldingen van luxeverzuim.

Proces-verbaal bij luxeverzuim

Nu is het zo dat ouders die worden betrapt, van de leerplichtambtenaar een proces-verbaal kunnen krijgen. Daarna beslist de officier van justitie of er actie tegen de ouders wordt ondernomen.

Dat zou moeten veranderen, vinden het Openbaar Ministerie en de landelijke vereniging van de gemeentelijke leerplichtafdelingen Ingrado. De leerplichtambtenaar zou de bevoegdheid moeten krijgen om direct boetes uit te schrijven.

‘Eigenlijk is de tussenkomst van het OM doodzonde’, stelt directeur-bestuurder Carry Roozemond van Ingrado in het Algemeen Dagblad. ‘Het kost veel tijd en geld om die regels te handhaven, terwijl we precies weten waar het over gaat: ouders overtreden doelbewust de regels, zodat ze goedkoper of rustiger op vakantie kunnen.’

Snipperdagen tegen luxeverzuim

De belangenorganisatie Ouders & Onderwijs laat weten tegen het plan van het OM en Ingrado te zijn. ‘De regels slaan volkomen door, terwijl er juist vraag is naar flexibiliteit. Geef vijf snipperdagen voor leerlingen en de problemen zijn opgelost’, aldus Marieke Boon van Ouders & Onderwijs in de Telegraaf.

De verzuimboete bedraagt 100 euro per kind per dag.

Huidige kabinet doet niets meer met leerrecht

De discussie over leerrecht en eventuele besluitvorming op dit thema worden doorgeschoven naar de volgende kabinetsperiode, meldt demissionair staatssecretaris Sander Dekker van OCW in een brief aan de Tweede Kamer

In december 2016 bood Dekker het onderzoeksrapport Leerrechten als structurele grondslag voor wetgeving aan. Het onderzoek was uitgevoerd door het Nederlands Centrum voor Onderwijsrecht (NCOR).

Dekker herkent de constatering van het NCOR dat de onderwijsvrager -de leerling- een relatief bescheiden positie in de Nederlandse wet- en regelgeving heeft. De onderzoekers Pieter Huisman en Paul Zoontjens noemen verschillende mogelijkheden om die positie te versterken. Zo zou de bekostiging niet meer via de schoolbesturen, maar via de ouders kunnen verlopen.

Omdat dergelijke mogelijkheden nieuwe wetgeving vereisen, wordt de discussie over leerrecht doorgeschoven naar de volgende kabinetsperiode, schrijft Dekker.

Lees meer…

‘Te veel thuiszitters door lichtvaardig beleid’

‘Vrijstelling mag niet het afvoerputje worden voor kinderen die complex of duur zijn’, zegt aanjager Marc Dullaert van het Thuiszitterspact in het AD.

Een kind kan door de leerplichtambtenaar van de gemeente worden vrijgesteld van de leerplicht als het bijvoorbeeld door ernstige psychische of lichamelijke klachten niet in staat is onderwijs te volgen. Dullaert ziet in de praktijk dat hier te lichtvaardig mee wordt omgesprongen. Volgens hem worden leerlingen geweigerd, omdat ze ‘te duur’ zijn en scholen onvoldoende expertise in huis hebben.

Dullaert wijst erop dat er meer dan 1 miljard euro is uitgetrokken voor passend onderwijs. ‘Dat geld ligt bij de scholen’, zo zegt hij. Daarbij tekent hij aan dat de zorgkosten voor de gemeenten zijn. ‘Zorg en onderwijs moeten dus samenwerken’, aldus Dullaert in het AD.

Lees meer…

Zembla over thuiszitters zonder leerplicht

Het onderzoeksjournalistieke programma Zembla heeft woensdagavond aandacht besteed aan passend onderwijs en de problematiek van thuiszitters.

Het ging onder meer over de toename van het aantal kinderen met een zogenoemde vrijstelling 5 onder a. Zij zijn vrijgesteld van leerplicht. Sinds het schooljaar 2011-2012 is het aantal kinderen met een dergelijke vrijstelling met 60 procent toegenomen, zo staat in een rapport dat in oktober is verschenen.

De vrijstelling 5 onder a is bedoeld voor kinderen bij wie de problematiek dusdanig groot is (bijvoorbeeld meervoudige beperking) dat het volgen van onderwijs niet mogelijk lijkt. Uit de uitzending van Zembla komt het beeld naar voren dat deze vrijstelling ook wordt verleend als er geen sprake is van ‘onleerbaarheid’.

Via de website van Zembla kunt u de uitzending terugkijken.

Verdacht veel kinderen vrijgesteld van leerplicht

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW heeft alle gemeenten opgeroepen om vrijstellingen voor kinderen met een psychische of fysieke beperking nog eens goed te bekijken.

De afgelopen jaren krijgen steeds meer kinderen een vrijstelling op grond van artikel 5a van de Leerplichtwet. Dat wetsartikel zorgt ervoor dat kinderen met een zware lichamelijke of psychische beperking niet naar school hoeven.

De afgelopen vijf jaar was een stijging te zien van 60 procent (van 3100 in schooljaar 2010/2011 tot ruim 5000 in 2014/2015). Dekker noemt deze toename zorgelijk en laat onderzoek doen. ‘Ik kan mij niet voorstellen dat deze toename komt doordat er jaarlijks meer kinderen zijn met een psychische of fysieke beperking’, aldus de staatssecretaris.

Indien mogelijk moet leerlingen met een vrijstelling van de leerplicht alsnog een vorm van onderwijs worden aangeboden. Dekker hoopt dat daardoor meer kinderen een passend aanbod krijgen. ‘Kinderen met een beperking kunnen vaak meer dan we denken. Het is dus belangrijk dat gemeenten, samen met het onderwijs, kijken naar alternatieven en die ook aanbieden aan leerlingen en hun ouders.’

Lees meer…

Leerrecht: in najaar onderzoek afgerond

Uiterlijk op 1 november komt het Nederlands Centrum voor Onderwijsrecht met de resultaten van een onderzoek naar leerrecht.

Het onderzoek wordt uitgevoerd door professor Paul Zoontjens van de Tilburg University en zijn collega Pieter Huisman van de Erasmus Universiteit in Rotterdam.

Zij richten zich op de vraag welke onderdelen in de opzet en inhoud van de Nederlandse wet- en regelgeving realisering van de kernelementen van leerrecht belemmeren. Een andere vraag die in het onderzoek centraal staat, is hoe een verankering van leerrecht in de wetgeving van het funderend onderwijs mogelijk is.

Leerrecht, passend onderwijs en krimp

Het onderzoek volgt op een motie van onder anderen Tweede Kamerlid Paul van Meenen van D66. In die motie wordt geconstateerd dat de Onderwijsraad in het in 2012 uitgebrachte advies over artikel 23 over de vrijheid van onderwijs en de Kinderombudsman in het rapport Van leerplicht naar leerrecht vragen om meer aandacht voor de positie van onderwijsvragers in het onderwijsbeleid en -recht. Ook rept de motie van het recht op onderwijs zoals dat in internationale verdragen is verankerd.

In de motie staat verder dat hierdoor ‘een toenemende spanning optreedt met ambities in het onderwijsbeleid om tegemoet te komen aan het leerrecht van leerlingen, zoals bij passend onderwijs, de oplossing voor daling van leerlingenaantallen en het streven naar individueel maatwerk in het onderwijs’.

Lees meer…

Als ‘republikeins’ kind meedoen aan Koningsspelen?

Het Nieuw Republikeins Genootschap (NRG) heeft een standaardbrief opgesteld voor mensen die vinden dat de school van hun kind niet zou moeten meedoen aan de Koningsspelen.

In de voorbeeldbrief staat dat de monarchie een achterhaald instituut is. ‘Bij ons thuis geloven we in democratische waarden en niet in erfopvolging, en zo proberen we onze kinderen ook op te voeden. We vinden dan ook dat het vieren van een feestje ter ere van het Koningshuis een verkeerd signaal afgeeft aan de kinderen’.

‘Propaganda voor de monarchie’ hoort volgens het NRG niet op scholen thuis, ‘maar bij de Oranjeverenigingen’. Het organiseren van een ‘gewone’ sportdag is volgens het genootschap ‘een prima alternatief’, zo staat in de brief.

Kinderen thuishouden tijdens Koningsspelen?

In de voorbeeldbrief staat verder een verzoek aan de schooldirectie om kinderen tijdens de Koningsspelen thuis te mogen houden. De Helpdesk van VOS/ABB wijst erop dat zo’n verzoek op basis van artikel 41 van de Wet op het primair onderwijs (WPO) bij de schooldirecteur kan worden ingediend.

‘De school dient beleid daarvoor te hebben en geeft dan een vervangende onderwijsactiviteit op dat moment. De directeur bepaalt dan eigenstandig op basis van eigen beleid of hij of zij het toestaat en wat de kinderen dan als vervangende activiteit doen’, aldus jurist Ronald Bloemers van de Helpdesk.

Gewichtige republikeinse omstandigheden?

Daarnaast is het voor ouders mogelijk vrijstelling voor schoolbezoek aan te vragen. Dat valt niet onder artikel 41 van de WPO, maar onder artikel 14 van de Leerplichtwet. Ook hierover kán de directeur een besluit nemen, maar vaak is daar eerst overleg over met de leerplichtambtenaar van de gemeente.

Artikel 14 van de Leerplichtwet heeft betrekking op ‘gewichtige omstandigheden’. Daaronder zou het verzoek in verband met de Koningsspelen wellicht kúnnen vallen, maar erg waarschijnlijk lijkt dat niet. Het moet dan echt aantoonbaar zijn dat door gewichtige omstandigheden het kind verhinderd is de school te bezoeken. Het zijn de ouders die dat moeten aantonen. Bij gewichtige omstandigheden gaat het om situaties buiten de wil en invloedssfeer van de ouders.

In schoolgids vermelden

De Helpdesk wijst er verder op dat het verstandig kan zijn om in de schoolgids te vermelden dat de school al of niet meedoet aan de jaarlijkse Koningsspelen. Dat kan eventuele verwarring tussen school en ouders voorkomen.

Indien de Koningsspelen opgenomen staan in de schoolgids, dan hoort deze activiteit tot het onderwijsprogramma van de school en dienen ouders hun kind deel te laten nemen. Doordat ouders hun kind op de school hebben ingeschreven, conformeren zij zich met de regels van de school en de inhoud van het lesprogramma conform de schoolgids.

Het NRG wil het liefst dat de leerplicht op de dag van de Koningsspelen voor één dag wordt opgeschort om zo deelname aan deze sportdag vrijwillig te maken.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Gezin gaat nat door wintersportfoto’s op Facebook

Foto’s van een wintersportvakantie op Facebook hebben een ouderpaar uit de Noord-Brabantse gemeente Bergeijk een boete van 400 euro opgeleverd.

Het kind van het stel was niet op school, terwijl het geen vakantie was. Het vermoeden bestond dat het gezin op wintersport was. Dat bleek inderdaad het geval: andere ouders tipten de school dat het bewuste gezin op Facebook wintersportfoto’s had geplaatst.

De school gaf dat door aan de leerplichtambtenaar, die het gezin niet thuis trof en daarom een brief achterliet. Toen het gezin weer thuis was, ging de leerplichtambtenaar op huisbezoek. Het luxeverzuim werd toegegeven.

Omdat er in de bewuste schoolweek één studiedag zat, waarop de leerlingen vrij waren, kreeg het gezin een boete voor vier dagen luxeverzuim van in totaal 400 euro, zo heeft de leerplichtambtenaar van de gemeente Bergeijk aan VOS/ABB laten weten.

Minder spijbelaars, aantal thuiszitters blijft gelijk

Het aantal spijbelaars in het schooljaar 2013-2014 is aanzienlijk gedaald en de verzuimregistratie van scholen en gemeenten is verbeterd. Dat en meer staat in de leerplichtbrief die staatssecretaris Sander Dekker elk jaar op de Dag van de Leerplicht naar de Tweede Kamer stuurt.

In de brief staat ook dat het aantal jongeren dat thuiszit, stabiel is gebleven. Dat geldt zowel voor het aantal leerlingen dat niet op een school is ingeschreven, als voor het aantal leerlingen dat wel op een school is ingeschreven, maar langer dan vier weken verzuimt.

Dekker schrijft dat hij met gemeenten en samenwerkingsverbanden afspraken gaat maken over het verminderen van het aantal jongeren dat thuiszit en ook over het terugbrengen van de duur van het thuiszitten.

‘Als er niet direct een passend aanbod is, dan moet dat binnen drie maanden alsnog tot stand komen’, aldus de staatssecretaris in de leerplichtbrief 2015.

Leerplicht naar 21 jaar voor meer kans op arbeidsmarkt

De leerplicht moet omhoog van 18 naar 21 jaar. Daartoe hebben PvdA en CDA een initiatiefwetsvoorstel ingediend.

Het wetsvoorstel komt van de Tweede Kamerleden Tanja Jadnanansing van de PvdA en Michel Rog van het CDA. Jadnanansing zei in februari al dat ze de leerplichtige leeftijd wilde verhogen naar 21 jaar. Daarmee zou het aantal voortijdig schoolverlaters omlaag kunnen. De praktijk laat zien dat deze groep vaker dan gemiddeld werkloos blijft en een grotere kans heeft om in de criminaliteit te belanden.

Nu moeten jongeren naar school tot hun 18e jaar. Jadnanansing: ‘Deze jongeren willen op hun 18e niets liever dan stoppen met school, maar als ze 24 zijn hebben ze daar spijt van. Ik hoor vaak: ‘Had iemand me maar gewaarschuwd”, zo zei ze in februari in de Telegraaf.

Ook andere fracties in de Tweede Kamer zijn positief over het verhogen van de leeftijdsgrens voor de kwalificatieplicht. Ze verwijzen naar plannen van Amsterdam en Rotterdam om jongeren die nog geen diploma hebben te verplichten tot hun 19e naar school te gaan. Minister Jet Bussemaker van OCW vindt die plannen echter te duur. Bovendien ziet ze allerlei juridische obstakels.

De voorgestelde verhoging van de leerplichtige leeftijd naar 21 jaar moet gaan gelden voor jongeren zonder een diploma mbo-2, havo of vwo. Jongeren die een baan hebben van minimaal 12 uur per week of bijvoorbeeld mantelzorger zijn, zouden gevrijwaard moeten blijven. Gemeenten zouden zelf kunnen bepalen of zij de verhoogde leerplichtleeftijd toepassen.

Zeilreizen vallen in grijs gebied Leerplichtwet

De Leerplichtwet voorziet onvoldoende in innovatieve initiatieven voor excellente leerlingen. Dat zegt Hinke de Vries van Masterskip, een organisatie die educatieve zeilreizen organiseert.

In Rotterdam kregen vier leerlingen aanvankelijk geen toestemming van de leerplichtambtenaar om mee te doen aan een zesweekse zeilreis van het Caribisch gebied naar Nederland. De openbare scholengemeenschap Hugo de Groot in Rotterdam wilde twee leerlingen laten meevaren op het schip Wylde Swan van Masterskip, als beloning voor hun inzet en prestaties. Ook het openbare Einstein Lyceum in Rotterdam-Hoogvliet wilde twee leerlingen aan deze zeilreis laten deelnemen.

De leerplichtambtenaar in de gemeente Rotterdam stelde op basis van advies van het ministerie van OCW, zo meldt het Algemeen Dagblad, dat de kwaliteit van het onderwijs aan boord niet te controleren zou zijn. Opmerkelijk is dat vele tientallen leerlingen uit andere gemeenten wel direct mee mochten. Zij kregen dus in tegenstelling tot de Rotterdamse leerlingen wel onmiddellijk toestemming van de leerplichtambtenaar. Uiteindelijk gaf de Rotterdamse onderwijswethouder Hugo de Jonge de leerlingen wél toestemming, nadat er over het Rotterdamse ‘nee’ veel negatieve publiciteit was ontstaan.

Grijs gebied
Hinke de Vries, eigenaar van de Wylde Swan en betrokken bij Masterskip, legt uit dat de Leerplichtwet niet voorziet in dergelijke onderwijsinitiatieven. Zij spreek van een ‘grijs gebied’, waartoe volgens haar bijvoorbeeld ook de tiendaagse schoolreizen naar Rome behoren. ‘Die worden al jaren door de leerplichtambtenaar gedoogd’, aldus De Vries, ‘terwijl de Leerplichtwet er niets over zegt.’

Masterskip heeft afspraken gemaakt met Ingrado, de landelijke brancheorganisatie voor leerplicht en regionale meld- en coördinatiefunctie. Die afspraken behelzen onder meer dat het onderwijs aan boord van het schip Wylde Swan goed moet zijn. Ingrado komt pas in actie, zo zegt de Vries, als blijkt dat de onderwijsresultaten in het geding zijn.

Excellente leerlingen
De Vries benadrukt dat staatssecretaris Sander Dekker van OCW wil dat er voor excellente leerlingen meer moet worden georganiseerd dan in het huidige onderwijs gebeurt. De zeilreizen die Masterskip aanbiedt, kunnen daar een bijdrage aan leveren. De organisatie koppelt schoolkennis aan ervaringen tijdens expedities en aan boord. Het gaat erom dat leerlingen leren samenwerken en anderen inspireren vanuit creativiteit en verantwoordelijkheid.

De Vries hoopt dat binnenkort, als de zogenoemde toptalentenbrief van staatssecretaris Dekker aan de Tweede Kamer wordt besproken, meer duidelijkheid ontstaat. In die brief staat dat er in het onderwijs een meer ambitieuze cultuur moet ontstaan om inzet en prestaties van excellente leerlingen te ‘stimuleren, waarderen en belonen’.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Zeilreis voor excellente leerlingen mag niet

Openbare scholengemeenschap Hugo de Groot op Rotterdam-Zuid krijgt geen toestemming om twee excellente leerlingen mee te laten doen aan een zeilreis van het Caribisch gebied naar Nederland. De gemeente Rotterdam stelt dat de reis niet voldoet aan de eisen van de Leerplichtwet.

De school had de zeilreis van zes weken cadeau willen doen aan de twee leerlingen om ze te belonen voor hun inzet en prestaties. Ze hadden op 11 maart met het in Nederland geregistreerde opleidingsschip Wylde Swan moeten vertrekken vanaf Sint-Maarten. De school zou de reis niet zelf betalen. Het geld kwam van een sponsor uit de Rotterdamse haven.

Ook het openbare Einstein Lyceum in Rotterdam-Hoogvliet wilde leerlingen mee laten varen, maar ook die leerlingen mogen niet mee.

Misbruik van Leerplichtwet is wel heel simpel

De deur staat wijd open voor ouders die misbruik willen maken van de richtingbezwarenprocedure om thuisonderwijs te geven. Dat staat in een advies van het Wetenschappelijk Bureau van het Openbaar Ministerie (WBOM) over artikel 5 van de Leerplichtwet 1969. 

Artikel 5 van de Leerplichtwet (Lpw) biedt ouders de mogelijkheid vrijstelling te krijgen van de plicht hun (leerplichtige) kind op een school in te schrijven. De grondslag voor die vrijstelling is dat de ouders ‘overwegende bedenkingen’ moeten hebben tegen de richting van de in aanmerking komende scholen. Wanneer de strafrechter een beroep op richtingbedenkingen aanvaardt, betekent dit dat een leerplichtig kind geen schoolonderwijs krijgt. Onder het begrip ‘richting’ valt onder andere openbaar onderwijs.

Het komt volgens het WBOM in de praktijk regelmatig voor dat ouders een beroep op artikel 5 van de Leerplichtwet (Lpw) onderbouwen met weinig meer dan de redenering dat hun levens- of geloofsovertuiging niet past bij de scholen in de buurt. ‘Al zijn er rechters die daarmee genoegen nemen, het ligt meer voor de hand dat verlangd wordt dat betrokken ouder onderbouwt waarom zijn overtuiging zich in concreto niet verdraagt met de grondslag van de betreffende scholen’, zo staat in het advies.

In sommige gevallen volstaat een minimale toelichting van de ouders om duidelijk te maken dat de bezwaren de richting betreffen. ‘Dat betekent dat de deur wijd open staat voor degene die de richtingbezwarenprocedure wil misbruiken om thuisonderwijs te geven, zeker wanneer de rechter zich terughoudend opstelt om niet (de schijn te wekken) het gewicht van de bezwaren te toetsen’, zo constateert het WBOM.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Kinderombudsman: van leerplicht naar leerrecht

Kinderombudsman Marc Dullaert pleit voor een omslag van leerplicht naar leerrecht. Alleen op die manier kunnen volgens hem kinderen die extra zorg nodig hebben, onderwijs op maat krijgen.

Het pleidooi van de Kinderombudsman staat in het teken van de kinderen in Nederland die zonder onderwijs thuiszitten. ‘De overheid, scholen en leerplichtambtenaren moeten het kind centraal zetten en hier gezamenlijk afspraken over maken in een thuiszittersakkoord. Alleen dan kunnen alle kinderen in Nederland het onderwijs krijgen, waar zij recht op hebben’, aldus Dullaert.

Thuiszitters zijn vaak kinderen met specifieke onderwijsbehoeften op medisch, sociaal, intellectueel of emotioneel gebied. Voor sommigen blijkt het niet haalbaar om te voldoen aan de plicht om vijf dagen per week fysiek aanwezig te zijn op school. Dullaert: ‘Uitgangspunt moet blijven dat kinderen naar school gaan. Voor kinderen voor wie dit echt niet haalbaar is, moeten we zoeken naar een flexibele – eventueel tijdelijke – oplossing.’ Daarvoor is het volgens hem nodig om flexibel om te gaan met wet- en regelgeving, zoals de huidige Leerplichtwet.

De Kinderombudsman pleit voor een thuiszittersakkoord, waarin scholen, de Inspectie van het Onderwijs en andere partijen afspraken maken over de mogelijkheden om maatwerk te leveren, over de manier waarop dit wordt gefinancierd en over wat leraren en leerplichtambtenaren nodig hebben om deze nieuwe werkwijze uit te voeren.

De invoering van passend onderwijs per 1 augustus 2014 is volgens Dullaert geen oplossing voor thuiszitters. ‘Deze zorgplicht brengt geen verandering, zolang schoolbesturen, leerkrachten en leerplichtambtenaren niet worden gestimuleerd om maatwerk te organiseren. Alleen maatwerk kan ervoor zorgen dat ieder kind binnen het onderwijs een plek vindt, waar hij zich zo volledig mogelijk kan ontplooien’, aldus de Kinderombudsman.

Het adviesrapport Van leerplicht naar leerrecht van de Kinderombudsman is aangeboden aan het ministerie van OCW.