Onderwijsraad wil breed inzetbare leraren

Leraren moeten breed inzetbaar worden. Dat bepleit de Onderwijsraad in het advies Ruim baan voor leraren. Een nieuw perspectief op het leraarschap, dat in het teken staat van de toenemende lerarentekorten.

Het advies van de Onderwijsraad gaat over de manier waarop een andere opleidings- en arbeidsstructuur in het primair, voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs het tekort aan leraren zou kunnen tegengaan. In het advies is ook de voorschoolse educatie meegenomen.

De raad wil dat er onderwijsbevoegdheden komen, die geldig zijn voor meerdere sectoren en meerdere (verwante) vakken. ‘Nu leiden de opleidingsroutes naar afgebakende bevoegdheden voor een specifieke onderwijssector of een vak. Daarvoor in de plaats komt een generieke basis voor iedereen’, zo staat in het advies.

Lees meer…

Dyade: Leraren steken 10 minuten in lesvoorbereiding

Leraren besteden nog geen 10 minuten per dag aan lesvoorbereiding. Dat zegt directeur Frank Cannegieter van Dyade Academy op basis van een eigen enquête waaraan ruim 400 leraren hebben meegedaan.

Ruim 80 procent van de leraren die aan de enquête van Dyade Academy hebben meegedaan, geeft aan hooguit 60 minuten per week te besteden aan lesvoorbereiding.

Cannegieter: ‘Als je dit afpelt, is de voorbereidingstijd per dag nog geen 10 minuten. Gezien de hoge werkdruk en verplichtingen die leerkrachten tijdens en na schooltijd hebben is dit niet zo vreemd, maar het zorgt er dus wel voor dat er structureel te weinig tijd genomen wordt om een grandioze les neer te zetten.’

Uit de enquête blijkt volgens Dyade Academy ook dat maar een op de vijf leraren de indruk heeft dat de leerling continu geboeid is in zijn of haar les. Dat verbaast Cannegieter niet: ‘Het onderwijs heeft met steeds veranderende behoeften van leerlingen te maken. Als de lesstof niet aansluit bij de interesses van leerlingen, dan is de kans groot dat de aandacht in de les verslapt. Hier ligt een grote kans voor leraren.’

Lees meer…

Geen salarisverhoging met geld uit prestatiebox

Onderwijsminister Arie Slob benadrukt dat er geen extra salarisverhoging voor leraren in het primair onderwijs komt. Hij schiet het plan van de coalitiepartijen CDA en D66 af om voor een extra salarisverhoging de prestatiebox leeg te trekken.  Ronald Bloemers van VOS/ABB vindt dat plan van CDA-Kamerlid Michel Rog en zijn collega Paul van Meenen getuigen van slecht beleid.

Het salaris van leraren is al verhoogd met gemiddeld 8,5 procent. Daarnaast hebben leraren in het primair onderwijs een bonus van 2000 euro gekregen. CDA-Tweede Kamerlid Michel Rog en zijn collega Paul van Meenen van D66 vinden dat niet genoeg.

Zij wijzen erop dat er nog steeds een verschil bestaat tussen de lerarensalarissen in het primair onderwijs en de hogere salarissen in het voortgezet onderwijs. Dat verschil is volgens hen niet uit te leggen en moet daarom, zo stellen ze, kleiner worden gemaakt.

Het geld uit de prestatiebox kan hiervoor worden gebruikt, vinden Rog en Van Meenen, omdat volgens hen niet duidelijk is waar dit eerder aan is uitgegeven. ‘De gestelde doelen uitdagender onderwijs, brede onderwijsverbeteringen, professionele scholen en doorgaande ontwikkellijnen zijn niet gehaald, of de resultaten zijn zelfs verslechterd’, aldus CDA en D66.

Minister Slob gaat hier niet in mee, zo liet hij in de Tweede Kamer weten. Hij benadrukte dat er afspraken zijn gemaakt over de prestatiebox en dat hij daar niet aan gaat tornen, in ieder geval niet tot 2020. In dat jaar wordt de prestatiebox geëvalueerd.

Slecht beleid

Ronald Bloemers vindt het plan van CDA en D66 om de prestatiebox leeg te trekken voor hogere lerarensalarissen getuigen van slecht beleid. ‘Iedereen die een beetje verstand heeft van onderwijs, weet dat de bekostiging al vele jaren ontoereikend is. Er zijn onderzoeken te over die dat bewijzen. Dan is het geen oplossing om het geld uit de prestatiebox, dat onder andere bedoeld is voor kwaliteitsverbetering en professionalisering, weg te kapen voor een salarisverhoging.’

‘Het is helemaal navrant dat Rog en Van Meenen stellen dat het geld uit de prestatiebox nutteloos over de balk wordt gesmeten en dat volgens hen het onderwijs in Nederland alleen maar slechter wordt. Zij weten natuurlijk ook wel dat dit absoluut niet het geval is, en dat scholen er heel goede dingen mee doen om het onderwijs te verbeteren, met het ontoereikende budget dat ze wel hebben’, aldus Bloemers.

Hij voegt daaraan toe dat de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) elk jaar weer laat zien dat het onderwijs in Nederland van goede kwaliteit is en dat dit wordt bereikt met relatief weinig geld.

Steeds minder invallers

De invallers in het basisonderwijs raken op, meldt de NOS op basis van een rondgang langs regionale invalpools.

Dat de invalpools steeds leger raken, komt volgens de NOS doordat schoolbesturen invallers in vaste dienst nemen om personeelstekorten op te vullen.

De NOS sprak onder anderen met directeur Joost Spijker van RTC Transvita: ‘Ik ben dit schooljaar 200 van de 500 invaldocenten kwijtgeraakt aan scholen die hun een vast contract bieden. Daardoor kunnen wij als invalpool scholen steeds vaker niet helpen. Sommige scholen leggen zelfs hun aanvragen niet meer bij ons neer, omdat ze de kans klein achten dat we een vervanger kunnen regelen.’

Zijn collega Eric Reekers van TCOZ zegt tegen de NOS dat het probleem zit bij de instroom van de invalpool: ‘Die droogt al jaren op, terwijl de uitstroom doorgaat’.

Lees meer…

Meer geld voor aanpak lerarentekort

Onderwijsminister Arie Slob verhoogt de subsidie voor zij-instromers en trekt meer geld uit voor de aanpak van het lerarentekort in de Randstad. 

Er komt 20 miljoen euro extra beschikbaar. Een deel daarvan komt uit de pot voor de Lerarenbeurs. Daar is minder vraag naar dan aanvankelijk werd gedacht

Van de 20 miljoen gaat 7 miljoen naar het budget voor zij-instromers. De resterende 13 miljoen wordt ingezet om het lerarentekort in de Randstad aan te pakken.

 

 

‘Negatieve beeld van ongelukkige leraren klopt niet’

Het algemene beeld dat maar weinig leraren gelukkig zijn met hun werk, komt niet overeen met wat zij daar zelf over zeggen. Veel van hen zijn juist blij met hun baan, meldt bureau Driessen op basis van onderzoek door Kantar TNS (voorheen TNS NIPO).

Slecht één op de drie mensen denkt dat leraren, verpleegkundigen en ambtenaren gelukkig zijn met hun werk. Mensen die werken in het onderwijs, de zorg of voor de overheid werken, beoordelen hun eigen werkgeluk gemiddeld met een rapportcijfer 7,5 en dat is hoger dan in de private sector, waar het werkgeluk gemiddeld een 7,3 krijgt.

Voor werknemers in onder andere het onderwijs blijken vooral de inhoudelijke aantrekkelijkheid van het werk en contacten met collega’s van belang, alsmede de balans tussen werk en privé en de ervaren werkdruk. De hoogte van het inkomen en baanzekerheid tellen voor hen over het algemeen minder zwaar mee.

Lees meer…

Gesprekken gaan door zonder PO in Actie

Onderwijsminister Arie Slob zegt dat de gesprekken met de sociale partners over de aanpak van het lerarentekort doorgaan, maar zonder PO in Actie. Hij laat dat weten in reactie op Kamervragen van de PvdA en GroenLinks.

De vragen van PvdA-Kamerlid Kirsten van den Hul en haar collega Lisa Westerveld van GroenLinks volgden op het besluit van de vakbond PO in Actie om uit het overleg met minister Slob over de aanpak van het lerarentekort weg te lopen. PO in Actie nam dat besluit eind augustus.

Slob heeft herhaaldelijk gezegd dat er geen extra geld komt bovenop de eerder overeengekomen 270 miljoen euro voor hogere salarissen en 430 miljoen euro voor minder werkdruk. Dat was voor PO in Actie reden om het overleg te staken.

Dit betekent echter niet dat het overleg met de andere sociale partners stilligt, aldus de minister. ‘Ik ben op dit moment in gesprek met de werkgevers- en werknemersorganisaties over de aanpak van het lerarentekort. PO in Actie heeft aangegeven niet meer bij deze gesprekken betrokken te willen zijn.’

Weer voor de klas

PO in Actie laat in reactie hierop weten graag weer te willen aansluiten ‘als we over echte oplossingen kunnen praten’. Tot die tijd staan de voormannen Thijs Roovers en Jan van de Ven van PO in Actie weer voor de klas ‘om te zorgen voor een zo klein mogelijk lerarentekort’.

Roovers en Van de Ven lieten voor de zomervakantie weten dat zij met PO in Actie zouden stoppen. Ze zeiden toen dat het altijd hun wens was ‘om gewoon terug de klas in te gaan’. Ook lieten ze toen weten dat hun gezinnen meer aandacht verdienen, omdat die het door hun werk voor PO in Actie ‘behoorlijk te verduren’ hebben gekregen.

PO-Front

Onlangs werd bekend dat PO-Front, het monsterverbond van werkgevers en werknemers, niet meer als zodanig bestaat. In PO-Front, dat zich sterk maakte voor meer geld voor hogere salarissen en minder werkdruk, zat onder andere PO in Actie.

Nu PO-Front niet meer bestaat, meldt de PO-Raad dat het in het primair onderwijs om meer gaat dan alleen lerarensalarissen en werkdruk. Het is volgens de werkgeversorganisatie ook belangrijk dat leidinggevenden en ondersteuners meer geld krijgen, dat de structurele tekorten op de materiële instandhouding worden ingehaald en dat de doelmatigheidskorting wordt geschrapt.

PO in Actie liet naar aanleiding van het nieuws over het einde van PO-Front weten dat de vakbond met de samenwerking had willen doorgaan en dat het nu niet duidelijk is hoe PO in Actie vorm kan blijven geven aan verdere acties.

PO-Raad en vakbonden maken einde aan monsterverbond

De PO-Raad en de onderwijsvakbonden hebben de stekker uit PO-Front getrokken. Dat was het monsterverbond waarin de werkgevers en werknemers gezamenlijk optrokken om bij het kabinet meer geld los te krijgen voor hogere lerarensalarissen en minder werkdruk.

In een gezamenlijk persbericht melden de PO-Raad en de vakbonden dat er met PO-Front veel is bereikt. Daarmee doelen ze op de 270 miljoen euro van het kabinet voor hogere salarissen en 430 miljoen euro om de werkdruk aan te pakken.

PO-Front organiseerde stakingen en bleef er tot het einde toe op hameren dat het kabinet met twee keer zoveel geld moest komen, maar onderwijsminister Arie Slob bleef op zijn beurt herhalen dat het kabinet die eis niet kon inwilligen.

Meer dan alleen salarissen

Nu PO-Front niet meer bestaat, meldt de PO-Raad dat het in het primair onderwijs om meer gaat dan alleen de lerarensalarissen en de werkdruk.

Het is volgens de werkgeversorganisatie ook belangrijk dat leidinggevenden en ondersteuners meer geld krijgen, dat de structurele tekorten op de materiële instandhouding worden ingehaald en dat de doelmatigheidskorting wordt geschrapt.

PO in Actie baalt

Lerarenvakbond PO in Actie van Thijs Roovers en Jan van de Ven bracht het einde van PO-Front op Twitter als ‘brekend nieuws’. Wat deze vakbond betreft had PO-Front ‘nog wel even door mogen gaan’. PO in Actie zegt niet te weten hoe het nu verder moet met eventuele vervolgacties voor meer salaris.

Cao-partners kozen voor verschil in salarisverhoging

Het maken van cao-afspraken is een zaak van de sociale partners, zonder dat de overheid daarbij betrokken is. Dat benadrukt onderwijsminister Arie Slob in reactie op Kamervragen over het feit dat onderwijsondersteunend personeel in het primair onderwijs minder salarisverhoging krijgt dan leraren.

PvdA-Tweede Kamerlid Kirsten van den Hul wilde van de minister weten hoe hij aankijkt tegen het feit dat leerkrachten in het basisonderwijs er gemiddeld 8,5 procent op vooruitgaan en een bonus krijgen van bijna een half maandsalaris, terwijl onderwijsondersteunend personeel er maar 2,5 procent bij krijgt.

In zijn reactie benadrukt de minister op dat niet de overheid, maar de sociale partners, in casu de PO-Raad en de vakbonden, verantwoordelijk zijn voor de afspraken in de nieuwe CAO PO. Ook merkt hij in dit kader op, dat de vakbonden niet alleen de belangen van leraren, maar ook die van andere personeelsleden, zoals conciërges en klassenassistenten, vertegenwoordigen.

Lees meer…

Het staat leraren vrij te kiezen voor dure uitzendbureaus

‘Het staat leraren vrij een werkgever te kiezen’, stelt onderwijsminister Arie Slob in reactie op berichten dat een deel van de leraren ervoor kiest om te gaan werken voor dure uitzendbureaus.

Tweede Kamerlid Kirsten van den Hul van de PvdA had vragen gesteld over deze ontwikkeling. Zij wilde van Slob weten of hij ‘de ontwikkeling dat zulke bureaus leerkrachten hogere salarissen en bijvoorbeeld een auto beloven’ als een verschijnsel ziet ‘dat nu eenmaal hoort bij het alledaagse kapitalisme’.

De minister laat in zijn reactie weten dit ‘geen wenselijke ontwikkeling’ te vinden, maar hij benadrukt ook dat leraren zelf hun werkgever kunnen kiezen. ‘In deze tijd waarin we te maken hebben met een lerarentekort, hebben leraren meer te kiezen’, aldus Slob.

Tevens wijst hij erop dat het werven van personeel een zaak is van de schoolbesturen. ‘Dat geldt ook voor de inhuur van personeel via bureaus en de tarieven daarvan’, zo schrijft hij.

Lees meer…

Met meer onderwijsassistenten werkdruk verminderen

Om de werkdruk aan te pakken, willen schoolteams vooral meer onderwijsassistenten en (vak)leerkrachten. Dat blijkt uit een peiling onder schoolbestuurders.

Bijna negen op de tien schoolbestuurders die aan de peiling meewerkten, geven aan dat de gesprekken in de schoolteams over de inzet van het extra geld van het kabinet voor het verminderen van de werkdruk, hebben geleid tot vacatures voor met name onderwijsassistenten en (vak)leerkrachten.

Vacatures invullen

Twee op de drie bestuurders geven aan dat ze (naar verwachting) alle vacatures ingevuld krijgen. Bijna een op de vijf denkt dat dat niet gaat lukken.

Acht op de tien schoolbestuurders denken dat met de inzet het extra geld van het kabinet de werkdruk daadwerkelijk zal verminderen, terwijl één op de zes denkt dat de werkdruk niet omlaag zal gaan.

Voor de peiling in opdracht van de PO-Raad werden ruim 800 schoolbestuurders benaderd, van wie er ruim 300 reageerden.

Meer leraren uit België, Duitsland en Frankrijk

De Volkskrant meldt op basis van cijfers van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) dat onder andere vanwege de personeelstekorten het aantal buitenlandse leraren op Nederlandse scholen toeneemt.

De krant schrijft dat drie jaar geleden 742 personen bij DUO een aanvraag indienden om hun buitenlandse lesbevoegdheid in Nederland te laten erkennen. Vorig jaar waren dat er 1062 en dit jaar tot nu toe meer dan 1000.

Het gaat bijvoorbeeld om Vlaamse basisschoolleraren die net over de grens in Nederland gaan werken. In het voortgezet onderwijs neemt het aantal Franse en Duitse leraren toe, die hier les gaan geven in hun eigen taal.

Deze ontwikkeling hangt niet alleen samen met het lerarentekort, maar ook ‘omdat het prettig is een native speaker in dienst te hebben’, aldus Stephan Meershoek van Nuffic, de Nederlandse organisatie voor internationalisering in het onderwijs, in de Volkskrant.

Willen en kunnen leraren meer uren werken?

‘De aanname dat parttimers zomaar meer kunnen en willen werken (is) nogal discutabel’, stelt directeur Bas Guchelaar van het christelijke Kindcentrum De Schutkampen in Smilde in Trouw, in een opiniestuk over het lerarentekort.

Hij reageert met zijn stuk op de plannen van onderwijsminister Arie Slob om het lerarentekort terug te dringen. Onderdeel van die plannen is dat in deeltijd werkende leraren meer uren zouden moeten gaan werken. Uit onderzoek blijkt dat als alle parttimers één dag per week meer gingen werken, het lerarentekort zou zijn opgelost.

Guchelaar noemt de aanname dat leraren zomaar meer kunnen en willen werken discutabel. ‘Er zijn immers vele redenen waarom leerkrachten geen grotere werktijdfactor willen. Mantelzorg, vrijwilligerswerk (beide door de overheid gestimuleerd), sociale contacten en hoge werkdruk, het zijn zomaar een paar redenen waarom legio leerkrachten bewust kiezen voor werken in deeltijd.’

Lees het opiniestuk

Hoger uurloon vanaf werktijdfactor 0,8

HRM-adviseur Willem Duifhuis pleitte onlangs op deze website voor een hoger uurloon voor leraren als die kiezen voor een werktijdfactor van 0,8 of meer. Op die manier zou volgens hem het aantal kleine deeltijders omlaag kunnen, waardoor het lerarentekort zou afnemen. Zijn pleidooi maakte op Twitter vooral kritische reacties los.

Ook bestuursvoorzitter Annemie Martens van Stichting PlatOO voor openbaar en algemeen toegankelijk basisonderwijs in Zuidoost-Brabant pleit ervoor om leraren meer uren te laten werken om zo het lerarentekort tegen te gaan.

Lees meer…

 

Kritische reacties op idee voor hoger uurloon vanaf wtf 0,8

Het idee van HRM-adviseur Willem Duifhuis om leraren een hoger uurloon te geven als ze meer gaan werken, maakt op Twitter kritische reacties los. 

Duifhuis is HRM’er bij Stichting Proo in Harderwijk voor openbaar primair onderwijs op de Noord-Veluwe, maar hij schreef zijn pleidooi voor een hoger uurloon voor leraren die meer gaan werken op persoonlijke titel.

Hij stelt voor om het hogere uurloon te laten gelden vanaf een werktijdfactor van 0,8. ‘Deze prikkel zal een deel van de deeltijdleerkrachten ertoe aanzetten om meer te gaan werken’, aldus Duifhuis. Als alle deeltijders één dag in de week meer gaan werken, is het lerarentekort opgelost.

Bovendien zou het onderwijs zo ook aantrekkelijker worden voor meer jongeren, en met name mannen. ‘Die gaan niet alleen voor de passie, maar kijken ook naar de pecunia.’ Een afname van het aantal kleine deeltijders heeft volgens hem ook andere voordelen, zoals minder overdrachtsmomenten en een kostenbesparing.

Op Twitter maakt zijn pleidooi kritische reacties los.

Op bovenstaande tweet kwam deze reactie:

Nieuwe kloof creëren?

Ook wordt door een leraar de vraag gesteld of Duifhuis ‘een nieuwe kloof’ wil creëren, namelijk een kloof tussen fulltimers en parttimers in het onderwijs.

Daaraan wordt toegevoegd dat er ook hybride docenten zijn, dat wil zeggen mensen die naast hun baan buiten het onderwijs in deeltijd voor de klas staan.

Een ander noemt het pleidooi van Duifhuis ‘jammer’.

Een oud-leraar, die nu freelance journalist is, postte ook een kritische reactie:

De enige consequentie ervan zou volgens hem zijn dat ‘het ziekteverzuim in het po nog verder toeneemt’.

Vakbond PO in Actie twitterde dat het idee van Duifhuis onuitvoerbaar is:

‘Schoolleiders moeten altijd meer verdienen dan leraren’

Schoolleiders moeten altijd meer blijven verdienen dan leraren. Dat vindt voorzitter Petra van Haren van de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS). Deze vakbond roept daarom op tot acties.

Uit een enquête van de AVS blijkt dat de salarissen van schoolleiders en ook die van onderwijsondersteunend personeel zouden moeten worden verhoogd. De enquête stond in het teken van de salarisverhoging die leraren krijgen.

Vooral het feit dat adjunct-directeuren na de salarisverhoging voor leraren nu soms minder dan hen gaan verdienen, roept volgens de AVS veel verontwaardiging op. ‘Het kan niet zo zijn dat een leidinggevende, een adjunct, minder verdient dan een leraar, terwijl zijn verantwoordelijkheid veel groter is’, aldus AVS-voorzitter Van Haren.

Om duidelijk te maken dat dit niet kan, roept de AVS schoolleiders op om op woensdag 12 september actie te gaan voeren. Schoolleiders zouden dan massaal alarm moeten slaan door de jaarlijkse ontruimingsoefening van de school te houden.

Nieuwe estafettestaking leraren

Op 12 september wordt ook actiegevoerd door leraren om hun eis voor meer salarisverhoging bij te zetten. PO Front, waarin de PO-Raad en de onderwijsvakbonden zitten (waaronder de AVS), organiseert dan een nieuwe estafettestaking. Dit keer zouden leraren in Zuid-Holland en Zeeland het werk moeten neerleggen.

Ambtenaren, studenten en vluchtelingen voor de klas

Amsterdam zet een pool van gemeenteambtenaren in tegen het lerarentekort. Ook kunnen studenten en vluchtelingen voor de klas worden gezet.

Amsterdam zegt al veel te doen tegen het lerarentekort. ‘Er zijn beurzen beschikbaar voor lerarenopleidingen en startende leraren krijgen hulp bij het vinden van een woning’, zo staat op de website van de gemeente.

Hier bovenop komen extra pilots. Zo is er een pool opgezet, waarin gemeenteambtenaren zitten die kunnen inspringen op scholen waar de nood het hoogst is.

Ook kunnen studenten voor de klas worden gezet die in de laatste fase van hun opleiding zitten. Dat geldt ook voor vluchtelingen met een verblijfsvergunning die in hun land van herkomst in het onderwijs werkten.

Lees meer…

‘Geef leraren hoger uurloon vanaf werktijdfactor 0,8’

Als elke deeltijder één dag in de week meer gaat werken, is het lerarentekort opgelost. Daarom zou het uurloon voor leraren met een werktijdfactor van minimaal 0,8 substantieel omhoog moeten. Daarvoor pleit HR-adviseur Willem Duifhuis.

‘Deze prikkel zal een deel van de deeltijdleerkrachten ertoe aanzetten om meer te gaan werken’, schrijft hij in een stuk dat hij aan VOS/ABB heeft toegestuurd. Bovendien zou het onderwijs zo ook aantrekkelijker worden voor meer jongeren, en met name mannen. ‘Die gaan niet alleen voor de passie, maar kijken ook naar de pecunia’, aldus Duifhuis.

Minder kleine deeltijders heeft volgens hem ook andere voordelen, zoals minder overdrachtsmomenten en een kostenbesparing.

Lees het ingezonden stuk

Ook bestuurder Annemie Martens van de Stichting PlatOO voor openbaar en algemeen toegankelijk basisonderwijs in de omgeving van Helmond wil dat deeltijders meer uren gaan werken. Lees meer…

 

PO in Actie loopt weg uit overleg met Slob

Vakbond PO in actie is weggelopen uit een overleg over het lerarentekort met onderwijsminister Arie Slob, meldt NRC.

PO in Actie is onderdeel van het PO Front, waarin ook de andere onderwijsvakbonden en de PO-Raad zitten. PO Front eist meer geld voor hogere salarissen, maar minister Slob heeft herhaaldelijk gezegd dat er geen extra geld komt bovenop de eerder overeengekomen 270 miljoen euro voor hogere salarissen en 430 miljoen euro voor minder werkdruk. Dat is voor PO in Actie reden om verder overleg te staken.

In een onlangs verstuurde brief van PO Front staat dat Slob tot 1 september de tijd heeft om de eisen in te willigen, maar Voor PO in Actie heeft verder overleg kennelijk nu al geen zin meer.

Voor 12 september staat een nieuwe estafettestaking in het primair onderwijs gepland. Als Slob de eisen voor meer geld niet inwilligt – en het ziet ernaar uit dat hij dat niet zal doen – dan zal er op die dag worden gestaakt in Zeeland en Zuid-Holland.

Lees meer…

‘Meer leraren fulltime voor de klas’

Om het lerarentekort op te lossen, moeten meer leraren fulltime voor de klas. Dat vindt bestuursvoorzitter Annemie Martens van PlatOO voor openbaar en algemeen toegankelijk basisonderwijs in de omgeving van Helmond. Zij zat tot 2015 in het bestuur van VOS/ABB.

In de Helmondse regio-editie van het Eindhovens Dagblad staat dat Martens zich ervan bewust is dat ze wel eens tegen heilige huisjes trapt. ‘Van mij wordt verwacht dat ik standpunten inneem’, zegt ze.

De bestuursvoorzitter van PlatOO wijst in de krant op onderzoeken die volgens haar uitwijzen ‘dat je als fulltimer voor de organisatie meer betekent’.

Ze vertelt dat ze ooit het plan had om aan elke leerkracht te vragen een overzicht te maken op welke drie niet-werkdagen ze mogen worden gebeld. ‘Ik heb het er nog steeds niet doorheen gekregen’, aldus Martens.

Lees meer…

‘Cruciale rol schoolbesturen bij aanpakken lerarentekort’

De schoolbesturen hebben als werkgevers een cruciale rol bij het oplossen van het lerarentekort. Het kabinet kan slechts investeren in de randvoorwaarden hiervoor, benadrukt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

Uit die brief blijkt dat het kabinet geen extra geld uittrekt om het groeiende lerarentekort tegen te gaan. Slob schrijft dat er al veel geld naartoe gaat. Hij noemt de 270 miljoen euro voor hogere lerarensalarissen in het primair onderwijs en de 430 miljoen euro om de werkdruk te verlagen.

De minister komt dus niet met meer geld, maar hij beseft wel dat er meer moet worden gedaan om het lerarentekort te bestrijden. Hij noemt drie actiepunten:

  1. een regionale aanpak in sterke netwerken;
  2. versterking van het strategische personeelsbeleid door werkgevers;
  3. verlaging van het ziekteverzuim en verhoging van de deeltijdfactor.

Hij wijst erop dat het uiteindelijk de schoolbesturen verantwoordelijk zijn voor het personeelsbeleid. ‘Zij hebben dan ook een cruciale rol bij het aanpakken van het lerarentekort’, aldus de minister.

Lees de brief van Slob

PO-Front dreigt met nieuwe staking primair onderwijs

Als onderwijsminister Arie Slob niet uiterlijk op 1 september akkoord gaat met de eisen voor de onderwijsvakbonden en de PO-Raad voor meer geld, volgt er een nieuwe estafettestaking in het primair onderwijs.

Dat staat in een brief aan de minister van het PO-Front, waarin de bonden en de sectororganisatie zijn verenigd. In die brief wordt de datum herhaald van de eventuele volgende staking: 12 september. Die was eind mei al als voorlopige stakingsdatum naar buiten gebracht. Er zal dan, als Slob de eisen niet inwilligt, worden gestaakt in het primair onderwijs in Zuid-Holland en Zeeland.

Het PO-Front vindt het door Slob beschikbaar gestelde bedrag van 450 miljoen voor verlagen van de werkdruk en de 270 miljoen voor hogere salarissen in het primair onderwijs ‘volstrekt onvoldoende voor een serieuze oplossing van het lerarentekort’.

Slob heeft tot nu toe gezegd dat hij niet aan de eisen van het PO-Front tegemoet kan en zal komen. Het blijft wat hem betreft bij de hierboven genoemde bedragen.

Lees de brief van PO-Front aan Slob

Leraren kunnen weer geld krijgen voor goede ideeën

Ook in het schooljaar 2018-2019 kunnen leraren in het basis-, voortgezet en speciaal onderwijs weer een aanvraag indienen bij het LerarenOntwikkelFonds voor het uitwerken van goede ideeën.

Het moeten vernieuwende ideeën zijn over de eigen professionalisering die de kwaliteit van het onderwijs stimuleren. Leraren selecteren zelf de ideeën en beoordelen ze, helpen elkaar bij de uitvoering ervan en delen de opgedane kennis. De minimale bijdrage is 4000 euro, de maximale bijdrage 75.000 euro.

In schooljaar 2018-2019 zijn er drie aanvraagrondes:

  • 13 augustus 2018 tot 17 september 2018
  • 18 september 2018 tot 22 januari 2019
  • 23 januari 2019 tot 16 april 2019

Lees meer…

UWV signaleert dat er op zich genoeg leraren zijn

Op papier zijn er genoeg leraren, signaleert uitkeringsinstantie UWV. Het probleem is dat veel leraren die op zoek zijn naar een baan in het basisonderwijs, niet in de Randstad wonen waar behoefte aan hen is, meldt de Volkskrant.

‘Er zijn genoeg leraren voor de banen die er zijn. Op dit moment zou je de problemen moeten kunnen oplossen, arbeidsmarkttechnisch gezien’, zo citeert de krant arbeidsmarktadviseur Suzanne IJzerman van het UWV.

In 2017 waren per kwartaal gemiddeld ongeveer 900 vacatures voor leraren in het basisonderwijs, terwijl het UWV gemiddeld 1100 kortdurend werklozen in de kaartenbakken had. ‘Dat zijn mensen die minder dan een half jaar werkloos zijn en in principe zo de arbeidsmarkt op kunnen’, aldus IJzerman.

Het probleem is volgens de krant niet dat er te weinig leraren zijn, maar dat veel leraren die werk zoeken niet wonen in de Randstad waar ze nodig zijn. Ze wonen met name in regio’s die te maken hebben met afnemende leerlingenaantallen als gevolg van demografische krimp, zoals de Achterhoek en Limburg. Deze leraren willen niet verhuizen of geven aan dat ze in de Randstad geen woonruimte kunnen vinden.

Lees meer in de Volkskrant

‘Nieuwe schooljaar begint met enorm lerarentekort’

Het lerarentekort is zo groot dat schoolbesturen hun formatie voor het nieuwe schooljaar echt niet meer rondkrijgen, waarschuwt de PO-Raad op basis van een peiling onder schoolbesturen.

De sectororganisatie meldt dat er aan het begin van het nieuwe schooljaar een tekort kan zijn van 1300 leraren. ‘Waar eerdere jaren vacatures op de valreep van de zomervakantie nog vervuld raakten, krijgen schoolbesturen hun formatie dit jaar echt niet meer rond’, aldus de PO-Raad.

Het lerarentekort zal volgens de PO-Raad de onderwijskwaliteit aantasten. ‘Groepen worden groter en besturen vrezen bij gebrek aan leraren leerlingen naar huis te moeten sturen.’ De sectororganisatie noemt ook meer werkdruk, minder aandacht voor leerlingen, ontevreden ouders en onrust in de school.

Volgens voorzitter Rinda den Besten van de PO-Raad wordt op den duur de hele maatschappij de dupe van het lerarentekort in het primair onderwijs.

Lees meer…

Website die lerarentekort inventariseert weer online

De website lerarentekortisnu.nl is weer online. Basisscholen kunnen via deze website melden hoe groot het lerarentekort bij hen is en welke gevolgen dat na de zomervakantie heeft voor de leerlingen.

Op de website staat dat er ‘enorme problemen’ gaan ontstaan door het verwachte lerarentekort. Op vrijdag 13 juli om 11 uur stond de teller op 77 leerkrachten, waardoor volgens de site minstens 1927 kinderen na de zomervakantie geen leerkracht zullen hebben.

De website werd in juni uit de lucht gehaald, omdat die geen representatief beeld meer gaf van het lerarentekort, maar is dus weer online gezet.