Meer geld voor zij-instromers en aanpak lerarentekort

Er komt 4,25 miljoen euro extra subsidie voor zij-instromers. Ook komt er meer subsidie voor de regionale aanpak van het lerarentekort. Dat melden de onderwijsministers in een brief aan de Tweede Kamer.

Het aantal subsidieaanvragen voor zij-instromers stijgt. Waren het er in 2016 nog maar 10, vorig jaar waren het er 355 en dit jaar staat de teller al op 450. ‘Om aan alle aanvragen te kunnen voldoen, wordt op korte termijn het subsidieplafond verhoogd met 4,25 miljoen euro’, zo staat in de brief van Ingrid van Engelshoven en Arie Slob.

Daar staat ook in dat 1 miljoen euro subsidie voor zij-instromers in het voortgezet onderwijs wordt doorgeschoven naar het middelbaar beroepsonderwijs. In het mbo neemt het aantal zij-instromers snel toe. Het huidige budget is daar niet toereikend.

Regionale aanpak lerarentekorten

De subsidie voor regionale projecten tegen het lerarentekort wordt met 1,2 miljoen euro verhoogd naar 18,7 miljoen euro. Dit is volgens de ministers nodig om ervoor te zorgen de tot nu toe 57 regioprojecten uit te voeren. De ministers halen het extra geld voor de regionale aanpak van de lerarentekorten uit de pot voor de Wet beroep leraar.

Lees meer…

Kabinet: 285 miljoen voor arbeidsvoorwaarden

Er komt structureel 285 miljoen euro beschikbaar voor de arbeidsvoorwaarden in het primair onderwijs. Onderwijsminister Arie Slob geeft als suggestie aan de sociale partners mee dat ze het geld kunnen inzetten voor hogere salarissen voor leraren en schoolleiders. Het gaat echter niet om extra geld voor hogere salarissen, maar om een indexatie van de personele lasten.

De PO-Raad en de vakbonden bepalen uiteindelijk wat ermee gaat gebeuren. Zij hebben echter ruzie met elkaar over de salarissen en de arbeidsvoorwaarden. Er wordt al maanden niet meer gepraat.

‘Ik doe aan hen een dringende oproep om weer om tafel te gaan en dit geld te gebruiken voor leraren. Als de schoolbesturen en vakbonden niets doen, gaat het geld de reserves in. Dat zou zonde zijn’, aldus Slob.

De Algemene Onderwijsbond (AOb) weerspreekt de suggestie van het ministerie van OCW als zou de 285 miljoen euro extra geld voor het primair onderwijs zijn. ‘Het gaat om de gewone loonruimte van iets meer dan 3 procent. Deze loonruimte geldt voor alle ambtenaren, alle medewerkers in het onderwijs, alle agenten en al het zorgpersoneel’, aldus AOb-voorzitter Liesbeth Verheggen.

‘Door vandaag te focussen op het basis- en speciaal onderwijs lijkt het of er extra wordt gewerkt aan het lerarentekort. Dat is volstrekt onjuist’, zo stelt de AOb-voorzitter.

Indexatie

De PO-Raad stelt dat de 285 miljoen euro van Slob de indexatie is van de personele bekostiging. Het bedrag voorkomt volgens de sectororganisatie dat het personeel in het primair onderwijs erop achteruitgaat.

Adviseur Ronald Bloemers van VOS/ABB bevestigt dat het niet om extra geld gaat, maar slechts om de indexatie van de personele lasten. De 285 miljoen van Slob kan dus niet worden gebruikt voor verbetering van de arbeidsvoorwaarden.

Lees meer…

‘Leraren hebben het goed in Nederland’

Het is in Nederland voor jonge mensen aantrekkelijk om leraar te worden. Dat meldt de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) in het rapport Education at a Glance 2019.

Het jaarsalaris van een startende leraar basisonderwijs is (omgerekend) ongeveer 9000 Amerikaanse dollar hoger dan het OESO-gemiddelde. Voor een leraar met 15 jaar ervaring loopt dat verschil op tot 17.000 dollar.

Voor leraren in de onderbouw van het voortgezet onderwijs is het verschil ongeveer 9000 dollar en voor leraren in de bovenbouw ongeveer 7000 dollar.

Goed betaald

‘De OESO concludeert aldus dat leraren in ons land relatief goed worden betaald, afgemeten aan het OESO-gemiddelde’, melden de onderwijsministers Ingrid van Engleshoven en Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

Het aandeel leraren in primair en voortgezet onderwijs jonger dan 30 jaar ligt in ons land met 14 procent boven het OESO-gemiddelde van 10 procent.

Lees het rapport Education at a Glance 2019 of download Country Note NL.

Diederik Samsom verkiest onderwijs boven koopkracht

‘Grote investeringen en vergaande keuzes voor beter onderwijs. Dat is wat Nederland nu het hardst nodig heeft.’ Dat vindt PvdA’er Diederik Samsom, zo schrijft hij in de Volkskrant.

Hij wil onder andere ‘veel meer uren onderwijs en veel meer voorbereidingstijd voor docenten’. Leraren verdienen volgens hem een ‘drastische herwaardering’. Ze moeten wat hem betreft beter worden opgeleid en aan hogere eisen voldoen. Ook moeten hun salarissen van leraren omhoog, vindt Samsom.

Investeringen in onderwijs zijn volgens de PvdA’er veel meer waard dan meer koopkracht of een hoger bruto binnenlands product.

Lees meer…

Veel WW’ers uit onderwijs willen niet terug

Van de 11.000 mensen uit het primair onderwijs die een werkloosheidsuitkering hebben, willen de meesten niet meer voor de klas. Dat concludeert onderzoeksbureau Regioplan.

Regioplan deed in opdracht van het ministerie van OCW onderzoek naar de ‘stille reserve’ in het primair onderwijs. Op basis van informatie van het Participatiefonds  blijkt dat in september 2018 ruim 11.000 mensen mensen een werkloosheidsuitkering kregen op grond van een eerder dienstverband in het primair onderwijs.

Van hen heeft bijna 90 procent een onderwijsbevoegdheid. ‘Dit zou betekenen dat er (…) een stille reserve (…) was van circa 9900 personen; ruim voldoende om de bestaande tekorten mee in te vullen’, zo staat in het onderzoeksrapport. Zo simpel is het echter niet: ‘Deze conclusie gaat niet alleen voorbij aan de vraag of deze groep kan terugkeren, maar ook of de groep wil terugkeren.’

Geen financiële noodzaak

Een groot deel van de stille reserve is oud, signaleert Regioplan. ‘Dit maakt dat een groot deel van de WW’ers (80%) voldoet aan de voorwaarden voor een aansluitende uitkering’, zo staat in het rapport. Hiermee hebben WW’ers recht op een uitkering tot hun 65e dan wel hun AOW-gerechtigde leeftijd. Dit betekent volgens de onderzoekers dat de financiële noodzaak voor een baan ‘niet overal aanwezig’ is.

Bovendien blijkt dat de WW-populatie niet evenredig is verdeeld over het land. In krimpregio’s met dalende leerlingenaantallen, zoals Noordoost-Nederland, Gelderland en Limburg, zijn relatief veel leraren werkloos. Veruit de meeste werkloze leraren willen niet verhuizen voor een nieuwe baan.

Lees meer…

Meer uren werken om lerarentekort tegen te gaan

Er is in het kader van het groeiende personeelstekort in het primair onderwijs een dialoog nodig om leraren in deeltijdbanen meer uren te laten werken. Dat vindt voorzitter Ton Groot Zwaaftink van het Arbeidsmarktplatform PO.

De meeste leraren in het primair onderwijs werken in deeltijd: 40 procent werkt twee tot vier dagen per week, bijna 15 procent maar één of twee dagen per week. Als deeltijders meer uren gaan werken, lost dat een groot deel van het personeelstekort op.

Groot Zwaaftink ziet dat scholen steeds vaker de dialoog aangaan over wat leraren kan overhalen om standaard meer uren te gaan werken. Ook signaleert hij dat steeds meer scholen alleen nog maar leraren willen die minimaal drie dagen per week werken. ‘We moeten doorgaan met in te spelen op wensen van deeltijdleraren en vaker werken met grote deeltijdbanen’, zegt de voorzitter van het Arbeidsmarktplatform PO.

Uit een enquête waaraan 900 leraren meededen, blijkt dat zij bereid zijn meer uren te werken als daar een financiële prikkel tegenover staat of als ze er interessante taken bij krijgen. De resultaten van de enquête zijn verwerkt in dit factsheet.

Lees meer…

Zelf lerarentekort tegengaan

Premier Mark Rutte zei vorig jaar in de talkshow van Jeroen Pauw dat het goed zou zijn als er in het onderwijs minder parttime wordt gewerkt. Op die manier kunnen volgens hem de leraren zelf het lerarentekort tegengaan.

De oproep van Rutte was niet nieuw. In een brief die onderwijsminister Arie Slob in augustus 2018 naar de Tweede Kamer stuurde, stond al dat een verhoging van de deeltijdfactor een manier kan zijn om het lerarentekort tegen te gaan. Als alle parttimers één dag per week meer gingen werken, zou het het lerarentekort zijn opgelost.

Ook bestuursvoorzitter Annemie Martens van Stichting PlatOO voor openbaar en algemeen toegankelijk basisonderwijs in Zuidoost-Brabant pleitte ervoor om leraren meer uren te laten werken om zo het lerarentekort tegen te gaan. Haar pleidooi stond vorig jaar in het Eindhovens Dagblad en op deze website verscheen er dit bericht over.

HRM-adviseur Willem Duifhuis pleitte in een ingezonden stuk, dat ook op deze website verscheen, voor een hoger uurloon voor leraren als die kiezen voor een werktijdfactor van 0,8 of meer. Op die manier zou volgens hem het aantal kleine deeltijders omlaag kunnen, waardoor het lerarentekort zou kunnen afnemen.

Slob raadt leraren af via uitzendbureau te werken

Onderwijsminister Arie Slob raadt leraren af om via een uitzendbureau te gaan werken. Zijn advies is ‘om voor een duurzaam dienstverband te kiezen’.

Dat zegt hij in antwoord op Kamervragen van Kirsten van den Hul van de PvdA. Haar vragen aan de minister volgden op een artikel van de Algemene Onderwijsbond (AOb) over de beginnende leerkracht Donny Stumpel. Hij waarschuwt andere leerkrachten voor een ‘wurgcontract’ van het Haagse bemiddelingsbureau BRIXS.

Stumpel ontdekte dat hij voorlopig bij vrijwel geen enkele basisschool in Den Haag meer terecht kon voor een vaste baan als hij zou tekenen bij BRIXS, tenzij het schoolbestuur een afkoopsom voor hem zou betalen.

‘Geen onderwijsgeld naar afkoopsommen’

Van den Hul vindt dat niet kunnen, maar Slob is het daar niet mee eens. Hij wijst erop dat meer uitzendbureaus afkoopsom vragen als een werkgever een werknemer overneemt. Wel noemt de minister het ‘niet gewenst’ als daar onderwijsgeld aan wordt besteed. ‘De inzet zal moeten zijn dit te voorkomen’, aldus de minister.

Het is aan de leraren zelf om al of niet voor een uitzend- of bemiddelingsbureau te kiezen. Leraren die daarvoor kiezen, adviseert hij om in ieder geval het contract vooraf goed te lezen. Hoewel hij vindt dat leraren zelf mogen beslissen, raadt hen wel aan om in plaats van een uitzendbureau ‘voor een duurzaam dienstverband te kiezen’.

Lees meer…

Personeel tevreden over leidinggevenden

Wie in het primair onderwijs werkt, is over het algemeen tevreden over zijn of haar leidinggevende. Dat blijkt uit de Arbeidsmarktanalyse primair onderwijs 2019 van het Arbeidsmarktplatform PO.

Directeur Ton Groot Zwaaftink benadrukt dat het zeker in de huidige tijden van personeelstekorten belangrijk is dat er over het algemeen tevredenheid heerst over de leidinggevenden. ‘Personeel voelt zich blijkbaar door leidinggevenden goed begrepen en gesteund om voor de werkdruk oplossingen te vinden.’

Tevreden met werk

Uit de analyse blijkt ook dat het personeel in het primair onderwijs overwegend tevreden is met het werk. Het meest tevreden is men over de inhoud ervan, de werkzekerheid en het dienstverband. Minpunten die worden ervaren, is dat werktijden niet zelf kunnen worden bepaald. Ook zijn er zorgen over het salarisniveau.

Verder blijkt uit de arbeidsmarktanalyse dat het aantal fte aan onderwijsondersteuners tussen 2013 en 2018 met 20 procent is gestegen, tot ruim 23.830 fte. Groot Zwaaftink: ‘We ervaren in de dagelijkse praktijk dat de toename aan onderwijsondersteuners voor meer talentenmix in de teams zorgt en dat komt natuurlijk ten goede aan de leerlingen.’

Lerarentekort

Een ander punt dat uit de analyse naar voren komt, is dat het lerarentekort een probleem blijft. ‘We verwachten alleen al in 2019 een tekort van zo’n 1700 fte. Zonder beleidswijzigingen kan dat in 2024 oplopen tot ruim 4800 fte’, aldus Groot Zwaaftink.

Lees meer…

‘Leerkrachten kunnen imago onderwijs verbeteren’

Directeur Johan van den Beucken van de Nieuweschool en basisschool De Wissel in Panningen wil dat het vak van leerkracht weer de uitstraling krijgt die het verdient. Dat kan door positieve ervaringen te delen, zo schrijft hij in een zomergroet op LinkedIn.

‘Toch een opmerkelijke wereld, die onderwijswereld. Nog niet zo heel lang geleden werd er, door de beroepsgroep zelf, massaal gestaakt omdat lonen te laag zijn, de werkdruk veel te hoog is enz. enz. Het was (of leek in elk geval) een stuk minder leuk om te werken in het onderwijs’, aldus Van den Beucken.

‘En zie nu.. het ‘regent’ vacatures met de mooiste teksten op schitterende scholen (in elk geval op papier). Het fantastische vak leerkracht is de afgelopen jaren niet echt op een positieve manier in de media voorbij gekomen…..zonde wanneer er nu gepoogd wordt de juiste onderwijsmensen te overtuigen.’

Op veel zaken waarover werd en wordt geklaagd hebben de mensen in het onderwijs volgens hem zelf invloed en deze zijn, zo schrijft hij, positief te veranderen. ‘Deel juist die positieve ervaringen zodat het vak van leerkracht weer de uitstraling krijgt die het verdient.’

Dringend advies Slob: ‘Leraren altijd screenen’

Scholen doen er in het kader van de veiligheid goed aan bij het werven van leraren en ander personeel aandacht te besteden aan eerdere dienstverbanden. Ook raadt onderwijsminister Arie Slob scholen aan te checken waarom iemand bij zijn vorige werkgever vertrekt en om referenties te raadplegen.

Het dringende advies van Slob staat in antwoorden op Kamervragen van VVD’er Rudmer Heerema. Hij had de minister vragen gesteld naar aanleiding van de schorsing an een leraar van het rooms-katholieke DaCapo College in Sittard-Geleen. De leraar werd geschorst, nadat een leerlinge had geklaagd over ongepaste e-mails van hem.

Heerema wilde van de minister weten of er mogelijkheden zijn om te voorkomen dat leraren na te zijn weggestuurd wegens grensoverschrijdend gedrag op de ene school, gaan lesgeven op een andere school.

De minister antwoordt dat het screenen van personeel een taak is van de werkgever. Zij doen er volgens hem goed aan aandacht te besteden aan eerdere dienstverbanden en de reden van vertrek bij de vorige werkgever. Ook zouden ze altijd referenties moeten raadplegen.

Dit moeten scholen ook doen nu er sprake is van een toenemend lerarentekort, benadrukt Slob.

Lees meer…

Nieuw bevoegdhedenstelsel moet leraren trekken

Voor leraren in het primair, voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs komt er een ander bevoegdhedenstelsel. De minister Ingrid van Engelshoven en Arie Slob willen daarmee werken in het onderwijs aantrekkelijker maken.

In een brief van de ministers aan de Tweede Kamer staat dat bevoegdheden worden gestapeld: ‘We ontwerpen compacte bevoegdheden, die op verschillende manieren samengevoegd kunnen worden. Het wordt dan bijvoorbeeld mogelijk te kiezen voor de breedte (een bevoegdheid voor één doelgroep over vakken heen) of voor de diepte (een vakspecialistische bevoegdheid voor meerdere doelgroepen).’

Een combinatie kan volgens hen nog steeds leiden naar een bevoegdheid zoals we die nu kennen. Als voorbeeld noemen ze de huidige eerstegraads bevoegdheid voor het voortgezet onderwijs. ‘Daarmee behouden we wat goed werkt en creëren ruimte voor specialisaties op specifieke onderdelen van het onderwijs.’

De ministers willen dat het nieuwe bevoegdhedenstelsel geen strikte scheidingen meer kent tussen verschillende schoolsoorten. Zo kan volgens hen niet alleen het vak van leraar aantrekkelijker worden gemaakt, maar kunnen ook meer kansengelijkheid en sociale cohesie tussen verschillende groepen leerlingen worden gecreëerd.

Lees meer…

Leraren meer ondersteunen bij passend onderwijs

Scholen, besturen en samenwerkingsverbanden kunnen meer doen om leraren te ondersteunen bij passend onderwijs. Dat stelt onderwijsminister Arie Slob in reactie op een recente enquête van de Algemene Onderwijsbond (AOb). Daaruit kwam naar voren dat veel leraren passend onderwijs niet aankunnen.

Hij benadrukt in een brief aan de Tweede Kamer onder andere het belang van goed strategisch personeelsbeleid. Daarbij verwijst hij naar een onderzoek waaruit bleek dat het mogelijk is leraren meer mee te laten denken over passend onderwijs. ‘Vanuit schoolleiders, bestuurders en samenwerkingsverbanden moet met leraren gemonitord worden of de geboden voorzieningen voldoende zijn.’

Grote reserves en solidariteit

Ook noemt de minister de grote financiële reserves van een deel van de schoolbesturen en samenwerkingsverbanden. ‘Hoewel incidenteel, kunnen en moeten deze middelen benut worden om leraren te ontlasten en leerlingen beter te ondersteunen.’

Daarnaast kunnen samenwerkingsverbanden meer doen om de solidariteit onder scholen te vergroten. Dat kan volgens Slob door meer geld te geven aan scholen met relatief veel leerlingen met een ondersteuningsbehoefte.

Lees meer…

Minder seizoenswerkloosheid door lerarentekort

Het grote personeelstekort in het basisonderwijs zorgt ervoor dat de zomerpiek van het aantal werkloze leerkrachten in de WW afneemt. Dat meldt onderwijsminister Arie Slob in antwoord op Kamervragen van D66.

D66-Tweede Kamerlid Paul van Meenen wilde van Slob weten hoe die denkt over het feit dat het basisonderwijs wat betreft werkloosheid het sterkste seizoenspatroon heeft, met een piek in de zomervakantie.

De minister wijst erop dat die piek voor een groot deel is te verklaren door de wisseling van het schooljaar. Hij verwacht echter dat door het grote lerarentekort de WW-piek in het basisonderwijs zal afnemen. Die dalende trend is volgens hem al ingezet, met een afname van 38 procent in 2018 ten opzichte van 2017.

Lees meer…

AOb heeft zichzelf buitenspel gezet, zegt Slob

De Algemene Onderwijsbond (AOb) heeft geen rol meer bij de gezamenlijke aanpak van het lerarentekort. Daar heeft de bond zelf voor gekozen, meldt onderwijsminister Arie Slob in antwoord op vragen de PvdA.

PvdA-Tweede Kamerlid Kirsten van den Hul wilde van de minister weten hoe hij de rol van de AOb ziet bij de aanpak van het lerarentekort. Slob antwoordt daarop dat die rol er niet meer is, omdat de AOb zichzelf heeft teruggetrokken uit het overleg hierover.

De minister voegt hieraan toe dat hij het liefst met zoveel mogelijk partijen om de tafel zit die een bijdrage kunnen leveren aan de aanpak van het lerarentekort. ‘Aan het landelijke overleg nemen dan ook vertegenwoordigers deel van schoolbesturen, schoolleiders, leraren, opleidingen en gemeenten.’

Maar het is volgens Slob dus de keuze van de AOb zelf geweest om niet langer deel te nemen aan het overleg. ‘Met de andere partijen zijn wij constructief verder gegaan met de aanpak.’

Lees meer…

Leraren blij met baan, maar willen meer waardering

De overgrote meerderheid van de Nederlandse leraren is blij met hun baan. Dat blijkt uit het internationale onderzoek TALIS 2018, melden de onderwijsministers Arie Slob en Ingrid van Engelshoven.

Uit het onderzoek blijkt echter ook dat maar drie op de tien leraren vinden dat hun beroep genoeg maatschappelijke waardering krijgt. De ministers noemen dat zorgelijk. Het is daarom mede in het licht van het lerarentekort volgens hen nodig de positieve kanten van het beroep meer in de schijnwerpers te plaatsen.

‘Door deze aantrekkelijke kanten van het beroep vaker te laten zien, kiezen mogelijk meer mensen voor een loopbaan in het onderwijs en kan het aanzien weer verbeteren. Het vak van leraar is een pittig beroep, maar ook een mooi beroep dat voldoening geeft en waar leraren tevreden vorm aan geven’, aldus de ministers in een brief aan de Tweede Kamer.

AOb: Veel leraren kunnen passend onderwijs niet aan

Veel leraren kunnen passend onderwijs niet aan, zo blijkt uit een enquête van de Algemene Onderwijsbond (AOb). Met het begeleiden van kinderen met leer- en/of gedragsproblemen valt het naar omstandigheden nog wel mee; leraren hebben vooral moeite met het geven van onderwijs aan leerlingen met een verstandelijke beperking.

De AOb meldt dat de zorgvraag sinds de invoering van passend onderwijs complexer is geworden. ‘Leerlingen worden pas doorverwezen naar het (voortgezet) speciaal onderwijs als het in de ‘gewone’ klas echt niet meer gaat. Ze raken hierdoor onnodig beschadigd, vinden hun leraren’, zo staat op de website van de bond.

‘Dat er problemen met passend onderwijs zijn, was al wel duidelijk. Deze enquête maakt inzichtelijk hoe groot het probleem is’, zegt AOb-beleidsmedewerker en onderzoeker Cornee Hoogerwerf.

Lees meer…

Lerarencollectief krijgt van OCW tijdelijke steun

Het lerarencollectief krijgt tijdelijk ondersteuning van het ministerie van OCW. De steun is alleen bedoeld voor het opstarten van het collectief. Uiteindelijk moet het door leraren zelf worden betaald, meldt minister Arie slob aan de Tweede Kamer.

Het lerarencollectief is een initiatief van Jan van de Ven en Thijs Roovers (leraren in het basisonderwijs, bekend van PO in Actie en de stakingen voor hogere lerarensalarissen) en René Kneyber (wiskundeleraar in het voortgezet onderwijs, lid van de Onderwijsraad en onder andere onderwijscolumnist van Trouw).

Zij willen met het lerarencollectief een stem geven aan de leraren. ‘Met het lerarencollectief claimen we onze positie in het onderwijskrachtveld. Zo blijft elke leraar laagdrempelig op de hoogte van alle ontwikkelingen, heeft élke leraar inspraak en zorgen we ervoor dat het vak weer van ons wordt’, zo staat op de website lerarencollectief.nl.

Leraren moeten betalen

Minister Slob vindt het een goede zaak dat leraren zelf het initiatief nemen tot het opzetten van een eigen beroepsorganisatie. ‘Met bijna 11.000 steunbetuigingen en een concreet plan voor het vervolg heeft dit initiatief voldoende draagvlak en potentie laten zien, aldus Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

OCW trekt een bescheiden hoeveelheid geld uit voor het opstarten van het lerarencollectief. ‘De initiatiefnemers ontvangen (…) elk 0,4 fte om een start met hun werkzaamheden te kunnen maken. Daarnaast ontvangt het Lerarencollectief een werkbudget voor de vergoeding van diverse onkosten’, aldus Slob.

Het is nadrukkelijk tijdelijke financiële ondersteuning, want de minister vindt dat het lerarencollectief uiteindelijk helemaal door leden (in casu leraren) moet worden betaald.

Leraren in Florida worden bewapend

In de Amerikaanse staat Florida mogen leerkrachten voortaan gewapend voor de klas staan. Het parlement heeft deze maatregel goedgekeurd, meldt dagblad AD.

Met de nieuwe wet hoopt de staat Florida in de toekomst schietpartijen in scholen te voorkomen. In de wet staat ook dat leraren eerst een opleiding van 144 uur moeten volgen om met een wapen te leren omgaan. Het dragen van een wapen door leraren in school gebeurt op vrijwillige basis. Het idee om leraren te bewapenen komt van president Trump, die het opperde na de schietpartij op een middelbare school in Parkland, Florida op 14 februari 2018, waarbij 17 slachtoffers vielen.

Tegenstanders van de wet waarschuwen voor ongelukken als er nog meer vuurwapens worden toegelaten. Dagblad AD citeert de Democratische politica en ex-politiechef van Orlando, Val Demings, die zegt: ‘De echte oplossing is zorgen dat wapens uit verkeerde handen blijven.’

Trainingen om radicalisering te herkennen niet in trek

Leraren hebben weinig belangstelling voor trainingen om radicalisering en polarisatie bij leerlingen te herkennen, meldt de NOS.

Volgens de Stichting School en Veiligheid heeft nog geen 2 procent van de leraren een (gratis) training gevolgd om radicalisering en polarisatie bij leerlingen te herkennen.

Directeur Klaas Hiemstra wijt dat aan onhandige voorlichting. Aanvankelijk werden de trainingen gepromoot als hulpmiddel voor het omgaan met radicale meningen en opvattingen in de klas, zei Hiemstra in het NOS Radio 1 Journaal: ‘Dat werd erg geassocieerd met terrorisme. Daarvan zeiden de docenten: zulke leerlingen hebben we helemaal niet in de klas.’

Lees meer bij de NOS

 

‘Ruimere regels nodig voor inzet zzp’ers’

Bestuursvoorzitter Jeroen Goes van Fluvium Openbaar Onderwijs pleit voor ruimere regelgeving met betrekking tot de inzet van zzp’ers. ‘Dat de overheid zo rigide omgaat met die fiscale eisen, laat een gebrek aan urgentiegevoel zien’, zegt hij in het aprilnummer van Naar School!.

Het magazine van VOS/ABB boog zich over de lastige dilemma’s waar schoolbesturen in tijden van toenemende lerarentekorten voor staan. De inzet van zzp’ers is een van de weinige overblijvende opties nu er nauwelijks nog sollicitanten komen voor vacatures.

Wet DBA

Over de inzet van zzp’ers bestaat echter veel onzekerheid. Mag het wel van de fiscus? Die vraag heeft alles te maken met de onduidelijkheid over de wet Deregulering beoordeling arbeidsrelaties. Zolang er geen helderheid is over de wet DBA, adviseren de Onderwijsjuristen van VOS/ABB om geen zzp’ers in te zetten, ook al geeft de Belastingdienst aan deze wet in elk geval tot 1 januari 2020 niet te handhaven. Werkgevers hoeven tot die datum niet bang te zijn voor naheffingen of boetes.

Onderwijsjurist mr. Céline Haket van VOS/ABB zou graag zien dat er een juridische testcase zou komen over de inzet van zzp’ers in het onderwijs. ‘Alleen dan komt er uitsluitsel hoe het écht zit. Maar zolang we dat niet hebben, raden wij schoolbesturen aan een veilige oplossing te kiezen’, aldus Haket.

Nood is hoog!

Schoolbestuurder Goes geeft aan dat hij gebruikmaakt van zzp’ers via het online platform flexleerkracht.nl. Hij pleit voor meer coulance in de regelgeving.

‘De nood is echt hoog. Het is onze opdracht om goed onderwijs te verzorgen voor het budget dat we daarvoor van het ministerie van Onderwijs krijgen. Dan kan het toch niet zo zijn dat het ministerie van Financiën dat geld deels weer terugeist als we een bevoegde zzp’er voor de klas zetten, alleen omdat hij zzp’er is? In de huidige markt moeten we blij zijn dat die er nog zijn.’

Het aprilnummer van magazine Naar School! verschijnt op dinsdag 16 april, maar u kunt het artikel Zzp’er in het onderwijs – kans of risico? nu al lezen.

Lees ook het nieuwsbericht Scholen kunnen zelf bepalen of ze zzp’ers inhuren.

Slob positief over ‘onderwijsassistent-plus’

Onderwijsminister Arie Slob is positief over een bijscholingstraject tot onderwijsassistent-plus. Dit traject is bedoeld om met een bredere inzet van onderwijsassistenten het lerarentekort tegen te gaan.

SP-Kamerlid Peter Kwint stelde hierover kritische vragen aan Slob, mede naar aanleiding van deze tweet van leraar Jan van de Ven, die bekend is van PO in Actie:

De minister is in tegenstelling tot Kwint en Van de Ven positief over dit initiatief om het lerarentekort tegen te gaan. ‘Het werken met een divers team met verschillende (vak)specialisten, onderwijsassistenten/ ondersteuners en zij-instromers kan daaraan een bijdrage leveren’, aldus Slob.

Hij meldt dat de initiatiefnemer van het bijscholingstraject, de Brabantse Scholengroep Eenbes, het onderwijs anders wil organiseren. ‘Daarvoor achten zij het wenselijk om onderwijsassistenten breder te scholen. Het bestuur is zich ervan bewust dat ‘onderwijsassistenten-plus’ niet zelfstandig voor de klas mogen, noodsituaties daargelaten.’

Lees meer…

Gevluchte leraren lopen stage op openbare scholen

Acht openbare basisscholen in Amsterdam zijn begonnen met een pilot voor gevluchte leraren uit Syrië en Turkije. Zij lopen stage om als zij-instromer of onderwijsassistent aan het werk te gaan, meldt Het Parool.

De pilot is een samenwerking tussen Stichting Westelijke Tuinsteden voor openbaar basisonderwijs en Het Schoolbureau, dat gespecialiseerd is in zij-instroom. De gevluchte leraren krijgen taal- en onderwijstrainingen. De proef krijgt financiële steun van de gemeente Amsterdam.

Vorig jaar september is een andere pilot van start gegaan om gevluchte wis-, natuur- en scheikundedocenten les te laten geven op middelbare scholen. Dat initiatief van de Stichting voor Vluchtelingen-Studenten UAF en de Hogeschool van Amsterdam wordt eveneens financieel ondersteund door de gemeente Amsterdam.

Geen leraar te vinden, school heft groep 7 op

Het lerarentekort heeft ertoe geleid dat de Rudolf Steinerschool in Haarlem geen groep 7 meer heeft. Omdat er geen leraar te vinden was, heeft de vrijeschool in de Noord-Hollandse hoofdstad deze groep opgeheven.

‘We hebben in het hele land gezocht’, zegt adjunct-directeur Lida Berkhout in de Volkskrant. Bestuursvoorzitter Rob van der Meijden van Stichting Vrijescholen Ithaka voegt daaraan toe dat ze ‘de gekste constructies’ hebben verzonnen, maar dat ze het niet voor elkaar kregen. De leerlingen zijn nu verdeeld over andere vrijescholen in Haarlem, Hoofddorp en Hillegom.

Nieuw dieptepunt

De Volkskrant noemt het ‘een nieuw dieptepunt in het lerarentekort, dat toch al steeds grotere gaten in het onderwijs slaat’. De krant verwijst naar de protestants-christelijke Joppenszschool in Leiden, die twee weken geleden besloot groep 8 op te heffen, ook omdat er geen leerkracht te vinden was. Ook de leerlingen uit deze groep zijn over andere scholen verdeeld.

Onderwijsminister Arie Slob zegt in antwoord op Kamervragen dat het opheffen van groep 8 van de school in Leiden niet alleen met het lerarentekort te maken had. ‘Er hebben verschillende leraren voor de klas gestaan, maar deze zijn niet lang gebleven. De school heeft hierop aan de inspectie doorgegeven dat het hierdoor niet langer mogelijk was voor deze kinderen de kwaliteit van onderwijs te bieden die past bij de kinderen en de samenstelling van deze specifieke groep.’

Nieuwe ontwikkeling

Een woordvoerder van de PO-Raad spreekt in Trouw van een nieuwe ontwikkeling. ‘We hopen dat het bij deze incidenten blijft, want voor de leerlingen is het natuurlijk niet goed dat zij ergens anders worden ondergebracht’, aldus een woordvoerder van de sectororganisatie in deze krant.

Online tegengeluid: meldpunt complimenten leraren

De gemeente Amsterdam heeft het meldpunt Topleraar gelanceerd. Daarop kan iedereen complimenten aan leraren geven. Het is een reactie op de online meldpunten die gericht zijn tegen vermeende linkse indoctrinatie in het onderwijs.

Het Renaissance Instituut, dat verbonden is aan Forum voor Democratie van Thierry Baudet, heeft het meldpunt Indoctrinatie in scholen en universiteiten in het leven geroepen om vermeende linkse indoctrinatie in het onderwijs aan de kaak te stellen. Deze digitale kliklijn is nageaapt van het online meldpunt Linkse indoctrinatie van leerling Mats Nelisse van het openbare Stedelijk Gymnasium in Schiedam.

Respect en waardering

Premier Mark Rutte noemde vrijdag op de persconferentie na de wekelijkse ministerraad het meldpunt dat gelieerd is aan Thierry Baudet ‘bizar’. De premier sprak van ‘spionage in de klas’. Hij zei ook dat we het niet groter moeten maken dan het is: ‘Laten we niet reageren op elke boer die een politicus laat’, aldus Rutte.

Volgens de premier, die één keer per week zelf maatschappijleer geeft aan het openbare Johan de Witt College in Den Haag, is het niveau van leraren heel hoog. ‘We hebben in ons land goed onderwijs. Een beetje respect en waardering zijn op zijn plaats.’

Onderwijsminister Arie Slob liet eerder al weten niet blij met de meldpunten tegen linkse indoctrinatie in het onderwijs. Hij noemde ze moderne schandpalen.

Leraren verdienen steun

Wethouder Marjolein Moorman (PvdA) nam het initiatief om met een meldpunt voor complimenten aan leraren te komen, meldt Het Parool. ‘Leraren zijn uitstekend in staat hun eigen idealen los te zien van het onderwijs dat ze geven. Ze verdienen vooral onze steun’, zo citeert de lokale Amsterdamse krant haar.

‘Nieuwe generatie leraren Nederlands leest niet graag’

Studenten aan de ­leraren­opleidingen in Vlaanderen lezen niet graag, zelfs niet als ze leraar Nederlands willen worden, meldt de Vlaamse krant De Standaard.

De krant baseert zich op een onderzoek onder docenten van lerarenopleidingen in opdracht van het Vlaams Fonds voor de Letteren. Uit dit onderzoek blijkt dat de meeste studenten slechts een oppervlakkige lees­ervaring en weinig literaire bagage hebben.

Directeur Koen Van Bockstal van het Vlaams Fonds voor de Letteren noemt het resultaat van het onderzoek ontnuchterend. ‘Leesbevordering zou toch een van de basisprincipes van ons onderwijs moeten zijn?’, zo citeert De Standaard hem.

Lees meer…