Gratis lesmateriaal over mediawijsheid

Uitgeverij Kwintessens stelt in het kader van de Week van de Mediawijsheid van 16 tot en met 23 november gratis lesmateriaal ter beschikking.

Het lesmateriaal is onderdeel van methode Kwink voor sociaal-emotioneel leren, maar kan los daarvan door alle basisscholen worden gebruikt. Kwintessens zegt het gratis lesmateriaal aan te bieden ‘voor een leerzame en sociaal extra wijze week’.

Lees meer over het gratis lesmateriaal en bekijk onderstaand filmpje over mediawijsheid:

 

 

 

‘Doorgaan met Mediawijzer.net, want doet goed werk’

Het kabinet krijgt het advies door te gaan met Mediawijzer.net. Dit expertisecentrum richt zich op het bevorderen van mediawijsheid van kinderen en jongeren tot 18 jaar.

In een evaluatierapport staat dat het bevorderen van mediawijsheid een ‘grote maatschappelijke opgave’ is die in de toekomst ‘onverminderd belangrijk’ blijft. Mediawijzer.net leverde daar in de afgelopen jaren een ‘waardevolle bijdrage’ aan.

In het rapport staat dat het kabinet er verstandig aan zou doen door te gaan met Mediawijzer.net. Ook wordt geadviseerd om op het gebied van mediawijsheid specifieke instrumenten te ontwikkelen voor licht verstandelijk beperkte jongeren en voor het voortgezet onderwijs.

De evaluatie is uitgevoerd in het licht van de vraag of het kabinet zou moeten doorgaan met de financiering van Mediawijzer.net. De huidige financiering eindigt dit jaar.

Lees meer… 

Gratis lesmateriaal mediawijsheid

Scholen voor primair en voortgezet onderwijs kunnen nog steeds gratis lesmateriaal voor mediawijsheid aanvragen bij het Nationaal Media Paspoort. Sinds het begin van dit schooljaar hebben al 2500 scholen dit gedaan.

Het gaat om lessen die zijn ontwikkeld door de Nationale Academie voor Media & Maatschappij, in samenwerking met de Radboud Universiteit Nijmegen en de Wetenschappelijke Raad. Deze instellingen doen tegelijkertijd wetenschappelijk onderzoek naar het effect van de lesmethode, die tot doel heeft kinderen veiliger en positiever met de huidige media te leren omgaan. Het gaat daarbij onder meer om reclamewijsheid, informatievaardigheden, privacy en veiligheid. Scholen die het materiaal downloaden, zitten in de wetenschappelijke monitor.

De lessen zijn opgebouwd rond zeven thema’s en zijn afgestemd op de leeftijd en belevingswereld van de leerlingen. Scholen bepalen zelf hoe en wanneer ze de lessen geven. Basisscholen kunnen instappen met de groepen 1 tot en met 5. Het voortgezet onderwijs kan kiezen uit lessen voor onderbouw en bovenbouw. De lessen zijn direct te downloaden. Ook ouders kunnen games en lessen downloaden.

Meer informatie

Leraren vinden leerlingen digitaal niet zo vaardig

Basisschoolleraren geven het gemiddelde digitale vaardigheidsniveau van hun leerlingen een krappe voldoende: 6,1. Ouders zijn met een gemiddelde van 6,6 iets positiever, meldt Stichting Internet Domeinregistratie Nederland (SIDN), dat onderzoek heeft laten uitvoeren onder leraren en ouders.

Uit het onderzoek komt naar voren dat ruim een kwart van de basisschoolleraren het digitale-vaardigheidsniveau van hun leerlingen als onvoldoende bestempelt.

Leraren en ouders noemen mediawijsheid (veilig kunnen omgaan met online media) het meest als kern van digitale vaardigheid. Ze noemen ook ICT-basisvaardigheden (bijvoorbeeld het bedienen van een computer) en informatievaardigheden (kunnen omgaan met online informatie). Programmeren wordt minder vaak genoemd.

Lees meer…

School draagt nauwelijks bij aan mediawijsheid

Jongeren zeggen dat school nauwelijks een rol speelt in het bijbrengen van mediawijsheid. Ze doen hun digitale kennis en vaardigheden naar eigen zeggen op in hun vrije tijd en worden daarbij geholpen door hun ouders. Dat meldt Kennisnet in de Monitor Jeugd en Media 2017.

In de monitor staat ook dat leerlingen ‘digitale veelgebruikers’ zijn en dat ze vertrouwen hebben in hun eigen digitale kunnen. Informatie zoeken ze het liefst via internet en niet via de bibliotheek. Maar als het gaat om het maken van aantekeningen en het lezen van lange teksten en boeken, bestaat er een duidelijke voorkeur voor papier. ‘Je zou ze ‘gemengde’ gebruikers kunnen noemen’, aldus Kennisnet.

Verder blijkt dat ruim de helft leerlingen aangeeft beter in Engels te zijn geworden dankzij internet. Twee derde zegt dankzij internet meer te leren dan dat hun ouders vroeger deden, maar het blijkt ook dat veel leerlingen moeite hebben om informatie die ze op internet vinden op waarde te schatten.

Voor de Monitor Jeugd en Media 2017 zijn leerlingen in de leeftijd van 10 tot en met 18 jaar geënquêteerd.

Lees meer…

Lessen mediawijsheid in strijd tegen nepnieuws

Met lessen over mediawijsheid kan de weerbaarheid tegen verspreiders van nepnieuws worden vergroot. Dat zegt cyberdeskundige Sico van der Meer van het Nederlands Instituut voor Internationale Betrekkingen Clingendael in Trouw.

Hij reageert op de constatering dat met name vanuit Rusland door middel van het verspreiden van nepnieuws pogingen worden ondernomen de publieke opinie in Nederland te beïnvloeden. Een voorbeeld daarvan is een website gericht op het Nederlandse publiek waarop bewust foutieve informatie was geplaatst over het neerhalen van vlucht MH17 boven oostelijk Oekraïne.

Van der Meer bevestigt dat de nieuwe generatie mediagebruikers, die vooral online actief is, het krachtigste wapen is in de strijd tegen nepnieuws. ‘Met lessen mediawijsheid vergroot je de weerbaarheid van burgers. Mensen moeten leren zelf na te denken, te checken wat lezen en zien’, aldus Van der Meer.

‘Mediawijsheid hoort thuis in kerndoelen’

Mediawijsheid moet in de kerndoelen van het onderwijs. Dat vindt bijzonder hoogleraar mediaopvoeding Peter Nikken van de Erasmus Universiteit in Rotterdam. In de Volkskrant reageert op het nieuws dat  onlangs een jongen om het leven is gekomen toen hij meedeed aan een choking challenge.

Een choking challenge is het bewust afknijpen van de eigen luchtpijp om door zuurstofgebrek in een roes te geraken. Op het moment dat de persoon die de challenge uitvoert bijna stikt, maakt hij of zij de luchtpijp weer vrij.

Het is een ‘spel’ waarmee jongeren elkaar op sociale media uitdagen. Bij een 16-jarige jongen uit het Zuid-Hollandse dorp Arkel ging het in de meivakantie mis. Zijn ouders hebben de publiciteit gezocht om anderen te waarschuwen voor de gevaren van deze en andere soort levensgevaarlijke challenges.

Risico’s bespreken

Bijzonder hoogleraar Peter Nikken zegt in reactie op het nieuws dat er structureel beleid nodig is om kinderen te leren hoe ze met sociale media omgaan. ‘Het internet staat vol met voorbeelden van rare gedragingen en het is in de puberfase vanzelfsprekend dat kinderen dingen uitproberen’, zegt hij in de Volkskrant.

Hij vervolgt: ‘In de beeldvorming die jongeren tot zich krijgen, is alleen aandacht voor de positieve effecten, bijvoorbeeld de fantastische roes die ontstaat. Maar als je met kinderen de risico’s bespreekt, bijvoorbeeld de kans op hersenbeschadiging of een coma, dan kun je dat beeld wel degelijk bijstellen.’

Mediawijsheid in kerndoelen

Volgens Nikken gaat het bij deze educatie niet alleen om challenges, maar bijvoorbeeld ook om digitaal pesten of het maken en verspreiden van naaktfoto’s. ‘Op dit moment doen scholen er wel wat tegen, maar het is hapsnap. Het omgaan met media zit niet in de kerndoelen van het onderwijs en is daardoor geen vast onderdeel in het curriculum. Dat zou het wel moeten zijn, daar kunnen we (…) niet meer onderuit.’

Lees meer…

Mediawijs? Doe mee aan MediaMasters!

Basisscholen kunnen zich inschrijven voor MediaMasters, een project op het gebied van mediawijsheid voor de groepen 7 en 8.

MediaMasters is een online game die in de klas en thuis wordt gespeeld. Spelenderwijs leren kinderen over de kansen en de gevaren die diverse media bieden.

De klas die met de game de meeste punten scoort, mag zich de ‘meest mediawijze klas van Nederland’ noemen.