CAO PO in februari algemeen verbindend

De PO-Raad verwacht dat het ministerie van Sociale Zekerheid en Werkgelegenheid (SZW) de aangepaste CAO PO 2016-2017 in februari algemeen verbindend verklaart.

Vlak voor de kerstvakantie werd bekend dat de nieuwe cao voor het primair onderwijs vanwege de tijdelijk buitenwerkingstelling van de ketenbepaling van de Wet werk en zekerheid (WWZ) op een aantal punten is aangepast. Er zijn nieuwe artikelen in de cao opgenomen: artikel 3.5a en artikelen 4.6a1 en 4.6a2.

Door het opnemen van deze artikelen is er formeel sprake van een nieuwe CAO PO 2016-2017. Deze is officieel op 1 januari jongstleden aangemeld bij het ministerie van SZW. Het ministerie heeft volgens de PO-Raad toegezegd de aanvraag versneld te behandelen. Waarschijnlijk in februari zal de nieuwe cao algemeen verbindend zijn.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Ook illegale vmbo’ers moeten stage kunnen lopen

Leerlingen uit het praktijkonderwijs en het beroepsgerichte vmbo die illegaal in Nederland zijn, moeten net als andere leerlingen een stage kunnen volgen. Dat benadrukt bestuursvoorzitter Pieter Schram van de Openbare Scholengemeenschap Singelland in Drachten. D66 in de Tweede Kamer stelt de kwestie aan de orde nadat Schram erover aan de bel heeft getrokken.

In 2012 speelde een vergelijkbare kwestie rond mbo-studenten. Er was toen discussie tussen de gemeente Amsterdam en toenmalig VVD-minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) Henk Kamp. De PvdA’er Lodewijk Asscher, die nu minister van SZW is, was destijds in Amsterdam onderwijswethouder. Hij vond dat ook illegale mbo-studenten hun (verplichte) stage mochten volgen. Kamp verzette zich daartegen. Het was volgens hem wettelijk niet toegestaan een tewerkstellingsvergunning af te geven voor stages van mbo-scholieren die illegaal in Nederland verblijven.

Nadat Asscher minister was geworden, en dus Kamp had opgevolgd, maakte hij in december 2012 bekend dat illegaal in Nederland verblijvende mbo-studenten gewoon stage kunnen lopen. Daar is sindsdien wel een aantal voorwaarden aan verbonden. De betreffende studenten moeten voor hun 18e aan een beroepsopleidende leerweg (BOL) in het mbo zijn begonnen. Ook moet de stage onbezoldigd zijn.

Vmbo en praktijkonderwijs
De discussie laait op, maar gaat nu over illegaal in Nederland verblijvende leerlingen uit het praktijkonderwijs en het beroepsgerichte vmbo. Deze leerlingen zouden geen stage mogen volgen om dezelfde reden als destijds in de kwestie rond de mbo’ers: het is wettelijk niet toegestaan voor deze leerlingen een tewerkstellingsvergunning af te geven. Bedrijven die ‘illegale’ vmbo’ers en leerlingen uit het praktijkonderwijs zonder die vergunning stage laten lopen, kunnen van de Inspectie SZW een boete krijgen.

Bestuursvoorzitter Pieter Schram van OSG Singelland in Drachten heeft de kwestie aangekaart bij de Inspectie van het Onderwijs. Die wijst er in een brief aan Schram op dat de ministeries van OCW en SZW in 2012 geen regeling hebben getroffen voor het voortgezet en hoger onderwijs, omdat in die sectoren een stage niet verplicht zou zijn voor het behalen van een diploma.

Niet op netvlies
Dat wordt nu gezien als een omissie. ‘Dat in het praktijkonderwijs en delen van het vmbo een stage wel onderdeel is van het onderwijs stond toen niet op het netvlies van het ministerie van SZW. Toen deze omissie werd ontdekt, was de inschatting dat het politiek niet haalbaar was om uitzonderingen voor deze schoolsoorten te creëren’, aldus hoofdinspecteur Monique Vogelzang in de brief aan Schram.

Zij wijst er voorts op dat de ministeries van SZW en OCW met elkaar in gesprek zijn ‘om nogmaals te bezien of het haalbaar is ook voor deze leerlingen een uitzondering mogelijk te maken’. De oplossing moet hierbij volgens haar komen van het ministerie van SZW, zoals eerder het geval was met de stageproblematiek van niet-rechtmatig in Nederland verblijvende mbo’ers die geen stage konden lopen.

‘De inzet van OCW in het gesprek met SZW is dat SZW het Besluit ter uitvoering Wet arbeid vreemdelingen aanpast en hierin ook een uitzondering maakt voor illegale leerlingen in het praktijkonderwijs en (delen van) het vmbo. Alleen op die manier kunnen de leerlingen, hun werkgever(s) en de scholen vrijgesteld worden van de verplichting tot een tewerkstellingsverplichting’, aldus Vogelzang.

Treuzelende ministers…
D66-Kamerlid en onderwijswoordvoerder Paul van Meenen benadrukt dat de kwestie snel moet worden opgelost. ‘Stel je voor dat je kind zijn school niet kan afmaken, omdat de ministers treuzelen om hun vergissing recht te zetten’, zo citeert de Volkskrant hem.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Meer ouderschapsverlof, minder kinderopvang

Ouders nemen voor hun kinderen meer verlof op, ook als ze daar geen vergoeding van hun werkgever voor krijgen. Deze toename valt samen met een afname van het gebruik van kinderopvang.

Uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat vorig jaar ruim 182 duizend Nederlanders ouderschapsverlof opnamen. In 2011 waren dat er nog 160 duizend. Vooral vrouwen nemen ouderschapsverlof op, maar ook steeds meer mannen doen dat.

Ouders met kinderen tot 8 jaar kunnen voor maximaal 26 weken ouderschapsverlof opnemen. Het ligt aan hun werkgever of ze (gedeeltelijk) worden doorbetaald.

De toename van het aantal ouders dat ouderschapsverlof neemt, valt samen met het dalende aantal kinderen dat naar de kinderopvang gaat. Het aantal aanvragen voor kinderopvangtoeslag is vorig jaar met 18 procent gedaald, zo blijkt uit recente cijfers van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.