Vooral vmbo’s zien leraren met pabo-diploma zitten

Als gevolg van demografische krimp neemt het aantal leerlingen in het primair onderwijs af. Dat heeft negatieve gevolgen voor de werkgelegenheid. Om meer pabo-gediplomeerden aan het werk te helpen in het voortgezet onderwijs, kan een op deze groep gerichte 'zij-instroombeurs' helpen.

Uit het onderzoek blijkt dat scholen in het voortgezet onderwijs en lerarenopleidingen over het algemeen positief zijn over leraren met een pabo-diploma. Zij worden gezien als goede, gemotiveerde en ervaren medewerkers, die sterk zijn op het pedagogisch-didactische vlak en in het geven van Nederlands. Dat laatste kan als opmerkelijk worden beschouwd, omdat over leerkrachten in het primair onderwijs nogal eens wordt geklaagd over hun kennis en vaardigheden op het gebied van de Nederlandse taal.

Op vakinhoudelijke gebieden en qua kennisniveau blinken leraren die uit het primair onderwijs komen niet echt uit, zo blijkt het onderzoek. Daarom zijn ze in de ogen van scholen en lerarenopleidingen vooral geschikt voor en ook welkom in het vmbo en in het praktijkonderwijs. Een deel van de leerkrachten met een pabo-diploma zelf ambieert ook functies in de onderbouw van havo en vwo, maar daar lijken ze dus minder geschikt voor.

Op dit moment werken 5100 pabo-gediplomeerden in het voortgezet onderwijs, van wie 1800 in het praktijkonderwijs. Een zij-instroombeurs kan meer leraren over de streep trekken om naar deze sector over te stappen, zo is de gedachte. Leerkrachten met een pabo-diploma die willen overstappen naar het v(mb)o, hebben een tweedegraadsbevoegdheid nodig

Klik hier voor het onderzoek 'Mogelijkheden overstap van primair onderwijs naar v(mb)o'.

Eerste Kamer stemt in met wetsvoorstel Onderwijstijd

Vorige week was de Eerste Kamer nog uiterst kritisch over het omstreden wetsvoorstel, dat onder meer gaat over de 1040 urennorm in de onderbouw van het voortgezet onderwijs. Verscheidene senatoren van SP tot en met VVD gebruikten termen als 'geen noodzaak', 'geen draagvlak', 'de nodige bedenkingen' en 'niet fraai'. 

Er werd vanuit de Eerste Kamer zelfs op aangedrongen de wet in te trekken, maar volgens Van Bijsterveldt zou het voortgezet onderwijs daar niet bij gebaat zijn. De minister vindt de wet waardevol, omdat minimale urennormen goed zouden zijn voor de onderwijskwaliteit. Wat ze ook belangrijk vindt, is dat in het wetsvoorstel staat dat ouders en leerlingen meer zeggenschap krijgen over de invulling van het onderwijs.

Bij de stemming in de Eerste Kamer bleek er uiteindelijk toch voldoende steun voor het voorstel te zijn. Van de senatoren stemden er 35 voor en 33 tegen.

Lange brugklas vermindert kans excellente vwo’ers

Het Gronings Instituut voor Onderzoek van het Onderwijs (GION) van de Universiteit van Groningen bracht op verzoek van OCW de schoolloopbaan van excellente vwo-leerlingen met een Cito-score van 549 of 550 in kaart. De onderzoekers keken naar factoren die samenhangen met het behalen van een vwo-diploma binnen zes jaar, zoals klassetype, sekse en sociaal economische status.

Het blijkt dat het soort klas, waarin leerlingen in het eerste jaar zitten, samenhangt met de kans op succes. Bijna een kwart van de excellente vwo-leerlingen haalt het eindexamen niet in zes jaar, terwijl ze daar bij binnenkomst in potentie de beste papieren voor hadden.

Het GION concludeert dat leerlingen in een homogene vwo-klas 10 procent meer kans hadden om na zes jaar hun diploma te halen dan leerlingen in een gemengde havo/vwo-klas. Voor leerlingen die in het tweede en derde jaar ook nog in een gemende klas zaten, is het verschil groter: respectievelijk 16 procent en 32 procent.

Uit het onderzoek blijkt ook dat excellente vwo-meisjes een 7 procent grotere kans op succes hebben dan dito jongens. Ook hebben deze leerlingen met laagopgeleide ouders een 19 procent lagere kans op succes dan leerlingen met hoogopgeleide ouders.

Demissionair minister Marja van Bijsterveldt van OCW ziet de uitkomsten van de analyse als een steun in de rug van het kabinetsbeleid om in het onderwijs meer aandacht te besteden aan excellente leerlingen.

Klik hier voor het GION-onderzoek.

Openbare Cambium College wint wetenschapsprijs

De jonge wetenschappers in de bus laten op dinsdag 20 maart de tweedeklassers van het vwo op een verfrissende manier ervaren wat wetenschap is.

De openbare school in Zaltbommel won de wetenschappelijke prijs door mee te doen aan een prijsvraag:  een onderzoeksvraag verzinnen voor het wetenschapsspel Expeditie Moendoes.

Meedoen kan nog!
Alle eerste en tweede klassen van middelbare scholen in Nederland kunnen tot en met april meedoen aan de prijsvraag. In totaal winnen acht scholen een bezoek van De Jonge Akademie on Wheels. Elke maand worden twee winnaars bekendgemaakt. De bussen rijden tot en met juni.

Zie voor meer informatie www.dejongeakademieonwheels.nl.

VVD in Senaat mort over 1040 urennorm

Het werd vorige week al duidelijk dat de VVD in de Eerste Kamer twijfels heeft over de door de Tweede Kamer goedgekeurde wetswijziging over onderwijskwaliteit, onderwijstijd en vakanties in het voortgezet onderwijs. De VVD in de Senaat heeft onder meer problemen met de voorstellen rond medezeggenschap.

Uit schriftelijke vragen die de VVD-fractie in de Senaat heeft gesteld, blijkt dat de liberalen ook gevoelig zijn voor de protesten tegen de 1040 urennorm voor de eerste twee leerjaren van het voortgezet onderwijs. In de huidige situatie is er consensus over 1000 uur. Dat aantal uren vloeide in 2009 voort uit het advies van een commissie onder leiding van VVD'er Clemens Cornielje. De VVD in de Senaat vraagt zich af wat er mis is met 1000 uur.

Het getal 1040 is in het politieke debat teruggekeerd, nadat minister Marja van Bijhsterveldt van OCW akkoord was gegaan met een motie van Harm Beertema van gedoogpartner PVV in de Tweede Kamer. De minister ging hiermee akkoord om de spanningen in de gedoogconstructie niet verder op te drijven.

Nu de VVD in de Eerste Kamer bezwaar maakt tegen de 1040 urennorm, is het nog maar de vraag of er in de Senaat voldoende steun is voor de voorgestelde wetswijziging. Als de VVD er geen steun aan geeft, is er geen meerderheid.   

De kritische opstelling van de VVD volgt op een mede namens VOS/ABB aan de Eerste Kamer verstuurde brief, met daarin de bezwaren van het voortgezet onderwijs tegen de voorgestelde wetswijziging (zie het gerelateerde bericht in de rechterkolom).

Klik hier voor het voorlopig verslag van de vaste commissie voor OCW op 14 februari, waarin onder meer op de kritische opstelling van de VVD wordt ingegaan.

Online game voor verantwoorde schoolkeuze

Go VMBO! is maandag in aanwezigheid van minister Marja van Bijsterveldt van OCW in op het Montessori College Oost in Amsterdam gelanceerd. De nadruk in het spel ligt op het vmbo, maar ook de andere sectoren in het voortgezet onderwijs komen aan bod.

Het spel is in samenwerking met het ministerie van OCW ontwikkeld door de Stichting Platforms VMBO.

Klik hier voor een uitgebreider bericht.

Kritiek op loting in openbaar onderwijs Almere

Op de website van Almere Vandaag wordt VVD-raadslid Hilde van Garderen geciteerd. Zij zet vraagtekens bij de eventuele loting voor aankomende eerstejaars van het openbare Arte College en het eveneens openbare Montessori Lyceum Flevoland. 

De VVD’ster vreest dat sommige kinderen op het Arte College een uitzonderingspositie kunnen krijgen, doordat zij worden beoordeeld door een selectiecommissie. ‘Op die manier kiest de school voor de krenten uit de pap’, aldus Van Garderen. ‘Een kind dat wel interesse heeft in kunst- en cultuuronderwijs, maar geen talent heeft, valt zo buiten de boot.’ Zij wijst er ook op dat loting niet past bij het algemeen toegankelijke karakter van het openbaar onderwijs. 

De Almeerse Scholen Groep (ASG) wil gaan loten als zich te veel nieuwe brugklassers aanmelden. Voor het Montessori Lyceum Flevoiland ligt de grens op 125 leerlingen, voor het Arte College op 180 leerlingen. ASG zegt dat dit nodig is in verband met handhaving van de onderwijskwaliteit.

Klik hier voor een bericht over de loting op de website van de ASG.

Prijsvraag voor jonge wetenschappers

Leerlingen kunnen tot en met april verrassende onderzoeksvragen insturen voor het wetenschapsspel Expeditie Moendoes. 

De winnaars krijgen letterlijk een bus vol jonge topwetenschappers, die op school laten zien wat wetenschap is. 

De Jonge Akademie on Wheels en Expeditie Moendoes zijn een initiatief van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW). 

Klik hier voor een uitgebreider bericht op de website van de KNAW.

Illustratie: KNAW

Steun in Kamer voor wetsvoorstel onderwijstijd

Met deze steun kan minister Marja van Bijsterveldt van OCW rekenen op een meerderheid in de Tweede Kamer. Vorige week ging ze mee met PVV’er Harm Beertema, die eiste dat de urennorm in de eerste twee jaren van het voortgezet onderwijs 1040 uur blijft. In de hogere leerjaren wordt het uitgangspunt 1000 lesuren per jaar.

Beertema wil de norm van 1040 in de eerste twee leerjaren handhaven om een einde te maken aan, zoals hij dat verwoordde, ‘een sluipende teruggang van het aantal lesuren’. In het voorstel van de minister krijgen leraren negen werkdagen om te gebruiken voor andere taken dan lesgeven. Maximaal zes daarvan moeten rondom de zomervakantie worden gepland. Daarnaast krijgen scholen meer tijd om aan leerlingen met achterstanden of juist aan excellente leerlingen te besteden.

De oppositie is niet blij met de ontwikkelingen, zo bleek dinsdag tijdens het debat in de Tweede Kamer. Boris van der Ham van D66 en Metin Çelik vrezen dat de leraren vrije dagen moeten inleveren. SP-Kamerlid Nine Kooiman meent dat het voortgezet onderwijs nu ‘terug bij af is’.

Het is niet bekend hoe scholen voor voortgezet onderwijs de 40 extra uren in het eerste en tweede leerjaar moeten bekostigen. In de dinsdageditie van dagblad Trouw komt bestuursvoorzitter Paul van Meenen van de Scholengroep Spinoza in Den Haag en omgeving aan het woord: ‘Als elke leerling per schooljaar veertig uur meer les moet krijgen, moet een school meer leerkrachten aanstellen. Dat kost tonnen, maar die zijn er niet, want de bekostiging van het onderwijs blijft hetzelfde.’

Trouw citeert ook rector Marten Elkerbout van het openbare Barlaeus Gymnasium in Amsterdam. Hij vreest voor de terugkeer van de zogenoemde ophokuren. Hij riep het beeld op van een conciërge die toezicht houdt in de klas ‘om maar aan de onderwijstijd te voldoen’.

De Tweede Kamer stemt volgende week over het wetsvoorstel.

Eerste twee jaar voortgezet onderwijs toch 1040 uur

Van Bijsterveldt zei dinsdag in de Tweede Kamer dat ze blij is met het compromis van Harm Beertema van gedoogpartner PVV. Hij drong er bij de minister op aan de minimale onderwijstijd in de eerste twee jaar van het voortgezet onderwijs niet te verlagen van 1040 naar 1000 uur. De tijd kan worden benut voor begeleiding van leerlingen die achterstanden hebben of juist excellent presteren.

Nu de minister het amendement van de PVV overneemt, lijkt er zowel in de Tweede als de Eerste Kamer een meerderheid voor het wetsvoorstel over de minimale onderwijstijd. Dit tot ergernis van de oppositie, zo blijkt onder meer uit een reactie van PvdA’er Metin Çelik. Hij noemt het amendement van de PVV ‘een slap compromis’. Çelik vindt dat het vreemd dat er extra tijd wordt uitgetrokken voor maatwerk voor leerlingen, omdat dat maatwerk er allang zou moeten zijn.

D66-Kamerlid Boris van der Ham vroeg zich af hoe de minister het extra maatwerk gaat betalen.

Het debat over de minimale onderwijstijd gaat op een later tijdstip verder. 

Minister Marja van Bijsterveldt (Onderwijs) heeft dinsdag met een aantal toezeggingen geprobeerd een kritische Tweede Kamer te overtuigen zich achter een wetsvoorstel over de onderwijstijd te scharen.

Van Bijsterveldt kondigde aan haar plannen zo aan te willen passen dat leraren 9 werkdagen krijgen die ze kunnen gebruiken voor andere taken dan lesgeven, zoals het houden van teamvergaderingen en bijscholing. Maximaal 6 daarvan moeten rondom de zomervakantie worden gepland voor het afronden en opstarten van een schooljaar. De minister hoopt hiermee de steun van de SGP te verwerven.

Daarnaast is Van Bijsterveldt ervoor om middelbare scholen meer uren beschikbaar te stellen om extra aandacht te besteden aan excellente leerlingen of kinderen die achterlopen. Met name gedoogpartner PVV had hier op aangedrongen. Door de aanpassing blijft de urennorm voor scholen op 1040 uur gedurende de eerste 2 jaar. Later wordt dat minder.

De Tweede Kamer zei meer tijd nodig te hebben om de toezeggingen te kunnen bekijken. Het debat over de onderwijstijd wordt waarschijnlijk volgende week voortgezet.

Het wetsvoorstel van Van Bijsterveldt moet onder meer tegemoet komen aan klachten van leerlingen en ouders over de zogenoemde ‘ophokuren’, uren die kinderen op school moeten doorbrengen maar geen les krijgen. Daarnaast wilde de minister de zomervakantie voor leraren inkorten, om die dagen gedurende het schooljaar te kunnen gebruiken voor vergader- of studiedag. Van Bijsterveldt hoopt de werkdruk voor leraren te verminderen en minder uitval van lesuren. Ook krijgen ouders en leerlingen wat haar betreft meer te zeggen over de kwaliteit van de lessen en over de manier waarop scholen omgaan met lesuitval.

Maatschappelijke stage mag geen kinderarbeid zijn

Het Christelijk Lyceum in Zeist had mede namens twaalf andere vo-scholen een brief gestuurd aan minister Marja van Bijsterveldt van OCW met de vraag of het mogelijk is 12-jarige leerlingen buiten de school een maatschappelijke stage te laten volgen. Omdat het hier een arbeidsrechtelijke kwestie betreft, antwoordt minister Kamp.

De minister van SZW geeft een ondubbelzinnig antwoord: de maatschappelijke stage valt onder het begrip ‘arbeid’ en het is wettelijk verboden om kinderen jonger dan 13 jaar arbeid te laten verrichten. Als scholen 12-jarige leerlingen op maatschappelijke stage sturen, maken ze zich dus schuldig aan kinderarbeid. De minister is niet bereid voor de maatschappelijke stages een uitzondering te maken.

Wel is het volgens hem mogelijk om 12-jarige leerlingen binnen de school een maatschappelijke stage te laten uitvoeren. Ook behoort het wettelijk tot de mogelijkheden om door middel van een buitenschoolse klassenactiviteit onder begeleiding 12-jarige leerlingen kennis te laten maken met het fenomeen van de maatschappelijke stage.

Klik hier voor de brief van minister Kamp.

Jongensprobleem: recht doen aan sekseverschillen

VOS/ABB sprak met Tavecchio nadat de Inspectie van het Onderwijs dit voorjaar aangaf dat meisjes het beter doen op school dan jongens. Meisjes volgen vaker hogere opleidingsniveaus en halen vaker en sneller hun diploma. Professor Tavecchio heeft de afgelopen jaren onderzoek gedaan naar dit verschijnsel. De oorzaak zit volgens hem in de feminisering van het onderwijs, waardoor ook de didactiek binnen scholen is vervrouwelijkt. Meisjes profiteren meer van dit onderwijs dan jongens. 

Tavecchio doet in het artikel in School! magazine een aantal aanbevelingen voor scholen en pabo’s. Op pabo’s zouden de studenten al moeten leren over de biologische verschillen tussen jongens en meisjes en de bijbehorende aanpak. ‘De gelijke behandeling van mannen en vrouwen doet geen recht aan jongens’, zegt hij. Ook voert hij aan dat het voortgezet onderwijs het moment van keuze tussen havo en vwo een jaar zou moeten utistellen, omdat jongens later puberen dan meisjes. Op de basisschool zou meer oog moeten zijn voor de behoefte aan beweging van jongens. Ten slotte ziet Tavecchio er ook wel wat in om een aantal lessen in gescheiden jongens- en meisjesklassen te geven, hoewel hij vanuit sociaal opzicht tegenstander is van jongens- en meisjesscholen.

In een voorlopige reactie hierop zegt VOS/ABB dat het goed is als scholen oog hebben voor verschillen, in alle opzichten, dus ook de verschillen tussen jongens en meisjes. Daar moet op de pabo’s meer aandacht voor komen. Ook zou bevorderd moeten worden dat weer meer mannen het onderwijs in gaan. Volgens VOS/ABB hoeft het niet direct te betekenen dat lessen aan jongens en meisjes apart gegeven moet worden. Scholen zouden wel op grond van de groepsdynamiek maatwerk kunnen aanbieden aan jongens en meisjes.

VOS/ABB is benieuwd naar de reacties van haar leden uit de praktijk op deze theorie. U kunt uw reactie mailen naar overonderwijs@vosabb.nl.

In de rechterkolom kunt u de reactie op deze discussie downloaden, die docent maatschappijleer Rutger van Ree in de Volkskrant gaf.

Bijlagen

Brugklassers delen ervaringen met groep 8-leerlingen

De VO Gids is een publicatie om groep 8-leerlingen en hun ouders te informeren over het voortgezet onderwijs. In de gids, die regionale edities kent, kunnen scholen zichzelf preseneteren. 

VOS/ABB ziet in de VO Gids een meerwaarde om het voortgezet onderwijs positief op de kaart te zetten. Voor VOS/ABB-leden geldt een speciale kortingsregeling. Bovendien heeft VOS/ABB in de VO Gids twee pagina’s geschreven om het specifieke karakter van het openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs positief onder de aandacht van basisschoolleerlingen en hun ouders te brengen.

Filmpjes, foto’s en verhalen
Met de wedstrijd voor eersteklassers wil de VO Gids de creativiteit van vo-leerlingen gebruiken om kinderen uit groep 8 te laten zien wat die in hun volgende leerjaar gaan doen. Er kunnen bijvoorbeeld filmpjes, foto’s en verhalen worden ingestuurd. Voorwaarde is dat het materiaal online kan worden gepubliceerd.

Een jury kiest per provincie de beste inzendingen. De scholen van deze leerlingen mogen gratis een eigen presentatie in de VO Gids plaatsen. Verder worden in drie regio’s (Noord, Midden en Zuid) drie hoofdprijswinnaars gekozen. Deze leerlingen mogen met de hele klas naar de bioscoop en krijgen een Museumjaarkaart. 

De inzendtermijn loopt tot 1 juni.

Klik hier voor meer informatie.

Vrijwillige ouderbijdragen: wat zijn de afspraken?

De inspectie heeft het handhavingstoezicht nader omschreven, omdat er in sommige gevallen onduidelijkheid was over de verhoudingen tussen het bevoegd gezag van de school en de ouders aan wie het bevoegd gezag één of meer bijdragen vroeg. In het nieuwe toezicht voor het voortgezet onderwijs staat dat die bijdragen in principe allemaal vrijwillig zijn.

De borg die scholen aan ouders vragen voor het gebruik van lesboeken, moet dus ook vrijwillig zijn, stelt de inspectie. Tegelijkertijd staat in de bepalingen dat scholen wel afspraken mogen maken over wat er van ouders wordt verwacht als boeken beschadigd raken. Ook over de vrijwillige aanschaf van laptops schept het nieuwe toezichtkader helderheid: de aanschaf daarvan is altijd vrijwillig. Laptops vallen niet onder de definitie van lesmateriaal.

Verder staat in de bepalingen dat de school de ouders goed moet informeren over de vrijwillige ouderbijdragen. De informatie kan op papier worden gezet, maar dat hoeft niet: ook de website van de school wordt als volwaardige informatiebron beschouwd.

Het Handhavingstoezicht Ouderbijdrage 2011 staat in de rechterkolom.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Bijlagen

Rotterdamse gymnasiasten enthousiast over iPad

De leerlingen uit klas 1G hebben allemaal een iPad gekregen, waarop hun boeken digitaal zijn opgeslagen. Zo hoeven ze alleen maar hun iPad mee naar school te nemen. Dat scheelt veel gesjouw.

De proef loopt inmiddels drie weken en de leerlingen en rector Paul Scharff van het Erasmiaans Gymnasium zijn enthousiast, meldt RTV Rijnmond.

Amsterdam speelt in op meer behoefte vwo-onderwijs

VOvA meldt dat de nieuwe school, het Hyperion, in september begint. De lessen worden gegeven op een tijdelijke locatie naast het Bredero College in Amsterdam-Noord. In totaal komen 66 extra plekken vrij voor leerlingen met atheneum- of gymnasiumadvies.

Een woordvoerder van de scholengroep meldt in het Parool dat de extra klassen voorzien in de groeiende behoefte aan vwo-onderwijs in Amsterdam. ‘Veel leerlingen worden uitgeloot en kunnen dus niet terecht op de school van hun keuze. De vraag is heel erg groot.’

Het Hyperion biedt een atheneum-plusprogramma aan, dat zich onderscheidt van het gewone vwo door vakken als logica & argumentatieleer, lifestyle informatics en ‘grote denkers’.

Klik hier voor meer informatie.

LAKS signaleert nog steeds veel ophokuren

Het LAKS voerde samen met de website scholieren.com een landelijke steekproef uit onder 2700 leerlingen om te kijken of na de protestesten van drie jaar geleden tegen de zogenoemde ophokuren de situatie inmiddels is verbeterd. De conclusie van het LAKS is dat het aantal ophokuren enigszins lijkt te zijn afgenomen, maar dat er nog steeds veel lesuren verloren gaan.

Uit de steekproef blijkt dat scholieren gemiddeld meer dan 70 lesuren per jaar geen les of actieve begeleiding krijgen Het probleem is volgens het LAKS onder havisten het grootst: bij hen gaan gemiddeld 95 lesuren verloren. Bij vwo’ers gaat het om bijna 80 uur en bij vmbo’ers om 60 uur.

Kerntaak is lesgeven
LAKS-voorzitter Steven de Jong reageert teleurgesteld: ‘Scholieren krijgen niet de lessen die ze verdienen, maar zinloze uren die funest zijn voor de motivatie. Het is onbegrijpelijk dat scholen hun kerntaak, lesgeven, nog steeds verwaarlozen. Wij willen uitdagend onderwijs en echt iets leren.’

Het LAKS heeft schoolleiders om reacties gevraagd. Zo zegt rector Lidy Thiele van het Eerste Christelijke Lyceum in Haarlem dat ze graag het aantal reguliere lessen wil uitbreiden, maar dat de school daar geen geld voor heeft.

Kamer wil sancties
Het bericht van het LAKS volgt op de behandeling dinsdag in de Tweede Kamer van het wetsvoorstel om in het kader van lesuitval onder meer de Leerplichtwet te wijzigen. Tijdens de behandeling werd een motie van PvdA-Kamerlid Metin Çelik en zijn VVD-collega Ton Elias aangenomen om sancties op te leggen aan scholen met veel lesuitval.

Klik hier voor een persbericht van het LAKS.

Ministerraad akkoord met wetsvoorstel Onderwijstijd

In het voorstel staat ook dat de zomervakantie met één week moet worden verkort tot zes weken, om zo meer tijd vrij te maken voor het geven van onderwijs. Het aantal dagen rondom de zomervakantie, waarop geen les wordt gegeven, moet worden beperkt tot vijf.

Het wetsvoorstel gaat ook over de invloed van ouders en leerlingen op het onderwijsprogramma. Via de medezeggenschap moeten zij instemmen met de kwalitatieve invulling van het onderwijs en zaken als planning, roostervrije dagen en vakanties.  

Het kabinet verwacht dat de Wet Onderwijstijd Voortgezet Onderwijs met ingang van het schooljaar 2012-2013 van kracht wordt.

Amsterdamse basisscholen presteren beter

Bij de beoordeling van de scholen hanteert de Amsterdamse onderwijswethouder Lodewijk Asscher (PvdA) strengere normen dan die van de Inspectie van het Onderwijs. Volgens de Amsterdamse normen mag maximaal 20 procent van de leerlingen niet meedoen aan de Cito-toets, een kwart moet naar naar havo of vwo en de gemiddelde Cito-score moet op vmbo-t-niveau liggen.

Uit het rapport blijkt dat van de 197 basisscholen in Amsterdam er nu 87 aan alle drie de eisen voldoen. Dat is er één meer dan in het schooljaar daarvoor. Er zijn 65 scholen die aan twee van de drie eisen voldoen (dat waren er 52) en het aantal scholen dat aan geen van de drie eisen voldoet, ligt op 17 (was 27). Iets meer dan de helft (51 procent) van de Amsterdamse basisschoolleerlingen gaat naar havo of vwo.

Wethouder Asscher lanceerde vorig jaar een plan om de onderwijskwaliteit strenger te beoordelen en om schoolbesturen publiekelijk verantwoording te laten afleggen over de prestaties van de scholen. Aanvankelijk leidde het plan tot verzet onder de betrokken schoolbesturen, maar de opstelling van de besturen is nu over het algemeen positief. De gemeente controleert niet alleen, maar biedt scholen ook hulp bij het verbeteren van de onderwijskwaliteit.

VOS/ABB beoordeelde het plan van Asscher vorig jaar voorzichtig positief, omdat het voortkwam uit betrokkenheid van de gemeente Amsterdam bij goed onderwijs voor alle kinderen. VOS/ABB is verheugd over het feit dat de gezamenlijke inzet van de gemeente en de schoolbesturen tot kwaliteitswinst heeft geleid en hoopt dat de positieve ontwikkeling kan worden voortgezet.

Het rapport ‘Spiegel Primair Onderwijs Amsterdam 2009-2010’ kunt u downloaden uit de rechterkolom van dit bericht. Daar vindt u gerelateerde nieuwsberichten en een commentaar die eerder op deze website zijn verschenen.

Bijlagen

Amsterdamse basisscholen presteren beter

Bij de beoordeling van de scholen hanteert de Amsterdamse onderwijswethouder Lodewijk Asscher (PvdA) strengere normen dan die van de Inspectie van het Onderwijs. Volgens de Amsterdamse normen mag maximaal 20 procent van de leerlingen niet meedoen aan de Cito-toets, een kwart moet naar naar havo of vwo en de gemiddelde Cito-score moet op vmbo-t-niveau liggen.

Uit het rapport blijkt dat van de 197 basisscholen in Amsterdam er nu 87 aan alle drie de eisen voldoen. Dat is er één meer dan in het schooljaar daarvoor. Er zijn 65 scholen die aan twee van de drie eisen voldoen (dat waren er 52) en het aantal scholen dat aan geen van de drie eisen voldoet, ligt op 17 (was 27). Iets meer dan de helft (51 procent) van de Amsterdamse basisschoolleerlingen gaat naar havo of vwo.

Wethouder Asscher lanceerde vorig jaar een plan om de onderwijskwaliteit strenger te beoordelen en om schoolbesturen publiekelijk verantwoording te laten afleggen over de prestaties van de scholen. Aanvankelijk leidde het plan tot verzet onder de betrokken schoolbesturen, maar de opstelling van de besturen is nu over het algemeen positief. De gemeente controleert niet alleen, maar biedt scholen ook hulp bij het verbeteren van de onderwijskwaliteit.

VOS/ABB beoordeelde het plan van Asscher vorig jaar voorzichtig positief, omdat het voortkwam uit betrokkenheid van de gemeente Amsterdam bij goed onderwijs voor alle kinderen. VOS/ABB is verheugd over het feit dat de gezamenlijke inzet van de gemeente en de schoolbesturen tot kwaliteitswinst heeft geleid en hoopt dat de positieve ontwikkeling kan worden voortgezet.

Het rapport ‘Spiegel Primair Onderwijs Amsterdam 2009-2010’ kunt u downloaden uit de rechterkolom van dit bericht. Daar vindt u gerelateerde nieuwsberichten en een commentaar die eerder op deze website zijn verschenen.

Bijlagen

Friezen zien liever leerlingvolgsysteem dan eindtoets

In plaats van de Cito-toets worden voortaan gegevens uit het leerlingvolgsysteem bepalend voor de doorstroom van groep 8-leerlingen naar vmbo, havo en vwo. De Cito-toets wordt nog wel afgenomen, maar is niet meer dan een second-opinion voor twijfelgevallen. Alle scholen van alle denominaties voor primair en voortgezet onderwijs in de gemeente Leeuwarden en in het dorp Sint-Annaparochie in de gemeente Het Bildt hebben dit met elkaar afgesproken.

Het nieuwe systeem -de Plaatsingswijzer- moet zorgen voor duidelijke afspraken. Het is volgens de betrokken scholen een betere methode om leerlingen te plaatsen op het geschikte niveau in het voortgezet onderwijs dan de Cito-toets.

De afspraken staan naar verwachting vanaf 1 januari op de website www.vo-leeuwarden.nl.

Friezen zien liever leerlingvolgsysteem dan eindtoets

In plaats van de Cito-toets worden voortaan gegevens uit het leerlingvolgsysteem bepalend voor de doorstroom van groep 8-leerlingen naar vmbo, havo en vwo. De Cito-toets wordt nog wel afgenomen, maar is niet meer dan een second-opinion voor twijfelgevallen. Alle scholen van alle denominaties voor primair en voortgezet onderwijs in de gemeente Leeuwarden en in het dorp Sint-Annaparochie in de gemeente Het Bildt hebben dit met elkaar afgesproken.

Het nieuwe systeem -de Plaatsingswijzer- moet zorgen voor duidelijke afspraken. Het is volgens de betrokken scholen een betere methode om leerlingen te plaatsen op het geschikte niveau in het voortgezet onderwijs dan de Cito-toets.

De afspraken staan naar verwachting vanaf 1 januari op de website www.vo-leeuwarden.nl.

Ton Elias enthousiast over plan Van Bijsterveldt

Elias zei op Radio 1 dat het leek alsof hij zichzelf hoorde toen minister Van Bijsterveldt haar plannen bekend maakte. ‘Dit is precies wat wij een maand geleden tijdens de begrotingsbehandeling naar voren hebben gebracht: meer aandacht voor vakmanschap, meer aandacht voor kwaliteit, meer aandacht voor prestatiegerichtheid’, aldus Elias.

Het VVD-Kamerlid vindt niet dat de plannen van Van Bijsterveldt hervormingen zijn, maar een cultuuromslag. Daarbij verwees hij expliciet naar de leraren, die er volgens hem ‘een tandje bij moeten zetten’.  Er zijn op dit moment volgens Elias te veel leraren ‘die de kantjes eraf lopen’. Er moet ‘in het hele onderwijs gewoon harder worden gewerkt’, waarbij volgens hem ‘de trap van bovenaf moet worden schoongeveegd’.

De top een duw geven
Hij vindt het ook een goede cultuuromslag dat er meer aandacht komt voor de 20 procent leerlingen die het beste presteren. ‘Kijk, het probleem is dat wij internationaal gezien goed zijn voor de middelmaat in ons onderwijs, maar we zijn slecht voor de top. We moeten die top een enorme duw willen geven.’

Het VVD-Kamerlid vindt het ook goede zaak dat er aan het einde van de basisschool een verplichte toets komt. ‘Heel veel zwakke scholen, of zwarte scholen, hebben nu de Cito-toets niet’, aldus Elias. Hij vindt het van groot belang dat de eindtoets voor alle basisscholen verplicht wordt, omdat groep 8-leerlingen zich daar volgens hem aan op kunnen trekken.

Ton Elias enthousiast over plan Van Bijsterveldt

Elias zei op Radio 1 dat het leek alsof hij zichzelf hoorde toen minister Van Bijsterveldt haar plannen bekend maakte. ‘Dit is precies wat wij een maand geleden tijdens de begrotingsbehandeling naar voren hebben gebracht: meer aandacht voor vakmanschap, meer aandacht voor kwaliteit, meer aandacht voor prestatiegerichtheid’, aldus Elias.

Het VVD-Kamerlid vindt niet dat de plannen van Van Bijsterveldt hervormingen zijn, maar een cultuuromslag. Daarbij verwees hij expliciet naar de leraren, die er volgens hem ‘een tandje bij moeten zetten’.  Er zijn op dit moment volgens Elias te veel leraren ‘die de kantjes eraf lopen’. Er moet ‘in het hele onderwijs gewoon harder worden gewerkt’, waarbij volgens hem ‘de trap van bovenaf moet worden schoongeveegd’.

De top een duw geven
Hij vindt het ook een goede cultuuromslag dat er meer aandacht komt voor de 20 procent leerlingen die het beste presteren. ‘Kijk, het probleem is dat wij internationaal gezien goed zijn voor de middelmaat in ons onderwijs, maar we zijn slecht voor de top. We moeten die top een enorme duw willen geven.’

Het VVD-Kamerlid vindt het ook goede zaak dat er aan het einde van de basisschool een verplichte toets komt. ‘Heel veel zwakke scholen, of zwarte scholen, hebben nu de Cito-toets niet’, aldus Elias. Hij vindt het van groot belang dat de eindtoets voor alle basisscholen verplicht wordt, omdat groep 8-leerlingen zich daar volgens hem aan op kunnen trekken.

Jeroen Dijsselbloem wil vier profielen behouden

Als er nog maar twee in plaats van vier profielen zijn, zal dat er volgens Dijsselbloem toe leiden dat die twee overgebleven profielen algemener worden en minder diepgang krijgen. Dat is volgens hem niet goed voor de voorbereiding op een vervolgopleiding.

Dijsselbloem vindt ook dat de minister in haar plannen te weinig aandacht heeft de kwaliteit van de leraren. Daartbij wees hij op de hogere beloning en het carrièreperspectief die nodig zijn om bijvoorbeeld meer academici voor de klas te krijgen.

Het PvdA-Kamerlid zegt verder dat Van Bijsterveldt te veel waarde hecht aan eindtoetsen. Hij pleit ervoor om beter gebruik te maken van bestaande leerlingvolgsystemen. ‘Op basis daarvan kun je veel beter zeggen wat het kind in zijn mars heeft, wat zijn talent is’, aldus Dijsselbloem.

Jeroen Dijsselbloem was voorzitter van de Tijdelijke Commissie Parlementair Onderzoek Onderwijsvernieuwingen. Deze parlementaire commissie deed onderzoek naar de onderwijsvernieuwingen in het voortgezet onderwijs in de jaren 90.