Voortgezet onderwijs heeft het financieel zwaar

In de tussenrapportage van het onderzoek naar de bekostiging van het voortgezet onderwijs signaleert de Algemene Rekenkamer twee belangrijke trends: de financiële reserves nemen af en de prijs van arbeid stijgt.

Waren de reserves in het voortgezet onderwijs een aantal jaren geleden gemiddeld genomen nog te hoog, nu is dat niet meer het geval. Dit maakt het voor instellingen voor voortgezet onderwijs moeilijker om onvoorziene risico’s op te vangen.

Wat betreft de prijs van arbeid, signaleert de Algemene Rekenkamer dat de rijksbijdrage vanaf 2005 weliswaar flink is gestegen, maar dat de uitgaven aan personeel harder omhoog zijn gegaan. De leerling/leraar-ratio nam in drie jaar toe van 14 leerlingen per leraar naar bijna 15,5. De werkgelegenheid in het vo is gedaald.

De constateringen van de Algemene Rekenkamer bevestigen het beeld dat het voortgezet onderwijs door de financiële ontwikkelingen gedwongen is om fors te bezuinigen.