PartnerPlusPensioen van ABP wordt opgeheven

De ABP-regeling voor PartnerPlusPensioen (PPP) wordt opgeheven per 1 januari 2016. Dit heeft gevolgen voor werknemer en werkgever.

Aanleiding voor de opheffing van het PPP is dat het ABP Partnerpensioen wordt gewijzigd. Dit Partnerpensioen, dat bij overlijden van de pensioengerechtigde op of na het 67e jaar het nabestaandenpensioen voor de partner vormt, wordt per 1 januari voor alle ABP-deelnemers verhoogd. Iedereen bouwt voortaan via het Partnerpensioen een nabestaandenpensioen van 70% op. Door deze nieuwe algemene regeling is er geen fiscale ruimte meer voor het ABP PartnerPlusPensioen (PPP). Inleggen hiervoor kan per 1 januari dus niet meer. Alle deelnemers zullen voor 1 januari een brief ontvangen van ABP.

Toelichting
Vanaf 2004 bouwen werknemers minder Partnerpensioen op namelijk ongeveer 35%. Werknemers konden ervoor kiezen om dit aan te vullen tot 70% met het PPP.

De opbouw van Partnerpensioen is voor sommige werknemers per 2015 omhoog gegaan van 35% naar 70% van het ouderdomspensioen, voor andere werknemers is het Partnerpensioen in 2015 verhoogd van 35% naar 50% en zal de opbouw in 2016 verder worden verhoogd naar 70%. Dit is als volgt geregeld:

*  Is het pensioengevend salaris van een werknemer lager dan € 29.418,72, dan verhoogt ABP het Partnerpensioen (dat bij overlijden voor/na 67 jaar wordt uitgekeerd) vanaf 2015 van 35% naar 70%. Hierdoor is er geen fiscale ruimte meer voor de opbouw van het PPP.

*  Is het pensioengevend salaris van uw werknemer hoger dan€ 29.418,72, dan verhoogt ABP het Partnerpensioen (dat bij overlijden voor/na 67 jaar wordt uitgekeerd), vanaf 1-1-2015 van ongeveer 35% naar 50%. Hierdoor is er minder fiscale ruimte voor de opbouw van het PPP bij overlijden vanaf 67 jaar. Vanaf 2016 verhoogt ABP het Partnerpensioen bij overlijden vanaf 67 jaar verder naar 70%. Daardoor is er vanaf 2016 geen fiscale ruimte meer voor de opbouw van het PPP en vervalt het product.

Die verhoging van het Partnerpensioen naar 70% geldt niet voor alle diensttijd. Dat houdt  in dat de werknemers die niet hebben gekozen voor het PPP over de jaren 2004 tot en met 2014 resp. 2015 een ‘gat’ hebben in hun nabestaandenpensioen. Voor die jaren hebben zij namelijk geen 70% opgebouwd maar 35%.  De premies die voor het PPP zijn betaald zijn ons inziens dus niet tevergeefs geweest. Daardoor bent u over die jaren in beginsel ook verzekerd van een nabestaandenpensioen van 70% van het ouderdomspensioen dat u heeft opgebouwd.

Wat betekent dit voor werkgevers?
Vanaf 1 januari 2016 is het niet meer mogelijk PPP aan te leveren in de maandelijkse pensioenaangifte ABP. Er hoeft ook geen premie meer voor te worden afgedragen. Werkgevers wordt gevraagd de gegevensaanlevering en afdracht van de premie voor PPP met ingang van 1 januari 2016 stop te zetten.

Wat betekent dit voor werknemers?
Alle deelnemers zullen voor 1 januari  een brief ontvangen van ABP met een nadere uitleg.