Katholieke en protestantse scholen verliezen terrein

In het voortgezet onderwijs verliezen katholieke en protestants-christelijke scholen terrein. In het primair onderwijs is de verhouding stabiel. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Bijna drie op de tien leerlingen gaan naar openbare scholen. Dat is al decennia zo in het primair onderwijs. Inmiddels is dat in het voortgezet onderwijs ook zo. Sinds de jaren 80 is wat dit betreft een stijgende lijn te zien.

Katholieke en protestants-christelijke scholen voor voortgezet onderwijs verliezen niet alleen terrein aan openbare scholen, maar ook aan andere bijzondere scholen, zoals islamitische, reformatorische en joodse scholen.

Lees meer…

‘Christelijke scholen worstelen met de Bijbel’

Sommige docenten op protestants-christelijke scholen kennen de Bijbel nauwelijks en hebben er moeite mee om de verhalen daaruit als ‘de waarheid’ op te dringen. Dat meldt het AD op basis van onderzoek dat de Protestantse Theologische Universiteit in Amsterdam en de Christelijke Hogeschool in Ede heeft uitgevoerd in opdracht van de christelijke profielorganisatie Verus.

De krant sprak met onderzoekster Elsbeth Visser-Vogel over het onderzoek, waaruit onder andere blijkt dat ‘de vanzelfsprekendheid van Bijbelgebruik in veel gevallen voorbij’ is. Ook blijkt dat er protestants-christelijke scholen zijn die concrete verwijzingen naar de Bijbel in beleids- en schooldocumenten hebben weggehaald.

Bijbel ‘voor zover bekend’ niet meer aanwezig

Volgens Visser-Vogel zijn leraren en schoolleiders van christelijke scholen zich er zeer van bewust dat steeds meer leerlingen niet met de Bijbel zijn opgevoed, thuis een ander geloof aanhangen (bijvoorbeeld de islam) of helemaal niet geloven, zo meldt het AD.

Vooral op scholen waar een christelijke levensovertuiging geen vereiste is, staat het Bijbelgebruik onder druk. Soms is er nog maar één leraar die de Bijbel gebruikt. In het onderzoeksrapport staat dat op twee van de zes protestants-christelijke scholen voor primair onderwijs die aan het onderzoek meededen, de Bijbel ‘voor zover bekend’ niet meer aanwezig is.

Omdat leraren volgens Visser-Vogel soms niet weten hoe ze de Bijbel voor alle leerlingen relevant moeten laten zijn, beperken sommige zich tot de overbekende verhalen: de geboorte van Jezus, de kruisiging of de ark van Noah. ‘Die roepen niet zoveel vragen op als een complexe, gewelddadige tekst uit het Oude Testament’, zo citeert het AD haar. In het onderzoek wordt hiernaar verwezen met ‘vertelbaarheid’.

Toch zien volgens Visser-Vogel ook leraren die zelf niet geloven de waarde van de Bijbel in, omdat de Nederlandse cultuur er deels op gebaseerd is.

Lees het onderzoeksrapport De Bijbel op school.

‘Christelijke basisscholen zwakken paasfeest af’

Protestants-christelijke en katholieke scholen in Den Haag die veel leerlingen met een islamitische achtergrond hebben, zwakken het christelijke karakter van het paasfeest af, meldt het AD. De christelijke profielorganisatie Verus noemt het in de krant begrijpelijk dat scholen ‘rekening houden met hun populatie’. 

‘De leerlingpopulatie kan leidend zijn voor de mate waarin het paasfeest wordt gevierd’, zo citeert de krant bestuursvoorzitter Ewald van Vliet van de katholieke stichting Lucas Onderwijs. Scholen pakken de viering volgens hem heel uiteenlopend aan.

Koran met Pasen

Op de katholieke basisschool ’t Palet in de Haagse Schilderswijk wordt tijdens het paasontbijt een link gelegd met de koran. ‘Op deze manier is er herkenning bij de kinderen’, zegt leerkracht Sebahat Yildiz in het AD.

De krant noemt ook de christelijke buurtschool O3 van de Stichting Christelijk Onderwijs Haaglanden (SCOH) als voorbeeld. Op deze school in de Haagse Rivierenbuurt hoeven volgens het AD islamitische kinderen niet rond te lopen met een paasstok waar een kruis op staat. ‘Voor ons is het belangrijker dat iedereen zich hier welkom voelt dan vasthouden aan conservatieve tradities’, aldus directeur John Verhoeff in de krant.

Woordvoerder Wouter van den Berg van de christelijke profielorganisatie Verus zegt in de krant dat scholen zelf mogen bepalen hoe zij met Pasen omgaan. ‘We kunnen en willen niet van een afstand oordelen over keuzes die scholen hierin maken en vinden het begrijpelijk dat scholen rekening houden met hun populatie’, aldus Van den Berg.

Boodschap van Pasen

Op de website van Verus is na de publicatie van het artikel in het AD een bericht geplaatst, waarin staat dat het de taak van christelijke scholen is om de boodschap van Pasen te laten horen. ‘De vorm waarin dat betekenis krijgt, verschilt per school en situatie’, aldus Verus.

De christelijke profielorganisatie meldt ook dat het niet zo kan zijn ‘dat scholen zich belemmerd voelen om de boodschap van Pasen uit te dragen’. Als dat ergens aan de orde is, vindt Verus dat zorgelijk.

Gevaarlijk cultuurrelativisme

VVD-Kamerlid Malik Azmani laat in een vervolgartikel in het AD weten dat het wat hem betreft ‘niet te verteren (is) als er zulke concessies worden gedaan’. Hij heeft er samen met zijn partijgenoot Bente Becker direct vragen over gesteld aan staatssecretaris Sander Dekker van OCW.

Azmani wijst er in de krant op dat het om kinderen gaat die door hun ouders op een bijzonder school zijn gedaan. ‘Dan moet iedereen respect op kunnen brengen voor de tradities en feestdagen die daar gevierd worden. Dit is nu precies zo’n voorbeeld van cultuurrelativisme dat gevaarlijk is voor dit land’, aldus Azmani, die als kind met een moslimachtergrond op een katholieke school zat.

De rooms-katholieke cultuurtheoloog Frank Bosman is het niet met Azmani eens: ‘Het is heel mooi dat je als christelijke school zegt: iedereen mag zijn kinderen bij ons brengen, ook al onderschrijf je niet onze signatuur’. Wat christelijke scholen volgens hem niet moeten doen ‘is een christelijk feest door de strotjes van islamitische kinderen proppen’. Hij kan zich goed voorstellen dat deze kinderen ‘het niet leuk vinden om met het kruis van de Here Jezus rond te lopen’.

Foute knieval

Het Haagse gemeenteraadslid Pieter Grinwis van de ChristenUnie/SGP noemt het in de Telegraaf ‘fout als er een knieval wordt gemaakt door een kruissymbool af te breken’.

De PVV in de Haagse gemeenteraad vindt het niet kunnen dat christelijke scholen bij de viering van Pasen rekening houden met leerlingen met een islamitische achtergrond. In de Telegraaf spreekt PVV-raadslid Elias van Hees van ‘verraad aan onze cultuur’. Raadslid Richard de Mos van de naar hem genoemde fractie noemt het ‘bizar’.

Besturenraad herdoopt zich tot Verus

De Besturenraad voor christelijk onderwijs heeft zijn naam veranderd in Verus.

Verus is de vereniging voor christelijk onderwijs in Nederland. ‘Het christelijk geloof is de inspiratiebron in ons dagelijks denken en doen. Daardoor zijn we in staat scholen te inspireren en professioneel te begeleiden in een veranderende maatschappij’, zo staat op de nieuwe website www.verus.nl.

Lees meer…

Verdeling leerlingen over denominaties stabiel

De afgelopen jaren is de verhouding van het aantal leerlingen over de vier denominaties (openbaar, rooms-katholiek, protestants-christelijk en overig bijzonder) nauwelijks veranderd. Dat blijkt uit de kerncijfers over de jaren 2008 tot en met 2012 die het ministerie van OCW heeft gepubliceerd.

Van alle scholen voor primair onderwijs in Nederland is 33 procent openbaar. Dat percentage is al sinds 2008 hetzelfde. Daarmee blijft het openbaar primair onderwijs de grootste denominatie. Het katholiek en protestants-christelijk onderwijs hebben beide een aandeel van 30 procent.

Als wordt gekeken naar het aandeel van het totale aantal basisschoolleerlingen, dan zit 31 procent op een openbare school. In 2008 was dat 30 procent. Sinds 2009 ligt dit percentage op 31.

Het katholiek basisonderwijs heeft met 34 procent de meeste leerlingen, gevolgd door het openbaar primair onderwijs met dus 31 procent en het protestants-christelijk primair onderwijs met 28 procent.

Uit het bovenstaande kan worden afgeleid dat de gemiddelde openbare school voor primair onderwijs minder leerlingen heeft dan de gemiddelde rk- of pc-school.

Het ministerie van OCW gaat in de publicatie over de kerncijfers bij het voortgezet onderwijs niet in op de statistische verhoudingen over de verschillende denominaties.

Vrijeschoolonderwijs op openbare school?

Wat vindt u: is het een goed idee om als bestuur van een openbare school vrijeschoolonderwijs aan te bieden? De kwestie is actueel in Zwolle, waar het vanaf komend schooljaar mogelijk is om op de openbare Van der Capellen scholengemeenschap te kiezen voor vrijeschoolonderwijs.

Vrijeschoolonderwijs is gebaseerd op de leer van de Oostenrijkse filosoof en pedagoog Rudolf Steiner oftewel de antroposofie. Vrijwel alle vrije scholen zijn algemeen bijzonder. In Maastricht bijvoorbeeld biedt de Bernard Lievegoed School voortgezet onderwijs aan ‘op basis van de uitgangspunten van de vrijeschoolpedagogie’. Deze school valt onder het algemeen bijzondere Bonnefanten College.

In Prinsenbeek echter wordt vrijeschoolonderwijs aangeboden door het Michaël College, dat deel uitmaakt van de unit Markenhage van de katholieke Scholengemeenschap Breda. Het Michaël College presenteert zichzelf als een ‘vrijeschool’, maar op de website wordt ook gesproken over ‘vrijeschoolonderwijs’.

Hierin zit een verschil, omdat een vrije school volgens de wet onder het begrip ‘richting’ kan vallen. Dit heeft te maken met het feit dat de antroposofie wettelijk is erkend als een levensbeschouwing op basis waarvan bekostiging mogelijk is. De term ‘vrijeschoolonderwijs’ daarentegen gaat uit van een pedagogisch-didactische visie, en valt als zodanig volgens de wet niet onder het begrip ‘richting’.

Voor zover bekend is het bestuur Openbaar Onderwijs Zwolle en Regio (OOZ) het eerste openbare schoolbestuur dat onder de noemer VS-VO voortgezet vrijeschoolonderwijs gaat aanbieden. De VS-VO wordt onder het brinnummer van de openbare Van der Capellen scholengemeenschap aangeboden als een leerroute met een specifiek pedagogisch-didactisch concept. OOZ houdt dus niet op grond van het begrip ‘richting’ een vrije school in stand, maar biedt onderwijs aan volgens een specifieke visie.

Wat vindt u?
Is het een goede ontwikkeling dat een openbaar schoolbestuur vrijeschoolonderwijs aanbiedt? In het openbaar onderwijs zijn ook montessori- en jenaplanscholen, dus scholen met vrijeschoolonderwijs zijn ook mogelijk. Het kan immers, zoals in Zwolle, om een pedagogisch-didactische visie gaan, waarmee de school zich bij ouders kan profileren.

Of is het volgens u niet wenselijk om te kiezen voor vrijeschoolonderwijs, omdat de openbare school hiermee onder het mom van een pedagogisch-didactische visie aanleunt tegen onderwijs op basis van één bepaalde levensbeschouwelijke richting? Een openbare school moet geen vrije school willen zijn, net zoals een openbare school geen rooms-katholieke, protestants-christelijke of islamitische school is. Is de keuze voor vrijeschoolonderwijs een keuze voor de antroposofie en daarmee mogelijk een gevaar voor de evenwichtige aandacht voor diverse godsdiensten en levensbeschouwingen in het openbaar onderwijs?

U kunt uw reactie mailen aan welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Vrijeschoolonderwijs’. Wij willen uw input gebruiken voor een vervolgbericht op deze website en/of in magazine School! van VOS/ABB en de Vereniging Openbaar Onderwijs. Geeft u alstublieft aan of wij uw reactie voor publicatie mogen gebruiken en of wij daarbij ook uw naam en functie mogen vermelden.

Informatie: Martin van den Bogaerdt, 06-13190311, mvandenbogaerdt@vosabb.nl