Schoolbesturen over het algemeen financieel gezond

De Inspectie van het Onderwijs meldt dat schoolbesturen over het algemeen financieel gezond zijn. Ze boekten in 2017 gezamenlijk een positief resultaat van 0,7 procent.

In De Financiële Staat van het Onderwijs 2017 staat dat er sprake lijkt ‘van een brede tendens van nogal voorzichtig begroten’. De inspectie signaleert dat het vaak moeilijk is de relatie te leggen tussen de begroting en behaalde resultaten.

‘Het is daarom noodzakelijk dat besturen en scholen beter beleidsrijk, meerjarig gaan begroten en dat de transparantie in de verslaglegging toeneemt. Wat weer moet leiden tot een betere planning van de inzet van de beschikbare middelen’, aldus de inspectie.

De onderwijsministers Ingrid van Engelshoven en Arie Slob voegen er in een brief aan de Tweede Kamer aan toe dat schoolbesturen best een negatief resultaat kunnen begroten als zij ‘grote reserves’ hebben. ‘Gespaarde middelen moeten op enig moment worden geïnvesteerd (…), zodat goed, duurzaam onderwijsaanbod in stand blijft’, zo staat in de brief. Wat ‘grote reserves’ precies zijn, staat er niet in vermeld.

Samenwerkingsverbanden passend onderwijs

Bij de samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs is volgens de inspectie sprake van ‘een groot verschil (…) tussen begroting en realisatie’. Na een begroot resultaat van ruim 4 miljoen euro volgde in 2017 een feitelijk resultaat van bijna 32 miljoen euro. Dit roept de vraag op ‘in hoeverre de samenwerkingsverbanden hun financiële processen weten te beheersen’.

De inspectie heeft naast De Financiële Staat van het Onderwijs het rapport Zicht op de besteding van de middelen voor passend onderwijs gepubliceerd.

Vrijwillige ouderbijdrage

In het rapport staat ook dat in het primair en voortgezet onderwijs de vrijwillige ouderbijdrage hoger wordt. In het primair onderwijs steeg deze bijdrage van gemiddelde 41 euro in 2013 tot 50 euro per leerling in 2017. In het voortgezet onderwijs ging het gemiddelde bedrag omhoog van 160 naar 204 euro.

Lees meer…

 

 

Betere verantwoording? Alles staat al online!

Met verbazing heb ik de brief van de ministers van OCW aan de Tweede Kamer gelezen over de maatregelen die ze willen nemen om schoolbesturen betere verantwoording te laten afleggen.

De afgelopen tijd heb ik bijna 100 schoolbestuurders gesproken, onder andere over de manier waarop zij verantwoording afleggen. Uit die gesprekken bleek dat ze allemaal hun jaarverslagen met uitgebreide financiële verantwoording online zetten. Zo kan iedereen die dat wil, zien waaraan het onderwijsgeld is besteed.

De praktijk leert echter dat maar weinig mensen de moeite nemen om de jaarverslagen te lezen, terwijl daar toch echt veel relevante informatie in staat. Dat is jammer. Je gaat als schoolbestuurders serieus om met verantwoording, maar dat heeft niet zo veel effect als jaarverslagen grotendeels ongelezen blijven. Dat laatste ligt niet aan de schoolbesturen, maar zij krijgen er nu wel de schuld van.

Moeizame gesprekken

Mijn ervaring is dat schoolbestuurders ook altijd openstaan voor vragen. Maar als over verantwoording wordt gesproken met de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad of met de raad van toezicht, dan komt het nogal eens voor dat die gesprekken moeizaam verlopen. Dat heeft mede te maken met het feit dat de materie ingewikkeld kan zijn. Het is dan ook een goede zaak dat de Onderwijsraad het kabinet adviseert de bekostiging van het onderwijs te vereenvoudigen.

De maatregelen die de ministers aankondigen in hun brief aan de Tweede Kamer, zijn volgens mij echter weinig productief. Ten eerste storten de bewindslieden hun ideeën uit over de schoolbesturen zonder dat ze er met hen over hebben gesproken. Ten tweede zullen de voorgestelde maatregelen ertoe leiden dat er extra bestuurlijke druk ontstaat. Die zal extra personele inzet vereisen, zonder dat daarvoor geld beschikbaar wordt gesteld. Ik noem als voorbeeld de benchmarks die het ministerie van OCW wil opleggen, waarvoor schoolbesturen hun verantwoordingsgegevens moeten invullen. Dat leidt tot dubbel werk, want al die gegevens staan al in de online jaarverslagen!

Toereikende bekostiging

De Onderwijsraad heeft meer adviezen aan OCW gegeven. Zoals over de toereikendheid van de bekostiging en dat dit goed moet worden gemonitord. Op dat punt zie ik van de ministers van OCW weinig eigen initiatief, omdat de toereikendheid van de bekostiging niet goed te monitoren zou zijn. Verschillende onderzoeken hebben echter laten zien dat dit wel degelijk mogelijk is, dus mag van de ministers worden verwacht dat ze daarmee aan de slag gaan.

Ik noem als voorbeeld het structurele tekort van 350 miljoen euro op de materiële instandhouding, alleen al in het basisonderwijs. Let wel: dat zijn omgerekend ruim 5200 voltijdbanen. Door dit structurele tekort kunnen nu dus duizenden leraren niet voor de klas staan – als die er al zouden zijn. De ministers weten natuurlijk ook wel dat schoolbesturen ook geld moeten besteden aan bijvoorbeeld energie en onderhoud. Goed onderwijs wordt immers erg lastig in een koud schoolgebouw waarvan het dak is weggewaaid. Ook het klimaatakkoord zal aanvullende eisen gaan stellen aan de schoolgebouwen, met aanvankelijk extra kosten als resultaat.

Wederzijds vertrouwen

Kan verantwoording beter? Jazeker, en mijn ervaring is dat de schoolbesturen die ik geregeld bezoek dat ook willen en zich daarvoor inzetten. VOS/ABB ondersteunt ze daar graag bij. Goede verantwoording is echter een kwestie van wederzijds vertrouwen. Niet apart, maar samen maken we het onderwijs beter. De brief van de ministers laat zien dat ze op school niet hebben geleerd dat samenwerken iets anders is dan maatregelen opleggen en de ander de schuld geven.

Mr. Ronald Bloemers, VOS/ABB

Advies over rol schoolbesturen en verkenning artikel 23

De Onderwijsraad komt in 2019 onder andere met een advies over de rol van de schoolbesturen en een verkenning naar de toekomstbestendigheid van de vrijheid van onderwijs volgens artikel 23 van de Grondwet. Dat staat in het Werkprogramma 2019 van de Onderwijsraad.

De centrale vraag die aan de basis van het advies naar de rol van schoolbesturen zal liggen: ‘Hoe kunnen onderwijsbesturen hun rol optimaal vervullen?’.

Bij het beantwoorden van deze vraag zal onder meer aandacht uitgaan naar verschillen in bestuurskracht tussen scholen en onderwijssectoren. Er zal ook worden gekeken naar wat er in dit opzicht te leren valt van andere (semi)publieke sectoren, zoals de zorg.

Vrijheid van onderwijs

De Onderwijsraad zal ook een verkenning uitvoeren naar de toekomstbestendigheid van de vrijheid van onderwijs volgens artikel 23 van de Grondwet. Daarbij zal de vraag centraal staan of de vrijheid van onderwijs in het licht van diverse ontwikkelingen in de samenleving, de onderwijspraktijk en het onderwijsbeleid betekenisvol kan blijven.

Andere onderwerpen waarover de Onderwijsraad in 2019 advies zal uitbrengen:

  • Lezen en leesbevordering
  • Educatieve infrastructuur
  • Verschillen tussen jongens en meisjes in het onderwijs
  • Passend onderwijs

Tevens zal de Onderwijsraad een aantal wetgevingsadviezen uitbrengen:

  • Verruiming wettelijke mogelijkheden voor innovatie in het onderwijs
  • Modernisering bekostiging primair onderwijs
  • Thuisonderwijs
  • Wetsvoorstel NLQF (Nederlands kwalificatiekader)

Lees meer…

‘Cruciale rol schoolbesturen bij aanpakken lerarentekort’

De schoolbesturen hebben als werkgevers een cruciale rol bij het oplossen van het lerarentekort. Het kabinet kan slechts investeren in de randvoorwaarden hiervoor, benadrukt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

Uit die brief blijkt dat het kabinet geen extra geld uittrekt om het groeiende lerarentekort tegen te gaan. Slob schrijft dat er al veel geld naartoe gaat. Hij noemt de 270 miljoen euro voor hogere lerarensalarissen in het primair onderwijs en de 430 miljoen euro om de werkdruk te verlagen.

De minister komt dus niet met meer geld, maar hij beseft wel dat er meer moet worden gedaan om het lerarentekort te bestrijden. Hij noemt drie actiepunten:

  1. een regionale aanpak in sterke netwerken;
  2. versterking van het strategische personeelsbeleid door werkgevers;
  3. verlaging van het ziekteverzuim en verhoging van de deeltijdfactor.

Hij wijst erop dat het uiteindelijk de schoolbesturen verantwoordelijk zijn voor het personeelsbeleid. ‘Zij hebben dan ook een cruciale rol bij het aanpakken van het lerarentekort’, aldus de minister.

Lees de brief van Slob

Te krappe geldstroom verleggen lost niets op

Het onderwijs komt niet uit met beschikbare budget. Wat doet Tweede Kamerlid Paul van Meenen van D66? Die zet de schoolbesturen in het verdomhoekje en verlegt de de te krappe geldstroom naar de scholen. Zo is volgens hem alles opgelost.

De media worden er weleens van beschuldigd te kort door de bocht te gaan, een versimpelde weergave van de werkelijkheid te geven en met kortzichtige oplossingen te komen. Van Meenen laat nu zien dat de politiek hier ook heel goed in is.

Hij denkt dat er meer geld in de klassen komt als de overheid het budget voor onderwijs direct aan de scholen geeft en de financiering niet meer via de schoolbesturen laat lopen. Zijn argumenten? Het onderwijs is op een school en van een leraar voor de leerlingen. En niet op een kantoor en van of voor bestuurders. Zo kan D66 als zelfverklaarde onderwijspartij weer een punt maken nu die partij als coalitiepartner onder veel mensen die in het onderwijs werken aan populariteit verliest.

Meer dan betrokken

Bij alle schoolbesturen waar ik over de vloer kom, zie ik bestuurders, beleidsmensen, P&O’ers, financials, inkopers en andere medewerkers die meer dan betrokken zijn bij het onderwijs op de scholen. Het beeld als dat er op het bestuurskantoor alleen maar dingen misgaan, zoals Van Meenen suggereert, klopt van geen kanten.

Bovendien blijkt dat schoolbesturen – de enkeling daargelaten – buitengewoon efficiënt werken. Er blijft niet, zoals nog al eens wordt beweerd, overal veel geld voor goed onderwijs nutteloos op de plank liggen. Ook wordt onderwijsgeld niet, zoals nog ergere beschuldigingen luiden, besteed aan allerlei nutteloze zaken. Dat is écht onzin!

Overigens is er niets op tegen als schoolbesturen er zelf voor kiezen om de scholen de regie te geven over het te besteden geld. Er zijn organisaties die daar bewust voor hebben gekozen. Alleen moet dit niet van bovenaf worden opgelegd. Bovendien moet er natuurlijk wel een budget zijn waarmee de scholen uitkomen.

Budget ontoereikend

Iedereen in het onderwijs weet maar al te goed dat het lumpsumbudget niet toereikend is. De materiële bekostiging schiet al jarenlang tekort. Dat probleem gaan we echt niet oplossen door de geldstroom te verleggen. Bovendien zitten niet alle schoolleiders te wachten, zo lijkt mij, op de taken en verantwoordelijkheden die nu bij het bestuur liggen? Denk alleen aan de administratieve druk die dit met zich meebrengt.

Hans Teegelbeckers, directeur VOS/ABB

D66 wil schoolbesturen grotendeels buitenspel zetten

D66 denkt dat er meer geld in de klassen komt als de overheid het budget voor onderwijs direct aan de scholen geeft en de financiering niet meer via de schoolbesturen laat lopen.

‘Het onderwijs is op een school en van een leraar voor de leerlingen. En niet op een kantoor en van of voor bestuurders’, aldus oud-schoolbestuurder en huidig D66-Kamerlid Paul van Meenen.

Hij wil de schoolbesturen niet helemaal buitenspel zetten, omdat ze volgens hem ook wel nuttige dingen doen, zoals administratieve en coördinerende taken en personeelsmanagement.

Van Meenen vraagt onderwijsminister Arie Slob of die wil onderzoeken of de financiering van het onderwijs voortaan direct via de scholen kan verlopen.

Lerarenregister blijft voor schoolbesturen verplicht

Schoolbesturen blijven wettelijk verplicht om gegevens aan te leveren voor het Lerarenregister, ook nu dat voor leraren voorlopig niet verplicht wordt. Dat benadrukt onderwijsminister Arie Slob.

De Onderwijsjuristen van VOS/ABB krijgen de laatste dagen geregeld de vraag of het voor schoolbesturen nog steeds verplicht is om voor het Lerarenregister gegevens van hun leraren aan te leveren. Minister Slob laat in een brief aan de Tweede Kamer weten dat schoolbesturen aan die wettelijke plicht moeten blijven voldoen:

‘Ik wil (…) benadrukken dat ik er zeer aan hecht dat schoolbesturen hun wettelijke verantwoordelijkheid als werkgevers op dit punt nakomen (…).’.

Het gaat om het aanleveren van de volgende gegevens:

  • organisatienummer bevoegd gezag
  • burgerservicenummer (bsn)
  • geslacht
  • geboortedatum
  • als de leraar in het buitenland woont: zijn adres en de landcode
  • benoemingsgrondslag
  • begindatum en (indien van toepassing) einddatum van de benoeming
  • organisatienummer school (BRIN-nummer)
  • indien van toepassing: het BRIN-volgnummer
  • begindatum en (indien bekend) einddatum van de arbeidsovereenkomst of tewerkstelling

Op de website van DUO staat meer informatie.

Álle leraren

De Onderwijsjuristen van VOS/ABB benadrukken dat de wettelijke plicht voor schoolbesturen om gegevens te blijven aanleveren álle leraren betreft, dus niet alleen de leraren die vrijwillig gebruikmaken van het Lerarenregister.

Het antwoord op de vraag die ook geregeld wordt gesteld of het aanleveren van de persoonsgegevens botst met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), luidt ‘nee’. Er is namelijk een wettelijke grondslag voor, en dan is het volgens de AVG toegestaan.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Schoolleidersvakbond AVS gispt schoolbesturen

De Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) vindt dat ‘een zorgelijk hoog aantal’ schoolbesturen zich bemoeit met de inzet van geld uit het werkdrukakkoord.

De vakbond stelt dat op 10 procent van de scholen de schoolleider ‘geen volledige handelingsvrijheid’ heeft om te bepalen hoe de werkdrukgelden worden ingezet, ‘terwijl dat wel de afspraak is’. AVS-voorzitter Petra van Haaren wil dat schoolleiders zich bij de vakbond melden als het schoolbestuur zich met de besteding van het geld bemoeit.

In het werkdrukakkoord staat dat scholen voor primair onderwijs komend schooljaar 237 miljoen euro extra krijgen om werkdruk aan te pakken, oplopend tot 430 miljoen euro in het schooljaar 2021-2022.

Rol van het schoolbestuur

Het is niet zo dat het schoolbestuur geen enkele rol heeft bij de besteding van het geld, zoals uit het bericht van de AVS zou kunnen worden afgeleid.

Het bestuur kan bijvoorbeeld een bestedingsplan maken waarin staat hoe het geld voor vermindering van de werkdruk wordt ingezet. Verder dient het bestuur in het jaarverslag verantwoording af te leggen over de besteding van het geld.

De werkwijze kan worden samengevat als ‘school beslist, bestuur verantwoordt’.

Meer informatie staat in het factsheet Aan de slag met het werkdrukakkoord.

Schoolbesturen geldverspillers? Onzin!

‘Ik zie in het primair onderwijs geen dure adviseurs en nutteloze cursussen. Ieder dubbeltje wordt omgedraaid’. Dat zegt bestuurder Marten Elkerbout van Stichting Spaarnesant voor openbaar primair onderwijs in Haarlem.

De PO-Raad citeert hem in reactie op recente beweringen van de Tweede Kamerleden Lisa Westerveld van GroenLinks, Peter Kwint van de SP, Paul van Meenen van D66 en Michel Rog van het CDA dat schoolbesturen geld zouden verspillen. De sectororganisatie benadrukte toen direct dat de bewuste politici ‘een volstrekt onjuist beeld van het primair onderwijs’ schetsten.

Heel zuinig werken

Met de woorden van bestuurder Elkerbout van Stichting Spaarnesant laat de PO-Raad vanuit de praktijk zien dat de aantijgingen aan het adres van de schoolbesturen niet kloppen. ‘Het meeste geld gaat naar het primaire proces en er blijft heel weinig over voor ondersteuning en staftaken. Je moet heel zuinig werken’, aldus Elkerbout.

Ook het door de politici geschetste beeld als zou het niet duidelijk zijn waar het onderwijsgeld aan wordt besteed, strookt volgens hem niet met de werkelijkheid. ‘Ik zou hun willen zeggen: lees onze jaarverslagen. Die zijn helder en daar staat alles keurig in. Er wordt in het primair onderwijs geen geld over de balk gesmeten.’

Achterblijvende bekostiging

Elkerbout verwijt in zijn reactie verder dat de politiek geen oog heeft voor de al jaren achterblijvende materiële bekostiging. ‘Het is al lang bekend dat hier een tekort is, maar de politiek wil er gewoon niet aan’, zo benadrukt hij. Daarnaast wijst hij erop dat de salarissen in het primair onderwijs achterblijven, niet alleen de salarissen van leraren, maar ook die van schoolleiders en onderwijsondersteunend personeel.

Over de Tweede Kamerleden merkt hij op dat die zijn ‘losgezongen van de werkelijkheid’.

Lees meer…

Uitspraken Kamerleden ‘naïef’ en ‘een schoffering’

‘Naïef’, ‘een schoffering’ en ‘te kort door de bocht’. Zo reageren diverse onderwijsorganisaties op de uitspraken van Kamerleden dat schoolbesturen geld zouden verspillen. 

Kamerleden van Groen Links, SP, D66 en CDA deden hun uitspraken in aanloop naar een debat vanmiddag met de minister van Onderwijs over het lerarentekort en de werkdruk in het onderwijs. In het debat herhaalden ze hun mening. Intussen reageerden onder anderen de sectororganisatie PO-Raad en de Algemene Onderwijsbond (AOb) op hun websites op de opmerkingen.

‘Doe parlementair onderzoek naar bekostiging’

‘De Tweede Kamer schoffeert het onderwijs met onzin over geld’, aldus de PO-Raad.  ‘Kamerleden schetsen een volstrekt onjuist beeld van het primair onderwijs. Er is maar één probleem en dat is dat de basisbekostiging niet op orde is’. De sectororganisatie vraagt opnieuw om een parlementair onderzoek naar de toereikendheid van de bekostiging.

De AOb vindt het naïef om te denken dat de geldzorgen van het primair onderwijs kunnen worden opgelost binnen de beschikbare middelen. ‘De stofkam gaat ‘m echt niet worden, dat is gerommel in de marge’, aldus de AOb, die er dreigend aan toevoegt dat er op 14 maart gewoon weer wordt gestaakt.

‘Onafhankelijk toezicht komt in gevaar’

De Vereniging van Toezichthouders in Onderwijs en Kinderopvang (VTOI-NVTK) reageerde op de opmerking van SP-Kamerlid Peter Kwint dat het werk van een toezichthouder ook gedaan kan worden door een medezeggenschapsraad. ‘Dit voorstel stuit niet alleen op wettelijke, maar ook morele bezwaren’, aldus de VTOI-NVTK, die erop wijst dat het onafhankelijk toezicht op organisaties hierdoor in groot gevaar zou komen. ‘Dit voorstel doen geen recht aan de feiten en is veel te kort door de bocht.’

Lumpsum omhoog en vertrouw schoolbesturen!

Schoolbesturen in het primair en voortgezet onderwijs hebben behoefte aan een verhoging van de lumpsum en aan vertrouwen van de overheid op basis van verantwoording en transparantie over eigen keuzes, besteding van middelen en bereikte doelen.

Dit komt uit een ledenraadpleging in het kader van een advies dat de Onderwijsraad opstelt over sturing op onderwijskwaliteit via bekostiging(svoorwaarden). VOS/ABB levert op basis van gesprekken met leden input voor dit nog op te stellen advies.

Download input voor advies Onderwijsraad

Expertisecentrum voor personeelszaken

Er komt een expertisecentrum voor regionale samenwerking bij arbeidsmarktvraagstukken in het primair onderwijs. Schoolbesturen kunnen hier terecht voor advies over de aanpak van lerarentekorten, de vraag naar vervangers of de behoefte aan gespecialiseerd personeel.

Het expertisecentrum wordt ingericht door het Arbeidsmarktplatform PO en het Vervangingsfonds/Participatiefonds. Het centrum zal schoolbesturen en HR-adviseurs helpen om regionale samenwerking op te zetten als antwoord op bovenstaande knelpunten. Ook komt er een website met instrumenten die bruikbaar zijn bij de opzet van regionale samenwerking.

Expertisecentrum adviseert

Het initiatief is geïnspireerd door het sectorplan PO, dat met financiering door het ministerie van SZW en de sociale partners de oprichting van tien regionale samenwerkingsverbanden ondersteunde en begeleidde. De kennis en kunde die toen zijn ontwikkeld, vormen de basis voor de adviesfunctie van het nieuwe centrum. Op welke termijn het expertisecentrum operationeel wordt, is nog niet bekend.

Meer informatie en advies: CAOP, het kennis- en dienstencentrum op het gebied van arbeidszaken in het publieke domein, j.vansolinge@caop.nl of 070-3765732.

Dekker positief over verplicht integraal huisvestingsplan

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW wil kijken naar de mogelijkheid om de gemeenten wettelijk te verplichten om samen met schoolbesturen integrale huisvestingsplannen op te stellen. Dit laat hij weten in een brief aan de Tweede Kamer over het recente huisvestingsakkoord van de sectororganisaties PO-Raad en VO-raad en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG).

Deze drie organisaties stellen in het akkoord onder andere voor om elke gemeente wettelijk te verplichten om samen met de schoolbesturen (op basis van op overeenstemming gericht overleg (OOGO)) een integraal huisvestingsplan (IHP) op te stellen. Daarin worden afspraken gemaakt over (vervangende) nieuwbouw en renovatie.

Voorziening renovatie

In het voorstel staat ook dat renovatie als een voorziening in de wet moet worden opgenomen en dat gemeenten en schoolbesturen daar gezamenlijk verantwoordelijk voor moeten worden. De schoolbesturen zouden moeten worden verplicht een meerjarenonderhoudsplan (MOP) per schoolgebouw op te stellen. De MOP’s zouden moeten worden afgestemd op het IHP.

De sectororganisaties en de VNG willen daarnaast dat gemeenten een jaarlijks budgetplafond vaststellen en voor meerdere jaren een voorziening inrichten. Het budgetplafond voor schoolbesturen in het primair onderwijs zou moeten worden aangepast.

Nadere uitwerking

Sander Dekker ziet wel wat in het akkoord, maar het vereist volgens hem nog wel nadere uitwerking. Hij noemt juridische vormgeving en de verdeling van verantwoordelijkheden tussen gemeenten en schoolbesturen. Ook wil hij weten wat de financiële consequenties van het akkoord zijn.

Over het opstellen van een IHP merkt hij op dat gemeenten en schoolbesturen dat nu ook al samen kunnen doen. Als er een wettelijke plicht nodig is, dan is hij dus bereid om die mogelijkheid te onderzoeken.

Stap voorwaarts

Het akkoord is een stap voorwaarts voor het primair en voortgezet onderwijs, zo merkt juridisch adviseur Ronald Bloemers van VOS/ABB op, omdat het schoolbesturen meer zekerheid biedt. ‘Nu kan een gemeente nog eenzijdig beslissen om een IHP te wijzigen. Dat kan niet meer zomaar als de wettelijke plicht er komt om IHP’s op te stellen op basis van OOGO met de schoolbesturen. Gemeente en besturen worden gezamenlijk verantwoordelijk voor de uitvoering daarvan’, aldus Bloemers.

Daarnaast zijn de gemeente en het schoolbestuur straks gezamenlijk verantwoordelijk voor de uitvoering van een vervangende nieuwbouw of renovatie. ‘De kosten zullen gedeeld worden en de verdeelsleutel zal afhankelijk zijn van de omstandigheden van het geval. Het investeringsverbod voor schoolbesturen is hiermee deels opgeheven en dat geeft het veld ruimte om in gesprek met de gemeente goede afspraken te maken.’

‘Nu wijzen schoolbestuur en gemeente vaak naar elkaar als de verantwoordelijke voor de rekening. Met dit akkoord zal er in gezamenlijkheid meer mogelijk worden. Gemeenten en schoolbesturen kunnen dit alvast meenemen in de gesprekken over een IHP’, zo sluit Bloemers af.

Bezorgde schoolbesturen Drenthe willen meer geld

De besturen van de openbare basisscholen in de provincie Drenthe uiten hun zorgen over de kwaliteit van het onderwijs. Ze dringen bij de Tweede Kamer aan op structureel meer geld.

In een brief van Prisma-Drenthe, waarin de openbare schoolbesturen verenigd zijn, staat dat er ernstige zorgen zijn over ontwikkelingen die de kwaliteit van het basisonderwijs bedreigen. Zo gaat het over de hoge werkdruk in het onderwijs, de lage instroom bij de pabo’s en het geringe aantal mannen voor de klas.

De brief gaat ook over de Wet werk en zekerheid (WWZ), die het volgens de schoolbesturen bijna onmogelijk maakt om voldoende invalleerkrachten te vinden. ‘Steeds vaker zullen groepen kinderen naar huis worden gestuurd omdat er geen invaller beschikbaar is’, zo staat in de brief.

De afzenders willen dat er structureel geld bij komt. Dat is volgens hen nodig voor professionalisering en betere salariëring van leerkrachten, goede ICT-faciliteiten, meubilair en lesmethodes en onderhoud van gebouwen.

Privacy-afspraken met leveranciers en uitgevers

De PO-Raad en VO-raad hebben voor scholen en hun besturen nieuwe privacy-afspraken gemaakt met leveranciers en educatieve uitgevers. 

Het nieuwe convenant is een uitbreiding op het eerste convenant dat een jaar geleden is gesloten. In de nieuwe versie zijn naast afspraken over leermiddelen ook afspraken opgenomen voor digitale toetsen en school- en leerlinginformatiesystemen. Bovendien is het convenant aangepast aan de nieuwe regels over het melden van datalekken.

De privacy-afspraken volgen op een bericht van RTL Nieuws uit november 2014. De commerciële nieuwszender meldde toen dat scholen voor het gebruik van digitaal lesmateriaal privacygevoelige gegevens aan uitgevers moesten afstaan.

Lees meer…

 

Met schoolbesturen gaat het financieel iets beter

Het gaat financieel gezien weer wat beter met het primair en voortgezet onderwijs. Dat stelt de Inspectie van het Onderwijs naar aanleiding van een bericht van de Algemene Onderwijsbond (AOb) over het aantal schoolbesturen dat onder verscherpt financieel toezicht staat.

Het aantal besturen dat onder verscherpt toezicht staat is weliswaar toegenomen, maar dat heeft te maken met het feit dat de inspectie strenger is gaan letten op de financiële situatie. ‘De afgelopen jaren zijn de signaleringswaarden wat aangescherpt. We stellen besturen eerder onder aangepast toezicht om te voorkomen dat de situatie zodanig verslechtert dat er niks meer te herstellen valt. Als je globaal naar de sector kijkt, gaat het nu financieel gezien iets beter’, aldus een woordvoerder op de website van de AOb.

De inspectie houdt op dit moment 40 schoolbesturen in het basis-, voortgezet en speciaal onderwijs verscherpt in de gaten vanwege hun financiële situatie.

Geld direct aan scholen uitkeren is niet efficiënter

Als het onderwijsgeld direct aan de scholen worden uitgekeerd in plaats van aan hun besturen, levert dat geen besparing op. In tegendeel: de kosten zouden dan hoger kunnen zijn dan nu het geval is. Dat stelt minister Jet Bussemaker van OCW in een reeks antwoorden op Kamervragen.

Naar aanleiding van het jaarverslag over 2013 van het ministerie van OCW was vanuit de Tweede Kamer de vraag gekomen of het voordeliger zou zijn om het onderwijsgeld voortaan direct aan de scholen uit te keren in plaats van aan de schoolbesturen. Volgens Bussemaker lukt het op die manier niet om meer geld in de klas terecht te laten komen.

‘Als de bekostiging direct aan scholen wordt uitgekeerd zal dat op zich geen besparing opleveren. Ook in dat geval zal er een administratie moeten worden bijgehouden, zullen keuzes moeten worden gemaakt en verantwoord worden en zal er dus een zekere mate van overhead nodig zijn. Als iedere school dat voor zichzelf gaat organiseren zouden de kosten wel eens hoger kunnen uitpakken en is er dus geen sprake van een opbrengst’, aldus de minister.

Bussemaker erkent dat niet duidelijk is hoe de verhouding is tussen de bedragen die ten goede komen aan het primaire proces en het geld dat in het onderwijs aan overhead wordt besteed: ‘De regels voor de inrichting van de jaarverslaglegging schrijven voor op welke manier de besturen van onderwijsinstellingen hun uitgaven moeten verantwoorden. Hierbij zijn diverse rubrieken verplicht. Binnen deze rubrieken vormen het primaire proces en de overhead geen aparte verslaggevingscategorieën.’

Ze concludeert dat de uitsplitsing van de uitgaven in primair proces en overhead ‘lastig is en zeker niet eenduidig vast te stellen.’

Tegengaan segregatie: schoolbesturen maken het verschil!

Als schoolbesturen zich actief inzetten om segregatie tegen te gaan, dan pakken de lokale politiek, de media en de ouders het thema op. Dat blijkt uit onderzoek van kennisinstituut FORUM voor multiculturele vraagstukken.

In het factsheet Basisscholen en hun buurt staat dat de segregatie tussen autochtone kinderen en leeftijdgenoten met een allochtone achtergrond de afgelopen jaren wat minder is geworden.

Volgens FORUM hangt dat samen met gerichte pilots in 12 grote gemeenten, waaronder Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht. Aan die pilot deden in totaal 315 basisscholen mee. Op tweederde van die scholen nam de segregatie af.

Maar, zo waarschuwt FORUM, als het onderwerp van de beleidskaart verdwijnt, zal de segregatie de komende jaren weer scherper worden. Het instituut signaleert bij schoolbesturen weinig animo voor een meer gemengde leerlingenpopulatie, terwijl uit de praktijk blijkt dat het de besturen zijn die het verschil kunnen maken.

‘Wanneer bestuurders en beleidsmakers met het thema aan de slag gaan, zoals in de pilots, dan spreekt de gemeenteraad erover, worden er discussies gevoerd met ouders en professionals in het onderwijsveld, en komt er vaak aandacht voor in de pers’, stellen de onderzoekers van FORUM.

Segregatie verdwijnt uit beleid
Het Kohnstamm Instituut signaleerde in oktober vorig jaar na een onderzoek in opdracht van FORUM dat steeds minder gemeenten segregatie in het onderwijs bestrijden. In het rapport ‘Bestrijding van onderwijssegregatie in gemeenten’ staat dat er op dit vlak een duidelijke afname zichtbaar is van afspraken tussen gemeenten en schoolbesturen.

De onderzoeksresultaten uit oktober vorig jaar volgden op het landelijke beleid dat onder het door de PVV gedoogde eerste kabinet-Rutte in gang werd gezet. Toenmalig CDA-minister Marja van Bijsterveldt van OCW gaf in 2012 aan dat er geen maatregelen meer nodig waren om segregatie in het onderwijs tegen te gaan.

Dit beleid is overgenomen door het huidige VVD/PvdA-kabinet, hoewel de PvdA, die in de vorige kabinetsperiode nog in de oppositie zat, bij monde van toenmalig Tweede Kamerlid Jeroen Dijsselbloem zei dat er wél maatregelen nodig waren om de segregatie in het onderwijs bij wet tegen te gaan.

Scholen in de knel door Wet werk en zekerheid

De PO-Raad maakt zich ernstig zorgen over de gevolgen van de nieuwe Wet werk en zekerheid (WWZ). De sectororganisatie roept schoolbesturen op een brandbrief te sturen aan minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Als de Eerste Kamer ermee instemt, wordt de WWZ op 1 juli aanstaande van kracht. De PO-Raad stelt dat deze wet schoolbesturen dwingt om veel invalkrachten in vaste dienst te nemen, terwijl daar geen geld voor is. ‘Dit kan ertoe leiden dat zieke leraren niet meer worden vervangen en leerlingen geen les krijgen.’

De PO-Raad heeft een voorbeeldbrief opgesteld die schoolbesturen kunnen ondertekenen en naar het ministerie van SZW kunnen sturen.

Openbaar onderwijs
De Helpdesk van VOS/ABB benadrukt dat de WWZ nog niet geldt voor het openbaar onderwijs zolang de cao dit niet aan het openbaar onderwijs oplegt. De WWZ is voor het Burgerlijk Wetboek en dat geldt (nog) niet voor het openbaar onderwijs.

Voor zowel de nieuwe CAO PO als de nieuwe CAO VO zijn de cao-partijen aan het bekijken op welke wijze de wijzigingen uit de WWZ opgenomen dienen te worden in de cao. Als de wijzigingen die de WWZ met zich meebrengt ook worden opgenomen in de nieuwe CAO PO en de nieuwe CAO VO, dan gaan ze ook  gelden voor het openbaar onderwijs.

Het wetsvoorstel wijzigt overigens ook de Werkloosheidswet, en deze aanpassingen gaan wel al  gelden voor werknemers in het openbaar onderwijs die worden ontslagen en aanspraak kunnen maken op een WW-uitkering.

De Helpdesk heeft in maart op een rijtje gezet welke wijzigingen er met de WWZ aankomen.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Eerste Kamer akkoord met doordecentralisatie

Na de Tweede Kamer heeft ook de Eerste Kamer ingestemd met het wetsvoorstel Overheveling van taak en budget voor aanpassingen in onderwijshuisvesting van gemeente naar school. Dit betekent dat schoolbesturen voor primair onderwijs per 1 januari 2015 verantwoordelijk zullen zijn voor het buitenonderhoud van hun schoolgebouwen. In het voortgezet onderwijs is dit al zo geregeld sinds 2004.

De exacte vergoedingsbedragen die schoolbesturen voor primair onderwijs in het kader van doordecentralisatie vanaf 1 januari 2015 via de lumpsumvergoeding zullen ontvangen en de voorwaarden voor de overgangsregeling worden uiterlijk op 1 oktober 2014 door het ministerie van OCW bekendgemaakt. Voor die datum moeten immers de programma’s van eisen worden vastgesteld. Mogelijk komt het ministerie al voor de zomervakantie met de bedragen.

Aanvragen voor buitenonderhoud voor 2015 en verder kunnen als gevolg van deze wetswijziging niet meer bij uw gemeente(n) worden ingediend.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Kom naar congres op Dag van het Onderwijsbestuur!

Op 26 mei is het de eerste Dag van het Onderwijsbestuur. Er is dan een congres in Nieuwegein. Het thema van de dag is ‘aansprekend besturen’.

Het congres, dat wordt georganiseerd door het ministerie van OCW, is interessant voor onderwijsbestuurders, leden van raden van toezicht en van (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraden. De vraag die tijdens het congres centraal staat: hoe kan onderwijsbestuur (nog) beter worden georganiseerd?

Het congres is op maandag 26 mei van 12 tot 18 uur in congrescentrum MeetingDistrict in Nieuwegein.

Inschrijven kan digitaal (tot en met 18 mei).

Lees meer…

Krimp: voornemen tot ontslag uiterlijk op 9 april!

Schoolbesturen die in verband met krimp personeelsleden moeten ontslaan, dienen het voornemen hiertoe op tijd aan hen bekend te maken. In een deel van de gevallen zal dit al uiterlijk al op 9 april aanstaande moeten zijn gebeurd!

Als blijkt dat de schoolbesturen in het primair onderwijs voldoende ontslagruimte hebben, kunnen ze werknemers die in het RDDF zitten per 1 augustus 2014 ontslaan. Voor werknemers die vijf jaar of langer werkzaam zijn bij het schoolbestuur, dient een opzegtermijn in acht te worden genomen van minimaal drie maanden. Dit betekent dat voor deze groep het voornemen tot ontslag drie weken vóór 1 mei 2014 (dus uiterlijk op 9 april) bekend moet zijn. Dit vloeit voort uit de artikelen 3.11, 3.12, 4.7 en 4.10 van de CAO PO 2013.

In het primair onderwijs geldt een opzegtermijn van één maand voor werknemers die 12 maanden of korter in dienst zijn en een opzegtermijn van twee maanden voor werknemers die langer dan 12 maanden maar korter dan vijf jaar in dienst zijn (zie artikelen 3.12 en 4.10 van de CAO PO 2013). Dit geldt overigens niet bij alle ontslaggronden, maar wel als sprake is van RDDF-plaatsing.

Voortgezet onderwijs
Als er in het kader van krimp mogelijk ontslagen vallen in het voortgezet onderwijs, dan dient uitvoering gegeven te worden aan het werkgelegenheidsbeleid. Dit bestaat uit twee fasen: de vrijwillige en de gedwongen fase die in totaal twee jaar duren. Het betreft sociaal beleid dat moet worden opgesteld met de vakbonden.

Als na twee jaar tot ontslag kan worden overgegaan in verband met krimp (opheffing van de betrekking), dan gelden de volgende opzegtermijnen:

  • één maand indien het dienstverband zes maanden of minder heeft geduurd;
  • twee maanden indien het dienstverband meer dan zes maar minder dan 12 maanden heeft geduurd;
  • drie maanden indien het dienstverband 12 maanden of meer heeft geduurd.

Dit geldt zowel voor het openbaar als het bijzonder onderwijs (zie artikelen 9.b.3 jo., 9.b.4 respectievelijk 9.a.5 jo. en 9.a.4 van de CAO VO 2011-2012).

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Geen geld voor nieuwe school van falend bestuur

Beperk falende onderwijsbesturen in de mogelijkheid om in aanmerking te komen voor bekostiging van een nieuwe school of nevenvestiging. Dat adviseert de Onderwijsraad.

De aanbeveling moet voorkomen dat schoolbesturen die aantoonbaar en langdurig tekort zijn geschoten opnieuw een school of nevenvestiging oprichten die door de overheid moet worden gefinancierd.

Het advies Voorkomen draaideurconstructie is op verzoek van staatssecretaris Sander Dekker van OCW geschreven naar aanleiding van verschillende kwesties, waaruit bleek dat falende schoolbesturen na sluiting van een school ongehinderd weer hun gang konden gaan.

Directe meting
‘Om de levensvatbaarheid van nieuwe scholen te bepalen en herhaald sluiten wegens te lage leerlingenaantallen te voorkomen, dient tevens het aantal te verwachten leerlingen in het vervolg via directe meting te worden vastgesteld’, zo adviseert de Onderwijsraad ook.

Met het laatste punt, de directe meting, neemt de Onderwijsraad een lang gekoesterde wens van VOS/ABB over. De directe meting, die de actuele situatie in een gebied weergeeft, is altijd beter dan de tot nu toe vaak gehanteerde indirecte meting, die vooral behoeften uit het verleden weerspiegelt.

Juist beeld
Uit indirecte metingen is vaak ten onrechte afgeleid dat er bijvoorbeeld in een nieuwbouwwijk behoefte was aan bijzonder onderwijs, omdat die behoefte er historisch gezien was in bestaande wijken.

In bestaande wijken woonden relatief veel mensen die zich al of niet actief gebonden voelden aan een kerk en daarom een school op religieuze grondslag wilden. De praktijk wijst uit dat in een nieuwbouwwijk de bevolking zich over het algemeen meer aangetrokken voelt tot het openbaar onderwijs, dat op een moderne wijze en op basis van respect en gelijkwaardigheid aandacht besteedt aan verschillende godsdiensten en levensbeschouwingen.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Jaarcijfers van alle schoolbesturen openbaar!

Minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker van OCW ‘hopen en verwachten’ dat voortaan alle schoolbesturen hun jaarverslag en de jaarrekening openbaar maken.

Ze reageren op een onderzoek van de Algemene Onderwijsbond (AOb), dat in oktober vorig jaar werd gepubliceerd. Uit dat onderzoek bleek dat drie van de tien schoolbesturen in primair en voortgezet onderwijs de jaarrekening niet openbaar willen maken als daarom wordt gevraagd.

De minister en staatssecretaris vinden dit net als de AOb niet kunnen. VOS/ABB sluit zich hierbij aan. Wettelijk gezien hoeven schoolbesturen hun jaarverslag en -cijfers niet openbaar te maken, maar in het licht van good governance is het wel zeer verstandig om dat te doen.

In het kader van publieke verantwoording voor schoolbesturen (of dat nu besturen voor openbaar of bijzonder onderwijs zijn) zou er geen reden mogen zijn om hun financiële cijfers achter te houden. Onderwijs wordt immers betaald met publiek geld, zo benadrukt VOS/ABB.

De minister en de staatssecretaris zeggen dit nu ook. ‘Met alle digitale middelen van nu kan dat ook niet ingewikkeld meer zijn’, zo staat in de Nieuwsbrief Jaarverslaglegging Onderwijs.

Het wordt overwogen verplichte openbaarmaking van het jaarverslag en de jaarcijfers in wet- en regelgeving te verankeren.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, 

Zuid-Limburg ziet ouderinitiatief krimp niet zitten

De gezamenlijke schoolbesturen voor primair onderwijs in Zuid-Limburg zien geen heil in het initiatief om ouders in dorpen het bestuur van hun basisschool te laten overnemen. Het Zeeuwse PvdA-lid Jan Schuurman Hess denkt dat op die manier kleine basisscholen overeind kunnen blijven.

Schuurman Hess stelt voor om kleine basisscholen op het platteland onder te brengen in coöperaties van ouders. Die coöperaties zouden kunnen bestaan uit schooltjes verspreid over het land. In een gezamenlijke brief aan de vaste Kamercommissie voor OCW schrijven de Zuid-Limburgse schoolbesturen dat zij dit een sympathiek plan vinden ‘mede door de grotere participatie van ouders’, maar ook dat ze betwijfelen of het een duurzaam concept is.

De twijfel van de Zuid-Limburgers heeft te maken met de afnemende inkomsten voor de schoolbesturen als gevolg van dalende leerlingenaantallen door demografische krimp, de toenemende onderwijskwaliteit die van de scholen wordt verwacht en de invoering van de Wet passend onderwijs per 1 augustus 2014. De verevening die aan dat laatste is gekoppeld, pakt voor de schoolbesturen in Zuid-Limburg negatief uit.

De schoolbesturen schrijven aan de Tweede Kamer dat zij ‘vanuit het gemeenschappelijke belang voor een duurzame en kwalitatief hoogstaande onderwijsinfrastructuur’ met elkaar samenwerken om op een positieve manier om te gaan met de gevolgen van demografische krimp. Ze gaan met de drie grote gemeenten in hun regio, de provincie Limburg en het ministerie van Binnenlandse Zaken de Transitieatlas Zuid-Limburg opstellen, met als doel ‘toekomstbestendige basisscholen’.

De Zuid-Limburgse schoolbesturen vrezen dat het plan van Schuurman Hess ‘afbreuk doet aan de inspanningen die ouders, schoolteams, besturen en gemeenten doen om te komen tot een verantwoord aanbod van basisonderwijs nu en morgen’. Uitvoering van het Zeeuwse plan zou ertoe leiden dat voor Zuid-Limburg de klok werd teruggedraaid. De besturen vragen de vaste Kamercommissie ‘eenduidige politieke signalen’ om ervoor te zorgen dat het plan van Schuurman Hess in elk geval voor Zuid-Limburg geen realiteit wordt.