Hoofdrol voor strategisch personeelsbeleid

De onderwijsministers benadrukken in een brief aan de Tweede Kamer het belang van strategisch personeelsbeleid. Dit is nodig om leraren goed tot hun recht te laten komen.

Met strategisch personeelsbeleid doelen de ministers op een beleid dat is afgestemd op de visie en doelen waar een school aan werkt en de opgave waar de school voor staat. ‘Deze opgave wordt beïnvloed door (veranderende) interne en externe factoren, zoals de aanpak van werkdruk, voorbereiding op de curriculumherziening, omgaan met leerlingdaling en het lerarentekort’, zo staat in hun brief.

Daarin staat ook dat schoolbesturen en -leiders verantwoordelijk zijn voor het strategisch personeelsbeleid, maar ook dat iedereen er een positieve bijdrage aan moet leveren. ‘Een visie op leren en ontwikkelen kan niet door alleen de schoolleiding worden bedacht, maar moet in samenspraak met het team tot stand komen.’

Lees meer…

Volgorde ‘eerst schooladvies, dan eindtoets’ handhaven

De meeste schoolleiders in het primair onderwijs willen de huidige volgorde van eerst schooladvies en dan eindtoets handhaven. Dat meldt de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) op basis van een peiling.

Onlangs drong de algemene ledenvergadering van de PO-Raad erop aan de eindtoets eerder in het schooljaar af te nemen. De huidige volgorde zou namelijk slecht zijn voor kansengelijkheid. Of een advies na de uitslag van de eindtoets naar boven wordt bijgesteld, ‘is soms mede afhankelijk van de mondigheid van ouders’, aldus de sectororganisatie. Bovendien kunnen, zo stelt de PO-Raad, vooroordelen van leraren meespelen. ‘Dit bij elkaar werkt kansenongelijkheid in de hand.’

De raad wil daarom dat de regels worden aangepast. ‘Door de toets eerder in het jaar af te nemen, wordt deze onderdeel van het schooladvies. Zoals een röntgenfoto een arts helpt een diagnose te stellen, zo wordt de eindtoets een objectief oordeel dat het professionele oordeel van de school kan staven.’ In feite zou het primair onderwijs daarmee teruggaan naar de oude situatie.

De meeste schoolleiders in het primair onderwijs zijn het niet eens met de PO-Raad, zo blijkt uit de peiling van de AVS. Zij willen de huidige volgorde – eerst schooladvies dan eindtoets – handhaven.

Loskoppelen

De schoolleidersvakbond wil echter wel verandering: de eindtoets zou helemaal moeten worden losgekoppeld van het schooladvies. ‘De AVS is van mening dat de eindtoets op geen enkele manier onderdeel moet uitmaken van het tot stand komen van het schooladvies. Daarvoor heeft de school in acht jaar tijd voldoende inzicht in de mogelijkheden van de leerling gekregen en kan zij zelf een gefundeerde keuze maken voor het vervolgonderwijs.’

Lees meer… 

Leraren voelen zich minder veilig op school

Leraren in het voortgezet onderwijs geven een 7,8 voor de sociale veiligheid op school. In 2015 was dat een 8,6. Dat meldt DUO Onderwijsonderzoek op basis van een enquête waaraan ruim 1100 leraren meededen.

Ruim twee op de vijf leraren beoordelen hun eigen sociale veiligheid op school met een 7 of 8. Eveneens twee of de vijf geven het een rapportcijfer 9 of 10. Eén op de tien vindt de sociale veiligheid op school onvoldoende (rapportcijfer 5 of lager).

De sociale veiligheid die leraren ervaren, verschilt per sector. Docenten die alleen lesgeven op vmbo-basis/kader, geven gemiddeld een 7,1. Leraren op vmbo-g/tl/mavo geven gemiddeld een 7,8 en docenten die alleen lesgeven op havo/vwo gemiddeld een 8,0.

Klachten over schoolleiding

Docenten die ontevreden zijn over de sociale veiligheid op school, geven onder meer aan dat de schoolleiding onvoldoende actie onderneemt na incidenten. Ook klagen zij over slechte communicatie door de leiding. Andere punten die worden genoemd, zijn roddels op de werkvloer en een gebrek aan collegialiteit.

Daarnaast melden docenten grensoverschrijdend gedrag van ouders en/of leerlingen. Eén op de vijf docenten geeft aan wel eens te worden uitgescholden.

‘Geen schoolleidersregisters opleggen vanuit overheid’

Het is geen goed idee om nog een vanuit  de overheid verplicht schoolleidersregister in te richten. Dat staat in een brief van de onderwijsministers Ingrid van Engelshoven en Arie Slob aan de Tweede Kamer.

Ze zien ‘geen meerwaarde in een door de overheid opgelegd register, zeker gezien de ontwikkelingen die in de sectoren op vrijwillige basis al in gang zijn gezet’, zo staat in hun brief aan de Tweede Kamer.

In het primair onderwijs bestaat het Schoolleidersregister PO en voor het voortgezet onderwijs het Schoolleidersregister VO.

Beroepsstandaard?

Ze schrijven in hun brief over het advies Een krachtige rol voor schoolleiders ook dat ze niets zien in het idee om een sectoronafhankelijke beroepsstandaard op te stellen.

‘Er zijn tussen de sectoren grote verschillen in de posities en verantwoordelijkheden van schoolleiders – gezien de diversiteit in schaalgrootte van scholen en instellingen – en een sectoronafhankelijke standaard kan hieraan onvoldoende recht doen’, aldus de ministers.

Lees meer…

Schoolleiders protesteren met e-mailbombardement

Vakbond AVS roept schoolleiders op onderwijsminister Arie Slob en de onderwijswoordvoerders in de Tweede Kamer te bedelven onder een e-mailbombardement. De actie moet leiden tot een ‘passend en eerlijk salaris’ voor schoolleiders.

‘De huidige onderwijspraktijk en toenemende maatschappelijke druk op scholen vragen veel van schoolleiders. Er dreigt (en ís zelfs al) een schoolleiderstekort, vooral in het primair onderwijs. Daarom moet hun positie verstevigd worden’, vindt de AVS.

Vakbondsvoorzitter Petra van Haren zegt dat ‘de roep om een eerlijk salaris moet gelden voor álle werknemers in de sector primair onderwijs, dus óók schoolleiders’.

Het e-mailbombardement is de derde actie van de AVS. In september lieten schoolleiders het brandalarm van hun school afgaan om hun eisen kracht bij te zetten. In oktober waren ze uit protest een dag niet bereikbaar per e-mail.

AVS akkoord met omstreden CAO PO 2018-2019

De AVS behoort tot de sociale partners die akkoord zijn gegaan met de CAO PO 2018-2019. In die cao zijn mede met goedkeuring van de AVS afspraken gemaakt over meer salaris en minder werkdruk voor leraren.

Deze gunstige cao-afspraken gelden niet voor de schoolleiders (en ook niet voor het onderwijsondersteunend personeel overigens). Veel schoolleiders zijn hier boos over. Zij vinden dat ze altijd meer moeten blijven verdienen dan leraren.

Lees meer…

Scholingsbijeenkomst over invoering werkverdelingsplan

Het werkverdelingsplan dat de CAO PO per 2019 voorschrijft, blijkt veel vragen op te roepen. Daarom organiseert VOS/ABB op 6 december een scholingsbijeenkomst om schoolleiders voor te bereiden op de invoering ervan.

Let op: deze bijeenkomst zit vol. U kunt zich er niet meer voor aanmelden.

Met ingang van 1 augustus 2019 wordt het huidige hoofdstuk 2 van de CAO PO geheel vervangen door een nieuw hoofdstuk. Dit heeft gevolgen voor het taakbeleid in het primair onderwijs. Vanaf dat moment wordt het taakbeleid niet meer op bestuursniveau, maar op schoolniveau vastgesteld in het zogeheten werkverdelingsplan.

Werkverdelingsplan is veelomvattend

Het werkverdelingsplan uit de cao is een veelomvattend plan. Niet alleen de onderlinge taakverdeling en verhouding tussen lesgevende en overige taken worden geregeld in het werkverdelingsplan, maar ook de werktijden- en pauzeregeling moeten erin worden opgenomen. Zowel het team, als de schoolleider en de PMR hebben bevoegdheden ten aanzien van de vaststelling van het werkverdelingsplan.

Aan de slag met werkverdelingsplan

De scholingsbijeenkomst op donderdagmiddag 6 december zal uit twee onderdelen bestaan. Het eerste onderdeel bestaat uit een toelichting op het nieuwe hoofdstuk 2 en de verantwoordelijkheden die dat meebrengt voor de schoolleider, de PMR én het team. Het tweede onderdeel zal uit werkvormen bestaan. In die werkvormen wordt u als schoolleider, met handvatten van VOS/ABB, uitgedaagd om samen met uw collega`s aan de slag te gaan met het werkverdelingsplan. U gaat tijdens deze scholingsbijeenkomst met andere schoolleiders brainstormen over de wijze waarop u het gesprek met het team en de PMR aangaat, over de autonomie van het team versus uw verantwoordelijkheid als teamleider en de organisatie van de school.

Gegevens scholingsbijeenkomst werkverdelingsplan

Deze bijeenkomst wordt georganiseerd door Ivo Israel, beleidsmedewerker HRM bij VOS/ABB, in samenwerking met de Onderwijsjuristen. Het is mogelijk om voor aanvang deel te nemen aan een lunch.

Datum:    6 december 2018 van 13:00 tot 16:00 uur
Locatie:   Kantoor VOS/ABB, Houttuinlaan 8 in Woerden
Voor wie: Schoolleiders (leden VOS/ABB)
Kosten:    50 euro (btw-vrij)

Let op: deze bijeenkomst zit vol. U kunt zich er niet meer voor aanmelden!

Schoolleiders uit protest ‘out of office’

Schoolleiders zetten op dinsdag 9 oktober uit protest hun afwezigheidsassistent aan. Dat melden de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) en vakbond CNV Onderwijs.

‘Mailers krijgen het verzoek de volgende dag opnieuw hun e-mail te sturen als ze alsnog een reactie willen. De schoolleider kan de vrijgekomen tijd gebruiken voor zaken waar hij vaak niet aan toe komt’, aldus de AVS en CNV Onderwijs.

In de afwezigheidsmelding staat een tekst die duidelijk moet maken wat het vak inhoudt en waarom schoolleiders meer erkenning en waardering zouden moeten krijgen.

Lees meer…

‘Schoolleiders moeten altijd meer verdienen dan leraren’

Schoolleiders moeten altijd meer blijven verdienen dan leraren. Dat vindt voorzitter Petra van Haren van de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS). Deze vakbond roept daarom op tot acties.

Uit een enquête van de AVS blijkt dat de salarissen van schoolleiders en ook die van onderwijsondersteunend personeel zouden moeten worden verhoogd. De enquête stond in het teken van de salarisverhoging die leraren krijgen.

Vooral het feit dat adjunct-directeuren na de salarisverhoging voor leraren nu soms minder dan hen gaan verdienen, roept volgens de AVS veel verontwaardiging op. ‘Het kan niet zo zijn dat een leidinggevende, een adjunct, minder verdient dan een leraar, terwijl zijn verantwoordelijkheid veel groter is’, aldus AVS-voorzitter Van Haren.

Om duidelijk te maken dat dit niet kan, roept de AVS schoolleiders op om op woensdag 12 september actie te gaan voeren. Schoolleiders zouden dan massaal alarm moeten slaan door de jaarlijkse ontruimingsoefening van de school te houden.

Nieuwe estafettestaking leraren

Op 12 september wordt ook actiegevoerd door leraren om hun eis voor meer salarisverhoging bij te zetten. PO Front, waarin de PO-Raad en de onderwijsvakbonden zitten (waaronder de AVS), organiseert dan een nieuwe estafettestaking. Dit keer zouden leraren in Zuid-Holland en Zeeland het werk moeten neerleggen.

Te krappe geldstroom verleggen lost niets op

Het onderwijs komt niet uit met beschikbare budget. Wat doet Tweede Kamerlid Paul van Meenen van D66? Die zet de schoolbesturen in het verdomhoekje en verlegt de de te krappe geldstroom naar de scholen. Zo is volgens hem alles opgelost.

De media worden er weleens van beschuldigd te kort door de bocht te gaan, een versimpelde weergave van de werkelijkheid te geven en met kortzichtige oplossingen te komen. Van Meenen laat nu zien dat de politiek hier ook heel goed in is.

Hij denkt dat er meer geld in de klassen komt als de overheid het budget voor onderwijs direct aan de scholen geeft en de financiering niet meer via de schoolbesturen laat lopen. Zijn argumenten? Het onderwijs is op een school en van een leraar voor de leerlingen. En niet op een kantoor en van of voor bestuurders. Zo kan D66 als zelfverklaarde onderwijspartij weer een punt maken nu die partij als coalitiepartner onder veel mensen die in het onderwijs werken aan populariteit verliest.

Meer dan betrokken

Bij alle schoolbesturen waar ik over de vloer kom, zie ik bestuurders, beleidsmensen, P&O’ers, financials, inkopers en andere medewerkers die meer dan betrokken zijn bij het onderwijs op de scholen. Het beeld als dat er op het bestuurskantoor alleen maar dingen misgaan, zoals Van Meenen suggereert, klopt van geen kanten.

Bovendien blijkt dat schoolbesturen – de enkeling daargelaten – buitengewoon efficiënt werken. Er blijft niet, zoals nog al eens wordt beweerd, overal veel geld voor goed onderwijs nutteloos op de plank liggen. Ook wordt onderwijsgeld niet, zoals nog ergere beschuldigingen luiden, besteed aan allerlei nutteloze zaken. Dat is écht onzin!

Overigens is er niets op tegen als schoolbesturen er zelf voor kiezen om de scholen de regie te geven over het te besteden geld. Er zijn organisaties die daar bewust voor hebben gekozen. Alleen moet dit niet van bovenaf worden opgelegd. Bovendien moet er natuurlijk wel een budget zijn waarmee de scholen uitkomen.

Budget ontoereikend

Iedereen in het onderwijs weet maar al te goed dat het lumpsumbudget niet toereikend is. De materiële bekostiging schiet al jarenlang tekort. Dat probleem gaan we echt niet oplossen door de geldstroom te verleggen. Bovendien zitten niet alle schoolleiders te wachten, zo lijkt mij, op de taken en verantwoordelijkheden die nu bij het bestuur liggen? Denk alleen aan de administratieve druk die dit met zich meebrengt.

Hans Teegelbeckers, directeur VOS/ABB

D66 wil schoolbesturen grotendeels buitenspel zetten

D66 denkt dat er meer geld in de klassen komt als de overheid het budget voor onderwijs direct aan de scholen geeft en de financiering niet meer via de schoolbesturen laat lopen.

‘Het onderwijs is op een school en van een leraar voor de leerlingen. En niet op een kantoor en van of voor bestuurders’, aldus oud-schoolbestuurder en huidig D66-Kamerlid Paul van Meenen.

Hij wil de schoolbesturen niet helemaal buitenspel zetten, omdat ze volgens hem ook wel nuttige dingen doen, zoals administratieve en coördinerende taken en personeelsmanagement.

Van Meenen vraagt onderwijsminister Arie Slob of die wil onderzoeken of de financiering van het onderwijs voortaan direct via de scholen kan verlopen.

Schoolleidersvakbond AVS gispt schoolbesturen

De Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) vindt dat ‘een zorgelijk hoog aantal’ schoolbesturen zich bemoeit met de inzet van geld uit het werkdrukakkoord.

De vakbond stelt dat op 10 procent van de scholen de schoolleider ‘geen volledige handelingsvrijheid’ heeft om te bepalen hoe de werkdrukgelden worden ingezet, ‘terwijl dat wel de afspraak is’. AVS-voorzitter Petra van Haaren wil dat schoolleiders zich bij de vakbond melden als het schoolbestuur zich met de besteding van het geld bemoeit.

In het werkdrukakkoord staat dat scholen voor primair onderwijs komend schooljaar 237 miljoen euro extra krijgen om werkdruk aan te pakken, oplopend tot 430 miljoen euro in het schooljaar 2021-2022.

Rol van het schoolbestuur

Het is niet zo dat het schoolbestuur geen enkele rol heeft bij de besteding van het geld, zoals uit het bericht van de AVS zou kunnen worden afgeleid.

Het bestuur kan bijvoorbeeld een bestedingsplan maken waarin staat hoe het geld voor vermindering van de werkdruk wordt ingezet. Verder dient het bestuur in het jaarverslag verantwoording af te leggen over de besteding van het geld.

De werkwijze kan worden samengevat als ‘school beslist, bestuur verantwoordt’.

Meer informatie staat in het factsheet Aan de slag met het werkdrukakkoord.

Schoolleiders: meer aandacht voor leiderschap

Schoolleiders moeten meer aandacht hebben voor leiderschap en minder voor managementtaken. Verdere professionalisering en een betere positionering van schoolleiders zijn daarvoor noodzakelijk, vindt de Onderwijsraad.

De Onderwijsraad adviseert in Een krachtige rol voor schoolleiders ‘toe te werken naar één sectoronafhankelijke beroepsstandaard met één verplicht register’. Het is daarbij noodzakelijk, benadrukt de raad, dat de schoolleidersorganisaties in de diverse onderwijssectoren met elkaar samenwerken.

Kwaliteit schoolleiders verbeteren

De Onderwijsraad geeft ook een advies aan de overheid. Die zou, net als voor leraren, maatregelen moeten nemen ‘om de kwaliteit van schoolleiders te verbeteren’. Daartoe behoort facilitering van scholing. Er zou naast de Lerarenbeurs een Schoolleidersbeurs moeten komen, vindt de raad.

‘Daarnaast zijn hogere eisen aan de professionalisering van schoolleiders noodzakelijk’, stelt de raad, die daarbij ‘een schoolleidersopleiding op masterniveau’ noemt en ‘op leidinggevenden gerichte professionaliseringsafspraken’. Schoolbesturen moeten wat de Onderwijsraad betreft ‘werk te maken van strategisch HRM-beleid’.

Ga naar het advies Een krachtige rol voor schoolleiders.

‘Salarissen schoolleiders gelijktrekken’

Schoolleiders in het primair onderwijs moeten hetzelfde verdienen als hun collega’s in het voortgezet onderwijs. Dat meldt de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) op basis van een ledenpeiling.

Van de AVS-leden vindt 92 procent dat er een volledige gelijkschakeling moet komen van het salaris van schoolleiders in het primair respectievelijk voortgezet onderwijs. Voorzitter Petra van Haren spreekt van ‘een duidelijke boodschap, die erom vraagt gehoord te worden’.

Lees meer…

Kwart schoolleiders staakt

Eén op de vier schoolleiders doet mee aan de staking in het primair onderwijs en drie op de vier steunen die actie, meldt de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS).

De AVS meldt ook dat schoolleiders ‘enorm veel werkdrukverlagende maatregelen’ hebben genomen. Dat staat volgens de schoolleidersvakbond ‘haaks op de beeldvorming van de politiek en minister Slob die vindt dat er eerst concrete plannen moeten liggen’ voordat het extra geld voor werkdrukverlaging wordt vrijgegeven.

Schoolleiders zorgen voor minder overleg

De AVS stelt dat er in het kader van werkdrukverlaging minder wordt overlegd, het werk beter wordt verdeeld en er voor leraren geen avondactiviteiten meer zijn. Ook wijst de vakbond erop dat er conciërges en administratieve ondersteuners zijn aangenomen.

Lees meer…

Schoolleiders steunen nieuwe staking

Verreweg de meeste schoolleiders in het basisonderwijs (85 procent) steunen een mogelijke nieuwe staking. Ze zijn ontevreden over de toezeggingen van het kabinet.

Dit concludeert de Algemene Vereniging van Schoolleiders (AVS) na een peiling onder haar leden. De AVS rekende uit dat 10 miljoen euro voor de aanpak van de werkdruk in 2018 neerkomt op een extra bedrag per school van 1575 euro. ‘Hiermee koop je geen extra handen in de klas’, zegt AVS-voorzitter Petra van Haren.

Schoolleiders: ‘Nu investeren’

In het regeerakkoord belooft het kabinet dat de komende jaren steeds meer wordt geïnvesteerd in de aanpak van de werkdruk in het primair onderwijs: van 10 miljoen euro in 2018 tot structureel 450 miljoen euro vanaf 2021. Van Haren vindt dat te lang duren. ‘Er moet nu worden geïnvesteerd in de werkdruk, niet pas over vier jaar’.

Meer informatie

Hoe kan positie schoolleiders worden verstevigd?

De Onderwijsraad vraagt om input voor een advies over de versteviging van de positie en rol van schoolleiders.

Het is volgens de Onderwijsraad nodig dat schoolleiders verder professionaliseren en dat hun positie en rol worden verstevigd. De vraag is hoe dat het beste kan.

De Onderwijsraad wil onder meer weten welke (verdere) professionalisering nodig is voor schoolleiders om een doeltreffende rol te vervullen binnen hun school of afdeling en binnen de bestuurlijke besluitvorming.

De raad wil graag input uit het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs. U kunt uw reactie tot 1 september sturen naar schoolleiders@onderwijsraad.nl.

Lees meer…

Schoolleiders te druk om ambities waar te maken

Veel schoolleiders kunnen door hoge werkdruk hun ambities voor de school niet waarmaken. Dat blijkt uit een enquête van CNV Onderwijs, die is ingevuld door 198 directeuren van basisscholen.

Voorzitter Loek Schueler van CNV Onderwijs concludeert hieruit dat het kabinet echt meer geld moet investeren in onderwijs. De meeste respondenten op de enquête (89 procent) melden dat het schoolbestuur hen steunt in hun ambities, maar tweederde zegt te weinig (financiële) middelen te hebben om die ambities ook waar te maken.

Op de open vraag wat ze nodig hebben, wordt vaak geantwoord: administratieve ondersteuning, een conciërge, meer ambulante tijd en financiën.

CNV Onderwijs heeft eerder, net als de PO-Raad, een manifest van de protestbeweging PO In Actie gesteund. Dat manifest ging ook over te hoge werkdruk in het basisonderwijs, naast een roep om hogere salarissen.

Meer informatie over de enquête van CNV Onderwijs.

Wat behelst takenpakket van schoolleider?

De VO-raad en de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) hebben woensdag De Staat van de Schoolleider gepresenteerd.

Deze publicatie gaat in op de vragen wat het takenpakket van schoolleiders behelst, wat zij in huis moeten hebben om hun werk succesvol te kunnen uitoefenen en of daar verschuivingen in te zien zijn. Er staan interviews in met schoolleiders. Ook wordt ingegaan op het schoolleidersregisters.

De Staat van de Schoolleider is samengesteld door een redactie van vier schoolleiders uit het primair en voortgezet onderwijs.

Lees meer…

Inspectie: burgerschapsonderwijs schiet tekort

Het burgerschapsonderwijs vertoont weinig samenhang en is weinig doelgericht. Bovendien ontbreekt inzicht in wat leerlingen ervan leren. Dit en meer stelt de Inspectie van het Onderwijs in het onderwijsverslag De Staat van het Onderwijs, dat woensdag is overhandigd aan de demissionaire minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker van OCW.

De inspectie dringt aan op versterking van de condities voor burgerschapsonderwijs, maar ziet in de huidige situatie ook aanknopingspunten voor verbetering. Zo wordt in het onderwijsverslag samenwerking genoemd in de Alliantie voor Burgerschap. ‘Ook laten veel scholen zien dat burgerschapsonderwijs – anders dan soms wordt gedacht – niet altijd ‘ingewikkeld’ of ‘gevoelig’ voor meningsverschillen over waarden en normen hoeft te zijn’, aldus de inspectie.

De kritische bevindingen van de inspectie steken af tegen de positieve beoordeling van burgerschapsonderwijs door schoolleiders, zoals onlangs bleek uit een peiling van DUO Onderwijsonderzoek. Uit die peiling kwam onder andere naar voren dat een ruime meerderheid van zeven op de tien directeuren in zowel het basis- als voortgezet onderwijs (zeer) tevreden is over de kwaliteit van het burgerschapsonderwijs bij hen op school.

Rekenen en wiskunde

De Staat van het onderwijs gaat natuurlijk over (veel) meer dan alleen burgerschapsonderwijs. Zo signaleert de inspectie dat vooral bij rekenen, wiskunde en natuurwetenschappen de prestaties dalen. De sterkste daling is te zien bij de resultaten van basisschoolleerlingen in het natuuronderwijs. Toch presteren Nederlandse kinderen vergeleken met leeftijdgenoten in andere landen nog steeds goed als het gaat om rekenen, wiskunde en natuurwetenschappen.

Een ander punt dat de inspectie benoemt, is dat er in Nederland in vergelijking met andere landen relatief weinig zwakke en ook relatief weinig excellente leerlingen zijn.

Gelijke kansen

Hoewel in 2016 twee keer zoveel schooladviezen naar boven zijn bijgesteld dan in 2015, neemt de kansenongelijkheid niet af. ‘De kans op onderadvisering voor leerlingen met laagopgeleide ouders (…) is weliswaar sterk gedaald, maar vooral leerlingen met hoogopgeleide ouders profiteren van verschuivingen in 2016’, zo staat in het verslag.

Verder blijkt dat hoog presterende leerlingen met academisch geschoolde ouders vaker in homogene vwo-brugklassen zitten en dito leerlingen zonder academisch geschoolde ouders vaker in een gemengde brugklas. ‘Dit kan gevolgen hebben voor het niveau waarop zij de lesstof krijgen aangeboden’, stelt de inspectie.

De segregatie naar etnische achtergrond vermindert in zowel het basis- als voortgezet onderwijs. Sociale segregatie in het onderwijs is volgens de inspectie vooral een verschijnsel dat zich voordoet in steden. Op scholen met veel kinderen van ouders met een lage sociaaleconomische status signaleert de inspectie de meeste leerachterstanden.

Professionalisering

Leraren, scholen en schoolbesturen verschillen aanzienlijk van elkaar in tijd en aandacht voor professionalisering. ‘Op sommige scholen lijkt het leraren aan tijd te ontbreken om zich te professionaliseren, terwijl op andere scholen (…) leraren juist intensieve en gerichte professionaliseringsactiviteiten ondernemen’, schrijft de inspectie.

In het verslag staat ook dat professionaliseringsactiviteiten weinig gericht zijn op effectieve aanpakken en maar zelden een relatie hebben met het strategisch beleid van de school. Bovendien blijken de directie en de leraren vaak heel verschillend tegen de ontwikkeling van de school aan te kijken. ‘De onderwijsvisie (…) is niet altijd duidelijk en wordt niet altijd gedeeld. Leraren en schoolleider praten vaak langs elkaar heen (…).’

Passend onderwijs

Het beeld dat er met de invoering van passend onderwijs grote verschuivingen zijn opgetreden, klopt volgens de inspectie niet. ‘Leerlingen met een ondersteuningsbehoefte blijven vaker in het regulier onderwijs en vanuit het speciaal onderwijs gaan er leerlingen naar het regulier onderwijs. Het ging de afgelopen twee jaar om kleine verschuivingen, waardoor er per school geen of nauwelijks leerlingen uit het speciaal onderwijs bij komen’, zo staat in het onderwijsverslag.

Volgens de inspectie zijn er succesvolle interventies geweest om het aantal leerlingen dat zonder onderwijs thuiszit omlaag te brengen. ‘Samenwerkingsverbanden die doorzettingsmacht hebben georganiseerd, lijken er beter in te slagen leerlingen niet langdurig thuis te laten zitten.’

Informatie: André de Jong, 06-30056066, adejong@vosabb.nl

Basisscholen met autonome leerkrachten doen het goed

Basisscholen draaien beter als ze de autonomie van leerkrachten stimuleren. Dat concludeert Tessa Janssen die promotieonderzoek heeft gedaan naar de relatie tussen human resource management en prestaties in het primair onderwijs.

Uit het onderzoek van Janssen blijkt dat het welbevinden van leerkrachten en de prestaties van scholen veel baat hebben bij een goed ingebed human resource-beleid met bijvoorbeeld activiteiten gericht op werving, selectie, scholing, beoordeling en het vergroten van autonomie.

Schoolleiders spelen hierbij een cruciale rol. Als zij leerkrachten stimuleren door hun veel autonomie te geven en meer HRM-activiteiten toe te passen, hebben de leerkrachten het meer naar hun zin, concludeert Janssen. Scholen met dergelijke schoolleiders halen vaker hun gestelde doelen en zijn in staat in te spelen op ontwikkelingen in de omgeving.

Lees meer…

Samenwerkingsverband zet lang niet altijd door

In bijna de helft van de gevallen neemt het samenwerkingsverband het zoeken naar een passende oplossing voor een kind niet over als de school geen passend zorgarrangement kan bieden. Dat meldt de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS).

De vakbond van schoolleiders hield een enquête over passend onderwijs. Van de 400 schoolleiders die de vragenlijst invulden, geeft 70 procent aan dat de zorgplicht ingaat op het moment dat ouders op gesprek komen en hun kind aanmelden. Vorig jaar gaf 90 procent nog aan niet zomaar over te gaan tot inschrijving.

Het samenwerkingsverband (swv) weet twee op de drie kinderen te plaatsen, zo blijkt uit de enquête. Voor één op de drie wordt dus geen passende plek gevonden.

Ruim de helft van de schoolleiders geeft aan dat hun swv doorzettingsmacht heeft om een kind te plaatsen. In bijna de helft van de gevallen neemt het swv het zoeken naar een passende oplossing voor een kind niet over.

Thuiszitterspact

De enquête van de AVS stond in het teken van het Thuiszitterspact, dat in juni werd gesloten. Hierin werd afgesproken dat het aantal kinderen dat zonder onderwijs thuiszit fors omlaag moet.

Het Thuiszitterspact werd gesloten door de sectororganisaties PO-Raad en VO-raad, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de ministeries van OCW, VWS en Veiligheid en Justitie. De AVS werd er niet bij betrokken.

Lees meer…

Waarom schoolleiders niet in Lerarenregister?

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW legt in een brief aan de Tweede Kamer uit waarom schoolleiders niet in het Lerarenregister worden opgenomen. 

Het toevoegen van schoolleiders aan het Lerarenregister stuit volgens Dekker in de eerste plaats op een juridisch bezwaar. ‘Voor toegang tot het register moet een leraar voldoen aan de wettelijke bekwaamheidseisen. Voor schoolleiders zijn deze wettelijke eisen er niet’, aldus de staatssecretaris.

Daarnaast is er volgens hem een zwaarwegend inhoudelijk bezwaar. ‘De schoolleiders hebben momenteel al beroepsregisters, waarin zij hun eigen registratieproces en herregistratie-eisen vormgeven. Ik vind het signaal dat zij verplicht onder een ander regime vallen niet passen bij de verantwoordelijkheid die met deze registers bij de beroepsgroep zelf is belegd.’

Lees meer…

Cadeau van 40 miljoen op Nationale Schoolleiders Top

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW maakt 40 miljoen euro vrij om het voor schoolleiders in het basisonderwijs makkelijker te maken een masteropleiding te volgen. Het geld is bedoeld voor de jaren 2017-2022. Dekker maakte het nieuws bekend op de Nationale Schoolleiders Top in Utrecht.

Schoolleiders in het basisonderwijs willen wel een masteropleiding volgen, maar het blijkt vaak erg lastig om zich daarvoor vrij te roosteren. Met het extra geld wil Dekker dat makkelijker maken. ‘Dit biedt schoolleiders de kans om een master te halen en biedt jong talent de kans om ervaring op te doen als schoolleider’, aldus de staatssecretaris.

Hij noemde schoolleiders ‘het fundament onder ons onderwijs’. Zij maken volgens Dekker ‘het verschil’ voor veel docenten, leerlingen en ouders. ‘Ze smeden hechte teams en zorgen dat leraren de ruimte en het vertrouwen krijgen om hun werk goed te doen.’ Daarom is het zo belangrijk, vindt hij, dat schoolleiders een masteropleiding kunnen volgen zo meldt hij op de website van het ministerie van OCW.

Dekker en ook premier Mark Rutte hebben over de Schoolleiderstop getweet:

Schoolleiders moeten meer met professionalisering

Bijna eenderde van de schoolleiders zet zich niet in voor de professionalisering van leraren. Dat blijkt uit het rapport Education at a glance 2016 van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).

Van de Nederlandse schoolleiders zet 70 procent zich actief in om ervoor te zorgen dat leraren hun verantwoordelijkheid nemen in het verbeteren van hun vaardigheden. Dit is relatief veel in vergelijking met ons omringende landen, Scandinavische landen en Japan.

Dit relatief grote aandeel betekent echter ook dat bijna eenderde van de schoolleiders nog niet actief bezig is met de professionaliseringsslag van leraren. Uit het OESO-rapport blijkt verder dat Nederlandse schoolleiders in vergelijking met collega’s in andere landen relatief weinig lesobservaties uitvoeren.

Samenhangende leiderschapsstrategie voor meer professionalisering

Minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker  van OCW schrijven in een brief aan de Tweede Kamer dat dit voor hen aanleiding is ‘te werken aan een samenhangende leiderschapsstrategie met daarin meer aandacht voor samenwerking en het stimuleren van een cultuur van continue verbetering en formele professionalisering’.

Leraren willen graag nascholing

Leerkrachten, schoolleiders en bestuurders in het primair onderwijs onderschatten elkaars ambitie, motivatie en mogelijkheden. Dat blijkt uit onderzoek naar de vraag en het aanbod van nascholing.

Volgens de onderzoekers is er een grotere opleidingsbereidheid bij leerkrachten in het primair onderwijs dan schoolleiders en -bestuurders veronderstellen. ‘Daarbij is het van belang dat leerkrachten meer ruimte krijgen om de opgedane kennis binnen de school te kunnen toepassen’, zo staat in een brief van minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker van OCW aan de Tweede Kamer.

Uit het onderzoek blijkt verder dat schoolleiders en -bestuurders moeite hebben met de strategische inbedding en benutting van kennis uit opleidingen. ‘Zij ervaren onder meer praktische belemmeringen zoals gebrek aan roosterruimte en formatiecapaciteit en middelen om innovatie te faciliteren.’

Het ideaalbeeld van leraren, schoolleiders en – bestuurders is een meer innovatieve cultuur in de scholen te creëren waarbij de individuele professionele ontwikkeling aansluit bij de team- en schoolontwikkeling. ‘Dit vraagt om een professionele dialoog op de werkvloer tussen leerkrachten, schoolleiders en bestuurders en om het slechten van de praktische belemmeringen en drempels’, aldus Bussemaker en Dekker.

Voortgezet onderwijs

Er is ook onderzoek gedaan naar de vraag naar en het aanbod aan masteropleidingen voor leraren in het voortgezet onderwijs. Daaruit komt naar voren dat schoolleiders en -bestuurders de meerwaarde van docenten met een masteropleiding voor hun school duidelijk zien. ‘Van masteropgeleide docenten wordt bijvoorbeeld verwacht dat ze onderzoekstaken op zich kunnen nemen en dat ze betere ondersteuning kunnen geven aan leerlingen met leerproblemen’, zo staat in de brief van de minister en staatssecretaris.

Het onderzoek dat zich op het voortgezet onderwijs richtte, onderstreept volgens Bussemaker en Dekker eens te meer het belang van goed HRM-beleid op scholen. ‘Docenten hebben voldoende tijd en ruimte nodig om hun werk te kunnen combineren met het volgen van een master. Daarnaast is het van belang om masteropgeleide docenten voor het onderwijs te behouden door hen interessante loopbaanperspectieven te bieden.’

Uit het onderzoek blijkt verder dat de interesse van docenten en schoolleiders relatief vaak uitgaat naar verdieping op het vlak van onderwijsinnovaties, het ontwerp van onderwijs en toetsingsstrategieën.