Topambtenaar dringt aan op actieplan voor beter onderwijs

Voor meer economische groei op de lange termijn is een breed en ambitieus actieplan nodig voor beter en toekomstbestendig onderwijs. Dat stelt secretaris-generaal Maarten Camps van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat in een artikel in vakblad Economisch Statistische Berichten.

Hij wijst erop dat de gemiddelde resultaten van leerlingen in het basis- en voortgezet onderwijs geleidelijk afnemen, dat toptalent zich minder goed ontwikkelt en dat de kwaliteitsverschillen tussen scholen toenemen. Tevens noemt hij in zijn artikel de opkomst van particuliere scholen en studiebegeleiding. Die opkomst is volgens hem een signaal dat erop wijst dat de kwaliteit van het reguliere onderwijs onder druk staat. Bovendien werkt deze ontwikkeling kansenongelijkheid in de hand.

Het onderwijs heeft een brede opdracht, zo vervolgt Camps. ‘Een van de doelen is het aanbieden van kennis en vaardigheden waarmee leerlingen worden voorbereid op de volgende stappen in hun leven, waaronder het uitoefenen van een beroep. In een economie die sterk verandert, is dit een belangrijke uitdaging.’

Camps signaleert dat het onderwijs hier niet snel genoeg op anticipeert. Daarom is er volgens hem een breed en ambitieus actieplan nodig voor snelle verbetering en vernieuwing.

Lees het artikel Sturen op economische groei

Wetsvoorstel botst met autonomie schoolbesturen

Het Wetsvoorstel toekomstbestendig onderwijsaanbod tast op verscheidene punten de autonomie van de schoolbesturen aan. Bovendien bevat het onnodige elementen die in de praktijk belemmerend kunnen zijn. Dit staat in de reactie van VOS/ABB op de internetconsultatie bij dit wetsvoorstel.

VOS/ABB zet ernstige vraagtekens bij het voorgestelde verplichtende karakter van het op overeenstemming gericht overleg (oogo) in de regio. ‘In plaats van het initiatief aan de besturen te laten, wordt er een plicht opgelegd in de wet’, zo schrijft beleidsadviseur en belangenbehartiger Ronald Bloemers van VOS/ABB. Het verplichte oogo veroorzaakt extra bureaucratie. ‘Het geeft vooral druk op de besturen, in hun taakvervulling als schoolbestuur’, aldus Bloemers.

Het verplichte oogo kan volgens hem bovendien botsen met de primaire plicht van de schoolbesturen om voor goed onderwijs voor hun eigen leerlingen te zorgen. Hij wijst erop dat het wetsvoorstel beoogt dat een schoolbestuur in het verplichte oogo bij de planvorming niet mag kijken door de schoolbestuurlijke bril, waartoe het wel statutair en wettelijk verplicht is, maar door de ‘oogo-bril’ ten behoeve van toekomstbestendig onderwijsaanbod in de hele regio.

‘Er kan onmogelijk vanuit worden gegaan dat die twee brillen tegelijkertijd kunnen worden gedragen zonder strijdig te zijn in doel’, benadrukt Bloemers. Het verplichtende aspect is in de ogen van VOS/ABB dan ook ‘ongepast en allerminst wenselijk’.

Download de volledige reactie op de internetconsultatie.