Wetsvoorstel diagnostische toets ingetrokken

Het wetsvoorstel voor de invoering in het voortgezet onderwijs van een leerlingvolgsysteem, een diagnostische tussentijdse toets en verplichte deelname aan internationaal vergelijkend onderzoek is ingetrokken. Dat staat in een brief van onderwijsminister Arie Slob aan de Tweede Kamer.

In het voorstel stond dat scholen zouden worden verplicht om in de onderbouw van het voortgezet onderwijs een leerlingvolgsysteem te gebruiken dat de vorderingen van de leerlingen moest meten in de vakken Nederlands, Engels en wiskunde/rekenen.

Ook zou er aan het einde van de onderbouw bij alle leerlingen een diagnostische tussentijdse toets moeten worden afgenomen. Daarnaast zouden scholen wettelijk worden verplicht om informatie te verstrekken bij internationale onderzoeken.

In het regeerakkoord werd al aangekondigd dat dit wetsvoorstel zou worden ingetrokken. Dat is nu dus gebeurd.

Wetsvoorstel niet meer nodig

Slob benadrukt dat het wetsvoorstel niet meer nodig was, omdat inmiddels 92 procent van de scholen in het voortgezet onderwijs een leerlingvolgsysteem heeft en 88 procent dat systeem voldoende tot goed gebruikt. ‘Een wettelijke verplichting op dit punt (en de daarmee gepaard gaande toename van de administratieve lasten) is niet langer nodig’, aldus de minister, die in zijn brief verder niet rept over de diagnostische toets.

De deelname van scholen aan internationale vergelijkingsonderzoeken kan volgens Slob ook op andere manieren worden gestimuleerd dan met een wettelijke verplichting.

Onzekerheid over tussentijdse diagnostische toets

Het kan van de PvdA in de Tweede Kamer afhangen of het initiatiefwetsvoorstel van SGP en CDA om de diagnostische tussentijdse toets in het voortgezet onderwijs niet verplicht te stellen het haalt.

Het initiatiefwetsvoorstel van CDA’er Michel Rog en SGP’er Roelof Bisschop is niet gericht tegen de tussentijdse diagnostische toets zelf, maar tegen het verplichtende karakter ervan.

Zij vinden dat de politiek het onderwijs niet moet belasten met onnodige regels en bureaucratie en krijgen daarin steun van hun eigen fracties alsmede die van D66, GroenLinks en SP. VVD en PVV zijn hier duidelijk niet van overtuigd, terwijl de PvdA er nog over twijfelt. De steun van die partij kan uiteindelijk de doorslag geven.

De Partij van de Arbeid wil eerst weten of afschaffing van de verplichte diagnostische toets bijdraagt aan laagdrempelige toegang tot het onderwijs, gelijke kansen en het tot hun recht laten komen van verborgen talenten.

Wetsvoorstel tegen diagnostische toets

De Tweede Kamerleden Roelof Bisschop (SGP) en Michel Rog (CDA) hebben een wetsvoorstel gemaakt tegen de diagnostische toets in het voortgezet onderwijs.

Bisschop en Rog vinden het onjuist dat staatssecretaris Sander Dekker van OCW blijft vasthouden aan een verplichte diagnostische toets in het voortgezet onderwijs. Volgens de SGP’er en CDA’er is die toets helemaal niet nodig, omdat leraren de begeleiding en toetsing van hun leerlingen prima zelf kunnen organiseren.

Zij stellen dat hun wetsvoorstel tegen de diagnostische toets in het teken staat van de vrijheid van leraren. ‘Het is belangrijk dat we niet alleen vertrouwen uitspreken in leraren en scholen, maar ook de daad bij het woord voegen. Een meerderheid in de Kamer heeft dit ook aangegeven’, aldus Bisschop.

CDA-kamerlid Rog voegt daaraan toe: ‘Als het kabinet geen knoop wil doorhakken, dan moeten wíj dat maar doen. Daarom dit wetsvoorstel. Op basis van de eerdere meerderheid in de Tweede Kamer verwacht ik dat het parlement ook akkoord zal gaan met dit voorstel.’

Dekker hekelt trage samenwerkingsverbanden

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW heeft stevige taal geuit naar samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs die te traag handelen. Hij heeft met die swv’s ‘nog wel een appeltje te schillen’. Dekker zei dit donderdag in het Tweede Kamerdebat over de onderwijsbegroting voor 2014.

In het debat kwamen onder andere de vorderingen met passend onderwijs aan de orde. Op 1 augustus 2014 krijgen alle scholen in het primair en voortgezet onderwijs zorgplicht. De besturen van die scholen worden dan verantwoordelijk voor een passende plaats voor elke leerling. Als die plaats niet op de school kan worden geboden waar de leerling is aangemeld, moeten er in het samenwerkingsverband voor worden gezorgd dat de betreffende leerling elders terecht kan.

Voor de invoering van passend onderwijs moeten samenwerkingsverbanden nieuwe stijl worden opgericht. Uiterlijk op 1 november (de dag waarop dit bericht is gepubliceerd) had dit moeten zijn gebeurd. Het gaat om 76 swv’s in het primair onderwijs en 74 in het voortgezet onderwijs. De realiteit is echter dat nog niet de helft hiervan de deadline heeft gehaald. Daarnaast klinken er in het onderwijs steeds meer kritische geluiden dat de scholen nog lang niet klaar zijn voor passend onderwijs.

Onder andere de SP en D66 in de Tweede Kamer willen dat passend onderwijs niet op 1 augustus 2014, maar gefaseerd of met een jaar uitstel wordt ingevoerd. Dekker liet in het debat weten dat hij daar niets voor voelt, omdat daarmee een verkeerd signaal zou worden afgegeven aan de swv’s die ‘achterover leunen’. Bovendien zou het niet fair zijn tegenover de regio’s waar al wel swv’s voortvarend aan de slag zijn.

Toetsen
In het debat kwam ook de kleutertoets aan bod, waar een deel van de Tweede Kamer ernstige bezwaren tegen heeft. Zo benadrukte de SGP dat kleuterleerkrachten zelf professioneel genoeg zijn om de ontwikkelingen van hun leerlingen te monitoren. Dekker blijft echter meerwaarde zien in de kleutertoets, omdat die volgens hem een goede, want objectieve indicator is. Hij weersprak dat de toets stress bij kleuters zou veroorzaken: ‘Ze zitten echt niet in rijen achter elkaar te zweten op de opgaven’.

De gemiddelde citoscore per school als beleidsinstrument voor onderwijskwaliteit kon in het debat rekenen op veel kritiek. VOS/ABB heeft hierover eerder al bij de Tweede Kamer  en de staatssecretaris aan de bel getrokken. Dekker zei dat de gemiddelde citoscore nu het enige objectieve instrumentarium is waarover hij beschikt. Hij zegde toe de gemiddelde citoscore per school niet meer te zullen gebruiken zodra er een beter alternatief voor is.

Ook de tussentijdse diagnostische toets in het voortgezet onderwijs werd besproken. Veel scholen hebben bezwaren tegen het wetsvoorstel voor die volgens hen overbodige toets. VOS/ABB en collega-organisaties hebben die bezwaren verwoord in een brief aan de Kamer en Dekker. De staatssecretaris zei dat dit onderwerp later zal worden besproken bij de behandeling van het wetsvoorstel.

Kleinescholentoeslag en fusietoets
Bij de gevolgen van demografische krimp op het onderwijs kwam het omzetten van de kleinescholentoeslag in een bonus op samenwerking aan de orde. Met name de christelijke partijen willen dat de kleinescholentoeslag blijft bestaan, omdat anders volgens hen veel kleine dorpsscholen zullen verdwijnen.

Dekker herhaalde zijn standpunt dat de kleinescholentoeslag samenwerking tussen verschillende kleine scholen in de weg zit en dat er daarom een ander systeem moet komen. Hij benadrukte dat het budget dat nu voor de kleinescholentoeslag beschikbaar is, blijft bestaan. Wat betreft de fusietoets zei hij dat die moeten worden aangepast, omdat dit instrument tegen schaalvergroting de broodnodige samenwerking in krimpgebieden kan belemmeren. Met dit punt sluit Dekker naadloos aan op de politieke lobby van VOS/ABB.

De staatssecretaris toonde zich op aandringen van de PvdA bereid om naar een initiatief uit Zeeland te kijken om ouders het bestuur van kleine dorpsscholen te laten overnemen, met het doel om die samen te voegen in clusters van schooltjes verspreid over krimpregio’s in het land. Dit initiatief komt uit het dorp Kats op Noord-Beveland, waar onlangs de openbare Prinses Margrietschool is gesloten.

Instemmingsrecht en kwaliteit
Bij het onderwerp ‘medezeggenschap’ kwam de mogelijkheid van instemmingsrecht op hoofdlijnen van de begroting van onderwijsbesturen aan bod. Een deel van de Tweede Kamer wil dat -met name de SP- maar staatssecretaris Dekker ziet hier niets in. Hij is het ermee eens dat ouders en leerkrachten een stevige stem moeten hebben in het beleid van de schoolorganisatie, maar vindt dat instemmingsrecht op hoofdlijnen van de begroting te ver gaat.

Hoewel er nog meer onderwerpen aan bod kwamen, is het laatste onderwerp dat in dit artikel wordt belicht het beleid om de kwaliteit van leraren te verbeteren. Dekker staat positief tegenover het initiatief van de VVD om in de bovenbouw van het vwo alleen nog maar academische geschoolde leraren voor de klas te laten staan. Maar hij tekende hierbij wel aan dat dit onder de huidige omstandigheden ‘irreëel’ is.

Over het Lerarenregister zei de staatssecretaris dat als leraren daar in de toekomst uit worden ‘geknikkerd’, zij wat hem betreft niet meer voor de klas mogen staan.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl