Waar zijn grootste risico’s op onderwijsachterstanden?

Het ministerie van OCW en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) hebben online kaarten gemaakt waarop tot op wijkniveau te zien is waar de grootste risico’s zijn op onderwijsachterstanden. 

De online kaarten zijn gemaakt in het kader van de nieuwe verdeling van het onderwijsachterstandengeld over de gemeenten. Voor die verdeling gebruikt het ministerie van OCW een nieuwe indicator die is ontwikkeld door het CBS. Het doel daarvan is dat het geld evenwichtiger wordt verdeeld.

Met behulp van de nieuwe indicator kunnen onderwijsscores worden berekend per peuter (2,5 tot 4 jaar) en basisschoolleerling. De onderwijsscores bij elkaar opgeteld vormen de achterstandsscores per gemeente. Deze scores drukken de verwachte achterstandsproblematiek per gemeente uit. Op basis daarvan verdeelt OCW het onderwijsachterstandenbudget.

Om het toegekende geld zo doelgericht mogelijk in te kunnen zetten, is het voor gemeenten van belang om te weten waar het risico op onderwijsachterstanden het grootst is. Dat kunnen ze tot op wijkniveau zien op de online kaarten die nu voor iedereen beschikbaar zijn.

Geld onderwijsachterstanden anders verdeeld

‘Het geld dat gemeenten en scholen krijgen om risico’s op onderwijsachterstanden bij kinderen tegen te gaan, wordt beter verdeeld over het land’, meldt de website van de rijksoverheid. De ministerraad heeft op voorstel van onderwijsminister Arie Slob ingesteld met de andere verdeling.

De komende jaren gaat het budget, zoals afgesproken in het regeerakkoord, met 170 miljoen euro omhoog voor gemeenten. Scholen krijgen structureel 260 miljoen euro. ‘Daarmee komt de totale investering van het kabinet in het bieden van onderwijskansen aan kinderen uit op 746 miljoen euro’, zo staat op rijksoverheidswebsite.

Het kabinet zegt voor een verdeelsleutel te kiezen ‘waarmee de onderwijskansen worden vergroot van kinderen die dit het hardst nodig hebben’. In het nieuwe systeem gaat minder meetellen waar een kind woont: er wordt meer gekeken naar het risico op een achterstand dan of het kind in een kleine of grote gemeente woont.

Minister Slob zegt daar dit over: ‘Ik wil dat ieder kind in Nederland, ongeacht in welke omgeving het opgroeit, de kans krijgt om zijn gaven en talenten tot bloei te laten komen. Alles overwegende lukt dat het beste als we het geld hiervoor op deze manier verdelen.’

Lees meer…