Ruime meerderheid kiest voor Zwarte Piet

Zwarte Piet wint het ruimschoots van de roetveeg- en regenboogpieten. Dat blijkt uit het onderzoek Sinterklaasviering in het basisonderwijs van DUO Onderwijsonderzoek.

Van de schooldirecteuren die voor dit onderzoek zijn benaderd, geeft 85 procent aan dat Sinterklaas wordt vergezeld door de traditionele Zwarte Piet. Daarnaast geeft een kwart van de directeuren aan dat er (ook) één of meer roetveegpieten aanwezig zijn. Regenboogpieten worden genoemd in 4 procent van de antwoorden.

Uit het onderzoek blijkt ook dat er sterke regionale verschillen zijn. In Amsterdam, Rotterdam en Den Haag en omgeving is de traditionele Zwarte Piet met 17 procent duidelijk een minderheid geworden. De roetveegpieten zijn in de grote steden met 84 procent ruim in de meerderheid.

Geen discussie over Zwarte Piet

Bijna driekwart van de directeuren geeft aan zich bij de keuze voor een traditionele of andersoortige Piet niet te hebben laten beïnvloeden door de discussie over het al of niet racistische karakter van Zwarte Piet.

Lees meer…

‘Voldoende aandacht voor slavernijverleden’

Bij de curriculumherziening van het primair en voortgezet onderwijs zal aandacht voor migratiegeschiedenis en het slavernijverleden onderdeel van de kerndoelen blijven. Dat staat in antwoorden van minister Jet Bussemaker van OCW op Kamervragen van Tunahan Kuzu van DENK.

Kuzu stelde de vragen over de curriculumherziening in het verlengde van vragen over de VOC-dag op de Bataviawerf in Lelystad. Een aantal mensen had bezwaar tegen dit evenement vanwege het omstreden verleden van de Vereenigde Oostindische Compagnie.

Het DENK-Kamerlid wilde van de minister weten of het onderwijs voldoende aandacht heeft voor ‘de wandaden van de VOC en het slavernijverleden’.  Volgens Bussemaker is dat het geval: ‘Alle basis- en middelbare scholen moeten in hun onderwijs aandacht besteden aan de geschiedenis van de VOC, aan het slavernijverleden en de rol die Nederland daarbij speelde.’

Ze verwijst daarbij naar de onderwerpen VOC (1602-1799) en Slavernij – Mensenhandel en gedwongen arbeid in de Nieuwe Wereld (1637-1863) uit de Canon van Nederland.

Slavernijverleden zit al in kerndoelen

Op de vraag of Bussemaker bereid is ‘om in het traject van de curriculumherziening van het primair onderwijs en het voortgezet onderwijs in te zetten op het vastleggen van migratiegeschiedenis en het slavernijverleden als kerndoelen in het onderwijs’, antwoordt zij dat dat niet nodig is.

‘Migratiegeschiedenis en slavernijverleden zijn op dit moment reeds onderdeel van het formele curriculum voor het primair en voortgezet onderwijs (…). Bij de curriculumherziening zal erop worden toegezien dat dit gewaarborgd blijft’, aldus Bussemaker.