Inrichtingsvrijheid swv’s kent voor- en nadelen

De inrichtingsvrijheid van de samenwerkingsverbanden (swv’s) voor passend onderwijs heeft voor- en nadelen. Dat staat in het rapport Juridisch perspectief op de governance van samenwerkingsverbanden.

Een voordeel is van de inrichtingsvrijheid dat er ‘bestuurlijk maatwerk’ is ontstaan, wat in lijn is met ‘de wettelijke ruimte voor verschillende rechtsvormen en bestuursmodellen van samenwerkingsverbanden’, zo staat in het rapport.

In dit kader wordt opgemerkt dat in de wettelijke systematiek de autonomie van de schoolbesturen het uitgangspunt is geweest en dat swv’s nu binnen de wettelijke kaders zelf kunnen bepalen welke taken zij op zich nemen en welke niet.

Een nadeel dat aan de veelvormigheid van de swv’s en de sterke positie van de autonome schoolbesturen kleeft is dat het toezicht lastig kan zijn, terwijl deugdelijke governance van groot belang is voor het goed functioneren van de swv’s.

Lees meer…

Rekenkamer zeer kritisch over passend onderwijs

Het is onduidelijk waaraan het geld voor passend onderwijs wordt besteed, meldt de Algemene Rekenkamer.

In 2016 gaf het ministerie van OCW 2,4 miljard euro uit aan passend onderwijs in het primair en voortgezet onderwijs. ‘Hoewel een van de doelen van passend onderwijs was dat transparanter zou worden waaraan de gelden voor leerlingenondersteuning worden besteed, is het zicht op de besteding (…) niet verbeterd’, aldus de Algemene Rekenkamer.

Weinig informatie

Er valt volgens de rekenkamer uit de verantwoordingsstukken van de samenwerkingsverbanden passend onderwijs en schoolbesturen weinig informatie te halen over de besteding. Bovendien zijn er ‘indicaties dat de wel beschikbare informatie van onvoldoende kwaliteit is’.

Vooral horizontale verantwoording had voor meer transparantie moeten zorgen, maar dat is niet gebeurd. ‘Het intern toezicht in de meeste samenwerkingsverbanden is niet onafhankelijk: zowel in het bestuur als in het interne toezicht zijn vooral schoolbesturen vertegenwoordigd. Ook is het de vraag of de ondersteuningsplanraden (…) voldoende tegenwicht kunnen bieden.’

Zwak ontwikkeld

Ook over de interne checks and balances in de samenwerkingsverbanden is de Algemene Rekenkamer zeer kritisch: ‘al met al zwak ontwik­keld’. Dat leidt er volgens de rekenkamer toe dat schoolbesturen het instellingsbelang zwaarder kunnen laten wegen dan het belang van de leerling.

De Tweede Kamer had gevraagd om inzicht in het aantal leerlingen met een extra ondersteuningsbehoefte, maar dat inzicht kan volgens de Algemene Rekenkamer niet worden geboden: ‘Het zogenoemde zorgvinkje – de registratie in het Basisregister Onderwijs (BRON) van ontwikkelingsperspectieven voor leerlingen die extra ondersteuning krijgen – biedt dit inzicht onvoldoende en is onbetrouwbaar.’

Meer inzicht

De Algemene Rekenkamer vindt het belangrijk dat er op het niveau van afzonderlijke samenwerkingsverbanden meer inzicht komt in waar zij hun geld aan besteden en welke resultaten zij daarmee bereiken. ‘Er zijn namelijk signalen dat de leerlingenondersteuning nog niet overal goed loopt.’

Lees meer…

Samenwerkingsverband zet lang niet altijd door

In bijna de helft van de gevallen neemt het samenwerkingsverband het zoeken naar een passende oplossing voor een kind niet over als de school geen passend zorgarrangement kan bieden. Dat meldt de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS).

De vakbond van schoolleiders hield een enquête over passend onderwijs. Van de 400 schoolleiders die de vragenlijst invulden, geeft 70 procent aan dat de zorgplicht ingaat op het moment dat ouders op gesprek komen en hun kind aanmelden. Vorig jaar gaf 90 procent nog aan niet zomaar over te gaan tot inschrijving.

Het samenwerkingsverband (swv) weet twee op de drie kinderen te plaatsen, zo blijkt uit de enquête. Voor één op de drie wordt dus geen passende plek gevonden.

Ruim de helft van de schoolleiders geeft aan dat hun swv doorzettingsmacht heeft om een kind te plaatsen. In bijna de helft van de gevallen neemt het swv het zoeken naar een passende oplossing voor een kind niet over.

Thuiszitterspact

De enquête van de AVS stond in het teken van het Thuiszitterspact, dat in juni werd gesloten. Hierin werd afgesproken dat het aantal kinderen dat zonder onderwijs thuiszit fors omlaag moet.

Het Thuiszitterspact werd gesloten door de sectororganisaties PO-Raad en VO-raad, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de ministeries van OCW, VWS en Veiligheid en Justitie. De AVS werd er niet bij betrokken.

Lees meer…

Handreiking gegevensuitwisseling passend onderwijs

Het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) heeft een handreiking gepubliceerd over passend onderwijs en gegevensuitwisseling.

In de handreiking komt onder andere aan bod wat verstaan wordt onder verwerken van persoonsgegevens, gegevensuitwisseling binnen school, uitgangspunten voor gegevensuitwisseling met externe samenwerkingspartners, doelbinding en transparantiebeginsel, rechten van ouders en leerling en bijzondere persoonsgegevens.

De handreiking is bedoeld voor scholen die in het kader van passend onderwijs samenwerken met onder andere jeugdhulp, de leerplichtambtenaar en de jeugdgezondheidszorg.

Download Handreiking gegevensuitwisseling

Passend onderwijs: iemand móet knoop doorhakken

In het nieuwe schooljaar moet elk samenwerkingsverband voor passend onderwijs een bepaalde vorm van doorzettingsmacht hebben.

Dit betekent dat een persoon of commissie in staat moet zijn de knoop door te hakken als ouders, school en eventuele andere instanties het niet lukt passend onderwijs te realiseren voor een kind dat thuiszit.

Als dit over een jaar niet in alle samenwerkingsverbanden in orde is, volgen er mogelijk wettelijke maatregelen. Dat bleek in de Tweede Kamer tijdens een algemeen overleg over passend onderwijs.

Passend onderwijs 2020: geen thuiszitters meer

Tijdens dit overleg herhaalde staatssecretaris Sander Dekker van OCW de doelstelling dat in 2020 geen enkel kind langer dan drie maanden zonder passend onderwijsaanbod thuis mag zitten. Harde afspraken over een afname van het aantal thuiszitters op korte termijn wilde de staatssecretaris echter niet maken.

Er werd in de Kamer ook gesproken over het idee van een standaardniveau van basisondersteuning. Dekker zei dat hij dit voorlopig niet aan alle scholen wil opleggen, omdat het geen recht zou doen aan regionale verschillen.

Verder zei de staatssecretaris dat hij met besturen- en lerarenorganisaties in gesprek wil om te kijken hoe de werkdruk en bureaucratie kunnen worden verminderd.

 

Vervolgonderzoek naar bureaucratie passend onderwijs

Het Kohnstamm Instituut voert in opdracht van het ministerie van OCW een vervolgonderzoek uit naar bureaucratie in het kader van passend onderwijs.

Het verminderen van bureaucratie is een van de doelstellingen van passend onderwijs. Het vervolgonderzoek van het Kohnstamm Instituut moet uitwijzen of die doelstelling in het primair en voortgezet onderwijs wordt bereikt. Het onderzoek richt zich onder anderen op intern begeleiders, zorgcoördinatoren, leraren en mentoren.

Doe mee aan het vervolgonderzoek

Passend onderwijs loopt goed, maar is nog niet af

Door het jaar heen zijn scholen, ouders en samenwerkingsverbanden beter bekend geraakt met de wet- en regelgeving en beginnen zij de ruimte te gebruiken die hun hiermee wordt geboden. Dat staat in de zevende voortgangsrapportage over passend onderwijs, die staatssecretaris Sander Dekker van OCW naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

In de voortgangsrapportage staat onder andere dat leerlingen die zonder onderwijs thuiszitten steeds beter in beeld komen: ‘Onderwijs en gemeenten registreren beter over welke leerlingen het gaat en maken afspraken over hoe voor alle leerlingen een passende plek gevonden kan worden. Meer dan de helft van de samenwerkingsverbanden organiseert, al dan niet met de gemeenten, een doorzettingsmacht om een plek te realiseren als de partijen er samen niet uit komen. Concreet betekent dit dat één persoon mandaat heeft gekregen om een passend aanbod te doen.’

De rapportage gaat ook in op de maatregelen die zijn genomen om de knelpunten op te lossen die scholen en ouders ervaren in het onderwijs voor leerlingen met een ernstige meervoudige beperking. Dit voorjaar was daar veel discussie over. ‘Naar aanleiding daarvan is een regeling gemaakt voor aanvullende bekostiging, is er één formulier waarmee voor deze groep leerlingen een toelaatbaarheidsverklaring voor het speciaal onderwijs kan worden aangevraagd en kunnen ouders en scholen een beroep doen op de onderwijszorgconsulenten om bij onenigheid samen tot een oplossing te komen.’

Hoewel er dus positieve ontwikkelingen zijn, is passend onderwijs nog niet af. ‘Scholen en samenwerkingsverbanden leren van hun ervaringen en kunnen daarmee hun werkwijze verbeteren. De komende periode staat in het teken van het doorontwikkelen van passend onderwijs.’

Ondersteuning VOS/ABB
VOS/ABB kan op het gebied van passend onderwijs ondersteuning bieden aan schoolbesturen en samenwerkingsverbanden. U kunt daarvoor contact opnemen met Anna Schipper (06-30056066, aschipper@vosabb.nl).

U kunt natuurlijk ook bellen of mailen met de Helpdesk van VOS/ABB: 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl.

Zelfevaluatie en quickscan passend onderwijs

VOS/ABB heeft een handreiking gemaakt die samenwerkingsverbanden passend onderwijs kunnen gebruiken voor zelfevaluatie. Bij de handreiking zit een praktische quickscan.

De samenwerkingsverbanden zijn nu bijna een schooljaar bezig om hun weg te vinden in de nieuwe organisatie van passend onderwijs. Het was een schooljaar van overgangen, waarin oude werkwijzen werden vervangen door nieuwe.

Nu het einde van het eerste schooljaar met passend onderwijs nadert, is het tijd de ontwikkelingen van afgelopen jaar te evalueren. Hoe zijn deze verlopen en waar zijn nog verbeteringen denkbaar of nodig?

De beleidsmedewerkers Anna Schipper en Simone Baalhuis van VOS/ABB hebben de handreiking voor zelfevaluatie geschreven. Er worden verschillende domeinen benoemd, zoals governance, management & organisatie, communicatie en resultaten.

Bij de handreiking zit een quickscan om snel een overzicht te krijgen van het reilen en zeilen van het samenwerkingsverband.

De handreiking en quickscan kunnen door samenwerkingsverbanden die bij VOS/ABB zijn aangesloten worden gedownload uit het besloten gedeelte van deze website:

Handreiking en quickscan passend onderwijs 

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Samenwerkingsverbanden goed van start

De samenwerkingsverbanden en scholen zijn per 1 augustus goed van start gegaan met passend onderwijs. Dat schrijft staatssecretaris Sander Dekker van OCW aan de Tweede Kamer. Eind november komt er een voortgangsrapportage.

‘Passend onderwijs krijgt nu echt invulling in het land’, aldus Dekker in zijn brief aan de Tweede Kamer. Hij noemt daarbij de eerste toelaatbaarheidsverklaringen voor het speciaal onderwijs die door de nieuwe samenwerkingsverbanden zijn afgegeven. Het is volgens hem goed om te zien dat scholen en samenwerkingsverbanden de extra ruimte gebruiken die ze hebben gekregen om voor leerlingen een passend plek in het onderwijs te vinden.

Wat volgens Dekker nog aandacht vraagt, is de bedrijfsvoering van de samenwerkingsverbanden. ‘Dit sluit aan bij het beeld zoals in juni is geschetst in de vorige voortgangsrapportage passend onderwijs’, aldus Dekker.

Meerjarenbegroting samenwerkingsverbanden
VOS/ABB ziet ook dat er meer aandacht nodig is voor de bedrijfsvoering van de samenwerkingsverbanden. Daarom zijn er na de herfstvakantie twee bijeenkomsten voor het primair respectievelijk voortgezet onderwijs over de meerjarenbegroting.

Aan deze bijeenkomsten wordt meegewerkt door onze financieel experts Bé Keizer en Ron van der Raaij en door Eric de Vries van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO). De organisatie van de twee bijeenkomsten ligt in handen van Anna Schipper, die binnen VOS/ABB de specialist is op het gebied van passend onderwijs.

Lees meer en meld u online aan…

Verzekeringsaanbod voor samenwerkingsverbanden

Hoewel 1 augustus als invoeringsdatum voor passend onderwijs nadert, zijn nog niet alle samenwerkingsverbanden passend verzekerd. U kunt natuurlijk nog steeds gebruikmaken van het aanbod dat VOS/ABB’s verzekeringspartner Aon speciaal voor samenwerkingsverbanden heeft ontwikkeld.

De praktijk wijst uit dat sommige nieuw opgerichte samenwerkingsverbanden (swv’s) het besluit om zich te verzekeren nog steeds voor zich uitschuiven. Hoewel de swv’s nieuwe stijl strikt genomen nu nog geen concrete taken uitvoeren, is het aan te raden om in elk geval enkele basisvoorzieningen te treffen. Het op de lange baan schuiven van de verzekeringskwestie is sowieso buitengewoon onverstandig.

De taken van de samenwerkingsverbanden brengen risico’s met zich mee, voornamelijk op het gebied van aansprakelijkheid. Deze risico’s zijn via Aon te verzekeren, zodat de financiële positie van de samenwerkingsverbanden wordt beschermd. Dit is zeker van groot belang vanaf 1 augustus, wanneer de swv’s hun taken gaan uitvoeren.

Meer informatie staat in het verzekeringsprogramma voor samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs. Aon heeft ook een checklist voor aansprakelijkheidsrisico’s gemaakt.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Samenwerkingsverbanden klaar voor passend onderwijs

De samenwerkingsverbanden zijn klaar voor de invoering van passend onderwijs, maar het schort nog wel aan de informatie aan ouders en onderwijspersoneel. Dat blijkt uit de Vijfde voortgangsrapportage.

‘Alle mijlpalen zijn gehaald en die prestatie van de samenwerkingsverbanden is een compliment waard’ en er is ‘voldoende vertrouwen in een succesvolle start’, zo staat in de voortgangsrapportage. Passend onderwijs wordt op 1 augustus ingevoerd, als het schooljaar 2014-2015 officieel begint.

Maatwerk
In de voortgangsrapportage staat ook dat de ondersteuningsplannen grote diversiteit laten zien. ‘De verschillen zorgen ervoor dat aangesloten kan worden bij de lokale situatie en maatwerk voor leerlingen mogelijk wordt’.

Per 1 augustus zal er nog weinig veranderen: ‘Samenwerkingsverbanden kiezen voor een geleidelijke overgang, waarbij de komende jaren een doorontwikkeling zal plaatsvinden’. Dit betekent dat het nieuwe schooljaar grotendeels begint zoals het huidige wordt beëindigd: ‘De begeleiding aan leerlingen die nu een rugzakje hebben wordt bijvoorbeeld veelal voortgezet.’

Informatie
Belangrijk aandachtspunt voor de komende periode, zo vervolgt de voortgangsrapportage, is het informeren en betrekken van ouders en onderwijspersoneel. ‘Uit de tweede meting onder ouders blijkt dat zij iets beter weten wat passend onderwijs betekent in vergelijking met de meting uit februari.’

Ouders van leerlingen met een rugzakje die aan hebben gegeven nog niet in contact te zijn met de school, ontvangen binnenkort een brief waarin opgeroepen wordt in gesprek te gaan met school. Ouders kunnen daarbij ondersteuning vragen bij het steunpunt passend onderwijs voor ouders.

Onderwijspersoneel wil graag weten wat er komend schooljaar in hun eigen klas verandert. ‘Zij zijn onzeker over de ambigue boodschappen die zij krijgen: via officiële kanalen horen zij dat er vooralsnog weinig verandert, maar het beeld in de media zorgt voor onrust.’

Rust
Het ministerie van OCW roept scholen en onderwijspersoneel daarom nogmaals op om duidelijkheid te creëren over wat er voor leraren in de klas verandert. ‘Het geeft leraren rust als zij weten dat er op hun school komend schooljaar nog weinig verandert’, zo staat in de voortgangsrapportage.

Nu al behandeling geschil passend onderwijs mogelijk

De landelijke Geschillencommissie passend onderwijs biedt de mogelijkheid om vóór 1 augustus 2014, wanneer passend onderwijs wordt ingevoerd, geschillen te behandelen die er nu al zijn.

Het gaat hierbij om geschillen over toelating van een leerling met een extra ondersteuningsvraag die met ingang van het nieuwe schooljaar wil beginnen in het primair, voortgezet of (voortgezet) speciaal onderwijs.

Voorwaarde om een geschil in behandeling te nemen, is dat de ouders en schoolbestuur ermee instemmen dat de commissie het geschil behandelt.

De termijn voor het indienen van het verzoekschrift is zes weken. U kunt hiervoor een model gebruiken.

Lees meer…

Samenwerkingsverbanden passend onderwijs op koers

De samenwerkingsverbanden liggen op koers voor de invoering van passend onderwijs op 1 augustus aanstaande. Dat stelt staatssecretaris Sander Dekker van OCW op basis van de vierde voortgangsrapportage Passend Onderwijs, die hij naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

‘De conceptplannen van de samenwerkingsverbanden zijn afgerond en daaruit blijkt dat er komend schooljaar geen grote veranderingen optreden. Dat geeft scholen de kans om passend onderwijs in de komende jaren samen met leraren, ouders en leerlingen zorgvuldig en geleidelijk vorm en inhoud te geven’, zo schrijft Dekker aan de Kamer.

Hij signaleert echter ook dat ouders en leraren zich nog onvoldoende geïnformeerd voelen. ‘Nu de plannen zijn afgerond, zijn schoolleiders in staat om leraren en ouders duidelijkheid te geven over hoe passend onderwijs er in het nieuwe schooljaar uit zal zien. Mijn inzet is dat ouders en leraren voor 1 mei geïnformeerd zijn.’

Dekker benadrukt dat goede informatie over passend onderwijs van bijzonder van belang is voor ouders van leerlingen met een rugzakje, omdat deze vorm van financiering vervalt. ‘Ook als de ondersteuning voor deze leerlingen nagenoeg hetzelfde blijft, is het van belang dat de school de zorgen van ouders wegneemt’, aldus de staatssecretaris.

Hij heeft in een brief alle samenwerkingsverbanden, schoolbesturen en schooldirecteuren opgeroepen om voor 1 mei aanstaande het gesprek te voeren met ouders en leraren.

Handreiking over wijzigingen passend onderwijs

Een nieuwe handreiking over passend onderwijs informeert schoolbesturen, scholen, samenwerkingsverbanden en gemeenten over wijzigingen op het gebied van organisatie en bekostiging.

De organisatie en bekostiging van onderwijs en zorg veranderen door de invoering van passend onderwijs per 1 augustus aanstaande en de herziening van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). De handreiking gaat over deze wijzigingen en het tijdpad dat hiermee samenhangt.

De handreiking is samengesteld door de PO-Raad, VO-raad, de ministeries van OCW en VWS en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). In de loop van het jaar komt er een update van de handreiking, omdat de herziening van de AWBZ nog verder wordt uitgewerkt.

Handreiking downloaden

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Presentaties symposium passend onderwijs

Twee presentaties die zijn gegeven tijdens het gratis toegankelijke VOS/ABB-symposium over passend onderwijs en aansprakelijkheid zijn online beschikbaar.

Het symposium werd op woensdag 4 december gehouden in Amersfoort. Het sloot aan op de algemene ledenvergadering van VOS/ABB. Mede-organisator van het symposium was VOS/ABB’s verzekeringspartner Aon. Er waren drie sprekers, die op verschillende aspecten van passend onderwijs en aansprakelijkheid ingingen: Pieter Huisman, Brechtje Paijmans en Klaas te Bos.

Mogelijke conflicten
Pieter Huisman is bijzonder hoogleraar onderwijsrecht op pluriforme grondslag aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Zijn leerstoel wordt mede door VOS/ABB in stand gehouden. Het terrein waarop Huisman actief is, betreft specifiek het openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs.

De Rotterdamse hoogleraar gaf in zijn presentatie een toelichting op mogelijke conflicten die na de invoering van passend onderwijs kunnen ontstaan tussen schoolbesturen, samenwerkingsverbanden en gemeenten. Die mogelijke conflicten kunnen gaan over de vraag wie precies verantwoordelijk en dus aansprakelijk is voor de toelating en verwijdering van leerlingen.

Huisman wees erop dat met passend onderwijs in feite geen zorgplicht, maar aanmeldingsrecht ontstaat: ouders hebben het recht hun kind aan te melden bij een school van hun keuze en de onderwijsorganisatie waar het kind is aangemeld moet zorgen voor een passend onderwijsaanbod binnen of buiten de eigen organisatie.

Hij wees er ook op dat er na invoering van Wet passend onderwijs op 1 augustus 2014 ook de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte van invloed blijft. Op basis van die wet kunnen ouders van een leerling bij een conflict naar het College voor de Rechten van de Mens. Adviezen van dit college zijn niet bindend, maar wordt over het algemeen wel als zodanig beschouwd.

Privaat en publiek recht
Brechtje Paijmans is advocaat bij Doelen Advocatuur en docent/onderzoeker aan de Universiteit Utrecht. Zij is dit jaar gepromoveerd op haar proefschrift De zorgplicht van scholen. De grondslag en reikwijdte van de civielrechtelijke zorgvuldigheidsnorm van scholen jegens leerlingen. In haar toelichting ging ze in op de vraag of scholen aansprakelijk kunnen worden gesteld als ze na invoering van de Wet passend onderwijs niet aan de zorgplicht zouden voldoen.

In haar toelichting ging ze in op de zorgplicht van scholen voor leerlingen met een bepaalde zorgbehoefte en de daaraan gekoppelde mogelijke aansprakelijkheid van deze scholen. ‘De school kan wel worden afgerekend op de input, maar niet op de output’, aldus Paijmans. Het is van belang dat de school kan aantonen dat er voldoende actie is ondernomen en waarom bepaalde keuzes zijn gemaakt.

Hoofdelijk aansprakelijk
Klaas te Bos was tot voor kort werkzaam voor VOS/ABB. Hij ging dit jaar met pensioen, maar is nog altijd actief betrokken bij de vereniging en diverse bestuurlijke en juridische kwesties die het bestuur van het openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs raken.

Hij ging onder andere in op de mogelijkheid dat bestuurders hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld als blijkt dat er zaken in hun organisatie niet goed zijn gegaan. In eerste instantie zal weliswaar het bestuur als rechtspersoon worden aangesproken, maar hoofdelijke aansprakelijkheid is dus ook mogelijk. Dit geldt tevens voor interne toezichthouders.

Te Bos signaleert een maatschappelijke trend dat de rol van bestuurders en toezichthouders steeds meer onder het vergrootglas komt te liggen. Die trend hangt samen met misstanden bij onder andere woningcorporaties, zorginstellingen en onderwijsorganisaties. Een voorbeeld uit die laatste categorie is de gevallen onderwijskolos Amarantis.

Het is volgens Te Bos nog niet duidelijk wat een wetsvoorstel van minister Ivo Opstelten van Veiligheid en Justitie in dit kader zal betekenen voor het onderwijs. Opstelten wil dat er voor interne toezichthouders strakkere regels komen en dat de drempel om hen op hun handelen aan te spreken omlaag moet. Het wetsvoorstel heeft betrekking op de semi-publieke sector.

Downloaden
De presentaties van Pieter Huisman en Klaas te Bos zijn in digitale vorm beschikbaar:

Brechtje Paijmans stelt haar presentatie niet online beschikbaar. Wel kan VOS/ABB u haar presentatie op verzoek per post toesturen. U kunt daarvoor een e-mail sturen naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Presentatie Brechtje Paijmans’. Vermeld in uw verzoek duidelijk uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en het adres waarop de presentatie wilt ontvangen.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Consultatie over lwoo/pro in passend onderwijs

Wat vindt u van de inpassing van het leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) en praktijkonderwijs (pro) in het stelsel van passend onderwijs? Tot 1 januari kunt u uw mening geven via een internetconsultatie.

Samenwerkingsverbanden (swv’s) in het voortgezet onderwijs zullen per 1 augustus 2014 met inwerkingtreding van de Wet passend onderwijs verantwoordelijk zijn voor de toewijzing en bekostiging van zware onderwijsondersteuning. Door lwoo en pro toe te voegen aan het stelsel van passend onderwijs, worden samenwerkingsverbanden verantwoordelijk voor alle onderwijsondersteuning. Dit voornemen staat in het regeerakkoord van het tweede kabinet-Rutte.

Met de internetconsultatie wordt iedere belanghebbende en/of geïnteresseerde in de gelegenheid gesteld op het wetsvoorstel en de memorie van toelichting een reactie te geven. De consultatie kan vooral interessant zijn voor swv’s in het voortgezet onderwijs, vo-scholen en hun besturen, ouders en vo-leerlingen (al of niet met extra ondersteuningsbehoefte).

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Inspectie kritisch over samenwerkingsverbanden

De Inspectie van het Onderwijs verwacht dat de nieuwe samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs die de oprichtingsdeadline van 1 november niet hebben gehaald, binnenkort alsnog worden opgericht. Het ministerie van OCW heeft opdracht gegeven hier strak op toe te zien. VOS/ABB heeft zich hierover door de inspectie laten informeren.

De inspectie heeft in kaart gebracht in hoeverre de samenwerkingsverbanden nieuwe stijl zijn voorbereid op de invoering van passend onderwijs op 1 augustus 2014. Het blijkt dat tientallen swv’s de gestelde oprichtingsdeadline van 1 november jongstleden niet hebben gehaald. De inspectie constateert bovendien dat de voorbereidingen op passend onderwijs tot nu toe vooral plaatsvinden op het niveau van bestuur, management en functionarissen. Tot die laatste groep behoren intern begeleiders en zorgcoördinatoren.

Tevens blijkt dat de huidige plannen van de onderzochte swv’s nog niet concreet genoeg zijn en bovendien niet zijn doorgerekend op hun financiële haalbaarheid. Het komt maar zelden voor dat de activiteiten smart zijn geformuleerd. Het ontbreekt in de meeste gevallen aan een goede kwaliteitszorg. De inspectie vindt dat de swv’s op dit punt hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Het toezicht wordt daarop ingesteld.

De Helpdesk van VOS/ABB geeft uitleg over wat er kan gebeuren als swv’s de oprichtingsdeadline van 1 november niet hebben gehaald. Als uw samenwerkingsverband hulp nodig heeft, kunt u altijd aankloppen bij VOS/ABB!

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Deadline oprichting samenwerkingsverband verlopen

Wat gebeurt er als het u niet is gelukt het nieuwe samenwerkingsverband voor passend onderwijs voor de deadline 1 november op te richten? De Helpdesk van VOS/ABB geeft antwoord.

De datum 1 november 2013 is belangrijk in de aanloop naar de invoering van passend onderwijs per 1 augustus 2014. Uiterlijk op 1 november had de bestuurlijke inrichting van het samenwerkingsverband moeten zijn gerealiseerd door het inrichten van een rechtspersoon.

De stand van zaken is dat er op het moment van het publiceren van dit bericht van 89 swv’s bekend was dat ze formeel zijn opgericht, terwijl het er 150 moeten worden (76 in het primair onderwijs en 74 in het voortgezet onderwijs).

Op 4 november bekijkt het ministerie van OCW welke swv’s zijn opgericht en welke nog niet. De swv’s die nog niet zijn opgericht, krijgen van het ministerie een herstelbrief met het verzoek om aan te geven waarom de oprichting nog op zich laat wachten. Als blijkt dat een kleinigheid de oprichting in de weg staat (bijvoorbeeld een zieke notaris), dan zal OCW waarschijnlijk geen verdere actie ondernemen.

Als er sprake is van een andere reden, kan de Inspectie van het Onderwijs besluiten om een onderzoek in te stellen. Aan de hand van de uitkomsten van dat onderzoek zal worden bekeken welke passende maatregelen kunnen worden ingezet om het oprichten van het swv te bespoedigen. Dit kan het aanstellen van een bewindvoerder zijn.

Deze mogelijkheid vloeit voort uit artikel 163c van de Wet op het primair onderwijs (WPO) en artikel 103h van de Wet op het voortgezet onderwijs (WVO).

Gezien de dreigende taal die staatssecretaris Sander Dekker van OCW in het debat over de onderwijsbegroting heeft geuit aan het adres van trage samenwerkingsverbanden, moet er rekening mee worden gehouden dat er weinig coulance in acht wordt genomen.

Verzekerd?
VOS/ABB’s verzekeringspartner Aon heeft speciaal voor samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs een aanbod ontwikkeld.

De praktijk wijst uit dat sommige nieuw opgerichte swv’s het besluit om zich te verzekeren voor zich uitschuiven. Hoewel ze nog geen concrete taken uitvoeren, is het aan te raden om in elk geval enkele basisvoorzieningen te treffen. Het op de lange baan schuiven van de verzekeringskwestie is sowieso buitengewoon onverstandig.

De taken van de swv’s brengen risico’s met zich mee, voornamelijk op het gebied van aansprakelijkheid. Deze risico’s zijn via Aon te verzekeren, zodat de financiële positie van de swv’s wordt beschermd.

Meer informatie staat in het verzekeringsprogramma voor samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs. Aon heeft ook een checklist voor aansprakelijkheidsrisico’s gemaakt.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Eerste stappen gezet voor passend onderwijs

Veel samenwerkingsverbanden zien in passend onderwijs kansen om meer maatwerk te leveren en het aantal thuiszitters te verminderen. Ze hebben inmiddels vooral op strategisch niveau, de bestuurlijke inrichting, stappen gezet. Op uitvoerend niveau loopt de helft van de samenwerkingsverbanden, zowel PO als VO, achter op schema.

Dit blijkt uit een rapportage van Sardes, die hier onderzoek naar heeft gedaan in opdracht van de Evaluatie Commissie Passend Onderwijs (ECPO). Sardes constateert dat er ook voorlopers zijn, maar geen van de samenwerkingsverbanden (swv’s) is voorloper op alle onderdelen. Het grootste deel van de swv’s (70%) is zelfs op geen enkel onderdeel voorloper. Met name op de onderdelen ‘organisatie van de ondersteuning’ en ‘ondersteuning van de medezeggenschap’ blijft de helft van de samenwerkingsverbanden achter.

Focus op middelen
De bestuurlijke inrichting loopt echter gestaag, meldt Sardes, die daarbij wijst op het risico dat er te veel gefocust wordt op middelen en behoud van de autonomie, en te weinig op visie en inhoudelijke vormgeving.

Ook blijkt dat vrijwel alle samenwerkingsverbanden PO en VO duidelijk voor ogen hebben hoe het cluster 3 en 4 onderwijs wordt gepositioneerd en wordt er een omslag gemaakt van ‘slagboomdiagnostiek’ naar handelingsgerichte diagnostiek. Slechts een minderheid vreest voor expertiseverlies bij de invoering van passend onderwijs.

Uit het onderzoek blijkt verder dat swv’s PO er meer aan doen om de positie van ouders te waarborgen ten opzichte van swv’s VO. Slechts 10% van de swv’s heeft een professionaliseringsbeleid opgesteld.

Sardes merkt aan het eind van het rapport op dat velen kansen zien in passend onderwijs voor het leveren van maatwerk, ‘thuisnabij’ onderwijs en het verminderen van het aantal thuiszitters. Daarvoor zijn competente professionals nodig die de visie van hun samenwerkingsverband onderschrijven en in samenwerking met gemeenten de ouders betrekken en overtuigen. Deze voorwaarden zijn echter op veel plaatsen nog onvoldoende gerealiseerd.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Gratis praktijktoets voor samenwerkingsverbanden

Samenwerkingsverbanden kunnen zich aanmelden voor de gratis praktijktoets. Daarmee kunt u erachter komen in hoeverre uw samenwerkingsverband klaar is voor de invoering van passend onderwijs.

Uitgangspunt voor de praktijktoets zijn casussen van leerlingen. Een zogenoemd spiegelteam neemt deze casussen met het samenwerkingsverband door. Het spiegelteam bestaat uit vier personen:

  • Een deskundige vanuit het ouderperspectief.
  • Een deskundige op het gebied van passend onderwijs.
  • Een collega uit een ander samenwerkingsverband.
  • Een onafhankelijk gespreksleider.

De praktijktoets duurt één dag en is gratis

Op de website van het Informatiepunt Passend Onderwijs staat meer informatie. Daar staat ook hoe u zich kunt aanmelden.

Wilt u graag van VOS/ABB meer informatie over de praktijktoets? Neemt u dan contact op met Anna Schipper: 06-30056066, aschipper@vosabb.nl.

Ook praktijkscholen moeten in passend onderwijs

Het is om verschillende redenen niet verstandig om het praktijkonderwijs buiten het stelsel van passend onderwijs te houden. Dat schrijft staatssecretaris Sander Dekker van OCW aan de Tweede Kamer.

De praktijkscholen vormen volgens Dekker een noodzakelijke schakel in het geheel van onderwijsondersteuning. Daarom is het van belang, zo schrijft hij aan de Kamer, om het praktijkonderwijs onder te brengen in het stelsel van passend onderwijs. ‘De kracht van passend onderwijs is dat de ruimte die het stelsel biedt, kan worden benut om maatwerk voor leerlingen mogelijk te maken. Het is daarom wenselijk alle onderwijsondersteuning in één hand te leggen.’ Met dat laatste bedoelt hij de samenwerkingsverbanden passend onderwijs.

Als de praktijkscholen niet in het stelsel van passend onderwijs zouden worden opgenomen, ontstaat volgens de staatssecretaris het risico dat ouders en leerlingen nog steeds van het kastje naar de muur kunnen worden gestuurd. Het is de bedoeling van passend onderwijs dat dit juist niet meer kan gebeuren.

Hij ziet ook een financieel risico in het gescheiden houden van praktijkonderwijs en passend onderwijs: als samenwerkingsverbanden niet financieel verantwoordelijk zijn voor het praktijkonderwijs, kan er een prikkel ontstaan om leerlingen juist daarnaartoe te sturen.

Themabijeenkomsten passend onderwijs
VOS/ABB organiseert in het nieuwe schooljaar weer een serie bijeenkomsten over passend onderwijs. De eerste bijeenkomst is op 19 september bij VOS/ABB in Woerden en gaat over indiceren en arrangeren.

Andere thema’s die dit najaar nog aan de orde komen in themabijeenkomsten, zijn financieel management en het opstellen van een meerjarenbegroting.

Het programma op 19 september duurt van 9.45 tot tot 12 uur. Inschrijven kan met een mailtje naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Themabijeenkomst passend onderwijs’.

De themabijeenkomsten zijn gratis voor leden van VOS/ABB (niet-leden betalen 100 euro per persoon).

Zie voor alle activiteiten van VOS/ABB de agenda.

 

Bestuurlijke basis passend onderwijs krijgt vorm

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW heeft de tweede voortgangsrapportage passend onderwijs naar de Tweede Kamer gestuurd. Hij toont zich daarin optimistisch over de bestuurlijke basis van passend onderwijs, maar signaleert ook dat vooral het primair onderwijs nog achterloopt met het oprichten van samenwerkingsverbanden nieuwe stijl.

Er is volgens Dekker nog veel werk te doen, zeker op het gebied van de uitwerking van het ondersteuningsplan en de financiële en operationele inrichting van de samenwerkingsverbanden. VOS/ABB kan op dit gebied ondersteuning op maat bieden, zeker aan samenwerkingsverbanden die bij de vereniging zijn aangesloten.

Verder signaleert de staatssecretaris dat de planning is gemaakt voor de bespreking van de ondersteuningsplannen met andere partijen. Daarmee doelt hij op de gemeenten, de clusters 1 en 2, andere samenwerkingsverbanden en – voor de samenwerkingsverbanden in het voortgezet onderwijs – instellingen voor middelbaar beroepsonderwijs (mbo).

Ondersteuningsplanraden
Op het gebied van medezeggenschap signaleert Dekker dat de ondersteuningsplanraden veelal in oprichting zijn. Ook worden plannen gemaakt om ouders goed te informeren over de gevolgen van passend onderwijs voor hun kind. Ook op dit terrein kunnen samenwerkingsverbanden ondersteuning krijgen van VOS/ABB.

De komende tijd vindt een verdere (juridische) analyse plaats om te bepalen wat de juiste plaats voor ouders is bij het besluitvormingsproces van het ondersteuningsprofiel. Dit staat in het teken van bezwaren van de sectororganisaties PO-Raad en VO-raad. Zij plaatsten kanttekeningen bij de uitvoerbaarheid van een onlangs door de Tweede Kamer aangenomen motie, waarin staat dat ouders instemmingsrecht moeten krijgen bij het handelingsdeel van het ontwikkelingsperspectief.

Simulatieonderzoek en praktijktoets
De samenwerkingsverbanden kunnen na de zomervakantie aanvullende onderzoeken laten doen om te bezien of zij klaar zijn voor de invoering van passend onderwijs. Dit aanvullende onderzoek bestaat uit een simulatieonderzoek en uit een praktijktoets.

In het simulatieonderzoek gaat de Inspectie van het Onderwijs in gesprek met het samenwerkingsverband over de vraag of het voldoet aan de eisen. Het doel van de praktijktoets is om te bepalen of de operationele inrichting van het samenwerkingsverband op orde is.

In april 2014 moeten alle samenwerkingsverbanden beide toetsen hebben gemaakt. Ze hebben dan nog voldoende tijd om eventuele aanbevelingen uit de onderzoeken op te volgen.

Kafkabrigade
Dan is er nog de zogenoemde Kafkabrigade, die onderzoekt of er onnodige bureaucratie optreedt bij de inrichting van samenwerkingsverbanden. Het eerste knelpunt is al gesignaleerd: samenwerkingsverbanden hanteren verschillende modellen voor schoolondersteuningsprofielen. De inventarisatie van de Kafkabrigade wordt onderdeel van de praktijktoets.

De voortgangsrapportage gaat ook in op de geschillenregeling voor passend onderwijs. Op regionaal niveau stelt ieder samenwerkingsverband een eigen commissie in die adviseert over het toelaten van een leerling tot het speciaal basisonderwijs (SBO) of voortgezet (speciaal) onderwijs (V(S)O).

Op landelijk niveau komen er drie commissies bij de Stichting Onderwijsgeschillen:

  1. Landelijke Arbitragecommissie Samenwerkingsverbanden Passend Onderwijs voor bestuurlijke geschillen (sinds april 2013 operationeel);
  2. Geschillencommissie voor Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) met gemeenten (wordt op 26 juni 2013 geïnstalleerd);
  3. Geschillencommissie voor ouders (per augustus 2013; de regeling hiervoor wordt binnenkort gepubliceerd).

VOS/ABB rekent passend onderwijs tot de speerpunten van de vereniging. Dit heeft te maken met het streven van VOS/ABB naar goed onderwijs voor álle kinderen, dus ook voor die leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben. Dit streven sluit aan bij de algemene toegankelijkheid van het (openbaar) onderwijs.

Als uw samenwerkingsverbanden bij VOS/ABB is aangesloten, kunt u elke werkdag gebruikmaken van het deskundige advies van onze Helpdesk en onze specialisten op het gebied van passend onderwijs. Voor meer informatie over de aansluitingsmogelijkheden voor samenwerkingsverbanden neemt u contact op met Anna Schipper: 06 -30056066, aschipper@vosabb.nl

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Modelstatuut en -reglementen ondersteuningsplanraad

VOS/ABB heeft een modelstatuut en -reglementen voor ondersteuningsplanraden van samenwerkingsverbanden passend onderwijs opgesteld. Er zitten toelichtingen bij. U kunt de documenten gratis downloaden.

Er zijn twee modelreglementen voor respectievelijk het primair en voortgezet onderwijs:

  • Medezeggenschapsreglement voor de ondersteuningsplanraad primair onderwijs;
  • Medezeggenschapsreglement voor de ondersteuningsplanraad voortgezet onderwijs.

Het modelstatuut is geschikt voor zowel het primair als het voortgezet onderwijs:

  • Statuut medezeggenschap bestuur samenwerkingsverband passend onderwijs.

De toelichtingen:

  • Algemene toelichting bij modelreglement;
  • Algemene toelichting bij de statuten.

De modelreglementen, het modelstatuut en de toelichtingen zijn opgesteld door seniorbeleidsmedewerker Janine Eshuis van VOS/ABB. U kunt voor ondersteuning contact met haar opnemen:

Of u belt of mailt met de Helpdesk van VOS/ABB: 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Verzekeringsaanbod voor samenwerkingsverbanden

VOS/ABB’s verzekeringspartner Aon heeft speciaal voor samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs een aanbod ontwikkeld.

De taken van de samenwerkingsverbanden brengen risico’s met zich mee, voornamelijk op het gebied van aansprakelijkheid. Deze risico’s zijn via Aon te verzekeren, zodat de financiële positie van de samenwerkingsverbanden wordt beschermd.

Meer informatie staat in het verzekeringsprogramma voor samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs. Aon heeft ook een checklist voor aansprakelijkheidsrisico’s gemaakt.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Checklist ontbinding REC’s clusters 3 en 4

VOS/ABB heeft samen met de PO-Raad een checklist opgesteld met aandachtspunten die van belang zijn voor de ontbinding van Regionale Expertisecentra voor de clusters 3 en 4.

De checklist gaat in op bestuurlijk-juridische, personele en financiële aandachtspunten. Het bestuurlijk-juridische gedeelte is verzorgd door Klaas te Bos van VOS/ABB. Silvia Schouten van VOS/ABB schreef het gedeelte over de personele gevolgen. Het financiële aspect wordt belicht door oud-VOS/ABB’er Bé Keizer, die lid is van het expertteam passend onderwijs van de PO-Raad.

U kunt de checklist downloaden.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl