Alle scholen en kinderdagverblijven moeten dicht van 16 december tot 18 januari. Er worden slechts enkele uitzonderingen toegestaan. Dat heeft premier Rutte maandagavond gezegd bij de aankondiging van een nieuwe, strenge lockdown in de strijd tegen het coronavirus.

De scholieren krijgen deze week drie dagen eerder kerstvakantie dan gepland. Het is wel de bedoeling dat de leerlingen vanaf 4 januari weer thuisonderwijs krijgen. De scholen kunnen de komende dagen gebruiken om het afstandsonderwijs voor te bereiden.

Premier Rutte gaf wel enige uitzonderingen aan:

* Kwetsbare kinderen en kinderen van ouders met cruciale beroepen (in de zorg, bij de politie en in het onderwijs) mogen voor noodopvang naar school en kinderdagverblijf

* Eindexamenleerlingen in het voortgezet onderwijs mogen wel naar school

* Praktijkgerichte lessen in het vmbo, het speciaal onderwijs en het praktijkonderwijs gaan wel door.

‘Ouders moeten thuisblijven’

De VO-raad heeft begrip voor het besluit om de scholen te sluiten. De PO-Raad vindt het ‘buitengewoon spijtig’ dat dit halverwege het schooljaar en op een zo laat moment is besloten.  ‘De adviezen van deskundigen wezen niet in deze richting’, aldus de PO-Raad, maar er is ook begrip voor de stevige maatregelen om de zorg te ontlasten nu het aantal coronabesmettingen zo hard oploopt.  Volgens minister Hugo de Jonge worden de scholen ook gesloten om ervoor te zorgen dat ouders meer thuisblijven. ‘Als ouders hun kinderen naar school brengen, is dat toch weer een moment van contact’, zei hij op televisie in een speciale corona-uitzending van de NOS. Hij verwacht bovendien dat ouders meer thuis werken als hun kinderen niet naar school kunnen.

Het kabinet zal op 12 januari bepalen of de maatregelen voldoende effect hebben en of de scholen inderdaad op 18 januari weer open kunnen. De VO-raad werkt intussen met het ministerie aan plannen om het onderwijs op school voor de rest van het jaar te waarborgen, bijvoorbeeld door het inzetten van (snel)testen.