Schoolbesturen over het algemeen financieel gezond

De Inspectie van het Onderwijs meldt dat schoolbesturen over het algemeen financieel gezond zijn. Ze boekten in 2017 gezamenlijk een positief resultaat van 0,7 procent.

In De Financiële Staat van het Onderwijs 2017 staat dat er sprake lijkt ‘van een brede tendens van nogal voorzichtig begroten’. De inspectie signaleert dat het vaak moeilijk is de relatie te leggen tussen de begroting en behaalde resultaten.

‘Het is daarom noodzakelijk dat besturen en scholen beter beleidsrijk, meerjarig gaan begroten en dat de transparantie in de verslaglegging toeneemt. Wat weer moet leiden tot een betere planning van de inzet van de beschikbare middelen’, aldus de inspectie.

De onderwijsministers Ingrid van Engelshoven en Arie Slob voegen er in een brief aan de Tweede Kamer aan toe dat schoolbesturen best een negatief resultaat kunnen begroten als zij ‘grote reserves’ hebben. ‘Gespaarde middelen moeten op enig moment worden geïnvesteerd (…), zodat goed, duurzaam onderwijsaanbod in stand blijft’, zo staat in de brief. Wat ‘grote reserves’ precies zijn, staat er niet in vermeld.

Samenwerkingsverbanden passend onderwijs

Bij de samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs is volgens de inspectie sprake van ‘een groot verschil (…) tussen begroting en realisatie’. Na een begroot resultaat van ruim 4 miljoen euro volgde in 2017 een feitelijk resultaat van bijna 32 miljoen euro. Dit roept de vraag op ‘in hoeverre de samenwerkingsverbanden hun financiële processen weten te beheersen’.

De inspectie heeft naast De Financiële Staat van het Onderwijs het rapport Zicht op de besteding van de middelen voor passend onderwijs gepubliceerd.

Vrijwillige ouderbijdrage

In het rapport staat ook dat in het primair en voortgezet onderwijs de vrijwillige ouderbijdrage hoger wordt. In het primair onderwijs steeg deze bijdrage van gemiddelde 41 euro in 2013 tot 50 euro per leerling in 2017. In het voortgezet onderwijs ging het gemiddelde bedrag omhoog van 160 naar 204 euro.

Lees meer…

 

 

Analyse onderwijsbegroting 2019

De financieel experts Ronald Bloemers en Ron van der Raaij van VOS/ABB hebben een analyse gemaakt van de onderwijsbegroting 2019.

Bloemers en Van der Raaij gaan in hun analyse in op onder andere het achterblijvende kabinetsbeleid voor kansengelijkheid in het onderwijs, de gevolgen van de hogere lerarensalarissen en de aanpak van de werkdruk.

De analyse staat in het besloten ledengedeelte van deze website. Als uw organisatie bij VOS/ABB is aangesloten, kunt u de analyse downloaden.

‘OCW krijgt 200 miljoen om gat in begroting te dichten’

Het ministerie van OCW krijgt 200 miljoen euro om een gat in de begroting weg te werken. Dit staat in de Voorjaarsnota, meldt de NOS.

Er is een gat in de OCW-begroting ontstaan doordat er meer leerlingen en studenten zijn dan het ministerie had ingeschat. Het extra geld voor OCW zou moeten voorkomen dat het ministerie op bepaalde uitgaven moet bezuinigen.

Lees meer…

Geen instemmingsrecht (G)MR op begroting

Het is geen goed idee om de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad ((G)MR) instemmingsrecht te geven op de hoofdlijnen van het meerjarig financieel beleid van het schoolbestuur. Dat vindt een meerderheid van de partijen die hebben gereageerd op een internetconsultatie over dit onderwerp.

De (G)MR heeft op dit moment adviesrecht op dit onderwerp. Uit de internetconsultatie blijkt dat een meerderheid het wijzigen van het adviesrecht in een instemmingsrecht niet ziet zitten, omdat (G)MR-leden over het algemeen geen verstand hebben van financiën. Instemmingsrecht zal het risico op financiële incidenten niet verkleinen.

Het wetsvoorstel dat het instemmingsrecht zou moeten regelen, werd vorig jaar ingetrokken vanwege bezwaren van de Raad van State. Toenmalig staatssecretaris Sander Dekker van OCW liet in een brief aan de Tweede Kamer weten dat er mogelijk een nieuw wetsvoorstel komt, mits uit de internetconsultatie zou blijken dat daar behoefte aan is. Dat is dus niet het geval.

Instemmingsrecht in regeerakkoord

In het regeerakkoord van het huidige kabinet-Rutte staat dat instemmingsrecht op hoofdlijnen van de begroting er moet komen.

In de jaarverslagen worden doelstellingen uit toekomstige bestuurlijke afspraken inzichtelijk gemaakt. Ook vooraf moet de verantwoording beter, om dat te bereiken krijgt de medezeggenschapsraad in het primair en voortgezet onderwijs instemmingsrecht over de hoofdlijnen van de begroting.

Het is niet duidelijk wat er gaat gebeuren nu de uitkomst van de internetconsultatie negatief is.

Analyse onderwijsbegroting 2018

Financieel deskundigen Ronald Bloemers en Ron van der Raaij van VOS/ABB hebben een analyse gemaakt van de onderwijsbegroting 2018, die op Prinsjesdag door het demissionaire kabinet-Rutte II is gepresenteerd.

Zij gaan in hun analyse onder meer in op het gat in de begroting van het ministerie van OCW, dat groeit van 244 naar 415 miljoen euro. Bloemers en Van der Raaij leggen uit waarom zijn verwachten dat dit niet tot een bezuiniging op het funderend onderwijs zal leiden.

Andere onderwerpen die zij uit de begroting hebben gelicht, zijn de financiering van godsdienstig en humanistisch vormingsonderwijs, de transitievergoeding via de Wet werk en zekerheid en de positie van het Vervangings- en Participatiefonds.

Ten slotte gaan Bloemers en Van der Raaij ook in op de extra bijdrage van 270 miljoen euro voor de leraren in het primair onderwijs.

Als uw organisatie bij VOS/ABB is aangesloten, kunt u de analyse downloaden.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Dijsselbloem bevestigt OCW-gat van 467 miljoen euro

Demissionair minister Jeroen Dijsselbloem heeft woensdag tijdens een debat in de Tweede Kamer over de Voorjaarsnota bevestigd dat er in 2018 op de begroting van het ministerie van OCW een gat van 467 miljoen euro moet worden gedicht.

Het bedrag van 467 miljoen staat genoemd in de Voorjaarsnota, die in juni bekend werd gemaakt. In de nota staat dat er in 2018 en de jaren daarna sprake is van ‘diverse problematiek op de OCW-begroting’.

Dat komt vooral door hogere leerling- en studentenaantallen dan geraamd. Het betreft een tegenvaller in 2018 van 223 miljoen euro.

Daarbovenop komt een bedrag van 244 miljoen euro als gevolg van een ruilvoetproblematiek. In verband met de lage inflatie mag de overheid minder geld uitgeven.

OCW geconfronteerd met financieel gat

Vanaf dit jaar is er een tegenvaller van gemiddeld 200 miljoen euro per jaar op de OCW-begroting. Dit blijkt uit de Voorjaarsnota.

Het financiële gat bij het ministerie van OCW is vooral het gevolg van te lage ramingen van het aantal leerlingen en studenten. Het kabinet heeft besloten de tegenvaller in 2017 op te lossen door de inzet van meevallers elders op de rijksbegroting. ‘Daardoor hoeft er dit jaar niet bezuinigd te worden op de bekostiging van onderwijsinstellingen’, meldt het ministerie van Financiën.

Wat er na dit jaar gaat gebeuren, is nog niet duidelijk. De keuze hoe om te gaan met structurele dekking van de tegenvaller op de OCW-begroting wordt overgelaten aan een nieuw kabinet. Dit kán dus betekenen dat er vanaf 2018 weer op onderwijs zal worden bezuinigd.

Lees meer…

Tips voor begroting samenwerkingsverband

Kunt u wel wat tips en tricks gebruiken voor het opstellen van de begroting van uw samenwerkingsverband? Kom dan dinsdag 1 november naar Woerden voor de VOS/aBB-bijeenkomst Passend onderwijs en financiën.

Vanwege een aantal afzeggingen zijn er plaatsen vrijgekomen, dus aanmelden kan nog! Op de agenda staan naast de tips en aandachtspunten voor de begroting 2017 ook actuele ontwikkelingen die van belang zijn voor de bedrijfsvoering van samenwerkingsverbanden. Ook is er ruimte voor thema’s die door de deelnemers zelf worden aangedragen. Onze financiële experts zullen daar op in gaan. Dat zijn Ron van der Raaij van VOS/ABB en Rick de Wit van Infinite Financieel.

Praktische gegevens
De bijeenkomst begint dinsdag om 10 uur en wordt rond 12.30 uur afgesloten met een lunch. U bent welkom in het kantoor van VOS/ABB aan de Houttuinlaan 8 in Woerden. Aanmelden kan nog tot en met 31 oktober door een mailtje te sturen aan welkom@vosabb.nl met daarin uw naam, de naam van uw organisatie en de vermelding Passend onderwijs en financiën. Ook kunt u daar nog aangeven welk onderwerp u graag aan de orde zou willen stellen. Voor leden van VOS/ABB is de bijeenkomst gratis. Niet-leden zijn ook welkom, maar dan betaalt u 100 euro.

Investering blijkt uiteindelijk bezuiniging

In de onderwijsbegroting 2017 staat onder andere dat het kabinet tot en met 2021 structureel 200 miljoen euro per jaar uittrekt voor onder andere een verzachting van een bezuiniging op de lumpsumfinanciering. Dit kan, zoals het kabinet creatief doet, worden gezien als een extra investering in onderwijs, maar in feite betreft het een minder grote bezuiniging dan het kabinet aanvankelijk had voorzien. 

Van de 200 miljoen euro, die zou moeten worden gefinancierd op basis van toekomstige meevallers, is 133 miljoen bestemd voor een verzachting van een lumpsum- en subsidietaakstelling. Dit zorgt er volgens het kabinet voor dat het ministerie van OCW in staat blijft te investeren in bijvoorbeeld de kwaliteit van leraren en schoolleiders.

De lumpsum- en subsidietaakstelling (bezuiniging) voor het primair onderwijs was voor 2017 vastgesteld op 70,4 miljoen euro. Dat wordt verzacht met ruim 30,6 miljoen euro en vanaf 2018 tot en met 2021 met ruim 27,7 miljoen euro per jaar.

Voor het voortgezet onderwijs geldt dat de bezuiniging op lumpsumfinanciering en subsidies van aanvankelijk bijna 64,7 miljoen in 2017 met bijna 47,7 miljoen wordt verminderd en in de jaren daarna tot en met 2021 met bijna 50 miljoen euro.

Kansengelijkheid, asielzoekerskinderen, voorschool en toezicht

Er wordt tot en met 2021 structureel 25 miljoen euro per jaar geïnvesteerd om kansengelijkheid in het onderwijs te bevorderen, bijvoorbeeld door te investeren in flexibilisering en maatwerk voor een betere doorstroom tussen onderwijsniveaus (stapelen).

In de begroting staat ook dat er extra geld gaat nar aanvullende bekostiging van scholen met asielzoekerskinderen. Zo gaat er 15 miljoen euro naar aanvullende bekostiging in het tweede jaar van asielzoekerskinderen in het primair onderwijs.

Er wordt 5 miljoen euro beschikbaar gesteld voor het gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid (GOAB). Dit geld komt specifiek ten goede aan kleine gemeenten die deze uitkering ontvangen voor voorschoolse educatie. Een geplande bezuiniging van 10 miljoen euro op het GOAB wordt doorgeschoven naar 2018.

De Inspectie van het Onderwijs krijgt 2 miljoen euro extra om binnen het nieuwe (gedifferentieerde) toezicht alle scholen in het funderende onderwijs eens in de vier jaar te bezoeken.

PO-Raad: ‘Magere beloftes’

De PO-Raad vindt op basis van de begrotingscijfers dat het kabinet magere beloftes doet aan het primair onderwijs. Het positieve nieuws van het kabinet is volgens de sectororganisatie ‘vooral gestoeld op gegoochel met cijfers’.

Over de 15 miljoen euro die het kabinet uittrekt voor onderwijs aan asielzoekerskinderen, merkt de PO-Raad op dat eerder 24 miljoen euro was toegezegd. Ook op andere punten is er volgens de sectororganisatie sprake van ‘een vertekend beeld’.

Lees meer…

VO-raad: ‘Rookgordijn’

De VO-raad noemt het onwenselijk dat investeringen in het kader van politieke prioriteiten worden gefinancierd met bezuinigingen op de lumpsum. ‘Nadere bestudering van de begroting maakt duidelijk dat er mogelijk een extra bezuiniging aankomt. Het lijkt erop dat het ministerie een rookgordijn heeft opgeworpen om deze aanvullende bezuiniging weg te moffelen.

De sectororganisatie van het voortgezet onderwijs zegt dan ook ‘uiterst kritisch’ te zijn ‘over de optimistische toon van de bewindslieden en het ministerie waarbij gesproken wordt over ‘extra geld voor onderwijs”.

Lees meer…

AOb en CNV Onderwijs: ‘Extra bezuiniging’

De Algemene Onderwijs (AOb) stelt op basis van de begrotingscijfers dat er medio 2017 een extra bezuiniging van 150 miljoen euro op onderwijs aankomt. ‘Met twee forse bezuinigingen op onderwijs regeert dit kabinet over zijn graf heen’, zegt AOb-voorzitter Liesbeth Verheggen.

Lees meer…

CNV Onderwijs voorziet zelfs een structurele bezuiniging van 400 miljoen euro per jaar op onderwijs. Voorzitter Loek Schuler van CNV Onderwijs zegt ‘ronduit teleurgesteld’ te zijn.

‘Als we gaan rekenen dan blijkt tegenover de ‘investering’ van 200 miljoen die de regering met veel bombarie brengt, ook een bezuiniging van ruim 400 miljoen euro per jaar te staan. Kortom het onderwijs wordt enorm gekort.’

Lees meer…

Instemmingsrecht op begroting is slecht plan

VOS/ABB vindt het een slecht plan om medezeggenschapsraden instemmingsrecht te geven op hoofdlijnen van de begroting. Dat staat in onze bijdrage aan de internetconsultatie die hierover is gehouden.

VOS/ABB is er verbaasd over dat staatssecretaris Sander Dekker van OCW met een wetsvoorstel komt om medezeggenschapsraden instemmingsrecht te geven op hoofdlijnen van de begroting.

Dit staat namelijk haaks op wat tijdens politieke behandelingen diverse keren is aangegeven. Het idee was altijd dat begrotingsrecht in het primair en voortgezet onderwijs een typische bestuursaangelegenheid is. VOS/ABB blijft dat vinden.

Waarom VOS/ABB dit blijft vinden, kunt u lezen in de bijdrage aan de internetconsultatie. Voor deze bijdrage hebben we als vereniging gebruikgemaakt van input van schoolbesturen die bij ons zijn aangesloten.

 

Kritiek op wetsvoorstel instemmingsrecht begroting

Het wetsvoorstel om medezeggenschapsraden instemmingsrecht te geven op hoofdlijnen van de begroting legt te veel de focus op de korte termijn. Dat vindt de VO-raad.

De sectororganisatie voor het voortgezet onderwijs vindt dat het wetsvoorstel ‘niet bijdraagt aan het versterken van de checks en balances’. De VO-raad wijst erop dat in de vorig jaar herziene code Goed Onderwijsbestuur VO al is opgenomen dat personeel, ouders en leerlingen moeten worden betrokken bij het beleid en de besluiten die een schoolbestuur neemt.

‘In de code is ook vastgelegd dat het schoolbestuur een zorgplicht heeft om de medezeggenschap binnen de onderwijsorganisatie optimaal te laten verlopen door informatie zodanig aan te leveren dat de medezeggenschap haar taak optimaal kan vervullen en door scholing, training en evaluatie van het eigen functioneren van de medezeggenschap te stimuleren.’

Te veel focus op korte termijn

Een bezwaar dat de VO-raad ziet, is dat het wetsvoorstel te veel de focus legt op de korte termijn. ‘In de afgelopen jaren is herhaaldelijk gepleit voor het meerjarig financieel plannen door schoolbesturen. Zeker in krimpgebieden is dit cruciaal voor het in stand houden van een gevarieerd en kwalitatief goed onderwijsaanbod.’

De sectororganisatie zou zich kunnen vinden in versterking van medezeggenschapsrechten op de hoofdlijnen van het meerjarig financieel beleid, maar ziet het instemmingsrecht op de hoofdlijnen van de jaarbegroting als een stap terug in de tijd.

Open formulering leidt tot geharrewar

Ook vindt de VO-raad dat er in het wetsvoorstel sprake is van een te open formulering als het gaat om wat er wordt verstaan onder de hoofdlijnen van de begroting. De formulering zoals die nu is opgesteld, zal volgens de sectororganisatie leiden tot ‘te veel onduidelijkheid en debat (…) op het niveau van het schoolbestuur’.

‘Geharrewar over wat wel en niet hoofdlijnen zijn, leidt de aandacht af van de inhoud en veroorzaakt stagnatie in de voortgang van het toch al complexe begrotingsproces.’

Lees meer…

Het is tot 6 juni mogelijk om te reageren op een internetconsultatie over de mogelijkheid medezeggenschapsraden instemmingsrecht op hoofdlijnen van de begroting te geven.

Begroting 2015: alle docenten eigen opleidingsbudget

Alle docenten krijgen een persoonlijk opleidingsbudget. Dat bevestigt het ministerie van OCW in het kader van de begroting voor 2015 die minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën op Prinsjesdag heeft gepresenteerd. Een ander belangrijk punt is dat de nullijn voor het onderwijspersoneel verdwijnt. De onderwijssalarissen groeien weer mee met de marktontwikkelingen.

De mededeling over het persoonlijk opleidingsbudget voor alle docenten volgt op een recente brief van minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker van OCW aan de Tweede Kamer. Daarin stond dat in het primair onderwijs leraren op basis van de recente cao een individueel recht op 2 klokuren per werkweek en 500 euro persoonlijk budget per fte per jaar voor professionele ontwikkeling krijgen. In het voortgezet onderwijs krijgen docenten een vrij te besteden jaarlijks basisbudget voor professionalisering, bestaande uit 5 procent van hun normjaartaak en 600 euro.

De brief wekte verbazing bij de Algemene Onderwijsbond (AOb). Volgens voorzitter Walter Dresscher is het ‘pertinent onjuist’ dat leraren in het primair onderwijs op voltijdsbasis 500 euro per jaar krijgen voor professionalisering. ‘Bij de gesprekken die aan het principeakkoord over de cao voor het primair onderwijs ten grondslag liggen, is door onderhandelaars van de vakbonden waaronder de AOb herhaaldelijk voor zo’n recht gepleit, maar de werkgeversdelegatie hield staande dat zo’n bepaling onbetaalbaar is’, aldus Dresscher. Deze opmerking was voor de SP reden om er Kamervragen over te stellen. De antwoorden op die vragen zijn er nog niet.

Van goed naar beter
Het ministerie van OCW meldt verder naar aanleiding van de begroting voor 2015 dat het Nederlandse onderwijs goed is maar nog beter moet worden. ‘De leerlingen van vandaag gaan straks aan het werk in beroepen die we nu nog niet kennen. Veel leerlingen voelen zich onvoldoende uitgedaagd en presteren onder hun kunnen. Niet elke student zit op de juiste plek. En niet elke docent haalt het beste uit zichzelf.’

Het geld dat de afgelopen periode is vrijgemaakt dankzij het Nationaal Onderwijsakkoord en de bestuursafspraken en cao’s die daarmee samenhangen en de Lerarenagenda wordt volgens OCW ingezet om het onderwijs ‘toekomstbestendig’ te maken. Het ministerie benadrukt dat het geld terecht moet komen waar het hoort: in de klas. ‘Want daar wordt het verschil gemaakt: in de overdracht tussen docent en leerling of student’, zo staat op de website van OCW.

Financieel expert Bé Keizer maakt voor VOS/ABB een grondige analyse van de onderwijsbegroting voor het jaar 2015. Zodra de analyse gereed is, zal die op deze website worden geplaatst.

Tweede Kamer omarmt motie tegen kleutertoets

De Tweede Kamer heeft dinsdag de motie tegen de kleutertoets aangenomen. Ook werd de motie aangenomen om de gemiddelde cito-score per school niet te gebruiken als kwaliteitsindicator voor basisscholen. Bovendien vindt de Kamer dat het kabinet er niet naar moet streven om de gemiddelde cito-score te verhogen van 535 naar 537.

De motie tegen de landelijk genormeerde kleutertoets was ingediend door het CDA-Tweede Kamerlid Michel Rog. Mede-indienaars waren de ChristenUnie, de SP, GroenLinks en de SGP. Met steun van de regeringsfractie PvdA tijdens de stemmingen in de Kamer bleek de motie van het CDA het te halen. Rog  twitterde direct nadat zijn motie was aangenomen, dat hij blij is dat ‘kleuters weer mogen kleuteren’.

Jesse Klaver van GroenLinks had met steun van het CDA, de SP, de SGP en de ChristenUnie de motie ingediend om de gemiddelde cito-score per school niet te gebruiken als kwaliteitsindicator voor basisscholen. VOS/ABB is blij dat deze motie is aangenomen, omdat – zoals de indieners stellen – de Cito-toets bedoeld is als advies aan de individuele groep 8-leerling voor vervolgonderwijs.

Paul van Meenen van D66 en Loes Ypma van de PvdA hadden samen de motie ingediend om af te zien van het streven de gemiddelde cito-score te verhogen van 535 naar 537. Ook deze motie kreeg voldoende steun. VOS/ABB had in haar politieke lobby er bij de Kamer op aangedrongen om dit streven van het kabinet tegen te houden. Het is dan ook een goede zaak dat deze motie is aangenomen.

De motie van Paul van Meenen van D66 en Jasper van Dijk van de SP om medezeggenschapsorganen in het onderwijs instemmingsrecht te geven op hoofdlijnen van de begroting heeft het niet gehaald. De indieners wilden hiermee vooral leraren meer zeggenschap geven over begrotingsaspecten, waar de schoolbesturen zeggenschap over hebben.

De motie van Joël Voordewind van de ChristenUnie voor het behoud van de kleinescholentoeslag kon evenmin rekenen op voldoende steun in de Tweede Kamer. Deze motie was mede ingediend door de christelijke partijen CDA en SGP. Met name de christelijke partijen in de Tweede Kamer verzetten zich tegen het plan van staatssecretaris Sander Dekker van OCW om de kleinescholentoeslag om te zetten in een soort bonus voor kleine scholen die over de denominaties heen met elkaar samenwerken.

Een motie die het ook niet heeft gehaald, is die van Jasper van Dijk van de SP om 30 miljoen euro per jaar te behouden voor de maatschappelijke stages in het voortgezet onderwijs. Deze motie werd mede ingediend door het CDA, de partij die aan de wieg stond van deze stages. Het kabinet schaft de maatschappelijke stages niet af, maar wil er met ingang van het volgende schooljaar (2014/2015) geen aanvullende financiering meer voor beschikbaar stellen.

Lees meer over de moties en de stemmingen.

Dekker hekelt trage samenwerkingsverbanden

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW heeft stevige taal geuit naar samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs die te traag handelen. Hij heeft met die swv’s ‘nog wel een appeltje te schillen’. Dekker zei dit donderdag in het Tweede Kamerdebat over de onderwijsbegroting voor 2014.

In het debat kwamen onder andere de vorderingen met passend onderwijs aan de orde. Op 1 augustus 2014 krijgen alle scholen in het primair en voortgezet onderwijs zorgplicht. De besturen van die scholen worden dan verantwoordelijk voor een passende plaats voor elke leerling. Als die plaats niet op de school kan worden geboden waar de leerling is aangemeld, moeten er in het samenwerkingsverband voor worden gezorgd dat de betreffende leerling elders terecht kan.

Voor de invoering van passend onderwijs moeten samenwerkingsverbanden nieuwe stijl worden opgericht. Uiterlijk op 1 november (de dag waarop dit bericht is gepubliceerd) had dit moeten zijn gebeurd. Het gaat om 76 swv’s in het primair onderwijs en 74 in het voortgezet onderwijs. De realiteit is echter dat nog niet de helft hiervan de deadline heeft gehaald. Daarnaast klinken er in het onderwijs steeds meer kritische geluiden dat de scholen nog lang niet klaar zijn voor passend onderwijs.

Onder andere de SP en D66 in de Tweede Kamer willen dat passend onderwijs niet op 1 augustus 2014, maar gefaseerd of met een jaar uitstel wordt ingevoerd. Dekker liet in het debat weten dat hij daar niets voor voelt, omdat daarmee een verkeerd signaal zou worden afgegeven aan de swv’s die ‘achterover leunen’. Bovendien zou het niet fair zijn tegenover de regio’s waar al wel swv’s voortvarend aan de slag zijn.

Toetsen
In het debat kwam ook de kleutertoets aan bod, waar een deel van de Tweede Kamer ernstige bezwaren tegen heeft. Zo benadrukte de SGP dat kleuterleerkrachten zelf professioneel genoeg zijn om de ontwikkelingen van hun leerlingen te monitoren. Dekker blijft echter meerwaarde zien in de kleutertoets, omdat die volgens hem een goede, want objectieve indicator is. Hij weersprak dat de toets stress bij kleuters zou veroorzaken: ‘Ze zitten echt niet in rijen achter elkaar te zweten op de opgaven’.

De gemiddelde citoscore per school als beleidsinstrument voor onderwijskwaliteit kon in het debat rekenen op veel kritiek. VOS/ABB heeft hierover eerder al bij de Tweede Kamer  en de staatssecretaris aan de bel getrokken. Dekker zei dat de gemiddelde citoscore nu het enige objectieve instrumentarium is waarover hij beschikt. Hij zegde toe de gemiddelde citoscore per school niet meer te zullen gebruiken zodra er een beter alternatief voor is.

Ook de tussentijdse diagnostische toets in het voortgezet onderwijs werd besproken. Veel scholen hebben bezwaren tegen het wetsvoorstel voor die volgens hen overbodige toets. VOS/ABB en collega-organisaties hebben die bezwaren verwoord in een brief aan de Kamer en Dekker. De staatssecretaris zei dat dit onderwerp later zal worden besproken bij de behandeling van het wetsvoorstel.

Kleinescholentoeslag en fusietoets
Bij de gevolgen van demografische krimp op het onderwijs kwam het omzetten van de kleinescholentoeslag in een bonus op samenwerking aan de orde. Met name de christelijke partijen willen dat de kleinescholentoeslag blijft bestaan, omdat anders volgens hen veel kleine dorpsscholen zullen verdwijnen.

Dekker herhaalde zijn standpunt dat de kleinescholentoeslag samenwerking tussen verschillende kleine scholen in de weg zit en dat er daarom een ander systeem moet komen. Hij benadrukte dat het budget dat nu voor de kleinescholentoeslag beschikbaar is, blijft bestaan. Wat betreft de fusietoets zei hij dat die moeten worden aangepast, omdat dit instrument tegen schaalvergroting de broodnodige samenwerking in krimpgebieden kan belemmeren. Met dit punt sluit Dekker naadloos aan op de politieke lobby van VOS/ABB.

De staatssecretaris toonde zich op aandringen van de PvdA bereid om naar een initiatief uit Zeeland te kijken om ouders het bestuur van kleine dorpsscholen te laten overnemen, met het doel om die samen te voegen in clusters van schooltjes verspreid over krimpregio’s in het land. Dit initiatief komt uit het dorp Kats op Noord-Beveland, waar onlangs de openbare Prinses Margrietschool is gesloten.

Instemmingsrecht en kwaliteit
Bij het onderwerp ‘medezeggenschap’ kwam de mogelijkheid van instemmingsrecht op hoofdlijnen van de begroting van onderwijsbesturen aan bod. Een deel van de Tweede Kamer wil dat -met name de SP- maar staatssecretaris Dekker ziet hier niets in. Hij is het ermee eens dat ouders en leerkrachten een stevige stem moeten hebben in het beleid van de schoolorganisatie, maar vindt dat instemmingsrecht op hoofdlijnen van de begroting te ver gaat.

Hoewel er nog meer onderwerpen aan bod kwamen, is het laatste onderwerp dat in dit artikel wordt belicht het beleid om de kwaliteit van leraren te verbeteren. Dekker staat positief tegenover het initiatief van de VVD om in de bovenbouw van het vwo alleen nog maar academische geschoolde leraren voor de klas te laten staan. Maar hij tekende hierbij wel aan dat dit onder de huidige omstandigheden ‘irreëel’ is.

Over het Lerarenregister zei de staatssecretaris dat als leraren daar in de toekomst uit worden ‘geknikkerd’, zij wat hem betreft niet meer voor de klas mogen staan.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Extra geld voor onderwijs is er, zegt D66

In het onlangs gesloten begrotingsakkoord heeft het kabinet toegezegd 650 miljoen euro extra uit te trekken voor onderwijs. Het is volgens NRC Handelsblad alleen nog niet duidelijk waar dit geld vandaan moet komen. Onderwijswoordvoerder Paul van Meenen van D66 in de Tweede Kamer twittert aan VOS/ABB dat de berichtgeving in de krant onjuist is. Hij legt uit dat het kabinet geen ongedekte cheque heeft uitgeschreven, zoals op grond van de berichten in de media kan worden geconcludeerd.

Het extra geld voor onderwijs was een eis van D66, de oppositiepartij die samen met de ChristenUnie en de SGP met het kabinet bleef onderhandelen over het begrotingsakkoord. NRC Handelsblad meldt echter dat er nog geen dekking voor is gevonden. Volgens Van Meenen is het krantenbericht onjuist. Hij twitters aan VOS/ABB dat voor 2014 het geld uit onderuitputting over 2013 komt. ‘Voor 2015 en volgende jaren is er structurele dekking’, aldus Van Meenen.

RTL Nieuws meldt naar aanleiding van het bericht van NRC Handelsblad dat een woordvoerder van het ministerie van Financiën het bevestigt. Maar er zou volgens die woordvoerder nu niet ineens een groot financieel probleem zijn. ‘Waarschijnlijk wordt dit deels of helemaal gedekt door geld dat aan het eind van het jaar overblijft’, zo staat op de website van RTL Nieuws. Dit komt dus overeen met wat Van Meenen bedoelt met ‘onderuitputting’.

Mocht bovenstaand scenario irreëel blijken, dan zou door de toezegging van het kabinet het begrotingstekort 0,1 procentpunt oplopen naar 3,3 procent. Strikt genomen mag dat niet van Brussel, maar de Europese Commissie heeft Nederland een jaar uitstel gegeven om het begrotingstekort terug te dringen tot maximaal 3 procent van het bruto binnenlands product.

Akkoord: 650 miljoen extra naar onderwijs

Het kabinet, de coalitiepartijen VVD en PvdA en oppositiepartijen D66, ChristenUnie en SGP hebben vrijdag een akkoord bereikt over de begroting van 2014.

Voor het onderwijs pakt dit akkoord gunstig uit: er komt 650 miljoen beschikbaar voor kwaliteitsverbetering. Dit was een wens van D66.

Een ander opmerkelijk punt is dat de schoolboeken in het voortgezet onderwijs ‘gratis’ blijven. Dit was een wens van de ChristenUnie. De overheidsbijdrage aan de lumpsum van de scholen wordt echter verlaagd naar 300 euro per leerling per jaar (is nu nog 321,50 euro).

Het bedrag van 300 euro stond aanvankelijk vermeld als maximale bijdrage die ouders van leerlingen in het voortgezet onderwijs weer voor schoolboeken moesten gaan betalen, maar dat gaat dus niet door.

In het akkoord over de begroting staat verder dat er in totaal 480 miljoen euro extra wordt bezuinigd op de ministeries. Het is nog niet bekend welk deel voor rekening komt van het ministerie van OCW.

Verder is het ook voor de werkgevers en werknemers in het onderwijs van belang dat het ontslagrecht al in juli 2015 in plaats van in januari 2016 wordt versoepeld. Tegelijkertijd worden er maatregelen van kracht die flexibele arbeid zekerder maken.

Voor werklozen geldt dat zij al met ingang van 2015 in plaats van 2016 passende arbeid onder hun niveau moeten accepteren. Verder worden werkgevers verplicht 5 procent van hun personeel te laten bestaan uit arbeidsgehandicapten.

Grondige analyse van onderwijsbegroting

Financieel expert Bé Keizer heeft een analyse gemaakt van de onderwijsbegroting voor 2014 en de jaren daarna in combinatie met de afspraken uit het Nationaal Onderwijsakkoord (NOA). De begroting werd zoals elkaar jaar gebruikelijk is bekend op Prinsjesdag, het NOA pas twee dagen daarna.

Als de organisatie waarvoor u werkt bij VOS/ABB is aangesloten, kunt u de toelichting downloaden van het besloten ledengedeelte van deze website.

Keizer kijkt onder andere naar de nullijn in het onderwijs. Wordt die nu al in 2014 of pas in 2015 losgelaten? En hoe gaat dat straks als de Algemene Onderwijsbond (AOb) dwars blijft liggen als het gaat om de afspraken in het Nationaal Onderwijsakkoord?

Ook gaat hij in op de loonbijstelling in verband met de ontwikkeling van de sociale premies en de te verwachten bijstelling van de gemiddelde personeelslast. De prijsbijstelling in combinatie met een ramingsmeevaller van 204 miljoen euro is een ander punt dat in zijn toelichting aan bod komt.

De analyse van Bé Keizer kunt u downloaden van het besloten ledengedeelte van deze website (niet-leden hebben helaas geen toegang).

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Donkerste wolken drijven voorbij

Goed nieuws voor het openbaar onderwijs: de rijkssubsidie voor godsdienstig en humanistisch vormingsonderwijs in de openbare scholen blijft bestaan. Gelukkig heeft onze politieke lobby die daarop was gericht succes gehad. Goed nieuws is ook dat het kabinet kwaliteitsonderwijs onmisbaar vindt voor een in alle opzichten gezonde ontwikkeling van ons land.

Het is niet alleen rozengeur en maneschijn, dat besef ik terdege. Maar we kunnen volgens mij wel concluderen dat het onderwijs op Prinsjesdag, in de huidige tijden van economische crisis, geen zware klappen heeft gekregen, zeker niet vergeleken met andere sectoren, zoals defensie. Oké, de stille bezuinigingen gaan door, en daar heeft de sector onder te lijden. Ik noem de inhouding van de prijsbijstelling, waardoor het onderwijs structureel 250 miljoen tekortkomt. Maar het feit dat het kabinet het onderwijs ontziet bij de extra bezuinigingen in 2014 stemt positief.

Toen ik de Miljoenennota las en de onderwijsbegroting voor 2014 en de jaren daarna doornam, herkende ik  veel aspecten die mij als onderwijsman positief stemden. Goed onderwijs is volgens het kabinet essentieel voor een in alle opzichten gezonde ontwikkeling van onze samenleving. Het gaat hier niet alleen om de economie, maar ook om sociale cohesie. Dit plaats ik in het kader van het behoud van de subsidie voor g/hvo in het openbaar onderwijs. Aandacht voor levensbeschouwing, ook in de openbare school, draagt bij aan de gezonde maatschappelijke ontwikkeling.

Ik vind het ook positief dat het kabinet investeert in goed onderwijsbestuur. We hebben de laatste tijd helaas ook in het openbaar onderwijs gezien dat bestuurders en toezichthouders niet altijd het juiste morele kompas hadden. Het gaat hier gelukkig om een zeer kleine groep, maar voor het vertrouwen in en het aanzien van de sector is het van levensbelang dat alle onderwijsbestuurders en toezichthouders doen waarvoor ze op aarde zijn, namelijk het realiseren van goed onderwijs in een betrouwbare en efficiënte organisatie.

Ten slotte is het goed dat het kabinet in krimpgebieden inzet op de samenwerking tussen openbaar en bijzonder onderwijs, zodat ook daar scholen van kwaliteit kunnen worden behouden. De samenwerkingsschool kan daarvoor een goed instrument zijn. Deze ontwikkeling zie ik in het kader van de versterking van het openbaar onderwijs, dat immers bestuurlijk een positie krijgt die gelijkwaardig is aan die van het bijzonder onderwijs. De Tweede Kamer is onlangs akkoord gegaan met een wetswijziging die dat mogelijk maakt.

Ritske van der Veen, directeur VOS/ABB

Goed onderwijs essentieel, g/hvo blijft behouden

De structurele rijkssubsidie voor godsdienstig en humanistisch vormingsonderwijs (g/hvo) in de openbare scholen blijft bestaan. Dit blijkt uit de op Prinsjesdag bekendgemaakte onderwijsbegroting voor 2014 en daarna. Daaruit blijkt ook dat het onderwijs in zijn geheel bij de miljardenbezuinigingen wordt ontzien. De realiteit laat echter zien dat de stille bezuinigingen doorgaan.

In mei stond in een brief van minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker van OCW dat de rijkssubsidie van 10 miljoen euro per jaar voor g/hvo zou verdwijnen. Dit was voor VOS/ABB reden om samen met andere onderwijsbelangenorganisaties een politieke lobby te beginnen om het geld voor deze waardevolle vorm van onderwijs te behouden.

Voor het zomerreces nam de Tweede Kamer een motie aan voor het behoud van de subsidie. Deze motie van Joël Voordewind van de ChristenUnie wordt uitgevoerd, zo blijkt uit de onderwijsbegroting over 2014 en de jaren daarna. VOS/ABB is blij dat het kabinet alsnog inziet dat g/hvo een waardevol onderdeel is van het openbaar onderwijs en dat deze bezuiniging is teruggedraaid.

Onderwijs ontzien
In de Miljoenennota staat dat het onderwijs niet wordt geraakt door de extra bezuinigingen in 2014 van in totaal 6 miljard euro. ‘Het onderwijs, de basis voor nieuwe kansen waar jaarlijks zo’n 35 miljard euro aan wordt uitgegeven, wordt opnieuw ontzien’, zo meldt het kabinet, omdat het ‘een belangrijke groeiondersteunende sector’ is.

Meevallers, als gevolg van te hoge ramingen van onder andere leerlingenaantallen, blijven voor het onderwijs behouden. Het gaat hier volgens de begroting om 204 miljoen euro per jaar. Dat geld wordt ingezet voor kwaliteitsverbetering, onder andere van toekomstige leraren door de opleidingen te verbeteren en van bestaande leraren door hun bijscholing aan te bieden.

Sociale cohesie en welvaart
Het kabinet benadrukt het belang van goed onderwijs ook, omdat het bijdraagt aan ‘de persoonlijke ontplooiing en het maatschappelijk succes van mensen’. Daarbij noemt het kabinet specifiek ook sociale opbrengsten, die de maatschappelijke cohesie versterken en de welvaart verhogen.

Speciale aandacht besteedt het kabinet aan de doorlopende leerlijn van het vmbo naar het mbo en aan onderwijs op maat voor excellente leerlingen. Er komt ook meer aandacht voor techniek in het onderwijs, onder meer door wetenschap en techniek te integreren in het curriculum van de pabo’s.

Moreel kompas
Schoolbestuurders en hun toezichthouders worden door het kabinet gezien als belangrijke schakels om de onderwijskwaliteit te verhogen. Wel zijn er zorgen over hen die niet blijken te beschikken over het juiste morele kompas, zoals de laatste tijd helaas ook in het funderend onderwijs het geval bleek te zijn. Daarom zet het kabinet, samen met organisaties voor bestuur en management zoals VOS/ABB, in op versterking van bestuurskracht en publieke verantwoording.

Versterking van medezeggenschap is volgens het kabinet een belangrijke voorwaarde van goed bestuur. De Inspectie van het Onderwijs gaat strakker toezien op de financiële gang van zaken binnen schoolbesturen. ‘Signalen over de financiële continuïteit van onderwijsinstellingen dienen zo vroeg mogelijk te worden opgespoord.’

Nullijn
Over de arbeidsvoorwaarden in het onderwijs, meldt het kabinet dat de nullijn in 2014 gehandhaafd blijft, maar dat er mogelijkheden zijn om die te beëindigen. Er kan loonruimte worden vrijgespeeld door bijvoorbeeld het versoberen van secundaire arbeidsvoorwaarden. Het jaar daarna wordt de nullijn beëindigd: ‘Het kabinet (zal) in 2015 de loonbijstelling wel uitkeren, in lijn met de normale referentiesystematiek.’

In het Onderwijsakkoord, dat donderdag wordt gepresenteerd, zou echter staan dat de nullijn al wel in 2014 verdwijnt, in elk geval voor het primair, voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs. In 2015 zou het hele onderwijs van de nullijn af zijn.

Dit klinkt goed, maar ondertussen blijft het onderwijs wel zitten met de inhouding van de prijsbijstelling, die ook volgend jaar en in de jaren 2015-2017 voortduurt. De omvang van deze structurele stille bezuiniging is 250 miljoen euro.

Samenwerkingsscholen
Om ook in gebieden met demografische krimp de kwaliteit van onderwijs te waarborgen, kijkt het kabinet naar de noodzaak en mogelijkheden van fusies tot samenwerkingsscholen. ‘Daarbij maken we ook gebruik van een alternatieve inzet van de kleinescholentoeslag.’

Het wordt in krimpgebieden mogelijk gemaakt om voorschoolse educatie (VVE) binnen de school te organiseren. Het kabinet hecht veel waarde aan VVE, omdat deze vorm van onderwijs leerlingen op latere leeftijd beter laat presteren.

Grondige financiële analyse
Financieel expert Bé Keizer maakt voor VOS/ABB een nauwkeurige analyse van de onderwijsbegroting. Zijn analyse wordt waarschijnlijk woensdag in de loop van de dag of als dat niet lukt op donderdag op deze website gepubliceerd.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Onderwijs nauwelijks genoemd in Troonrede

Koning Willem-Alexander heeft in de Troonrede nauwelijks aandacht besteed aan het onderwijs.

Het Onderwijsakkoord kwam heel even aan bod, en de afspraak daarin dat er werk behouden moet blijven/gecreëerd moet worden voor 3000 leraren. Ook noemde hij het techniekpact, dat bedoeld is om in het onderwijs meer aandacht te besteden aan bètavakken. Het onderwijs werd ook even genoemd bij een stukje over de jeugdzorg.

Om drie uur biedt minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën in de Tweede Kamer het bekende koffertje met de Miljoenennota aan. Zodra dat is gebeurd, komt de begroting online (rond kwart over drie). VOS/ABB zal dan een eerste analyse van de onderwijsbegroting maken.

Uiteraard zal de focus ook specifiek op het openbaar onderwijs zijn gericht. Zo biedt de begroting mogelijk eindelijk helderheid over de handhaving van de rijkssubsidie voor godsdienstig en humanistische vormingsonderwijs in de openbare scholen. Staatssecretaris Sander Dekker wil van die subsidie af, maar de Tweede Kamer heeft een motie aangenomen voor handhaving ervan. Op Twitter heeft Dekker aan VOS/ABB laten weten dat er positieve helderheid komt. Het lijkt er dus op dat de rijkssubsidie, zoals VOS/ABB herhaaldelijk heeft bepleit, behouden blijft.

Financieel expert Bé Keizer zal de onderwijsbegroting vervolgens nauwkeurig analyseren. Zijn analyse wordt waarschijnlijk woensdag in de loop van de dag op deze website gepubliceerd.

Gecorrigeerd instrument meerjarenbegroting

De Toolbox op deze website bevat voor het voortgezet onderwijs een gecorrigeerde versie van het instrument voor het opstellen van de meerjarenbegroting.

Bij de omrekening van kalenderjaar naar schooljaar was in het blad ‘pers’ de formule gehanteerd van 7/12 + 5/12, terwijl dit 5/12 + 7/12 moet zijn. Een gebruiker attendeerde VOS/ABB hierop. De fout is hersteld.

Als u lid bent van VOS/ABB, kunt u in het besloten gedeelte van deze website het instrument downloaden.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Prinsjesdag: weer geen geld voor onderhoud scholen

Hij vindt het ook jammer dat het onderwijsondersteunend personeel (oop) in deze begroting buiten de boot valt. Veel geld gaat er naar lerarensalarissen en dat is een effectief middel in de strijd tegen het lerarentekort. Maar de aanstelling van conciërges en administratieve krachten is ook belangrijk om leraren en schoolleiders te ontlasten en het werk aantrekkelijker te maken. Uit deze begroting blijkt weinig waardering voor het werk van het oop. De werkgevers in het onderwijs tonen die waardering wél. In de zojuist afgesloten cao voor het voortgezet onderwijs is een loonsverhoging voor het oop opgenomen. Dit betalen de werkgevers dus zelf, uit eigen begroting.

Tekorten op onderhoud
De schoolgebouwen in het primair en voortgezet onderwijs zijn vrijwel volledig afhankelijk van de rijksbijdragen wat het onderhoud betreft. De vergoeding daarvoor schiet schromelijk tekort en dat is al lange tijd het geval. “Maar ja, geld voor gebouwen scoort veel minder dan salarisverbeteringen en daarom loopt de achterstand alleen maar op”, zegt Hooghiemstra. Het duidelijkst is dat te illustreren aan de hand van de vergoedingen in het PO.

Over de lumpsumbekostiging voor materiële instandhouding (MI) vermeldt de begroting dat dit bedrag is gebaseerd op een programma van eisen, dat eens per vijf jaar wordt geëvalueerd. ‘Deze evaluatie toetst of de bekostiging adequaat is. De eerstvolgende evaluatie is in 2011’, zo staat in de onderwijsbegroting. Dit impliceert dat er elke vijf jaar een bijstelling van het bedrag verwacht mag worden, maar niets blijkt minder waar.

Na de laatste evaluatie in 2006, die duidelijk uitwees dat de vergoedingen onvoldoende zijn, gebeurde er niets. De scholen komen tekort op de kosten voor onderhoud, energie, leermiddelen en schoonmaak, en ook nu is OCW niet van plan hier iets aan te doen. Het verhaal dat besturen te veel geld op de bank hebben staan, is onlangs ontzenuwd door accountantsbureau Pricewaterhouse & Cooper. PwC rekende uit dat schoolbesturen in het PO geen te groot eigen vermogen bezitten. Het bedrag dat ze gemiddeld op de bank hebben staan, is nodig om risico’s te kunnen opvangen en om tijdig nieuwe investeringen te kunnen betalen.

Binnenmilieu
Het binnenmilieu, de muffe lucht, is een van die problemen die grote investeringen vergen. OCW trekt –zoals eerder al bekend was- 2,7 miljoen euro uit voor een bewustwordingscampagne, een informatiepakket en een CO2-meter voor elke basisschool. Maar daarmee wordt niets verholpen. De besturen zijn zich al bewust van de muffe lucht, maar ze kunnen het niet oplossen, omdat er geen budget voor is. En bestuur met bijvoorbeeld 14 basisscholen heeft al bijna een miljoen euro nodig om de lokalen op te frissen, zoals morgen te lezen valt in nummer 5 van het VOS/ABB-blad Over Onderwijs.

Europese aanbestedingen
Intussen geeft OCW 300 miljoen euro uit aan gratis schoolboeken, hoewel dit feitelijk inkomenspolitiek is om ouders meer financiële armslag te geven. Voor de scholen is 45,5 miljoen euro beschikbaar voor ondersteuning bij de Europese aanbestedingen. Daarnaast  krijgt het voortgezet onderwijs extra geld voor kwaliteitsverbetering (200 miljoen euro in vier jaar vanaf 2008, onder meer voor de prioriteit van rekenen en taal) en voor de maatschappelijke stages (38,6 miljoen euro, oplopend tot 100 miljoen euro in 2011).

Gewichtengelden afgebouwd
Het primair onderwijs ontvangt extra geld voor het verbeteren van het taal- en rekenonderwijs (115 miljoen euro in de komende drie jaar). Verder is er extra geld voor achterstandskinderen en hoogbegaafde kinderen (twee keer 10 miljoen euro), hoewel het tegelijkertijd onduidelijk is waar de gewichtengelden blijven. Die lijken de komende jaren gestaag afgebouwd te worden. In brieven aan de Tweede Kamer is eerder gemeld  dat er extra geld bij komt, maar dat blijkt niet uit de cijfers in de begroting, integendeel.

Bekend is in elk geval dat in 2012 de neergang van de gewichtengelden echt gaat starten: de vrijval door de vermindering van het aantal gewichtenleerlingen leidt niet tot een aanpassing van de normen voor de bepaling van de gewichten, maar wordt gebruikt om de hogere salarissen van de leerkrachten te kunnen betalen, zo blijkt uit het Convenant LeerKracht.

Wel is er de komende jaren sprake van een extra impuls aan voor- en vroegschoolse educatie en de betere onderlinge afstemming daarvan, maar zonder een duidelijke visie op de toekomst van dit ‘peuteronderwijs’.

Klik hier voor de Rijksbegroting

Klik hier voor het persbericht van het ministerie van OCW

Klik hier voor het persbericht van de VO-raad

Het persbericht van VOS/ABB staat in de rechterkolom van dit bericht.

Informatie: Bé Keizer, 0348-405251, bkeizer@vosabb.nl of Geke Lexmond, 0348-404815, glexmond@vosabb.nl

Bijlagen