Eerste Kamer stemt in met boerkaverbod

Na de Tweede Kamer heeft nu ook de Eerste Kamer ingestemd met het boerkaverbod in onder andere het onderwijs.

Het wetsvoorstel voor het boerkaverbod kwam voort uit het regeerakkoord van het vorige kabinet onder leiding van VVD-premier Mark Rutte. Het werd ingediend door voormalig PvdA-minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken.

Het regelt niet alleen een verbod op boerka’s, maar ook op andere gezichtsbedekkende kleding, zoals de bivakmuts en de integraalhelm. De gedachte achter het verbod is dat het dragen van een boerka die het gezicht bedekt, het veiligheidsgevoel van mensen aantast. Ook de niqaab, waarbij de ogen nog zichtbaar zijn, valt onder het verbod. Het heeft geen betrekking op bijvoorbeeld islamitische hoofddoekjes en joodse keppeltjes, omdat die het gezicht niet bedekken.

Het boerkaverbod gaat niet alleen in het onderwijs gelden, maar ook in de zorg, het openbaar vervoer en overheidsgebouwen. Het gaat waarschijnlijk pas over zes maanden in. In de tussentijd kunnen onder andere scholen zich erop voorbereiden.

Stemming boerkaverbod uitgesteld

De stemming in de Eerste Kamer over het boerkaverbod in onder andere het onderwijs is met een week uitgesteld tot dinsdag 26 juni.

Het uitstel kwam er op verzoek van de SP die met een motie komt. Dit zal waarschijnlijk niet van invloed zijn op de verwachte meerderheid voor het boerkaverbod.

Veiligheidsgevoel

Het wetsvoorstel voor het boerkaverbod kwam voort uit het regeerakkoord van het vorige kabinet onder leiding van VVD-premier Mark Rutte. Het werd ingediend door voormalig PvdA-minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken.

Het regelt niet alleen een verbod op boerka’s, maar ook op andere gezichtsbedekkende kleding, zoals de bivakmuts en de integraalhelm. De gedachte achter het verbod is dat het dragen van een boerka die het gezicht bedekt, het veiligheidsgevoel van mensen aantast. Ook de niqaab, waarbij de ogen nog zichtbaar zijn, valt onder het voorgestelde verbod. Het wetsvoorstel heeft geen betrekking op bijvoorbeeld islamitische hoofddoekjes en joodse keppeltjes, omdat die het gezicht niet bedekken.

Onderwijs, openbaar vervoer, overheidsgebouwen

Het wetsvoorstel is in november 2016 goedgekeurd door de Tweede Kamer. Als de Eerste Kamer er ook mee instemt, gaat het boerkaverbod gelden in het onderwijs, de zorg, het openbaar vervoer en overheidsgebouwen.

Meerderheid Eerste Kamer voor boerkaverbod

In de Eerste Kamer tekent zich een meerderheid af voor een gedeeltelijk boerkaverbod, dat onder andere van kracht wordt in het onderwijs. Dat bleek dinsdag tijdens een debat over het wetsvoorstel dat dit verbod moet regelen.

Het wetsvoorstel voor het boerkaverbod kwam voort uit het regeerakkoord van het vorige kabinet onder leiding van VVD-premier Mark Rutte. Het werd ingediend door voormalig PvdA-minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken.

Het regelt niet alleen een verbod op boerka’s, maar ook op andere gezichtsbedekkende kleding, zoals de bivakmuts en de integraalhelm. De gedachte achter het verbod is dat het dragen van een boerka die het gezicht bedekt, het veiligheidsgevoel van mensen aantast. Ook de niqaab, waarbij de ogen nog zichtbaar zijn, valt onder het voorgestelde verbod. Het wetsvoorstel heeft geen betrekking op bijvoorbeeld islamitische hoofddoekjes en joodse keppeltjes, omdat die het gezicht niet bedekken.

Het wetsvoorstel is in november 2016 goedgekeurd door de Tweede Kamer. Als de Eerste Kamer er ook mee instemt, gaat het boerkaverbod gelden in het onderwijs, de zorg, het openbaar vervoer en overheidsgebouwen. De Senaat stemt erover op dinsdag 19 juni.

Tweede Kamer steunt boerkaverbod

Een meerderheid in de Tweede Kamer is voor een boerkaverbod in de openbare ruimte, meldt NRC. Het verbod zou onder andere in scholen en op schoolpleinen moeten gaan gelden.

Een meerderheid van in ieder geval VVD, PvdA, CDA en SP stemt volgens de krant in met een wetsvoorstel van minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties om het dragen van gezichtsbedekkende kleding in onder andere onderwijsinstellingen te verbieden. Het gaat niet alleen om boerka’s, maar ook om niqaabs (gezichtssluiers die alleen de ogen vrijlaten). Bovendien vallen integraalhelmen en bivakmutsen onder het voorgestelde verbod.

Het kabinet heeft eerder gezegd te streven naar een goede balans tussen de vrijheid van mensen om kleding te dragen die bij hen past en het belang van onderlinge en herkenbare communicatie. Uitgangspunt is dat in een vrij land als Nederland iedereen het recht heeft zich naar eigen inzicht te kleden, wat anderen er ook van vinden. Die vrijheid is slechts begrensd in situaties waar het essentieel is dat men elkaar kan aankijken, omdat goede dienstverlening en/of veiligheid daar gewaarborgd moet zijn.

In mei 2015 ging de ministerraad akkoord met het voorstel van Plasterk. Vandaag debatteert de Tweede Kamer erover.

 

Hoe gaat uw school straks om met boerkaverbod?

Hoe gaat uw school straks om met het verbod op gezichtsbedekkende kleding, zoals boerka’s? Het ministerie van OCW wil dat graag weten in het kader van het wetsvoorstel om gezichtsbedekkende kleding niet langer toe te staan in onder andere onderwijsinstellingen.

De ministerraad stemde op 22 mei in met het wetsvoorstel van minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor een gedeeltelijk verbod op gezichtsbedekkende kleding. In het regeerakkoord was afgesproken dat er een dergelijk verbod zou komen.

Het kabinet zegt te streven naar een goede balans tussen de vrijheid van mensen om kleding te dragen die bij hen past en het belang van onderlinge en herkenbare communicatie.

Uitgangspunt is dat in een vrij land als Nederland iedereen het recht heeft zich naar eigen inzicht te kleden, wat anderen er ook van vinden. Die vrijheid is slechts begrensd in situaties waar het essentieel is dat men elkaar kan aankijken, omdat goede dienstverlening en/of veiligheid daar gewaarborgd moet zijn.

Het ministerie van OCW stelt dat belangrijk is dat het onderwijs uit de voeten kan met het verbod op gezichtsbedekkende kleding op scholen. Daarom kunnen scholen en schoolbesturen meedenken over de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het verbod. U kunt uw zienswijze tot 1 december kenbaar maken via: O820WJZ@minocw.nl.

Het ministerie wil ook weten of er vanuit het onderwijs behoefte is aan een bijeenkomst om hierover van gedachten te wisselen.