RTL Nieuws snapt niet hoe het werkt met kleine scholen

RTL Nieuws meldt dat voor bijna duizend kleine basisscholen sluiting dreigt. De redactie van de commerciële nieuwszender houdt bij deze constatering geen rekening met de gemiddelde schoolgrootte binnen schoolbesturen.

De redactie in Hilversum baseert zich voor de stelling dat voor bijna duizend kleine basisscholen sluiting dreigt op een eigen analyse. Op de website van RTL Nieuws staat een lijst met daarop overigens niet bijna duizend, maar ruim 900 scholen waarvan het aantal leerlingen onder de opheffingsnorm zit.

Het blijkt dat op die lijst ook scholen staan die helemaal niet met sluiting worden bedreigd als rekening wordt gehouden met de gemiddelde schoolgrootte binnen een schoolbestuur. Het is niet zo snel te bepalen hoeveel scholen ten onrechte op de lijst van RTL Nieuws staan, maar feit is dat lang niet alle scholen waarvan het leerlingenaantal onder de opheffingsnorm zit, dicht zouden moeten.

Kleine scholen hoeven niet dicht

Een voorbeeld dat illustreert dat de lijst van RTL Nieuws niet klopt: twee basisscholen van STIP Hilversum voor openbaar basisonderwijs zouden te klein zijn om open te kunnen blijven. Het gaat om de Dr. ir. C. Lelyschool en de Sterrenschool.

Deze scholen zitten weliswaar onder de opheffingsnorm van 169 leerlingen die voor de gemeente Hilversum geldt, maar aan de hand van de gemiddelde schoolgrootte van ruim 360 leerlingen binnen STIP Hilversum kunnen deze scholen gewoon openblijven.

Bestuursvoorzitter Geert Looyschelder van STIP Hilversum benadrukt dat deze scholen niet alleen gewoon open kunnen blijven, maar ook onderwijs kunnen blijven bieden dat van goede kwaliteit is. In de berichtgeving van RTL Nieuws wordt een verband gesuggereerd tussen de geringe omvang van scholen en slecht onderwijs.

Gemiddelde schoolgrootte

Een school die qua leerlingenaantal onder de opheffingsnorm zit, kan voor bekostiging in aanmerking blijven komen als de gemiddelde schoolgrootte van alle scholen van een bestuur ten minste 10/6 keer (het gewogen gemiddelde van) de opheffingsnorm(en) bedraagt van de gemeente(n) waarin een bestuur scholen heeft. Dit geldt tot de ondergrens van 23 leerlingen.

RTL Nieuws noemt het hanteren van de gemiddelde schoolgrootte een uitzondering, terwijl deze maatregel in werkelijkheid veelvuldig en door het hele land wordt toegepast.

D66 viert feest met geld voor kleine scholen

D66 wil geld dat met het behoud van de kleinescholentoeslag vrijkomt aan zaken besteden die niets met kleine scholen te maken hebben.

D66-onderwijswoordvoerder Paul van Meenen twittert dat hij blij is met ‘weer 40 miljoen euro investeringen in beter onderwijs’. Wie verder leest, ziet dat het gaat om geld dat voor 2015 en 2016 opzij was gezet ter compensatie van het verdwijnen van de kleinescholentoeslag, waarvan onlangs bekend werd dat die toch blijft bestaan.

‘Het pakket is het gevolg van het behoud van de toeslag voor kleine scholen, een wens van ChristenUnie en SGP. Hierdoor viel twee maal 20 miljoen euro vrij in 2015 en 2016, wat D66 nu kan investeren in beter onderwijs’, zo meldt D66.

De 40 miljoen euro wil D66 aan andere zaken dan kleine scholen besteden. Het gaat onder andere om schone en energiezuinige scholen, passend onderwijs en Nederlands onderwijs in het buitenland.

Zeeuws reddingsplan kleine scholen afgeserveerd

Juridisch niet mogelijk en inhoudelijk niet wenselijk. Daarmee heeft staatssecretaris Sander Dekker van OCW woensdag in de Tweede Kamer het plan van de Zeeuw Jan Schuurman Hess afgeserveerd om te komen tot een coöperatie voor het behoud van kleine basisscholen in krimpgebieden.

Schuurman Hess diende op 28 januari in de Tweede Kamer een petitie aan om kleine basisscholen te redden door ze te laten samenwerken in bovenregionale coöperaties. Zijn plan krijgt steun van onder anderen VVD-coryfee Hans Wiegel en PvdA-kopstuk Felix Rottenberg, maar staatssecretaris Dekker ziet er helemaal niets in.

In de petitie staat onder andere dat ouders, andere dorpsbewoners en docenten verantwoordelijk moeten worden voor kleine scholen. Deze dorpsscholen zouden kunnen dienen om leerlingen uit de stad op te vangen als het voor hen goed kan zijn om in een rustige omgeving onderwijs te volgen. Dit sluit aan op het eerdere maar nog niet uitgevoerde plan van Schuurman Hess om leerlingen uit Amsterdam naar Kats te halen. Hij wil dat zijn plan snel onder de Experimentenwet onderwijs komt te vallen.

Hij lanceerde zijn plan om kleine scholen in bovenregionale coöperaties met elkaar te laten samenwerken vorig jaar. In november gaf staatssecretaris Dekker in een gesprek met hem aan er niets in te zien, omdat de financiële onderbouwing erg mager zou zijn. Dekker liet woensdag in het onderwijsdebat in de Tweede Kamer nogmaals weten dat hij het plan totaal zinloos acht, want ‘juridisch niet mogelijk en inhoudelijk niet wenselijk’.

Het initiatief van de Zeeuw stuitte ook op kritiek van de samenwerkende schoolbesturen in Zuid-Limburg. Lees meer…

‘Grotere scholen in krimpend Noord-Groningen’

De basisscholen in Noord-Groningen moeten in de toekomst het liefst 200 en minimaal 80 leerlingen hebben. Dat staat in een gezamenlijk discussiestuk over de gevolgen van demografische krimp dat  de plaatselijke besturen voor openbaar respectievelijk christelijke primair onderwijs hebben laten opstellen door organisatieadviesbureau Van Beekveld en Terpstra.

Het discussiestuk is nadrukkelijk bedoeld om de komende maanden met alle betrokkenen te bespreken wat er in het licht met de bevolkingskrimp in Noord-Groningen en behoud van voldoende onderwijskwaliteit nodig is.

In het stuk wordt het ideale aantal van 200 leerlingen per basisschool voorgesteld, omdat er dan acht groepen van elk gemiddeld 25 leerlingen kunnen worden samengesteld. Ook wordt het minimumaantal van 80 leerlingen per basisschool genoemd. De reden om voor dat aantal te kiezen, is dat de besturen liever niet meer dan twee leerjaren per groep willen hebben. Dat hangt samen met de werkdruk en onderwijskwaliteit.

Als wordt uitgegaan van minimaal 200 leerlingen per basisschool, zouden in de Noord-Groningse gemeenten Winsum, Eemsmond en De Marne 23 van de nu nog 35 basisscholen worden gesloten. Van de twaalf basisscholen die dan zouden overblijven, zouden er zes openbaar en zes christelijk moeten zijn. Als het minimumaantal op 80 leerlingen per basisschool komt te liggen, dan zouden 15 van de 35 scholen dichtgaan.

Het Dagblad van het Noorden meldt naar aanleiding van het discussiestuk dat het onderwijs in Noord-Groningen over de kop gaat.

Meer informatie staat in het discussiestuk Toekomst scenario’s scholenspreiding Noord Groningen en de presentatie die daarbij hoort. De informatie is afkomstig van het openbare schoolbestuur Lauwers en Eems en het christelijke bestuur VCPO Noord-Groningen.

Pleidooi voor behoud kleine christelijke scholen

De Coöperatie Christelijk Basisonderwijs (CBO) Fryslân geeft in een brief aan de vaste Kamercommissie voor OCW aan dat de kleinescholentoeslag moet blijven bestaan om ‘kleinere scholen met een bepaalde geloofs- of levensvisie’ in stand te kunnen houden. 

De brief is een reactie op het plan van staatssecretaris Sander Dekker van OCW om de kleinescholentoeslag te vervangen door een toeslag voor scholen die met elkaar samenwerken. Dit kan samenwerking zijn die boven de denominaties uitstijgt. CBO Fryslân kiest daar niet voor, naar eigen zeggen omdat de zogenoemde samenwerkingsbonus tot onnodige bestuurlijke drukte zou leiden.

De christelijke coöpreratie noemt ook een andere reden: ‘Afschaffen van de kleinescholentoeslag betekent, dat scholen kleiner dan 145 leerlingen minder middelen ontvangen van de overheid, terwijl besturen en de betreffende scholen nu al aangeven, dat de huidige financiering onvoldoende is.’ Dit betekent volgens CBO Fryslân dat bij het beëindigen van de kleinescholentoeslag op termijn veel scholen met minder dan 145 leerlingen hun deuren moeten sluiten en dat daardoor verschillende dorpen geen voorziening meer hebben voor basisonderwijs.

In de brief aan de Tweede Kamer staat ook dat CBO Fryslân een goede spreiding van onderwijslocaties wil, ‘waarbij ouders, daar waar mogelijk, keuzevrijheid behouden’. De christelijke coöperatie pleit ervoor ‘de kleine scholentoeslag te behouden vanaf een bepaalde grootte, waardoor huisnabij onderwijs mogelijk blijft en kleinere scholen met een bepaalde geloofs- of levensvisie open kunnen blijven’.

Samenwerkingsbonus vervangt kleinescholentoeslag?

De christelijke oppositiepartijen CDA en ChristenUnie zijn tegen het plan van VVD en PvdA om de kleinescholentoeslag te vervangen door een stimuleringsbonus voor samenwerking.

VVD en PvdA sturen erop aan om de kleinescholentoeslag om te zetten in een samenwerkingsbonus. CDA-Kamerlid Michel Rog – de oud-voorzitter van CNV Onderwijs – noemt dit een 'verschrikkelijk voorstel' en een 'dwaas plan'. Hij vreest dat scholen worden gedwongen om met elkaar samen te werken, wat de autonomie van de schoolbesturen zou aantasten.

Arie Slob van de ChristenUnie is ook tegen. Het schrappen van de kleinescholentoeslag en het instellen van een samenwerkingsbonus noemt hij 'desastreus'. D66-Kamerlid Paul van Meenen is het met VVD en PvdA eens dat samenwerking tussen kleine scholen moet worden bevorderd.

VVD en PvdA hebben voor hun plan voldoende steun nodig in de Eerste Kamer, waar ze geen meerderheid hebben. Het voorstel volgt op het advies Grenzen aan kleine scholen van de Onderwijsraad, waarin staat dat alle basisscholen met minder dan 100 leerlingen dicht zouden moeten. Alles wijst erop dat dit advies, dat de afgelopen tijd veel kritiek kreeg in het onderwijs, geen realiteit zal worden.

Verdedigbaar
VOS/ABB vindt het plan voor de samenwerkingsbonus verdedigbaar, mits dit niet gepaard gaat met een bezuiniging. Al het geld voor de kleinescholentoeslag moet voor het onderwijs behouden blijven. VOS/ABB heeft dit onlangs tijdens een overleg met het ministerie van OCW benadrukt.

Als samenwerking financieel wordt gestimuleerd, moet de politiek wel snel werk maken van een wetswijziging om het ook voor openbare schoolbesturen mogelijk te maken om samenwerkingsscholen in stand te houden. Nu kan het openbaar onderwijs dat nog niet, terwijl het bijzonder onderwijs die mogelijkheid wel heeft. De achtergestelde positie van het openbaar onderwijs moet zeer spoedig worden opgeheven!