Dekker handhaaft regels voor nevenvestiging buiten RPO

De regels voor grensoverschrijdende nevenvestigingen voor voortgezet onderwijs worden voorlopig niet gewijzigd. Dat blijkt uit een brief van staatssecretaris Sander Dekker van OCW aan de Tweede Kamer.

De brief van Dekker volgt op vragen van VVD-Kamerlid Karin Straus en haar CDA-collega Michel Rog. Zij wilden weten wat de mogelijkheden zijn voor schoolbesturen voor voortgezet onderwijs om buiten het gebied dat valt onder het hun regionaal plan onderwijsvoorzieningen (RPO) nevenvestigingen te realiseren.

Vooral in het gereformeerde en reformatorische onderwijs is daar behoefte aan en in gebieden waar bijvoorbeeld als gevolg van demografische krimp het onderwijsaanbod weinig divers is of wordt.

Geen bezwaar
Dekker noemt in zijn brief een wetswijziging die in 2008 is aangekondigd. Daarin wordt de mogelijkheid genoemd om een grensoverschrijdende nevenvestiging toe te staan als de betrokken schoolbesturen in het betreffende RPO-gebied daar geen bezwaar tegen hebben (of in de andere gemeente als er geen RPO is).

Hij komt in zijn brief ook met drie alternatieven voor het huidige stelsel. Zo noemt hij de mogelijkheid de RPO-gebieden uit te breiden, maar dat brengt volgens het nadeel met zich mee dat er meer partijen bij de overleggen aanschuiven en dat daardoor de kans op overeenstemming kleiner wordt.

Een ander alternatief kan zijn om op basis van bepaald minimumaantal ouderverklaringen een grensoverschrijdende nevenvestiging op te zetten. Dat zou vooruitlopen op de richtingvrije planning, zoals Dekker die voorstelt. Het lijkt de staatssecretaris beter hier niet op vooruit te lopen, te meer daar hij de richtingvrije planning tegelijk voor het primair en voortgezet onderwijs wil regelen.

Het zou ook kunnen om het criterium van geen bezwaar van de andere schoolbesturen te halveren. Dit druist volgens Dekker echter in tegen het huidige consensusmodel van het RPO, dat is gebaseerd op vrijwillig gemaakte afspraken en gedeelde belangen.

Nadelen groter dan voordelen
De staatssecretaris concludeert na overweging van de geschetste alternatieven ‘dat de nadelen groter zijn dan de voordelen, respectievelijk dat de alternatieven vooruit zouden lopen op nieuwe mogelijkheden voor scholenstichting’. Daarom blijft alles voorlopig bij het oude, maar Dekker zegt wel toe dat hij ernaar streeft ‘de mogelijkheden binnen de huidige voorzieningenplanning zo goed mogelijk te benutten’.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Planningsaanvragen nu ter inzage

Het gaat om de planningsaanvragen die een aantal schoolbesturen vóór 1 november 2008 bij de staatssecretaris van OCW heeft ingediend. Deze planningsaanvragen maken deel uit van RPO’s. De staatssecretaris heeft bekend gemaakt welke planningsaanvragen ze wil goedkeuren en welke ze wil afwijzen. Onderdeel van de procedure is, dat belanghebbenden op grond van de Algemene wet bestuursrecht gedurende een termijn van zes weken hun zienswijze over de aanvragen – hetzij mondeling, hetzij schriftelijk – kenbaar kunnen maken bij CFI.

De voorgenomen besluiten van de staatssecretaris staan in de voorlichtingspublicatie van CFI  “Inzage ontwerpbesluiten regionale plannen onderwijsvoorzieningen voortgezet onderwijs” d.d. 9 februari 2009 van CFI. Deze staat met gerelateerde stukken op www.cfi.nl (via Regelgeving>regelingen OCW).

Direct naar de publicatie ‘Inzage ontwerpbesluiten regionale plannen onderwijsvoorzieningen voortgezet onderwijs’.

Informatie: Klaas te Bos, 0348-405227, ntebos@vosabb.nl