Ouders met jonge kinderen vertrekken uit grote stad

Ouders met jonge kinderen tot vijf jaar vertrekken uit de grote stad. Veel van hen verhuizen naar kleinere gemeenten, blijkt uit cijfers van Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Neem Amsterdam: daar vertrokken in 2017 gezinnen met in totaal 4262 jonge kinderen, terwijl er gezinnen met in totaal 879 jonge kinderen naar die stad verhuisden. Het aantal jonge kinderen en daarmee het aantal leerlingen in Amsterdam neemt dus af.

In Rotterdam is het vertrekoverschot minder groot: daar vertrokken in 2017 gezinnen met in totaal 2195 jonge kinderen, terwijl er zich toen gezinnen met in totaal 1193 kinderen tot vijf jaar vestigden. In Den Haag ging het in 2017 om 1746 respectievelijk 1000, in Utrecht om 1771 respectievelijk 729.

Kleinere gemeenten rond de grote steden waar het aantal jonge kinderen toeneemt, zijn onder andere Aalsmeer, Albrandswaard, Lansingerland, Pijnacker-Nootdorp, De Bilt en Bunnik.

Ga naar de cijfers van het CBS

 

 

Leraren willen niet naar grote stad, ook niet met bonus

De welkomstpremie van de gemeente Rotterdam om meer leraren naar die stad te halen, heeft nauwelijks effect, bevestigt adviseur Eddie Meijer van de gemeente Rotterdam tegenover het Duitsland Instituut bij de Universiteit van Amsterdam.

Rotterdam voerde de welkomstpremie van 5000 euro vorig jaar in om bevoegde leraren te lokken in vakken waarvoor een lerarentekort is. Het gaat om vakken als Duits, wiskunde, natuurkunde, scheikunde en biologie. Den Haag, Utrecht en Amsterdam denken na over vergelijkbare maatregelen om het lerarentekort in die steden tegen te gaan.

‘We hebben de beurs wel uitgekeerd, maar het heeft niet massaal tot oplossing van het probleem geleid’, zegt adviseur Meijer. Dat had hij volgens het Duitsland Instituut ook niet verwacht. De bonus is volgens hem vooral ingevoerd om leraren over te halen die twijfelen tussen een baan in Rotterdam en een andere plaats.

Lees meer…

Met strenge controles meer spijbelaars betrapt

Het aantal spijbelaar in het primair en voortgezet onderwijs in de vier grote steden is veel groter dan werd aangenomen. De geconstateerde toename heeft te maken met strenger toezicht, meldt het Algemeen Dagblad.

Volgens de krant gaat het in Rotterdam om 30 procent meer spijbelaars, terwijl in Den Haag sprake zou zijn van een verdubbeling. De vier grote steden controleren sinds vorig schooljaar intensief op spijbelen.

Het AD schrijft dat het scheve beeld dat jarenlang over spijbelen bestond, vooral te wijten is ‘aan een slechte registratie door scholen’. In Den Haag bijvoorbeeld bleken vorig schooljaar 70 van de 113 onderzochte scholen het verzuimgedrag door leerlingen niet goed te controleren.

‘Wij blijven die scholen net zolang controleren tot alles klopt’, zegt de Haagse onderwijswethouder Ingrid van Engelshoven (D66) in het AD.