Aanbieder stageplaats bepaalt of VOG nodig is

Het is afhankelijk van de sector waarin leerlingen of studenten stage lopen of zij een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) nodig hebben.

De Onderwijsjuristen van VOS/ABB krijgen geregeld de vraag of leerlingen of studenten voor een stage een VOG nodig hebben. Het antwoord op die vraag hangt af van de organisatie waarbij de stage plaatsvindt.

Het uitgangspunt is dat de stageaanbieder bepaalt of een VOG nodig is. Daarbij geldt dat in het onderwijs altijd een VOG nodig is. Deze plicht geldt dus bijvoorbeeld voor leraren in opleiding die stage lopen op een school. Een VOG kan ook nodig zijn voor een maatschappelijke stage.

Het ministerie van OCW meldt dat het hebben van een strafblad of een aantekening bij bureau HALT niet automatisch betekent dat een VOG zal worden geweigerd.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Zomernummer magazine School! over openbaar onderwijs

Het zomernummer van magazine School! gaat onder andere over krimp en samenwerking. Andere onderwerpen die worden belicht, zijn het tegengaan van segregatie en stages voor ‘illegale’ leerlingen uit het beroepsgerichte vmbo en praktijkonderwijs.

Krimp en samenwerking komt aan bod in een artikel waarin de gelijkwaardigheid tussen openbaar en bijzonder onderwijs wordt benadrukt. Tot nu toe heeft het openbaar onderwijs bij samenwerking in krimpgebieden op verschillende terreinen wettelijk gezien een achtergestelde positie ten opzichte van het bijzonder onderwijs. Dat bemoeilijkt het behoud van goed onderwijs.

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW ziet dit probleem ook. Hij steunt de oproep van VOS/ABB en de Vereniging Openbaar Onderwijs om een einde te maken aan de achtergestelde positie van de openbare schoolbesturen. Samenwerking voor het behoud van goed onderwijs kan immers alleen op basis van gelijkwaardigheid.

Onderwijs kan het zelf!
Het tegengaan van segregatie is van de politieke agenda. Staatssecretaris Dekker heeft dat onlangs nog eens bevestigd in antwoorden op Kamervragen van de SP. Maar hoe erg is dat? Volgens Marius Liebregts van de Stichting Opmaat voor openbaar primair onderwijs in Tilburg en omgeving beschouwt de samenstelling van zijn scholen als een gegeven en houdt zich liever bezig met dingen waar hij invloed op heeft.

De inmiddels gestopte gesubsidieerde projecten om segregatie in het onderwijs tegen te gaan, kwamen volgens hem voort uit de neiging van de politiek om de scholen te beheersen. ‘Dames en heren politici, laat het gewoon aan het onderwijs zelf over!’, aldus de praktisch ingestelde Liebregts.

Op stage!
Naar aanleiding van een oproep van openbare scholengemeenschap Singelland in Drachten, maakt minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid het voor ‘illegale’ leerlingen uit het beroepsgerichte vmbo en praktijkonderwijs mogelijk stage te lopen.

In het artikel hierover wordt de situatie van de 16-jarige ‘illegale’ Drachtster leerling Karen Sedrakjan uit Armenië belicht. Zijn school was noodgedwongen voor hem een interne stage te organiseren, maar nu Asscher met zijn toezegging is gekomen, kan ook hij een externe stage volgen om de broodnodige werkervaring op te doen.

Andere artikelen uit het zomernummer:

  • Als de bij uitsterft, volgt de mensheid: openbare basisschool De Kring in Maastricht is de drijvende kracht achter het initiatief voor bijenhotels bij alle Limburgse basisscholen.
  • Steve JobsSchool midden in de samenleving: het concept Onderwijs voor een Nieuwe Tijd is veel meer dan alleen iPads, zo laat de openbare basisschool Master Sneek zien.
  • Jonge meester vindt onderwijs geweldig: Johan Noorda is dit schooljaar aan de slag gegaan op de openbare 5e Montessorischool Watergraafsmeer in Amsterdam. Een man in het onderwijs, hoe bijzonder is dat?
  • Kinderen zeggen nee tegen discriminatie: de leerlingen van de openbare basisscholen van Surplus in Noord-Holland verdiepen zich in de waarden die onze samenleving democratisch en rechtvaardig maken.
  • Blokletters of verbonden schrift: directeur Henk Schweitzer van openbare basisschool Molenweid in Velserbroek wil blokletters, maar voormalig schrijfdocent Ben Hamerling pleit voor behoud van het traditionele verbonden schrift.
  • Nieuwe methode levensbeschouwing ontstijgt denominaties: leerkracht Rianne Weijers van samenwerkingsschool Paulus in Rutten en directeur Hans Schemkes van openbare basisschool De Vogelaar in Genemuiden over de methode ‘Krachtbronnen’.
  • Moderne school achter monumentale gevel: een kijkje in het gebouw van het openbare Johan de Witt Gymnasium in Dordrecht.

Verder kunt u de vaste rubrieken Kort nieuws, Aan het woord, School! en recht, School! antwoordt en School! en excursie lezen. Op de achtercover staan opmerkelijke berichten uit het onderwijs en de cartoon van Maarten Wolterink.

Abonnement?
Magazine School! is het blad van, voor en over het openbaar onderwijs in Nederland. Het blad verschijnt zeven keer per jaar. Het is een gezamenlijk uitgave van VOS/ABB en de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO).

Het blad wordt gratis verspreid onder de leden van VOS/ABB en VOO. Niet-leden betalen voor een abonnement 24,50 euro per jaar. U kunt zich voor en abonnement aanmelden via welkom@vosabb.nl.

U kunt het zomernummer gratis downloaden.

Hebt u een idee voor de redactie? Mail naar .

Adverteerders kunnen contact opnemen met Ray Aronds van bureau Recent: ray@recent.nl.

Dekker onwrikbaar in discussie maatschappelijke stage

Scholen krijgen meer ruimte voor eigen keuzes als de maatschappelijke stage niet meer wettelijk verplicht is. Staatssecretaris Sander Dekker van OCW blijft dit argument gebruiken ter camouflage van het feit dat het kabinet geen geld meer in de maatschappelijke stage wil steken.

De verplichte maatschappelijke stage in het voortgezet onderwijs werd ingevoerd in het schooljaar 2011-2012. Dit vloeide destijds voort uit de normen-en-waardendiscussie onder het kabinet van CDA-premier Jan Peter Balkenende. Het was Marja van Bijsterveldt van de christendemocraten die als minister van OCW de maatschappelijke stage invoerde.

Om 75 miljoen euro te bezuinigen, heeft het huidige kabinet besloten het verplichtende karakter van de stage te halen. De financiering ervan wordt in het schooljaar 2014-2015 stopgezet. De scholen mogen de maatschappelijke stage nog wel als facultatief onderdeel blijven aanbieden, maar ze krijgen er dan dus geen geld meer voor. In februari stemde een meerderheid van de Tweede Kamer voor het afschaffen van de verplichting.

In zijn memorie van antwoord op kritische vragen uit de Eerste Kamer herhaalt Dekker zijn argument om een einde te maken aan de wettelijke verplichting. Hij blijft erop hameren dat de scholen er meer beleidsvrijheid door krijgen, terwijl het in feite om een bezuiniging gaat. De staatssecretaris erkent wel dat de maatschappelijke stage een waardevol onderdeel kan zijn om invulling te geven aan de burgerschapstaak van het onderwijs.

Inspectie blijft kijken naar maatschappelijke stage

De Inspectie van het Onderwijs blijft de maatschappelijke stage zien als een van de manieren waarop het voortgezet onderwijs een bijdrage levert aan burgerschapsvorming. Dat antwoordt staatssecretaris Sander Dekker van OCW op vragen van de PvdA in de Tweede Kamer.

De maatschappelijke stage werd in het schooljaar 2011-2012 verplicht onderdeel van het voortgezet onderwijs, maar krijgt met ingang van het schooljaar 2014-2015 een vrijwillig karakter. Dit heeft te maken met een bezuiniging van het kabinet. Staatssecretaris Dekker verkoopt deze maatregel onder het mom van meer keuzevrijheid voor de scholen. Die mogen de maatschappelijke stages wel blijven aanbieden, maar ze krijgen er straks dus geen geld meer voor.

Eisen blijven
De vraag van de PvdA in de Tweede Kamer of de Inspectie van het Onderwijs de maatschappelijke stages blijft zien als een van de mogelijkheden voor scholen om invulling te geven aan hun burgerschapstaak, beantwoordt Dekker bevestigend. De PvdA wilde ook weten of het vrijwillige karakter van de stage voor de scholen een versoepeling van de eisen met zich meebrengt. Dat zal volgens de staatssecretaris niet het geval zijn. Een stageovereenkomst blijft noodzakelijk.

Het CDA in de Tweede Kamer wilde van Dekker weten of het niet meer verplicht stellen van de maatschappelijke stage is te rijmen met het streven naar de participatiesamenleving, zoals het kabinet dat heeft verwoord in de Troonrede. Hierop antwoordt Dekker dat de stages mogelijk blijven en dat de participatiesamenleving zich niet van bovenaf met verplichtingen laat dicteren.

Sigaar uit eigen doos
Op de vraag van het CDA waar de 75 miljoen euro blijft die wordt bespaard met het afschaffen van het verplichtende karakter van de maatschappelijke stages, antwoordt Dekker dat dit geld terugvloeit naar de staatskas waaruit de investeringen voor het onderwijs worden betaald. Hiermee erkent Dekker dat de ‘extra’ investering van 650 miljoen euro in het onderwijs deels wordt betaald door eerst 75 miljoen euro van het voortgezet onderwijs af te romen.

Tweede Kamer omarmt motie tegen kleutertoets

De Tweede Kamer heeft dinsdag de motie tegen de kleutertoets aangenomen. Ook werd de motie aangenomen om de gemiddelde cito-score per school niet te gebruiken als kwaliteitsindicator voor basisscholen. Bovendien vindt de Kamer dat het kabinet er niet naar moet streven om de gemiddelde cito-score te verhogen van 535 naar 537.

De motie tegen de landelijk genormeerde kleutertoets was ingediend door het CDA-Tweede Kamerlid Michel Rog. Mede-indienaars waren de ChristenUnie, de SP, GroenLinks en de SGP. Met steun van de regeringsfractie PvdA tijdens de stemmingen in de Kamer bleek de motie van het CDA het te halen. Rog  twitterde direct nadat zijn motie was aangenomen, dat hij blij is dat ‘kleuters weer mogen kleuteren’.

Jesse Klaver van GroenLinks had met steun van het CDA, de SP, de SGP en de ChristenUnie de motie ingediend om de gemiddelde cito-score per school niet te gebruiken als kwaliteitsindicator voor basisscholen. VOS/ABB is blij dat deze motie is aangenomen, omdat – zoals de indieners stellen – de Cito-toets bedoeld is als advies aan de individuele groep 8-leerling voor vervolgonderwijs.

Paul van Meenen van D66 en Loes Ypma van de PvdA hadden samen de motie ingediend om af te zien van het streven de gemiddelde cito-score te verhogen van 535 naar 537. Ook deze motie kreeg voldoende steun. VOS/ABB had in haar politieke lobby er bij de Kamer op aangedrongen om dit streven van het kabinet tegen te houden. Het is dan ook een goede zaak dat deze motie is aangenomen.

De motie van Paul van Meenen van D66 en Jasper van Dijk van de SP om medezeggenschapsorganen in het onderwijs instemmingsrecht te geven op hoofdlijnen van de begroting heeft het niet gehaald. De indieners wilden hiermee vooral leraren meer zeggenschap geven over begrotingsaspecten, waar de schoolbesturen zeggenschap over hebben.

De motie van Joël Voordewind van de ChristenUnie voor het behoud van de kleinescholentoeslag kon evenmin rekenen op voldoende steun in de Tweede Kamer. Deze motie was mede ingediend door de christelijke partijen CDA en SGP. Met name de christelijke partijen in de Tweede Kamer verzetten zich tegen het plan van staatssecretaris Sander Dekker van OCW om de kleinescholentoeslag om te zetten in een soort bonus voor kleine scholen die over de denominaties heen met elkaar samenwerken.

Een motie die het ook niet heeft gehaald, is die van Jasper van Dijk van de SP om 30 miljoen euro per jaar te behouden voor de maatschappelijke stages in het voortgezet onderwijs. Deze motie werd mede ingediend door het CDA, de partij die aan de wieg stond van deze stages. Het kabinet schaft de maatschappelijke stages niet af, maar wil er met ingang van het volgende schooljaar (2014/2015) geen aanvullende financiering meer voor beschikbaar stellen.

Lees meer over de moties en de stemmingen.

Pleidooi voor behoud maatschappelijke stages

Een ruime meerderheid van de schoolleiders in het christelijk voortgezet onderwijs vindt dat de overheid de financiering van de maatschappelijke stage moet handhaven. Dat blijkt uit een peiling van de Besturenraad.

De maatschappelijke stage voor leerlingen in het voortgezet onderwijs is sinds het schooljaar 2011/2012 verplicht. Het was het geesteskind van voormalig CDA-minister Marja van Bijsterveldt. De instelling van de verplichte maatschappelijke stages maakte deel uit van het normen-en-waardenbeleid onder de christendemocratische oud-premier Jan-Peter Balkenende.

VVD-staatssecretaris Sander Dekker van OCW wil deze verplichting met ingang van het schooljaar 2014/2015 weer intrekken. Dekker is niet tegen de maatschappelijke stage, maar in het licht van de overheidsbezuinigingen wil hij de stages niet meer verplicht stellen. Scholen kunnen maatschappelijke stages blijven organiseren, maar ze krijgen er vanaf 2014/2015 van de overheid geen geld meer voor.

De Besturenrad meldt op basis van een peiling onder 124 schoolleiders dat dit in het christelijk voortgezet onderwijs wordt ervaren als ‘zwabberbeleid’. Van de respondenten vindt 72 procent dat scholen verplicht moeten blijven een maatschappelijke stage aan te bieden. Hoewel de organisatie van de stages volgens hen veel inspanning vergt, hechten ze er erg veel waarde aan. Leerlingen leren iets voor een ander te doen zonder er iets voor terug te krijgen. Ze vinden zo de weg naar vrijwilligerswerk en ontwikkelen maatschappelijke betrokkenheid, is de gedachte.

Als de financiering van structureel 55 miljoen euro en de verplichting wegvallen, blijkt dat 32 procent van de gepeilde christelijke vo-scholen geen maatschappelijke stages meer zal aanbieden.  Andere christelijke scholen voor voortgezet onderwijs zouden met de maatschappelijke stages doorgaan, maar dan in afgeslankte vorm.

Maatschappelijke stage jaar eerder afgeschaft

De maatschappelijke stage in het voortgezet onderwijs is vanaf 1 augustus 2014 geen verplichte eindexameneis meer. Dat meldt het ministerie van OCW.

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW verpakt deze maatregel met de positieve uitspraak dat ‘scholen meer vrijheid krijgen om hun onderwijsprogramma in te richten’. De extra middelen die scholen tijdelijk kregen voor de invoering van de maatschappelijke stage worden stopgezet nu de verplichting vervalt. Er is nog wel een overgangsmaatregel: de verplichting vervalt per 1 augustus 2014, de extra bekostiging stopt per 1 augustus 2015.

Opgaan, blinken en verzinken
De verplichte maatschappelijke stage in het voortgezet onderwijs werd ingevoerd in het schooljaar 2011-2012. Elke leerling moet sindsdien minstens 30 uur stage lopen.

De maatschappelijke stage was een uitdrukkelijke wens van toenmalig coalitiegenoot CDA. Voormalig onderwijsminister Marja van Bijsterveldt was er dolenthousiast over. De gedachte van het CDA was dat leerlingen hierdoor vertrouwd zouden raken met de maatschappelijke waarden en normen, zoals die door oud-premier Jan Peter Balkenende van het CDA in de markt waren gezet.

Van de VVD, die tot 2012 met het CDA in de regering zat, hoefde het allemaal niet zo nodig. VVD-onderwijswoordvoerder Ton Elias zei dat het nu eenmaal onderdeel was van het regeerakkoord.

In het VVD/PvdA-regeerakkoord van het tweede kabinet-Rutte werd aangekondigd dat de verplichte maatschappelijke stage in het schooljaar 2015-2016 zou verdwijnen. Dat wordt nu dus een jaar eerder, zo was eerder al te lezen in dit wetsvoorstel.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl