Drentse leraren geven elkaar vaak complimenten

Leraren in het primair onderwijs in Drenthe complimenteren elkaar vaak voor elkaars talenten. In Friesland doen ze dat veel minder vaak, blijkt uit onderzoek in opdracht van TechniekTalent.nu.

In Drenthe geeft 76 procent van de leraren elkaar complimentjes voor elkaars talenten. In Friesland doet maar 31 procent dat. Uit het onderzoek blijkt ook dat Groningse leerkrachten het meest trots zijn op hun empathisch vermogen en talent voor sport.

Mannen ambitieuzer dan vrouwen

Verder blijkt uit het onderzoek dat mannelijke leerkrachten over het algemeen meer ambitie hebben dan hun vrouwelijke collega’s. Van de meesters wil 71 procent meer tijd voor ontwikkeling van hun talenten, terwijl van de juffen 57 procent dat wil.

Een ander punt dat uit het onderzoek naar voren komt, is dat nogal wat leerkrachten in het basisonderwijs niet zo muzikaal zijn. Ruim een vijfde van de leerkrachten zou muzikaal willen zijn, maar is dat niet.

Voor het onderzoek werden 500 leerkrachten in het primair onderwijs ondervraagd. Het maakt deel uit van de campagne TalentMoment, die leerkrachten wil stimuleren hun eigen talenten te herkennen en verder te ontwikkelen.

Lees meer…

Talent bepalend voor resultaat, niet herkomst

Het indelen van leerlingen in verschillende onderwijsniveaus in het voortgezet onderwijs heeft een positief effect op de leerresultaten, mits de selectie plaatsvindt op basis van talent. Dit blijkt uit promotieonderzoek van econome Roxanne Korthals van de Universiteit van Maastricht.

Zij concludeert ook dat resultaten behaald op de basisschool bepalen op welke niveau een kind terechtkomt en niet bijvoorbeeld zijn of haar herkomst. Voorwaarde is dat een land meer dan drie onderwijsniveaus aanbiedt, zoals Nederland.

Het opleidingsniveau van de ouders is van invloed op ongelijkheid van de onderwijskansen, maar die invloed is minder direct als er wordt geselecteerd op basis van talent, zoals in Nederland.

‘In sommige staten in Duitsland bijvoorbeeld kunnen ouders ingaan tegen het advies van de basisschool’, vertelt Korthals. ‘Als de ouders willen dat het kind naar een hoger niveau gaat, dan gebeurt dat.’

Volgens de Maastrichtse onderzoekster hebben ouders in Nederland slechts indirecte invloed ‘door bijvoorbeeld hun kinderen voor te lezen, hen op tijd naar bed laten gaan en door te oefenen voor de Citotoets.’

Lees meer…

Sander Dekker ontkent onderwijs te willen bevoogden

Het is niet waar dat de overheid de vrijheid van de scholen steeds verder inperkt en almaar meer verantwoording van ze vraagt. Dat stelt staatssecretaris Sander Dekker van OCW in antwoord op vragen uit de Tweede Kamer.

De vragen hadden betrekking op het Plan van aanpak toptalenten 2014-2018, dat Dekker in maart naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Het CDA merkte naar aanleiding van dit plan op dat de overheid steeds meer op de stoel van de scholen gaat zitten.

Volgens Dekker is dat niet waar, zo stelt hij in zijn beantwoording van de Kamervragen. ‘Ik herken het beeld niet dat de overheid meer op de stoel van de school gaat zitten. Scholen krijgen in Nederland juist heel veel ruimte, zowel in de besteding van hun financiën als in wet- en regelgeving.’

Hij herkent ook niet het beeld dat het CDA neerzet als zou de overheid het onderwijs steeds meer inkaderen en almaar meer verantwoording van de scholen zou vragen. ‘In het plan van aanpak toptalenten constateerde ik dat er al veel mogelijk is binnen de huidige kaders, maar dat scholen soms tegen beperkingen in wet- en regelgeving aan lopen als zij maatwerk willen bieden of hun onderwijs willen vernieuwen’, aldus Dekker.

Hij vervolgt: ‘Een aantal van deze belemmeringen neem ik weg, bijvoorbeeld door het versoepelen van de normen voor onderwijstijd en het aanpassen van het Eindexamenbesluit VO. Ook in het Sectorakkoord VO 2014-2017 heb ik afspraken gemaakt met de VO-Raad over het inventariseren en wegnemen van knelpunten. Hiermee werken we dus juist aan meer ruimte voor scholen.’

Dekker wil uitdagend onderwijs voor toptalenten

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW heeft zijn brief over toptalenten naar de Tweede Kamer gestuurd. Er staan maatregelen in vermeld waarmee het onderwijs voor hen uitdagender moet worden dan nu het geval is.

‘We mogen niet tevreden zijn met een voldoende, steeds beter is de norm’, zo schrijft Dekker in zijn brief. Ondanks de vele goede initiatieven van scholen gaat er volgens hem nog te weinig aandacht uit naar toptalenten. ‘Bestaande initiatieven zijn nog te veel een uitzondering en doorgaans kleinschalig van opzet. Het is tijd voor een duurzame en structurele aanpak die leidt tot een cultuuromslag in het onderwijs. Ik streef naar een ambitieuze leercultuur, naar onderwijs dat uitdaagt.’

Dekker ziet het als zijn rol om goede initiatieven te ondersteunen en te stimuleren. ‘Waar nodig schep ik ruimte en neem belemmeringen weg. Daarmee zetten we de eerste stappen in een proces op weg naar onderwijs dat optimaal aansluit bij de individuele behoefte van leerlingen.’ Hij wil dat doen via drie lijnen:

1. Naar onderwijs dat meer uitdaagt
Dit vraagt volgens Dekker om een flexibele opstelling van de scholen om oude patronen en structuren te doorbreken. Hij wil onder andere dat scholen meer gebruikmaken van vakleerkrachten en van specialisten uit bijvoorbeeld het bedrijfsleven. ‘Scholen die de buitenwereld naar binnen halen, inspireren hun toptalenten’, aldus de staatssecretaris. Ook wijst hij scholen op de mogelijkheden die digitale leermiddelen bieden.

2. Naar onderwijs waarin bijzondere prestaties meer lonen
Scholen moeten volgens Dekker meer doen om het halen van hoge cijfers te waarderen. Dat kan door privileges te verlenen of bijzondere aantekeningen op het diploma. Ook in de overgang van de ene naar de andere schoolsoort is de waardering van bijzondere prestaties van belang: leerlingen die met een voorsprong instromen, zouden op hun eigen niveau verder moeten kunnen werken aan hun ontwikkeling. De staatssecretaris schrijft dat scholen die over de hele linie goede prestaties neerzetten en toptalenten laten uitblinken, dat gaan terugzien in de beoordeling van de Inspectie van het Onderwijs.

3. Naar onderwijs met beter toegeruste leraren
Lerarenopleidingen zouden leraren in opleiding de benodigde kennis en vaardigheden moeten aanbieden om goed om te kunnen gaan met verschillen in de klas. De staatssecretaris benadrukt dat het leerproces van leraren verder gaat na hun opleiding. Leraren verdienen volgens hem de ruimte om zich ook nadien te blijven ontwikkelen. Hij verwijst hierbij naar de Lerarenagenda, waarin dit thema aan bod komt.