PO-Raad tegen hoge ouderbijdrage

Een hoge vrijwillige ouderbijdrage kan leiden tot een tweedeling tussen kinderen van ouders met voldoende geld en kinderen van wie de ouders de bijdrage niet kunnen betalen. De PO-Raad spreekt bij de NOS van ‘klassenjustitie’.

Woordvoerder Ad Veen van de PO-Raad reageert bij de NOS op een pamflet van de Stichting Leergeld om de vrijwillige ouderbijdrage beperkt te houden. Ook zouden scholen volgens die stichting rekening moeten houden met ouders die de bijdrage niet kunnen betalen, omdat anders steeds meer kinderen van minder draagkrachtige ouders de dupe worden.

Hoge ouderbijdrage: klassenjustitie

De PO-Raad erkent tegenover de NOS dat de vrijwillige ouderbijdrage tot tweedeling kan leiden. Ouders met een laag inkomen zullen hun kind niet snel aanmelden op een school waar de bijdrage 1000 euro bedraagt. ‘Scholen zijn vrij om hun ouderbijdrage te bepalen, maar ik ben het ermee eens dat dit kan leiden tot klassenjustitie. Dat wil je niet als onderwijs’, zo citeert de NOS woordvoerder Ad Veen van de sectororganisatie.

Lees meer…

D66 wil via onderwijs tweedeling tegengaan

D66 vindt dat iedereen ongeacht zijn of haar achtergrond gelijke kansen verdient voor de toekomst en dat beter onderwijs de beste manier is om dit te bereiken. Dat staat in het verkiezingsprogramma van de partij van Alexander Pechtold.

‘Wij willen brede buurtscholen (kindcentra), waar ieder kind vanaf twee jaar gelijke kansen krijgt door uitstekend onderwijs met aandacht voor cultuur, sport, digitale vaardigheden en een gezond leven.’ D66 denkt op die manier achterstanden te kunnen voorkomen.

Ook zegt D66 te willen investeren in docenten ‘die door minder regels en minder lesuren meer ruimte krijgen om steeds beter onderwijs aan onze kinderen te geven’. Verder wil de partij van Pechtold stapelen in het voortgezet onderwijs makkelijker maken.

Lees het verkiezingsprogramma van D66

 

Samsom lanceert plan voor Nieuwe School

Fractievoorzitter Diederik Samsom van de PvdA heeft een plan gelanceerd voor een nieuwe school, die de toenemende tweedeling in het onderwijs tegen kan gaan. Hij denkt aan een school waar kinderen van 2,5 tot 18 jaar naar toe gaan en meer lesuren krijgen.

Samsom presenteerde zijn plan De Nieuwe School op 30 april samen met Eric van ’t Zelfde, rector van de openbare Hugo de Groot Scholengemeenschap in Rotterdam-Zuid. Deze school, die Van ’t Zelfde in een paar jaar tijd wist te transformeren van een van de slechtste tot een van de beste van het land, inspireerde Samsom tot zijn nieuwe plan. In De Nieuwe School krijgen docenten meer tijd om lessen voor te bereiden, beginnen kinderen al met 2,5 jaar met spelenderwijs leren, zijn er meer lesuren in de basisschooljaren en wordt het middelbaar onderwijs breder met meer niveaus, zodat laatbloeiers makkelijker binnen de school naar een hoger onderwijstype kunnen overstappen.

Superschool
De ideeën zijn gebaseerd op de ervaringen van Eric van ’t Zelfde op de Hugo de Grootschool, waarover hij het boek Superschool schreef. Samsom vindt dat verhaal zowel inspirerend als confronterend. Want: ‘Een geweldige prestatie, maar niet duurzaam in het huidige onderwijsbeleid. De extra lesuren en extra voorbereiding zijn niet begroot, komen uit de eigen tijd en plegen roofbouw op het docententeam’. Daarom moet het onderwijs anders, en ook omdat er ‘een hardnekkige scheiding dreigt te ontstaan tussen een kansarme onderlaag en een bovenlaag met alle mogelijkheden’. Volgens Samsom is ‘verbinden’ een cruciale opdracht voor het onderwijs. Zijn Nieuwe School moet hiervoor de oplossing bieden.

Samsom en Van ’t Zelfde onderbouwen hun plan met een essay dat ze gezamenlijk hebben geschreven, met als ondertitel De strijd voor één samenleving, voor kansen voor ieder kind. De publicatie eindigt met de constatering dat er een enorme investering – tot 10 miljard euro – in het onderwijs nodig is om De Nieuwe School te kunnen realiseren. Daar wil Samsom voor strijden.

Reactie 
Bij de NOS reageerde Hein van Asseldonk, voorzitter van de VO-Raad, al direct op het idee van de brede scholengemeenschap. Hij wees erop dat de trend de laatste tijd juist is dat die brede scholen weer worden versmald, omdat ouders de voorkeur geven aan categorale scholen. Adviseur Kaja Sariwating van de ouderorganisatie Ouders & Onderwijs zei bij de NOS dat het ene type school, het andere niet uitsluit. Hij vindt het het belangrijkste dat het onderwijsniveau van een kind niet in beton gegoten wordt.

Nadat Samsom en Van ’t Zelfde hun plan toelichtten in het televisieprogramma RTL Late Night van 2 mei kregen ze direct via Twitter veel steunbetuigingen. De AOb (Algemene Onderwijsbond) reageerde kritisch. De bond zegt dat de Pvda ‘geen essay moet schrijven maar iets moet doen nu de partij nog een onderwijsminister heeft’.

 

 

Maatwerkdiploma kan leiden tot tweedeling

Het maatwerkdiploma is op zich een goed idee, maar dan moeten we in Nederland ook accepteren dat diploma’s van het voortgezet onderwijs niet meer een universele waarde hebben. Dit kan leiden tot het Britse systeem met elite-universiteiten, zoals die in Oxford en Cambridge.

De gedachte achter het maatwerkdiploma, zoals de VO-raad die nu omarmt, is dat leerlingen in het voortgezet onderwijs niet zoals nu alle vakken op hetzelfde niveau volgen. Wie bijvoorbeeld goed is in de exacte vakken, volgt die op vwo-niveau. De talen kunnen dan worden gevolgd op havo- of desnoods vmbo-tl-niveau. Op deze manier zouden specifieke talenten beter kunnen worden benut.

Op zich is het natuurlijk een goede gedachte om de talenten van leerlingen beter te benutten. Want waarom zou je niet op het hbo of de universiteit een exacte studie mogen volgen als je uitblinkt in bijvoorbeeld wiskunde, maar niet goed bent in Duits of je literatuurlijst niet op het vereiste niveau hebt gelezen? Het maatwerkdiploma betekent echter ook dat er straks leerlingen zullen zijn die voor alle vakken op het hoogste niveau zijn geslaagd en leerlingen die ‘slechts’ een deel van hun vakken op dat niveau hebben afgesloten.

Nu is het nog zo dat alle hogescholen en universiteiten vo-diploma’s accepteren, ongeacht van welke school, omdat de diploma’s uniform zijn. Als dat straks niet meer het geval is, zou een deel van het hoger onderwijs ervoor kunnen kiezen om alleen de beste leerlingen toe te laten die in de volle breedte hoog scoren. Er zouden elitaire universiteiten kunnen ontstaan, zoals in Groot-Brittannië. Daar kennen ze het A-level (advanced) en O-level (ordinary). Wie naar Oxford of Cambridge wil, moet afgezien van een flinke spaarpot alleen A-levels hebben.

Het is de vraag of we dat in Nederland moeten willen, want dan kan er net als in Groot-Brittannië een sterke maatschappelijke tweedeling ontstaan. Aan de ene kant zouden we studenten kunnen krijgen met een diploma van een elite-universiteit, met alle kansen voor topfuncties bij bedrijven en instellingen die hierop selecteren. Aan de andere kant zou er een categorie studenten kunnen ontstaan die als het ware de mindere goden zijn. Deze studenten zouden minder maatschappelijke kansen kunnen krijgen en als gevolg daarvan niet naar de top kunnen doorstoten.

Het is verstandig om alle mogelijke consequenties van het invoeren van het maatwerkdiploma goed onder ogen te zien en een weloverwogen afweging te maken. Het kan namelijk zomaar zijn dat we met de goede bedoelingen achter dit idee talenten juist niet optimaal zullen benutten.

Ritske van der Veen, directeur VOS/ABB