‘Artikel 23 maakt onderwijs mogelijk dat we niet willen’

Het blijft dweilen met de kraan open zolang we artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs ongemoeid laten. Dat stelt historicus Gert Jan Geling in een opiniestuk in Trouw naar aanleiding van de situatie rond het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam.

Het onderwijs aan het Cornelius Haga Lyceum zou niet goed zijn voor de democratie en gericht zijn tegen integratie. Bovendien zou het bestuur het werk van de Inspectie van het Onderwijs onmogelijk hebben gemaakt. Tevens zouden er contacten zijn geweest tussen het schoolbestuur en een islamitische terreurorganisatie.

Privileges confessioneel onderwijs

Volgens Geling zit de kern van het probleem in de huidige vorm van artikel 23. Hij wijst met name op lid 6 en lid 7, die het confessioneel onderwijs privileges verleent op grond waarvan scholen als het Haga Lyceum gesticht en in stand gehouden kunnen worden.

‘Zolang we een grondwetsartikel hebben dat dit soort scholen de vrijheid geeft om zich te vestigen, blijft het proberen dit tegen te gaan onbegonnen werk. We kunnen dan wel zeggen ‘dit willen we niet’, maar dankzij de Grondwet mag het uiteindelijk gewoon wel, en moeten gemeenten, en de Rijksoverheid, zich in de gekste bochten wringen om de oprichting en verspreiding van dergelijke salafistische scholen te voorkomen.’

Lees meer…

SP wijt situatie Cornelius Haga Lyceum aan artikel 23

De regering moet slechte scholen kunnen sluiten en foute bestuurders kunnen ontslaan. Dat zegt SP-Tweede Kamerlid Jasper van Dijk naar aanleiding van de situatie rond het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam. Hij hekelt in dit kader artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs.

Het onderwijs aan het Cornelius Haga Lyceum zou niet goed zijn voor de democratie en gericht zijn tegen integratie. Bovendien zou het bestuur het werk van de Inspectie van het Onderwijs onmogelijk hebben gemaakt. Tevens zouden er contacten zijn geweest tussen het schoolbestuur en een islamitische terreurorganisatie.

Artikel 23

Van Dijk hekelt in dit kader artikel 23, omdat dit grondwetsartikel volgens hem het aanpakken van islamitische, christelijke en joodse scholen vrijwel onmogelijk maakt.

Hij wijst erop dat schoolbestuurders niet kunnen worden ontslagen als er sprake is van antidemocratisch onderwijs of wanneer integratie wordt tegengewerkt. Van Dijk wil de wet op dat punt aanscherpen.

Moderniseren

Hij voegt daaraan toe dat artikel 23 moet worden gemoderniseerd. ‘Wij willen dat scholen algemeen toegankelijk worden en niet langer een deurbeleid kunnen voeren op grond van religie’, aldus de SP’er.

Lees meer…

‘Mensenrechten en fundamentele vrijheden in artikel 23’

‘We willen in de Grondwet vastleggen dat er wetten moeten komen die scholen verplichten eerbied voor mensenrechten en de fundamentele vrijheden bij te brengen’, zegt PvdA-fractieleider Lodewijk Asscher in de Volkskrant.

Asscher reageert in de krant op de ophef die is ontstaan rond het islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam. Het onderwijs van deze school – vernoemd naar de eerste Nederlandse consul in het voormalige Ottomaanse Rijk – zou niet goed zijn voor de democratie en gericht zijn tegen integratie. Bovendien zou het bestuur het werk van de Inspectie van het Onderwijs onmogelijk hebben gemaakt. Tevens zouden er contacten zijn geweest tussen het schoolbestuur en een islamitische terreurorganisatie.

Onderwijsminister Arie Slob zegt dat hij de bekostiging van de school zal opschorten als die de inspectie blijft tegenwerken. De vier grote steden deden dinsdag een oproep om harder op te treden tegen extremistische invloeden in het onderwijs. Zij willen niet dat het Cornelius Haga Lyceum uitbreidt naar steden als Den Haag en Utrecht. Slob heeft in reactie hierop gezegd dat het vereiste aantal leerlingen waarschijnlijk niet wordt gehaald en dat aanvragen voor bekostiging daarom zullen worden afgekeurd.

Artikel 23

PvdA-leider Asscher zegt nu in de Volkskrant dat de werkwijze van de islamitische school voor voortgezet onderwijs in Amsterdam aantoont dat grondwetsartikel 23 over de vrijheid van onderwijs moet worden aangepast.

‘Het is mooi dat scholen een eigen identiteit hebben, maar als we scholen willen tegenhouden die kinderen niet goed voorbereiden op deze maatschappij, dan zwaaien ze altijd met artikel 23. Dat is bizar’, aldus Asscher. Hij komt met een voorstel voor een nieuwe wettekst. ‘We willen in de Grondwet vastleggen dat er wetten moeten komen die scholen verplichten eerbied voor mensenrechten en de fundamentele vrijheden bij te brengen.’

Lees meer…

Concept School!

VOS/ABB en de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) pleiten al jaren voor het concept School!. Dit concept voorziet in onderwijs dat boven artikel 23 en de denominaties zal zijn uitgestegen.

Het idee achter het concept School! is dat er geen openbare, christelijke, islamitische of wat voor scholen dan ook meer zijn, maar ‘scholen’ die voor alle leerlingen toegankelijk zijn. Alle scholen in de toekomst zullen op basis van gelijkwaardigheid en wederzijds respect aandacht hebben voor diversiteit en levensbeschouwing.

Lees meer…

Elke leerling welkom en zorg voor kansengelijkheid!

Elke leerling welkom, recht op goed en kosteloos onderwijs en kansengelijkheid. Het is mooi dat Lodewijk Asscher van de PvdA zich hiervoor sterk maakt, want dit zijn uitgangspunten die bij het onderwijs van de 21e eeuw passen. Alleen is het nogal tijdrovend en wellicht ook niet zo kansrijk om dit in de Grondwet te regelen.

Het is raar dat het onderwijs in Nederland ruim 100 jaar na invoering van artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs nog steeds uitgaat van uitsluiting van leerlingen. Althans, dat het bijzonder onderwijs daarvan mag uitgaan. In het openbaar onderwijs is iedereen per definitie welkom. Openbare scholen zijn immers van en voor iedereen. Dat is onze kracht.

Het bijzonder onderwijs kan echter nog steeds met de Grondwet in de hand leerlingen uitsluiten. Bijvoorbeeld als de levenswijze van een kind of diens ouders niet zou passen bij de religieuze grondslag van de school. Nu gebeurt dat tegenwoordig nog maar zelden, maar deze grondwettelijke mogelijkheid bestaat nog steeds.

Bovendien zet het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen dat onderwijsminister Arie Slob van de ChristenUnie propageert, nog eens de poorten wagenwijd open voor allerlei scholen waarin juist in hokjes wordt gedacht en niet vanuit de brede maatschappelijke taak die het onderwijs heeft.

Waarom bang zijn?

Nu stellen politici van christelijke partijen altijd dat een grondwetswijziging voor algemene toegankelijkheid niet nodig is, omdat ’98 procent van de bijzondere scholen een open toelatingsbeleid heeft’, zoals CDA-Kamerlid Michel Rog direct na het bekend worden van het plan van Asscher nog maar eens twitterde. Als dat zo is, waarom kunnen we het dan eindelijk niet eens goed regelen in de wet? Het bijzonder onderwijs hoeft toch nergens bang voor te zijn?

Bijzonder is ook de reactie van de christelijke profielorganisatie Verus. Die vergelijkt het plan van Asscher met een mitrailleur waarmee hij zou proberen een mug dood te schieten. Muggen zijn irritant, maar of hier sprake is van een mitrailleur? Ik denk eerder dat Asscher deze mug netjes wil elimineren. Om voor eens en altijd geregeld te hebben dat leerlingen uitsluiten niet meer kan. Ik denk dat Verus het daar roerend mee eens is!

Via de Grondwet?

Je kunt je wel afvragen of Asscher het via de weg van de Grondwet praktisch aanpakt. Algemene toegankelijkheid kun je ook via een wetswijziging regelen. In 2005 al kwam de PvdA met een voorstel daartoe. Onder andere de huidige coalitiepartners VVD en D66 willen dat ook. Dat het nog steeds niet is geregeld, komt door de christelijke coalitiedwang van de afgelopen jaren en nu.

Dus in de huidige kabinetsperiode, met het CDA en de ChristenUnie in de regering, zal het wederom een lastige zaak worden. Tenzij men het maatschappelijke belang laat prefereren boven het ‘hokjesdenken’. Ook binnen de discussie over het wetsvoorstel ’n ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’ pleiten we vanuit VOS/ABB voortdurend voor algemene toegankelijkheid van scholen.

De procedure is zo ingericht dat het zomaar acht jaar kan duren voordat een grondwetswijziging is doorgevoerd. Die tijd hebben we niet, want algemene toegankelijkheid van het onderwijs met daaraan verbonden kansengelijkheid voor alle leerlingen is een urgente maatschappelijke kwestie. Dat zou ook dit kabinet serieus moeten nemen!

Hans Teegelbeckers, directeur VOS/ABB

‘Leerrecht en algemene toegankelijkheid in artikel 23’

PvdA-leider Lodewijk Asscher wil artikel 23 van de Grondwet aanpassen. Hij pleit ervoor in het artikel over de vrijheid van onderwijs op te nemen dat elk kind recht heeft op onderwijs en gelijke kansen. Ook wil hij algemene toegankelijkheid regelen, zodat het bijzonder onderwijs geen leerlingen meer kan weigeren.

VOS/ABB heeft op verzoek van de PvdA meegedacht over de wijze waarop het meer dan 100 jaar oude grondwetsartikel 23 beter kan aansluiten bij de realiteit van de 21e eeuw. Daarbij spelen in het kader van kansengelijkheid leerrecht en algemene toegankelijkheid een essentiële rol.

Elke leerling welkom

Nu is het nog zo dat bijvoorbeeld een christelijke school met de Grondwet in de hand leerlingen mag weigeren als die niet bij de godsdienstige uitgangspunten van de school zouden passen. Als het aan Asscher ligt, verdwijnt die mogelijkheid uit artikel 23.

Hij wil alle scholen wettelijk verplichten elke leerling te accepteren, ook als het kind of diens ouders een andere levensovertuiging huldigen dan de school. Wel mag worden verwacht dat alle leerlingen en hun ouders de grondslag van de school respecteren.

In het openbaar onderwijs is het per definitie altijd al zo dat elke leerling welkom is. Openbaar onderwijs is immers van en voor iedereen. Met algemene toegankelijkheid zou dit ook gaan gelden voor het – eveneens door de overheid bekostigde – bijzonder onderwijs.

Kansengelijkheid

Daarnaast wil Asscher in de Grondwet opnemen dat elk kind in Nederland leerrecht krijgt en dat het onderwijs voor ouders kosteloos is. Algemene toegankelijkheid, leerrecht en kosteloos onderwijs zijn volgens Asscher nodig voor kansengelijkheid.

Nu is het nog zo dat sommige bijzondere scholen zeer hoge vrijwillige ouderbijdragen vragen. Geen enkele school die zo’n hoge bijdrage vraagt, zal erkennen dat dit middel wordt ingezet om leerlingen van ouders met een lage sociaal-economische status te weren. De realiteit is echter dat met hoge bijdragen dit effect wel degelijk wordt bereikt.

Asscher wil in artikel 23 van de Grondwet handhaven dat ouders met geld van de overheid een school op religieuze grondslag mogen stichten. Het moet volgens hem wel moeilijker worden voor bijvoorbeeld orthodox-christelijke en islamitische scholen om geen aandacht te schenken aan onderwerpen die bij bepaalde doelgroepen gevoelig kunnen liggen, zoals seksuele diversiteit en de Holocaust.

Kwestie van lange adem

Algemene toegankelijkheid is een thema waar de PvdA al lange tijd aan werkt. Toenmalig PvdA-Tweede Kamerlid en huidig SER-voorzitter Mariëtte Hamer kwam in 2005 met een voorstel voor algemene acceptatieplicht. Toen de PvdA echter samen met het CDA en de ChristenUnie in het kabinet-Balkenende plaatsnam, verdween het onder druk van de christelijke coalitiedwang in de la.

In 2010, toen de sociaal-democratische deelname aan het kabinet werd beëindigd, kwam Hamer opnieuw met het voorstel. De liberale VVD liet later dat jaar weten het voorstel niet te zullen steunen, waardoor er geen meerderheid in de Tweede Kamer voor was. Die weigering had te maken met het feit dat de VVD ging regeren met het CDA. Er was dus wederom sprake van christelijke coalitiedwang.

Slob ‘hogelijk verbaasd’

Voormalig PvdA-Kamerlid Loes Ypma, die later korte tijd voorzitter was van de christelijke profielorganisatie Verus, probeerde het in 2014 opnieuw om algemene acceptatieplicht in de wet vast te leggen. De huidige onderwijsminister Arie Slob die toen namens de ChristenUnie in de Tweede Kamer zat, reageerde ‘hogelijk verbaasd’.

Slob zei dat het PvdA-plan voor algemene toegankelijkheid een oplossing zou zijn voor een niet bestaand probleem, omdat er nauwelijks scholen zouden zijn die leerlingen weigeren. Hij benadrukte dat als er scholen zijn die misbruik maken van de vrijheid van onderwijs, de rechter hen op de vingers kan tikken.

Lees het plan van de PvdA

Lees ook het Algemeen Dagblad dat uitgebreid bericht over het plan van Asscher.

Eerste school in nieuwbouwwijk altijd openbaar!

In een nieuwbouwwijk moet de eerste school altijd een openbare school zijn. Dat is een van de punten die VOS/ABB heeft ingebracht voor het gesprek in de Tweede Kamer over het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen.

Dat de eerste school in de wijk een openbare school moet zijn, vloeit direct voort uit artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. Daarin staat immers dat de overheid ‘zich ten taak stelt voor alle burgers gelegenheid tot schoolonderwijs te verschaffen’ en dat de vervulling van die taak niet afhankelijk mag zijn ‘van het ontbreken van particulier initiatief’.

Er staat ook in dat onderwijs niet een zaak is ‘waarvan het belang door particulier initiatief moet blijken’, maar dat het ‘uit zichzelf een publiek belang’ is dat de overheid ‘geheel zelfstandig’ dient te behartigen’.

Niet nog meer segregatie!

De bijdrage van VOS/ABB gaat ook in op de huidige segregatie in het Nederlandse en het risico dat het wetsvoorstel op dit vlak met zich meebrengt. ‘Dit heeft met name te maken met de mogelijkheid dat eenieder straks een eigen school kan oprichten volgens een eigen gekozen grondslag. Ieder hokje een eigen school: de hokjesschool.’

Het wetsvoorstel gaat niet uitgaat van de huidige 19 vastgestelde richtingen, maar van ontelbare richtingen. Op basis van elke visie of grondslag kan er straks een school worden ingericht met een eigen toelatingsbeleid. ‘Dit wetsvoorstel geeft niet zozeer meer ruimte voor een verrijking van het onderwijsaanbod, maar zorgt voor meer ruimte voor segregatie’, zo staat in de bijdrage van VOS/ABB.

Algemene toegankelijkheid noodzakelijk

Een ander punt dat VOS/ABB in het licht van het tegengaan van segregatie noemt, is de noodzaak van algemene toegankelijkheid. ‘De gelijkheid van bekostiging van ons onderwijs moet er immers voor zorgen dat wij met ons allen kunnen genieten van ons onderwijs.’

Algemene toegankelijkheid botst niet met schoolkeuze, omdat uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat slechts een klein percentage van de ouders bereid is extra te reizen voor een denominatie.

De punten die VOS/ABB heeft ingebracht, hebben nadrukkelijk de aandacht van de politiek. Dat bleek tijdens een gesprek in de Tweede Kamer over het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen.

Lees de bijdrage van VOS/ABB

Bij hokjesscholen is niemand gebaat!

Gelijke kansen, samen leren en goed onderwijs voor elk kind. Dat zijn mooie principes die passen bij de 21e eeuw. Dan moeten we niet met een nieuwe wet de oude hokjesgeest uit de verzuiling tot leven wekken.

De Tweede Kamer praat over het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen. Toenmalig staatssecretaris Sander Dekker van OCW diende het in 2016 in. Hij zette het neer als een moderne interpretatie van artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. De huidige onderwijsminister Arie Slob brengt het nu als ‘meer vrijheid van onderwijs’.

Meer vrijheid, dat klinkt op zich natuurlijk positief. In werkelijkheid zal het wetsvoorstel echter de 20e-eeuwse verzuiling tot leven wekken, waarin veel mensen in hun eigen zuil gevangen zaten en niet zo vrij waren als nu. De kern van het wetsvoorstel is dat straks in principe iedereen een eigen school kan inrichten met eigen toelatingseisen.

Dus niet meer naast de openbare scholen, die nadrukkelijk van en voor iedereen zijn, alleen scholen met bijvoorbeeld een protestants-christelijke, rooms-katholieke of islamitische grondslag, maar ook scholen van splintergroeperingen. Zeg maar: ‘hokjesscholen’.

Voorzitter Jan Westert van het Landelijk Verband van Gereformeerd Schoolonderwijs kwam al met het idee om met de nieuwe wet in de hand aparte jongens- en meisjesscholen op te richten. Kunnen we straks ook aparte scholen verwachten voor mensen die het Spaghettimonster adoreren? Of wellicht meer realistisch: scholen voor kinderen van wie de ouders de Westerse democratische samenleving afwijzen?

Als het wetsvoorstel wordt aangenomen, behoort dat in de nabije toekomst helaas tot de mogelijkheden. Dat moeten we echt niet willen. In een gezonde samenleving krijgen alle kinderen gelijke kansen door op school op basis van gelijkwaardigheid en wederzijds respect met en van elkaar te leren. Niet apart, maar samen!

Hans Teegelbeckers, directeur VOS/ABB

‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’ naar Tweede Kamer

Het ministerie van OCW heeft een infographic gepubliceerd met uitleg over het wetsvoorstel ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’. Onderwijsminister Arie Slob het dit wetsvoorstel naar de Tweede Kamer gestuurd.

Het wetsvoorstel beoogt het mogelijk te maken een school te stichten op basis van belangstelling van ouders en leerlingen. Het zal daarbij niet nodig zijn om een bepaalde richting te kiezen. Ook een onderwijsconcept kan straks aan de basis liggen.

Minister Slob zegt dat er met dit wetsvoorstel, dat nog uit de vorige kabinetsperiode stamt, meer ruimte ontstaat ‘om scholen te starten die beter aansluiten op de wensen van ouders en leerlingen’.

Infographic en uitleg

In de infographic die het ministerie heeft gepubliceerd, staat stapsgewijs beschreven wat volgens de nieuwe wet de procedure zal zijn voor het stichten van een school. Op de website van Rijksoverheid staat meer informatie over het wetsvoorstel.

Onderwijsjuristen: 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Advies over rol schoolbesturen en verkenning artikel 23

De Onderwijsraad komt in 2019 onder andere met een advies over de rol van de schoolbesturen en een verkenning naar de toekomstbestendigheid van de vrijheid van onderwijs volgens artikel 23 van de Grondwet. Dat staat in het Werkprogramma 2019 van de Onderwijsraad.

De centrale vraag die aan de basis van het advies naar de rol van schoolbesturen zal liggen: ‘Hoe kunnen onderwijsbesturen hun rol optimaal vervullen?’.

Bij het beantwoorden van deze vraag zal onder meer aandacht uitgaan naar verschillen in bestuurskracht tussen scholen en onderwijssectoren. Er zal ook worden gekeken naar wat er in dit opzicht te leren valt van andere (semi)publieke sectoren, zoals de zorg.

Vrijheid van onderwijs

De Onderwijsraad zal ook een verkenning uitvoeren naar de toekomstbestendigheid van de vrijheid van onderwijs volgens artikel 23 van de Grondwet. Daarbij zal de vraag centraal staan of de vrijheid van onderwijs in het licht van diverse ontwikkelingen in de samenleving, de onderwijspraktijk en het onderwijsbeleid betekenisvol kan blijven.

Andere onderwerpen waarover de Onderwijsraad in 2019 advies zal uitbrengen:

  • Lezen en leesbevordering
  • Educatieve infrastructuur
  • Verschillen tussen jongens en meisjes in het onderwijs
  • Passend onderwijs

Tevens zal de Onderwijsraad een aantal wetgevingsadviezen uitbrengen:

  • Verruiming wettelijke mogelijkheden voor innovatie in het onderwijs
  • Modernisering bekostiging primair onderwijs
  • Thuisonderwijs
  • Wetsvoorstel NLQF (Nederlands kwalificatiekader)

Lees meer…

‘Wat voor de klas gebeurt is geen staatstaak’

‘Wat voor de klas gebeurt is geen staatstaak, maar van de hele samenleving’. Dat heeft onderwijsminister Arie Slob gezegd in een toespraak bij de Universiteit voor Humanistiek in Utrecht ter gelegenheid van de opening van het academisch jaar.

De toespraak van Slob stond in het teken van het begrip ‘coöperatie’, oftewel ‘een minisamenleving, op basis van wederkerigheid’. In zo’n samenleving past volgens de minister ‘de overheid gezonde bescheidenheid’. Hij verbond dit aan de vrijheid van onderwijs en zei dat wat voor de klas gebeurt ‘geen staatstaak (is), maar van de hele samenleving’.

Burgerschap

Daarmee wordt volgens Slob de kern van burgerschap geraakt, namelijk ‘dat de hele samenleving zich medeverantwoordelijk voelt voor de groei van onze kinderen’. Opvoeden is de primaire taak van ouders, zo benadrukte hij, ‘maar bij leren samenleven en omgaan met verschillen (…) ligt een taak voor ons allemaal’.

Scholen noemde hij in dit kader ‘belangrijk als veilige oefenplaats, waar kinderen leren om verantwoordelijkheid te nemen voor jezelf en de ander’. Daar hoort volgens hem bij dat kinderen leren hoe ‘onze’ samenleving werkt. In dit verband noemde hij de Grondwet, het politieke systeem en de democratische rechtsstaat.

Lees de toespraak van Slob

 

Stop ongrondwettelijke krimpaanpak Zeeuws-Vlaanderen!

Directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB geeft in een brief aan de Tweede Kamer aan waarom de voorgenomen fusie van het voortgezet onderwijs in krimpgebied Zeeuws-Vlaanderen indruist tegen artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. Hij benadrukt dat er moet worden gekozen voor een andere vorm van samenwerking die wél aan de Grondwet voldoet. Die mogelijkheid is er: de samenwerkingsschool.

Het fusieplan in Zeeuws-Vlaanderen voorziet in de samenvoeging van de openbare Stedelijke Scholengemeenschap De Rede en het christelijke Zeldenrust-Steelantcollege in Terneuzen tot een nieuwe christelijke school voor voortgezet onderwijs. In de statuten van de nieuwe organisatie staat niets vermeld dat nog verwijst naar het openbaar onderwijs.

Als de fusie volgens plan doorgaat, zou dus in heel Zeeuws-Vlaanderen geen openbaar voortgezet onderwijs meer zijn, terwijl in artikel 23 van de Grondwet heel duidelijk de eis van alomtegenwoordigheid van openbaar onderwijs staat vermeld.

In de brief aan de Tweede Kamer wordt ook gewezen op inconsequenties in beleid. Zo staat in het regeerakkoord dat het kabinet de vrijheid van onderwijs hoog acht en zelfs wil versterken, terwijl de krimpaanpak in Zeeuws-Vlaanderen diezelfde vrijheid van onderwijs opzijschuift.

Bovendien negeert Slob met zijn aanpak bewust de mogelijkheid van de samenwerkingsschool van openbaar en bijzonder onderwijs. Daarvoor is nota bene na vier decennia politieke discussie de Grondwet gewijzigd. Als in Terneuzen wordt gekozen voor de samenwerkingsschool, wordt wel aan de Grondwet voldaan.

Lees de brief aan de Tweede Kamer

SP brengt algemene acceptatieplicht weer in beeld

De SP in de Tweede Kamer pleit opnieuw voor algemene acceptatieplicht in het onderwijs. Dat zou betekenen dat ook scholen voor bijzonder onderwijs, die nu nog leerlingen mogen weigeren op grond van hun levensovertuiging, voortaan alle leerlingen moeten toelaten.

De Tweede Kamer verklaarde het wetsvoorstel voor algemene acceptatieplicht in april vorig jaar controversieel, waardoor het niet meer in de demissionaire periode van het vorige kabinet-Rutte kon worden behandeld.

Het wetsvoorstel werd al in 2005 ingediend door voormalig PvdA-Tweede Kamerlid en huidig SER-voorzitter Mariëtte Hamer. Na advisering door de Raad van State in 2006 en een aantal wijzigingsvoorstellen in datzelfde jaar bleef het echter vier jaar stil.

In 2010 kwam de regeling wederom aan bod in de Tweede Kamer en ook in 2014, waarna de Onderwijsraad er mede op aandringen van toenmalig PvdA-Kamerlid en huidig Verus-voorzitter Loes Ypma een advies over uitbracht. Daarna bleef het wederom stil tot het wetsvoorstel vorig jaar dus controversieel werd verklaard.

Algemene acceptatieplicht: iedereen welkom!

De SP heeft het idee voor algemene acceptatieplicht nu weer naar boven gehaald. Om de wenselijkheid ervan te illustreren, verwijst SP-Tweede Kamerlid Peter Kwint naar het feit dat in het openbaar onderwijs iedereen welkom is. De vrijheid van onderwijs, zoals vastgelegd in artikel 23 van de Grondwet, moet wat hem betreft worden gewijzigd:

De onderste tweet van Kwint staat in het teken van thuisonderwijs. De SP’er is erop tegen dat ouders op grond van hun levensovertuiging voor hun kinderen een ontheffing van de leerplicht kunnen krijgen.

Algemene acceptatieplicht voor gelijke kansen

VOS/ABB, de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) en het platform CBOO stuurden in maart vorig jaar een gezamenlijke brief naar de Tweede Kamer om het belang van algemene acceptatieplicht te benadrukken.

Directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB had daarvoor in een commentaar op deze website laten weten dat het hoog tijd is dat algemene acceptatieplicht wordt ingevoerd om gelijke talenten daadwerkelijk gelijke kansen te geven.

Leerlingen vertellen over hun droomschool

Voor het congres ‘100 Jaar Vrijheid van Onderwijs’ is een filmpje gemaakt, waarin leerlingen en pabo-studenten vertellen over hun droomschool.

Het congres was op vrijdag 17 november in Doorn. Het was georganiseerd door VOS/ABB in samenwerking met profielorganisaties uit het bijzonder onderwijs.

In het filmpje komen studenten van de openbare pabo van de Hogeschool Rotterdam aan het woord en leerlingen van het islamitische Avicenna College, het algemeen bijzondere Montessori Lyceum en de gereformeerde scholengemeenschap Randstad in Rotterdam, de christelijke basisschool De Nieuwe Weg in Oostvoorne en de reformatorische basisschool Admiraal de Ruyter in Krimpen aan den IJssel.

 

Nieuw boek over duale bestel gepresenteerd

Op het congres ‘100 Jaar Vrijheid van Onderwijs’ is het boek De houdbaarheid van het duale bestel gepresenteerd.

Het boek is uitgebracht vanwege het feit dat het 100 jaar geleden is dat in 1917 in grondwetsartikel 23 de gelijke overheidsbekostiging van openbaar en bijzonder onderwijs is vastgelegd. De redactie was in handen van Miek Laemers. Zij is bijzonder hoogleraar onderwijsrecht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Aan de publicatie werkten ook andere wetenschappers van de VU mee, alsmede bijzonder hoogleraar Pieter Huisman van de Erasmus Universiteit Rotterdam. De bijzondere leerstoel van Huisman wordt mede in stand gehouden door VOS/ABB.

Het congres waarop het boek werd gepresenteerd, was georganiseerd door VOS/ABB in samenwerking met de profielorganisatie Verus, VBS, LVGS en ISBO.

Sprekers waren wiskundeleraar René Kneyber die lid is van de Onderwijsraad, de Nijmeegse hoogleraar Ben Vermeulen die onder meer verbonden is aan de Raad van State, hoogleraar Maarten Simons van KU Leuven en trendwatcher Farid Tabarki. Het congres was vrijdag op landgoed Zonheuvel in Doorn.

Er is verslag van het congres gemaakt.

Het boek De houdbaarheid van het duale bestel kan worden besteld via Miek Laemers: m.t.a.b.laemers@vu.nl. Het kost 15 euro (ex. btw en ex. verzendkosten).

Katholieke en protestantse scholen verliezen terrein

In het voortgezet onderwijs verliezen katholieke en protestants-christelijke scholen terrein. In het primair onderwijs is de verhouding stabiel. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Bijna drie op de tien leerlingen gaan naar openbare scholen. Dat is al decennia zo in het primair onderwijs. Inmiddels is dat in het voortgezet onderwijs ook zo. Sinds de jaren 80 is wat dit betreft een stijgende lijn te zien.

Katholieke en protestants-christelijke scholen voor voortgezet onderwijs verliezen niet alleen terrein aan openbare scholen, maar ook aan andere bijzondere scholen, zoals islamitische, reformatorische en joodse scholen.

Lees meer…

De staat van het openbaar onderwijs

VOS/ABB, de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) en het platform CBOO hebben woensdag op een gezamenlijk symposium in Amersfoort de publicatie De staat van het openbaar onderwijs gepresenteerd. 

Aanleiding voor de publicatie is dat honderd jaar geleden met artikel 23 over de vrijheid van onderwijs de gelijke overheidsbekostiging van openbare en bijzondere scholen in de Nederlandse Grondwet werd vastgelegd.

Openbaar onderwijs presteert goed

In het eerste deel van de publicatie laat onderwijssocioloog Sjaak Braster van de Erasmus Universiteit Rotterdam aan de hand van gegevens van het onderwijsprogramma PISA van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) zien hoe het openbaar onderwijs presteert. Hij concludeert  dat Nederlandse openbare scholen het bijzonder goed doen vergeleken met openbare scholen in ons omringende landen.

De laatste jaren worden de verschillen tussen openbaar en bijzonder onderwijs steeds kleiner, ziet Braster. Dat geldt voor cognitieve onderwijsopbrengsten, maar ook voor de niet-cognitieve: leerlingen van openbare en bijzondere scholen voelen zich over het algemeen thuis op hun school, waarbij hij opmerkt dat openbare scholen het op dat vlak net iets beter  doen dan bijzondere scholen.

Hij laat ook zien dat de sociaaleconomische achtergrond van leerlingen in het openbaar onderwijs tegenwoordig niet meer van invloed is op lees-, reken- en natuurkundeprestaties. Bovendien toont Braster aan dat een hoog percentage anderstalige leerlingen geen effect meer heeft op individuele prestaties. Hij noemt dat een verdienste van het Nederlandse onderwijs, waarin de verschillen tussen openbare en bijzondere scholen nog maar klein zijn.

Kernwaarden openbaar onderwijs

Het tweede deel van deze publicatie bestaat uit een verzameling inspirerende essays. Verschillende auteurs laten aan de hand van praktijkvoorbeelden en vaak op heel persoonlijke wijze zien hoe uniek het openbaar onderwijs voor hen was en is. De auteurs kennen zeer diverse achtergronden: leerkracht, ouder, schoolleider, student, wetenschapper, journalist enzovoort. Deze diverse achtergronden betekenen evenzovele invalshoeken.

Aan de hand van de kernwaarden van het openbaar onderwijs, die door VOS/ABB, de VOO en het CBOO worden gedeeld, komen verleden, heden en toekomst aan bod. Het gaat onder andere over de kernwaarde dat in het openbaar onderwijs elke leerling welkom is, ongeacht zijn of haar achtergrond. Ook algemene benoembaarheid komt aan bod. Deze elementen van diversiteit en wederzijds respect zijn kenmerkend voor het openbaar onderwijs, dat immers van en voor iedereen is.

Publicatie bestellen

Deelnemers aan het symposium in Amersfoort hebben De staat van het openbaar onderwijs gekregen. Wilt ook u de publicatie ontvangen? Stuurt u dan een mailtje naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘De staat van het openbaar onderwijs’, uw naam, uw adres en de organisatie waarvoor u werkt.

Leden van VOS/ABB en VOO betalen 15 euro per stuk, niet-leden 25 euro per stuk (dat is inclusief verzendkosten).

De publicatie staat online in de vorm van een flipbook dat u op uw scherm kunt lezen en als pdf-document dat u kunt downloaden en eventueel kunt printen.

Schoolvoorbeelden: 100 jaar onderwijsdiversiteit

Naar aanleiding van het feit dat het 100 jaar geleden is dat openbaar en bijzonder onderwijs financieel gelijk werden gesteld, is het boek Schoolvoorbeelden: 100 jaar onderwijsdiversiteit in 10 portretten verschenen.

De auteurs Bea Ros en Peter Zunneberg interviewden voor hun boek tien Nederlanders over hun tijd op de basisschool. ‘Hun verhalen verbeelden honderd jaar onderwijs in vele soorten en smaken’, meldt Ten Brink Uitgevers.

Daarnaast komen in het boek politici en onderwijsmensen aan het woord over de vraag in hoeverre artikel 23 van de Grondwet nog bij de tijd is.

Het boek kost 22,50 euro. U kunt het bestellen bij Ten Brink Uitgevers.

Tentoonstelling in Dordrecht

In samenwerking met onder anderen de auteurs van dit boek hebben Het Hof van Nederland en het Nederlands Onderwijsmuseum in Dordrecht de tentoonstelling Vrijheid blijheid? samengesteld. De expositie is tot eind maart 2018 te zien.

Symposium ‘De staat van het openbaar onderwijs’

VOS/ABB, de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) en het platform CBOO organiseren een landelijk symposium naar aanleiding van 100 jaar onderwijspacificatie. Op dit congres op woensdag 13 september in De Observant in Amersfoort wordt de gezamenlijke publicatie De staat van het openbaar onderwijs gepubliceerd.

Het is 100 jaar geleden dat er een politiek staakt-het-vuren werd gesloten over de gelijke bekostiging van het bijzonder onderwijs. Dat werd in 1917 vastgelegd in artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. Hiermee kwam een formeel einde aan de jarenlange schoolstrijd in Nederland.

Onderzoek

De drie landelijke organisaties in het openbaar onderwijs grijpen deze gelegenheid aan om een gezamenlijk symposium te organiseren over de staat van het openbaar onderwijs.

Bij het symposium hoort de gezamenlijke uitgave De staat van het openbaar onderwijs. Daarin zal worden ingegaan op het openbaar onderwijs in het verleden, het heden en de toekomst. Auteurs die een bijdrage leveren aan deze uitgave, zullen diverse workshops verzorgen.

Meer informatie en aanmelden.

Symposium ‘100 jaar onderwijsvrijheid: hoe vrij is vrij?’

Op zaterdag 9 september kunt u in het Nationaal Onderwijsmuseum in Dordrecht naar het symposium 100 jaar onderwijsvrijheid: hoe vrij is vrij?.

Tijdens dit symposium worden kritische kanttekeningen geplaatst bij de onderwijspacificatie van 1917. Het gaat om de vraag van wie de school eigenlijk is als de overheid die financiert en de inspectie de kwaliteit ervan bewaakt.

Onderzoeker John Exalto van de Vrije Universiteit in Amsterdam zal tijdens het symposium zijn nieuwe boek Van wie is het kind? Twee eeuwen onderwijsvrijheid in Nederland presenteren. Vanaf 7 september is ook de tentoonstelling Vrijheid, blijheid? te zien in museum Hof van Nederland in Dordrecht.

De staat van het openbaar onderwijs

Op woensdag 13 september is in Amersfoort het symposium De staat van het openbaar onderwijs, waar het gelijknamige boek zal worden gepresenteerd. Dit symposium en deze uitgave worden verzorgd door VOS/ABB en de Vereniging Openbaar Onderwijs.

Lees meer…

Samenwerkingsscholen: Onderwijsraad leeft in verleden

Het negatieve advies van de Onderwijsraad over de instandhouding van samenwerkingsscholen door stichtingen voor openbaar onderwijs is gebaseerd op achterhaalde omstandigheden van vijftien jaar geleden. Daarom neemt de regering het niet over, meldt staatssecretaris Sander Dekker van OCW.

De Onderwijsraad stelde zich op het standpunt dat stichtingen voor openbaar onderwijs geen samenwerkingsscholen in stand kunnen houden, omdat dat buiten de constitutionele kaders zou zijn. Dekker meldt de Eerste Kamer in een nadere memorie van toelichting over de vereenvoudiging van de vorming van samenwerkingsscholen, dat de argumentatie van de Onderwijsraad is achterhaald.

Er hebben zich volgens hem ontwikkelingen voorgedaan die de verschillen tussen openbaar en bijzonder onderwijs hebben verkleind. Hij noemt als voorbeelden dat het meeste openbaar onderwijs tegenwoordig bestuurlijk is verzelfstandigd en dat de verschillen tussen ambtenaren (openbaar onderwijs) en werknemers (bijzonder onderwijs) aanzienlijk zijn verkleind.

De staatssecretaris stelt dat hij de overeenkomsten en mogelijkheden wil benadrukken. ‘De kern van het duale systeem is immers dat aan zowel openbaar als bijzonder onderwijs zo goed mogelijk recht wordt gedaan. De regering is van oordeel dat door haar gekozen vormgeving van de samenwerkingsschool op schoolniveau (in plaats van op bestuursniveau) ertoe leidt dat het ook mogelijk is dat een samenwerkingsschool door een stichting voor openbaar onderwijs in stand wordt gehouden.’

De uitleg van de staatssecretaris volgt op vragen van de ChristenUnie.

Lees meer…

Inspectie: vrijheid van onderwijs leidt tot segregatie

De keerzijde van grondwetsartikel 23 over de vrijheid van onderwijs is dat het sociale segregatie in de hand werkt. Dat zegt inspecteur-generaal Monique Vogelzang van de Inspectie van het Onderwijs.

‘Ik vind de onderwijsvrijheid uniek en heel goed voor de keuzevrijheid, de autonomie en de kwaliteit van scholen. Er is ook geen enkel land in Europa dat zo’n gevarieerd onderwijsaanbod heeft als Nederland. Maar tegelijkertijd lopen we ook tegen keerzijde van de onderwijsvrijheid op. We zien dat sociale groepen elkaar op school opzoeken. Hoger opgeleide ouders kiezen heel bewust voor de kansen. Zij denken daarbij eerder aan een categoraal gymnasium, dan aan een brede scholengemeenschap’, aldus de baas van de inspectie in Trouw.

Zij verwijst in de krant naar de situatie in Amsterdam, waar ouders ‘bereid zijn kilometers te fietsen naar een bepaalde basisschool omdat ze die in de buurt niet goed genoeg vinden’. Dit is volgens haar een voorbeeld van hoe artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs sociale segregatie veroorzaakt.

Lees meer…

The Dutch way in education

De demissionaire minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker van OCW hebben maandag op de bijeenkomst ‘Honderd jaar onderwijspacificatie’ in Den Haag de publicatie The Dutch way in education in ontvangst genomen.

Deze publicatie gaat gaat over het onderwijs, het leren en het leidinggeven op de Nederlandse manier. Een van de auteurs is de Britse professor Alma Harris. De hoogleraar Educational Leadership aan het Institute of Education in Londen noemt het Nederlandse onderwijs een ‘hidden gem’.

Equity in Dutch DNA

Zij baseert zich voor die uitspraak op het feit dat Nederland het al jaren goed doet op de internationale lijstjes van het Programme for International Student Assessment (PISA) van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Nederland kent volgens PISA een goede balans tussen excellentie en gelijke kansen. ‘Equity is in the Dutch DNA’, zei Harris op de bijeenkomst in Den Haag.

Een andere auteur is onderwijssocioloog Marc Vermeulen van TIAS School for Business and Society. Hij ziet juist dat de kansenongelijkheid in het Nederlandse onderwijs toeneemt. Hij noemde op de bijeenkomst in Den Haag onder andere het risico van het toenemende aantal elitescholen, die hij beschouwt als ‘defensieve bastions’.

The Dutch way in education, auteurs: E. Hooge, G. Biesta, M. Snoek, M. van der Meer, S. Waslander, M. Vermeulen, I. de Wolf, C. Hummels, R. Wolff, J. Doornenbal en A. Harris.
ISBN: 9789079336227. Prijs: 29,95 euro.

Congres ‘Openbaar onderwijs en overheid’

Op 19 mei is er in Den Haag een congres met als thema ‘Openbaar onderwijs en overheid’. Het wordt georganiseerd door het platform CBOO.

Vier sprekers gaan in op een eigen deelthema:

  1. Prof. mr. dr. Dick Mentink: openbaar onderwijs en 100 jaar onderwijspacificatie.
  2. Prof. dr. Sjaak Braster: de identiteit van het openbaar onderwijs.
  3. Mr. Philip Geelkerken: de relatie tussen het openbaar onderwijs en de gemeenten.
  4. Prof. mr. dr. Pieter Huisman: de staat van het openbaar onderwijs.

De gratis toegankelijke bijeenkomst is op 19 mei van 13.30 tot 16.30 uur bij het CAOP aan het Lange Voorhout 13 in Den Haag. Aanmelden kan via info@cboo.nl.

Algemene acceptatieplicht controversieel verklaard

De Tweede Kamer heeft het wetsvoorstel voor algemene acceptatieplicht controversieel verklaard. Dit betekent dat het niet meer in de demissionaire periode van het huidige kabinet zal worden behandeld.

VOS/ABB, de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) en het platform CBOO hebben er voor de Tweede Kamerverkiezingen in een gezamenlijke brief op aangedrongen om nu eindelijk het wetsvoorstel voor algemene acceptatieplicht in behandeling te nemen. Het PvdA-voorstel is al in 2005 ingediend en sindsdien is het een aantal keren aan de orde geweest, maar zonder resultaat.

VOS/ABB, VOO en CBOO vinden het niet meer van deze tijd dat scholen leerlingen kunnen weigeren, omdat dit getuigt van de hokjesgeest uit het verzuilde Nederland in de voorbije 20e eeuw. Bijzondere scholen, zoals protestants-christelijke, rooms-katholieke en islamitische, kunnen echter op basis van de wet nog steeds de deur dichthouden voor leerlingen als hun levenswijze niet bij de religieuze uitgangspunten van de school zou passen.

Openbare scholen laten in principe alle leerlingen toe, ongeacht hun levensovertuiging, godsdienst, politieke gezindheid, afkomst, geslacht of seksuele voorkeur. Dit geldt ook voor personeelsleden.

Ga voor informatie naar de kernwaarden van het openbaar onderwijs.

Brief over algemene acceptatieplicht naar Tweede Kamer

VOS/ABB, de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) en het platform CBOO pleiten voor algemene acceptatieplicht in het primair en voortgezet onderwijs. In een brief aan de Tweede Kamer wordt de Regeling toelatingsrecht bijzonder onderwijs in herinnering geroepen, met het verzoek om deze regeling (eindelijk) in behandeling te nemen. 

De regeling is in 2005 door toenmalig PvdA-Tweede Kamerlid Mariëtte Hamer ingediend. Na advisering door de Raad van State in 2006 en een aantal wijzigingsvoorstellen in datzelfde jaar bleef het vier jaar stil. In 2010 is de regeling wederom aan bod gekomen in de Tweede Kamer en ook in 2014, waarna de Onderwijsraad er een advies over heeft uitgebracht. Sindsdien is het wederom stil.

De strekking van de voorgestelde regeling – algemene acceptatieplicht in het primair en voortgezet onderwijs – is echter nog steeds buitengewoon actueel. In dit kader wordt er in de brief gewezen op het honderdjarig bestaan van artikel 23 van de Grondwet over de gelijke bekostiging van openbaar en bijzonder onderwijs. Dit grondwetsartikel laat het bijzonder onderwijs toe om leerlingen uit te sluiten als die op grond van godsdienstige uitgangspunten niet bij de school zouden passen.

‘Algemene acceptatieplicht in het funderend onderwijs is een belangrijke kwestie die gezien de maatschappelijke noodzaak van integratie niet meer op de lange baan mag worden geschoven’, zo staat in de brief van VOS/ABB, VOO en CBOO.

Gelijke kansen

Directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB liet afgelopen december in een commentaar op deze website al weten dat het hoog tijd is dat in het gehele funderend onderwijs algemene toegankelijkheid moet worden ingevoerd om gelijke talenten daadwerkelijk gelijke kansen te geven.

Lees meer…