Aansluiting bij commissie van beroep niet meer verplicht

Schoolbesturen in het bijzonder onderwijs hoeven niet meer aangesloten te zijn bij een commissie van beroep (CvB). Die verplichting voor het primair en voortgezet onderwijs is per 1 juli vervallen.

De aansluitingsverplichting was er voor het bijzonder onderwijs op grond van de Wet op het primair onderwijs (WPO). Voor het openbaar onderwijs was deze verplichting er niet.

Nu de verplichting voor het bijzonder onderwijs niet meer geldt, spelen CvB’s geen rol meer in ontslagzaken. De preventieve toets door het UWV of de kantonrechter en de rechtsgang bij de civiele rechter zijn wettelijk vastgelegd.

Schoolbesturen kunnen besluiten aangesloten te blijven bij een CvB. Hun medewerkers kunnen dan bij die CvB in beroep tegen beslissingen die in hun cao worden genoemd, met uitzondering van ontslagzaken. Als een bestuur de aansluiting bij een CvB opzegt, kunnen hun medewerkers dat niet meer.

Uitspraken van een CvB zijn niet bindend. Werknemers kunnen alsnog (of direct) naar de rechter. De werkgever hoeft zich niet bij de uitspraak neer te leggen en kan het oorspronkelijke besluit handhaven.

Besturen die daar goede ervaringen mee hebben en die waarde hechten aan laagdrempelige conflictbeslechting (bij besluiten over de in de cao genoemde onderwerpen, met uitzondering van die betreffende ontslag) zonder dat de rechter daarbij direct wordt ingeschakeld, kunnen aangesloten blijven bij een CvB.

Zij kunnen aangeven zich te zullen conformeren aan uitspraken van de CvB. Als ze ook de werknemer willen binden aan de uitspraak, kan dat alleen als de onderwijsinstelling en de leerkracht dat ondubbelzinnig zijn overeen­gekomen. Hiervoor is dus een aparte overeenkomst tussen de medewerker en het schoolbestuur nodig.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl