Doorgaande leerlijn in magazine Naar School!

Het aprilnummer van ons magazine Naar School! gaat onder andere over de doorgaande leerlijn. We gingen langs bij openbare basisschool West en het Nieuwe IJsselcollege in Capelle aan den IJssel die nauw met elkaar samenwerken om de overgang van basis- en voortgezet onderwijs zo soepel mogelijk te laten verlopen.

Groepsleerkracht Johan Hof van obs West en docent Marloes Joosten van het Nieuwe IJsselcollege pleiten ervoor de starheid los te laten om talenten te ontwikkelen. Dat dit nu nog niet mogelijk is, komt volgens hen door wetten en regels die een soepele overgang van basis- naar voortgezet onderwijs belemmeren.

Beide scholen gebruiken een adaptieve digitale oefenomgeving. Leerlingen in de groepen 7 en 8 kunnen, als zij daarvoor het niveau hebben, inloggen op het Nieuwe IJsselcollege. Op deze manier kunnen ze op de basisschool al op het niveau van het voortgezet onderwijs verder. In feite vloeien basisschool en voortgezet onderwijs ineen.

Op de cover van het aprilnummer staan de leerlingen Rebecca Keijzer van het Nieuwe IJsselcollege en Cinto Verkerk van obs West. Zij vertellen in de rubriek Wij gaan naar school over zichzelf en hun ervaringen op school.

Schoolkeuze uitstellen

In het magazine staat ook een artikel over de uitstel van schoolkeuze. Onderzoekers van de Rijksuniversiteit Groningen pleiten hiervoor, omdat bij ruim 30 procent van de leerlingen het onderwijsniveau op de middelbare school niet overeenkomt met het basisschooladvies. Maar in de praktijk is niet iedereen het met de Groningers eens.

Naar School! belicht verder de openbare Sterrenschool Apeldoorn, die een manier heeft gevonden om te voorkomen dat jonge kinderen gedragsproblemen ontwikkelen. Dat lukt met een nieuwe functie vanuit de zorg, geïntegreerd in het team.

Feest van openbaar onderwijs

Natuurlijk besteedt het aprilnummer aandacht aan de School!Week, de jaarlijkse campagneweek van en voor het openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs. Openbare scholen in heel Nederland lieten vorige maand op verschillende wijzen zien wat hun meerwaarde is. VOS/ABB organiseerde in de School!Week diverse activiteiten.

Directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB gaat in zijn column ook in op de School!Week. Hij bespreekt onder andere de expertmeeting in ons kantoor in Woerden over het door ons en de Vereniging Openbaar Onderwijs ontwikkelde toekomstconcept School!, dat uitgaat van onderwijs zonder denominaties.

Andere onderwerpen

  • Rekentoets heeft langste tijd gehad: reacties van een rector, een wiskundedocent en een leerplanontwikkelaar.
  • Maatschappelijke stage: hoewel wegbezuinigd, gaan twee op de drie scholen ermee door.
  • Duurzamer krijg je het niet: in Uden staat staat een gloednieuw schoolgebouw dat helemaal zelfvoorzienend is.
  • Samenwerken voor toekomstbestendig onderwijs: leerlingen van de openbare RSG Wolfsbos in Hoogeveen krijgen hun technieklessen deels buiten de school.
  • Schoolzwemmen kopje onder? In de grote steden is het onverminderd populair!
  • Noordwijk ontmoet India: leerlingen van het openbare Northgo College maken kennis met leeftijdgenoten van de Lexicon International School in Pune.

Verder in het aprilnummer: kort onderwijsnieuws, excursie- en boekentips, vraag en antwoord en juridisch advies van onze Helpdesk.

Magazine Naar School!

Ons magazine Naar School! verschijnt vijf keer per jaar in een oplage van 3500 exemplaren. Leden van VOS/ABB krijgen het magazine gratis toegestuurd. Dit geldt voor bij VOS/ABB aangesloten besturen én hun scholen.

Bovenschoolse directies kunnen op aanvraag ook één gratis abonnement nemen. U kunt daarvoor een mailtje sturen naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Abonnement Naar School!‘. Vermeld in uw mail uw naam of de naam van uw organisatie en het adres waarop u het magazine wilt ontvangen.

Niet-leden kunnen een abonnement op Naar School! nemen voor 29,50 euro per jaar. Ook hiervoor geldt dat u een mailtje kunt sturen naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Abonnement Naar School!‘. Vermeld in uw mail uw naam of de naam van uw organisatie en het adres waarop u het magazine wilt ontvangen.

Hebt u ideeën voor magazine Naar School!? Mail Martin van den Bogaerdt van VOS/ABB: mvandenbogaerdt@vosabb.nl

Adverteerders kunnen contact opnemen met bureau Recent.

Download aprilnummer magazine Naar School!

 

Nader onderzoek naar effect flexibele onderwijstijden

Het is nog onvoldoende duidelijk wat de effecten van flexibele onderwijstijden zijn, meldt staatssecretaris Sander Dekker van OCW aan de Tweede Kamer. Hij wil daarom dat het experiment met flexibele schooltijden wordt voortgezet.

Het experiment met flexibele tijden begon in 2011. Het heeft volgens Dekker  onvoldoende aanknopingspunten opgeleverd om een weloverwogen besluit te kunnen nemen.  ‘Aan de ene kant zien we flexibele onderwijstijden kansen bieden, aan de andere kant zijn er risico’s’, waarbij Dekker met name doelt op risico’s die de onderwijskwaliteit raken.

Internationaal literatuuronderzoek naar flexibele onderwijstijden heeft volgens hem buitengewoon weinig informatie opgeleverd. ‘Er is slechts één studie die een effect hiervan laat zien. Hoewel dit effect positief is, is de beschikbare kennis dus nog te beperkt om op basis daarvan conclusies te trekken’, aldus de staatssecretaris.

Gemengd beeld van flexibele onderwijstijden

Uit draagvlakonderzoek onder scholen, leraren en ouders komt volgens hem geen eenduidig beeld naar voren. ‘Onder alle bevraagde partijen zijn positieve, negatieve en neutrale meningen.’ De gesprekken die OCW heeft gevoerd met onderwijs- en kinderopvangorganisaties en de vakbonden leveren volgens Dekker eveneens een gemengd beeld op.

De staatssecretaris stelt daarom voor het experiment te verlengen tot de zomer van 2018 en nader onderzoek te doen naar flexibele onderwijstijden.

SER wil dat kindvoorzieningen verheffen en verbinden

De Sociaal-Economische Raad (SER) beschouwt kindvoorzieningen als een middel tot verheffen en verbinden. Die maatschappelijke doelstellingen dienen volgens de raad te worden verankerd in een toekomstig stelsel.

Het adviesorgaan voor regering en parlement schrijft in het ontwerpadvies Gelijk goed van start dat het loont om te investeren in jonge kinderen met een achterstand. Als op jonge leeftijd ontwikkelingsachterstanden worden aangepakt, kunnen volgens de SER ‘de effecten van vroege ontwikkelingsverschillen ongedaan (…) worden gemaakt’. Het positieve gevolg hiervan is, zo schrijft de raad, dat de leerprestaties gedurende de schoolcarrière beter zullen zijn.

Daarnaast ziet de raad een rol weggelegd voor kindvoorzieningen bij het bevorderen van sociale integratie. ‘Jonge kinderen met verschillende achtergronden kunnen in deze voorzieningen samen leren en samen spelen en als bijkomend voordeel krijgen allochtone en autochtone ouders zo de kans om elkaar te ontmoeten.’

Voor alle kinderen
Kindvoorzieningen kunnen, aldus de SER, tegelijkertijd de functie van ‘verheffen’ en ‘verbinden’ hebben. Gezien de baten en de positieve effecten ziet de raad voorzieningen voor opvang en educatie als een publiek belang. Dit zou moeten worden verankerd in een toekomstig stelsel, onder andere door op termijn alle kinderen van 0 tot 4 jaar, ongeacht achtergrond of afkomst en ongeacht of ouders werken, in de gelegenheid te stellen ‘in voldoende mate aan kindvoorzieningen deel te nemen’.

Het beleid moet volgens de SER met name gericht zijn op het borgen van de kwaliteit, de toegankelijkheid en de betaalbaarheid van de kindvoorzieningen. De raad pleit voor een inclusief systeem, waarbinnen kinderen met een achterstand extra aandacht krijgen en worden ondersteund. In dit kader gebruikt de SER de termen ‘passende kinderopvang’ en ‘maatwerk’. De raad verbindt die termen met voor- en vroegschoolse educatie.

Schets van de toekomst
Minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft vrijdag na de ministerraad laten weten dat het SER-advies een mogelijk beeld schetst van de toekomst. Het gaat volgens hem echt niet lukken om het, zoals de SER adviseert, voor alle kinderen mogelijk te maken om vier dagdelen per week naar de kinderopvang te gaan. Het zou al mooi zijn, vindt hij, als er twee dagdelen opvang per week worden gerealiseerd.

Bij continurooster is betalen voor overblijf vrijwillig!

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW herhaalt nog maar een keer dat scholen ouders niet kunnen dwingen tot het betalen van een bijdrage voor de overblijf als er sprake is van een continurooster.

SP-Kamerlid Tjitske Siderius had hier vragen over gesteld naar aanleiding van een bericht in het Algemeen Dagblad, waarin stond dat scholen van ouders overblijfgeld eisen.

Dekker wijst er in zijn antwoorden op dat in de Wet op het primair onderwijs (WPO) en de Wet medezeggenschap op (WMS) is geregeld dat de toegankelijkheid tot het onderwijs niet afhankelijk mag zijn van een geldelijke bijdrage van de ouders. Ook moeten ouders in de medezeggenschapsraad (MR) instemmen met de hoogte en de bestemming van de (vrijwillige) ouderbijdrage. Informatie over de ouderbijdrage en het vrijwillige karakter ervan moet in de schoolgids worden opgenomen.

‘Als een school de wettelijke regels niet naleeft, zal de Inspectie van het Onderwijs de school hierop aanspreken’, aldus Dekker. Hij wijst erop dat de inspectie in 2014 onderzoek heeft gedaan naar de naleving. ‘In nagenoeg alle schoolgidsen (94 procent) blijken ouders expliciet te worden geïnformeerd over de ouderbijdrage en het vrijwillige karakter ervan.’

Geen continurooster
Als er geen sprake is van een continurooster en ouders kiezen ervoor om hun kind te laten overblijven, dan kan de school overigens wel overblijfgeld eisen. Het is dan immers een vrije keuze van de ouders om al of niet gebruik te maken van een betaalde dienst die de school aanbiedt.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

‘Extra geld zorgt voor 7000 nieuwe banen in kinderopvang’

Het extra geld dat het kabinet uittrekt voor de kinderopvangtoeslag, levert naar verwachting 7000 banen op, schrijft de Brancheorganisatie Kinderopvang.

Het kabinet trekt vanaf komend jaar 290 miljoen euro extra uit voor de kinderopvangtoeslag. Dit betekent dat ouders met kinderen in de kinderopvang honderden euro’s per jaar meer toeslag krijgen.

Het extra geld verbetert de financiële bereikbaarheid van de kinderopvang. Waarschijnlijk zullen meer ouders ervan gebruik gaan maken.

Eerder kondigde het kabinet aan 60 miljoen euro extra te besteden aan voorschoolse voorzieningen.

Onderwijs en kinderopvang willen meer de ruimte krijgen

Onderwijs en kinderopvang moeten meer de ruimte krijgen om een doorgaande leerlijn van nul tot twaalf jaar te realiseren. Dat stellen de PO-Raad, de Brancheorganisatie Kinderopvang en de MOgroep. Ze krijgen daarbij de steun van tientallen schoolbestuurders, kinderopvanginstellingen en wethouders.

Ouders zouden eenvoudiger de mogelijkheid moeten krijgen om opvoeding en werk te combineren. De gedachte is ook dat onderwijs, kinderopvang, peuterspeelzalen, welzijn en gemeenten een gezamenlijke verantwoordelijkheid om kinderen een goede start in het leven te bieden.

‘Een mens leert in de eerste vijf levensjaren het meest. Basisscholen zouden van alle kinderen moeten weten wat voor kind ze binnenkrijgen, zodat de school kan verder bouwen op diens ontwikkeling. Sterke basisvoorzieningen in de vorm van kindcentra vanaf nul jaar zijn daarvoor gewenst’, stelt PO-raadvoorzitter Rinda den Besten in de Telegraaf.

Wet- en regelgeving die de samenwerking tussen onderwijs en kinderopvang in de weg zit, zou moeten worden geschrapt. Ook zou het toezicht op het onderwijs en de kinderopvang beter op elkaar moeten worden afgestemd.

‘Flexibele schooltijden slechts marketing’

Het experiment van het ministerie van OCW met scholen die de hele dag en in de vakanties open blijven, is slechts gericht op marketing en niet op meer onderwijskwaliteit. Dat stelt directeur-bestuurder Bert Dekker van de Stichting Proominent voor openbaar primair onderwijs in Ede. Trouw laat hem aan het woord.

Proominent lanceerde in 2009 het plan voor de zogeheten Parapluschool. Deze school was de hele dag en vrijwel het hele jaar open, zodat ouders daar ook buiten de normale lesuren en in de vakanties met hun kind terecht konden.

Toenmalig bestuursvoorzitter Han Plas zei dat het beter voor de leerlingen zou zijn om niet meer in een keurslijf te zitten en het onderwijsprogramma verspreid over de dag aan te bieden. De Parapluschool deed mee aan het project van het ministerie van OCW om te experimenteren met flexibele schooltijden.

Geen toegevoegde waarde
Inmiddels is de Parapluschool in Ede gesloten. De huidige directeur-bestuurder Bert Dekker vertelt in Trouw dat het nieuwe concept geen toegevoegde waarde had. De ouders waren weliswaar positief, de leraren vonden het volgens hem leuk en de kinderen deden het goed, maar dat was volgens hem niet de inzet.

‘Het ging om de meerwaarde op het gebied van kwaliteit en leeropbrengsten’ en die was er volgens Dekker niet: ‘Het onderwijs was er gewoon niet op niveau, het was een rommeltje. Dat was later ook de conclusie van de inspectie: een zeer zwakke school’, zo citeert Trouw hem.

Volgens hem had OCW het experiment alleen moeten uitvoeren met ‘robuuste scholen, met een goed team van leerkrachten, waar het onderwijs staat als een huis’. Bovendien had het ministerie niet de suggestie mogen wekken dat flexibilisering van onderwijstijd tot kwaliteitsverbetering kon leiden.

‘Als je denkt dat je zo meer tijd voor individuele begeleiding krijgt, moet je geen flexibele scholen oprichten, maar kleinere klassen eisen’, aldus Dekker. ‘Dit is geen experiment van een onderwijsminister, maar van het ministerie van marketing.’

Sterrenschool Apeldoorn positief!
In het artikel in Trouw komt ook directeur Hans van der Most van de openbare Sterrenschool in Apeldoorn aan het woord. Hij is juist positief over het experiment met flexibele schooltijden. Het aantal leerlingen van deze basisschool van het schoolbestuur Leerplein055 is sinds het begin van de proef toegenomen van 58 naar 150.

‘Alle seinen staan op groen. Ons onderwijs is prima, onze leerkrachten werken hier met plezier, de ouders zijn positief en onze leerlingen doen het goed’, aldus Van der Most.

Doorgaan met zes weken zomervakantie?

De PO-Raad wil van zijn leden weten hoe zij denken over de zes weken zomervakantie in het primair onderwijs. Moet alles bij hetzelfde blijven of gooien we het over een andere boeg?

De enquête die de sectororganisatie door DUO Onderwijsonderzoek onder haar leden laat uitvoeren, gaat in op het stelsel, de spreiding, verschuiving en lengte van de zomervakantie in het primair onderwijs. De enquête richt zich specifiek op bestuurders. Daarnaast gebruikt DUO Onderwijsonderzoek panels om te peilen hoe schoolleiders, leraren en ouders over de zomervakantie in het primair onderwijs denken.

Woordvoerder Harm van Gerven van de PO-Raad laat aan VOS/ABB weten dat de jaarlijks terugkerende discussie over de zomervakantie aanleiding is om het onderzoek uit te laten voeren. Het feit dat de zomervakantie zes weken duurt, heeft te maken met de situatie dat vroeger kinderen op het platteland in de zomer moesten helpen bij de oogst.

De PO-Raad verwacht eind september de uitkomsten van het onderzoek. Die informatie kan worden gecombineerd met een evaluatie van het mede door VOS/ABB geïnitieerde project Andere tijden in onderwijs en opvang, waarvan de resultaten later in het najaar worden verwacht.

De PO-Raad laat de enquête op eigen initiatief uitvoeren. De onderwijsvakbonden zijn er niet bij betrokken.

Lees het bericht van de PO-Raad

Magazine School! van VOS/ABB en de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) heeft in februari 2013 aandacht besteed aan flexibele schoolvakanties.

Lees het artikel ‘Kinderen leren meer met flexibele schooltijden’

Ontwerpbesluit flexibele onderwijstijd

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW heeft het Ontwerpbesluit experiment flexibele en virtuele onderwijstijd naar de Eerste en Tweede Kamer gestuurd.

Het doel van dit experiment in het primair onderwijs is om inzicht te krijgen in de effecten van virtuele en flexibele onderwijstijden op de onderwijskwaliteit en de tevredenheid van de betrokkenen. Het gaat in dit experiment vooral om het beter laten aansluiten van de schooltijden op het werkritme van ouders.

Om dit experiment mogelijk te maken, wordt afgeweken van artikelen 8 en 15 van de Wet op het primair onderwijs (WPO) met betrekking tot de centraal vastgestelde vakanties, de inrichting van schoolweek en het geven van onderwijs.

De effecten van het experiment zullen na drie jaar worden geëvalueerd. Op basis daarvan wordt besloten of een wetsvoorstel voorbereid zal worden om de mogelijkheden voor flexibele en virtuele onderwijstijd permanent te maken en sectorbreed in te voeren.

Het is de bedoeling dat het besluit tot het experiment op 1 augustus 2014 van kracht wordt.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Lacune in oproep: PO-Raad vergeet openbaar onderwijs

De PO-Raad, de MOgroep en de Brancheorganisatie Kinderopvang houden in hun gezamenlijke position paper over onderwijs, kinderopvang en welzijn geen rekening met de achtergestelde positie van het openbaar onderwijs.

De position paper van de drie organisaties is gericht aan het kabinet en gaat over sluitende arrangementen van onderwijs, kinderopvang en welzijn. Aspecten die in het stuk aan bod komen, zijn samenwerking, flexibele schooltijden en -vakanties en een andere financiering dan tot nu toe gebruikelijk.

Het is goed dat de PO-Raad, de MOgroep en de Brancheorgansiatie Kinderopvang met dit signaal aansluiten op wat VOS/ABB op dit gebied reeds lange tijd doet. De vereniging wijst besturen voor openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs al jarenlang op de mogelijkheid om met alternatieve schooltijden en -vakanties en andere onderwijsinnovaties beter aan te sluiten op het werk- en levensritme van moderne gezinnen.

Het is echter teleurstellend dat in het position paper geen rekening wordt gehouden met de achtergestelde positie waar het openbaar onderwijs mee te kampen heeft. Zo is het voor openbare schoolbesturen wettelijk nog steeds niet mogelijk om integrale kindcentra in stand te houden, terwijl het bijzonder onderwijs die wettelijke mogelijkheid wel heeft. 

Door niet op in te gaan op dit verschil, doet het position paper geen recht aan de specifieke positie van het openbaar onderwijs. Daarmee is de notitie van de PO-Raad en de twee andere organisaties helaas onvolledig.

VOS/ABB roept het kabinet nadrukkelijk op een einde te maken aan de achtergestelde positie van het openbaar onderwijs, omdat de integratie van onderwijs, kinderopvang en welzijn pas mogelijk is als het gehele veld daarbij op gelijkwaardige basis betrokken wordt.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl 

Regionale bijeenkomsten over Sterrenschool 2.0

De leden van de Regiegroep, waarin ook VOS/ABB participeert, noemen zichzelf ‘enthousiaste ambassadeurs van de Sterrenschool’. Zij willen  mensen uit het onderwijs graag informeren over de mogelijkheden van het concept en de implementatie ervan en hebben daarom deze miniconferenties van één middag op de agenda gezet.

De Sterrenschool is een school waarin basisonderwijs en kinderopvang zijn geintegreerd tot één cultuur. Het kindcentrum is het hele jaar open, vervult een spilfunctie in de buurt en zet academici en vakspecialisten in. De bedenkers willen hiermee een hogere onderwijskwaliteit (vijfsterrenonderwijs) leveren voor het huidige budget.

Voor de bijeenkomsten zijn toonaangevende sprekers uitgenodigd, maar ook mensen die in de praktijk al begonnen zijn met het concept. Deze pioniers vertellen over hun ervaringen.

De miniconferenties zijn op 10 november in Amersfoort, 17 november in
Leeuwarden en in Eindhoven en op 24 november in Amsterdam en in Zutphen. De
ontvangst is vanaf 14.00, het inhoudelijke progamma van 14.30 uur tot 17.00 uur.
De kosten xokm 95 euro (exclusief BTW) per persoon. U ontvangt dan ook een exemplaar van het boek Sterrenschool 2.0, waarin het concept én de implementatie verder is uitgewerkt. Het maximum aantal deelnemers per bijeenkomst is 60. Schrijf dus snel in, want vol is vol. Na inschrijving ontvangt u een bevestiging met nadere informatie over de locatie.

Inschrijven voor de regiobijeenkomsten Sterrenschool 2.0

Voor meer informatie kijkt u op www.desterrenschool.nl.

Bijlagen