Staking… en dan? Toelichting Onderwijsjuristen

De Onderwijsjuristen van VOS/ABB leggen uit wat er gedaan moet worden als leraren gaan staken. De hoofdregel is dat er dan geen salaris wordt uitbetaald.

PO Front roept op tot een staking in het primair onderwijs op 5 oktober. De staking is gericht tegen de volgens PO Front te lage lerarensalarissen en te hoge werkdruk. In PO Front werkt de PO-Raad samen met de lerarengroep PO in Actie en de vakbonden.

Staking: geen arbeid, geen loon

In de toelichting van de Onderwijsjuristen staat onder andere dat bij een staking de hoofdregel geldt ‘geen arbeid, geen loon’. Dit betekent dat de werknemer over de stakingsuren geen recht op salaris heeft.

‘De werkgever is verplicht deze uren op het salaris in te houden. Wanneer de staking is georganiseerd door de vakbonden, krijgen de stakende werknemers die aangesloten zijn bij de organiserende vakbonden, een vergoeding uit de stakingskas’.

Download toelichting

Leergang basiscursus CAO VO

De Onderwijsjuristen van VOS/ABB gaan tijdens deze leergang van drie dagdelen in op de cao voor het voortgezet onderwijs. Hierover komen bij de Onderwijsjuristen altijd veel vragen binnen. De leergang is op 28 november en 7 december 2017 in ons kantoor in Woerden.

De leergang basiscursus CAO VO is relevant voor P&O’ers, HRM-adviseurs en schoolleiders uit het voortgezet onderwijs. De leergang bestaat uit drie dagdelen.

Dagdeel 1: dienstverband en ontslag

1. Dienstverbanden:
– Dienstverband bij wijze van proef, overige gronden voor een dienstverband voor bepaalde tijd en dienstverband voor bepaalde tijd wegens het ontbreken van een onderwijsbevoegdheid.
– Ketenregeling, ook in relatie met tijdelijke uitbreidingen.
– Aanstelling en benoeming in twee functies.

2. Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG):
– Wie moet een VOG overleggen?
– Mag een VOG voor meerdere werkgevers worden gebruikt?
– Periodiek aanvragen van een VOG.

3. Disciplinaire maatregel en ontslag:
– Schorsing als ordemaatregel.
– Disciplinaire maatregelen.
– Ontslaggronden.
– Ontslagroutes.

Dagdeel 2: ziekte en werkloosheid

1. Arbeidsongeschiktheid
– Stappenplan Wet verbetering poortwachter.
– Re-integratie in wenselijk geachte arbeid en tweede spoor.
– Bezoldiging eerste en tweede ziektejaar.
– Ontslagroute.
– Medische gegevens in personeelsdossier.

2. Werkloosheid
– Aanspraak op WW-uitkering.
– Dagloonberekening.
– Veranderde opbouw WW-uitkering.
– WOVO-regeling.
– Re-integratieverplichting.

Dagdeel 3: human resource management (HRM)

1. Preventie en curatie ziekte
– Hoe kan ziekteverzuim beheersbaar worden gehouden?
– Hoe selecteer je een goede bedrijfsarts?
– Hoe ziet de samenstelling van een sociaal medisch team (SMT) eruit?
– Hoe vaak roep je een zieke werknemer op bij het SMT?

2. Gesprekkencyclus en professionalisering
– Hoe ziet een goede gesprekkencyclus eruit?
– Wie voert welke gesprekken binnen de organisatie?
– Wat wordt er vanuit de CAO VO gefaciliteerd omtrent professionalisering en deskundigheidsbevordering?

3. Levensfasebewust personeelsbeleid
– Waar heeft een werknemer recht op binnen de regeling levensfasebewust personeelsbeleid?
– Op welke wijze kunnen de uren worden ingezet?

De leergang vindt plaats in het kantoor van VOS/ABB in Woerden. Inschrijving is alleen mogelijk voor leden van VOS/ABB. Daarbij geldt het maximum van twee deelnemers per schoolbestuur, administratiekantoor of samenwerkingsverband passend onderwijs.

De leergang is op de volgende data:

  • Dagdeel 1: 28 november 2017, 09.00-12.30 uur
  • Dagdeel 2: 28 november 2017, 13.00-16.00 uur
  • Dagdeel 3: 7 december 2017, 13.00-16.00 uur

Als er ruimte is, dan mogen deelnemers zich voor individuele dagdelen inschrijven. Heeft een onderwerp het maximumaantal van 24 deelnemers bij inschrijving bereikt, dan komen degenen die zich niet voor de gehele cursus hebben ingeschreven op de reservelijst.

Deelname aan de leergang kost 200 euro per persoon (btw-vrij). Wanneer er per onderwerp wordt ingeschreven, dan bedragen de kosten 75 euro per dagdeel (btw-vrij).

De leergang wordt verzorgd door onze onderwijsjuristen Céline Haket, Hafida Amziab, Cécile Van der Goot-Koenig en Christiaan Rooseboom.

Aanmelden

U kunt zich online aanmelden via welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Leergang basiscursus cao vo’. Vermeld ook uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en uw telefoonnummer.

Op deze leergang zijn onze Algemene voorwaarden van toepassing.

Netwerkbijeenkomsten P&O over ziekteverzuim

Op 28 september komen in ons kantoor in Woerden de VOS/ABB-netwerken P&O bijeen. Het thema van deze bijeenkomsten is ‘Aan de slag met ziekteverzuim’. De ochtendbijeenkomst is voor het voortgezet onderwijs, de middagbijeenkomst voor het primair onderwijs. De bijeenkomsten worden georganiseerd door senior beleidsmedewerker Ivo Israel en jurist Hafida Amziab.

Eerst zal een korte terugkoppeling worden gegeven van de uitkomsten van ons onderzoek naar actuele thema’s op het gebied van human resource management. Daarna zal Henri Damen van onze verzekeringspartner Aon ingaan op de aspecten van eigenrisicodragerschap.

Daarnaast zal aandacht worden besteed aan de wijze waarop ziekteverzuim omlaag kan. Ook zal worden besproken welke onderwijssubsidies er zijn. Cao-gerelateerde onderwerpen komen eveneens aan bod. Er zal volop ruimte zijn om vragen te stellen.

Wanneer en waar?

De bijeenkomsten zijn op 28 september in ons kantoor in Woerden. De ochtend (09.30-12.30 uur) is gereserveerd voor het voortgezet onderwijs, de middag (13.00-16.00 uur) voor het primair onderwijs.

Voor beide bijeenkomsten geldt een maximumaantal deelnemers van 30. Per organisatie kunnen maximaal twee personen worden ingeschreven.

De bijeenkomsten zijn gratis en uitsluitend voor leden van VOS/ABB. Bij grote belangstelling zal een tweede sessie in november worden gepland.

Aanmelden

U kunt zich aanmelden via welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Netwerkbijeenkomst P&O’. Vermeld in uw mail uw naam, de organisatie waarvoor u werkt, uw telefoonnummer en of u naar de ochtend- of middagbijeenkomst komt.

Voor 2018 staan de volgende onderwerpen op de agenda: Werken aan duurzame inzetbaarheid en de cao (januari 2018) en Professionalisering/strategisch HRM (juni 2018). Data voor deze bijeenkomsten zullen in de loop van het najaar bekend worden gemaakt.

Subsidie voor advies verduurzaming schoolgebouwen

Schoolbesturen in het primair en voortgezet onderwijs kunnen tot en met 29 december 2017 subsidie aanvragen voor advies over verduurzaming van hun gebouwen. De overheid heeft de subsidieregeling verlengd.

Met de subsidie ontvangen schoolbesturen 50 procent van de kosten voor het inhuren van extern advies terug, tot een maximum van 3500 euro. Er is nog ruimte voor circa 70 subsidieaanvragen. Hierbij geldt: wie het eerst komt, het eerst maalt.

Lees meer…

 

Cursus informatieverwerking en -verstrekking

Deze gratis cursus op 7 november 2017 over over het verwerken van persoonsgegevens binnen schoolbesturen wordt verzorgd door mr. Cécile van der Goot-Koenig en mr. Hafida Amziab van de Onderwijsjuristen van VOS/ABB. U kunt er alleen aan deelnemen als uw organisatie bij VOS/ABB is aangesloten.

Tijdens deze cursus gaan Van der Goot-Koenig en Amziab in op het verwerken en verstrekken van gegevens van leerlingen en personeelsleden.

De volgende onderwerpen komen aan bod:

  1. Algemeen
    * Wet bescherming persoonsgegevens;
    * Invoering Algemene verordening gegevensbescherming.
  2. Leerlingendossier
    * Inhoud leerlingdossier, privacyreglement en inzagerecht;
    * Wat moet in onderwijskundig rapport?
    * Bewaartermijnen leerlinggegevens;
    * Informatieverstrekking gescheiden ouders.
  3. Personeelsdossier
    * Inhoud personeelsdossier, verwerking medische gegevens en privacyreglement;
    * Recht op informatie, inzage, correctie en verzet werknemer;
    * Overdracht personeelsdossier bij fusie

Ook zal worden ingegaan op de manier waarop de school kan omgaan met foto’s en video-opnames en hoe e-mailverkeer en internetgebruik van werknemers en leerlingen kunnen worden gecontroleerd.

De bijeenkomst zal deels bestaan uit uitleg van de theorie en deels uit het plenair bespreken van casussen aan de hand van jurisprudentie. Aan het einde van de bijeenkomst weten de deelnemers in hoofdlijnen welke regels er gelden op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens en hoe zij hun kennis kunnen toepassen.

Doelgroep

De cursus is relevant voor iedereen die zich binnen de schoolorganisatie bezighoudt met het verwerken en verstrekken van persoonsgegevens van leerlingen en/of personeelsleden. U kunt hierbij denken aan algemeen directeuren, schooldirecteuren, P&O’ers en administratief personeel.

Slechts leden van VOS/ABB kunnen aan deze (gratis) cursus deelnemen. Het maximumaantal deelnemers bedraagt 30.

Tijd, plaats en aanmelden

De cursus is op dinsdag 7 november 2017 van 13.00 tot 16.30 uur in het kantoor van VOS/ABB in Woerden.

U kunt zich online aanmelden via welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Cursus informatieverwerking en -verstrekking’. Vermeld ook uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en uw telefoonnummer.

Cursussen Onderwijsjuristen

VOS/ABB verzorgt in het schooljaar 2017-2018 verschillende cursussen. Let op: alleen leden van VOS/ABB kunnen eraan deelnemen.


Incompany cursussen op aanvraag

Dossieropbouw bij disfunctioneren PO/VO
Inhoud:
Jaarlijks wordt, door de werkgever of de leidinggevende, met de werknemer besproken hoe hij functioneert in zijn functie en binnen de organisatie. Als blijkt dat een werknemer onvoldoende functioneert, dan zullen er verdere stappen ondernomen moeten worden.

Welke stappen er genomen moeten worden, hangt af van het knelpunt in het functioneren. Aan de hand van dat knelpunt kan een verbeteringstraject worden ingezet. Van belang bij dit traject is dat er voldoende dossieropbouw plaatsvindt, zodat het verbeteringstraject gemonitord en bijgesteld kan worden. Daarnaast is goede dossieropbouw van belang om ervoor te zorgen dat aan het einde van het traject een maatregel kan worden genomen. In het ergste geval is dat ontslag.

In deze cursus zullen we ingaan op dossieropbouw en de wijze waarop dit besproken dient te worden met de werknemer die onvoldoende functioneert. In dat kader zullen de volgende onderwerpen aan bod komen:

Gesprekkencyclus

  • Functionerings- en beoordelingsgesprekken

Opbouw dossier

  • Gesprek aangaan over disfunctioneren
  • Het verbetertraject
  • Verslaglegging

Verdere stappen na constatering disfunctioneren

  • Plichtsverzuim
  • Schorsing
  • Ontslag

Het doel van de cursus is dat de deelnemers inzicht krijgen in een adequate dossieropbouw. Dit proberen we te bereiken door de verschillende stappen in een ongeschiktheidstraject te bespreken. Vragen die daarbij een rol spelen:

– Hoe signaleert u een disfunctionerende werknemer en hoe pakt u dat vervolgens aan?
– Welke weg gaat u op in het verbeteringstraject en wat is van belang om daarbij vast te leggen?
– Welke maatregelen kunt u nemen aan het einde van het traject?

De cursus zal voor een groot deel bestaan uit de overdracht van theorie, maar binnen de bijeenkomst zullen ook plenair casussen worden besproken. Natuurlijk is er ook ruimte om vragen te stellen en specifieke casussen in te brengen.

Doelgroep:
De cursus is relevant voor leidinggevenden, maar ook voor personen die zich bezig houden met het personeelsbeleid. Te denken valt aan P&O’ers, HRM’ers, teamleiders, schooldirecteuren en bestuursleden.

Tijdsduur:
Ca. 3 uur

Verplichtingen bij benoemingen PO/VO
Inhoud:
Schoolbesturen krijgen bij het in dienst nemen van personeel te maken met verplichtingen ten opzichte van het personeel. Hierbij kan worden gedacht aan de verplichting om de werknemers een dienstverband voor onbepaalde tijd te geven of eventuele WW-uitkerings- en re-integratieverplichtingen na afloop van het dienstverband. Tijdens deze bijeenkomst zullen de volgende onderwerpen in dit kader worden besproken.

  1. Dienstverbanden
    • Wanneer kan het schoolbestuur aan werknemers een dienstverband voor bepaalde tijd aanbieden?
    • Hoe lang kan het schoolbestuur een werknemer dienstverbanden voor bepaalde tijd aanbieden voordat de werknemer aanspraak heeft op een dienstverband voor onbepaalde tijd?
  2. Inschaling
    • Uitleg van de bepalingen die gelden bij de inschaling van personeelsleden die in dienst treden.
    • Beschrijving hoe het salaris moet worden vastgesteld indien een werknemer eerder in een onderwijsfunctie werkzaam is geweest.
    • Uitleg bindingstoelage en jubileumgratificatie.
  3. Herbenoemingsverplichting
    • Uitleg herbenoemingsverplichting bij ontstaan vacatureruimte.
    • Uitleg wanneer ontheffing kan worden verkregen van de herbenoemingsverplichting.
  4. Werkloosheidsuitkering
    • Wanneer kan een werknemer aanspraak maken op een WW-uitkering?
    • Uitleg wanneer een WW-uitkering en een bovenwettelijke WW-uitkering kan herleven.
    • Beschrijving van de re-integratieverplichting die het schoolbestuur heeft indien een ex-werknemer in het genot is van een WW-uitkering.

Doel van de bijeenkomst is dat de deelnemers na afloop van de bijeenkomst een goede inschatting kunnen maken welke personele verplichtingen het schoolbestuur aangaat bij het in dienst nemen van personeel. De bijeenkomst zal deels bestaan uit uitleg van de theorie en deels uit het plenair bespreken van casussen.

Doelgroep:
De cursus is relevant voor degene die zich binnen de organisatie bezighoudt met het in dient nemen van personeel zoals P&O’ers, schooldirecteuren, leidinggevenden en bestuursleden.

Tijdsduur:
Ca. 3 uur

De arbeidsongeschikte werknemer in het onderwijs PO/VO
Inhoud:
Ziek zijn komt ook voor bij leraren en onderwijsondersteunend personeel. Het is daarom een onderwerp waar elk schoolbestuur, vroeg of laat, mee in aanraking komt. Van belang is het dan ook om te weten welke regels een rol spelen bij het begeleiden van een zieke werknemer. De Wet verbetering poortwachter is daarbij het uitgangspunt, maar in het onderwijs spelen ook andere regels een rol zoals de Ziekte- en arbeidsongeschiktheidsregeling voortgezet onderwijs (ZAVO) en de Ziekte- en arbeidsongeschiktheidsregeling primair onderwijs (ZAPO). In deze bijeenkomst behandelen we het re-integratieproces. Ook kijken we welke stappen een werkgever kan nemen na het doorlopen van een langdurig ziektetraject, zoals ontslag. Tevens zal het omgaan met medische gegeven aan bod komen. De volgende onderwerpen worden besproken:

  • Stappenplan Wet verbetering poortwachter
  • De WIA-beoordeling
  • Re-integratie tweede spoor
  • Welke regels gelden er voor de zieke werknemer?
  • Bezoldiging in het eerste en tweede ziektejaar
  • Loonsanctie
  • Wat is wenselijk geachte arbeid?
  • Ontslag na het doorlopen van een ziektetraject
  • Minder dan 35% arbeidsongeschikt, wat dan?
  • Ziekte en een tijdelijk dienstverband
  • Bewaartermijn van medische gegevens

Het doel van de bijeenkomst is om de deelnemers inzicht te geven in het ziekteproces bij werknemers. Welke stappen moeten en/of kunnen er gezet worden tijdens en aan het einde van het ziektetraject. Met welke regels dient er rekening gehouden te worden en hoe ga je om met het bewaren van deze dossiers. De bijeenkomst zal voor een groot deel bestaan uit de overdracht van theorie, maar binnen de bijeenkomst zullen ook plenair casussen worden besproken. Natuurlijk is er ook ruimte om vragen te stellen en specifieke casussen in te brengen.

Doelgroep:
De bijeenkomst is relevant voor een ieder die zich bezig houdt met personeelsbeleid en het begeleiden van het ziektetraject van werknemers. Te denken valt aan P&O’ers, HRM’ers, schooldirecteuren en bestuursleden.

Tijdsduur:
Ca. 3 uur

Ambtenaren en besluiten in het onderwijs PO/VO
Inhoud:
Bij schoolbesturen die alleen openbaar onderwijs onder zich hebben, zijn de werknemers ambtenaren. Dit betekent dat er op hen andere wetgeving van toepassing is dan op werknemers die werken bij een samenwerkingsbestuur of een schoolbestuur voor bijzonder onderwijs. Deze werknemers vallen namelijk onder het arbeidsrecht. Ambtenaren vallen onder de Ambtenarenwet. Dit onderscheid is bijvoorbeeld zichtbaar in de cao po en de cao vo. In de cao’s is dit verschil opgenomen in de hoofdstukken omtrent aanstelling/benoeming en ontslag. Ook de rechtsbescherming van de werknemer is, door dit verschil, anders geregeld. In de bijeenkomst zal de positie van de ambtenaar en de regels die hierbij komen kijken worden besproken. In dit kader zullen de volgende onderwerpen worden besproken:

• Ambtenarenwet
– Integriteit
• Verschillen in de cao’s
– Aanstelling en ontslag
• Het besluitbegrip
• De bezwaarschriftprocedure
– Voorbereidingsprocedure
– Bezwaarschriftenprocedure
– Hoorprocedure
– Beslissing
• Voorlopige voorziening
• Mandaat en delegatie (overdragen van bevoegdheden binnen het schoolbestuur)

Het doel van de bijeenkomst is dat de deelnemers meer inzicht krijgen in de aparte positie van ambtenaar als werknemer. Daarnaast is het doel om de deelnemers nader te laten kennismaken met het nemen van een besluit als werkgever in de zin van de Algemene wet bestuursrecht en wie daartoe de bevoegdheid heeft. Tegen elk besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht staat namelijk bezwaar open voor belanghebbenden. Vaak zijn dat de werknemers. De bijeenkomst zal voor een groot deel bestaan uit de overdracht van theorie, maar tijdens de bijeenkomst zullen er ook plenair casussen besproken worden.

Doelgroep:
De bijeenkomst is relevant voor schoolbesturen met enkel openbaar onderwijs onder zich. Dit kan ook een gemeente zijn die openbare scholen in stand houdt of een bestuurscommissie. De cursus is relevant voor een ieder die zich bezig houdt met personeelsbeleid en het nemen van besluiten binnen de organisatie.

Tijdsduur:
Ca. 3,5 uur

Wet werk en zekerheid en Participatiewet PO/VO
Inhoud:
Voor schoolbesturen in het bijzonder onderwijs is op 1 juli 2015 de Wet werk en zekerheid en de daarbij behorende overgangsregelingen in werking getreden. Doelstelling van deze wet is om de oneigenlijke aanpak van de flexibele contracten terug te dringen door te zorgen dat werknemers minder onvrijwillig worden ingezet op flexibele contracten. Daarnaast is op 1 januari 2015 de Participatiewet in werking getreden. Het doel van deze wet is om mensen met een arbeidsbeperking aan het werk te helpen, bij voorkeur in een gewone baan bij een gewone werkgever. Beide wetten leggen verplichtingen aan het schoolbestuur op. Tijdens deze bijeenkomst zullen de volgende onderwerpen ter toelichting van de wetten worden besproken.

  1. Wet werk en zekerheid
    • Aanzegtermijn bij tijdelijke contracten van 6 maanden en langer;
    • Ketenbepaling;
    • Nieuwe routes voor ontslag;
    • Transitievergoeding;
    • Wijzigingen Werkloosheidswet.
  2. Participatiewet
    • Doelstelling en doelgroep van de Participatiewet;
    • Quotumwet;
    • Ondersteuning aan werkgevers;
    • Praktijkvoorbeelden.

Doel van de bijeenkomst is dat de deelnemers na afloop van de bijeenkomst weten welke verplichtingen beide wetten aan het schoolbestuur opleggen. De bijeenkomst zal bestaan uit uitleg van theorie en een interactief deel.

Doelgroep:
De cursus is gericht op P&O’ers, beleidsmedewerkers HRM, bestuurders en schoolleiders in zowel het primair als het voortgezet onderwijs.

Tijdsduur:
Ca. 3 uur

Toelating, schorsing en verwijdering van leerlingen in PO
Inhoud:
Naar aanleiding van de hoeveelheid vragen die de Onderwijsjuristen ontvangen over toelating en verwijdering van leerlingen in het primair onderwijs is besloten over dit onderwerp een bijeenkomst te ontwikkelen. De volgende onderwerpen komen tijdens de bijeenkomst aan bod:

  1. Toelating
    • Uitleg verschil aanmelding, toelating, inschrijving en plaatsing
    • Toelatingsprocedure speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs
    • Toelaatbaarheidsverklaring en bekostiging bij grensverkeer en verhuizing
    • Vereisten die gelden bij het opstellen van een ontwikkelperspectief
    • Weigeringsgronden voor toelating en procedure bij weigering
    • Gegevensverstrekking en –verwerking bij aanmelding
    • Symbiose
  2. Schorsing
    • Beschrijving wettelijk kader
    • Procedure voor schorsing
    • Eisen schorsingsbesluit
    • Uitleg belang schoolreglement voor schorsing en verwijdering
  3. Verwijdering
    • Beschrijving wettelijk kader
    • Gronden voor verwijdering
    • Procedure voor verwijdering
    • Eisen die gelden voor besluit tot verwijdering
    • Proceduremogelijkheden bij aanvechten verwijderingsbesluit

Doel van de bijeenkomst is om de deelnemers op de hoogte te brengen welke regels er gelden voor toelating, schorsing en verwijdering van leerlingen. De bijeenkomst zal deels bestaan uit uitleg van de theorie en deels uit het plenair bespreken van casussen aan de hand van jurisprudentie die is ontwikkeld na inwerkingtreding van de Wet passend onderwijs.

Doelgroep:
De bijeenkomst is relevant voor een ieder die zich binnen de schoolorganisatie bezighoudt met toelating, schorsing of verwijdering van leerlingen. Te denken valt aan algemeen directeuren, schooldirecteuren, afdelingsleiders, maar ook P&O-ers en werknemers van het samenwerkingsverband.

Tijdsduur:
Ca. 3 uur

Toelating, schorsing en verwijdering van leerlingen in VO
Inhoud:
Naar aanleiding van de hoeveelheid vragen die de Onderwijsjuristen ontvangen over toelating en verwijdering van leerlingen in het voortgezet onderwijs is besloten over dit onderwerp een bijeenkomst te ontwikkelen. De volgende onderwerpen zullen tijdens de bijeenkomst worden besproken.

  1. Toelating
    • Toelatingsbesluit PO en toelating tot het VO
    • Toelatingsprocedure in het regulier voortgezet onderwijs, lwoo, praktijkonderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs
    • Grensverkeer en verhuizing
    • Loting
    • Overdracht van gegevens
  2. Schorsing
    • Beschrijving wettelijk kader
    • Procedure voor schorsing
    • Eisen schorsingsbesluit
    • Uitleg belang schoolreglement voor schorsing en verwijdering
  3. Verwijdering
    • Beschrijving wettelijk kader
    • Gronden voor verwijdering
    • Procedure voor verwijdering
    • Eisen die gelden voor besluit tot verwijdering
    • Proceduremogelijkheden bij aanvechten verwijderingsbesluit

Doel van de bijeenkomst is om de deelnemers op de hoogte te brengen welke regels er gelden voor toelating, schorsing en verwijdering van leerlingen. De bijeenkomst zal deels bestaan uit uitleg van de theorie en deels uit het plenair bespreken van casussen aan de hand van jurisprudentie die is ontwikkeld na inwerkingtreding van de Wet passend onderwijs.

Doelgroep:
De bijeenkomst is relevant voor een ieder die zich binnen de schoolorganisatie bezighoudt met toelating, schorsing of verwijdering van leerlingen. Te denken valt aan algemeen directeuren, schooldirecteuren, afdelingsleiders, maar ook P&O-ers en werknemers van het samenwerkingsverband.

Tijdsduur:
Ca. 3 uur

Leergang basiscursus cao po
Inhoud:

Dagdeel 1: Dienstverband en ontslag

  1. Dienstverbanden:
    • Dienstverband bij wijze van proef en overige gronden voor een dienstverband voor bepaalde tijd;
    • Ketenregeling, ook in relatie met tijdelijke uitbreidingen;
    • Aanstelling en benoeming in twee functies.
  2. VOG:
    • Wie moet een VOG overleggen;
    • Mag een VOG voor meerdere werkgevers worden gebruik;
    • Periodiek aanvragen van een VOG.
  3. Inschaling:
    • Inschaling bij indiensttreding;
    • Inschaling na voorafgaande onderwijsfunctie;
    • Aanvang en einde benoeming of aanstelling en doorbetaling salaris.
  4. Disciplinaire maatregel en ontslag:
    • Schorsing als ordemaatregel;
    • Disciplinaire maatregelen;
    • Ontslaggronden;
    • Ontslagroutes.

Dagdeel 2: Taakbeleid

  1. Arbeidsduur, arbeidstijden en verlof
  2. Jaartaak en weektaak
  3. Overlegmodel en basismodel

Dagdeel 3: Ziekte en werkloosheid

  1. Arbeidsongeschiktheid
    • Stappenplan Wet verbetering poortwachter;
    • Re-integratie in wenselijk geachte arbeid en tweede spoor;
    • Bezoldiging eerste en tweede ziektejaar;
    • Ontslagroute;
    • Medische gegevens in personeelsdossier.
  2. Werkloosheid
    • Aanspraak op WW-uitkering;
    • Dagloonberekening;
    • Veranderde opbouw WW-uitkering;
    • WOPO-regeling.

Dagdeel 4: HRM

  1. Gesprekkencyclus
    • Inhoud gesprekkencyclus;
    • Aandachtspunten functionerings- en beoordelingsgesprek.
  2. Professionalisering en duurzame inzetbaarheid
    • Uitleg professionaliseringsuren;
    • Bestedingsdoelen duurzame inzetbaarheid.
  3. Mobiliteit
    • Vrijwillige en gedwongen overplaatsing;
    • Inhoud mobiliteitsbeleid.
    • Uitleg procedure voor het komen tot een sociaal plan;
    • Inhoud sociaal plan.
  4. Functies
    • FUWA.

Doelgroep:
De leergang basiscursus cao vo is relevant voor (nieuwe) P&O’ers, HRM adviseurs en schoolleiders uit zowel het openbaar als het bijzonder onderwijs.

Tijdsduur:
Ca. 3 uur per dagdeel

Leergang basiscursus cao vo
Inhoud:
Vanuit het voortgezet onderwijs komen er ook veel vragen binnen over de cao vo en worden nieuwe P&O’ers aangesteld die behoefte hebben aan een leergang basiscursus cao vo. De leergang bestaat uit 3 dagdelen.

Dagdeel 1: dienstverband en ontslag

  1. Dienstverbanden:
    • Dienstverband bij wijze van proef, overige gronden voor een dienstverband voor bepaalde tijd en dienstverband voor bepaalde tijd wegens het ontbreken van een onderwijsbevoegdheid;
    • Ketenregeling, ook in relatie met tijdelijke uitbreidingen;
    • Aanstelling en benoeming in twee functies.
  2. VOG:
    • Wie moet een VOG overleggen;
    • Mag een VOG voor meerdere werkgevers worden gebruik;
    • Periodiek aanvragen van een VOG.
  3. Disciplinaire maatregel en ontslag:
    • Schorsing als ordemaatregel;
    • Disciplinaire maatregelen;
    • Ontslaggronden;
    • Ontslagroutes.

Dagdeel 2: ziekte en werkloosheid

  1. Arbeidsongeschiktheid
    • Stappenplan Wet verbetering poortwachter;
    • Re-integratie in wenselijk geachte arbeid en tweede spoor;
    • Bezoldiging eerste en tweede ziektejaar;
    • Ontslagroute;
    • Medische gegevens in personeelsdossier.
  2. Werkloosheid
    • Aanspraak op WW-uitkering;
    • Dagloonberekening;
    • Veranderde opbouw WW-uitkering;
    • WOVO-regeling;
    • Re-integratieverplichting.

Dagdeel 3: HRM

  1. Preventie en curatie ziekte
    • Hoe kan ziekteverzuim beheersbaar worden gehouden?
    • Hoe selecteer je een goede bedrijfsarts?
    • Hoe ziet de samenstelling van een sociaal medisch team eruit? Hoe vaak roep je een zieke werknemer op bij het SMT?
  2. Gesprekkencyclus en professionalisering
    • Hoe ziet een goede gesprekkencyclus eruit? Wie voert welke gesprekken binnen de organisatie?
    • Wat wordt er vanuit de cao vo gefaciliteerd omtrent professionalisering en deskundigheidsbevordering?
  3. Levensfasebewust personeelsbeleid
    • Waar heeft een werknemer recht op binnen de regeling levensfasebewust personeelsbeleid?
    • Op welke wijze kunnen de uren worden ingezet?

Doelgroep:
De leergang basiscursus cao vo is relevant voor (nieuwe) P&O’ers, HRM adviseurs en schoolleiders uit zowel het openbaar als het bijzonder onderwijs.

Tijdsduur:
Ca. 3 uur per dagdeel

Bijeenkomst informatieverwerking- en verstrekking PO/VO
Inhoud:
De inhoud van deze bijeenkomst ziet op het verwerken dan wel verstrekken van gegevens van leerlingen alsmede het verwerken dan wel het verstrekken van gegevens van het personeel. De volgende onderwerpen zullen tijdens de bijeenkomst worden besproken.

  1. Algemeen
    • Wet bescherming persoonsgegevens
    • Invoering Algemene verordening gegevensbescherming
  2. Leerlingendossier
    • Bespreking inhoud leerlingdossier, privacyreglement en het inzagerecht in het leerlingdossier
    • Wat dient in het onderwijskundig rapport te worden opgenomen
    • Bewaartermijnen die gelden voor leerlinggegens
    • Informatieverstrekking aan gescheiden ouders
  3. Personeelsdossier
    • Bespreking inhoud van het personeelsdossier, verwerking van medische gegevens en het privacyreglement
    • Recht op informatie, inzage, correctie en verzet van werknemer
    • Overdracht van personeelsdossier bij fusie
    • Hoe om te gaan met foto’s, video-opnames en het controleren van e-mail en internetgebruik van werknemers en leerlingen

Doel van de bijeenkomst is om deelnemers op de hoogte te brengen welke regels er gelden omtrent het verwerken van en verstrekken van persoonsgegevens. De bijeenkomst zal deels bestaan uit uitleg van de theorie en deels uit het plenair bespreken van casussen aan de hand van jurisprudentie. Aan het einde van de bijeenkomst dienen de deelnemers in hoofdlijnen te weten welke regels er gelden op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens (vanaf 28 mei 2018: de Algemene verordening gegevensbescherming) ten aanzien van de omgang met persoonsgegevens van leerlingen en personeel. Daarnaast zullen zij ook kennis krijgen van de wijze waarop zij dit in de (school)organisatie kunnen regelen.

Doelgroep:
De bijeenkomst is relevant voor een ieder die zich binnen de schoolorganisatie bezighoudt met het verwerken en verstrekken van persoonsgegevens van leerlingen dan wel personeel. Te denken valt aan algemeen directeuren, schooldirecteuren, maar ook P&O’ers en administratief personeel. De bijeenkomst is gericht op zowel het primair als het voortgezet onderwijs.

Tijdsduur:
Ca. 3,5 uur

Indien u als lid van VOS/ABB een incompany cursus over een ander onderwerp wilt, dan kunt u hierover contact opnemen met de Onderwijsjuristen door een e-mail te sturen naar onderwijsjuristen@vosabb.nl.


Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Nieuwe toezicht inspectie en bekwaamheidseisen

Het onderwijs heeft in het nieuwe schooljaar te maken met een nieuwe vorm van inspectietoezicht en met nieuwe bekwaamheidseisen voor leraren.

Het vernieuwde toezicht van de Inspectie van het Onderwijs is ingegaan op 1 augustus 2017 en geldt voor alle scholen en besturen in zowel het primair als voortgezet onderwijs. Doel van de vernieuwing is scholen meer te stimuleren hun onderwijs te verbeteren. Er ligt daarbij meer nadruk op de beoordeling van de kwaliteitszorg door het bestuur.

De inspectie geeft voortaan een voldoende als het onderwijs aan de wettelijke eisen voldoet, maar een school die ook invulling geeft aan hogere ambities krijgt de waardering ‘goed’. Alle scholen worden minstens één keer in de vier jaar bezocht. Scholen die risico’s vertonen, krijgen vaker bezoek. In het voortgezet onderwijs toetst de inspectie specifiek op sociale veiligheid.

In onderstaande video geeft de inspectie uitleg over het vernieuwde toezicht:

Op de website van de Inspectie van het Onderwijs staat meer informatie.

Lerarenregister

Ook de nieuwe Wet beroep leraar en lerarenregister is van kracht vanaf 1 augustus 2017. Daarin is vastgelegd aan welke bekwaamheidseisen leraren in het primair en voortgezet onderwijs moeten voldoen.

Leraren moeten zich registreren in het nieuwe Lerarenregister. Daarin kunnen zij aantonen dat zij hun bekwaamheid onderhouden.

In 2011 lanceerde de Onderwijscoöperatie het vrijwillige Lerarenregister. De website registerleraar vermeldt dat 82.500 leraren zich hiervoor hebben aangemeld, van wie er 46.500 zich hebben geregistreerd en hun portfolio bijhouden. Deze leraren kunnen hun opgebouwde portfolio meenemen naar het nieuwe verplichte register.

Meer informatie

In het februari 2017 verscheen in ons magazine Naar School! een artikel over het Lerarenregister en de positieve ervaringen hiermee op het openbare Rembrandt College in Veenendaal.

 

Vervangingsfonds verhoogt premies

Per 1 augustus 2017 verhoogt het Vervangingsfonds de premies van 4,85 procent naar 5,15 procent. Het is een tussentijdse premiebijstelling vanwege ‘de ontwikkeling van de financiële positie van het fonds’. Per 1 januari 2018 volgt opnieuw een premiestijging.

Dit heeft het Vervangingsfonds aangekondigd in een brief die aan alle schoolbesturen en administratiekantoren is gestuurd. Aanleiding is het resultaat over de eerste vier maanden van 2017. Daaruit blijkt dat de financiële reserve van het fonds zonder tussentijdse premieverhoging onder de ondergrens zou uitkomen. Daarom komt er nu een stapsgewijze premieverhoging. In september verwacht het Vervangingsfonds een indicatie te kunnen geven van de premiestijging per 1 januari 2018.

Overigens was de premie van het Vervangingsfonds in 2016 nog 6,68 procent, wat per 1 januari 2017 is verlaagd naar 4,85 procent.

Basiscursus bekostiging primair onderwijs

De basiscursus bekostiging primair onderwijs op 3 oktober 2017 in Woerden wordt verzorgd door financieel expert Bé Keizer in samenwerking met onze jurist Ronald Bloemers

In deze basiscursus wordt ingegaan op de volgende punten:

  • Historie van de bekostiging van het primair onderwijs.
  • Actuele ontwikkelingen.
  • Huidige regelingen, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen:
    – Basisonderwijs.
    – Speciaal basisonderwijs.
    – (Voortgezet) speciaal onderwijs.
    – Samenwerkingsverbanden passend onderwijs.

Ook zal worden aangeven waar relevante informatie te vinden is over regelingen, data en rekeninstrumenten en dergelijke. Uiteraard is er ruimte om vragen te stellen.

De cursus is op dinsdag 3 oktober 2017 van 13 tot 16 uur in het kantoor van VOS/ABB in Woerden. Alleen VOS/ABB-leden kunnen eraan deelnemen. Deelname is gratis.

Aanmelden voor basiscursus

U kunt zich online aanmelden via welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Basiscursus bekostiging primair onderwijs’. Vermeld ook uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en uw telefoonnummer.

Cursus toelating, schorsing en verwijdering (voortgezet onderwijs)

De Onderwijsjuristen van VOS/ABB geven tijdens deze cursus op 6 februari 2018 in Woerden informatie over de regels voor toelating, schorsing en verwijdering van leerlingen in het voortgezet onderwijs.

De volgende onderwerpen komen aan bod:

1. Toelating

  • Toelatingsbesluit PO en toelating tot het VO.
  • Toelatingsprocedure in het regulier voortgezet onderwijs, leerwegondersteunend onderwijs (lwoo), praktijkonderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs.
  • Grensverkeer en verhuizing.
  • Loting.
  • Overdracht van gegevens.

2. Schorsing

  • Beschrijving wettelijk kader.
  • Procedure voor schorsing.
  • Eisen schorsingsbesluit.
  • Uitleg belang schoolreglement voor schorsing en verwijdering.

3. Verwijdering

  • Beschrijving wettelijk kader.
  • Gronden voor verwijdering.
  • Procedure voor verwijdering.
  • Eisen die gelden voor besluit tot verwijdering.
  • Proceduremogelijkheden bij aanvechten verwijderingsbesluit.

Doel van de cursus is om de deelnemers op de hoogte te brengen van de regels die er gelden voor toelating, schorsing en verwijdering van leerlingen. De cursus zal deels bestaan uit uitleg van de theorie en deels uit het plenair bespreken van casussen aan de hand van jurisprudentie die is ontwikkeld na inwerkingtreding van de Wet passend onderwijs.

De bijeenkomst is relevant voor iedereen die zich bezighoudt met toelating, schorsing of verwijdering van leerlingen. Te denken valt aan algemeen directeuren, schooldirecteuren, afdelingsleiders, P&O’ers en werknemers van het samenwerkingsverband passend onderwijs.

Voor de bijeenkomst kunnen maximaal 30 deelnemers worden aangemeld. De bijeenkomst wordt verzorgd door onze juristen Hafida Amziab en Céline Haket.

De bijeenkomst is uitsluitend toegankelijk voor leden van VOS/ABB. Deelname is gratis.

Deze bijeenkomst is op 6 februari 2018 van 13 tot 16 uur in het kantoor van VOS/ABB in Woerden.

Aanmelden

U kunt zich online aanmelden via welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Bijeenkomst toelating, schorsing en verwijdering (voortgezet onderwijs)’. Vermeld ook uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en uw telefoonnummer.

Bijeenkomst over dossieropbouw bij ontslag

De Onderwijsjuristen van VOS/ABB gaan op deze bijeenkomst op 15 maart 2018 in Woerden in op het belang van goede dossieropbouw als blijkt dat een werknemer onvoldoende functioneert. Het dossier is nodig in het verbetertraject en bij eventueel ontslag.

Deze cursus gaat in op dossieropbouw en de wijze waarop dit besproken dient te worden met de werknemer die onvoldoende functioneert. De volgende onderwerpen komen aan bod:

1. Gesprekkencyclus

  • Functionerings- en beoordelingsgesprekken.

2. Opbouw dossier

  • Gesprek aangaan over disfunctioneren.
  • Verbetertraject.
  • Verslaglegging.

3. Verdere stappen na constatering van disfunctioneren

  • Plichtsverzuim.
  • Schorsing.
  • Ontslag.

Het doel van de cursus is dat de deelnemers inzicht krijgen in een adequate dossieropbouw. Dit proberen we te bereiken door de verschillende stappen in een ongeschiktheidstraject te bespreken.

Vragen die daarbij een rol spelen:

– Hoe signaleert u een disfunctionerende werknemer en hoe pakt u dat vervolgens aan?
– Welke weg gaat u op in het verbetertraject en wat is van belang om vast te leggen?
– Welke maatregelen kunt u nemen aan het einde van het traject?

De cursus zal voor een groot deel bestaan uit de overdracht van theorie, maar er zullen ook plenair casussen worden besproken. Natuurlijk is er ruimte om vragen te stellen en specifieke casussen in te brengen.

Deze gratis bijeenkomst is uitsluitend toegankelijk voor leden van VOS/ABB. De cursus is relevant voor leidinggevenden, maar ook voor P&O’ers, HRM’ers, teamleiders, schooldirecteuren en bestuurdersleden.

De bijeenkomst is 15 maart 2018 van 13 tot 16 uur in het kantoor van VOS/ABB in Woerden. Voor de bijeenkomst kunnen maximaal 30 deelnemers worden aangemeld. De bijeenkomst wordt gegeven door onze juristen Céline Haket en Christiaan Rooseboom.

Aanmelden

U kunt zich online aanmelden via welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Bijeenkomst Dossieropbouw en ontslag’. Vermeld ook uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en uw telefoonnummer.

Bijeenkomst toelating, schorsing en verwijdering (primair onderwijs)

De Onderwijsjuristen van VOS/ABB geven op deze bijeenkomst op 23 januari 2018 in Woerden informatie over de regels voor toelating, schorsing en verwijdering van leerlingen in het primair onderwijs.

De volgende onderwerpen komen aan bod:

1. Toelating

  •  Uitleg verschil aanmelding, toelating, inschrijving en plaatsing.
  • Toelatingsprocedure speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs.
  • Toelaatbaarheidsverklaring en bekostiging bij grensverkeer en verhuizing.
  • Vereisten die gelden bij het opstellen van een ontwikkelperspectief.
  • Weigeringsgronden voor toelating en procedure bij weigering.
  • Gegevensverstrekking en –verwerking bij aanmelding.
  • Symbiose.

2. Schorsing

  • Beschrijving wettelijk kader.
  • Procedure voor schorsing.
  • Eisen schorsingsbesluit.
  • Uitleg belang schoolreglement voor schorsing en verwijdering.

3. Verwijdering

  • Beschrijving wettelijk kader.
  • Gronden voor verwijdering.
  • Procedure voor verwijdering.
  • Eisen die gelden voor besluit tot verwijdering.
  • Proceduremogelijkheden bij aanvechten verwijderingsbesluit.

Doel van de bijeenkomst is om de deelnemers op de hoogte te stellen van de regels die er gelden voor toelating, schorsing en verwijdering van leerlingen in het primair onderwijs. De bijeenkomst zal deels bestaan uit uitleg van de theorie en deels uit het plenair bespreken van casussen aan de hand van jurisprudentie sinds de inwerkingtreding van de Wet passend onderwijs.

De bijeenkomst is relevant voor iedereen die zich binnen de schoolorganisatie bezighoudt met toelating, schorsing of verwijdering van leerlingen. U kunt daarbij denken aan schooldirecteuren, afdelingsleiders, P&O’ers en werknemers van samenwerkingsverbanden passend onderwijs.

Voor de bijeenkomst kunnen maximaal 30 deelnemers worden aangemeld. De bijeenkomst wordt verzorgd door onze juristen Hafida Amziab en Céline Haket.

Deelname is gratis. De bijeenkomst is uitsluitend toegankelijk voor leden van VOS/ABB.

Aanmelden

U kunt zich online aanmelden via welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Bijeenkomst toelating, schorsing en verwijdering (primair onderwijs)’. Vermeld ook uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en uw telefoonnummer.

Nederlandse leerlingen (heel) tevreden

Nederlandse leerlingen zijn (heel) tevreden met hun leven. Het maakt daarbij niet uit welke achtergrond ze hebben. Dat meldt staatssecretaris Sander Dekker van OCW in een brief aan de Tweede Kamer op basis van het rapport Students’ Well-Being van het Programme for International Student Assessment (PISA), dat onderdeel is van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).

Dekker benadrukt dat Nederlandse leerlingen over het algemeen niet alleen (heel) tevreden zijn met hun leven, maar ook nog eens goed presteren. ‘Nederland staat daarmee met Zwitserland en Finland in de top 3’, aldus de staatssecretaris.

Uit het rapport komt ook naar voren dat het aandeel Nederlandse leerlingen dat stress en/of angst ervaart bij het maken van een toets met 39 procent minder groot is dan het gemiddelde van de OESO-landen.

Verder blijkt dat het overgrote deel van de Nederlandse leerlingen (81 procent) zich thuisvoelt op school en zich geen buitenstaander voelt (91 procent). Dat geldt ook, zo staat in het rapport en in de brief van Dekker, voor leerlingen in Nederland met een migratieachtergrond.

Openbaar onderwijs in Nederland en Vlaanderen

Deze expertmeeting over openbaar onderwijs in Nederland en Vlaanderen wordt georganiseerd in samenwerking met de Vlaamse onderwijskoepel van steden en gemeenten OVSG.

Het zal gaan over onder andere de identiteit van het openbaar onderwijs in Nederland en de neutraliteit van het openbaar onderwijs in Vlaanderen.

De expertmeeting wordt gehouden in het zuiden van Nederland. De locatie en de tijden volgen nog.

Mag klassenfoto op website van school?

Mede door de opkomst en de toename van de digitale middelen wordt het steeds gemakkelijker om informatie snel onder een grote doelgroep te verspreiden. Ook scholen hebben hiermee te maken. De mogelijkheden lijken tegenwoordig eindeloos. Echter, de praktijk leert dat scholen hierbij nog wel eens vergeten rekening te houden met de wettelijke kaders die hiervoor gelden.

In dit artikel willen we mede aan de hand van een aantal praktijkvoorbeelden aandacht besteden aan de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). Deze wet krijgt en behoeft in het onderwijs steeds meer aandacht, omdat veel scholen niet weten dat het niet naleven van de regels vervelende gevolgen kan hebben. Eventuele boetes kunnen oplopen tot ruim 8 ton!

In de praktijkvoorbeelden richten we ons met name op leerlinggegevens, maar de uitgangspunten zijn ook van toepassing op personeelsgegevens.

Wanneer is de Wbp van toepassing?

De Wbp is van toepassing als persoonsgegevens worden ‘verwerkt’. Het verwerken van persoonsgegevens in de zin van de wet betreft elke handeling die ziet op persoonsgegevens, zoals het verzamelen, vastleggen, ordenen, verspreiden, opvragen, gebruiken, beschikbaar stellen en vernietigen hiervan. Deze definitie maakt dat de Wbp een erg ruim bereik heeft en op bijna elke situatie waarin iets met persoonsgegevens wordt gedaan van toepassing is. De uitzondering hierop betreft de verwerking van persoonsgegevens ten behoeve van persoonlijke, huishoudelijke of journalistieke doeleinden.

De handeling moet altijd zien op ‘persoonsgegevens’. Een persoonsgegeven is elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon. Kortom: aan de hand van een gegeven dan wel gegevens moet een persoon te herleiden c.q. te identificeren zijn. Enkel de vermelding van een geboortedatum, zonder nadere informatie, kan in dit verband niet als persoonsgegeven worden gezien. Dit kan echter wel weer het geval zijn als dit bijvoorbeeld wordt gebruikt in combinatie met een adresgegeven. Per situatie moet dus bekeken worden of het om een persoonsgegeven in de zin van de Wbp gaat.

Wanneer is het toegestaan om persoonsgegevens te verwerken?

Artikel 8 van de Wbp bevat een aantal grondslagen op grond waarvan mag worden overgegaan tot verwerking van persoonsgegevens. Als een school persoonsgegevens van een leerling wil verwerken, kan dit dus alleen als de verwerking kan worden gebaseerd op ten minste één van de in de Wbp genoemde grondslagen:

a) Ondubbelzinnige toestemming;
b) Gegevensverwerking is noodzakelijk voor de nakoming van een overeenkomst;
c) Gegevensverwerking is noodzakelijk om een wettelijke verplichting na te komen;
d) Gegevensverwerking is noodzakelijk ter vrijwaring van een vitaal belang van de betrokkene;
e) Gegevensverwerking is noodzakelijk voor de goede vervulling van een publiekrechtelijke taak door een bestuursorgaan;
f) Gegevensverwerking is noodzakelijk voor de behartiging van het gerechtvaardigd belang van de verantwoordelijke of van een derde tenzij het belang of de fundamentele rechten en vrijheden van de betrokkene, in het bijzonder het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer, prevaleert.

Het verwerken van leerlinggegevens zal in veel gevallen gebaseerd kunnen worden op art. 8 sub b. Als ouders hun kind inschrijven op school, komt daarmee als het ware een overeenkomst tot stand tussen de ouders en de school, waarmee de school de verantwoordelijkheid op zich neemt om het kind van onderwijs te voorzien. De school kan vervolgens enkel uitvoering geven aan deze taak als zij bepaalde leerlinggegevens verwerkt.

Uiteraard kunnen niet alle gegevensverwerkingen gebaseerd worden op art. 8 sub b. Verderop in dit artikel treft u een aantal praktijkvoorbeelden aan waarbij de gegevensverwerking wordt gebaseerd op een andere grondslag.

Aan welke eisen moet de gegevensverwerking voldoen?

Naast het feit dat er een grondslag moet bestaan om de persoonsgegevens te mogen verwerken, kent de wet ook nog andere eisen waar de gegevensverwerking aan moet voldoen. Vereist is dat gegevens behoorlijk, zorgvuldig en in overeenstemming met de wet worden verwerkt. Ook mogen er enkel gegevens worden verzameld met een bepaald gerechtvaardigd doel. Dit doel (of deze doelen) dient (dienen) duidelijk omschreven te worden voordat begonnen wordt met het verzamelen van gegevens.

Bij elke gegevensverwerking zal vervolgens vastgesteld moeten worden of het verwerken van de persoonsgegevens nodig is om het doel te bereiken. Is het bijvoorbeeld mogelijk om een andere weg te bewandelen waardoor hetzelfde doel wordt bereikt en waarbij het niet nodig is om persoonsgegevens te verwerken of er wellicht minder persoonsgegevens verwerkt hoeven te worden? Ook betekent dit dat persoonsgegevens niet eindeloos bewaard mogen worden. Als bepaalde gegevens waarvoor geen wettelijke bewaarplicht geldt niet meer nodig zijn en hun waarde hebben verloren, moeten ze worden verwijderd.

Zijn er nog andere verplichtingen waaraan moet worden voldaan op grond van de Wbp?

Naast de eisen die gesteld worden aan een verwerking, kent de Wbp een aantal andere verplichtingen. Een van deze verplichtingen is de meldingsplicht. Dit houdt in dat, indien er persoonsgegevens worden verwerkt, hiervan melding moet worden gemaakt bij de Autoriteit Persoonsgegevens.

Voor gebruikelijke gegevensverwerkingen bestaan er echter vrijstellingen welke zijn vastgelegd in het Vrijstellingsbesluit. Zo is de meldingsplicht onder andere niet van toepassing voor gebruikelijke gegevensverwerkingen in het kader van de leerlingadministratie en de personeelsadministratie. In het Vrijstellingsbesluit is ook de maximale bewaarperiode opgenomen van gegevens. Om gebruik te kunnen maken van de vrijstelling, mogen gegevens dus niet langer worden bewaard.

Een voorbeeld hiervan is het leerlingdossier. Deze gegevens dienen uiterlijk twee jaar nadat de leerling is uitgeschreven, verwijderd te worden, tenzij sprake is van een wettelijke verplichting. Zo is bijvoorbeeld ten aanzien van de leerlingadministratie in het Bekostigingsbesluit  vastgelegd dat deze gegevens minimaal 5 jaar bewaard moeten worden na uitschrijving.

Een andere verplichting die voortvloeit uit de wet, is dat een betrokkene (i.c. ouders/leerlingen van 16 jaar of ouder) de verantwoordelijke (i.c. schoolbestuur) kan vragen of en zo ja welke persoonsgegevens over hem/haar worden verwerkt. Er bestaat dus inzagerecht. Ook mag de betrokkene vragen om zijn gegevens te corrigeren (verbeteren, aanvullen of verwijderen). Een schoolbestuur is verplicht deze verzoeken binnen 4 weken te honoreren. Gegevens kunnen alleen gecorrigeerd worden als ze feitelijk onjuist, onvolledig of niet ter zake dienend zijn voor het doel waarvoor ze worden verwerkt of op andere wijze in strijd met de Wbp of een andere wet zijn verwerkt.

Een derde belangrijke verplichting die is opgenomen in de wet, is dat het schoolbestuur passende technische en organisatorische maatregelen moet treffen om persoonsgegevens te beveiligen tegen verlies of onrechtmatige verwerking tegen te gaan.

De Wbp toegelicht aan de hand van praktijksituaties

We hebben de website van onze school vernieuwd. Mogen we daarop ook de klassenfoto’s en de namen van leerlingen vermelden?
In dit voorbeeld wordt gesproken over klassenfoto’s en namen van leerlingen. De naam van een leerling betreft altijd een persoonsgegeven. Een klassenfoto kan ook persoonsgegevens bevatten als kinderen herkenbaar in beeld zijn gebracht. Als dit het geval is, betreffen dit dus ook persoonsgegevens. Verwerking (plaatsing op de website) is dus enkel toegestaan als daar een grondslag (a t/m f van artikel 8) uit de Wbp voor bestaat. Met andere woorden: als er geen toestemming is gegeven door de ouders van de leerling (of de leerling zelf als hij/zij 16 jaar of ouder is), zal vastgesteld moeten worden of sprake is van een gerechtvaardigd belang (de andere grondslagen bieden immers in deze situatie geen grondslag om de gegevens te mogen verwerken). Of sprake is van een gerechtvaardigd belang, zal afhangen van de vraag of het belang van de school bij plaatsing van de foto’s en de namen groter is dan het privacybelang van de leerling. Dit zal naar alle waarschijnlijkheid in de meeste situaties niet het geval zijn. Plaatsing van de foto’s en de namen is dan dus zonder toestemming niet toegestaan.

Jeugdzorg/Veilig Thuis vraagt  informatie op over een leerling. Ben ik verplicht om mee te werken?
Ook voor deze casus geldt dat er een grondslag moet zijn uit de Wbp. Geven de ouders toestemming, dan is het geen probleem om de gevraagde informatie te verstrekken. Toestemming is echter niet altijd noodzakelijk. Als er serieuze zorgen zijn over de leerling, kan de school zowel gevraagd als ongevraagd informatie over de leerling verstrekken aan Jeugdzorg/Veilig Thuis voor zover dit noodzakelijk wordt geacht voor de behartiging van het gerechtvaardigd belang van de leerling, ook zonder toestemming van de ouders. In beginsel moet de school ouders hiervan wel vooraf op de hoogte stellen. Echter, als de veiligheid van het kind of van een ander in het geding is of er haast geboden is, kan hierop een uitzondering worden gemaakt. Op het moment dat het specifiek om (een redelijk vermoeden van) kindermishandeling gaat, biedt artikel  5.2.6 van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 (Wmo) zelfs een wettelijke basis voor de gegevensverstrekking. Dit artikel bepaalt namelijk dat een school informatie aan Veilig Thuis mag geven om de kindermishandeling te laten stoppen of een redelijk vermoeden van kindermishandeling te laten onderzoeken.

Een leerling verlaat de basisschool. Ouders zijn het niet eens met het opgestelde onderwijskundig rapport en willen geen toestemming geven om dit rapport te verstrekken aan de vervolgschool. Mag het rapport toch worden doorgegeven?
Ja, dit mag. In de Wet op het primair onderwijs is namelijk opgenomen dat een schooldirecteur van elke leerling die de school verlaat een onderwijskundig rapport moet opstellen ten behoeve van de ontvangende school. Het is dus niet nodig dat ouders toestemming geven voor het verstrekken van het onderwijskundig rapport aan de vervolgschool. Er bestaat in dit geval een wettelijke verplichting om het rapport aan de vervolgschool te overhandigen. De gegevensverwerking kan dus gebaseerd worden op art. 8 sub c Wbp.

Ouders hebben er bezwaar tegen dat de leerkracht van hun kind bepaalde zorgen die er leven met betrekking tot hun kind, bespreekt met collega’s. Mogen deze gegevens onderling worden uitgewisseld?
Binnen de school vindt doorgaans veel overleg plaats over leerlingen. Van periodieke klasbesprekingen tot de bespreking van individuele leerlingen met specifieke problematiek. Deze verwerking van persoonsgegevens vindt zijn grondslag in het feit dat verwerking noodzakelijk is om de onderwijsovereenkomst die de school met de ouders heeft na te komen (art. 8 onder b Wbp). Dit is (in het primair en voortgezet onderwijs althans) geen fysieke overeenkomst, maar doordat de ouders hun kind op school hebben ingeschreven, is de school verantwoordelijk voor het geven van goed onderwijs aan en de begeleiding van de betreffende leerling. Onderdeel van het geven van onderwijs aan en het begeleiden van leerlingen binnen de school is dat degenen die belast zijn met deze activiteiten of daarbij noodzakelijk zijn betrokken, periodiek overleggen. Ter uitvoering van hun taak mogen zij de daarvoor noodzakelijke gegevens ontvangen. Een leerkracht mag dus overleg voeren over de leerling met bijvoorbeeld een duo-partner of een intern begeleider, die belast is met de begeleiding van een leerling. Een leerkracht kan echter niet zomaar gegevens over de leerling verstrekken aan een collega van bijvoorbeeld een andere groep die op geen enkele wijze betrokken is bij het onderwijs aan en de begeleiding van de betreffende leerling. Ook derden kunnen belast zijn met onderwijs- en begeleidingsactiviteiten of daarbij noodzakelijk zijn betrokken. Zij zijn door de school ingeschakeld en hebben een taak binnen de reguliere ontwikkeling en begeleiding van leerlingen. Niet van belang is of deze derde, bijvoorbeeld een remedial teacher, in dienst is van de school of niet.

Een leerling van 17 jaar wil niet dat zijn ouders zijn dossier inzien. Dient de school zich hieraan te conformeren?
16 jaar is een belangrijke leeftijdsgrens in de Wbp. De leerling kan alleen een inzageverzoek met betrekking tot de eigen persoonsgegevens indienen als hij/zij 16 jaar of ouder is. Op het moment dat de leerling jonger is dan 16 jaar, kunnen de wettelijk vertegenwoordigers (bijvoorbeeld de ouders) een dergelijk verzoek doen. Een leerling van 17 jaar heeft dus het recht om zijn eigen dossier in te zien. Zijn ouders hebben op grond van de Wbp geen recht meer om het leerlingdossier van hun kind in te zien. Echter, uit de Wet op het primair onderwijs en de Wet op het voortgezet onderwijs vloeit voort dat de school verplicht is om de ouders, voogden of verzorgers te rapporteren over de vorderingen van de leerling zolang de leerling nog minderjarig is. Gelet op deze wettelijke verplichting (art. 8 onder c Wbp) dient de school in deze casus, ondanks het bezwaar van de leerling, de ouders toch inzage te geven in het leerlingdossier. Dit is echter wel beperkt tot informatie omtrent de vorderingen van het kind en geldt enkel zolang de leerling minderjarig is.

Daarnaast geldt dat in de meeste gevallen eventueel ook een beroep kan worden gedaan op het gerechtvaardigd belang (art. 8f). ‘De meeste gevallen’, omdat uiteraard elke keer een belangenafweging gemaakt dient te worden tussen het belang van de leerling en het belang van de ouders. Ouders dienen op grond van de het Burgerlijk Wetboek voor hun kinderen te zorgen, financieel zelfs tot hun kind 21 jaar is. In dat kader hebben ouders belang bij de informatie die is opgenomen in het leerlingdossier. Dit is dus breder dan enkel de informatie over de vorderingen. Als de ouders echter niet meer betrokken zijn bij de opvoeding van het kind, zal het belang van de leerling hoogstwaarschijnlijk zwaarder wegen en kan een ouder niet met een beroep op het gerechtvaardigd belang om inzage vragen in het leerlingdossier.

Aangezien privacy een zeer ruim onderwerp is, kunnen wij in dit artikel lang niet alles bespreken. Heeft u andere privacy vragen – bijvoorbeeld over de informatievoorziening aan gescheiden ouders en/of datalekken – aarzelt u dan niet contact op te nemen met de helpdesk van uw profielorganisatie.

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking tussen de juridische helpdesks van de profielorganisaties ISBO, VBS, Verus, VGS en VOS/ABB. 

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

 

 

Week van het Geld: wijzer in geldzaken!

Het is tot en met 31 maart de Week van het Geld.

Het doel van deze themaweek is om leerlingen te leren goed om te gaan met geld. ‘Door kinderen al jong te leren omgaan met geld, wordt de basis gelegd voor financiële zelfredzaamheid op volwassen leeftijd. Immers, jong geleerd is oud gedaan!’, zo vermeldt de website www.weekvanhetgeld.nl.

De Week van het Geld is een initiatief van het platform Wijzer in geldzaken, dat is opgericht door het ministerie van Financiën.

Download Week van het Geld-krant

Geld uit investeringsfonds voor duurzame scholen

Met geld uit het investeringsfonds Invest-NL wordt het mogelijk om schoolgebouwen duurzamer te maken. Dat zegt minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën in de Volkskrant.

Het kabinet maakte vrijdag bekend dat het investeringen gaat stimuleren op diverse terreinen. Daartoe wordt de investeringsinstelling Invest-NL opgericht. Daarin moet 2,5 miljard euro komen. Het fonds zal zich onder meer op verduurzaming richten.

In de Volkskrant van zaterdag gaat minister Dijsselbloem in op Invest-NL en de mogelijkheden om schoolgebouwen energiezuiniger te maken met bijvoorbeeld dakisolatie en om de ventilatie en daarmee het binnenklimaat in scholen te verbeteren.

‘Invest-NL kan dat als een project voor bijvoorbeeld honderd scholen gaan doen’, aldus Dijsselbloem.

Loyalis stuurt ten onrechte torenhoge factuur

Pas op met rekeningen van Loyalis! Deze waarschuwing volgt op een factuur van tienduizenden euro’s die Loyalis vorige maand ten onrechte naar de Stichting Openbaar Voortgezet Onderwijs in Middelharnis heeft gestuurd.

De openbare Regionale Scholengemeenschap Goeree-Overflakkee kreeg in 2014 al eens foutieve factuur van Loyalis. Het bedrag daarop was véél hoger dan verwacht.

Navraag bij Loyalis leerde dat er een fout was gemaakt. Er kwam een correctienota, maar ook die was onjuist. In plaats van 20.000 euro werd er 40.000 euro in rekening gebracht. Loyalis bood excuses aan en stuurde wederom een correctienota.

Fouten in toekomst voorkomen?

Loyalis liet destijds naar aanleiding van dit incident aan VOS/ABB weten dat een intern onderzoek was gestart om dergelijke fouten in de toekomst te voorkomen, maar het blijkt nu toch weer te zijn misgegaan.

Hoewel de school in Middelharnis het contract met Loyalis na het eerdere incident heeft opgezegd en die opzegging door Loyalis is bevestigd, is er van dit bedrijf toch weer een forse rekening binnengekomen van zegge en schrijve 41.626 euro.

Goed opletten met Loyalis!

Hoofd financiën Dick Holleman van de school in Middelharnis benadrukt dat dit een onterecht verstuurde factuur is. Hij raadt daarom iedereen aan facturen van Loyalis goed in de gaten te houden. ‘Bij mij gingen direct alle alarmflitsen aan, maar je zal maar even niet goed opletten…’, aldus Holleman.

Reactie Loyalis

Woordvoerder Guido Mennens van Loyalis laat aan VOS/ABB weten dat dit niet had mogen gebeuren en biedt namens de organisatie zijn excuses aan. Hij laat intern onderzoeken wat er is misgegaan. VOS/ABB heeft gevraagd of ook kan worden onderzocht of er wellicht meer onjuiste facturen zijn verzonden.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Boerkaverbod door Tweede Kamer

De Tweede Kamer is dinsdag akkoord gegaan met het wetsvoorstel Gedeeltelijk verbod gezichtsbedekkende kleding. Een amendement van GroenLinks om het onderwijs uit te zonderen van het zogenoemde boerkaverbod haalde het niet.

Een ruime Kamermeerderheid stemde in met het wetsvoorstel van minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties om het dragen van gezichtsbedekkende kleding in onder andere onderwijsinstellingen te verbieden. Alleen D66, GroenLinks en de Groep Kuzu/Özturk stemden tegen.

Het gaat in het wetsvoorstel niet alleen om boerka’s, maar ook om niqaabs (gezichtssluiers die alleen de ogen vrijlaten). Bovendien vallen integraalhelmen en bivakmutsen onder het voorgestelde verbod.

Boerka overschrijdt grens

Het kabinet heeft eerder gezegd te streven naar een goede balans tussen de vrijheid van mensen om kleding te dragen die bij hen past en het belang van onderlinge en herkenbare communicatie. Uitgangspunt is dat in een vrij land als Nederland iedereen het recht heeft zich naar eigen inzicht te kleden, wat anderen er ook van vinden. Die vrijheid is slechts begrensd in situaties waar het essentieel is dat men elkaar kan aankijken, omdat goede dienstverlening en/of veiligheid daar gewaarborgd moet zijn.

In mei 2015 ging de ministerraad akkoord met het voorstel van Plasterk.

Ook Marcouch voor boerkaverbod

Opmerkelijk is dat ook PvdA-Kamerlid Ahmed Marcouch voor het boerkaverbod heeft gestemd. In 2008 stelde hij als voorzitter van de stadsdeelraad Slotervaart in Amsterdam dat het dragen van een boerka in school moest kunnen. De lokale Amsterdamse krant Het Parool citeerde hem toen in een artikel over aandacht voor de islam in het openbaar onderwijs.

Lees meer...

Min/max-contract in primair onderwijs – Gezamenlijke beschouwing van helpdesks profielorganisaties

Al enige tijd werken de juridische helpdesks van de profielorganisaties ISBO, VBS, Verus, VGS en VOS/ABB intensiever met elkaar samen. De samenwerking bestaat uit het met elkaar bespreken van juridische vraagstukken die spelen in het primair en voortgezet onderwijs. Tevens informeren wij elkaar over relevante jurisprudentie en delen we ervaringen uit de juridische (dossier)praktijk van de verschillende organisaties. Met name de gezamenlijke standpuntbepaling draagt bij aan een eenduidige advisering van het totale scholenveld.
In het kader van onze intensievere samenwerking willen wij op de websites van de verschillende profielorganisaties een aantal keren per jaar een artikel plaatsen dat ingaat op actuele juridische thema’s. Onderstaand artikel over het min/max-contract in het primair onderwijs is het eerste in deze reeks. Deze bijdrage is verzorgd door juridisch adviseur René Tromp van VGS.

Per 1 juli 2016 is de door de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) gewijzigde ketenregeling, zoals bedoeld in artikel 7:668a van het Burgerlijk Wetboek, ook van toepassing op het bijzonder onderwijs. Dit leidt tot een forse inperking van de mogelijkheden tot het sluiten van arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd, hetgeen met name problemen oproept bij de organisatie van vervanging (nadere uitleg).
Voor het openbaar onderwijs geldt dat het Burgerlijk Wetboek niet van toepassing is en dat het daardoor voor wat betreft de gang van zaken rondom tijdelijke aanstellingen op de ‘oude voet’ voort kan gaan (ten minste voor zolang de Wet Normalisering Rechtspositie Ambtenaren nog niet in werking is getreden). Openbare schoolbesturen kunnen er wel voor kiezen vrijwillig de regels rondom de gewijzigde ketenbepaling en vervanging toe te passen.
Cao-partijen hebben beoogd de gevolgen van de nieuwe ketenbepaling bij cao te verzachten voor alle schoolbesturen. De introductie van het min/max-contract geldt in dit verband als een van de maatregelen. Overigens heeft de Tweede Kamer onlangs besloten dat er een verkenner moet komen die de knelpunten van de WWZ voor het onderwijs inventariseert en oplossingen formuleert. Wij zijn blij dat de problematiek van de WWZ voor het onderwijs hiermee wordt erkend en hopen op een structurele oplossing.

Wat is min/max-contract?

In het min/max-contract komen werkgever en vervanger een minimum- en een maximumaantal te werken uren per week overeen. Het minimale aantal uren per week wordt altijd uitbetaald, ook al zou er geen vervangingsarbeid zijn verricht. Dit minimumaantal uren is gesteld op 8 uur per week. Daarnaast wordt afgesproken hoeveel uur de vervanger maximaal per week oproepbaar is. Als de werkgever de vervanger oproept, is de vervanger verplicht arbeid te verrichten tot en met het maximumaantal uren per week dat is overeengekomen. Wordt de vervanger voor nog meer uren arbeid opgeroepen dan het overeengekomen maximum per week, dan is het aan de vervanger of hij deze meer-uren wil werken. Er geldt bij het min/max-contract een verhouding van maximaal 1:2,5 (bijvoorbeeld 8-20 uur of 12-30 uur). De vervanger kan voor elk vervangingswerk worden ingezet, de afwezigheidsgrond (bijvoorbeeld ziekte, verlof of studiemiddag) is daarbij niet van belang. Ook hoeft de vervanging niet noodzakelijkerwijs onvoorzien en korttijdelijk van aard te zijn. Voor de min/max-contracten is een aparte modelakte beschikbaar. Het min/max-contract kan alleen worden aangegaan met werknemers in de functiecategorie OP of met OOP’ers met les- of behandeltaken.

Min/max-contract en vervangingsbeleid

Schoolbesturen in het bijzonder onderwijs zijn op grond van de cao gehouden vervangingsbeleid op te stellen. In dit beleid wordt uiteengezet hoe vervanging binnen het schoolbestuur wordt georganiseerd. Verschillende maatregelen moeten ertoe bijdragen om de benodigde flexibiliteit in de organisatie van vervanging te borgen. Voorbeelden hiervan zijn het gebruik van reguliere benoemingen of aanstellingen voor vervanging (niet gekoppeld aan één afwezige), tijdelijke uitbreidingen, bindingscontracten en inhuur van personeel via derden. Het benoemen van min/max-contractanten is ook aan deze opsomming toe te voegen. Een min/max-contract kan worden aangegaan met onderwijsgevend personeel dan wel met onderwijsondersteunend personeel met les- of behandeltaken.

Min/max-contract en flexibiliteit

De inzet van de min/max-contractant kan grotendeels worden afgestemd op de beschikbare hoeveelheid vervangingswerk per week. In weken met veel vraag naar vervanging kan de vervanger tot het maximumaantal uren worden ingezet en eventueel voor nog meer uren als de werknemer hiermee instemt. In weken met geen of weinig vervangingsarbeid betaalt de werkgever niet meer uren uit dan het overeengekomen minimum. Kleine werkgevers kunnen eventueel min/max-contractanten benoemen en met hen afspreken dat zij eveneens gedetacheerd kunnen worden naar samenwerkende schoolbesturen. Zo worden risico’s verdergaand gedeeld.

Afspraken over beschikbaarheid

Partijen maken jaarlijks met elkaar afspraken over de beschikbaarheid van de vervanger op de verschillende dagen en dagdelen van de week. Hierbij geldt dat het overeengekomen maximum als uitgangspunt wordt genomen bij de te maken afspraken over beschikbaarheid. Komen partijen niet tot overeenstemming, dan geldt voor schoolbesturen die het basismodel hanteren, dat bij de inhoud van de beschikbaarheidsafspraken rekening wordt gehouden met de beschikbaarheidstabel uit artikel 2.11 cao. In deze tabel is de inzetbaarheid op het aantal dagen en dagdelen per week een afgeleide van de benoemingsomvang.

Min/max-contract voor onbepaalde tijd?

Een min-max contract kan alleen worden aangegaan voor bepaalde tijd en telkens voor een periode van maximaal 12 maanden. Het is dus zaak dat de aangegane overeenkomst niet een zodanige overeenkomst in de keten van eerdere arbeidsovereenkomsten vormt, dat het min/max-contract als benoeming voor onbepaalde tijd kan worden geclaimd. Dat een min-max-contract niet voor onbepaalde tijd kan worden aangegaan, roept wel vraagtekens op. In het arbeidsrecht is een min/max-contract – ook voor onbepaalde tijd – inmiddels een ingeburgerd type arbeidsovereenkomst, waarmee in veel sectoren ervaring is opgedaan. De grote vraag is of op termijn – na evaluatie van de verschillende nieuwe contracttypen voor vervanging door sociale partners – de cao een min/max-contract voor onbepaalde tijd wel toestaat.

Werkgever vrij om te bepalen wie vervangt?

In de akte van het min/max-contract wordt opgenomen voor welke scholen onder het bestuur de vervanger inzetbaar is. Wanneer er op genoemde scholen vraag ontstaat naar de inzet van vervangers, zijn deze scholen gehouden deze vervangers met voorrang op te roepen voor beschikbare vervangingsarbeid, ook wanneer de vervangingsvraag ingevuld zou kunnen worden door (parttime) collega’s die de gegeven vervangingsarbeid op basis van een tijdelijke uitbreiding voor hun rekening zouden willen nemen.

Meer betalen dan minimumaantal uren?

Dat de werkgever bij onvoldoende vervangingswerk niet meer betaalt dan het wekelijkse minimum, is uitgangspunt van het type contract. Toch is er ook sprake van een risico voor de werkgever. De loonbetalingsverplichting kan daarom op grond van artikel 7: 628 BW bij akte gedurende maximaal de eerste 6 maanden van het dienstverband worden uitgesloten. In combinatie met het feit dat het rechtsvermoeden van de arbeidsomvang gebaseerd wordt op de gemiddelde hoeveelheid arbeid verricht in de achterliggende drie maanden (7: 610 b BW), zou een werknemer die structureel meer werkt dan het minimum na zes maanden dienstverband een hoger minimum kunnen claimen. We roepen sociale partners op om nader te onderzoeken of de hier bedoelde 6-maandstermijn bij cao kan worden verlengd voor min/max-contracten tot bijvoorbeeld 12 maanden.

Wat als er geen vervanging nodig is?

Het is de bedoeling van de cao-bepaling dat het min/max-contract alleen wordt gebruikt voor de invulling van voor vervangingswerk. Indien er voor het minimumaantal uren per week geen vervangingswerk beschikbaar is, dan is het mogelijk om de werknemer ander werk te laten doen dan vervangingswerk. Men kan de werknemer met een min-max contract echter niet structureel op eigen formatie inzetten. Het is niet uitgesloten dat het inzetten van de min/max-contractant voor niet-vervangingswerkzaamheden de vergoeding van uitkeringslasten na einde dienstverband in gevaar brengt.

Min/max-contract en regulier dienstverband

Sociale partners nemen het standpunt in dat deze samenloop van een regulier contract en een min/max-contract voor vervanging niet mogelijk is.

Min/max-contract en ziekmelding

Een min/max-contractant is, als het gaat om de verplichtingen rondom re-integratie, te vergelijken met een werknemer met een regulier tijdelijk contract. De werkgever heeft dus de plicht om actief werk te maken van verzuimbegeleiding en re-integratie. Wat betreft de hoogte van de loondoorbetalingsplicht geldt dat de werknemer recht heeft op de gebruikelijke loondoorbetaling bij ziekte over het aantal minimumuren. Tevens geldt er een loondoorbetaling ten aanzien van reeds ingepland werk dat het minimum per week overstijgt. In het Reglement Vervangingsfonds is momenteel geregeld dat de kosten van een werknemer die is benoemd op een min/max-contract worden vergoed zodra deze ingezet wordt op een vervangingsbetrekking in de zin van het Reglement Vervangingsfonds. Het Reglement regelt echter niets met betrekking tot de vervanging van een min/max-contractant als deze zelf ziek wordt. Telefonische informatie hieromtrent wijst uit dat als zo’n werknemer ook daadwerkelijk is ingezet als vervanger, de kosten worden vergoed als hij ziek wordt en op zijn beurt dan dus ook weer vervangen moet worden. Als hij ziek wordt op een moment dat hij geen vervangingswerk doet, kan hij voor het minimumgedeelte van zijn benoeming waarvoor het schoolbestuur hem dan in dienst moet houden, niet worden vervangen. Het bestuur hoeft ook geen premie voor hem te betalen. Het Vervangingsfonds zal hierover nog een publicatie doen uitgaan. Indien schoolbesturen eigenrisicodrager zijn of schoolbesturen in samenwerking een alternatieve verzekeringsvorm hebben ingericht op basis van artikel 11 Reglement Vervangingsfonds (zoals dit geldt voor de bij VGS aangesloten scholen), kunnen andere declaratieregels gelden.

Min/max-contract en uitkeringslasten

Bij de beëindiging van het dienstverband met een min/max-contractant kan de werknemer onder voorwaarden in aanmerking komen voor een wettelijke werkloosheidsuitkering en een bovenwettelijke uitkering op grond van de WOPO (bijlage cao). Ongeacht de inhoudelijke reden voor beëindiging van het dienstverband, kunnen de hiermee gepaard gaande uitkeringslasten worden vergoed door het Participatiefonds (of voor een deel van de VGS-scholen: het fonds BWGS), en wel op grond van het nieuwe artikel 4.64 Reglement Participatiefonds. Voorwaarde is dan wel dat er intern voor de min/max-contractant geen herplaatsingsmogelijkheden zijn en dat vervanger bij einde dienstverband een outplacementaanbod wordt gedaan. Als het gaat om die herplaatsingsmogelijkheden, zit daar wel een pijnpunt. Een belangrijke reden voor een werkgever om een min/max-contract niet voort te zetten, zal verband houden met het voorkomen van het van rechtswege ontstaan van een (min/max-) arbeidscontract voor onbepaalde tijd. Hoewel deze reden, aldus een toelichting van het Participatiefonds, geen onderwerp is van toetsing door de fondsen, zal gegeven deze reden tot beëindiging het moeilijk te onderbouwen zijn dat er intern geen herplaatsingsmogelijkheden zijn voor de min/max-contractant. De kans is immers aanwezig dat de huidige min/max-contractant wordt vervangen door een nieuwe werknemer met een min/max-contract. Hiermee komt vergoeding van uitkeringslasten in gevaar. Het Participatiefonds ziet het huidige artikel 4:64 echter ook nog als een ‘pleisteroplossing’ voor de uitkeringslasten die het gevolg zijn van de nieuwe contractsvormen voor vervanging. Het Participatiefonds heeft laten weten nog te zoeken naar een betere afstemming van het reglement op het nieuwe min/max-contract (en bindingscontract).

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Toelichting: wettelijke veranderingen

Tot 1 juli 2016 gold op grond van de cao dat binnen een periode van 36 maanden een onbeperkt aantal tijdelijke, elkaar opeenvolgende, arbeidsovereenkomsten met een werknemer overeen gekomen kon worden. Deze situatie is per 1 juli 2016 drastisch gewijzigd: de mogelijkheden om bij cao van de wettelijke ketenbepaling af te wijken zijn sterk ingeperkt.

Op grond van het nieuwe artikel 7:668a BW mogen nog slechts drie opeenvolgende tijdelijke arbeidsovereenkomsten met een werknemer gesloten worden. De vierde opeenvolgende arbeidsovereenkomst geldt van rechtswege als aangegaan voor onbepaalde tijd. De keten van opeenvolgende arbeidsovereenkomsten wordt pas doorbroken wanneer de tussenpozen tussen de arbeidsovereenkomsten meer dan 6 maanden bedragen. Voorts geldt dat de looptijd van de elkaar opeenvolgende arbeidsovereenkomsten niet meer dan 24 maanden mag bedragen. Bij de vaststelling van de genoemde periode van 24 maanden worden de tussenpozen tussen elkaar opvolgende arbeidsovereenkomsten inbegrepen.

De wetgever heeft bepaald dat bij cao in enige mate van de ketenbepaling mag worden afgeweken. Deze uitzondering geldt alleen voor zover de intrinsieke aard van de bedrijfsvoering deze verlenging of verhoging vereist.

CAO PO 2016-2017 en de ketenbepaling

De wijziging van de ketenregeling vraagt van het onderwijs een heel andere benadering en werkwijze rondom de invulling van vervanging. De cao-partijen bij de CAO PO hebben de gevolgen van nieuwe wettelijke ketenbepaling voor de sector willen verzachten. Hiertoe zijn de volgende maatregelen genomen:

  • Oprekken wettelijke ketenbepaling voor vervangingsbetrekkingen. Voor wat betreft de keten voor vervangingsbetrekkingen is in de CAO PO een verruiming overeengekomen van het maximumaantal toegestane tijdelijke contracten van 3 naar 6, waarbij de maximale looptijd van de contracten (inclusief tussenpozen) geen 24 maar 36 maanden mag bedragen.
  • Nieuwe contractvormen. Naast de oprekking van de ketenbepaling voor vervangingsbetrekkingen zijn nieuwe contractvormen mogelijk gemaakt, die mede moeten bijdragen aan een oplossing voor de gerezen vervangingsproblematiek. Het gaat hier om de volgende contractvormen:
    – algemene vervangingsbenoemingen of -aanstellingen voor bepaalde of onbepaalde tijd, niet gekoppeld aan een met naam genoemde afwezige;
    – Min/max-contract;
    – Bindingscontract.

Leraren behouden voor Randstad erg duur

Het kost ongeveer 400.000 euro om één leraar te behouden voor het voortgezet onderwijs in de Randstad. Dat concludeert Marc van der Steeg die promotieonderzoek heeft gedaan naar onder andere het effect van een hogere inschaling van leraren in de grote steden.

De overheid investeert sinds 2009 circa 60 miljoen euro per jaar om meer leraren in de Randstad in een hogere salarisschaal te kunnen plaatsen. Dit moet de aantrekkelijkheid van het lerarenberoep in de Randstad vergroten en toekomstige personeelstekorten terugdringen.

Het extra geld heeft volgens de onderzoeker geresulteerd in 20 procentpunt meer leraren die in een hogere schaal zijn geplaatst ten opzichte van scholen buiten de Randstad. Deze hogere schaal geeft uitzicht op 17 procent meer salaris, wat overeenkomt met ruim 7000 euro bruto per jaar.

Het effect van dit beleid is volgens Van der Steeg beperkt. Het heeft geleid tot iets meer behoud van leraren voor de Randstad: circa 125 leraren per jaar op een totaal van circa 30.000. Dit komt volgens hem neer op een bedrag van circa 400 duizend euro dat nodig is om één leraar te behouden voor de Randstad.

Van der Steeg werkt voor het Centraal Planbureau (CPB), dat in 2015 al een rapport van zijn hand publiceerde over de vraag wat het effect is van een hogere beloning van leraren in de Randstad.

Najaarsbijeenkomst over onderwijshuisvesting

Op 1 december is er in Veenendaal een grote najaarsbijeenkomst voor scholen en gemeenten over de toekomst van onderwijshuisvesting. De dag is georganiseerd door Bouwstenen voor sociaal, platform voor maatschappelijk vastgoed.

Het programma van de Najaarsbijeenkomst is gericht op bestuur en beleid met betrekking tot onderwijshuisvesting. Vertegenwoordigers van scholen en gemeenten die bezig zijn met onderwijshuisvesting, kunnen hier kennis en ervaring uitwisselen en elkaar inspireren. Deelnemers kunnen kiezen uit tal van deelsessies, bijvoorbeeld over de aansturing van integrale kindvoorzieningen, de samenwerking in multifunctionele accommodaties (MFA’s) en integrale kindcentra (IKC’s) of de afspraken met gemeenten over renovatie. Maar ook zijn er sessies over onderhoudsplanning en verduurzaming van onderwijsgebouwen en er is een kennismarkt. Aan het eind van de dag wordt de samenwerkingsagenda voor scholen en gemeenten geformuleerd.

In Bouwstenen voor sociaal participeren onder meer de Vereniging Nederlandse Gemeenten, de PO Raad en Hevo, de huisvestingspartner van VOS/ABB. De Najaarsbijeenkomst wordt gehouden in De Basiliek in Veenendaal.

Meer informatie en inschrijven

Waarover wordt vaak gebeld en gemaild?

De Helpdesk van VOS/ABB maakt elke drie maanden een top 10 van actuele kwesties in het onderwijs waarover vaak wordt gebeld en gemaild. Het overzicht wordt gemaakt in samenwerking met de helpdesks van collega-organisaties.

Onderwerp 1

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lees verder…

Onderwerp 2

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lees verder…

Onderwerp 3

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lees verder…

Onderwerp 4

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lees verder…

Onderwerp 5

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lees verder…

Onderwerp 6

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lees verder…

Onderwerp 7

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lees verder…

Onderwerp 8

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lees verder…

Onderwerp 9

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lees verder…

Onderwerp 10

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lees verder…

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Onderwerp 1

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean commodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et magnis dis parturient montes, nascetur ridiculus mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat massa quis enim.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl