Leraren krijgen met voorrang woonruimte in Amsterdam

Studenten die in hun laatste jaar zitten van de pabo of de lerarenopleiding en lesgeven in Amsterdam, kunnen daar met voorrang woonruimte krijgen. 

De gemeente Amsterdam stelt dit jaar samen met woningcorporaties 100 jongerenwoningen met voorrang beschikbaar aan beginnende leraren.

Het gaat om nieuwe complexen waar ook jonge vluchtelingen en andere starters wonen. Het zijn kleine woonruimtes van 21 tot 32 vierkante meter met daarbij gedeelde woonruimtes, zoals een gezamenlijke huiskamer of wasruimte.

Lees meer…

Voorzitter VO-raad informateur in Rotterdam

Voorzitter Paul Rosenmöller van de VO-raad, die tot 2002 fractievoorzitter was van GroenLinks in de Tweede Kamer, is in Rotterdam aangesteld als informateur om een nieuw college van B en W samen te stellen. Ook oud-Tweede Kamerlid Pieter Duisenberg van de VVD is aangesteld als informateur.

De regionale zender RTV Rijnmond noemt Rosenmöller ‘een politiek zwaargewicht’ met een Rotterdamse link. Voordat hij de politiek inging, werkte hij in de Rotterdamse haven. Daar kreeg hij bekendheid als woordvoerder bij stakingen.

In 2002 was Rosenmöller fel tegenstander van Pim Fortuyn. Hij noemde diens idee om artikel 1 van de Grondwet af te schaffen ‘extreemrechts’. Na de moord op Fortuyn werd Rosenmöller thuis bedreigd. Dat was voor hem reden om de politiek te verlaten.

Sinds 2014 is Rosenmöller voorzitter van de VO-raad.

Lees meer…

Actieplan: Alle kinderen hebben recht op kansen!

De ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Jeugd en van Justitie en Veiligheid hebben het actieprogramma Zorg voor de jeugd gepresenteerd. Daarin staat onder andere dat alle kinderen recht hebben op kansen om zich te ontwikkelen.

Daarvoor is het van belang dat er flexibele onderwijs-zorgarragementen komen. In het actieprogramma staat dat samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs daarin een belangrijke taak hebben. Zij moeten zich met jeugdhulpregio’s inspannen om te komen tot ‘een meerjarig plan waarin ze aangeven hoe ze de inzet van onderwijsmiddelen en zorgmiddelen beter op elkaar afstemmen’.

Het doel is ‘dat in 2020 geen enkel kind langer dan 3 maanden thuis zit zonder een passend aanbod uit het onderwijs, de zorg, of beide’, zo staat in het actieprogramma.

Ga naar het actieprogramma Zorg voor de jeugd

 

 

Ouders ontevreden over loting in Amsterdam

In het Amsterdamse voortgezet onderwijs is het jaarlijkse lotingcircus weer begonnen. De lokale nieuwszender AT5 meldt dat sommige ouders het er niet bij laten zitten als blijkt dat hun kind niet is geplaatst op de school van hun voorkeur.

Voorafgaand aan de loting moesten Amsterdamse leerlingen en hun ouders een persoonlijke voorkeurslijst indienen. Ruim 99 procent van leerlingen kan naar een school uit hun top-5, maar er zijn volgens AT5 achtste-groepers die veel lager uitkwamen.

De lokale Amsterdamse zender belicht Louis en Sophie, die graag naar een categoraal gymnasium wilden, maar daar niet voor zijn ingeloot. ‘We staan hier voor het Barlaeus, de school waar ik eigenlijk naartoe wou’, zo citeert AT5 Louis.

Sophie vertelt dat zij tegen haar zin is ingeloot voor het Fons Vitae, een school met een niet-categoraal gymnasium. De vader van Sophie laat het er niet bij zitten: ‘Mijn dochter gaat nu naar een school waar ze helemaal niet naartoe wil.’

Lees meer…

Toeloop kennismigranten vraagt om aanpassing onderwijs

Scholen met veel kinderen van hoogopgeleide kennismigranten hebben een probleem: voor deze leerlingen is geen gewichtengeld beschikbaar, terwijl ook zij niet gewoon kunnen instappen in het reguliere onderwijs. Directeur-bestuurder Frans Cornet van Stichting Amstelwijs voor openbaar primair onderwijs in Amstelveen trekt aan de bel. ‘Deze groep leerlingen is niet in beeld bij de politiek.’

‘Ons onderwijssysteem is niet ingericht op deze situatie’, zegt Cornet in het VOS/ABB-magazine Naar School!. ‘We hebben hier te maken met nieuwe doelgroepen, die niet in de wetgeving passen. Met name de groep kennismigranten lijkt nog helemaal niet in beeld te zijn bij de politiek. Vooralsnog redden wij ons met creatieve oplossingen, maar de instroom stijgt momenteel wel erg hard. We hebben echt steun nodig.’

Kinderen kennismigranten vallen overal buiten

Omdat kennismigranten vaak hoger opgeleid zijn, vallen hun kinderen niet in de gewichtenregeling. ‘Ze passen evenmin in onze nieuwkomersklassen, die gericht zijn op vluchtelingenkinderen, voor wie Lowan-gelden beschikbaar zijn. In die nieuwkomersklassen leren de kinderen vooral Nederlands en verder is er veel aandacht voor sociaal-emotionele ontwikkeling, omdat vluchtelingenkinderen vaak traumatische ervaringen hebben. Daar passen de kinderen van kennismigranten niet tussen. Dit is een groep die buiten alle regelingen valt’, benadrukt Cornet.

Helft van de lessen in het Engels

Hij dringt niet alleen aan op financiële steun van de overheid, maar vooral ook op aanpassing van de wetgeving. ‘Ik pleit voor toestemming van de Inspectie om (…) de helft van de lessen in het Engels te mogen geven. Het zou ook mooi zijn als de eindtoets basisonderwijs in het Engels beschikbaar komt. Dan kunnen we deze kinderen het onderwijs bieden dat ze nodig hebben’, aldus Cornet in magazine Naar School!.

Lees het artikel Toeloop kennismigranten vraagt om aanpassing onderwijs.

De lokale Amsterdamse krant Het Parool heeft het nieuws uit ons magazine opgepikt. Lees meer…

Staat van het Onderwijs: prestaties onder druk

De Inspectie van het Onderwijs signaleert in het rapport De Staat van het Onderwijs 2016-2017 dat de prestaties van leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs over een breed spectrum gelijk blijven of afnemen. Ook op andere punten signaleert de inspectie punten van zorg.

De gelijkblijvende of afnemende prestaties doen zich volgens de inspectie voor bij taal, rekenen, wiskunde, cultuureducatie, natuur en techniek, bewegingsonderwijs en burgerschap. Leerlingen in andere landen doen het gemiddeld beter. Daardoor is ons land zijn internationale toppositie kwijtgeraakt.

Het niveau van de diploma’s laat volgens de inspectie alleen in het vmbo en mbo nog een stijgende lijn zien. In het vmbo neemt het aantal diploma’s in de gemengde of theoretische leerweg toe. In andere sectoren ziet de inspectie geen stijging meer. ‘Het niveau van het hoogst behaalde diploma aan het einde van de schoolloopbaan daalt zelfs iets’, zo staat in het rapport.

Een positief punt is de lage jeugdwerkloosheid in Nederland. Met een afgeronde opleiding in het mbo, het hbo of aan de universiteit hebben jongeren relatief snel een baan. Dat geldt onder andere voor jongeren die in het onderwijs willen gaan werken.

Onderwijskansen en segregatie

De voorwaarden voor gelijke kansen lijken iets te verbeteren, meldt de inspectie. ‘Er zijn meer dubbele adviezen en leerlingen klimmen vaker op binnen het voortgezet onderwijs’, zo staat in het rapport. Toch blijft kansenongelijkheid bestaan, want te zien is aan het feit dat vooral leerlingen in het praktijkonderwijs en beroepsgerichte opleidingen laagopgeleide ouders hebben en vwo’ers vooral hoogopgeleide ouders.

Wat de segregatie betreft, signaleert de inspectie dat die vooral groot is in het basisonderwijs. Het gaat hierbij met name om segregatie naar opleidings- en inkomensniveau van de ouders en minder om etnische segregatie. In het rapport staat verder dat scholen met een bijzonder onderwijsconcept en scholen op religieuze basis bijdragen aan segregatie.

Kwaliteitszorg, autonomie en sturing

De inspectie verbindt de gelijkblijvende en deels afnemende prestaties van leerlingen met de maatschappelijke opdracht aan het onderwijs die steeds meer onder druk staat. ‘Ondanks het grote aantal goede scholen (…) lukt het niet de kwaliteit van het onderwijs voor alle leerlingen (…) te verbeteren’, zo staat in het rapport. Er wordt hierbij een verband gelegd met de autonomie van de scholen, die niet altijd zou worden benut.

Ook noemt de inspectie de hoge werkdruk die in het onderwijs wordt ervaren, het gebrek aan gekwalificeerd personeel op sommige scholen, de discussies over onvoldoende verantwoording en toegenomen tegenstellingen. Andere aspecten die mogelijk negatieve invloed hebben, zijn onvoldoende aandacht voor kwaliteitszorg en verschillende opvattingen over wat goede onderwijskwaliteit inhoudt.

De inspectie ziet ook dat doelen en werkwijzen van gemeentelijke, regionale en landelijke samenwerkingsverbanden of netwerken aanzienlijk van elkaar kunnen verschillen. Veel van deze verbanden en netwerken hebben volgens de inspectie maar weinig doorzettingsmacht. Bovendien ontbreekt het meestal aan tegenkracht en aan consensus over verwachte resultaten.

Download De Staat van het Onderwijs 2016-2017

Interviewtjes met deelnemers

Aan het begin van het congres in de DeFabrique in Utrecht waar het rapport werd gepresenteerd, hield de inspectie korte interviewtjes met deelnemers. Onder anderen directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB werd gevraagd wat hem naar het congres bracht.

‘De Staat van het Onderwijs maakt duidelijk waar we staan. De bevindingen van de Inspectie van het Onderwijs zijn niet altijd positief. Dat is best lastig voor de mensen in het veld, want zij werken enorm hard. Het spanningsveld tussen de wetgeving van de overheid ten aanzien van onderwijs en de autonomie van scholen bijvoorbeeld, vind ik een interessant thema’, aldus Teegelbeckers.

Hij voegde daaraan toe dat het niet alleen belangrijk is om pijnpunten te constateren, maar vooral ook om daar wat mee te doen. ‘Ik ben heel benieuwd naar trends die de inspectie vandaag nader toelicht en hoop dat de verdieping die alle bezoekers hier krijgen, helpen om het onderwijs in Nederland voortdurend te verbeteren.’

Lees meer…

‘Bonus voor leraren in achterstandswijken’

Leraren van basisscholen in achterstandswijken moeten een bonus krijgen. Daarvoor pleiten schoolbesturen in Rotterdam.

De besturen, waaronder die voor openbaar onderwijs in Rotterdam, hebben een manifest voor de Rotterdamse gemeenteraad opgesteld. Daarin staat dat leraren van basisscholen in achterstandswijken meer moeten verdienen dan leraren van ‘niks-aan-de-hand-scholen’.

‘Wij merken dat het moeilijk wordt om genoeg leraren te vinden en dat dit nóg moeilijker is op scholen waar de kinderen ze het hardst nodig hebben. Daarom vinden wij dat de beloning omhoog moet, daar waar het werk het meest uitdagend is’, zegt bestuurder Ton Groot Zwaaftink van de Rotterdamse Vereniging voor Katholiek Onderwijs (RVKO), die ook namens de collegabesturen het woord voert, in het Algemeen Dagblad.

Lees meer…

Edudelta onder vlag openbaar onderwijs Middelharnis

De openbare Regionale scholengemeenschap Goeree-Overflakkee in Middelharnis (RGO) verzekert het voortbestaan van het voortgezet onderwijs van het Edudelta College in die plaats en het naastgelegen Sommelsdijk.

RGO meldt dat er afspraken zijn gemaakt met de Christelijke Scholengemeenschap Prins Maurits (CSG Prins Maurits) in Middelharnis, de gemeente Goeree-Overflakkee en Edudelta College om het onderwijsaanbod op de huidige locaties voort te zetten. De lessen zullen worden verzorgd door de eigen Edudelta-docenten. Bovendien gaat de nieuwbouw van de Beroepscampus in Middelharnis door zoals gepland.

De openbare scholengemeenschap meldt dat het van grote waarde is dat Edudelta onder de vlag van de RGO verder zal gaan. ‘De RGO zoekt al langer naar een natuurlijke samenwerkingspartner om het onderwijs in de volle breedte te kunnen verzorgen. Edudelta is dan een logische keus. Een vmbo-school met een mooie geschiedenis en een prachtige toekomst. Bovendien heeft Edudelta de afgelopen jaren laten zien dat zij kwaliteit kan bieden. We zijn er trots op dat de RGO op deze manier het voortbestaan van Edudelta kan garanderen’, zo staat op de website van RGO.

Krimp nekte Edudelta

Begin vorige maand meldde onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer dat Edudelta per 1 augustus 2018 zou stoppen met het aanbieden van onderwijs. De minister meldde toen dat de organisatie kampte ‘met sterk teruglopende deelnemersaantallen’ waardoor de financiële situatie onhoudbaar was geworden.

Een eerdere poging om tot een fusie te komen met de Lentiz Onderwijsgroep mislukte. Dat had onder andere te maken met hoge transitiekosten en het afkopen van een derivaat bij de Rabobank, waarvoor het ministerie van OCW niet wilde opdraaien. Slob koos daarom voor een alternatief scenario, waarin Edudelta failliet zou gaan en andere scholen de leerlingen zouden overnemen.

Eerder werd bekend dat de groene vmbo-opleiding van Edudelta in Goes is overgenomen door het openbare Goese Lyceum. De mbo-opleiding in die stad valt per 1 augustus 2018 onder Scalda. Voor de mbo-opleidingen van Edudelta in Middelharnis en Barendrecht wordt nog naar een oplossing gezocht.

Experiment zelfstandige dorpsschool niet uitgebreid

Het experiment met de zelfstandige openbare dorpsschool Jan Ligthart in het Groningse Westerbroek wordt niet uitgebreid, meldt onderwijsminister Arie Slob in antwoord op Kamervragen over de sluiting van twee basisschooltjes in het Gelderse Lathum en Spijk.

De Tweede Kamerleden Michel Rog (CDA) en Kirsten van den Hul (PvdA) hadden de minister gevraagd om het experiment uit te breiden om de protestants-christelijke Ds. Jonkerschool in Lathum en de rooms-katholieke Willibrordusschool in Spijk te redden, maar daar gaat Slob niet in mee.

‘Dit experiment is gestart in augustus 2017 en loopt vijf jaar, dus tot 2022. In een brief van mijn voorganger is uw Kamer geïnformeerd dat gedurende deze vijf jaar het experiment niet wordt uitgebreid, omdat het van belang is om eerst de resultaten op de Jan Ligthartschool te monitoren’, aldus de minister.

Hij merkt in zijn brief op dat het experiment in Westerbroek niet bedoeld is om scholen open te houden, ‘maar om een onderwijsconcept te toetsen’. Over het besluitvormingsproces om de twee Gelderse dorpsschooltjes te sluiten, meldt Slob dat hij erop vertrouwt dat de betreffende schoolbesturen dat zorgvuldig hebben doorlopen.

Bouwadviseurs willen af van normbedragen VNG

De kwaliteit van onderwijshuisvesting moet leidend zijn en niet de normbedragen van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Dat benadrukt het Platform Onderwijs Huisvesting, waarin verschillende bouwadviesbureaus zijn verenigd.

‘Normkosten zetten bestuurders op het verkeerde been en leiden niet tot kwaliteit’, stelt het platform, dat daarmee reageert op het advies van de VNG aan de gemeenten om de normbedragen voor nieuwbouw met 40 procent te verhogen.

Het bezwaar is volgens het platform dat gemeenten er ten onrechte van uit zouden kunnen gaan dat het marktconforme bedragen zijn voor de minimale kwaliteitseisen in het bouwbesluit.

‘Als brancheorganisatie hadden wij gehoopt dat de VNG zou besluiten de normkosten te verlaten vanuit de overweging om de kwaliteit van huisvesting voor nu en in de toekomst leidend te maken’, aldus het Platform Onderwijs Huisvesting.

Lees meer…

VNG verhoogt normbedragen nieuwbouw met 40%

De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) adviseert gemeenten om de normbedragen voor de nieuwbouw van scholen eenmalig te verhogen met 40 procent.

‘De reden hiervoor is dat de jaarlijkse indexering van de normbedragen over de afgelopen jaren de werkelijke prijsontwikkelingen in de markt niet goed blijkt te hebben gevolgd, aldus de VNG. De normbedragen worden geacht voldoende te zijn voor sobere en doelmatige schoolgebouwen die voldoen aan de eisen van het Bouwbesluit.

De VNG meldt verder dat de correctie per 2019 wordt verwerkt in de modelverordening Voorzieningen huisvesting onderwijs.

Blij met hogere normbedragen

De PO-Raad reageert verheugd op het advies van de VNG. ‘Het heeft even geduurd, maar hier zijn we natuurlijk ontzettend blij mee’, zegt vicevoorzitter Anko van Hoepen van de sectororganisatie. ‘Met de nieuwe normvergoeding wordt het eindelijk mogelijk om aan die wettelijke minimumeisen te kunnen voldoen.’

Ook de VO-raad is blij. ‘De normbedragen liepen al jaren ver achter bij de werkelijkheid van de bouwmarkt. Dat wordt nu rechtgetrokken, wat gesprekken tussen scholen en gemeenten over nieuwbouw aanzienlijk zal vergemakkelijken. Waarschijnlijk zal het op termijn ook tot hogere investeringen in scholenbouw leiden, aldus de VO-raad.

PO in Actie maakt 1 aprilgrap over demo op Curaçao

De onderwijsvakbond PO in Actie heeft een 1 aprilgrap gemaakt door een demonstratie aan te kondigen voor hogere lerarensalarissen in het Caribische deel van Nederland. Op zondag 1 april (Pasen) zouden de voormannen Thijs Roovers, Jan van de Ven en Paul de Brouwer meedoen aan een demonstratie op Curaçao, maar dat was dus allemaal bedoeld als grap.

PO in Actie meldde op Twitter dat de nood in het onderwijs in het hele Koninkrijk der Nederlanden hoog is, maar dat is onderdeel van de grap. De nieuwe vakbond meldde ook dat de voormannen Thijs Roovers, Jan van de Ven en Paul de Bouwer naar Curaçao zouden gaan ‘om ook onze collega’s daar een hart onder de riem te steken’, maar dat gaan ze dus helemaal niet doen.

Thijs Roovers meldde later dat hij zondag gewoon paaseieren gaat zoeken in zijn woonplaats Amsterdam.

Peutervoorziening moet kansengelijkheid bevorderen

Er moet één peutervoorziening komen voor alle kinderen van 2,5 tot 4 jaar om kansengelijkheid te bevorderen. Dat vinden de PO-Raad, de Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang (BMK), de Brancheorganisatie Kinderopvang, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en Sociaal Werk Nederland, meldt Trouw. In een opiniestuk in die krant lichten voorzitter Rinda den Besten van de PO-Raad en haar collega Sharon Gesthuizen van de BMK het plan toe.

Zij vinden het niet goed dat peuters met verschillende sociaal-economische achtergronden van elkaar gescheiden worden:  ‘Sommige peuters gaan naar de kinderopvang in de buurt, andere peuters naar een voorschool een buurt verderop. En sommige peuters gaan helemaal nergens naartoe’, zo schrijven zij. De voordelen van één peutervoorziening is volgens hen onder meer dat kinderen van jongs af aan samen opgroeien.

Advies peutervoorziening

Het plan voor één peutervoorziening borduurt voort op het advies Tijd om door te pakken in de samenwerking tussen onderwijs en kinderopvang van de Taskforce samenwerking onderwijs en kinderopvang. In dat advies staat dat alle peuters samen moeten kunnen opgroeien en zich ook samen moeten kunnen ontwikkelen.

Lees meer…

Radioprogramma Kwesties over segregatie Rotterdam

Het debatprogramma Kwesties op Radio 1 heeft zondagavond aandacht besteed aan de segregatie in het voortgezet onderwijs in Rotterdam-Zuid.

‘Elke ochtend gaan 1800 leerlingen van Rotterdam-Zuid de brug over naar Noord om daar naar de middelbare school te gaan. Deze kinderen komen vooral uit welvarende en hoogopgeleide gezinnen. Er is sprake van segregatie. Vooral bij de vmbo’s in Zuid bestaat de scheiding tussen witte en zwarte scholen’, zo meldt Kwesties.

Om de segregatie aan te pakken, is onlangs een convenant gesloten met de gemeente Rotterdam en drie schoolbesturen in de die stad. Hierin zijn plannen vastgelegd om de stroom leerlingen over de brug naar Noord te stoppen en de klassenongelijkheid in Rotterdam-Zuid tegen te gaan.

Luister het programma terug

Reporter Radio over slechte ventilatie in scholen

Het Radio 1-programma Reporter Radio heeft zondagavond aandacht besteed aan slechte mechanische ventilatie in nieuwe schoolgebouwen en gezondheidsklachten die daarvan het gevolg kunnen zijn.

‘Vaak is het in de winter te koud en in de zomer veel te heet. Soms heeft de gemeente tonnen geïnvesteerd om het probleem te verhelpen, maar heeft dat in de praktijk tot weinig resultaat geleid’, zo meldt het radioprogramma.

Luister het programma terug

Voortgangsrapportage passend onderwijs komt in juni

Onderwijsminister Arie Slob komt niet eerder dan in juni met de volgende voortgangsrapportage passend onderwijs. Dat meldt hij per brief aan de Tweede Kamer.

In de voortgangsrapportage zal hij ingaan op ‘onderwerpen en trajecten waarover op dit moment overleg plaatsvindt met het veld, besluitvorming plaatsvindt of onderzoek wordt uitgevoerd’. Deze trajecten zullen volgens hem niet eerder dan eind mei tot resultaat leiden. ‘Ik kan uw Kamer dan ook pas begin juni inhoudelijk op de hoogte stellen van de uitkomsten hiervan’, zo meldt de minister.

Het gaat onder andere over de uitkomst van de financiering van zorg in onderwijstijd, de mogelijkheden voor maatwerk, het intern toezicht bij samenwerkingsverbanden en de eerste resultaten van het onderzoek naar regionale verschillen in basisondersteuning.

Lees meer…

VVD wint Scholierenverkiezingen

De VVD is met 19 procent van de stemmen de winnaar van de Scholierenverkiezingen. De lokale partijen (17 procent) en GroenLinks (17 procent) scoorden ook hoog. D66 eindigde als vierde (15 procent).

Opmerkelijk is dat Forum voor Democratie van Thierry Baudet, van wie vaak wordt gezegd dat hij populair is onder jongeren, slechts 0,15 procent van de stemmen haalde. De anti-islamitische PVV van Geert Wilders behaalde 4,1 procent en tegenpool DENK van de Turks-Nederlandse Kamerleden Tunahan Kuzu en Selçuk Öztürk 0,87 procent.

De Scholierenverkiezingen werden gehouden voorafgaand aan de gemeenteraadsverkiezingen op 21 maart. In totaal stemden meer dan 28.000 jongeren van 101 scholen in het voortgezet onderwijs en het mbo.

Lees meer…

Bestuur en raad van toezicht weg, scholen weer open

De drie basisscholen van vereniging Het Nut Geldrop zijn weer open. De leraren die zich massaal ziek hadden gemeld vanwege een hoogopgelopen intern conflict, zijn weer aan het werk nu bekend is dat de raad van toezicht en de omstreden interim-bestuurder het veld ruimen, meldt Omroep Brabant.

Bijna alle leraren van de basisscholen De Regenboog, Beneden Beekloop en De Ganzebloem in Geldrop meldden zich zondag ziek. Zij eisten het vertrek van de raad van toezicht en de kort geleden aangestelde interim-bestuurder Mieke van den Broek.

Van den Broek stuurde vervolgens een brief naar alle leraren die zich hadden gemeld. Daarin wees zij hen erop dat ze weer aan het werk moesten en dat ze ontslagen konden worden als ze dat niet zouden doen.

‘Indien jullie onverhoopt toch besluiten om het werk ook na deze oproep niet op te pakken, dan is die werkweigering zoals het ook in de cao staat omschreven een reden om ernstigere consequenties hieraan te verbinden, zoals een directe beëindiging van het dienstverband’, zo citeerde Omroep Brabant uit haar brief.

Het conflict in Geldrop escaleerde na het wegsturen van interim-directeuren Ed Knies en Theo van Iperen. Zij zouden in het hoogopgelopen interne conflict ten onrechte partij voor het personeel hebben gekozen. Na het besluit van de raad van toezicht en de interim-bestuurder om terug te treden, zijn de interim-directeuren teruggekeerd.

Omroep Brabant had maandag onderstaand gesprek met de inmiddels voormalige interim-bestuurder Mieke van den Broek:

Financiële impuls voor beter onderwijs Rotterdam-Zuid

Het kabinet trekt 130 miljoen euro uit voor verbeteringen in Rotterdam Zuid, onder meer op het gebied van onderwijs. De gemeente Rotterdam wil dit verdubbelen tot 260 miljoen.

In het regeerakkoord staat dat de leefbaarheid in de verschillende regio’s moet worden versterkt. Rotterdam-Zuid is een van de projecten die zijn genoemd.

Het bedrag van 130 miljoen en de intentie van de gemeente Rotterdam om dit te verdubbelen werden bekendgemaakt tijdens een bijeenkomst in openbare basisschool Nelson Mandela in de Afrikaanderwijk. Daar waren onder anderen de minister Kajsa Ollongren en Carola Schouten en de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb aanwezig.

Het geld is onder andere bedoeld om onderwijsachterstanden tegen te gaan. De financiële impuls staat in het kader van het Nationaal Programma Rotterdam Zuid, dat in 2011 werd gelanceerd.

Lees meer…

 

‘Geld voor maatschappelijke diensttijd naar leraren’

GroenLinks wil dat het kabinet de 100 miljoen euro per jaar die het heeft vrijgemaakt voor de invoering van de maatschappelijke diensttijd naar de leraren gaat.

GroenLinks-Tweede Kamerlid Lisa Westerveld zegt dat haar partij niet tegen de maatschappelijke diensttijd is, maar dat het verhogen van de lerarensalarissen en het verlagen van de werkdruk in het onderwijs urgenter zijn. ‘We moeten prioriteiten stellen’, aldus Westerveld, die het idee lanceert op de dag waarop in de provincies Noord-Holland, Utrecht en Flevoland leraren uit het primair onderwijs staken.

Bijdrage leveren aan samenleving

De maatschappelijke diensttijd van maximaal 6 maanden is een idee van het kabinet ‘om jongeren in staat te stellen een bijdrage te leveren aan onze samenleving’, zo staat in het regeerakkoord. De diensttijd zou moeten worden opgezet door maatschappelijke organisaties, gemeenten en provincies.

In het regeerakkoord staat dat er een budget voor beschikbaar is dat oploopt tot 100 miljoen euro per jaar.

Budget onderwijsachterstandenbeleid moet omhoog

Het budget voor het onderwijsachterstandenbeleid moet terug naar het niveau van 2011. Dat vindt de PO-Raad.

De sectororganisatie wijst erop dat de afgelopen ongeveer 40 procent van het achterstandsbudget weglekte (150 miljoen euro), doordat alleen het opleidingsniveau van ouders bepaalde of een kind ervoor in aanmerking kwam. ‘Het opleidingsniveau steeg, maar de achterstanden bleven. Gevolg: scholen moesten met steeds minder middelen achterstanden van kinderen te lijf gaan’, zo meldt de PO-Raad.

Het probleem waar de scholen mee te kampen hebben, dreigt nu door een nieuwe verdeelsystematiek nog groter te worden. Voorzitter Rinda den Besten van de PO-Raad: ‘Dat betekent voor sommige scholen dat ze in één klap 20 procent minder budget ontvangen. Speciale activiteiten en voorzieningen zoals vve, weekend- en zomerscholen zullen daardoor verschralen of verdwijnen.’

De PO-Raad pleit daarom voor het herstellen van het budget naar het niveau van 2011, vóórdat de nieuwe verdeelsystematiek wordt ingevoerd.

De sectororganisatie heeft hierover een brief aan de Tweede Kamer geschreven.

Kleinescholentoeslag gaat omhoog

Met ingang van het schooljaar 2018-2019 wordt de kleinescholentoeslag met 10 miljoen euro verhoogd en vanaf het schooljaar 2019-2020 komt er structureel 20 miljoen euro per jaar meer beschikbaar. Dat meldt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

Slob meldt dat het kabinet de kleine scholen wil ondersteunen ‘omdat ze een heel belangrijke rol spelen in de leefbaarheid van lokale gemeenschappen’.

Kleinescholentoeslag varieert

Vooral de kleinste scholen met maximaal 50 leerlingen krijgen meer geld. Zij krijgen er vanaf 2019-2020 een bedrag van 20.000 euro per jaar bij. Voor scholen met 51 tot en met 75 leerlingen gaat de toeslag vanaf datzelfde jaar met 15.000 euro per jaar omhoog. Scholen met 76 tot en met 100 leerlingen krijgen dan 10.000 euro per jaar extra.

De kleinescholentoeslag voor ‘grotere’ kleine scholen gaat met kleinere bedragen omhoog. Scholen met 101 tot en met 125 leerlingen krijgen 5000 euro per jaar meer en scholen met 126 tot en met 143 leerlingen kunnen dan rekenen op 500 euro per jaar extra.

De kleinescholentoeslag loopt mee in de lumpsumbekostiging. Het is dus aan de school om te bepalen hoe de toeslag wordt ingezet.

De verhoging van de kleinescholentoeslag was al aangekondigd in het regeerakkoord.

Lees meer…

Scholen in problemen door terugvordering gewichtengeld

‘De leerlingen van nu mogen niet de dupe worden van de onhandig ingestoken en ondoorzichtige regeling voor gewichtengeld’, benadrukt directeur Marco Janssen van openbare basisschool ’t Startblok in Cuijk.

Janssen heeft een brief geschreven aan Tweede Kamerlid Lisa Westerveld van GroenLinks naar aanleiding van de terugvordering van volgens het ministerie van OCW te veel uitgekeerd ‘gewichtengeld’ voor het tegengaan van onderwijsachterstanden.

Met zijn brief laat hij zien dat het niet aan de scholen, maar aan de onwerkbare gewichtenregeling ligt dat er te veel geld is uitgekeerd. Nu het ministerie van OCW dat gaat terugvorderen, komen de scholen, waaronder obs ’t Startblok, volgens hem in de problemen.

‘Recentelijk werd ons duidelijk dat (…) we een bedrag van maar liefst 198.590 euro moeten terugbetalen. Er wordt ook nog verwacht dat dit voor 1 mei gebeurt.  Dit zijn 3 fulltime leerkrachten. Moet ik die dan ontslaan?’, aldus Janssen.

Veel werk en duur bureau

Hij wijst er ook op dat de controles op de leerlinggewichten zijn school veel werk hebben gekost. Bovendien is er, zo benadrukt hij, veel geld gaan zitten in de inzet door het ministerie van OCW van ‘een duur bureau dat de werkzaamheden van de administratie, directie en leerkrachten (gezamenlijk ongeveer 100 uren werk) nog eens dunnetjes over kwam doen’.

‘De bedragen die uitgegeven zijn aan dit commerciële bedrijf zouden zo maar ten goede hebben kunnen komen aan de tekorten die in het basisonderwijs zichtbaar zijn. Op welke manier dragen deze controles bij aan de kwaliteit van het onderwijs?’, zo vraagt Janssen zich in zijn brief aan de Tweede Kamer af.

Eerlijke inzet gewichtengeld

Aanvullend benadrukt de directeur uit Cuijk tegenover VOS/ABB dat hij altijd te goeder trouw handelt en meewerkt aan een zo eerlijk mogelijke inzet van gewichtengeld.

‘Als ik had kunnen bevroeden dat ik deze middelen ooit terug zou moeten betalen, had ik ze nooit ingezet. Nu wordt een volgend cohort kinderen er de dupe van. Dat risico kan en mag ik, als directeur van een school die letterlijk en figuurlijk op de kleintjes moet letten, gewoonweg niet nemen’, aldus Janssen.

Amsterdam voor leraren te duur, te ver of te stads

Leraren kunnen het niet betalen in Amsterdam te wonen. Mede daardoor loopt het tekort aan leraren uit de hand, meldt Trouw.

Uit cijfers van het ministerie van OCW blijkt volgens de krant dat het basisonderwijs in Amsterdam in het jaar 2022 een tekort zal zijn van naar verwachting 525 docenten. In Rotterdam zal dat aantal 370 bedragen en in Utrecht 139.

Het grote lerarentekort in Amsterdam zou te maken hebben met de hoge huizenprijzen in de hoofdstad. ‘Huizenprijzen zijn zo hoog, dat kopen al bijna geen optie meer is voor een basisschooldocent. Zelfs huren is al erg moeilijk geworden’, zegt woordvoerder Grada Huis van de vereniging van Amsterdamse schoolbesturen.

Buiten Amsterdam wonen

Forensen tussen Amsterdam en een van de omliggende gemeentes zou voor beginnende leraren ook geen optie zijn, omdat de reiskosten een te grote hap uit het startsalaris van een basisschooldocent zouden zijn.

‘Bovendien wil lang niet iedereen werken in een grote stad, met alle problemen die je op een school in de stad kunt tegenkomen’, aldus Huis.

Lees meer…

‘Op school mag seksuele geaardheid geen taboe zijn’

Leerlingen moeten helemaal vrij zijn om in de klas over hun seksuele geaardheid te praten. Dat benadrukt minister Ingrid van Engelshoven van OCW in de Gaykrant.

Ze vindt het belangrijk dat er voor het onderwijs verschillende programma’s zijn om de vrijheid te bevorderen van alle leerlingen om openlijk voor hun geaardheid uit te komen.

‘Dat moet. Je ziet dat nog steeds veel jongeren in geestelijke nood komen omdat ze niet uit kunnen komen voor wat ze zijn’, aldus Van Engelshoven. De minister noemt in dit kader onder andere het belang van burgerschapsonderwijs.

Lees meer…