De zij-instroom in het praktijkonderwijs neemt sterk toe. Leerlingen komen steeds vaker later binnen vanuit het vmbo, het voortgezet speciaal onderwijs (vso) en de internationale schakelklassen (isk). Dat blijkt uit de Staat van het Praktijkonderwijs 2026.  

Voor scholen en besturen verandert dit de dagelijkseonderwijspraktijk merkbaar. Zij-instromers brengen uiteenlopende ondersteuningsvragen mee, wat extra begeleiding en differentiatie vraagt en invloed heeft op de groepsdynamiek. 

Foto: DigiDaan

Signaal uit de praktijk
Voor VOS/ABB onderstrepen deze ontwikkelingen hoe belangrijk signalen uit de praktijk zijn. Scholen laten zien waar grenzen worden bereikt. Die ervaringen zijn van belang om randvoorwaarden en beleid beter te laten aansluiten op de dagelijkse onderwijspraktijk. 

Werkdruk neemt verder toe
De groeiende instroom vertaalt zich direct in hogere werkdruk. 96 procent van de docenten in het praktijkonderwijs geeft aan dat deze is toegenomen. In combinatie met relatief hoge cijfers voor ziekteverzuim en personeelstekorten zet dit de organisatie van het praktijkonderwijs onder druk. 

Voor schoolbesturen raakt dit aan de kern: hoe organiseer je passende ondersteuning, houd je het werk uitvoerbaar en borg je de onderwijskwaliteit? 

Groei binnen vaste kaders
Het aantal leerlingen groeit snel en nadert de grens van de beschikbare bekostiging, doordat het praktijkonderwijs met een budgetplafond werkt. Daarmee neemt de spanning toe tussen de ondersteuningsvraag en de beschikbare middelen. 

Meer informatie
Lees hier meer over de Staat van het Praktijkonderwijs 2026.  

Deel dit bericht: