De inspectie past per 1 augustus 2026 haar toezicht op het primair onderwijs aan. Hoofdvestigingen, erkende nevenvestigingen en zelfstandig werkende dislocaties die onder hetzelfde BRIN-nummer vallen, krijgen voortaan één oordeel, één toezichtsarrangement en één inspectierapport.
Toezicht in lijn met de wet
Met de wijziging brengt de inspectie haar toezichtpraktijk in lijn met de wettelijke situatie. Nevenvestigingen en dislocaties zijn juridisch onderdeel van één school en er bestaat geen wettelijke grondslag voor een afzonderlijk eindoordeel over deze locaties.
De inspectie blijft alle locaties bezoeken en onderzoeken, maar beoordeelt de school als geheel. Voor nieuwkomersonderwijs en internationaal georiënteerd basisonderwijs blijft een uitzonderinggelden; deze voorzieningen worden afzonderlijk beoordeeld.
Schoolweging op instellingsniveau
Vanaf augustus 2026 wordt de schoolweging bepaalt op basis van alle leerlingen die op de instelling ingeschreven staan. De inspectie stopt met het berekenen van aparte schoolwegingen voor zelfstandige dislocaties en erkende nevenvestigingen, met uitzondering van het nieuwkomersonderwijs en het internationaal georiënteerd basisonderwijs.
Overgangsregeling voor scholen met oordeel Onvoldoende of Zeer zwak per 1 augustus 2026
Vanaf augustus 2026 geldt een overgangsregeling voor hoofdvestigingen, erkende nevenvestigingen en zelfstandig werkende dislocaties die door de inspectie worden beoordeeld met het oordeel Onvoldoende of Zeer zwak.
Voor deze locaties blijft de inspectie de beoordeling afzonderlijk uitvoeren. De overgangsregeling blijft van kracht totdat de betreffende locatie het eindoordeel Voldoende heeft behaald én het bijbehorende vervolgtoezicht volledig is afgerond.
Dit betekent dat herstelopdrachten voor erkende nevenvestigingen en zelfstandig werkende dislocaties van kracht blijven na 1 augustus.
Bij vragen over deze overgangsregeling of de praktische gevolgen hiervan kunnen instellingen contact opnemen met VOS/ABB voor nadere toelichting en ondersteuning.
Relatie met stelselherziening
De wijziging staat niet op zichzelf. Het ministerie van OCW werkt momenteel aan een stelselherziening van de instandhouding van basisscholen. Daarbij wordt ook gekeken naar de positie van dislocaties en nevenvestigingen die in de praktijk soms als zelfstandige school functioneren, maar formeel onderdeel zijn van een andere school.
De inspectie stelt dat voor afzonderlijke oordelen over dergelijke locaties geen wettelijke grondslag bestaat.
Naar verwachting maakt OCW voor de zomer meer bekend over de stelselherziening. In de plannen wordt onder meer uitgegaan van vervanging van de kleine scholentoeslag door een dunbevolktheidstoeslag en van aanpassing van de regels rond instandhouding. Deze wijzigingen kunnen gevolgen hebben voor ongeveer 500 basisscholen.
Geen actie nodig van schoolbesturen
Voor schoolbesturen verandert op dit moment alleen de wijze waarop de inspectie toezicht houdt en rapporteert. De organisatie en inrichting van nevenvestigingen en dislocaties blijven ongewijzigd.
Contact en juridische vragen
Voor vragen over de gevolgen van deze wijziging voor de positie of mogelijke verzelfstandiging van nevenvestigingen of dislocaties kunnen schoolbesturen contact opnemen met de onderwijsjuristen van VOS/ABB.
Meer informatie: Geen afzonderlijk oordeel meer voor dislocaties en erkende nevenvestigingen in het primair onderwijs | Inspectie van het onderwijs