Demissionair onderwijsminister Arie Slob (ChristenUnie) komt niet terug in het volgende kabinet. Hij verlaat de landelijke politiek. Dat heeft hij bekendgemaakt op de website van de ChristenUnie.

‘Aan alle mooie dingen komt een einde’, aldus Slob, die zijn politieke carrière in 1993 begon in de gemeenteraad van Zwolle. In 2001 werd hij lid van de Tweede Kamer, waar hij van 2011 tot 2015 partijleider van de ChristenUnie was. In 2017 werd hij minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media. ‘De uitdagen waren groot’, zegt hij over deze periode. ‘En die werden door corona alleen nog maar groter. We hebben veel bereikt, maar tegelijkertijd was het soms loodzwaar. Ik heb er alle vertrouwen in dat de ChristenUnie in het nieuwe kabinet met nieuwe energie verdergaat’.

Vrijheid van schoolkeuze

Terugkijkend op zijn bewindsperiode zegt Slob dat hij het meest trots is op het wetsvoorstel waardoor leerlingen in praktijkonderwijs en speciaal onderwijs voortaan officieel een diploma krijgen. Verder zegt hij zich te hebben ingezet voor ‘de vrijheid van ouders om een school te kiezen voor hun kinderen die aansluit bij hun opvoeding’. Daarmee doelt hij op de Wet meer ruimte voor nieuwe scholen die op 1 augustus van dit jaar van kracht werd. VOS/ABB heeft altijd gewaarschuwd dat deze nieuwe wet zou leiden tot meer segregatie door een verdere verzuiling van het onderwijs en het ontstaan van ‘hokjesscholen’. Binnen drie maanden na de inwerkingtreding waren al 56 aanvragen voor bekostiging van nieuwe scholen ingediend, waaronder tien islamitische basisscholen (bovenop de huidige 54) en vijf islamitische middelbare scholen (waarvan er nu in Nederland twee zijn).