Pensioenen onderwijs in 2017 niet omlaag

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) gaat dit jaar niet over tot een verlaging van de pensioenen. 

Volgens het ABP volgt uit uit een eerste berekening van de dekkingsgraad dat de pensioenen in 2017 niet omlaag hoeven. De precieze dekkingsgraad wordt eind deze maand bekend, maar het is nu al zeker dat een pensioenverlaging niet aan de orde is.

Tegelijkertijd meldt het fonds dat een verhoging van de pensioenen er de komende jaren waarschijnlijk niet inzit. Het is zelfs mogelijk dat er op den duur toch moet worden verlaagd, afhankelijk van de renteontwikkelingen en de rendementen op de beurs.

Premie pensioenen omhoog

Afgelopen november maakte het ABP bekend de premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen in 2017 met 2,3 procentpunt te verhogen van 18,8 naar 21,1 procent. Het fonds noemde dat toen ‘een eerste stap op weg naar een structureel hogere premie’. In april 2016 was er ook al een premieopslag van 17,8 naar 18,8 procent.

Kort na de bekendmaking van de premieopslag kwam het bericht dat het kabinet in 2017 geld beschikbaar stelt om de de hogere premie te compenseren, omdat anders de arbeidsvoorwaarden in onder andere het primair en voortgezet onderwijs financieel in het gedrang komen.

Kabinet compenseert premiestijging ABP

De ministerraad heeft besloten in 2017 extra geld beschikbaar te stellen voor de arbeidsvoorwaarden bij onder andere onderwijswerkgevers. Aanleiding is de door het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) vastgestelde verhoging van de pensioenpremie volgend jaar.

Het kabinet constateert dat de premiestijging in combinatie met reeds overeengekomen loonstijgingen bij het onderwijs tot zorg heeft geleid en voor budgettaire problemen zorgt. Door nu reeds de loonruimte 2017 inclusief extra middelen vast te stellen, worden deze problemen voorkomen.

Met deze bijstelling is een bedrag van 330 miljoen euro gemoeid. Hiermee is volgens het kabinet een loonstijging van gemiddeld 1 procent in onder andere het primair en voortgezet onderwijs gedekt en wordt voorkomen dat er op de salarissen van leraren bezuinigd moet worden.

De precieze invulling van de dekking zal in de voorjaarsnota 2017 plaatsvinden.

ABP-premie stijgt fors, pensioen nóg duurder

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) verhoogt in 2017 de premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen met 2,3 procentpunt van 18,8 naar 21,1 procent. Het ABP noemt het ‘een eerste stap op weg naar een structureel hogere premie’. Het betreft onder andere de onderwijspensioenen.

Op basis van de verhouding 70/30 gaat de werkgever 14,77 procent betalen en de werknemer (deelnemer) 6,33 procent.

Voor een deelnemer met een maandinkomen van 3500 euro bruto betekent de verhoging van de premie in 2017 dat hij per maand ongeveer 11 euro netto meer betaalt. De werkgever gaat op basis van hetzelfde inkomen 25,60 euro per maand meer betalen.

De belangrijkste redenen voor de forse premiestijging zijn de lage rente en het lagere verwachte rendement in de komende jaren. Ook het feit dat we gemiddeld steeds ouder worden heeft volgens het ABP een verhogend effect op de premie.

In april jongstleden was er ook al een premieopslag van 17,8 naar 18,8 procent. De verhoging per 1 januari 2017 noemt het ABP ‘een eerste stap op weg naar een structureel hogere premie’.

Dekking cao’s aangetast

De premieverhoging in 2017 zal ten koste gaan van een deel van de dekking van de cao’s voor het primair respectievelijk voortgezet onderwijs. In deze cao’s is hier immers geen rekening mee gehouden.

De premiestijging van het ABP zal er ook toe leiden dat er minder onderhandelruimte zal zijn voor de onderwijs-cao’s vanaf oktober 2017. Er is dan immers minder budget beschikbaar.

ABP kan niet indexeren

Door de huidige financiële situatie kan het ABP de pensioenen in 2017 niet verhogen met de prijsontwikkeling. Daarvoor is de beleidsdekkingsgraad van 92,0 procent op 31 oktober 2016 bij lange na niet hoog genoeg. Om te kunnen indexeren moet de beleidsdekkingsgraad namelijk minimaal 110 procent zijn.

Lees meer…

Lage rente bedreigt pensioenen

De kans dat de pensioenen in 2017 worden verlaagd, is nog steeds aanwezig en dat komt door de lage rente. Dat meldt ABP, het pensioenfonds voor overheid en onderwijs. 

In de eerste drie kwartalen is de dekkingsgraad van ABP stabiel gebleven: net boven de 90 procent. Als dat zo blijft, hoeven de pensioenuitkeringen niet verlaagd te worden. Maar dan mag de rende niet verder dalen en moeten er bovendien goede rendementen blijven komen op de beleggingen. ‘De komende maanden worden dus spannend’, zegt bestuursvoorzitter Corien Wortman-Kool van het ABP vandaag op de eigen website.

Amper herstel
Ze reageert daarmee op berichten in onder meer De Volkskrant over een dreigende pensioenkorting voor honderdduizenden Nederlanders, omdat de dekkingsgraden van pensioenfondsen amper herstellen. Er worden weliswaar goede rendementen geboekt op de beleggingen, maar die zijn niet voldoende door de lage rente en de voorgeschreven rekenmethodiek, waarover de fondsen al langer klagen.

Op zijn vroegst 2e helft 2017
ABP verwacht bij het volgende kwartaalbericht, eind januari 2017, te kunnen aangeven of een verlaging van het pensioen inderdaad nodig zal zijn. Naar verwachting zal een eventuele verlaging op zijn vroegst in de tweede helft van 2017 worden doorgevoerd. Daarnaast schat Wortman in dat ABP de komende vijf jaar het pensioen niet of nauwelijks kan verhogen.

Meer informatie

Haat-liefdeverhouding met collectief ABP-pensioen

Mensen uit het onderwijs geven hun pensioen een onvoldoende. Toch willen ze het houden zoals het is, namelijk als collectief stelsel. Dat blijkt uit een enquête van de website Ambtenarensalaris.nl.

Met gemiddeld een 5,7 hebben docenten al geen hoge pet op van hun salaris. Zij noemen daarbij vooral de verantwoordelijkheid en werkdruk die niet in verhouding staan tot wat zij maandelijks op hun rekening gestort krijgen.

Het pensioen scoort met een 5,3 nog lager. Toch geeft bijna de helft aan hun pensioen te willen laten zoals het nu is, namelijk via een collectief pensioenstelsel. Daarbij maakt het niet uit dat het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) de pensioenen mogelijk gaat korten.

Lees meer…

Hogere ABP-premie mag onderwijs niet aantasten

Een stijging van de pensioenpremie bij het ABP mag nooit ten koste gaan van het onderwijs. Dat benadrukt de PO-Raad.

Het ziet ernaar uit dat het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds, dat onder andere de onderwijspensioenen beheert, de premie fors zal moeten verhogen. Dat heeft te maken met de almaar dalende rente en niet al te rooskleurige resultaten op de beurs.

Als de ABP-premie fors omhoog gaat, heeft dat direct gevolgen voor de financiële positie van de schoolbesturen. De sectororganisatie van het primair onderwijs vindt dat het kabinet moet garanderen dat de stijgende pensioenkosten geen gevolgen zullen hebben voor het onderwijs.

Lees meer…

Compensatie voor hogere herstelopslag ABP

Het kabinet heeft de ophoging van de herstelopslag van de premie van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) gecompenseerd. Dat blijkt uit de nieuwe Regeling bekostiging personeel PO 2015–2016 en aanpassing bedragen voor ondersteuning van leerlingen in het PO en VO 2015–2016.

De ophoging van de herstelopslag van de ABP-premie leidde ertoe dat een deel van de dekking van het loonruimteakkoord wegviel. Voor 2016 heeft het kabinet dat rechtgetrokken, zo blijkt uit de toelichting bij de regeling:

Tevens is éénmalig een bijdrage in het kader van de herstelopslag over de maanden april tot en met december voor het relevante deel van het schooljaar (april tot en met juli) in de prijzen opgenomen.

Dit komt neer op een verhoging van de gemiddelde personeelslast van circa 0,18 procent in vergelijking met de vorige publicatie.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Onderwijspensioenen in 2017 mogelijk omlaag

De dekkingsgraad van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) was eind juni met 90,6 procent vrijwel gelijk aan de dekkingsgraad aan het einde van het vorige kwartaal.

‘We hebben onze dekkingsgraad vrij stabiel kunnen houden. Dat komt vooral door goede beleggingsresultaten, zowel voor als na de uitslag van het Britse referendum. De gevolgen van de Brexit-uitslag waren aan het eind van het tweede kwartaal beperkt’, aldus ABP-bestuursvoorzitter Corien Wortmann-Kool.

Zij voegt hiereraan toe dat verlaging van pensioen in 2017 een ‘reële mogelijkheid’ blijft. Het ABP beheert onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

Brexit zet onderwijspensioenen verder onder druk

Het besluit van een meerderheid van de Britten om uit de Europese Unie te stappen, tast de dekkingsgraad van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) verder aan. Naar verwachting zal de brexit negatieve gevolgen hebben voor de beleggingen van het ABP. Bovendien wordt verwacht dat de al lange tijd extreem lage rente verder gaat dalen. 

Het ABP verzorgt onder andere de onderwijspensioenen. De hoogte daarvan is afhankelijk van wat de beleggingen van het pensioenfonds opleveren en de hoogte van de rente. Nu er op beide vlakken sprake is van zwaar weer, is het de vraag of de onderwijspensioenen op termijn moeten worden verlaagd.

In april liet het ABP weten in de gevarenzone te verkeren. Voorzitter Corien Wortmann-Kool van het fonds zei toen dat een verlaging van de pensioenen in 2017 ‘nadrukkelijk aanwezig blijft’. De brexit vergroot dit risico.

Roken blijft bijdragen bij aan onderwijspensioenen

Roken op school is zo langzamerhand not done, maar de onderwijspensioenen worden nog steeds mede gevoed door beleggingen van het ABP in de tabaksindustrie. Voorzitter Corien Wortmann-Kool van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds vindt dat oké. Ze zegt dat het fonds gewoon in de tabakssector blijft investeren.

De Stichting Rookpreventie Jeugd sprak van Wortmann-Kool en hoofd beleggingen Jeroen Schreur over de vraag of het voor ABP nog wel maatschappelijk geaccepteerd is om in de tabaksindustrie te investeren.

Roken is legaal

Wortmann-Kool vindt van wel: ‘Roken is legaal en of iemand besluit te roken of niet is een eigen keuze. Er zijn ook mensen die overlijden aan autorijden. Moeten we dan maar niet beleggen in de autoindustrie?’

De ABP-voorzitter benadrukt dat het pensioenfonds de belangen van 2,8 miljoen deelnemers behartigt en dat die een goed pensioen en dus een goed rendement willen.

Schreur stelt dat beleggingen in de tabaksindustrie bijdragen aan het rendement. Als het ABP uit deze sector stapt, betekent dat volgens hem dat de pensioenen omlaag gaan.

Duurzaam en verantwoord beleggen

Afgelopen najaar maakte het ABP bekend meer verantwoord te gaan beleggen. Wortmann-Kool zei toen dat het bij het ABP meer draait ‘om de bewuste keuze voor duurzame en verantwoorde beleggingen‘.

Lees meer…

ABP in gevarenzone, mogelijk verlaging pensioenen

Het ABP verkeert nog steeds in de gevarenzone. Dit betekent dat de kans op een verlaging van onder andere de onderwijspensioenen in 2017 ‘nadrukkelijk aanwezig blijft’, aldus voorzitter Corien Wortmann-Kool van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds.

De financiële positie van ABP blijft zorgelijk. De actuele dekkingsgraad was eind maart 90,4 procent. Dat is nét boven de kritische grens van ongeveer 90 procent die eind december bepaalt of de pensioenen in 2017 omlaag moeten.

ABP kon al niet indexeren

Wortmann-Kool zegt dat een verlaging in 2017 vervelend zou zijn, ‘zeker omdat we de pensioenen de afgelopen jaren niet hebben kunnen indexeren’.

De lage dekkingsgraad is een gevolg van de extreem lage rente in combinatie met tegenvallende resultaten op de beurs.

Lees meer…

Dekkingsgraad ABP gezakt naar 88 procent

De dekkingsgraad van Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) is eind februari verder gedaald tot 88,2 procent. Als de situatie niet verbetert voor het einde van het jaar, moet het ABP de pensioenen in 2017 verlagen.

De daling van de dekkingsgraad is in één maand tijd van 91,2 naar 88,2 procent is het gevolg van de verdere daling van de al lange tijd extreem lage rente. Onlangs verlaagde de Europese Centrale Bank (ECB) in een poging de economie aan te zwengelen het belangrijkste rentetarief in de eurozone tot 0 procent.

Het ABP besluit aan het einde van dit jaar of de pensioenen verlaagd moeten worden. De actuele dekkingsgraad van eind december is bepalend.

Het ABP beheert als grootste pensioenfonds van Nederland onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

Verlaging pensioenen steeds waarschijnlijker

Het besluit van de Europese Centrale Bank (ECB) om het belangrijkste rentetarief in de eurozone te verlagen van 0,05 naar 0 procent, brengt een mogelijke verlaging van de pensioenen dichterbij.

President Mario Draghi van de ECB maakte donderdag een pakket aan maatregelen bekend om in de eurozone weer een zekere mate van inflatie te realiseren. Nu is de inflatie 0,2 procent, en dat zit angstig dicht tegen deflatie aan. Deflatie heeft een remmende werking op de economie, die nu al minder groeit dan verwacht.

Een van de maatregelen is een verlaging van de rente naar 0 procent. Dat is slecht voor de pensioenfondsen. Hoe lager de rente, des te minder rendement.

Onderwijspensioenen
Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP), dat onder andere de onderwijspensioenen beheert, zit door de aanhoudend lage rente en de kwakkelende beurs al lange tijd in zwaar weer. ABP-voorzitter Corien Wortmann-Kool zei onlangs dat de dekkingsgraad van het ABP inmiddels is gezakt naar ongeveer 90 procent.

Een ‘goed-weer-scenario’ zit er volgens haar ook op de lange termijn niet meer in, zei ze in een interview met de Telegraaf. ‘En de kans dat we opschuiven richting het slechtere scenario de komende jaren, die is er’, aldus Wortmann-Kool.

Lees meer…

Dekkingsgraad ABP zakt verder weg

De dekkingsgraad van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds is eind februari gezakt naar 90 procent. Dat zegt ABP-voorzitter Corien Wortmann-Kool in de Telegraaf.

De lage dekkingsgraad is het gevolg van de extreem lage rente in combinatie met de kwakkelende aandelenbeurzen. Daar heeft niet alleen het ABP last van, maar alle pensioenfondsen.

Ondanks de verder gedaalde dekkingsgraad, probeert Wortmann-Kool in de krant van wakker Nederland nog wat optimisme uit te stralen. ‘Men vraagt zich af: Krijg ik mijn inleg nog wel terug? Nou dat hebben we uitgerekend voor een dertigjarige en die krijgt vier keer zijn inleg terug, in een gemiddeld toekomstscenario.’ Maar als het tegenzit, erkent ze, kan dat ook drie keer of zelfs maar twee keer zijn.

Het ‘goed-weer-scenario’ zit er volgens haar ook op de lange termijn niet meer in. ‘En de kans dat we opschuiven richting het slechtere scenario de komende jaren, die is er’, aldus Wortmann-Kool in de Telegraaf.

Het ABP is het grootste pensioenfonds van Nederland. Het beheert onder andere de onderwijspensioenen.

Kabinet compenseert premieopslag ABP

Het kabinet compenseert de pensioen-premieopslag die het ABP per 1 april van dit jaar doorvoert, zo heeft de ministerraad afgelopen vrijdag besloten. De sectorraden in het onderwijs hadden hierom gevraagd, omdat de onverwachte premiestijging een integrale uitvoering van het loonruimteakkoord onmogelijk maakte.

Afgelopen zomer was in die loonruimte-overeenkomst een loonsverhoging afgesproken van 5,05%. Voorwaarde daarbij was dat er geen premie-opslagen zouden worden geheven. Eind januari besloot het ABP-bestuur echter alsnog om per 1 april een premieopslag van 1% te heffen. Hiermee kwam de loonsverhoging voor 2016 in gevaar. Met het kabinetsbesluit deze premieopslag te compenseren, is een belangrijk struikelblok in het cao-overleg weggenomen.

Nieuwe cao’s
Voorafgaand aan het besluit tot premieopslag per 1 april is de pensioenpremie per 1 januari van dit jaar op 17,8% (in plaats van de verwachte 17,4%) uitgekomen. Dit verschil is het gevolg van de renteontwikkeling en de uitkomst van grondslagenonderzoek (waarbij er onder andere een inschatting wordt gemaakt van de levensverwachting). Dit resulteert in een tekort van ongeveer 0,15% van de loonsom, dat niet door het kabinet gecompenseerd wordt. Paul Rosenmöller, voorzitter van de VO-raad, kan hier wel mee leven. ‘Het gaat er nu om een keer met een nieuwe cao te komen. Als cao-partijen een budgettair neutrale oplossing vinden voor de extra kosten van de transitievergoeding, staat niets een cao-resultaat in de weg’, aldus Rosenmöller.

Dat laatste probleem speelt ook in het primair onderwijs, maar daar ligt nog een andere kwestie die eveneens te maken heeft de Wet werk en zekerheid: het ketenbeding waardoor het vervangen van zieke leerkrachten complexer wordt. Met de bonden wordt gesproken over de mogelijkheden om in de cao flexibele inzet van vervangers op te nemen.

Dinsdag 16 februari wordt het overleg voor de cao VO hervat. De PO-Raad hoopt in de loop van maart duidelijkheid te geven over de uitkomst van de gesprekken met de vakbonden.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Verlaging onderwijspensioenen mogelijk in 2017

De kans wordt steeds groter dat het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) in 2017 onder andere de onderwijspensioenen moet gaan verlagen.

Het ABP meldt dat zijn financiële positie ook in het laatste kwartaal van 2015 verslechterd. De actuele dekkingsgraad ging weliswaar omhoog naar 97,2 procent, maar de beleidsdekkingsgraad daalde met 1 procentpunt naar 98,7 procent. ‘Een verlaging van de pensioenen in 2016 is niet aan de orde, maar de kans dat we de pensioenen in 2017 moeten verlagen wordt wel groter’, aldus ABP-voorzitter Corien Wortmann-Kool.

De problemen bij het ABP hangen samen met de lage rente en onrust op de wereldwijde financiële markten. Vorig jaar verloor het ABP op de beurs tientallen miljarden euro’s. Toen relativeerde het pensioenfonds de problemen: ‘ABP is als langetermijnbelegger gericht op het behalen van een goed en stabiel rendement door de jaren heen. Over de afgelopen 20 jaar heeft ABP een gemiddeld rendement behaald van ongeveer 7% op jaarbasis.’

Lees meer…

ABP-premie in april met 1% omhoog

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) voert naar verwachting een opslag op de pensioenpremie in van 1% per 1 april 2016.

De opslag is volgens het ABP nodig, omdat de financiële positie van het pensioenfonds eind december niet voldoende was. Een verlaging van de pensioenen, dat het ABP als laatste redmiddel ziet, is nu niet aan de orde.

De totale premie voor ouderdoms- en nabestaandenpensioen komt bij ABP per 1 april uit op 18,8%. De premieopslag geldt in principe voor vijf jaar. Het bestuur van het ABP stelt de opslag definitief vast na advies van het verantwoordingsorgaan op 28 januari.

Het ABP beheert als grootste pensioenfonds van Nederland onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

ABP-premie omlaag, pensioenen blijven op nullijn

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) heeft de pensioenpremie voor 2016 vastgesteld op 17,8 procent. De huidige premie is 19,6 procent. Door de huidige financiële situatie kan het ABP de (opgebouwde) pensioenen in 2016 niet verhogen.

Het ABP-bestuur tekent hierbij wel aan dat er mogelijk vanaf 1 april 2016 een premieopslag moet worden ingevoerd. De hoogte van de dekkingsgraad op 31 december 2015 is daarvoor bepalend. In januari 2016 bepaalt het ABP-bestuur of die opslag er komt.

Het ABP beheert onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

ABP houdt de moed erin ondanks verlies van 28 miljard

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) bevestigt dat in het derde kwartaal van dit jaar het beschikbare vermogen met 28 miljard euro is gedaald ten opzichte van het eerste kwartaal. Dat komt door de lage rente en door beleggingsverliezen op de beurs. De daling van het beschikbare vermogen met 28 miljard naar 345 miljard euro werd afgelopen weekend al gemeld door RTL Z.  

Het grootste pensioenfonds van Nederland, dat onder andere de onderwijspensioenen beheert, houdt de moed erin ondanks het grote verlies in het derde kwartaal. Het meldt dat het in de eerste negen maanden van 2015 een positief rendement behaalde van 0,8 procent, wat neerkomt op 2,9 miljard euro.

‘ABP is als langetermijnbelegger gericht op het behalen van een goed en stabiel rendement door de jaren heen. Over de afgelopen 20 jaar heeft ABP een gemiddeld rendement behaald van ongeveer 7% op jaarbasis’, zo meldt het fonds op zijn website.

Lees meer…

ABP ziet op de beurs 28 miljard verdampen

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP), dat onder andere de onderwijspensioenen beheert, heeft in zes maanden tijd op de beurs 28 miljard euro verloren, meldt RTL Z.

Het verlies komt door de lage aandelenkoersen in het tweede en derde kwartaal van dit jaar. Mensen die in het onderwijs hebben gewerkt en nu een ABP-pensioen hebben, hoeven zich volgens RTL Z niet direct zorgen te maken. Het ABP zou nog voldoende geld in kas hebben. Maar het is wel mogelijk dat het ABP volgend jaar de pensioenen moet verlagen, omdat de dekkingsgraad structureel te laag is.

Sociale partners eisen van kabinet premiecompensatie

Als het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) de pensioenpremie verhoogt, moet het kabinet dat compenseren. Dat eisen de sociale partners in de onderwijssector.

In een brief aan het kabinet van onder andere de PO-Raad en VO-raad staat dat het ABP aan de vooravond staat van een eventuele verhoging van de pensioenpremie.

Als de premie omhoog gaat, wordt het onderwijs voor ‘zeer grote problemen’ gesteld, omdat er ook is afgesproken dat de lonen in het onderwijs omhoog gaan. Dat laatste zou deels moeten worden betaald door de pensioenpremie te verlagen, maar ‘het tegenovergestelde dreigt nu dus: een premieverhoging’.

‘Alles overziende is er slechts één oplossing, mocht het tot een stijging van de pensioenpremie begin 2016 komen, en dat is dat het kabinet de daarmee gemoeide kosten voor zijn rekening neemt’, zo staat in de brief.

Duurzamer beleggen voor onderwijspensioenen

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) wil meer verantwoord beleggen. Bestuursvoorzitter Corien Wortmann-Kool zegt dat het bij het ABP meer draait ‘om de bewuste keuze voor duurzame en verantwoorde beleggingen’.

De komende vijf jaar zullen alle ruim 4000 bedrijven waarvan ABP aandelen of obligaties bezit, opnieuw moeten ‘solliciteren’ naar een plek in de beleggingsportefeuille.

‘Daarbij letten we er niet alleen op of ze zorgen voor een goed rendement tegen redelijke kosten en risico’s. We beoordelen bij de ‘sollicitatie’ meteen of bedrijven voldoende aandacht hebben voor duurzaamheid en verantwoord ondernemen’, zo staat op de website van het ABP.

Het ABP beheert onder andere de onderwijspensioenen.

Lees meer…

PartnerPlusPensioen van ABP wordt opgeheven

De ABP-regeling voor PartnerPlusPensioen (PPP) wordt opgeheven per 1 januari 2016. Dit heeft gevolgen voor werknemer en werkgever.

Aanleiding voor de opheffing van het PPP is dat het ABP Partnerpensioen wordt gewijzigd. Dit Partnerpensioen, dat bij overlijden van de pensioengerechtigde op of na het 67e jaar het nabestaandenpensioen voor de partner vormt, wordt per 1 januari voor alle ABP-deelnemers verhoogd. Iedereen bouwt voortaan via het Partnerpensioen een nabestaandenpensioen van 70% op. Door deze nieuwe algemene regeling is er geen fiscale ruimte meer voor het ABP PartnerPlusPensioen (PPP). Inleggen hiervoor kan per 1 januari dus niet meer. Alle deelnemers zullen voor 1 januari een brief ontvangen van ABP.

Toelichting
Vanaf 2004 bouwen werknemers minder Partnerpensioen op namelijk ongeveer 35%. Werknemers konden ervoor kiezen om dit aan te vullen tot 70% met het PPP.

De opbouw van Partnerpensioen is voor sommige werknemers per 2015 omhoog gegaan van 35% naar 70% van het ouderdomspensioen, voor andere werknemers is het Partnerpensioen in 2015 verhoogd van 35% naar 50% en zal de opbouw in 2016 verder worden verhoogd naar 70%. Dit is als volgt geregeld:

*  Is het pensioengevend salaris van een werknemer lager dan € 29.418,72, dan verhoogt ABP het Partnerpensioen (dat bij overlijden voor/na 67 jaar wordt uitgekeerd) vanaf 2015 van 35% naar 70%. Hierdoor is er geen fiscale ruimte meer voor de opbouw van het PPP.

*  Is het pensioengevend salaris van uw werknemer hoger dan€ 29.418,72, dan verhoogt ABP het Partnerpensioen (dat bij overlijden voor/na 67 jaar wordt uitgekeerd), vanaf 1-1-2015 van ongeveer 35% naar 50%. Hierdoor is er minder fiscale ruimte voor de opbouw van het PPP bij overlijden vanaf 67 jaar. Vanaf 2016 verhoogt ABP het Partnerpensioen bij overlijden vanaf 67 jaar verder naar 70%. Daardoor is er vanaf 2016 geen fiscale ruimte meer voor de opbouw van het PPP en vervalt het product.

Die verhoging van het Partnerpensioen naar 70% geldt niet voor alle diensttijd. Dat houdt  in dat de werknemers die niet hebben gekozen voor het PPP over de jaren 2004 tot en met 2014 resp. 2015 een ‘gat’ hebben in hun nabestaandenpensioen. Voor die jaren hebben zij namelijk geen 70% opgebouwd maar 35%.  De premies die voor het PPP zijn betaald zijn ons inziens dus niet tevergeefs geweest. Daardoor bent u over die jaren in beginsel ook verzekerd van een nabestaandenpensioen van 70% van het ouderdomspensioen dat u heeft opgebouwd.

Wat betekent dit voor werkgevers?
Vanaf 1 januari 2016 is het niet meer mogelijk PPP aan te leveren in de maandelijkse pensioenaangifte ABP. Er hoeft ook geen premie meer voor te worden afgedragen. Werkgevers wordt gevraagd de gegevensaanlevering en afdracht van de premie voor PPP met ingang van 1 januari 2016 stop te zetten.

Wat betekent dit voor werknemers?
Alle deelnemers zullen voor 1 januari  een brief ontvangen van ABP met een nadere uitleg.

 

Hogere rente laat dekkingsgraad ABP stijgen

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) meldt dat zijn financiële positie in het tweede kwartaal is verbeterd. Dat komt door een rentestijging.

Door de stijging van de rente is de actuele dekkingsgraad gestegen naar 103,9 procent, maar de zogenoemde beleidsdekkingsgraad is in het tweede kwartaal met 1,3 procentpunt gedaald naar 101,3 procent. De beleidsdekkingsgraad laat een ander beeld zien, doordat deze een gemiddelde is over de laatste 12 maanden, meldt het ABP.

Op 30 juni heeft het ABP bij de toezichthouder De Nederlandsche Bank een nieuw herstelplan ingediend. Hierin staat hoe het fonds in 12 jaar tijd zijn financiële situatie probeert te herstellen. Het is de bedoeling dat de dekkingsgraad in 2026 op 128 procent ligt.

Het ABP beheert onder andere de onderwijspensioenen.

Lagere premie leidt tot versobering pensioenopbouw

Het centrale cao-onderhandelaarsakkoord dat vertegenwoordigers van overheidswerkgevers en vakcentrales hebben gesloten, leidt tot een lagere pensioenpremie en dus tot een versobering van de pensioenopbouw. Dat meldt het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP), dat onder andere de onderwijspensioenen beheert.

Het ABP kan nog niet aangeven in hoeverre de pensioenopbouw minder wordt. Het fonds maakt nog berekeningen, waarin ook de nieuwe rekenrente wordt meegenomen die De Nederlandsche Bank vanaf 15 juli hanteert. Die nieuwe – verlaagde – rekenrente leidt bij het ABP tot een daling van de actuele dekkingsgraad met ongeveer 1,9 procent.

Lees meer…