Nog geen nieuwe CAO PO: oude blijft geldig

De cao voor het primair onderwijs verloopt per 1 maart, maar er is nog geen zicht op een nieuw akkoord. Daarom blijft de huidige cao voorlopig gelden.

De huidige cao is op 1 augustus 2018 ingegaan. Toen werd bewust gekozen voor een korte looptijd. Er was op dat moment extra geld gekomen om de salarissen van leraren te verhogen, en dat wilden de sociale partners direct regelen in de cao. Maar de onderhandelaars wilden meer budget om de salarissen in primair en voortgezet onderwijs gelijk te trekken. Ze hoopten dit nu te kunnen regelen, maar dat extra geld is er (nog) niet gekomen. Ook wordt er nog onderhandeld over de positie en beloning van schoolleiders.

Aandacht voor schoolleiders

Schoolleiders bleken ontevreden over de afspraken die in de huidige cao zijn gemaakt over hun beloning. Met hen wordt nu gesproken over nieuwe functieomschrijvingen. Dat geldt ook voor het onderwijsondersteunend personeel. De sociale partners melden dat de onderhandelingen constructief verlopen, maar meer tijd vergen.

Intussen dringen de sociale partners nog steeds bij de Tweede Kamer aan op extra investeringen om de salarissen in primair en voortgezet onderwijs gelijk te kunnen trekken. Daarover is op 24 januari een gezamenlijke brief gestuurd.

Wervingscampagne lerarentekort

De sociale partners hebben de Tweede Kamer in hun brief ook geattendeerd op het lerarentekort en gevraagd om een gezamenlijke wervingscampagne voor leraren, schoolleiders en overig personeel. Op deze brief is nog geen antwoord gekomen.

De vakbonden kondigen een actieweek aan met een landelijke onderwijsstaking op 15 maart in Den Haag.

 

 

Extra geld voor voortgezet onderwijs vluchtelingen

Er komt 500 miljoen euro extra beschikbaar voor de opvang van vluchtelingen. Daarvan is 16 miljoen bestemd voor voortgezet onderwijs. Het geld gaat naar gemeenten die vluchtelingen met een verblijfsvergunning huisvesten.

Dit is de uitkomst van overleg tussen het kabinet en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Het extra geld is specifiek bedoeld voor een ‘sluitende aanpak’ voor vluchtelingen met een verblijfsvergunning. Deze mensen moeten zo snel mogelijk ‘zelfstandig, volwaardig en gezond’ aan het werk kunnen, naar school gaan of op een andere manier een bijdrage leveren aan de Nederlandse samenleving, bijvoorbeeld via vrijwilligerswerk. Daarom wordt vooral ingezet op taal en werk. Zo wordt onder meer de ‘voorinburgering’ in asielzoekerscentra geïntensiveerd met meer uren taalonderwijs en cursussen over de Nederlandse samenleving en arbeidsmarkt.

Schoolgebouwen
De 16 miljoen euro voor voortgezet onderwijs is specifiek bestemd voor de inrichting van (tijdelijke) huisvesting. Het primair onderwijs krijgt daarvoor in dit akkoord geen geld, omdat hiervoor al een regeling bestaat, die wordt uitgevoerd door het COA (Centraal Orgaan opvang Asielzoekers). Het voortgezet onderwijs (vo) kent een dergelijke regeling niet; vo-huisvesting wordt betaald uit het gemeentefonds. Daarom krijgt deze nu een injectie. De regeling is tijdelijk en geldt met terugwerkende kracht vanaf augustus 2015 tot 1 augustus 2017. Gemeenten moeten met dit budget zorgen voor passende leslocaties voor asielzoekers tot 18 jaar, die ongeacht hun verblijfsstatus recht op onderwijs hebben.Daarbij wordt uitgegaan van zoveel ‘bundeling van jongeren uit verschillende gemeenten op een centrale locatie’.

In het Uitwerkingsakkoord Verhoogde Asielinstroom wordt verder geld uitgetrokken voor integratie en participatie door werk of vrijwilligerswerk, gezondheidsbevordering en maatschappelijke begeleiding. Eerder was al 135 miljoen euro beschikbaar gesteld voor taal- en schakelklassen.

 

 

Extra geld voor onderwijs is er, zegt D66

In het onlangs gesloten begrotingsakkoord heeft het kabinet toegezegd 650 miljoen euro extra uit te trekken voor onderwijs. Het is volgens NRC Handelsblad alleen nog niet duidelijk waar dit geld vandaan moet komen. Onderwijswoordvoerder Paul van Meenen van D66 in de Tweede Kamer twittert aan VOS/ABB dat de berichtgeving in de krant onjuist is. Hij legt uit dat het kabinet geen ongedekte cheque heeft uitgeschreven, zoals op grond van de berichten in de media kan worden geconcludeerd.

Het extra geld voor onderwijs was een eis van D66, de oppositiepartij die samen met de ChristenUnie en de SGP met het kabinet bleef onderhandelen over het begrotingsakkoord. NRC Handelsblad meldt echter dat er nog geen dekking voor is gevonden. Volgens Van Meenen is het krantenbericht onjuist. Hij twitters aan VOS/ABB dat voor 2014 het geld uit onderuitputting over 2013 komt. ‘Voor 2015 en volgende jaren is er structurele dekking’, aldus Van Meenen.

RTL Nieuws meldt naar aanleiding van het bericht van NRC Handelsblad dat een woordvoerder van het ministerie van Financiën het bevestigt. Maar er zou volgens die woordvoerder nu niet ineens een groot financieel probleem zijn. ‘Waarschijnlijk wordt dit deels of helemaal gedekt door geld dat aan het eind van het jaar overblijft’, zo staat op de website van RTL Nieuws. Dit komt dus overeen met wat Van Meenen bedoelt met ‘onderuitputting’.

Mocht bovenstaand scenario irreëel blijken, dan zou door de toezegging van het kabinet het begrotingstekort 0,1 procentpunt oplopen naar 3,3 procent. Strikt genomen mag dat niet van Brussel, maar de Europese Commissie heeft Nederland een jaar uitstel gegeven om het begrotingstekort terug te dringen tot maximaal 3 procent van het bruto binnenlands product.