AIVD wilde geen discussie over vrijheid van onderwijs

De waarschuwing van de geheime dienst AIVD voor het omstreden Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam was niet bedoeld om een discussie los te maken over de vrijheid van onderwijs, zegt AIVD-directeur Dick Schoof in de Volkskrant.

In januari verstuurde de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) een ambtsbericht, waarin het Cornelius Haga Lyceum werd geassocieerd met salafisme en terrorisme. In maart kwam de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) met een samenvatting van dat bericht. Daarin stond dat er sprake was van ‘richtinggevende personen’ die zich zouden omringen met ‘salafistische aanjagers’. Ook zou er sprake zijn van antidemocratische standpunten.

De informatie die via de AIVD en NCTV naar buiten kwam, was voor burgemeester Femke Halsema (GroenLinks) en onderwijswethouder Marjolein Moorman (PvdA) van Amsterdam aanleiding om niet meer met het bestuur van de school te willen samenwerken. Moorman riep ouders op om het bestuur aan de kant te zetten, maar aan die oproep werd geen gehoor gegeven.

De opstelling van de gemeente Amsterdam was voor directeur-bestuurder Söner Atasoy reden om Halsema uit te maken voor ‘domme gans’. Volgens hem is zijn school ten onrechte in verband gebracht met extremistisch gedachtegoed en terrorisme.

Artikel 23 vrijheid van onderwijs

De waarschuwing tegen het Cornelius Haga Lyceum leidde tot een discussie over de houdbaarheid van artikel 23 in de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. Zo schreef historicus Gert Jan Geling in Trouw een opiniestuk, waarin hij stelde dat de situatie op het Cornelius Haga Lyceum aantoont dat artikel 23 onderwijs mogelijk maakt dat we in Nederland niet willen.

‘Zolang we een grondwetsartikel hebben dat dit soort scholen de vrijheid geeft om zich te vestigen, blijft het proberen dit tegen te gaan onbegonnen werk. We kunnen dan wel zeggen ‘dit willen we niet’, maar dankzij de Grondwet mag het uiteindelijk gewoon wel, en moeten gemeenten, en de Rijksoverheid, zich in de gekste bochten wringen om de oprichting en verspreiding van dergelijke salafistische scholen te voorkomen’, aldus Geling.

Tweede Kamerlid Jasper van Dijk van de SP zei naar aanleiding van de situatie in Amsterdam dat artikel 23 het vrijwel onmogelijk maakt om islamitische, christelijke en joodse scholen aan te pakken. Hij wees erop dat schoolbestuurders niet kunnen worden ontslagen als er sprake is van antidemocratisch onderwijs of wanneer integratie wordt tegengewerkt. Hij wil de wet op dat punt aanscherpen.

Ook historicus Carel Verhoef, auteur van het boek Inperking vrijheid van onderwijs, mengde zich via Trouw in de discussie. Volgens hem moet artikel 23 zodanig worden ingeperkt ‘dat het niet langer mogelijk is om scholen op te richten en te onderhouden op grond van een godsdienstige overtuiging’. Het openbaar onderwijs en bijzonder onderwijs op godsdienstige grondslag zouden wat hem betreft moeten worden samengevoegd tot ‘de gemengde school voor alle gezindten’.

‘Het gaat ons niet om vrijheid van onderwijs’

AIVD-baas Dick Schoof zegt nu in de Volkskrant dat het niet de bedoeling was om met het uitsturen van het ambtsbericht over het Cornelius Haga Lyceum een discussie los te maken over de houdbaarheid van artikel 23. ‘Door de publiciteit ontstond het beeld dat wij het debat hebben aangejaagd (…). Dat klopt niet. Het gaat ons (…) niet om de vrijheid van onderwijs.’

Het gaat de AIVD er wel om, zo zegt Schoof tegen de krant, ‘dat jonge kinderen niet onder invloed komen van zulk gedachtegoed’. Hij doelt daarmee op het salafisme. Ook zegt hij het belangrijk te vinden dat dit ‘probleem’ nu ruimschoots maatschappelijk en politiek is geagendeerd.

Lees meer…

Katholieke scholen brengen concept School! al in praktijk

‘Het toekomstconcept School!, dat voorziet in onderwijs dat boven de denominaties uitstijgt, is dichterbij dan wij denken.’ Dat constateren directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB en zijn collega Marco Frijlink van de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) na een werkbezoek aan het rooms-katholieke d’Oultremontcollege en de eveneens katholieke basisschool de Duinsprong in Drunen.

Leraar godsdienst-levensbeschouwing dr. Bill Banning van het d’Oultremontcollege nodigde Teegelbeckers, Frijlink en historicus Carel Verhoef (auteur van het boek Inperking vrijheid van onderwijs) uit voor het werkbezoek. Aanleiding daarvoor was een opiniestuk van Teegelbeckers en Frijlink dat in maart in Trouw verscheen en een opiniestuk van Verhoef dat in april in dezelfde krant stond.

Concept School!

Teegelbeckers en Frijlink stelden in hun stuk dat de vrijheid om scholen te stichten op religieuze gronden haar langste tijd heeft gehad: ‘Het is tijd voor de ontmanteling van het achterhaalde verzuilde onderwijsbestel op basis van grondwetsartikel 23 over de vrijheid van onderwijs.’

VOS/ABB en VOO pleiten al jaren voor onderwijs dat boven artikel 23 en de denominaties uitstijgt, in ‘scholen’ die voor alle leerlingen toegankelijk zijn. ‘Dit concept noemen wij School!. Alle scholen zullen in de toekomst op basis van gelijkwaardigheid en wederzijds respect aandacht moeten hebben voor diversiteit en levensbeschouwing. Deze verandering zal een cruciale en noodzakelijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling van onze pluriforme samenleving’, aldus Teegelbeckers en Frijlink.

Segregatie tegengaan

De stelling dat artikel 23 zijn langste tijd heeft gehad, schoot in het verkeerde keelgat van Banning. Hij had tevens grote moeite met het opiniestuk van historicus Verhoef. Die pleitte voor een inperking van artikel 23 in de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. Dat deed hij eerder ook in zijn boek Inperking vrijheid van onderwijs.

De voormalige conrector van het protestants-christelijke Marnix College in Ede stelde dat de huidige vrijheid van onderwijs leidt tot ‘versplintering van onze samenleving’ en ‘enorme segregatie’. In dat kader sprak hij van ‘honderden jongeren (…) die zich tegen onze westerse samenleving verzetten en die zich geen Nederlanders voelen’.

Eigentijds confessioneel

Banning wilde aan Teegelbeckers, Frijlink en Verhoef laten zien ‘hoe confessioneel onderwijs eigentijds kan zijn’. Onderdeel van het werkbezoek was een les die Banning verzorgde aan groep 7 van de Duinsprong. Daarin stond een paaskaars centraal. Daaromheen liet Banning vol enthousiasme en op inspirerende wijze verschillende aspecten aan bod komen van religieuze diversiteit, wederzijds respect en zorg voor elkaar.

Ook was er een gesprek met Banning en de directeuren Heidi Smits van de Duinsprong en Ard van Aken van het d’Oultremontcollege. Daarin kwam onder andere de katholieke identiteit van de scholen aan de orde in relatie tot de geringe mate waarin de meeste ouders, leerlingen en personeelsleden daar tegenwoordig nog mee bezig zijn. In sollicitatiegesprekken komt de katholieke identiteit niet meer aan bod. Van de ouders in Drunen gaat naar schatting nog maar 5 tot hooguit 10 procent naar de kerk.

Banning vertelde dat er desondanks grote waardering is voor het samen bijbelverhalen vertellen en bespreken, ‘met oog op waardenvorming’. Hij zei ook dat de scholen in Drunen staan ‘in een eeuwenlange katholieke open traditie die we nu eigentijds vormgeven’. Hij benadrukte dat dit moet worden gekoesterd ‘met fundamentele openheid voor anderen’.

Weinig verschillen

De conclusie van Teegelbeckers en Frijlink was dat het d’Oultremontcollege en basisschool de Duinsprong hebben laten zien dat er nog maar weinig verschillen zijn tussen deze katholieke scholen en het openbaar onderwijs. Ook daar is immers aandacht voor religieuze diversiteit, wederzijds respect en zorg voor elkaar.

‘In feite wordt in Drunen het concept School! in de praktijk gebracht. Ze stijgen daar al uit boven de denominatieve verschillen en daarmee boven artikel 23. Het is een positieve ontwikkeling als kinderen leren om met elkaar samen te leven. Dat is in het belang van een in alle opzichten gezonde samenleving’, aldus Teegelbeckers.

Bill Banning doet op de website van de Nederlandse Katholieke Schoolraad (NKSR) verslag van het werkbezoek.

Onderwijsraad wil input voor advies over artikel 23

Wat vindt u van artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs? De Onderwijsraad wil het graag van u horen! Tot 15 september kunt u input leveren voor een advies aan het kabinet.

Artikel 23 uit 1917 regelt dat openbaar en bijzonder onderwijs op gelijke basis door de rijksoverheid worden betaald. De Onderwijsraad verkent welke betekenis dit heeft in onze tijd, bijvoorbeeld met betrekking tot segregatie (‘hokjesscholen’).

Wilt u bijdragen aan deze verkenning? De Onderwijsraad ziet uw inhoudelijke bijdrage graag tegemoet. U kunt uw reactie sturen naar onderwijsvrijheid@onderwijsraad.nl.

Reageren is mogelijk tot 15 september.

Slob negeert garantiefunctie openbaar onderwijs…

De eerste school in een nieuwbouwwijk hoeft helemaal geen openbare school te zijn. Dat vindt onderwijsminister Arie Slob, die hiermee een ongrondwettelijke interpretatie geeft aan artikel 23 over de vrijheid van onderwijs.

De strekking van artikel 23 lid 4 van de Grondwet is dat openbaar onderwijs móet en dat bijzonder onderwijs daarnaast mág bestaan. In het grondwetsartikel uit 1917 ligt het primaat dus duidelijk bij het openbaar onderwijs, dat zo een maatschappelijke garantiefunctie vervult in tegenstelling tot het bijzonder onderwijs.

In reactie op vragen uit de Tweede Kamer over het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen stelt Slob echter dat de eerste school in een nieuwbouwwijk helemaal geen openbare school hoeft te zijn. Daarmee negeert hij, zonder enige juridische onderbouwing, het grondwettelijke beginsel dat er in eerste instantie overal openbaar onderwijs voorhanden moet zijn en dat er daarnaast ook bijzonder onderwijs mag bestaan.

Ontmanteling zorgplicht openbaar onderwijs

De reactie van Slob illustreert de geleidelijke ontmanteling van de zorgplicht van de overheid voor het openbaar onderwijs, zoals docent Stefan Philipsen van de Universiteit Utrecht die ook signaleert. In het juninummer van het vakblad School en Wet schrijft hij dat de overheid artikel 23 lid 4 van de Grondwet en daarmee haar verantwoordelijkheid voor het duale bestel en dus voor het openbaar onderwijs uit het oog verliest.

In dit kader is het ook van belang om te verwijzen naar de Tilburgse professor Paul Zoontjens, die tot voor kort de leerstoel Onderwijsrecht op katholieke grondslag bekleedde. Ook hij benadrukt dat artikel 23 het primaat toekent aan het openbaar onderwijs.

‘Bijzonder onderwijs mag er weliswaar zijn, maar openbaar onderwijs móet er zijn: in beginsel in elke gemeente en in een genoegzaam aantal scholen. Het betekent dat er bij de overheid een speciale verantwoordelijkheid bestaat voor de komst van nieuwe en het voortbestaan van bestaande openbare scholen’, aldus Zoontjens in zijn recent verschenen boek Onderwijsrecht – Eenheid in verscheidenheid.

Bekostiging ‘combinatiescholen’ terecht geweigerd

Het is terecht dat OCW een aanvraag voor bekostiging heeft geweigerd van vijf nieuwe scholen van Stichting De Ozonlaag. De Raad van State oordeelt dat deze stichting niet heeft aangetoond voldoende leerlingen te kunnen trekken.

De stichting had om bekostiging gevraagd voor nieuwe middelbare scholen in Amsterdam, Den Haag, Deventer, Rotterdam en Utrecht. De nieuwe scholen zouden worden gebaseerd op een combinatie van vijf verschillende levensbeschouwelijke en religieuze richtingen.

De Raad van State meldt dat de stichting de belangstellingspercentages voor de verschillende richtingen niet bij elkaar ad mogen optellen. Bij een combinatie van verschillende levensbeschouwelijke of religieuze richtingen kan ‘niet klakkeloos worden volstaan met een optelsom’, aldus de RvS.

De conclusie van de RvS is dan ook dat de stichting niet heeft aangetoond voldoende leerlingen voor de nieuwe scholen te kunnen krijgen. OCW heeft daarom terecht geweigerd de scholen van de stichting voor bekostiging in aanmerking te laten komen.

Soner Atasoy is de bestuurder van Stichting De Ozonlaag. Hij is ook de bestuurder van het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam.

Lees meer…

Slob niet bang voor meer segregatie in hokjesscholen

Het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen is niet bedoeld om segregatie in het onderwijs tegen te gaan. Dat meldt onderwijsminister Arie Slob in reactie op vragen uit de Tweede Kamer. D66, PvdA en GroenLinks vrezen net als VOS/ABB dat er met de nieuwe wet steeds meer ‘hokjesscholen’ komen.

Het wetsvoorstel is in 2016, dus in de vorige kabinetsperiode, opgesteld en ingediend door toenmalig VVD-staatssecretaris Sander Dekker van OCW. Het beoogt het mogelijk te maken een school te stichten op basis van belangstelling van ouders en leerlingen. Het zal daarbij niet meer nodig zijn om een bepaalde richting te kiezen. Ook een onderwijsconcept kan straks aan de basis liggen.

Dekker zette het destijds neer als een moderne interpretatie van artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. Slob probeert het nu aan de man te brengen door het in de politieke etalage te zetten als ‘meer vrijheid van onderwijs’.

Hokjesscholen

VOS/ABB maakt zich zorgen over het wetsvoorstel, omdat het risico levensgroot is dat het tot nog meer segregatie zal leiden dan nu al het geval is.

‘De kern (…) is dat straks in principe iedereen een eigen school kan inrichten met eigen toelatingseisen. Dus niet meer naast de openbare scholen, die nadrukkelijk van en voor iedereen zijn, alleen scholen met bijvoorbeeld een protestants-christelijke, rooms-katholieke of islamitische grondslag, maar ook scholen van splintergroeperingen. Zeg maar: ‘hokjesscholen”, aldus directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB in een commentaar dat in december 2018 op deze website verscheen.

Selectief toelatingsbeleid

Die vrees voor het ontstaan van steeds meer ‘hokjesscholen’ bestaat ook in de Tweede Kamer, met name bij de fracties van regeringspartij D66 en oppositiepartijen PvdA en GroenLinks. In reactie op vragen hierover impliceert Slob dat die vrees niet relevant is, omdat het wetsvoorstel volgens hem helemaal losstaat van het fenomeen segregatie.

De minister verkeert in de veronderstelling dat met de nieuwe wet niet meer scholen een selectief toelatingsbeleid gaan voeren. Nu doet volgens Slob ‘slechts’ één op de twintig bijzondere scholen dat. ‘Er is geen aanleiding om aan te nemen dat dit aandeel door het onderhavige wetsvoorstel zal toenemen’, zo staat in zijn reactie.

Lees meer…

Gerard Spong fel gekant tegen artikel 23

Advocaat Gerard Spong wil dat er ‘geen rooie cent’ meer naar het bijzonder onderwijs gaat. Artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs is volgens hem een bedreiging voor de rechtsstaat. Advocaat Wouter Pors van het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam wil artikel 23 juist behouden. Dat zeiden zij zondag op een bijeenkomst in De Balie in Amsterdam 

De bijeenkomst was een ‘symbolische rechtbank’ over de vraag of de vrijheid van onderwijs, die bepaalt dat openbaar en bijzonder onderwijs op gelijke voet door de overheid worden bekostigd, nog wel zo’n goed idee is. Spong legde uit waarom volgens hem het grondwetsartikel uit 1917 moet worden afgeschaft. Zijn collega Wouter Pors verdedigde artikel 23 juist. Voorafgaand aan de symbolische rechtbank gaf voorzitter Edith Hooge van de Onderwijsraad een minicollege over artikel 23.

Directe aanleiding voor het organiseren van de bijeenkomst was de actuele discussie over het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam. Deze school raakte in opspraak vanwege onderwijs dat niet goed zou zijn voor de democratie en gericht zou zijn tegen integratie. Bovendien zou het bestuur het werk van de Inspectie van het Onderwijs onmogelijk hebben gemaakt. Tevens zouden er contacten zijn geweest tussen het schoolbestuur en een islamitische terreurorganisatie.

‘Artikel 23 bedreiging van rechtsstaat’

In zijn felle en soms emotionele betoog noemde Spong de vrijheid van onderwijs een ‘paard van Troje’ dat de rechtsstaat bedreigt. Het bijzonder onderwijs staat volgens hem op gespannen voet met de democratie en fundamentele vrijheden. Hij betrok in zijn betoog de acceptatie van homoseksuelen, die door artikel 23 zou worden belemmerd. Daarbij legde hij een verband met islamitische invloeden.

Wat Spong betreft mogen er alleen nog maar openbare scholen zijn en mag er ‘geen rooie cent’ meer naar het bijzonder onderwijs. Hij wil een absolute scheiding van kerk en staat. Dat is volgens hem niet in strijd met de vrijheid van godsdienst.

Hedendaagse context

Pors daarentegen pleitte voor behoud van artikel 23, maar dan wel in een hedendaagse context. Volgens hem wordt er in de discussie over de vrijheid van onderwijs te veel de nadruk gelegd op godsdienst. Artikel 23 is in zijn ogen vooral ook gericht op verschillende innovatieve en pedagogische richtingen. Het zorgt er ook voor, zo benadrukte hij, dat de overheid zich niet gaat bemoeien met de inhoud van de lessen.

Nederland kent volgens Pors een traditie van tolerantie en daar hoort artikel 23 bij: ‘Je bereikt geen integratie door de identiteit af te pakken van minderheden’.

Pors is advocaat van het Cornelius Haga Lyceum. Hij zei op de bijeenkomst in De Balie dat uit een conceptrapport van de Inspectie van het Onderwijs blijkt dat er op het islamitische lyceum geen sprake zou zijn ‘van een klimaat gericht op afzijdigheid van de Nederlandse samenleving of het tegengaan van integratie’.

Sociaal-economische segregatie

De ‘symbolische rechtbank’, bestaande uit presentator Bram Sadeghi en amicus curiae rechter Frans Bauduin, vroeg zich af of artikel 23 wel het probleem is. De segregatie in het onderwijs zou veel meer het gevolg zijn van de maatschappelijke scheiding tussen arm en rijk. De verschillende sociaal-economische achtergronden van de ouders zijn volgens de rechtbank bepalender voor segregatie in het onderwijs dan artikel 23.

Het publiek in De Balie liet duidelijk blijken dat elke uitlating die zich richt op het verketteren van de ander op basis van seksualiteit, geslacht, religie of wat dan ook niet kan. Daar was de voltallige zaal het over eens.

De bijeenkomst werd namens VOS/ABB bijgewoond door beleidsmedewerker Eline Bakker.

Slob: ‘Vrijheid van onderwijs geen vrijbrief’

‘De vrijheid van onderwijs kan niet worden gebruikt als vrijbrief om leerlingen een
eenzijdig beeld van onze samenleving bij te brengen.’ Dat benadrukt onderwijsminister Arie Slob in een Kamerbrief in reactie op vragen van Thierry Baudet van Forum van Democratie over vermeende linkse indoctrinatie door het Haagse Montessori Lyceum.

Baudet trok bij de minister aan de bel over het bericht dat rector Henriëtte Boevé van het Haagse Montessori Lyceum leerlingen had uitgenodigd voor een bijeenkomst van GroenLinks. Die bijeenkomst op 21 januari jongstleden in het Paard van Troje in Den Haag stond in het teken van maatregelen tegen klimaatverandering.

Vanuit rechtse hoek werd de uitnodiging van de rector al snel gezien als een bewijs van linkse indoctrinatie in het onderwijs. Baudet ging hierin mee en noemde het in de Tweede Kamer ontoelaatbaar.

Eigen afwegingen maken

Slob reageert hier nu op door te stellen dat het grondwettelijk is verankerd dat scholen het onderwijs zelf mogen inrichten. ‘Het past bij de autonomie van scholen en de professionele ruimte van leraren om daarin eigen afwegingen te maken’, aldus de minister.

Hij voegt daaraan toe dat ouders en leerlingen het schoolbestuur via de medezeggenschapsraad kunnen aanspreken op gemaakte keuzes. Ook kunnen ze een klacht indienen.

Pluriforme democratische samenleving

Hij benadrukt in zijn brief ook dat de vrijheid van onderwijs (volgens artikel 23 in de Grondwet) niet kan worden gebruikt als vrijbrief om leerlingen een eenzijdig beeld bij te brengen. ‘Het onderwijs moet leerlingen voorbereiden op het leven in een pluriforme, democratische samenleving. Daarbij past genuanceerde informatie’, aldus de minister.

Lees meer…

Goed gesprek met Slob over actuele ontwikkelingen

Senior beleidsmedewerker Marleen Lammers van VOS/ABB en collega’s van de andere profielorganisaties hebben woensdag een goed gesprek gehad met minister Arie Slob over actuele ontwikkelingen in het onderwijs. Het ging onder andere over artikel 23 van de Grondwet.

Artikel 23 over de vrijheid van onderwijs staan midden in de schijnwerpers. Directe aanleiding daarvoor is de ophef rond het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam. Deze school zou artikel 23 gebruiken om onderwijs mogelijk te maken dat tegen democratisch burgerschap zou ingaan.

In de politiek gaan steeds meer stemmen op om dit artikel uit 1917 te moderniseren. Nog voor het zomerreces zal er in de Tweede Kamer een debat over worden gevoerd.

Burgerschap

In het gesprek met Slob kwamen ook andere actuele ontwikkelingen aan bod. Zo ging het over wetsvoorstel van de minister voor burgerschapsonderwijs. De Ministerraad stemde eind vorig in met dit voorstel. Het ligt nu ter advisering bij de Raad van State. Naar verwachting komt die er binnenkort mee naar buiten.

Kansengelijkheid kwam ook aan bod, net als de gevolgen van demografische krimp op het onderwijs, het lerarentekort, het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen, het belang van transparante publieke verantwoording en de aandacht in het onderwijs voor mensen- en kinderrechten. Wat dat laatste betreft: Lammers bracht de mede door VOS/ABB ontwikkelde toolbox Mensenrechten op School onder de aandacht.

Vaker gesprekken

Slob gaf te kennen er veel waarde aan te hechten om met VOS/ABB en de andere profielorganisaties op regelmatige basis de actuele ontwikkelingen in het onderwijs door te nemen.

 

 

 

 

Kamerdebat over artikel 23 vrijheid van onderwijs

De Tweede Kamer houdt nog voor het zomerreces een debat over artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. PvdA-fractieleider Lodewijk Asscher kreeg hier brede steun voor.

Directe aanleiding voor het debat is de ophef rond het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam. Deze school zou artikel 23 gebruiken om onderwijs te verzorgen dat tegen democratisch burgerschap zou ingaan.

Het debat in de Tweede Kamer zal gaan over de vraag of artikel 23 moet worden gemoderniseerd. In de politiek gaan steeds meer stemmen op om dat te doen. De christelijke partijen blijven daar echter tegen. Zij willen koste wat kost het grondwetsartikel behouden zoals dat al sinds 1917 bestaat.

VOS/ABB pleit al jaren voor een modernisering van artikel 23. De vereniging vindt onder andere dat het niet meer van deze tijd is dat scholen leerlingen en personeelsleden op godsdienstige gronden kunnen weigeren of wegsturen.

Is vrijheid van onderwijs nog wel zo’n goed idee?

Debatcentrum De Balie in Amsterdam houdt een bijeenkomst over de vraag of de vrijheid van onderwijs volgens artikel 23 van de Grondwet nog wel zo’n goed idee is.

De Balie organiseert een ‘symbolische rechtbank’ waarin topadvocaat Gerard Spong uitlegt waarom volgens hem artikel 23 moet worden afgeschaft of op zijn minst grondig moet worden aangepast. Zijn collega Wouter Pors verdedigt artikel 23 juist. Hij beriep zich tijdens verschillende rechtszaken op de vrijheid van onderwijs. Voorafgaand aan de symbolische rechtbank geeft voorzitter Edith Hooge van de Onderwijsraad een minicollege over artikel 23.

Waar, wanneer en tickets

De bijeenkomst in De Balie in Amsterdam is op zondag 26 mei van 15.30 tot 17.30 uur. Tickets kosten 13 euro.

Lees meer…

‘Rijksbekostiging beteugelt religieuze indoctrinatie’

Als de overheid stopt met de bekostiging van religieus onderwijs, wordt het daar met de indoctrinatie alleen maar erger. Dat stelt Stefan Paas, hoogleraar missiologie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en de Theologische Universiteit Kampen en tevens theoloog des vaderlands.

Trouw meldt dat hij zich stoort aan wat de christelijke krant ‘hardnekkige misverstanden’ noemt in het debat rondom godsdienstvrijheid en artikel 23 in de Grondwet over de vrijheid van onderwijs.

‘Voor de duidelijkheid: onderwijsvrijheid is geen privilege van religieuze ouders, maar een recht van iedereen. Het staat in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens: ouders hebben recht onderwijs te zoeken dat aansluit bij de eigen religieuze of filosofische overtuiging. En het staat ook in de mensenrechtenparagraaf van het Europees Handvest. Je kunt niet dus zomaar artikel 23 van de grondwet afschaffen, want dat is strijdig met de mensenrechten’, aldus Paas in Trouw.

Wat de overheid volgens hem wel zou kunnen doen, is stoppen met het bekostigen van het bijzonder onderwijs. ‘Maar als er nu al zorgen zijn over de indoctrinerende invloed van religieus onderwijs, geef ik je op een briefje dat het zonder die bekostiging alleen maar erger wordt. Dan komen er dure privéscholen met schimmige financieringen vanuit Qatar of Saudi-Arabië.’ Paas doelt met dat laatste op het islamitisch onderwijs.

Lees meer…

 

 

‘Christelijk onderwijs leidt tot hokjescultuur’

De verschillende stromingen binnen het christelijke onderwijs zorgen ervoor dat kinderen in een hokjescultuur opgroeien. Dat stelt groepsleerkracht Annet Dijkstra van openbare basisschool ’t Ambyld in het Friese dorp Terwispel op de opiniepagina van de Leeuwarder Courant.

Dijkstra reageert op een eerder opiniestuk van Remco Meijerink in dezelfde krant. Hij is bestuursvoorzitter van het christelijke ROC Friese Poort. Meijerink stelde dat de vrijheid van onderwijs volgens artikel 23 in de Grondwet moet worden gekoesterd.

Dijkstra maakt uit het stuk van Meijerink op dat die vindt dat openbare scholen niet duidelijk zijn over hun visie en bijzondere scholen wel. ‘Daar ben ik het niet mee eens, want elke school heeft een visie en deze is bij elke school in het schoolplan terug te vinden. De visie van een openbare school houdt in ieder geval in ‘niet apart, maar samen’. Dit laat aan duidelijkheid niks te wensen over lijkt me’, aldus Dijkstra.

Christelijke identiteit?

Volgens haar is het juist de christelijke identiteit die veel vragen oproept. ‘Wat houdt die christelijke identiteit dan precies in? Blijkbaar is die ook niet voor iedereen hetzelfde, want kijk maar naar alle verschillende visies binnen het christendom. Al die verschillen hebben er ooit voor gezorgd dat er katholieke, hervormde, gereformeerde, evangelische enzovoort scholen zijn ontstaan. Met andere woorden, voor elke visie een eigen school.’

Dit heeft er volgens haar toe geleid dat kinderen die op christelijke scholen zitten opgroeien in een ‘hokjescultuur waarbij verschillen belangrijker zijn dan overeenkomsten’. Dit komt het samenleven in een multiculturele maatschappij niet ten goede, benadrukt Dijkstra.

Lees meer…

 

Algemene acceptatieplicht moet in de wet!

Het bijzonder onderwijs is algemeen toegankelijk. Althans, dat beweerde fractieleider Gert-Jan Segers van de ChristenUnie in EenVandaag. Wettelijk gezien is wat hij zegt niet waar, en dat weet hij natuurlijk zelf ook wel. Wat hij ook weet, is dat nog steeds een deel van de christelijke scholen leerlingen weigert. Het is dus nodig om algemene acceptatieplicht in de wet vast te leggen!

Het is een bekend geluid van de christelijke politiek: scholen op religieuze grondslag staan open voor alle kinderen, net als openbare scholen. Dat gaat inderdaad op voor een groot deel van de christelijke scholen, mits de ouders van de kinderen die zich aanmelden de religieuze grondslag eerbiedigen. Maar is er dan helemaal geen vuiltje aan de lucht? Helaas wel. Een klein deel van de christelijke scholen weigert nog steeds leerlingen als die niet actief het christelijke geloof belijden.

Nu zeggen politici van christelijke partijen vaak dat het niet nodig is om algemene acceptatieplicht in de wet vast te leggen, omdat alle scholen al openstaan voor alle kinderen. Dat woordje ‘alle’ klopt dus niet. Daarom klopt ook hun standpunt niet dat algemene acceptatieplicht onnodig zou zijn. Als bijna niemand discrimineert, hebben we dan geen wetten nodig die discriminatie tegengaan?

In 2010 hadden we de mogelijkheid om algemene acceptatieplicht wettelijk te regelen. Toenmalig PvdA-Tweede Kamerlid Loes Ypma (die later voorzitter werd van de christelijke profielorganisatie Verus) haalde een wetsvoorstel daartoe uit 2005 uit de kast, maar als gevolg politieke druk van het CDA op de VVD haalde dat het toen (weer) niet.

De christelijke politici waren en zijn dus nog steeds bang voor algemene acceptatieplicht. Maar waarom? Kom eindelijk eens in beweging, CDA, ChristenUnie en SGP! Blijf niet vastgeroest zitten in de gedateerde verzuiling, toen iedere richting nog zijn eigen hokjesschool had. Dat stadium zijn we allang gepasseerd? Of niet?

Meerderheid wil af van scholen op basis van religie

Bijna twee op de drie Nederlanders willen af van bijzonder onderwijs op religieuze grondslag. Dat blijkt uit onderzoek van het EenVandaag Opiniepanel.

EenVandaag vroeg aan ruim 35.000 mensen hoe zij denken over religieus onderwijs.  Bijna tweederde (64 procent) vindt dat niet meer van deze tijd. Zij benadrukken dat onderwijs los moet staan van een bepaalde overtuiging of religie.

Eveneens bijna twee op de drie mensen vinden het een slechte zaak dat de overheid met belastinggeld scholen op religieuze grondslag bekostigt. Als ouders voor hun kinderen dergelijk onderwijs willen, dan moeten ze dat maar zelf betalen, is de gedachte.

In de huidige situatie bekostigt de overheid het openbaar en het bijzonder onderwijs op gelijke basis. Dit vloeit voort uit artikel 23 in de Grondwet over de vrijheid van onderwijs.

 Lees meer…

VVD’er Dijkhoff wil artikel 23 moderniseren

VVD-fractieleider Klaas Dijkhoff heeft een probleem met het huidige artikel 23 in de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. Dat zegt hij in een interview met de Telegraaf over een discussiestuk dat hij heeft geschreven. Gert Jan Segers van de ChristenUnie reageert vandaag meteen in dagblad Trouw. Hij vindt de uitlatingen van Dijkhoff ‘buitenproportioneel.’

De vrijheid van onderwijs of religie is voor VVD’er Dijkhoff niet gelijkwaardig aan ‘fundamentele vrije, liberale waarden’, zo citeert de Telegraaf hem. Hij zegt dit in het licht van de discussie over het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam.

Vrijheid van onderwijs

‘Te lang hebben we gezegd: hier heb je de vrijheid van onderwijs, hier heb je de vrijheid van godsdienst; doe er iets leuks mee. Maar als sommige lieden met die vrijheden aan de haal gaan, salafistische scholen opzetten, homo’s verketteren of vrouwen onderdrukken, dan moet je ingrijpen en onze vrijheden beschermen’, aldus Dijkhoff in de Telegraaf.

Hij suggereert dat artikel 23 ondergeschikt moet worden gemaakt aan artikel 1 van de Grondwet, het antidiscriminatieartikel. ‘Partijen die huiverig zijn om er iets aan te doen, zeg ik: nu heb je nog een kans om te zorgen dat het in de praktijk weer wordt zoals het was. Als je het nu niet aanpast zul je de komende jaren anders wel eens rigoureuze stappen kunnen zien.’ De VVD’er richt zich hiermee met name op het CDA, de ChristenUnie en de SGP.

‘Misbruik van vrijheid’

In dagblad Trouw van dinsdag 23 april zegt fractieleider Gert-Jan Segers van de ChristenUnie het idee van Dijkhoff ‘buitenproportioneel’ te vinden. ‘Dijkhoff wil de vrijheid waar heel veel scholen en miljoenen mensen gebruik van maken inperken en dat is niet nodig. Onterecht ook’, aldus Segers. Hij zegt het inhoudelijk wel met Dijkhoff eens te zijn dat vrijheid moet worden verdedigd: ‘Misbruik van vrijheid moet je aanpakken. Maar op deze manier zoekt hij ruzie met de verkeerde mensen.’

Christelijke coalitiedwang

De VVD liet al veel eerder, in 2010, doorschemeren voor algemene acceptatieplicht te zijn, maar de christelijke coalitiedwang was toen te sterk om dat daadwerkelijk te regelen. De liberalen weigerden destijds een PvdA-wetsvoorstel daartoe te steunen. Daardoor was er geen meerderheid in de Tweede Kamer voor.

De weigering van de VVD had te maken met het feit dat de liberalen gingen regeren met het CDA. De christendemocraten waren (en zijn nog steeds) tegen algemene acceptatieplicht. Dat heeft te maken met de christelijke achterban. Een deel van de christelijke scholen hecht nog steeds zeer aan de wettelijke mogelijkheid om leerlingen op grond van de religieuze uitgangspunten te weigeren.

Slob ‘hogelijk verbaasd’

Toenmalig Tweede Kamerlid en de huidige ChristenUnie-onderwijsminister Arie Slob liet in 2010 weten dat hij ‘hogelijk verbaasd’ was over het wetsvoorstel voor algemene acceptatieplicht. Volgens hem gebeurt het bijna nooit dat leerlingen worden geweigerd.

Het is maar de vraag of de VVD onder leiding van Dijkhoff (die in 2010 nog niet in de Tweede Kamer zat) wel zal volhouden nu het over een modernisering van artikel 23 gaat. De liberalen zitten immers weer in een regering met het CDA en dit keer bovendien met de ChristenUnie.

De SGP sprak destijds van ‘een bom onder de vrijheid van onderwijs’ en die partij is voor de VVD vaak een laatste strohalm om dingen gedaan te krijgen. Het is een niet geheel onlogische gedachte dat de bereidheid van de SGP om de VVD te steunen, zal afnemen als de liberalen gaan hameren op modernisering van artikel 23.

‘Religieuze scholen gaan segregatie tegen’

Confessionele scholen die religiositeit en religieuze diversiteit serieus nemen gaan segregatie tegen. Dat beweert theoloog Toke Elshof, die in de raad van toezicht zit van de christelijke profielorganisatie Verus.

Op de opiniepagina van Trouw reageert ze op een ingezonden stuk in diezelfde krant van directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB en zijn collega Marco Frijlink van de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO).

Concept School!

Zij benadrukken dat scholen op religieuze grondslag achterhaald zijn en voor maatschappelijke segregatie zorgen. Teegelbeckers en Frijlink dringen er op aan eindelijk de verzuiling achter ons te laten. Ze pleiten voor het concept School!, dat voorziet in ‘scholen’ van en voor iedereen zonder denominatieve voorvoegsels.

Elshof reageert ook op een opinieartikel van Carel Verhoef, historicus en oud-conrector van het protestants-christelijke Marnix College in Ede. Hij ziet dat artikel 23 in de Grondwet over de vrijheid van onderwijs segregatie mogelijk maakt. Dat vindt hij uitermate onwenselijk. Daarom pleit hij voor de gemengde school en voor een modernisering van artikel 23.

Religieuze diversiteit

In haar opiniestuk stelt theoloog Elshof dat confessionele scholen helemaal niet voor segregatie hoeven te zorgen. Voorwaarde is dan wel dat ze religieuze diversiteit serieus nemen. Ze wijst er bovendien op dat op bijvoorbeeld christelijke scholen allang niet meer alleen kinderen uit christelijke gezinnen zitten.

Segregerende scheidslijnen slechten!

In Nederland denken we graag in hokjes en dat is een slechte zaak! Hopelijk wordt de Inspectie van het Onderwijs gehoord, nu die wederom alarm slaat over de toenemende segregatie.

In De Staat van het Onderwijs 2019 is de inspectie er buitengewoon helder over dat de kwaliteit van ons onderwijs gevaar loopt door de toenemende segregatie. De inspectie constateert dat het voor jongeren met verschillende achtergronden steeds moeilijker wordt om elkaar te ontmoeten. Als dat niet meer gebeurt, kunnen ze ook niet meer in school van elkaar leren. Dat is een ontwikkeling die de samenleving onder druk zet.

VOS/ABB hamert er al jaren op dat het een slechte zaak is om in hokjes te denken. In een gezonde samenleving leef je immers met elkaar samen. Dat betekent ook dat onze kinderen met elkaar samen moeten leren en leven. In de ideale situatie doen ze dat in de school als minisamenleving waarin diversiteit, gelijkwaardigheid en wederzijds respect centraal staan. De openbare school is wat mij betreft de plek waar dat het beste kan. Openbaar onderwijs is immers per definitie van en voor iedereen.

Concept School!

Nog mooier zou het zijn als al het onderwijs uitgaat van diversiteit, gelijkwaardigheid en wederzijds respect. Daarvoor heeft VOS/ABB met de vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) een wenkend toekomstperspectief: concept School!. Dit concept voorziet in scholen die boven artikel 23 in de Grondwet over de vrijheid van onderwijs en de denominaties uitstijgen.

Dus laten we over de schaduw van artikel 23 heen springen en de segregerende scheidslijnen tussen openbare, protestants-christelijke, rooms-katholieke, islamitische of wat voor scholen dan ook slechten! Zo kunnen we ervoor zorgen dat er ‘scholen’ komen waarin álle kinderen elkaar ontmoeten en met en van elkaar leren. Op die manier kunnen we werken aan een in alle opzichten gezonde samenleving!

Hans Teegelbeckers, directeur VOS/ABB

 

Inspectie slaat alarm over toenemende segregatie

De segregatie in het onderwijs is een almaar groeiend probleem. Dat signaleert de Inspectie van het Onderwijs. ‘We zien (…) dat groepen leerlingen elkaar steeds minder tegenkomen’, zo staat in het rapport De Staat van het Onderwijs 2019.

De inspectie waarschuwt ervoor dat het probleem van de segregatie steeds groter wordt als we er niets tegen ondernemen. Het probleem speelt volgens de inspectie onder andere in de steden. Het zorgt ervoor dat de kansenongelijkheid toeneemt.

In het rapport wordt segregatie in verband gebracht met versnippering van het aanbod. Hierbij noemt de inspectie de opkomst van profielscholen met een specifiek onderwijsaanbod, waarvoor ouders soms veel geld moeten betalen. Voorbeelden zijn technasia, cultuurprofielscholen en mediawijsheidscholen.

Artikel 23 en burgerschap

Deze segregatie komt bovenop de traditionele denominatieve scheidslijnen die het gevolg zijn van artikel 23 in de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. Deze scheidslijnen lopen tussen het openbaar onderwijs dat van en voor iedereen is en de verschillende vormen van bijzonder onderwijs, zoals protestants-christelijk, rooms-katholiek en islamitisch onderwijs. Vorig jaar liet de inspectie al zien dat deze scheidslijnen een segregerend effect kunnen hebben.

De inspectie roept in verband met de toenemende segregatie en kansenongelijkheid op tot een gerichte en gezamenlijke aanpak voor alle sectoren. Zo benadrukt de inspectie dat alle scholen hun leerlingen moeten ‘voorbereiden op deelname in de samenleving’.

Wat dit betreft is de inspectie positief over de trend dat burgerschapsonderwijs en persoonsvorming steeds meer aandacht krijgen. ‘Scholen die extra in burgerschap investeren, lijken over de tijd betere uitkomsten te behalen’, zo staat in het rapport. Maar de inspectie signaleert ook dat de meeste scholen weinig of geen inzicht hebben in de resultaten van hun burgerschapsonderwijs.

Download De Staat van het Onderwijs 2019

Historicus Carel Verhoef pleit voor inperking artikel 23

Historicus Carel Verhoef pleit op de opiniepagina van Trouw voor een inperking van artikel 23 in de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. De voormalige conrector van het protestants-christelijke Marnix College in Ede stelt dat de huidige vrijheid van onderwijs leidt tot ‘versplintering van onze samenleving’.

De vrijheid van onderwijs veroorzaakt volgens Verhoef ‘enorme segregatie’ en bepaalt tevens ‘dat de staat zich niet mag bemoeien met de inhoud van het onderwijs’. Het verzuilde onderwijs dat een gevolg is van artikel 23 noemt hij ‘achterhaald’. Wat betreft de maatschappelijke ‘versplintering’ noemt hij ‘de honderden jongeren (…) die zich tegen onze westerse samenleving verzetten en die zich geen Nederlanders voelen’.

Gemengde school

Verhoef: ‘De school is de enige plaats waar alle kinderen, ongeacht hun achtergrond, bij elkaar gebracht kunnen worden. Via de vakken levensbeschouwing en burgerschapsvorming wordt hen kennis van andere godsdiensten en levensbeschouwingen bijgebracht en worden hen de waarden en normen van onze westerse beschaving en de grondslagen van onze parlementaire democratie aangeleerd.’

Hij pleit ervoor om artikel 23 van de Grondwet zodanig in te perken ‘dat het niet langer mogelijk is om scholen op te richten en te onderhouden op grond van een godsdienstige overtuiging’. Het openbaar onderwijs en bijzonder onderwijs op godsdienstige grondslag zouden wat hem betreft moeten worden samengevoegd tot ‘de gemengde school voor alle gezindten’.

Concept School!

Het pleidooi van Verhoef heeft veel raakvlakken met concept School!. Dit door VOS/ABB en de Verenging Openbaar Onderwijs ontwikkelde toekomstideaal gaat ervan uit dat er geen openbare, christelijke, islamitische of wat voor scholen dan ook meer zijn, maar ‘scholen’ die de verzuiling voorbij zijn. Het concept School! gaat uit van algemeen toegankelijk onderwijs dat kinderen vormt op basis van diversiteit, gelijkwaardigheid en wederzijds respect.

VOS/ABB had in juni 2015 een interview met Verhoef naar aanleiding van de publicatie van zijn boek Inperking vrijheid van onderwijs. De maatschappelijke noodzaak tot herziening van artikel 23 van de grondwet.

In maart 2016 was Verhoef een van de sprekers op een door VOS/ABB en de Universiteit voor Humanistiek georganiseerde symposium over de vrijheid van onderwijs.

Eveneens in maart 2016 verscheen in Trouw een opiniestuk van Verhoef naar aanleiding van een interview met ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers, die destijds zei dat er  in liberale kringen de wens zou zijn om een rekening te vereffenen met het christelijk onderwijs.

‘Politieke hetze’ tegen Cornelius Haga Lyceum

Leerlingen en leraren van het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam worden ‘meegezogen in een politieke hetze’. Dat stelt onderzoeker Johan Lievens van de Vrije Universiteit in Amsterdam in een interview met de christelijke profielorganisatie Verus. Hij is onlangs gepromoveerd op een onderzoek naar de vrijheid van onderwijs.

‘Het is politiek niet helemaal kosjer om deze school via een publiek proces te beoordelen’, zegt Lievens tegen Verus. ‘Geef de onderwijsinspectie de ruimte om haar rol te spelen in plaats van als individuele politicus beslissingen te nemen op basis van losse constateringen en vermoedens.’

Artikel 23

Het wijzigen van artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs, zoals bijvoorbeeld door de SP wordt gesuggereerd, om alle scholen te dwingen bepaalde grondrechten te eerbiedigen, is volgens Lievens niet nodig. ‘Dat kan volgens mij nu al: alle grondrechten staan op gelijke hoogte. Het is al in de onderwijswetgeving opgenomen dat we vereisen dat scholen jongeren opleiden in een pluralistische samenleving met respect voor anderen. Dat kan scherper geformuleerd worden, maar vereist geen aanpassing van de Grondwet.’

De islamitische school raakte in opspraak vanwege het onderwijs dat niet goed zijn voor de democratie en gericht zou zijn tegen integratie. Bovendien zou het bestuur het werk van de Inspectie van het Onderwijs onmogelijk hebben gemaakt. Tevens zouden er contacten zijn geweest tussen het schoolbestuur en een islamitische terreurorganisatie.

Lees meer…

‘PO-Raad moet aanzet geven tot ontzuiling onderwijs’

Als we het verzuilde onderwijsbestel achter ons laten, komen er volgens HR-adviseur Willem Duifhuis miljarden euro’s vrij. Hij roept in een opiniestuk de PO-Raad op het initiatief te nemen om het huidige bestel te reorganiseren.

Duifhuis: ‘Voor basisonderwijs aan pakweg 1500 leerlingen worden soms wel 15 basisscholen in de lucht gehouden. Veelal vanuit de verschillende zuilen. Die leerlingen zouden ook naar drie grote scholen kunnen gaan. Scheelt 12 schoolgebouwen, 12 directeuren en heel veel bestuurskosten. En het stoppen van het betalen van geld aan schoolbesturen van welk geloof dan ook levert daarnaast een bijdrage aan de versterking van het onderwijs én brengt meer samenhang in de samenleving.’

‘Misschien is het idee om de kosten van de verzuiling eens goed in beeld te brengen. De PO-Raad kent vast wel iemand die dat kan. Vraag is uiteraard of de PO-Raad het aandurft. Er zitten immers de nodige mensen aan tafel die grote belangen hebben bij de huidige verdeling van de gelden’, aldus Duifhuis, die HR-adviseur in het primair onderwijs en vader van twee schoolgaande kinderen is.

Lees het opiniestuk van Willem Duifhuis

 

 

Artikel 23: onderwijs op basis van religie achterhaald!

De vrijheid om scholen te stichten op religieuze gronden heeft haar langste tijd gehad. Het is tijd voor de ontmanteling van het achterhaalde verzuilde onderwijsbestel op basis van grondwetsartikel 23 over de vrijheid van onderwijs. Dat benadrukken directeur-bestuurder Marco Frijlink van de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) en directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB op de opiniepagina van Trouw.

Zij schrijven dat het openbaar onderwijs traditioneel de plek is waar iedereen welkom is, ongeacht religie of levensovertuiging. ‘Sterker nog, het openbaar onderwijs is de plek bij uitstek waar kinderen van allerlei gezindten elkaar ontmoeten op basis van gelijkwaardigheid en wederzijds respect, juist ook voor elkaars verschillen. Wij zijn ervan overtuigd dat dit de beste voorbereiding vormt op zelfstandig functioneren en constructief samenleven in onze pluriforme maatschappij.’

Verre van ideaal

Frijlink en Teegelbeckers verwijzen in hun opiniestuk naar de ophef over de ruimte die het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam neemt – ‘en kán nemen’ – op basis van de vrijheid van onderwijs. ‘Onder die vrijheid worden op deze school onder andere jongens en meisjes uit elkaar gehouden en zouden niet praktiserende moslims niet welkom zijn als leerkracht. Nog los van mogelijke misstanden is direct duidelijk dat een school als deze ver af staat van ons ideaalbeeld.’

Volgens hen kan de Inspectie van het Onderwijs haar werk niet goed doen vanwege artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. ‘Artikel 23 zorgt ervoor dat ouders scholen kunnen oprichten en dat de overheid zich niet mag bemoeien met de levensbeschouwelijke leest waarop die scholen zijn geschoeid. Als gevolg hiervan mag de overheid zich alleen met de onderwijskwaliteit, maar niet met de invulling van de geloofsrichting bemoeien.’

Achterhaald

‘Laat er geen misverstand over bestaan, de vrijheid van onderwijs brengt ons ook nu nog goede dingen. Het zorgt er potentieel voor dat de ouderbetrokkenheid bij de invulling en de kwaliteit van het onderwijs groot is. Maar de invulling is wel achterhaald. Steeds meer ouders kiezen een school op basis van het pedagogisch-didactisch concept. En hoeveel katholieke en protestants-christelijke scholen geven niet aan ‘eigenlijk weinig meer te doen’ aan hun religieuze identiteit?’, aldus Frijlink en Teggelbeckers.

Zij vinden dat betrokkenheid van ouders bij onderwijs een groot goed is, maar dat artikel 23 toe is aan herziening. ‘Het is tijd voor de ontmanteling van het achterhaalde verzuilde onderwijsbestel. Scholen moeten zich kunnen blijven onderscheiden op grond van pedagogisch- didactische aanpak, maar niet meer op basis van religie.’ Daarnaast mag volgens hen burgerschapsvorming in de Grondwet worden verankerd. ‘Dit betreft het aanleren van kennis en vaardigheden die noodzakelijk zijn om als verantwoordelijk burger bij te dragen aan het goed functioneren van de rechtsstaat.’

Concept School!

VOS/ABB en VOO pleiten al jaren voor onderwijs dat boven artikel 23 en de denominaties zal zijn uitgestegen, met ‘scholen’ die voor alle leerlingen toegankelijk zijn. ‘Dit concept noemen wij School!. Alle scholen zullen in de toekomst op basis van gelijkwaardigheid en wederzijds respect aandacht moeten hebben voor diversiteit en levensbeschouwing. Deze verandering zal een cruciale en noodzakelijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling van onze pluriforme samenleving.’

‘Artikel 23 maakt onderwijs mogelijk dat we niet willen’

Het blijft dweilen met de kraan open zolang we artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs ongemoeid laten. Dat stelt historicus Gert Jan Geling in een opiniestuk in Trouw naar aanleiding van de situatie rond het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam.

Het onderwijs aan het Cornelius Haga Lyceum zou niet goed zijn voor de democratie en gericht zijn tegen integratie. Bovendien zou het bestuur het werk van de Inspectie van het Onderwijs onmogelijk hebben gemaakt. Tevens zouden er contacten zijn geweest tussen het schoolbestuur en een islamitische terreurorganisatie.

Privileges confessioneel onderwijs

Volgens Geling zit de kern van het probleem in de huidige vorm van artikel 23. Hij wijst met name op lid 6 en lid 7, die het confessioneel onderwijs privileges verleent op grond waarvan scholen als het Haga Lyceum gesticht en in stand gehouden kunnen worden.

‘Zolang we een grondwetsartikel hebben dat dit soort scholen de vrijheid geeft om zich te vestigen, blijft het proberen dit tegen te gaan onbegonnen werk. We kunnen dan wel zeggen ‘dit willen we niet’, maar dankzij de Grondwet mag het uiteindelijk gewoon wel, en moeten gemeenten, en de Rijksoverheid, zich in de gekste bochten wringen om de oprichting en verspreiding van dergelijke salafistische scholen te voorkomen.’

Lees meer…

SP wijt situatie Cornelius Haga Lyceum aan artikel 23

De regering moet slechte scholen kunnen sluiten en foute bestuurders kunnen ontslaan. Dat zegt SP-Tweede Kamerlid Jasper van Dijk naar aanleiding van de situatie rond het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam. Hij hekelt in dit kader artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs.

Het onderwijs aan het Cornelius Haga Lyceum zou niet goed zijn voor de democratie en gericht zijn tegen integratie. Bovendien zou het bestuur het werk van de Inspectie van het Onderwijs onmogelijk hebben gemaakt. Tevens zouden er contacten zijn geweest tussen het schoolbestuur en een islamitische terreurorganisatie.

Artikel 23

Van Dijk hekelt in dit kader artikel 23, omdat dit grondwetsartikel volgens hem het aanpakken van islamitische, christelijke en joodse scholen vrijwel onmogelijk maakt.

Hij wijst erop dat schoolbestuurders niet kunnen worden ontslagen als er sprake is van antidemocratisch onderwijs of wanneer integratie wordt tegengewerkt. Van Dijk wil de wet op dat punt aanscherpen.

Moderniseren

Hij voegt daaraan toe dat artikel 23 moet worden gemoderniseerd. ‘Wij willen dat scholen algemeen toegankelijk worden en niet langer een deurbeleid kunnen voeren op grond van religie’, aldus de SP’er.

Lees meer…