Elke leerling welkom en zorg voor kansengelijkheid!

Elke leerling welkom, recht op goed en kosteloos onderwijs en kansengelijkheid. Het is mooi dat Lodewijk Asscher van de PvdA zich hiervoor sterk maakt, want dit zijn uitgangspunten die bij het onderwijs van de 21e eeuw passen. Alleen is het nogal tijdrovend en wellicht ook niet zo kansrijk om dit in de Grondwet te regelen.

Het is raar dat het onderwijs in Nederland ruim 100 jaar na invoering van artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs nog steeds uitgaat van uitsluiting van leerlingen. Althans, dat het bijzonder onderwijs daarvan mag uitgaan. In het openbaar onderwijs is iedereen per definitie welkom. Openbare scholen zijn immers van en voor iedereen. Dat is onze kracht.

Het bijzonder onderwijs kan echter nog steeds met de Grondwet in de hand leerlingen uitsluiten. Bijvoorbeeld als de levenswijze van een kind of diens ouders niet zou passen bij de religieuze grondslag van de school. Nu gebeurt dat tegenwoordig nog maar zelden, maar deze grondwettelijke mogelijkheid bestaat nog steeds.

Bovendien zet het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen dat onderwijsminister Arie Slob van de ChristenUnie propageert, nog eens de poorten wagenwijd open voor allerlei scholen waarin juist in hokjes wordt gedacht en niet vanuit de brede maatschappelijke taak die het onderwijs heeft.

Waarom bang zijn?

Nu stellen politici van christelijke partijen altijd dat een grondwetswijziging voor algemene toegankelijkheid niet nodig is, omdat ’98 procent van de bijzondere scholen een open toelatingsbeleid heeft’, zoals CDA-Kamerlid Michel Rog direct na het bekend worden van het plan van Asscher nog maar eens twitterde. Als dat zo is, waarom kunnen we het dan eindelijk niet eens goed regelen in de wet? Het bijzonder onderwijs hoeft toch nergens bang voor te zijn?

Bijzonder is ook de reactie van de christelijke profielorganisatie Verus. Die vergelijkt het plan van Asscher met een mitrailleur waarmee hij zou proberen een mug dood te schieten. Muggen zijn irritant, maar of hier sprake is van een mitrailleur? Ik denk eerder dat Asscher deze mug netjes wil elimineren. Om voor eens en altijd geregeld te hebben dat leerlingen uitsluiten niet meer kan. Ik denk dat Verus het daar roerend mee eens is!

Via de Grondwet?

Je kunt je wel afvragen of Asscher het via de weg van de Grondwet praktisch aanpakt. Algemene toegankelijkheid kun je ook via een wetswijziging regelen. In 2005 al kwam de PvdA met een voorstel daartoe. Onder andere de huidige coalitiepartners VVD en D66 willen dat ook. Dat het nog steeds niet is geregeld, komt door de christelijke coalitiedwang van de afgelopen jaren en nu.

Dus in de huidige kabinetsperiode, met het CDA en de ChristenUnie in de regering, zal het wederom een lastige zaak worden. Tenzij men het maatschappelijke belang laat prefereren boven het ‘hokjesdenken’. Ook binnen de discussie over het wetsvoorstel ’n ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’ pleiten we vanuit VOS/ABB voortdurend voor algemene toegankelijkheid van scholen.

De procedure is zo ingericht dat het zomaar acht jaar kan duren voordat een grondwetswijziging is doorgevoerd. Die tijd hebben we niet, want algemene toegankelijkheid van het onderwijs met daaraan verbonden kansengelijkheid voor alle leerlingen is een urgente maatschappelijke kwestie. Dat zou ook dit kabinet serieus moeten nemen!

Hans Teegelbeckers, directeur VOS/ABB

‘Leerrecht en algemene toegankelijkheid in artikel 23’

PvdA-leider Lodewijk Asscher wil artikel 23 van de Grondwet aanpassen. Hij pleit ervoor in het artikel over de vrijheid van onderwijs op te nemen dat elk kind recht heeft op onderwijs en gelijke kansen. Ook wil hij algemene toegankelijkheid regelen, zodat het bijzonder onderwijs geen leerlingen meer kan weigeren.

VOS/ABB heeft op verzoek van de PvdA meegedacht over de wijze waarop het meer dan 100 jaar oude grondwetsartikel 23 beter kan aansluiten bij de realiteit van de 21e eeuw. Daarbij spelen in het kader van kansengelijkheid leerrecht en algemene toegankelijkheid een essentiële rol.

Elke leerling welkom

Nu is het nog zo dat bijvoorbeeld een christelijke school met de Grondwet in de hand leerlingen mag weigeren als die niet bij de godsdienstige uitgangspunten van de school zouden passen. Als het aan Asscher ligt, verdwijnt die mogelijkheid uit artikel 23.

Hij wil alle scholen wettelijk verplichten elke leerling te accepteren, ook als het kind of diens ouders een andere levensovertuiging huldigen dan de school. Wel mag worden verwacht dat alle leerlingen en hun ouders de grondslag van de school respecteren.

In het openbaar onderwijs is het per definitie altijd al zo dat elke leerling welkom is. Openbaar onderwijs is immers van en voor iedereen. Met algemene toegankelijkheid zou dit ook gaan gelden voor het – eveneens door de overheid bekostigde – bijzonder onderwijs.

Kansengelijkheid

Daarnaast wil Asscher in de Grondwet opnemen dat elk kind in Nederland leerrecht krijgt en dat het onderwijs voor ouders kosteloos is. Algemene toegankelijkheid, leerrecht en kosteloos onderwijs zijn volgens Asscher nodig voor kansengelijkheid.

Nu is het nog zo dat sommige bijzondere scholen zeer hoge vrijwillige ouderbijdragen vragen. Geen enkele school die zo’n hoge bijdrage vraagt, zal erkennen dat dit middel wordt ingezet om leerlingen van ouders met een lage sociaal-economische status te weren. De realiteit is echter dat met hoge bijdragen dit effect wel degelijk wordt bereikt.

Asscher wil in artikel 23 van de Grondwet handhaven dat ouders met geld van de overheid een school op religieuze grondslag mogen stichten. Het moet volgens hem wel moeilijker worden voor bijvoorbeeld orthodox-christelijke en islamitische scholen om geen aandacht te schenken aan onderwerpen die bij bepaalde doelgroepen gevoelig kunnen liggen, zoals seksuele diversiteit en de Holocaust.

Kwestie van lange adem

Algemene toegankelijkheid is een thema waar de PvdA al lange tijd aan werkt. Toenmalig PvdA-Tweede Kamerlid en huidig SER-voorzitter Mariëtte Hamer kwam in 2005 met een voorstel voor algemene acceptatieplicht. Toen de PvdA echter samen met het CDA en de ChristenUnie in het kabinet-Balkenende plaatsnam, verdween het onder druk van de christelijke coalitiedwang in de la.

In 2010, toen de sociaal-democratische deelname aan het kabinet werd beëindigd, kwam Hamer opnieuw met het voorstel. De liberale VVD liet later dat jaar weten het voorstel niet te zullen steunen, waardoor er geen meerderheid in de Tweede Kamer voor was. Die weigering had te maken met het feit dat de VVD ging regeren met het CDA. Er was dus wederom sprake van christelijke coalitiedwang.

Slob ‘hogelijk verbaasd’

Voormalig PvdA-Kamerlid Loes Ypma, die later korte tijd voorzitter was van de christelijke profielorganisatie Verus, probeerde het in 2014 opnieuw om algemene acceptatieplicht in de wet vast te leggen. De huidige onderwijsminister Arie Slob die toen namens de ChristenUnie in de Tweede Kamer zat, reageerde ‘hogelijk verbaasd’.

Slob zei dat het PvdA-plan voor algemene toegankelijkheid een oplossing zou zijn voor een niet bestaand probleem, omdat er nauwelijks scholen zouden zijn die leerlingen weigeren. Hij benadrukte dat als er scholen zijn die misbruik maken van de vrijheid van onderwijs, de rechter hen op de vingers kan tikken.

Lees het plan van de PvdA

Lees ook het Algemeen Dagblad dat uitgebreid bericht over het plan van Asscher.

Eerste school in nieuwbouwwijk altijd openbaar!

In een nieuwbouwwijk moet de eerste school altijd een openbare school zijn. Dat is een van de punten die VOS/ABB heeft ingebracht voor het gesprek in de Tweede Kamer over het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen.

Dat de eerste school in de wijk een openbare school moet zijn, vloeit direct voort uit artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. Daarin staat immers dat de overheid ‘zich ten taak stelt voor alle burgers gelegenheid tot schoolonderwijs te verschaffen’ en dat de vervulling van die taak niet afhankelijk mag zijn ‘van het ontbreken van particulier initiatief’.

Er staat ook in dat onderwijs niet een zaak is ‘waarvan het belang door particulier initiatief moet blijken’, maar dat het ‘uit zichzelf een publiek belang’ is dat de overheid ‘geheel zelfstandig’ dient te behartigen’.

Niet nog meer segregatie!

De bijdrage van VOS/ABB gaat ook in op de huidige segregatie in het Nederlandse en het risico dat het wetsvoorstel op dit vlak met zich meebrengt. ‘Dit heeft met name te maken met de mogelijkheid dat eenieder straks een eigen school kan oprichten volgens een eigen gekozen grondslag. Ieder hokje een eigen school: de hokjesschool.’

Het wetsvoorstel gaat niet uitgaat van de huidige 19 vastgestelde richtingen, maar van ontelbare richtingen. Op basis van elke visie of grondslag kan er straks een school worden ingericht met een eigen toelatingsbeleid. ‘Dit wetsvoorstel geeft niet zozeer meer ruimte voor een verrijking van het onderwijsaanbod, maar zorgt voor meer ruimte voor segregatie’, zo staat in de bijdrage van VOS/ABB.

Algemene toegankelijkheid noodzakelijk

Een ander punt dat VOS/ABB in het licht van het tegengaan van segregatie noemt, is de noodzaak van algemene toegankelijkheid. ‘De gelijkheid van bekostiging van ons onderwijs moet er immers voor zorgen dat wij met ons allen kunnen genieten van ons onderwijs.’

Algemene toegankelijkheid botst niet met schoolkeuze, omdat uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat slechts een klein percentage van de ouders bereid is extra te reizen voor een denominatie.

De punten die VOS/ABB heeft ingebracht, hebben nadrukkelijk de aandacht van de politiek. Dat bleek tijdens een gesprek in de Tweede Kamer over het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen.

Lees de bijdrage van VOS/ABB

Bij hokjesscholen is niemand gebaat!

Gelijke kansen, samen leren en goed onderwijs voor elk kind. Dat zijn mooie principes die passen bij de 21e eeuw. Dan moeten we niet met een nieuwe wet de oude hokjesgeest uit de verzuiling tot leven wekken.

De Tweede Kamer praat over het wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen. Toenmalig staatssecretaris Sander Dekker van OCW diende het in 2016 in. Hij zette het neer als een moderne interpretatie van artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. De huidige onderwijsminister Arie Slob brengt het nu als ‘meer vrijheid van onderwijs’.

Meer vrijheid, dat klinkt op zich natuurlijk positief. In werkelijkheid zal het wetsvoorstel echter de 20e-eeuwse verzuiling tot leven wekken, waarin veel mensen in hun eigen zuil gevangen zaten en niet zo vrij waren als nu. De kern van het wetsvoorstel is dat straks in principe iedereen een eigen school kan inrichten met eigen toelatingseisen.

Dus niet meer naast de openbare scholen, die nadrukkelijk van en voor iedereen zijn, alleen scholen met bijvoorbeeld een protestants-christelijke, rooms-katholieke of islamitische grondslag, maar ook scholen van splintergroeperingen. Zeg maar: ‘hokjesscholen’.

Voorzitter Jan Westert van het Landelijk Verband van Gereformeerd Schoolonderwijs kwam al met het idee om met de nieuwe wet in de hand aparte jongens- en meisjesscholen op te richten. Kunnen we straks ook aparte scholen verwachten voor mensen die het Spaghettimonster adoreren? Of wellicht meer realistisch: scholen voor kinderen van wie de ouders de Westerse democratische samenleving afwijzen?

Als het wetsvoorstel wordt aangenomen, behoort dat in de nabije toekomst helaas tot de mogelijkheden. Dat moeten we echt niet willen. In een gezonde samenleving krijgen alle kinderen gelijke kansen door op school op basis van gelijkwaardigheid en wederzijds respect met en van elkaar te leren. Niet apart, maar samen!

Hans Teegelbeckers, directeur VOS/ABB

‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’ naar Tweede Kamer

Het ministerie van OCW heeft een infographic gepubliceerd met uitleg over het wetsvoorstel ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’. Onderwijsminister Arie Slob het dit wetsvoorstel naar de Tweede Kamer gestuurd.

Het wetsvoorstel beoogt het mogelijk te maken een school te stichten op basis van belangstelling van ouders en leerlingen. Het zal daarbij niet nodig zijn om een bepaalde richting te kiezen. Ook een onderwijsconcept kan straks aan de basis liggen.

Minister Slob zegt dat er met dit wetsvoorstel, dat nog uit de vorige kabinetsperiode stamt, meer ruimte ontstaat ‘om scholen te starten die beter aansluiten op de wensen van ouders en leerlingen’.

Infographic en uitleg

In de infographic die het ministerie heeft gepubliceerd, staat stapsgewijs beschreven wat volgens de nieuwe wet de procedure zal zijn voor het stichten van een school. Op de website van Rijksoverheid staat meer informatie over het wetsvoorstel.

Onderwijsjuristen: 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Advies over rol schoolbesturen en verkenning artikel 23

De Onderwijsraad komt in 2019 onder andere met een advies over de rol van de schoolbesturen en een verkenning naar de toekomstbestendigheid van de vrijheid van onderwijs volgens artikel 23 van de Grondwet. Dat staat in het Werkprogramma 2019 van de Onderwijsraad.

De centrale vraag die aan de basis van het advies naar de rol van schoolbesturen zal liggen: ‘Hoe kunnen onderwijsbesturen hun rol optimaal vervullen?’.

Bij het beantwoorden van deze vraag zal onder meer aandacht uitgaan naar verschillen in bestuurskracht tussen scholen en onderwijssectoren. Er zal ook worden gekeken naar wat er in dit opzicht te leren valt van andere (semi)publieke sectoren, zoals de zorg.

Vrijheid van onderwijs

De Onderwijsraad zal ook een verkenning uitvoeren naar de toekomstbestendigheid van de vrijheid van onderwijs volgens artikel 23 van de Grondwet. Daarbij zal de vraag centraal staan of de vrijheid van onderwijs in het licht van diverse ontwikkelingen in de samenleving, de onderwijspraktijk en het onderwijsbeleid betekenisvol kan blijven.

Andere onderwerpen waarover de Onderwijsraad in 2019 advies zal uitbrengen:

  • Lezen en leesbevordering
  • Educatieve infrastructuur
  • Verschillen tussen jongens en meisjes in het onderwijs
  • Passend onderwijs

Tevens zal de Onderwijsraad een aantal wetgevingsadviezen uitbrengen:

  • Verruiming wettelijke mogelijkheden voor innovatie in het onderwijs
  • Modernisering bekostiging primair onderwijs
  • Thuisonderwijs
  • Wetsvoorstel NLQF (Nederlands kwalificatiekader)

Lees meer…

U schuift onder tijdsdruk Grondwet opzij. Mag dat?

Het fusieplan in Zeeuws-Vlaanderen dat voorziet in de opheffing van het openbaar voortgezet onderwijs in dat gebied en daarmee de Grondwet opzijschuift, is volgens onderwijsminister Arie Slob onder grote tijdsdruk tot stand gekomen. Dat heeft de minister gezegd tijdens een algemeen overleg in de Tweede Kamer over de gevolgen van demografische krimp op het onderwijs.

In Zeeuws-Vlaanderen bestaat het plan om de openbare Stedelijke Scholengemeenschap De Rede en het christelijke Zeldenrust-Steelantcollege in Terneuzen samen te voegen tot een nieuwe christelijke school voor voortgezet onderwijs. In de statuten van de nieuwe organisatie staat niets vermeld dat nog verwijst naar het openbaar onderwijs.

Als de fusie volgens plan doorgaat, zou in heel Zeeuws-Vlaanderen geen openbaar voortgezet onderwijs meer zijn, terwijl in artikel 23 van de Grondwet heel duidelijk de eis van alomtegenwoordigheid van openbaar onderwijs staat vermeld. Het fusieplan is dus in strijd met de Grondwet.

VOS/ABB heeft hierover aan de bel getrokken in een brief aan de Tweede Kamer. Verschillende Kamerleden, onder wie Kirsten van den Hul van de PvdA, Roelof Bisschop van de SGP en Peter Kwint van de SP, wilden hierover opheldering van de minister. Die antwoordde dat het fusieplan onder grote tijdsdruk tot stand is gekomen.

Eppo Bruins, net als de minister van de ChristenUnie, benadrukt in reactie op het standpunt van VOS/ABB, dat de aanwezigheid van openbaar onderwijs van groot belang is voor een pluriform en divers aanbod.

De reactie van de minister doet de vraag rijzen of tijdsdruk een rechtvaardiging kan zijn om de Grondwet opzij te schuiven.

Stop ongrondwettelijke krimpaanpak Zeeuws-Vlaanderen!

Directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB geeft in een brief aan de Tweede Kamer aan waarom de voorgenomen fusie van het voortgezet onderwijs in krimpgebied Zeeuws-Vlaanderen indruist tegen artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. Hij benadrukt dat er moet worden gekozen voor een andere vorm van samenwerking die wél aan de Grondwet voldoet. Die mogelijkheid is er: de samenwerkingsschool.

Het fusieplan in Zeeuws-Vlaanderen voorziet in de samenvoeging van de openbare Stedelijke Scholengemeenschap De Rede en het christelijke Zeldenrust-Steelantcollege in Terneuzen tot een nieuwe christelijke school voor voortgezet onderwijs. In de statuten van de nieuwe organisatie staat niets vermeld dat nog verwijst naar het openbaar onderwijs.

Als de fusie volgens plan doorgaat, zou dus in heel Zeeuws-Vlaanderen geen openbaar voortgezet onderwijs meer zijn, terwijl in artikel 23 van de Grondwet heel duidelijk de eis van alomtegenwoordigheid van openbaar onderwijs staat vermeld.

In de brief aan de Tweede Kamer wordt ook gewezen op inconsequenties in beleid. Zo staat in het regeerakkoord dat het kabinet de vrijheid van onderwijs hoog acht en zelfs wil versterken, terwijl de krimpaanpak in Zeeuws-Vlaanderen diezelfde vrijheid van onderwijs opzijschuift.

Bovendien negeert Slob met zijn aanpak bewust de mogelijkheid van de samenwerkingsschool van openbaar en bijzonder onderwijs. Daarvoor is nota bene na vier decennia politieke discussie de Grondwet gewijzigd. Als in Terneuzen wordt gekozen voor de samenwerkingsschool, wordt wel aan de Grondwet voldaan.

Lees de brief aan de Tweede Kamer

Gemeenteraad schuift bij scholenfusie Grondwet opzij

De gemeenteraad van Terneuzen heeft dinsdagavond ingestemd met de fusie van de openbare Stedelijke Scholengemeenschap De Rede met het christelijke Zeldenrust-Steelantcollege, meldt de Provinciale Zeeuwse Courant (PZC). Het is opmerkelijk dat de raad hiermee akkoord is gegaan, omdat de fusie niet voldoet aan de grondwettelijke eis dat overal in Nederland openbaar onderwijs moet zijn.

Met de fusie verdwijnt het openbaar voortgezet onderwijs uit Zeeuws-Vlaanderen. De fusieschool krijgt een christelijke identiteit. In de statuten staat niets vermeld dat verwijst naar het openbaar onderwijs, terwijl dat op basis van de Grondwet overal in Nederland, dus ook in Zeeuws-Vlaanderen, voorhanden moet zijn.

De Zeeuwse krant schrijft dat het voor de gemeenteraad het belangrijkste is dat er goed voortgezet onderwijs in het gebied blijft bestaan en dat er nu moet worden doorgepakt. De raad heeft hiermee de grondwettelijk vereiste alomtegenwoordigheid van openbaar onderwijs opzijgeschoven.

De PZC meldt dat waarnemend directeur Piet de Witte van De Rede als inspreker in de raadscommissie nog wel heeft benadrukt dat de algemene toegankelijkheid voor leerlingen en docenten gegarandeerd blijft, maar dat staat niet als zodanig in de statuten.

Fusieplan Zeeuws-Vlaanderen botst met Grondwet

Als de fusieplannen voor het voortgezet onderwijs in Zeeuws-Vlaanderen ongewijzigd doorgaan, kunnen ouders die openbaar onderwijs willen daar nergens meer terecht. Adviseur Ronald Bloemers van VOS/ABB noemt dat in de Provinciale Zeeuwse Courant (PZC) een ‘unieke situatie’ die botst met de Grondwet.

Het voornemen is om de enige openbare middelbare school in Zeeuws-Vlaanderen, SSG De Rede in Terneuzen, per 1 augustus te laten opgaan in het christelijke Zeldenrust-Steelantcollege. Als dat doorgaat, ontstaat de voor Nederland unieke situatie dat er in een groot gebied geen openbaar voortgezet onderwijs meer is, terwijl in artikel 23 van de Grondwet is vastgelegd dat dat wel moet.

Bloemers wijst erop dat in de statuten van de fusieschool helemaal nergens iets vermeld staat over openbaar onderwijs. Hij vindt dat buitengewoon vreemd, omdat ook ouders van leerlingen die bewust voor openbaar onderwijs kiezen zich in de nieuwe fusieschool moeten kunnen herkennen. ‘Anders loop je de kans dat nog meer leerlingen naar België trekken’, aldus Bloemers in de PZC.

Brief aan gemeenteraad

De gemeenteraad van Terneuzen spreekt aanstaande dinsdagavond over de voorgenomen fusie. VOS/ABB dringt er in een brief aan de gemeenteraad op aan om niet akkoord te gaan met het plan zoals dat nu voorligt, omdat dat dat niet voldoet aan de grondwettelijke eis dat overal openbaar onderwijs moet zijn.

Lees de brief

SP brengt algemene acceptatieplicht weer in beeld

De SP in de Tweede Kamer pleit opnieuw voor algemene acceptatieplicht in het onderwijs. Dat zou betekenen dat ook scholen voor bijzonder onderwijs, die nu nog leerlingen mogen weigeren op grond van hun levensovertuiging, voortaan alle leerlingen moeten toelaten.

De Tweede Kamer verklaarde het wetsvoorstel voor algemene acceptatieplicht in april vorig jaar controversieel, waardoor het niet meer in de demissionaire periode van het vorige kabinet-Rutte kon worden behandeld.

Het wetsvoorstel werd al in 2005 ingediend door voormalig PvdA-Tweede Kamerlid en huidig SER-voorzitter Mariëtte Hamer. Na advisering door de Raad van State in 2006 en een aantal wijzigingsvoorstellen in datzelfde jaar bleef het echter vier jaar stil.

In 2010 kwam de regeling wederom aan bod in de Tweede Kamer en ook in 2014, waarna de Onderwijsraad er mede op aandringen van toenmalig PvdA-Kamerlid en huidig Verus-voorzitter Loes Ypma een advies over uitbracht. Daarna bleef het wederom stil tot het wetsvoorstel vorig jaar dus controversieel werd verklaard.

Algemene acceptatieplicht: iedereen welkom!

De SP heeft het idee voor algemene acceptatieplicht nu weer naar boven gehaald. Om de wenselijkheid ervan te illustreren, verwijst SP-Tweede Kamerlid Peter Kwint naar het feit dat in het openbaar onderwijs iedereen welkom is. De vrijheid van onderwijs, zoals vastgelegd in artikel 23 van de Grondwet, moet wat hem betreft worden gewijzigd:

De onderste tweet van Kwint staat in het teken van thuisonderwijs. De SP’er is erop tegen dat ouders op grond van hun levensovertuiging voor hun kinderen een ontheffing van de leerplicht kunnen krijgen.

Algemene acceptatieplicht voor gelijke kansen

VOS/ABB, de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) en het platform CBOO stuurden in maart vorig jaar een gezamenlijke brief naar de Tweede Kamer om het belang van algemene acceptatieplicht te benadrukken.

Directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB had daarvoor in een commentaar op deze website laten weten dat het hoog tijd is dat algemene acceptatieplicht wordt ingevoerd om gelijke talenten daadwerkelijk gelijke kansen te geven.

OCW vindt openbaar onderwijs voldoende gewaarborgd

De garantie van voldoende openbaar onderwijs is in de wet nog steeds goed geregeld. Dat melden de onderwijsministers Ingrid van Engelshoven en Arie Slob in hun beleidsreactie op het advies Decentraal onderwijsbeleid bij de tijd van de Onderwijsraad.

De regels voor stichting- en instandhouding van scholen regelen dat er sprake moet zijn van voldoende openbaar onderwijs en dat gemeenten en provincies daarvoor verantwoordelijk zijn. Zo moet een fusie, opheffing of het omzetten van een openbare school aan de gemeente voorgelegd worden. ‘Er zijn geen signalen dat deze bepalingen niet voldoen’, aldus Van Engelshoven en Slob in hun beleidsreactie.

Zeeuws-Vlaanderen

Het lijkt er sterk op dat de ministers in hun reactie de situatie in krimpregio Zeeuws-Vlaanderen bewust buiten beschouwing hebben gelaten. Daar kan door een voorgenomen fusie in Terneuzen het openbaar voortgezet onderwijs verdwijnen. VOS/ABB wijst erop dat dan niet meer wordt voldaan aan de eis dat er overal voldoende openbaar onderwijs moet zijn.

Slob is het daar niet mee eens, zo liet hij onlangs weten. Volgens hem kan er ‘bij wet van dit uitgangspunt worden afgeweken’. De ChristenUnie-minister vindt niet dat in elke gemeente een school voor openbaar voortgezet onderwijs moet zijn.

Download beleidsreactie

Ouders zetten vraagtekens bij fusie Zeeuws-Vlaanderen

Ouders zetten vraagtekens bij de voorgenomen fusie van de openbare Stedelijke Scholengemeenschap De Rede en het christelijke Zeldenrust-Steelantcollege in Terneuzen, meldt Omroep Zeeland.

Volgens de regionale zender is het belangrijkste struikelblok bij de fusie het behoud van identiteit. Het plan tot fusie voorziet in een christelijke school waarin het openbaar onderwijs niet meer bestaat. Daarmee zou het openbaar voortgezet onderwijs uit Zeeuws-Vlaanderen verdwijnen.

‘Ik hoop dat kinderen hun eigen identiteit kunnen behouden. Gelovig of niet’, zo citeert Omroep Zeeland de vader van een leerling van De Rede. Er zijn ook ouders die vinden dat een christelijke school tegenwoordig nog maar heel weinig verschilt van een openbare school.

Fusie moet aan Grondwet voldoen

VOS/ABB benadrukt dat de voorgenomen fusie in Zeeuws-Vlaanderen indruist tegen de garantiefunctie van het openbaar onderwijs, zoals die is vastgelegd in artikel 23 van de Grondwet. 

Het uitgangspunt is kort gezegd dat openbaar onderwijs móet en dat bijzonder onderwijs mág. De Grondwet geldt (natuurlijk) ook voor Zeeuws-Vlaanderen, wat inhoudt dat De Rede als enige openbare vo-school in het gebied niet mag opgaan in een christelijke school.

Samenwerkingsschool

Een simpele oplossing is om in Terneuzen te kiezen voor een samenwerkingsschool van zowel openbaar als bijzonder onderwijs, zoals dat ook elders in het land gebeurt.

VOS/ABB adviseert alle betrokken instanties om het plan van aanpak mede op basis hiervan vorm te geven. Dan past het, zoals het hoort, binnen de nadrukkelijk vastgelegde kaders van de Nederlandse Grondwet.

Krimpaanpak Zeeuws-Vlaanderen moet binnen Grondwet

Alle betrokkenen bij het proces in krimpregio Zeeuws-Vlaanderen om daar een adequaat aanbod van voortgezet onderwijs te behouden, zijn het met elkaar eens over een plan van aanpak. VOS/ABB juicht een breedgedragen en zorgvuldige aanpak toe op basis van de garantiefunctie van het openbaar onderwijs zoals die in de Nederlandse Grondwet is vastgelegd.

De positieve inzet van de ministeries van OCW en Binnenlandse Zaken, de provincie Zeeland, de drie gemeenten in Zeeuws-Vlaanderen en betrokken schoolbesturen is dat het gebied een adequaat aanbod van voortgezet onderwijs moet behouden.

Openbaar onderwijs

Een punt van nadrukkelijke aandacht is echter dat het plan van aanpak is gebaseerd op een advies van de Taskforce Zeeuws-Vlaanderen, die bij het opstellen daarvan geen oog heeft gehad voor de grondwettelijke garantiefunctie van het openbaar onderwijs.

De opzet is om van vier naar één schoolbestuur voor algemeen bijzonder onderwijs en van vier scholen naar drie scholen voor voortgezet onderwijs te gaan. Daarbij zou de openbare Stedelijke Scholengemeenschap De Rede in Terneuzen opgaan in het christelijke Zeldenrust-Steelantcollege, wat het einde zou zijn van het openbaar voortgezet onderwijs in Zeeuws-Vlaanderen.

Artikel 23 Grondwet

Artikel 23 van de Grondwet bepaalt echter dat overal in Nederland openbaar onderwijs moet zijn. Het grondwettelijke uitgangspunt is kort gezegd dat openbaar onderwijs moet en dat bijzonder onderwijs mag. De Grondwet geldt (natuurlijk) ook voor Zeeuws-Vlaanderen, wat inhoudt dat De Rede als enige openbare vo-school in het gebied niet mag opgaan in een christelijke school.

Een simpele oplossing is om in Terneuzen te kiezen voor een samenwerkingsschool van zowel openbaar als bijzonder onderwijs, zoals dat ook elders in het land gebeurt. VOS/ABB adviseert alle betrokken instanties om het plan van aanpak mede op basis hiervan vorm te geven en om dat tevens te doen binnen de nadrukkelijk vastgelegde kaders van de Nederlandse Grondwet.

Informatie: Hans Teegelbeckers, 06-51603209, hteegelbeckers@vosabb.nl

Openbaar onderwijs moet, ook in Zeeuws-Vlaanderen

Het plan dat voor Zeeuws-Vlaanderen is gepresenteerd om daar voldoende voortgezet onderwijs te behouden, is ongrondwettelijk, benadrukt directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB in Trouw.

Teegelbeckers herhaalt in de krant wat hij eerder in een nieuwsbericht op deze website benadrukte, namelijk dat er in grondwettelijke zin niets van het plan van de Taskforce Zeeuws-Vlaanderen klopt om de openbare en de christelijke school voor voortgezet onderwijs in Terneuzen samen te voegen tot een christelijke school. Ook het plan om deze krimpregio bestuurlijk onder de vlag van het algemeen bijzonder onderwijs te brengen, druist in tegen de Grondwet.

‘De overheid heeft de plicht om te zorgen voor openbare scholen in de regio. Dat staat in artikel 23 van onze Grondwet. Ik constateer een blinde vlek voor het belang van het openbaar onderwijs’, aldus Teegelbeckers in Trouw. Een simpele oplossing is om te kiezen voor een samenwerkingsschool van zowel openbaar als bijzonder onderwijs, zoals dat ook elders in het land gebeurt.

Grondwet geldt ook in Zeeuws-Vlaanderen

De Terneuzense PvdA-wethouder Cees Liefting houdt echter vast aan de oplossing die de taskforce voorstaat, hoewel die oplossing dus niet te rijmen valt met de Grondwet. ‘Na veel onderhandelen, is dit eruit gekomen’, aldus Liefting.

Oud-voorzitter Kete Kervezee van de PO-Raad, die de Taskforce Zeeuws-Vlaanderen leidde, ziet de botsing met de Grondwet evenmin als een probleem. Zij verkeert in de veronderstelling dat het plan aan artikel 23 voldoet als de christelijke fusieschool een identiteitscommissie krijgt en geen enkele leerling weigert.

Lees het artikel in Trouw.

Lees ook de column van Hans Teegelbeckers in het decembernummer van ons magazine Naar School!.

Zeeuws-Vlaanderen krijgt niet de ‘eilandenstatus’

Het voortgezet onderwijs in Zeeuws-Vlaanderen hoeft niet te rekenen op extra geld. Onderwijsminister Arie Slob laat in antwoord op Kamervragen weten dat het gebied niet de ‘eilandenstatus’ krijgt, zoals die geldt voor de Waddeneilanden. Ook stelt hij dat er geen onderwijsgeld naar Zeeuws-Vlaamse startgroepen voor kinderen van twee tot vier jaar zal gaan.

Slob wijst erop dat de Beleidsregel uitzonderingsscholen VO 2013 extra bekostiging toekent aan scholen onder de opheffingsnorm die op eilanden staan. ‘De school moet daarvoor omringd zijn door water en niet verbonden door een brug of tunnel’, aldus de minister.

Het doel van de beleidsregel is volgens Slob om scholen die vanwege zeer specifieke omstandigheden onder de opheffingsnorm zitten, niet op te heffen en te kunnen blijven bekostigen. Hij erkent dat de vier scholen voor voortgezet onderwijs in Zeeuws-Vlaanderen te kampen met teruglopende leerlingenaantallen, maar hij wijst er ook op dat ze allemaal ruim boven de opheffingsnorm zitten.

Openbaar onderwijs móet

De antwoorden van Slob volgen op vragen van SP-Tweede Kamerlid Peter Kwint en zijn collega’s Lisa Westerveld van GroenLinks en Kirsten van den Hul van de PvdA over het adviesrapport Gewoon goed onderwijs!. Daarin staat dat het voortgezet onderwijs in Zeeuws-Vlaanderen vanwege bevolkingskrimp terug moet van vier verschillende schoolbesturen naar één bestuur voor bijzonder onderwijs en van vier scholen naar drie scholen.

Directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB wijst erop dat het advies indruist tegen de Grondwet. Als het advies werkelijkheid wordt, verdwijnt namelijk het openbaar voortgezet onderwijs in Zeeuws-Vlaanderen en dan is er geen sprake meer van het duale bestel, zoals dat is vastgelegd in artikel 23 van de Grondwet. Dit artikel bepaalt expliciet dat overal in Nederland openbaar onderwijs moet zijn.

Minister Slob heeft aan VOS/ABB laten weten dat hij met een reactie zal komen op de constatering dat het advies van de Taskforce Zeeuws-Vlaanderen tegen Grondwet indruist. De vragen van Kwint, Westerveld en Van den Hul gingen hier niet over.

Startgroepen en kinderopvang

De vragen gingen wel over structurele financiering van startgroepen voor kinderen van twee tot vier jaar. Daarmee zou kunnen worden voorkomen dat Nederlandse ouders in Zeeuws-Vlaanderen kiezen voor scholen in België, waar kinderen al vanaf 2,5 jaar welkom zijn en die bovendien spotgoedkope kinderopvang aanbieden.

De minister merkt over de financiering van dergelijke startgroepen op dat onderwijsgeld daar niet voor bedoeld is. ‘Kinderopvang en startgroepen vallen onder de verantwoordelijkheid van de minister van SZW’, aldus Slob, die daaraan toevoegt dat hij deze kwestie onder de aandacht zal brengen van zijn collega Wouter Koolmees.

Nieuw boek over duale bestel gepresenteerd

Op het congres ‘100 Jaar Vrijheid van Onderwijs’ is het boek De houdbaarheid van het duale bestel gepresenteerd.

Het boek is uitgebracht vanwege het feit dat het 100 jaar geleden is dat in 1917 in grondwetsartikel 23 de gelijke overheidsbekostiging van openbaar en bijzonder onderwijs is vastgelegd. De redactie was in handen van Miek Laemers. Zij is bijzonder hoogleraar onderwijsrecht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Aan de publicatie werkten ook andere wetenschappers van de VU mee, alsmede bijzonder hoogleraar Pieter Huisman van de Erasmus Universiteit Rotterdam. De bijzondere leerstoel van Huisman wordt mede in stand gehouden door VOS/ABB.

Het congres waarop het boek werd gepresenteerd, was georganiseerd door VOS/ABB in samenwerking met de profielorganisatie Verus, VBS, LVGS en ISBO.

Sprekers waren wiskundeleraar René Kneyber die lid is van de Onderwijsraad, de Nijmeegse hoogleraar Ben Vermeulen die onder meer verbonden is aan de Raad van State, hoogleraar Maarten Simons van KU Leuven en trendwatcher Farid Tabarki. Het congres was vrijdag op landgoed Zonheuvel in Doorn.

Er is verslag van het congres gemaakt.

Het boek De houdbaarheid van het duale bestel kan worden besteld via Miek Laemers: m.t.a.b.laemers@vu.nl. Het kost 15 euro (ex. btw en ex. verzendkosten).

Katholieke en protestantse scholen verliezen terrein

In het voortgezet onderwijs verliezen katholieke en protestants-christelijke scholen terrein. In het primair onderwijs is de verhouding stabiel. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Bijna drie op de tien leerlingen gaan naar openbare scholen. Dat is al decennia zo in het primair onderwijs. Inmiddels is dat in het voortgezet onderwijs ook zo. Sinds de jaren 80 is wat dit betreft een stijgende lijn te zien.

Katholieke en protestants-christelijke scholen voor voortgezet onderwijs verliezen niet alleen terrein aan openbare scholen, maar ook aan andere bijzondere scholen, zoals islamitische, reformatorische en joodse scholen.

Lees meer…

De staat van het openbaar onderwijs

VOS/ABB, de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) en het platform CBOO hebben woensdag op een gezamenlijk symposium in Amersfoort de publicatie De staat van het openbaar onderwijs gepresenteerd. 

Aanleiding voor de publicatie is dat honderd jaar geleden met artikel 23 over de vrijheid van onderwijs de gelijke overheidsbekostiging van openbare en bijzondere scholen in de Nederlandse Grondwet werd vastgelegd.

Openbaar onderwijs presteert goed

In het eerste deel van de publicatie laat onderwijssocioloog Sjaak Braster van de Erasmus Universiteit Rotterdam aan de hand van gegevens van het onderwijsprogramma PISA van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) zien hoe het openbaar onderwijs presteert. Hij concludeert  dat Nederlandse openbare scholen het bijzonder goed doen vergeleken met openbare scholen in ons omringende landen.

De laatste jaren worden de verschillen tussen openbaar en bijzonder onderwijs steeds kleiner, ziet Braster. Dat geldt voor cognitieve onderwijsopbrengsten, maar ook voor de niet-cognitieve: leerlingen van openbare en bijzondere scholen voelen zich over het algemeen thuis op hun school, waarbij hij opmerkt dat openbare scholen het op dat vlak net iets beter  doen dan bijzondere scholen.

Hij laat ook zien dat de sociaaleconomische achtergrond van leerlingen in het openbaar onderwijs tegenwoordig niet meer van invloed is op lees-, reken- en natuurkundeprestaties. Bovendien toont Braster aan dat een hoog percentage anderstalige leerlingen geen effect meer heeft op individuele prestaties. Hij noemt dat een verdienste van het Nederlandse onderwijs, waarin de verschillen tussen openbare en bijzondere scholen nog maar klein zijn.

Kernwaarden openbaar onderwijs

Het tweede deel van deze publicatie bestaat uit een verzameling inspirerende essays. Verschillende auteurs laten aan de hand van praktijkvoorbeelden en vaak op heel persoonlijke wijze zien hoe uniek het openbaar onderwijs voor hen was en is. De auteurs kennen zeer diverse achtergronden: leerkracht, ouder, schoolleider, student, wetenschapper, journalist enzovoort. Deze diverse achtergronden betekenen evenzovele invalshoeken.

Aan de hand van de kernwaarden van het openbaar onderwijs, die door VOS/ABB, de VOO en het CBOO worden gedeeld, komen verleden, heden en toekomst aan bod. Het gaat onder andere over de kernwaarde dat in het openbaar onderwijs elke leerling welkom is, ongeacht zijn of haar achtergrond. Ook algemene benoembaarheid komt aan bod. Deze elementen van diversiteit en wederzijds respect zijn kenmerkend voor het openbaar onderwijs, dat immers van en voor iedereen is.

Publicatie bestellen

Deelnemers aan het symposium in Amersfoort hebben De staat van het openbaar onderwijs gekregen. Wilt ook u de publicatie ontvangen? Stuurt u dan een mailtje naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘De staat van het openbaar onderwijs’, uw naam, uw adres en de organisatie waarvoor u werkt.

Leden van VOS/ABB en VOO betalen 15 euro per stuk, niet-leden 25 euro per stuk (dat is inclusief verzendkosten).

De publicatie staat online in de vorm van een flipbook dat u op uw scherm kunt lezen en als pdf-document dat u kunt downloaden en eventueel kunt printen.

Schoolvoorbeelden: 100 jaar onderwijsdiversiteit

Naar aanleiding van het feit dat het 100 jaar geleden is dat openbaar en bijzonder onderwijs financieel gelijk werden gesteld, is het boek Schoolvoorbeelden: 100 jaar onderwijsdiversiteit in 10 portretten verschenen.

De auteurs Bea Ros en Peter Zunneberg interviewden voor hun boek tien Nederlanders over hun tijd op de basisschool. ‘Hun verhalen verbeelden honderd jaar onderwijs in vele soorten en smaken’, meldt Ten Brink Uitgevers.

Daarnaast komen in het boek politici en onderwijsmensen aan het woord over de vraag in hoeverre artikel 23 van de Grondwet nog bij de tijd is.

Het boek kost 22,50 euro. U kunt het bestellen bij Ten Brink Uitgevers.

Tentoonstelling in Dordrecht

In samenwerking met onder anderen de auteurs van dit boek hebben Het Hof van Nederland en het Nederlands Onderwijsmuseum in Dordrecht de tentoonstelling Vrijheid blijheid? samengesteld. De expositie is tot eind maart 2018 te zien.

Symposium ‘De staat van het openbaar onderwijs’

VOS/ABB, de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) en het platform CBOO organiseren een landelijk symposium naar aanleiding van 100 jaar onderwijspacificatie. Op dit congres op woensdag 13 september in De Observant in Amersfoort wordt de gezamenlijke publicatie De staat van het openbaar onderwijs gepubliceerd.

Het is 100 jaar geleden dat er een politiek staakt-het-vuren werd gesloten over de gelijke bekostiging van het bijzonder onderwijs. Dat werd in 1917 vastgelegd in artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. Hiermee kwam een formeel einde aan de jarenlange schoolstrijd in Nederland.

Onderzoek

De drie landelijke organisaties in het openbaar onderwijs grijpen deze gelegenheid aan om een gezamenlijk symposium te organiseren over de staat van het openbaar onderwijs.

Bij het symposium hoort de gezamenlijke uitgave De staat van het openbaar onderwijs. Daarin zal worden ingegaan op het openbaar onderwijs in het verleden, het heden en de toekomst. Auteurs die een bijdrage leveren aan deze uitgave, zullen diverse workshops verzorgen.

Meer informatie en aanmelden.

Symposium ‘100 jaar onderwijsvrijheid: hoe vrij is vrij?’

Op zaterdag 9 september kunt u in het Nationaal Onderwijsmuseum in Dordrecht naar het symposium 100 jaar onderwijsvrijheid: hoe vrij is vrij?.

Tijdens dit symposium worden kritische kanttekeningen geplaatst bij de onderwijspacificatie van 1917. Het gaat om de vraag van wie de school eigenlijk is als de overheid die financiert en de inspectie de kwaliteit ervan bewaakt.

Onderzoeker John Exalto van de Vrije Universiteit in Amsterdam zal tijdens het symposium zijn nieuwe boek Van wie is het kind? Twee eeuwen onderwijsvrijheid in Nederland presenteren. Vanaf 7 september is ook de tentoonstelling Vrijheid, blijheid? te zien in museum Hof van Nederland in Dordrecht.

De staat van het openbaar onderwijs

Op woensdag 13 september is in Amersfoort het symposium De staat van het openbaar onderwijs, waar het gelijknamige boek zal worden gepresenteerd. Dit symposium en deze uitgave worden verzorgd door VOS/ABB en de Vereniging Openbaar Onderwijs.

Lees meer…

Samenwerkingsscholen: Onderwijsraad leeft in verleden

Het negatieve advies van de Onderwijsraad over de instandhouding van samenwerkingsscholen door stichtingen voor openbaar onderwijs is gebaseerd op achterhaalde omstandigheden van vijftien jaar geleden. Daarom neemt de regering het niet over, meldt staatssecretaris Sander Dekker van OCW.

De Onderwijsraad stelde zich op het standpunt dat stichtingen voor openbaar onderwijs geen samenwerkingsscholen in stand kunnen houden, omdat dat buiten de constitutionele kaders zou zijn. Dekker meldt de Eerste Kamer in een nadere memorie van toelichting over de vereenvoudiging van de vorming van samenwerkingsscholen, dat de argumentatie van de Onderwijsraad is achterhaald.

Er hebben zich volgens hem ontwikkelingen voorgedaan die de verschillen tussen openbaar en bijzonder onderwijs hebben verkleind. Hij noemt als voorbeelden dat het meeste openbaar onderwijs tegenwoordig bestuurlijk is verzelfstandigd en dat de verschillen tussen ambtenaren (openbaar onderwijs) en werknemers (bijzonder onderwijs) aanzienlijk zijn verkleind.

De staatssecretaris stelt dat hij de overeenkomsten en mogelijkheden wil benadrukken. ‘De kern van het duale systeem is immers dat aan zowel openbaar als bijzonder onderwijs zo goed mogelijk recht wordt gedaan. De regering is van oordeel dat door haar gekozen vormgeving van de samenwerkingsschool op schoolniveau (in plaats van op bestuursniveau) ertoe leidt dat het ook mogelijk is dat een samenwerkingsschool door een stichting voor openbaar onderwijs in stand wordt gehouden.’

De uitleg van de staatssecretaris volgt op vragen van de ChristenUnie.

Lees meer…

Conferentie 100 jaar onderwijspacificatie

Op 17 november houdt VOS/ABB in Doorn samen met de profielorganisaties ISBO, LVGS, VBS, Verus en VGS een landelijke conferentie over 100 jaar onderwijspacificatie.

De (financiële) gelijkstelling van het openbaar en bijzonder onderwijs die in 1917 tot stand kwam heeft ertoe geleid dat er in Nederland een diversiteit aan scholen is ontstaan. Met de andere profielorganisaties willen we in beeld brengen wat dit 100-jarig jubileum voor het verleden, heden en de toekomst betekent. Dit doen wij met een gezamenlijk congres.

Wat kunt u verwachten?

Een van de sprekers is Ben Vermeulen, hoogleraar, lid van de Raad van State en specialist in het Nederlandse en internationale onderwijsrecht. Hij zal ingaan op de huidige maatschappelijke situatie in relatie tot het duale onderwijsbestel en een aantal recente ontwikkelingen daarin.

Maarten Simons, hoofddocent Educatie en samenleving aan de Katholieke Universiteit van Leuven, zal vanuit onderwijskundig perspectief over de vrijheid van onderwijs spreken. Henriëtte Maassen van den Brink, onder andere hoogleraar Evidence based education aan de Universiteit Maastricht en voorzitter van de Onderwijsraad, zal ingaan op de toekomst van het Nederlandse onderwijs in relatie tot artikel 23 van de Grondwet.

U hoeft niet alleen te luisteren: u gaat ook met elkaar in gesprek over de toekomst van het onderwijs en uw droomschool. Trendwatcher Farid Tabarki denkt daarbij met u mee.

U bent van harte welkom! Blokkeert u vrijdag 17 november alvast in uw agenda? Het congres zal plaatsvinden op Landgoed Zonheuvel in Doorn. Na de zomervakantie kunt u zich voor het congres aanmelden.

Deelname is gratis. Let op: als u zich aanmeldt en uiteindelijk zonder dat te melden niet komt, zal 50 euro in rekening worden gebracht.

Let op: op woensdag 13 september houdt VOS/ABB in samenwerking met de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) en het platform CBOO een ander landelijk congres over de onderwijspacificatie. Tijdens dit congres in Amersfoort zullen de uitkomsten worden gepresenteerd van een onderzoek naar de positie van het openbaar onderwijs, waarin de kernwaarden van het openbaar onderwijs uitgangspunt zijn.

Lees meer…

‘Bijzonder onderwijs moet niet al te bijzonder worden’

‘Bijzonder onderwijs is goed, maar het moet niet al te bijzonder worden’. Dat heeft rechtsgeleerde en CDA-politicus Ernst Hirsch Ballin gezegd op het congres van de PO-Raad in Nijkerk. Hirsch Ballin deed zijn uitspraak in het licht van 100 jaar onderwijspacificatie en artikel 23 van de Grondwet over de gelijke overheidsbekostiging van openbaar en bijzonder onderwijs.

Hij bedoelde ermee dat we er in Nederland voor moeten oppassen dat er in het bijzonder onderwijs stromingen opkomen die onvoldoende oog hebben voor gedeeld burgerschap. Hij noemde als voorbeeld bepaalde islamitische scholen.

‘De externe pluriformiteit’ van het bijzonder onderwijs moet volgens Hirsch Ballin altijd dienstbaar blijven aan ‘de interne cohesie van een samenleving met gedeeld burgerschap’.  Hij voegde eraan toe dat de vrijheid van godsdienst niet los mag worden gezien van andere fundamentele rechten en vrijheden.

Hij riep er in zijn speech tijdens het congres van de PO-Raad toe op om burgerschapsonderwijs te betrekken in de kwaliteitseisen die de overheid aan scholen stelt.