Constructief overleg over modelovereenkomsten

Er vindt zeer constructief overleg plaats met de Belastingdienst om drie modelovereenkomsten van opdracht goedgekeurd te krijgen. Het overleg met de Belastingdienst wordt mede namens VOS/ABB door collega-organisatie Verus gevoerd.

De Belastingdienst heeft verzocht om een toelichting en meer modelovereenkomsten. De aangepaste versies zullen ter goedkeuring bij de dienst worden neergelegd. Het streven is de (goedgekeurde) modelovereenkomsten in de vroege herfst te publiceren.

Wacht op goedkeuring modelovereenkomsten

Indien mogelijk adviseren wij u te wachten op de goedgekeurde modelovereenkomsten. Als dat niet mogelijk is, kunt u zelf een overeenkomst van opdracht voorleggen aan de Belastingdienst.

De Helpdesk van VOS/ABB kan u hierover adviseren, maar ons advies kan natuurlijk nooit in de plaats komen van de vereiste goedkeuring door de Belastingdienst!

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Wet DBA door Eerste Kamer, VAR weg per 1 mei

De Eerste Kamer is dinsdag akkoord gegaan met de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Wet DBA). De Verklaring arbeidsrelatie (VAR) vervalt per 1 mei 2016.

De Wet DBA houdt in dat opdrachtgevers en opdrachtnemers overeenkomsten ter beoordeling kunnen voorleggen aan de Belastingdienst. Partijen kunnen hieraan zekerheid ontlenen omtrent de inhoudingsplicht van loonheffingen.

De Belastingdienst zal beoordeelde overeenkomsten openbaar maken, zodat andere opdrachtgevers en opdrachtnemers ze kunnen gebruiken.

De voorbereidingsfase van de afschaffing van de VAR loopt tot 1 mei 2016. Dan komt de VAR te vervallen en begint de implementatiefase, die loopt tot 1 mei 2017. Vanaf dat moment wordt de Wet DBA gehandhaafd.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Fiscale gevolgen voor beloning toezichthouders

Vanaf 1 januari 2016 gelden andere fiscale spelregels voor de beloning van toezichthouders in het onderwijs. Govers Onderwijs Accountants geeft een toelichting.

Bij een beloning voor toezichthouders in het onderwijs is volgens de huidige wet veelal sprake van een fictieve dienstbetrekking. Het schoolbestuur is daardoor verplicht om loonbelasting en premies volksverzekeringen in te houden op de toezichtbeloning en af te dragen aan de Belastingdienst. In de huidige situatie kan dit worden voorkomen als sprake is van een zogenaamde VAR-verklaring (Verklaring Arbeidsrelatie).

Op 1 januari 2016 maakt de VAR plaats voor de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (Wet DBA). ‘Met deze nieuwe wet krijgen we een ‘nieuwe VAR’. Inhouding van loonheffing kan alleen achterwege blijven als sprake is van een overeenkomst (tussen schoolbestuur en toezichthouder), die vooraf is goedgekeurd door de Belastingdienst’, zo schrijft Govers Onderwijs Accountants.

Er is echter inmiddels een overgangsregeling kenbaar gemaakt, waardoor de VAR wordt gehandhaafd tot 1 april 2016. ‘Daarbij is de toezegging gedaan dat tot 1 januari 2017 een duidelijke, gerichte coulanceperiode wordt gehanteerd.’

Deze overeenkomst voorkomt echter niet dat sprake is van een (fictieve) dienstbetrekking. ‘De mogelijkheid tot vrijwaring voor de loonheffing ten aanzien van de toezichthouder komt met afschaffing van de VAR-verklaringen te vervallen. Met andere woorden, vanaf 1 januari 2016 moeten schoolbesturen, waarvoor een toezichthouder werkzaamheden verricht, altijd loonheffingen inhouden en afdragen aan de Belastingdienst.’

Lees meer…

VAR verdwijnt: zzp’er moet overeenkomst sluiten

Op de website van de Belastingdienst staan voorbeeldovereenkomsten voor de situatie per 1 januari 2016, wanneer de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) zal zijn verdwenen.

De VAR wordt vervangen door overeenkomsten die door de Belastingdienst worden beoordeeld. Dat heeft alles te maken met de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelatie (DBA). De overeenkomsten moeten ervoor zorgen dat schijnzelfstandigheid wordt tegengegaan. Het gaat hierbij voornamelijk om zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) die werken via intermediairs.

Lees meer op de website van de Belastingdienst

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Naheffing over te hoge vergoeding kan dure grap zijn!

De Belastingdienst legt basisscholen vele honderdduizenden euro’s naheffingen op voor te hoge vrijwilligersvergoedingen, meldt RTL Nieuws.

Het gaat om naheffingen over de vergoeding die scholen betalen aan vrijwillige overblijfouders. De maximale vergoeding die vrijwilligers van 23 jaar of ouder mogen ontvangen, bedraagt 4,50 euro per uur met een maximum van 150 euro per maand of 1500 euro per jaar.

Deze maximale tarieven zijn ingesteld om een duidelijke afgrenzing met beroepsmatige arbeid te geven. Voldoet men aan de maximale normbedragen per uur, maand en jaar dan spreekt de Belastingdienst van ‘geen-marktconforme beloning’ en is er geen loon- en inkomstenbelasting verschuldigd. De Belastingdienst ziet overblijfouders die meer vergoed krijgen dan het toegestane maximum als werknemers, voor wie de scholen wel loonheffing moeten afdragen.

Honderdduizenden euro’s
RTL Nieuws meldt dat vier katholieke basisscholen in Vleuten en De Meern een aanslag van de Belastingdienst hebben gekregen van in totaal 200.000 euro. Het bestuur van deze scholen heeft volgens voorzitter Jeroen Hoogerwerf ‘met pijn in het hart’ betaald. ‘Van dat bedrag kan ik vier leraren aanstellen’, aldus Hoogerwerf.

Zes basisscholen van de Vereniging Vechtstreek en Venen kregen eerder dit jaar een naheffing van in totaal 300.000 euro in de bus. De scholen betalen de ouders 10 euro per overblijfbeurt. Directeur Nelleke Deelen-Geuze vindt de manier van rekenen van de Belastingdienst flauw. ‘Er komt meer bij kijken dan een uurtje op het schoolplein rondlopen’, zegt ze tegen RTL Nieuws. ‘Je praat ook over cursussen, vraagt mensen op andere momenten naar school te komen. Je wilt een brede inzet, een vrijwilligersinzet.’

De aanslag voor de zes scholen van de Vereniging Vechtstreek en Venen is na protest verlaagd naar 140.000 euro. Het schoolbestuur legt zich daar echter niet bij neer en stapt naar de rechter, meldt RTL Nieuws.

Dat meldt verder dat de Belastingdienst in 2002 een schoolbestuur in Amsterdam aansloeg voor een te hoge vrijwilligersvergoeding. In 2003 wilde het UWV premies vorderen bij overblijfouders van een school in Wageningen, maar de uitkeringsinstantie liet die claim weer vallen.

Het CDA wil dat de Belastingdienst stopt met het opleggen van dit soort heffingen aan basisscholen. Kamerlid Michel Rog wijst erop dat het kabinet voorstander is van de participatiesamenleving. ‘Deze overblijfouders helpen de school en krijgen daar een kleine vergoeding voor’, aldus Rog. Hij heeft er Kamervragen over gesteld aan staatssecretaris Sander Dekker van OCW en zijn collega Eric Wiebes van Financiën.

Pas op!
VOS/ABB wijst erop dat er maximale vrijwilligersvergoedingen zijn. Die maximumnormen gelden voor alle instanties die werken met vrijwilligers. Het is belangrijk dat scholen dit weten, zodat zij niet alsnog hoge naheffingen moeten betalen.

Hoewel iedereen in Nederland de wet dient te kennen, zou het verstandig zijn van de Belastingdienst om dit nog eens bij scholen en andere instanties actief onder de aandacht te brengen. VOS/ABB doet dit altijd al als scholen op dit punt om advies vragen.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Nieuwe tegenvaller voor openbaar onderwijs Rotterdam

Het Bestuur Openbaar Onderwijs Rotterdam (BOOR) heeft van de Belastingdienst een naheffing inclusief boetes opgelegd gekregen van 2,1 miljoen euro. Dat blijkt uit de jaarrekening. Woordvoerder Petra Verheij van BOOR stelt dat er geen sprake is van een nieuwe tegenvaller. Zij relativeert het bedrag door te stellen dat dit binnen de marges valt die normaal zijn in discussies met de Belastingdienst.  

BOOR had op basis van het boekenonderzoek over de periode 2007-2011 al gerekend op een naheffing met boetes van 1,2 miljoen euro. Het bedrag van 2,1 miljoen euro is dus hoger dan verwacht. ‘Derhalve is (…) een aanvullend bedrag van 0,9 miljoen voorzien’, zo meldt BOOR.

Of dat extra bedrag ook echt helemaal nodig is, hangt af van de reactie op het bezwaarschrift dat BOOR heeft ingediend tegen de naheffing en de boetes. De inschatting van de fiscalist van BOOR is dat dit bezwaarschrift uiteindelijk zal leiden tot een verlaging van de naheffingsaanslag met 0,2 miljoen euro.

Extra onderwijsgeld
BOOR hield in 2013 voor het eerst in jaren geld over, maar dat was vooral te danken aan het extra onderwijsgeld uit het Herfstakkoord. Voordat bekend werd dat dit extra geld er kwam, werd nog gerekend op een negatief resultaat over 2013.

De Rotterdamse gemeenteraadsleden Jos Verveen (D66) en Anton Molenaar (Leefbaar Rotterdam) hebben onlangs vragen gesteld over de bestemming van het extra onderwijsgeld. Zij zeggen signalen binnen te krijgen over extra geld dat door BOOR wordt gebruikt om tegenvallers op te vangen en de financiële positie te verstevigen, terwijl het is bedoeld voor meer onderwijskwaliteit.

Woordvoerder Petra Verheij van BOOR stelt in een reactie aan VOS/ABB dat het bedrag waarover nu discussie is met de Belastingdienst binnen de marges vallen die gebruikelijk zijn. Er is volgens haar geen sprake van een nieuwe tegenvaller.

Erfenis Wim Blok
De financiële problemen bij BOOR volgen op jaren waarin structureel aanmerkelijk meer geld werd uitgegeven dan er binnenkwam. Bovendien had BOOR onder voormalig bestuursvoorzitter Wim Blok te maken met een omvangrijke bouwfraude-affaire. Naar aanleiding van deze kwesties is het gehele bestuur vervangen en het toezicht verscherpt.

Huub van Blijswijk is nu voorzitter van het dagelijks bestuur. Voorzitter van het algemeen bestuur is Philip Geelkerken. Hij was van 1998 tot 2006 directeur van VOS/ABB.

Tablets zijn iets heel anders dan kerstpakketten!

De mogelijkheid die staatssecretaris Sander Dekker van OCW ziet voor het onbelast verstrekken van digitale tablets aan personeelsleden in het onderwijs, getuigt van weinig realiteitszin.

Dekker reageerde onlangs op een brief van de Stichting Carmelcollege over de belastingtechnische problemen die deze stichting ondervindt wat betreft het verstrekken van digitale tablets aan personeelsleden.

Schoolbesturen kunnen dit onbelast doen, maar dan moeten in dit geval de tablets na werktijd op de werkplek achterblijven of moet worden aangetoond dat ze voor 90 procent of meer voor zakelijk gebruik worden ingezet. Dekker erkent dat dit ‘indruist tegen de bedoeling waarmee de school de tablets verstrekt’.

Vrije ruimte in WKR
Een oplossing kan volgens hem zijn dat schoolbesturen de vrije ruimte in de werkkostenregeling (WKR) hiervoor gebruiken. De vrije ruimte is een generieke vrijstelling van 1,5 procent van de totale loonsom bij een werkgever. In de vrije ruimte kunnen alle voorzieningen met een gemengd karakter worden ondergebracht waarvoor geen aparte regeling bestaat.

‘Dit biedt scholen de mogelijkheid om de verstrekking van tablets te regelen’, aldus Dekker. Hij wijst erop dat dit uiteraard ten koste gaat van andere zaken die in de vrije ruimte ondergebracht kunnen worden, zoals kerstpakketten, fietsen en parkeergelden.

Tablet is geen kerstpakket!
De VO-raad wijst erop dat een tablet, die een docent verplicht is om te gebruiken bij het lesgeven, niet past in het rijtje van kerstpakketten, fietsen en parkeergelden.

Oud-staatssecretaris Frans Weekers van Financiën zou in het najaar van 2013 de Tweede Kamer informeren over de mogelijkheid om een noodzakelijkheidscriterium bij de nieuwe WKR in te voeren. Dat is niet gebeurd. In het Belastingplan 2014 is alleen formeel geregeld dat de verplichte toepassing van de WKR verschuift naar 2015.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

ANBI’s moeten gegevens op internet publiceren

Op 1 januari 2014 moeten ANBI’s een aantal gegevens op internet publiceren. Dit kan voor u van belang zijn als uw school of samenwerkingsverband ANBI is.

Een ANBI is een Algemeen Nut Beogende Instelling. Organisaties die de ANBI-status hebben, kunnen profiteren van bepaalde belastingvoordelen. Scholen en samenwerkingsverbanden kunnen als ANBI worden beschouwd. Als u wilt dat uw organisatie de ANBI-status krijgt, moet u dat bij de Belastingdienst aanvragen.

Op dit moment zijn ANBI’s nog niet verplicht gegevens online te publiceren, maar dat verandert per 1 januari 2014. Dan moeten de volgende zaken op een internetsite terug te vinden zijn:

  • Naam van de instelling;
  • RSIN (Rechtspersonen en Samenwerkingsverbanden Informatienummer)/fiscaal nummer;
  • Contactgegevens;
  • Doelstelling;
  • Beleidsplan;
  • Functie en namen van bestuurders;
  • Beloningsbeleid;
  • Verslag van uitgeoefende activiteiten;
  • Financiële verantwoording.

Klik hier voor meer informatie van de Belastingdienst.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Samenwerkingsverband als ANBI: belastingvoordeel!

Het kan voor een samenwerkingsverband (swv) voor passend onderwijs verstandig zijn bij de Belastingdienst een aanvraag in te dienen om te worden erkend als algemeen nut beogende instelling (ANBI). Op die manier kan worden voorkomen dat het geld van het op te heffen samenwerkingsverband wordt belast. Een samenwerkingsverband dat met succes van deze tip van VOS/ABB gebruik heeft gemaakt is SWV 4.05 in Emmen.

Bij het opheffen van de oude swv’s en het oprichten van de nieuwe moet er een financiële vereffening plaatsvinden. De gelden dienen op grond van een wettelijke verplichting terug te vloeien naar de schoolbesturen die zijn aangesloten bij het swv.

Het is echter mogelijk dat de deelnemende besturen aan het oude swv besluiten het batige saldo over te dragen aan het nieuwe swv. Als een bestuur zijn gedeelte van het batige saldo wil behouden, dan heeft het daar recht op. Daarnaast dient in de jaarrekening van elk afzonderlijk bestuur als bate het toegekende deel te worden opgenomen en als last eveneens dat deel dat naar het nieuwe swv gaat.

​ANBI?
Als de deelnemende besturen van het oude swv gezamenlijk besluiten tot het overdragen van het batige saldo aan het nieuwe swv, dan dienst zich de vraag aan of de overdracht onder het schenkingsrecht valt. Als dat het geval is, zullen deze gelden worden belast middels de Successiewet.

Maar als een onderwijsinstelling een erfenis of schenking ontvangt, is deze onder de voorwaarde dat de instelling door de Belastingdienst is aangemerkt als ANBI vrijgesteld van erfbelasting en schenkbelasting. Voor schenkers geldt dat hun gift alleen aftrekbaar is van het belastbaar inkomen/de winst als deze gedaan is aan een bij de Belastingdienst geregistreerde ANBI of aan een verenging met volledige rechtsbevoegdheid die meer dan 25 leden heeft. Onderwijsinstellingen worden doorgaans als ANBI aangemerkt.

De (meeste) swv’s zijn (nog) niet als ANBI geregistreerd. Dit betekent dat op deze grond geen ontheffing van het schenkingsrecht kan worden ontleend. Na telefonisch overleg van de VOS/ABB-Helpdesk met de Belastingdienst blijkt dat de kans groot is dat ook swv’s kunnen worden aangemerkt als ANBI, omdat al diverse swv’s als zodanig zijn erkend. Als het swv als ANBI wordt aangemerkt, valt het batige saldo niet onder de schenkingsbelasting.

Via deze link kan het ANBI-verzoek bij de Belastingdienst worden ingediend.

Een samenwerkingsverband dat dit onlangs na advies van VOS/ABB met succes heeft gedaan, is SWV 4.05 in Emmen. Coördinator Martin Zuidema raadt andere samenwerkingsverbanden aan om ook gebruik te maken van de hierboven beschreven mogelijkheid.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Samenwerkingsverband als ANBI: belastingvoordeel!

Het kan voor een samenwerkingsverband (swv) voor passend onderwijs verstandig zijn bij de Belastingdienst een aanvraag in te dienen om te worden erkend als algemeen nut beogende instelling (ANBI). Op die manier kan worden voorkomen dat het geld van het op te heffen samenwerkingsverband wordt belast.

Bij het opheffen van de oude swv's en het oprichten van de nieuwe moet er een financiële vereffening plaatsvinden. De gelden dienen op grond van een wettelijke verplichting terug te vloeien naar de schoolbesturen die zijn aangesloten bij het swv. 

Wel is het mogelijk dat de deelnemende besturen aan het oude swv besluiten het batige saldo over te dragen aan het nieuwe swv. Als een bestuur zijn gedeelte van het batige saldo wil behouden, dan heeft het daar recht op. Daarnaast dient in de jaarrekening van elk afzonderlijk bestuur als bate het toegekende deel te worden opgenomen en als last eveneens dat deel dat naar het nieuwe swv gaat.

​ANBI?
Als de deelnemende besturen van het oude swv gezamenlijk besluiten tot het overdragen van het batige saldo aan het nieuwe swv, dan dienst zich de vraag aan of de overdracht van dit onder het schenkingsrecht valt. Als dat het geval is, zullen deze gelden worden belast middels de Successiewet. 

Maar als een onderwijsinstelling een erfenis of schenking ontvangt, is deze onder de voorwaarde dat de instelling door de Belastingdienst is aangemerkt als ANBI vrijgesteld van erfbelasting en schenkbelasting. Voor schenkers geldt dat hun gift alleen aftrekbaar is van het belastbaar inkomen/de winst als deze gedaan is aan een bij de Belastingdienst geregistreerde ANBI of aan een verenging met volledige rechtsbevoegdheid die meer dan 25 leden heeft. Onderwijsinstellingen worden doorgaans als ANBI aangemerkt.

De (meeste) swv's zijn niet als ANBI geregistreerd. Dit betekent dat op deze grond geen ontheffing van het schenkingsrecht kan worden ontleend. Na telefonisch overleg van de VOS/ABB-Helpdesk met de Belastingdienst blijkt dat de kans groot is dat ook swv's kunnen worden aangemerkt als ANBI, omdat al drie swv's als zodanig zijn erkend. Als het swv als ANBI wordt aangemerkt, valt het batige saldo niet onder de schenkingsbelasting.

Via deze link kan het ANBI-verzoek bij de Belastingdienst worden ingediend.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl 

Kleine levensloopsaldo’s vóór 1 april afrekenen

Het resterende levenslooptegoed van werknemers die op 31 december 2011 een saldo van minder dan € 3.000 hadden, is op 1 januari 2013 automatisch vrijgevallen. U moet er in principe voor zorgen dat dit vóór 1 april aanstaande in de loonheffingen is verwerkt. Dat staat in het Handboek Loonheffingen 2013

Hoe u dit behandelt in de loonheffingen, hangt af van het precieze tegoed op 1 januari 2013. 

  • Het tegoed op 1 januari 2013 was lager dan het levenslooptegoed inclusief rendement op 31 december 2011, doordat de werknemer in 2012 nog levenslooptegoed heeft opgenomen: u houdt dan loonheffingen in over 80% van het restant dat vrijvalt.
     
  • Het tegoed op 1 januari 2013 was hoger dan het levenslooptegoed inclusief rendement op 31 december 2011 – door aangroei van rente in het jaar 2012: u houdt loonheffingen in over 80% van het tegoed op 31 december 2011 (inclusief het rendement over 2011). Het restant moet u volledig belasten.

In het Handboek Loonheffingen 2013 (in de versie werkkostenregeling in paragraaf 22.2 en in de versie vrije vergoedingen en verstrekkingen in paragraaf 21.2) staat dat u het bedrag dat vrijvalt vóór 1 april in de loonadministratie moet verwerken. In het handboek ontbreekt per ongeluk de volgende passage:

Als u het levenslooptegoed van kleine spaarders niet vóór 1 april verloont, moet u wel aannemelijk kunnen maken dat u het vrijgevallen bedrag zo snel mogelijk heeft verloond. Anders moet u de loonaangifte over januari corrigeren.

Deze aanvulling is niet opgenomen in de pdf’s van het handboek, maar is wel aan de informatie op de website van de Belastingdienst toegevoegd.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl