Nieuwe handreiking voor opstellen treasurystatuut

Financieel expert Ron van der Raaij van VOS/ABB heeft de handreiking voor het opstellen van het treasurystatuut geactualiseerd. Aanleiding hiervoor is de wijziging van de Regeling beleggen, lenen en derivaten OCW 2016.

De wijzigingen met betrekking tot het aangaan van leningen treden met terugwerkende kracht in werking per 1 juli 2016. Dit is besloten om het onbedoelde effect van strengere eisen te corrigeren. Als u als schoolbestuur hiermee van doen had, is dat dus met terugwerkende kracht niet meer van toepassing.

Gemeenten, pensioenfondsen en verzekeraars

Bij de vorige wijziging was de regeling onbedoeld strenger geworden voor het aangaan van leningen. Dit had invloed op het aangaan van leningen bij gemeenten, pensioenfondsen en verzekeraars. De strengere regels zaten ook leningen in de weg voor verduurzaming. Het aangaan van dergelijke leningen is nu onder voorwaarden op basis van de gewijzigde regeling mogelijk.

De voorwaarden blijven dat er risico-arm moet worden geleend. Leningen mogen niet hoger zijn dan het markttarief en ze mogen geen invloed kunnen hebben op bijvoorbeeld het onderwijs. Bovendien moet de geldverstrekker voldoende vermogend zijn. Hiervoor gelden geen harde normen, maar er kan worden gekeken naar de gebruikelijke en sectorspecifieke financiële ratio’s. Van der Raaij raadt u aan dit goed te documenteren!

Europese Economische Ruimte

In de gewijzigde regeling is de definitie van ‘lidstaat’ aangepast. In de oude regeling stond ‘EU-lidstaat’, terwijl de nieuwe regeling de definitie hanteert van ‘een andere staat die partij is bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte’.

Dit betreft de EU-landen plus Liechtenstein, Noorwegen en IJsland. Let op: Zwitserland zit niet in de Europese Economische Ruimte! Een punt dat logischerwijs nog niet in de recente wijziging is opgenomen, is de status van het Verenigd Koninkrijk na de komende uittreding van dit land uit de EU (brexit).

Ten slotte is vermeldenswaard dat in de gewijzigde regeling een ratingbureau is toegevoegd: DBRS.

Als uw organisatie bij VOS/ABB is aangesloten, kunt u de aangepaste Handreiking treasurystatuut downloaden.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

 

 

 

Hogere ABP-premie mag onderwijs niet aantasten

Een stijging van de pensioenpremie bij het ABP mag nooit ten koste gaan van het onderwijs. Dat benadrukt de PO-Raad.

Het ziet ernaar uit dat het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds, dat onder andere de onderwijspensioenen beheert, de premie fors zal moeten verhogen. Dat heeft te maken met de almaar dalende rente en niet al te rooskleurige resultaten op de beurs.

Als de ABP-premie fors omhoog gaat, heeft dat direct gevolgen voor de financiële positie van de schoolbesturen. De sectororganisatie van het primair onderwijs vindt dat het kabinet moet garanderen dat de stijgende pensioenkosten geen gevolgen zullen hebben voor het onderwijs.

Lees meer…

Brexit zet onderwijspensioenen verder onder druk

Het besluit van een meerderheid van de Britten om uit de Europese Unie te stappen, tast de dekkingsgraad van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) verder aan. Naar verwachting zal de brexit negatieve gevolgen hebben voor de beleggingen van het ABP. Bovendien wordt verwacht dat de al lange tijd extreem lage rente verder gaat dalen. 

Het ABP verzorgt onder andere de onderwijspensioenen. De hoogte daarvan is afhankelijk van wat de beleggingen van het pensioenfonds opleveren en de hoogte van de rente. Nu er op beide vlakken sprake is van zwaar weer, is het de vraag of de onderwijspensioenen op termijn moeten worden verlaagd.

In april liet het ABP weten in de gevarenzone te verkeren. Voorzitter Corien Wortmann-Kool van het fonds zei toen dat een verlaging van de pensioenen in 2017 ‘nadrukkelijk aanwezig blijft’. De brexit vergroot dit risico.

Nieuwe regeling voor verantwoord lenen en beleggen

Minister Jet Bussemaker van OCW heeft de Regeling beleggen, lenen en derivaten naar de Tweede Kamer gestuurd.

Deze regeling voor onderwijsinstellingen komt in de plaats van de oude regeling uit 2010. Met de nieuwe regeling beoogt het kabinet te verzekeren dat derivaten alleen op verantwoorde wijze worden ingezet. De regeling gaat ook over de wijze waarop de betrokken instellingen hun publieke en overige middelen mogen beleggen en belenen. Er staat bovendien regels in die betrekking hebben op de jaarverslaggeving.

Treasurystatuut updaten

Belangrijk onderdeel van de nieuwe regeling is de voorwaarde dat er een treasurystatuut moet worden opgesteld als onderwijsinstellingen beleggen, lenen of derivaten afsluiten. VOS/ABB zal het model voor het opstellen van een treasurystatuut aanpassen op basis van de nieuwe regeling.

Let op: de oude regeling uit 2010 blijft gelden voor beleggingen, leningen en derivaten die onder het regime van die regeling zijn afgesloten.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

ABP: meer duurzame en verantwoorde beleggingen

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) zegt internationale waardering te krijgen voor de manier waarop het fonds het geld voor onder andere de onderwijspensioenen belegt. Dat meldt het ABP naar aanleiding van het verschijnen van het jaarverslag Verantwoord beleggen 2014.

In dit speciale jaarverslag legt het ABP uit hoe het de pensioengelden ‘op een verantwoorde en duurzame manier’ belegt. Volgens het fonds zijn in 2014 de duurzame beleggingen gestegen van 16,4 miljard naar 29 miljard euro. ‘Het aantal beleggingen in fossiele brandstoffen, zoals steenkool, is sterk afgenomen. Onze beleggingen in hernieuwbare energie en gas winnen terrein’, aldus het ABP.

Een uitgangspunt van het beleid van het ABP is om in gesprek te gaan met bedrijven waarin het investeert. ‘In 2014 spraken we met 218 bedrijven. Met name in Azië is er veel aandacht geweest voor goed bestuur. Een voorbeeld hiervan is dat we in 2014 hebben bereikt dat in Japan voor het eerst onafhankelijke bestuurders bij grote bedrijven benoemd werden.’

Kinderarbeid
Het ABP bezocht ook bedrijven in onder andere Bangladesh en Indonesië. In Bangladesh gingen de gesprekken over goede arbeidsomstandigheden in de kledingindustrie. In gesprekken met Indonesische palmoliebedrijven is gewezen op de noodzaak om kinderarbeid uit te bannen.

In 2014 was er kritiek op het ABP omdat het fonds blijft investeren in Israëlische banken die leningen verstrekken aan bedrijven en particulieren in joodse nederzettingen op Palestijns grondgebied. Het fonds concludeerde dat er geen bewijs was van directe betrokkenheid van deze banken bij mensenrechtenschendingen. ‘We zagen dan ook geen aanleiding om tot uitsluiting over te gaan’, zo staat in het beleggingsverslag.

Clusterbommen
In het verslag staat verder dat het ABP niet meer belegt in totaal 17 bedrijven in onder andere China, Rusland en de Verenigde die betrokken zijn bij de productie van clusterwapens. Ook een bedrijf in India is uitgesloten, omdat dat bedrijf handelt in strijd met het internationale verdrag tegen de verspreiding van kernwapens.

Het ABP belegt ook geen geld in staatsobligaties van landen waarvoor een door de VN-Veiligheidsraad afgekondigd wapenembargo van kracht is, zoals Irak, Iran en Noord-Korea.