Scholieren gehoord in onderzoek naar DDoS-aanval

Twee jongens van 15 en 16 jaar zijn door de politie gehoord in een onderzoek naar een DDoS-aanval op de website van hun school in Amstelveen.

Het Openbaar Ministerie meldt dat ze na verhoor zijn heengezonden, maar wel verdachten blijven. Er zijn bij de jongens computers en mobiele telefoons in beslag genomen. De officier van justitie zal een beslissing nemen of zij worden vervolgd.

In maart deed de school aangifte van een reeks DDos-aanvallen. Bij zo’n aanval wordt met meerdere computers tegelijk een grote hoeveelheid informatie op een digitaal systeem afgevuurd. Daardoor gaat het systeem plat.

De DDoS-aanvallen op de school hadden een grote impact op de leerlingen. Geplande proefwerken en presentaties konden niet doorgaan. Ook konden leerlingen soms dagen niet of nauwelijks van het schoolnetwerk gebruikmaken.

Hoe werkt een DDoS-aanval?

‘Elke dag DDoS-aanval op een school’

Er wordt elke dag wel een school geconfronteerd met een DDoS-aanval. Dit meldt de NOS, die zich voor de berichtgeving baseert op ICT-organisatie SURFnet.

DDoS-aanvallen (distributed denial of service) zijn doelbewuste pogingen om computernetwerk onbruikbaar te maken. Dat gebeurt via verschillende computers die zoveel informatie op een netwerk afsturen dat het overbelast raakt.

Het gevolg kan zijn dat het netwerk heel traag wordt of zelfs helemaal platgaat of dat de website van de aangevallen organisatie niet meer bereikbaar is. Wie een beetje verstand heeft van computers, kan zo een DDoS-aanval uitvoeren.

Volgens hoogleraar Aiko Pras van de Universiteit Twente zijn de daders van DDoS-aanvallen op scholen vaak eigen leerlingen. Het zijn volgens hem vaak jongens vanaf 15 jaar. Ze vallen hun school voor de lol aan. Het is ook mogelijk om met een DDoS-aanval het afnemen van bijvoorbeeld een digitaal tentamen onmogelijk te maken.