Leerlingen beschermen tegen gehoorschade

Organisatoren van scholierenfeesten nemen maatregelen tegen gehoorschade. Ze hebben daartoe met andere partijen een convenant gesloten.

Afgesproken is om veilige geluidsniveaus aan te houden. Daarnaast zorgen de organisatoren van scholierenfeesten en bijvoorbeeld ook concertorganisatoren en bioscopen ervoor dat er voor iedereen goede oordoppen beschikbaar zijn. Er is ook een voorlichtingscampagne: I Love My Ears.

Staatssecretaris Paul Blokhuis van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is blij met het nieuwe convenant: ‘Om een leven lang te kunnen genieten van muziek – thuis, bij een concert of tijdens het sporten – moeten we allemaal ontzettend zuinig zijn op ons gehoor. Want schade door te hard geluid is onherstelbaar. Het is mooi dat al deze partijen daar nu voor aan de slag gaan.’

Geen uniforme voorwaarden voor toelating cluster 1 en 2

Er komen geen uniforme voorwaarden voor de toelating van leerlingen tot cluster 1- en 2-scholen. Dat laat staatssecretaris Sander Dekker van OCW weten in antwoord op Kamervragen.

Tweede Kamerlid Loes Ypma (PvdA) had de vragen gesteld naar aanleiding van een brief van verontruste ouders over knelpunten in de overgang van visueel, auditief en communicatief beperkte kinderen naar passend onderwijs. Ypma wilde onder andere weten of er uniforme voorwaarden komen voor de toelating van leerlingen tot dit deel van het speciaal onderwijs. Dekker antwoordt dat hij daar niet voor gaat zorgen.

Hij wijst erop dat met de invoering van passend onderwijs de wettelijk vastgelegde indicatiecriteria komen te vervallen. De verantwoordelijkheid voor toelating komt bij de instellingen te liggen. Onder andere over de procedure van toelating tot cluster 1 of 2 zijn wel handreikingen opgesteld.

‘De instelling of de reguliere school waar de leerling is aangemeld of staat ingeschreven vraagt de toelaatbaarheid tot een instelling aan bij de commissie van onderzoek. Deze commissie beoordeelt of een leerling is aangewezen op onderwijs op de instelling of op ondersteuning vanuit de instelling’, zo antwoordt Dekker.

Op de vraag of de commissie onafhankelijk is, antwoordt de staatssecretaris dat de voorwaarden waaraan een commissie van onderzoek moet voldoen, wettelijk zijn voorgeschreven. ‘Zo moet de commissie naast de vertegenwoordiger van de instelling bestaan uit ten minste een academisch gevormd psycholoog of pedagoog, een maatschappelijk werker en een arts die vertrouwd is met het onderzoek van kinderen met een visuele, auditieve en/of communicatieve beperking.’

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl