Onderwijsadviesbureau KPC Groep failliet

De Stichting KPC Onderwijs Innovatie Centrum (bekend onder de handelsnaam KPC Groep) is failliet verklaard. Dat bevestigt de afdeling Insolventies van de rechtbank in Den Bosch. De KPC Groep meldt in een bericht over de continuïteit van het bedrijf dat ‘de vooruitzichten op een doorstart zeer gunstig’ zijn en dat ‘de activiteiten en opdrachten voorlopig worden voortgezet’.

De KPC Groep (voorheen Katholiek Pedagogisch Centrum) in Den Bosch focust in de advisering op het primaire proces van leren en opleiden. Het bureau biedt trainingen en projectleiders aan en doet aan coaching en onderzoek. Het werkterrein beslaat primair en voortgezet onderwijs, speciaal onderwijs, praktijkonderwijs en beroepsonderwijs.

De KPC Groep lijdt al jaren miljoenen euro’s verlies, zo blijkt uit de jaarcijfers van het bedrijf. Het terugbrengen van het aantal personeelsleden van 84 in 2014 naar 60 in 2016 heeft het tij niet kunnen keren.

Algemeen directeur Ton Bruining heeft aan VOS/ABB laten weten dat hij niets heeft toe te voegen aan het bericht over de continuïteit van de KPC Groep. Als curator is aangesteld mr. Olaf Poorthuis van Van Iersel Luchtman Advocaten in Breda.

Slob stuurt aan op faillissement Edudelta

Edudelta met opleidingen (v)mbo groen in Zeeland en Zuid-Holland stopt per 1 augustus 2018 met het aanbieden van onderwijs. Dat meldt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

Edudelta is een instelling met ongeveer 1000 vmbo-leerlingen en circa 600 mbo-studenten die onderwijs volgen op scholen in Barendrecht, Bleiswijk, Goes en Middelharnis. Slob schrijft in zijn brief dat de organisatie ‘kampt met sterk teruglopende deelnemersaantallen waardoor er een terugloop is in de inkomsten’. De financiële situatie is volgens hem onhoudbaar.

Een poging om tot een fusie te komen met de Lentiz Onderwijsgroep, is volgens de minister mislukt. Dat had onder andere te maken met hoge transitiekosten en het afkopen van een derivaat bij de Rabobank, waarvoor het ministerie van OCW niet wil opdraaien. In totaal gaat het volgens Slob om een bedrag van 10,9 miljoen euro, waarvoor geen dekking is op de begroting van het ministerie van OCW.

Hij kiest daarom voor een alternatief scenario, waarin Edudelta failliet gaat en andere scholen de leerlingen en studenten overnemen. Dat acht hij ‘beter houdbaar met het oog op de continuïteit van het (groen) vmbo en mbo in de regio’.

Lees meer…

Aanvullend advies: hoe verder nu Vizyr failliet is?

Stichting Vizyr is op 7 maart jongstleden failliet verklaard. De Helpdesk van VOS/ABB geeft op basis van informatie van onze partner Brackmann Aanbestedingsspecialist advies over wat klanten van het failliete Vizyr nu het beste kunnen doen.

Het faillissement is op verzoek van bewindvoerder en de raad van bestuur uitgesproken, zo staat in een persbericht van Vizyr. Daarin staat ook dat activiteiten van het administratiekantoor gedurende de maand maart konden worden voortgezet.

De mogelijkheid van een doorstart wordt onderzocht. ‘Insteek daarbij zal zijn om zoveel mogelijk werkgelegenheid te behouden en de klanten ook op termijn continuïteit van de dienstverlening te kunnen bieden’, aldus de bewindvoerder.

Bij Vizyr met vestigingen in Heerlen, Rotterdam en Alkmaar (Kinobi) werkten ongeveer 100 mensen, die de financiële, personele en salarisadministratie van circa 400 scholen met in totaal ongeveer 8000 medewerkers verzorgden.

Het faillissement volgde op het vertrek per 1 januari 2017 van Stichting BOOR voor openbaar primair en voortgezet onderwijs in Rotterdam als klant van Vizyr. BOOR was goed voor 45 procent van de omzet.

Hoe verder na faillissement Vizyr?

De Helpdesk van VOS/ABB schetst mede op basis van informatie van onze partner Brackmann Aanbestedingsspecialist de situatie nu Vizyr failliet is en geeft aan wat scholen in verband hiermee wel of juist niet kunnen doen:

  • Indien een opdrachtnemer, in dit geval Vizyr, failliet gaat, eindigt daarmee de overeenkomst. Het faillissement van een rechtspersoon is in die zin te vergelijken met het overlijden van een persoon.
  • Indien de failliete rechtspersoon, in dit geval Vizyr, een doorstart maakt, is er sprake van een nieuwe rechtspersoon. Deze nieuwe rechtspersoon heeft indertijd niet meegedaan aan de aanbestedingsprocedure, heeft zich niet gekwalificeerd, heeft geen inschrijving ingediend en de opdracht is niet aan hem gegund. De nieuwe rechtspersoon bekleedt in principe dezelfde positie als iedere willekeurige andere onderneming die de opdracht niet gegund heeft gekregen. De opdrachtgever mag met de doorstarter géén overeenkomst sluiten zonder aanbestedingsprocedure, noch met een andere willekeurige onderneming.
    De school moet dus een aanbestedingsprocedure gaan voeren om een nieuwe opdrachtnemer te contracteren (of besluiten deze werkzaamheden niet bij een derde onder te brengen en het zelf te gaan doen).
    Let op: er bestaan twee uitzonderingen op deze hoofdregel, namelijk als er in de opdrachtovereenkomst met Vizyr een clausule is opgenomen waarin de mogelijkheid van contractovername staat vermeld en als sprake is van rechtsopvolging ten gevolge van een interne reorganisatie van de opdrachtnemer. In dat geval dient de nieuwe opdrachtnemer te voldoen aan de eerder vastgestelde criteria voor kwalitatieve selectie en dient de overeenkomst niet gewijzigd te zijn. In die gevallen is er géén sprake van een nieuw aanbestedingstraject.Voor de eerste uitzondering dient vastgesteld te worden of de overeenkomst een dergelijke clausule bevat. In een overeenkomst die wij beoordeeld hebben, was inderdaad een dergelijke clausule opgenomen. In de overeenkomst met de nieuwe opdrachtnemer heeft de curator echter nadrukkelijk opgenomen dat er geen sprake is van contractsoverdracht en dat de rechten en verplichtingen nadrukkelijk niet zijn overgegaan. Daardoor is het sluiten van die overeenkomst aanbestedingsrechtelijk niet correct.De tweede uitzondering is niet aan de orde, omdat er in dit geval geen sprake is van een faillissement in het kader van een interne herstructurering.
  • De school loopt twee belangrijke risico’s als een overeenkomst wordt gesloten zonder aanbestedingsprocedure en zonder dat een beroep kan worden gedaan op een uitzondering. Het eerste risico is dat de accountant bij de controle van de jaarcijfers geen goedkeuring geeft. Het tweede risico is dat een marktpartij bezwaar maakt tegen de contractering. Dat bezwaar kan meebrengen dat de overeenkomst vernietigd wordt en dat de school de opdracht alsnog moet aanbesteden. De opdrachtnemer zal die vernietiging niet zonder meer accepteren en dat vertaalt zich meestal in een afkoopsom. De vernietiging van een overeenkomst kan gedurende een periode van zes maanden na het aangaan van de overeenkomst ingeroepen worden.
  • Omdat gedurende de termijn dat de aanbestedingsprocedure voorbereid en gevoerd wordt de betreffende taken wel uitgevoerd moeten worden, kan de school voor die beperkte periode een noodoplossing zoeken en een onderneming contracteren. Indien de waarde van die beperkte opdracht boven de Europese of de nationale drempel ligt, kan worden bekeken of een beroep gedaan kan worden op ‘dwingende spoed’.
    Ligt de begrote waarde onder die drempel maar wel boven de drempel om meervoudig onderhands aan te moeten besteden, dan wordt geadviseerd om te beoordelen of het eigen beleid de mogelijkheid van ‘dwingende spoed’ biedt. Zo niet, dan zal de school een besluit moeten nemen om in afwijking van het eigen beleid (en de Gids Proportionaliteit)  enkelvoudig onderhands een overeenkomst te sluiten, met een beroep op de ontstane situatie.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

 

 

Surseance van betaling Helder Onderwijs

Helder Onderwijs verkeert in surseance van betaling. Er worden 30 personeelsleden ontslagen. Dat meldt algemeen-directeur Ybele van der Veen in een brief aan de klanten van het onderwijsadviesbureau en administratiekantoor.

Van der Veen spreekt in de brief van een ‘forse ingreep’. De surseance van betaling is volgens haar nodig om in afgeslankte vorm verder te gaan.

Niet alleen het personeelsbestand wordt ingekrompen, Helder Onderwijs kiest ook voor kleinere huisvesting en een verlaging van de IT-kosten.

Helder Onderwijs is voortgekomen uit OSG Metrium, dat in september 2015 failliet ging. Bij de start meldde Helder Onderwijs 250 klanten te hebben. In de brief van Van der Veen staat dat er nu 80 klanten zijn.

Rinnooy Kan krijgt sneer na Leonardo-faillissement

Het particuliere kenniscentrum Educate2XL betreurt het dat door ‘onjuiste berichtgeving in de media’ de indruk is gewekt dat het Leonardo-onderwijs voor hoogbegaafde kinderen ten onder is gegaan. ‘Zelfs de over het algemeen goed geïnformeerde heer Alexander Rinnooy Kan heeft zich door tendentieuze berichtgeving laten verleiden tot het publiekelijk doen van onjuiste uitspraken.’ 

Algemeen directeur Natasja Franken van Educate2XL en directeur Leonardo-onderwijs Henk van Keulen reageren op een uitspraak die Rinnooy Kan onlangs deed tijdens de HVA Onderwijsconferentie 2014 over excellentie. De vroegere voorzitter van de Sociaal-Economische Raad zou daar naar aanleiding van het faillissement van de Stichting Leonardo Onderwijs Nederland hebben gezegd dat het Leonardo-onderwijs ten onder is gegaan.

Volgens Franken en Van Keulen is dat pertinent onjuist. ‘Sterker nog, er komen nieuwe scholen bij met dit type onderwijs en aan bestaande Leonardoscholen worden het komende schooljaar nieuwe groepen toegevoegd.’ De meeste bestaande Leonardoscholen zouden wachtlijsten moeten hanteren.

NRC: faillissement, chaos, schuldeisers
De Stichting Leonardo Scholen Nederland is op 4 maart failliet verklaard. In NRC Handelsblad staat dat er een financiële chaos heerst en dat meerdere schuldeisers in totaal een bedrag van 152.895 euro eisen.

De krant schrijft verder: ‘Er zijn geen jaarrekeningen gedeponeerd. De curator onderzoekt op dit moment of de stichting heeft voldaan aan de boekhoudplicht.’ Ook zou de curator bekijken of sprake is van onbehoorlijk bestuur en of schuldeisers zijn benadeeld doordat de boedel is leeggetrokken.

Bovendien zou worden onderzocht of het merk Leonardo op rechtmatige wijze is overgeheveld uit de stichting naar het privébedrijf Educate2XL.

Educate 2XL: geen chaos na faillissement Leonardo

Kenniscentrum Educate 2XL op het gebied van hoogbegaafdheid zegt onaangenaam verrast te zijn door een ‘tendentieus’ en ‘feitelijk onjuist’ artikel in NRC Handelsblad. De krant schrijft over chaotische toestanden na het faillissement van de Leonardo Stichting.

De Stichting Leonardo Scholen Nederland is op 4 maart failliet verklaard. In NRC Handelsblad staat dat er een financiële chaos heerst en dat meerdere schuldeisers in totaal een bedrag van 152.895 euro eisen. ‘Directeur Vranken zegt dat de oprichter van de stichting, Jan Hendrickx, er een puinhoop van heeft gemaakt. Hij verliet in 2010 de stichting. Volgens Hendrickx is dat onjuist. Hij zegt dat er in het voorjaar van 2009, toen hij de boekhouding deed, nog een voordelig saldo was van meer dan vier ton. In het najaar zou hij de boekhouding aan Vranken hebben overgedaan’, zo meldt NRC.

De krant schrijft verder: ‘Er zijn geen jaarrekeningen gedeponeerd. De curator onderzoekt op dit moment of de stichting heeft voldaan aan de boekhoudplicht.’ Ook zou de curator bekijken of sprake is van onbehoorlijk bestuur en of schuldeisers zijn benadeeld doordat de boedel is leeggetrokken. Bovendien zou worden onderzocht of het merk Leonardo op rechtmatige wijze is overgeheveld uit de stichting naar het privébedrijf Educate2XL van directeur Vranken van de Leonardo Stichting.

Op de website leonardo-onderwijs.nl, die wordt beheerd door Educatie 2XL, staat in een communiqué dat het NRC-artikel ‘niet alleen tendentieus maar ook feitelijk onjuist’ is. ‘Wat we bijzonder betreuren is het feit dat de lezer zou kunnen concluderen, dat Leonardo Onderwijs is opgehouden te bestaan. En dat is geenszins het geval’.

Ibn Ghaldoun failliet, personeel op straat

De rechtbank in Rotterdam heeft dinsdagochtend het faillissement van de omstreden islamitische scholengemeenschap Ibn Ghaldoun uitgesproken.

Het faillissement betekent het einde van de eerste islamitische school voor voortgezet onderwijs in Nederland. Ibn Ghaldoun begon in het jaar 2000 in Rotterdam. Sinds de sluiting in 2010 van het Islamitisch College Amsterdam was Ibn Ghaldoun ook weer de enige islamitische vo-school.

De geschiedenis van de school in Rotterdam-Zuid hangt van problemen aan elkaar. De school kreeg boetes, omdat overheidsgeld onrechtmatig was gebruikt, onder andere voor reizen naar Mekka. Bovendien stonden er ten onrechte imams op de loonlijst. Ook bleven de prestaties jarenlang beneden peil.

Examenfraude
Voor de zomervakantie kwam Ibn Ghaldoun negatief in het nieuws, toen bleek dat leerlingen massaal examenfraude hadden kunnen plegen. Een aantal leerlingen werd in verband met deze zaak gearresteerd. De Inspectie van het Onderwijs bepaalde dat alle eindexamenkandidaten van Ibn Ghaldoun opnieuw examen moesten doen.

Na een vernietigend rapport van de inspectie over Ibn Ghaldoun, besloot staatssecretaris Sander Dekker van OCW in september om de bekostiging van de school per 1 november stop te zetten. Dit luidde het faillissement van Ibn Ghaldoun in, dat dinsdagochtend door de rechtbank in Rotterdam is uitgesproken.

Leerlingen kunnen blijven
Het faillissement betekent niet dat de 630 leerlingen over andere scholen worden verdeeld. Zij blijven in het huidige gebouw, waar tijdelijk een nevenvestiging komt van het de christelijke scholengemeenschap Melanchthon. Deze school valt onder de verantwoordelijkheid van Christelijk Voortgezet Onderwijs in Rotterdam en omstreken (CVO). Ook de Stichting BOOR voor openbaar onderwijs in Rotterdam en de Stichting LMC VO zijn betrokken bij de bestuurlijke vormgeving van de tijdelijke school.

Staatssecretaris Dekker stelt voor de tijdelijke school 1500 euro extra per leerling beschikbaar, bovenop de reguliere bekostiging. Dit extra geld is bedoeld voor meer ondersteuning van de leerlingen en lesuren om onderwijsachterstanden weg te werken. De gemeente Rotterdam zorgt op termijn voor betere huisvesting. De tijdelijke situatie is alleen voor het huidige schooljaar. Het is de bedoeling dat er in augustus 2014 een nieuwe islamitische vo-school met een nieuw bestuur is.

Geen sociaal plan…
Het faillissement van Ibn Ghaldoun brengt met zich mee dat al het personeel is ontslagen. Omdat de school in de afgelopen jaren een miljoenenschuld heeft opgebouwd, is er geen geld voor een sociaal plan voor deze mensen. In de tijdelijke school op dezelfde locatie is in principe alleen plaats voor bevoegde docenten. Dit betekent voor veel leraren van Ibn Ghaldoun dat ze geen doorstart kunnen maken.

Touringcarbedrijf failliet: geen bus terug uit Efteling…

De Jong Tours heeft 160 leerlingen van openbare basisschool De Botter in Ridderkerk dinsdagochtend naar de Efteling gebracht, maar daar ’s middags niet opgehaald. Het busbedrijf vroeg enkele uren nadat de kinderen waren afgezet faillissement aan.

De groepen 3 tot en met 6 hadden dinsdag hun jaarlijkse schoolreisje. ’s Ochtends kwamen de bussen van De Jong Tours, eveneens uit Ridderkerk, gewoon bij de school voorrijden. Maar nadat enkele uren daarna het faillissement van het bedrijf was aangevraagd, bleek het onmogelijk de leerlingen en begeleiders weer op te halen. Volgens RTV Rijnmond had het bedrijf niets laten weten over de op handen zijnde faillissementsaanvraag.

De leerlingen zijn uiteindelijk door een ander touringcarbedrijf bij de Efteling opgehaald. De vertraging bleef beperkt tot driekwartier. Volgens een van de begeleiders hebben de kinderen niets gemerkt. Ze werden beziggehouden met spelletjes.

Besturen in geldnood: continuïteit onderwijs voorop

'Ik voel me verantwoordelijk voor de continuïteit van het onderwijs aan leerlingen, niet voor de continuïteit van een bestuur waar sprake is geweest van onvoldoende financieel beheer.' Dat antwoordt staatssecretaris Sander Dekker van OCW op vragen van PvdA-Kamerlid Tanja Jadnanansing.

Aanleiding voor de vragen was het bericht dat een toenemend aantal schoolbesturen onder financieel toezicht van de Inspectie van het Onderwijs wordt gesteld. Dekker legt uit dat de problemen veelal het gevolg zijn van een te trage reactie van het schoolbestuur op dalende leerlingenaantallen en daardoor dalende inkomsten. 'De uitgebleven aanpassingen hebben (…) in vrijwel alle gevallen te maken met personele kosten, die ruim 80% van de uitgaven van een gemiddeld schoolbestuur uitmaken', aldus de staatssecretaris.

Op de vraag hoe er wordt omgegaan met schoolbesturen die niet meer kunnen voldoen aan hun betalings- en onderwijsverplichtingen, antwoordt Dekker dat hij zich verantwoordelijk voelt voor de continuïteit van het onderwijs, maar niet voor de continuïteit van het bestuur. Hij benadrukt dat schoolbesturen zelf verantwoordelijk blijven voor hun financiële gezondheid. In dit kader steunt hij initiatieven van het primair en voortgezet onderwijs zelf om de financiën van schoolbesturen op orde te houden of te brengen.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl