Kabinet schrapt fusietoets, MR’s krijgen instemmingsrecht

Het kabinet heeft besloten de fusietoets voor het basis- en voortgezet onderwijs af te schaffen. Wel moet de betrokken medezeggenschapsraden met een fusie instemmen. Ook moet er een rapport worden opgesteld waarin de keuze voor de fusie wordt onderbouwd.

Schoolbesturen die samenwerking met elkaar zochten voor fusies, liepen vaak tegen de fusietoets op. Daardoor zijn in de afgelopen jaren fusies uitgesteld of werd er gekozen voor minder intensieve samenwerking. Het kabinet wil daarvan af.

Het afschaffen van de fusietoets zal er volgens het kabinet niet toe leiden dat er automatisch meer grote scholen komen. ‘Vaak gaat het om bestuurlijke fusies en blijven leerlingen gewoon in hetzelfde gebouw met dezelfde leraren les krijgen. In sommige situaties is het juist zo dat grote besturen het mogelijk maken om kleine scholen overeind te houden’, zo licht het kabinet het besluit toe.

Het zal enige tijd duren voordat de fusietoets uit de wet is verdwenen. Tot die tijd vindt enkel nog een procedurele toetsing plaats. De Commissie Fusietoets Onderwijs (CFTO) wordt opgeheven.

VOS/ABB heeft jarenlang gepleit voor het afschaffen van de fusietoets, omdat die samenwerking in krimpregio’s ernstig in de weg stond. Het is een goede ontwikkeling dat het kabinet (eindelijk) heeft besloten om de fusietoets af te schaffen.

Lees meer…

Minister en Tweede Kamer negeren Grondwet

Het is treurig te constateren dat de landelijke politiek geen oog heeft voor de grondwettelijke eis dat overal in Nederland openbaar onderwijs moet zijn.

De kwestie speelt nu in krimpgebied Zeeuws-Vlaanderen, waar door een voorgenomen fusie in Terneuzen het openbaar voortgezet onderwijs mogelijk verdwijnt. Het plan is om Openbare Scholengemeenschap De Rede, de enige openbare vo-school in Zeeuws-Vlaanderen, te laten opgaan in het christelijke Zeldenrust-Steelant College.

Openbaar onderwijs móet

Dat is de omgekeerde wereld: de grondwettelijke alomtegenwoordigheid van openbaar onderwijs betekent immers, kort gezegd, dat openbaar onderwijs móet en dat bijzonder onderwijs daarnaast mág.

We hebben over de kwestie in Zeeuws-Vlaanderen aan de bel getrokken bij onderwijsminister Arie Slob. De ChristenUnie-minister geeft niet thuis. Hij stelt doodleuk dat van die grondwettelijke eis kan worden afgeweken. Daarvoor is voor hem de kous af. Het is buitengewoon triest dat een minister zo met onze Grondwet omgaat.

De Eerste en Tweede Kamer hebben de afgelopen decennia vaak gedebatteerd over de noodzaak van instandhouding van het openbaar en bijzonder onderwijs, zoals bij het wetsvoorstel van de samenwerkingsschool, waarvoor de Grondwet zelfs is gewijzigd. De minister gaat in zijn retoriek volledig voorbij aan wat de beide Kamers als (grond)wetgever hierover hebben gebezigd.

Natuurlijk hebben wij deze onverkwikkelijke kwestie ook aan de orde gesteld in de Tweede Kamer, maar ook daar lijkt men zich er weinig van aan te trekken. Dat is vreemd, omdat juist de Tweede Kamer hier oog voor zou moeten hebben. Het gaat hier echt om het principe dat we in Nederland leven naar de regels die we met elkaar hebben vastgelegd. De Grondwet kun je niet zomaar opzijschuiven.

Samenwerkingsschool

Terwijl de oplossing zo simpel is: maak van de twee scholen voor voortgezet onderwijs in Terneuzen een samenwerkingsschool van zowel openbaar als bijzonder onderwijs, zoals dat ook elders in het land gebeurt. We hebben sinds 1 januari de wettelijke mogelijkheid om het zo te regelen. Dan mogen we verwachten dat de nieuwe wet in kwesties zoals in Zeeuws-Vlaanderen ook wordt benut!

Overigens is het nog geen gelopen race in Zeeuws-Vlaanderen. Minister Slob meldt dat de medezeggenschapsraden van de betrokken scholen er inmiddels mee akkoord zijn gegaan om de openbare school te laten opgaan in de christelijke buurman, maar dat is nog geenszins het geval. Bovendien moet de algemene ledenvergadering van het Zeldenrust-Steelant College zich er nog over uitspreken.

Hans Teegelbeckers, directeur VOS/ABB

Minister verdedigt fusie Zeeuws-Vlaanderen

Minister Slob van Onderwijs gaat niet in op de waarschuwing van VOS/ABB dat het openbaar voortgezet onderwijs verdwijnt uit Zeeuws-Vlaanderen, hetgeen ongrondwettelijk is. Hij verdedigt een omstreden scholenfusie.

In zijn officiële reactie zegt Slob alleen dat hij het niet eens is met VOS/ABB  dat in Zeeuws-Vlaanderen het duale stysteem wordt uitgehold. Dit schrijft hij aan de Tweede Kamer over de kwestie in Zeeuws-Vlaanderen. Daar heeft het voortgezet onderwijs te maken met leerlingdaling door demografische krimp en weglek van leerlingen naar België.

Een speciaal hiervoor opgerichte Taskforce Zeeuws-Vlaanderen wil de problemen oplossen door de bestaande schoolbesturen te laten opgaan in één stichting op algemeen bijzondere grondslag, terwijl tegelijkertijd twee vo-scholen in Terneuzen fuseren. Dit betreft de openbare scholengemeenschap De Rede en het christelijke Zeldenrust-Steelantcollege, die samen verdergaan als één christelijke school. Daarmee verdwijnt de laatste openbare vo-school uit Zeeuws-Vlaanderen.

Samenwerkingsschool garandeert openbaar onderwijs

VOS/ABB heeft de minister en alle betrokken instanties geadviseerd om een samenwerkingsschool in te richten in Terneuzen, om zo het openbaar onderwijs te garanderen. Artikel 23 van de Grondwet bepaalt immers dat overal in Nederland openbaar onderwijs beschikbaar moet zijn, en de grondwet geldt natuurlijk ook voor Zeeuws-Vlaanderen.

Minister Slob wijst in zijn brief op lid 4 van artikel 23, waarin staat dat gemeenten de opdracht hebben te voorzien in een genoegzaam aantal openbare scholen, waarbij ‘bij wet van dit uitgangspunt kan worden afgeweken’. Volgens Slob betekent dit niet dat er in elke gemeente een school voor openbaar voortgezet onderwijs moet zijn. Hij vindt het wel essentieel dat voortgezet onderwijs voor alle jongeren breed toegankelijk en kosteloos is. Aan die eis zou het plan van de Taskforce volgens hem wel voldoen. Hij wijst erop dat de schoolbesturen in Zeeuws-Vlaanderen allemaal hebben ingestemd met de fusie.

Omroep Zeeland meldde recent dat ouders wel vraagtekens zetten bij de voorgenomen  scholenfusie in Terneuzen. In tegenstelling tot wat minister Slob schrijft, heeft de medezeggenschapsraad van De Rede (nog) niet ingestemd met de fusie.

Lees de Kamerbrief van minister Slob.

 

Ouders zetten vraagtekens bij fusie Zeeuws-Vlaanderen

Ouders zetten vraagtekens bij de voorgenomen fusie van de openbare Stedelijke Scholengemeenschap De Rede en het christelijke Zeldenrust-Steelantcollege in Terneuzen, meldt Omroep Zeeland.

Volgens de regionale zender is het belangrijkste struikelblok bij de fusie het behoud van identiteit. Het plan tot fusie voorziet in een christelijke school waarin het openbaar onderwijs niet meer bestaat. Daarmee zou het openbaar voortgezet onderwijs uit Zeeuws-Vlaanderen verdwijnen.

‘Ik hoop dat kinderen hun eigen identiteit kunnen behouden. Gelovig of niet’, zo citeert Omroep Zeeland de vader van een leerling van De Rede. Er zijn ook ouders die vinden dat een christelijke school tegenwoordig nog maar heel weinig verschilt van een openbare school.

Fusie moet aan Grondwet voldoen

VOS/ABB benadrukt dat de voorgenomen fusie in Zeeuws-Vlaanderen indruist tegen de garantiefunctie van het openbaar onderwijs, zoals die is vastgelegd in artikel 23 van de Grondwet. 

Het uitgangspunt is kort gezegd dat openbaar onderwijs móet en dat bijzonder onderwijs mág. De Grondwet geldt (natuurlijk) ook voor Zeeuws-Vlaanderen, wat inhoudt dat De Rede als enige openbare vo-school in het gebied niet mag opgaan in een christelijke school.

Samenwerkingsschool

Een simpele oplossing is om in Terneuzen te kiezen voor een samenwerkingsschool van zowel openbaar als bijzonder onderwijs, zoals dat ook elders in het land gebeurt.

VOS/ABB adviseert alle betrokken instanties om het plan van aanpak mede op basis hiervan vorm te geven. Dan past het, zoals het hoort, binnen de nadrukkelijk vastgelegde kaders van de Nederlandse Grondwet.

MR-handreiking sluiting/fusie aangepast

De Handreiking aan de MR voor het voorstellen van alternatieven bij fusie of sluiting van een school van het Expertisecentrum van Onderwijsgeschillen is aangepast.

In deze handreiking staat de procedure beschreven die de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad ((G)MR) bij een fusie of sluiting van een school kan volgen. Ook staat erin wat de procedure kan zijn als het schoolbestuur een alternatief van de (G)MR afwijst.

WMS gewijzigd

De handreiking is aangepast aan een wijziging van de Wet medezeggenschap op scholen (WMS) per 1 januari 2018. Vanaf die datum is het verplicht om alle ouders te raadplegen voordat besluiten over fusie, sluiting, verandering van de grondslag of omzetting van een school worden genomen.

De WMS laat in het midden wie de raadpleging moet uitvoeren. Dat kan de voltallige MR, de oudergeleding of het bevoegd gezag zijn. Ook schrijft de wet niet voor hoe de raadpleging moet plaatsvinden.

In de handreiking wordt ervan uitgegaan dat de raadpleging van de ouders moet gebeuren voordat de MR zijn instemmings- of adviesbevoegdheid bij fusie of sluiting uitoefent en de MR in dit kader alternatieven wil voorstellen aan het bevoegd gezag.

Download aangepaste handreiking

Cursus ‘Help, we gaan fuseren!’

Fusies zijn gevoelige processen die ongeveer een jaar in beslag nemen. Hoe lopen deze processen? Wat is de rol van de medezeggenschapsraad? Wat zijn de do’s en don’ts? Deze cursus voor het primair onderwijs wordt op twee middagen (1 en 20 februari 2018) gegeven door Hans Teegelbeckers en Ronald Bloemers

De afgelopen jaren zijn er door de krimp veel fusiebewegingen geweest. Vooral in het primair onderwijs zet deze ontwikkeling zich door. VOS/ABB heeft de afgelopen jaren veel fusies begeleid en wil de kennis en ervaring op dit gebied graag met u delen.

In twee middagen nemen wij het gehele fusieproces met u door en behandelen alle mogelijke vragen. Hierbij komen de formele besluitvormingsmomenten voorbij, het te lopen proces en de planning, alle zaken die geregeld moeten worden (soms ook bij een notaris), de betrokkenheid van de gemeente en uiteindelijk de weg naar DUO.

Tevens bespreken we de formele zeggenschap van de medezeggenschapsraad en de berekening van de fusiefaciliteiten. Bovendien beschouwen we met u de rol van de Commissie Fusietoets Onderwijs (CFTO).

Waar en wanneer?

De cursus wordt op 1 en 20 februari gegeven in het kantoor van VOS/ABB in Woerden.

Deze cursus richt zich specifiek op bestuurders, directeuren en stafmedewerkers in het primair onderwijs. Er kunnen 15 mensen aan deelnemen (alleen leden van VOS/ABB!). Deelname kost 150 euro per persoon (btw-vrij).

Aanmelden

U kunt zich aanmelden door een mailtje te sturen naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Help, we gaan fuseren!’. Vermeld in uw mail ook uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en uw telefoonnummer.

Krimpaanpak Zeeuws-Vlaanderen moet binnen Grondwet

Alle betrokkenen bij het proces in krimpregio Zeeuws-Vlaanderen om daar een adequaat aanbod van voortgezet onderwijs te behouden, zijn het met elkaar eens over een plan van aanpak. VOS/ABB juicht een breedgedragen en zorgvuldige aanpak toe op basis van de garantiefunctie van het openbaar onderwijs zoals die in de Nederlandse Grondwet is vastgelegd.

De positieve inzet van de ministeries van OCW en Binnenlandse Zaken, de provincie Zeeland, de drie gemeenten in Zeeuws-Vlaanderen en betrokken schoolbesturen is dat het gebied een adequaat aanbod van voortgezet onderwijs moet behouden.

Openbaar onderwijs

Een punt van nadrukkelijke aandacht is echter dat het plan van aanpak is gebaseerd op een advies van de Taskforce Zeeuws-Vlaanderen, die bij het opstellen daarvan geen oog heeft gehad voor de grondwettelijke garantiefunctie van het openbaar onderwijs.

De opzet is om van vier naar één schoolbestuur voor algemeen bijzonder onderwijs en van vier scholen naar drie scholen voor voortgezet onderwijs te gaan. Daarbij zou de openbare Stedelijke Scholengemeenschap De Rede in Terneuzen opgaan in het christelijke Zeldenrust-Steelantcollege, wat het einde zou zijn van het openbaar voortgezet onderwijs in Zeeuws-Vlaanderen.

Artikel 23 Grondwet

Artikel 23 van de Grondwet bepaalt echter dat overal in Nederland openbaar onderwijs moet zijn. Het grondwettelijke uitgangspunt is kort gezegd dat openbaar onderwijs moet en dat bijzonder onderwijs mag. De Grondwet geldt (natuurlijk) ook voor Zeeuws-Vlaanderen, wat inhoudt dat De Rede als enige openbare vo-school in het gebied niet mag opgaan in een christelijke school.

Een simpele oplossing is om in Terneuzen te kiezen voor een samenwerkingsschool van zowel openbaar als bijzonder onderwijs, zoals dat ook elders in het land gebeurt. VOS/ABB adviseert alle betrokken instanties om het plan van aanpak mede op basis hiervan vorm te geven en om dat tevens te doen binnen de nadrukkelijk vastgelegde kaders van de Nederlandse Grondwet.

Informatie: Hans Teegelbeckers, 06-51603209, hteegelbeckers@vosabb.nl

Trek de portemonnee voor Zeeuws-Vlaanderen!

De nieuwe regering moet de portemonnee trekken voor het breed gedragen plan van de Taskforce Zeeuws-Vlaanderen, zeggen VOS/ABB en de protestants-christelijke en rooms-katholieke profielorganisatie Verus tegen minister Arie Slob voor primair en voortgezet onderwijs. 

De Zeeuws-Vlaamse middelbare scholen stemmen in met de aanbeveling van de taskforce om van vier naar één schoolbestuur en van vier scholen naar drie scholen voor voortgezet onderwijs te gaan. Zij nemen daarmee samen de verantwoordelijkheid voor toekomstbestendig voortgezet onderwijs.

Openbaar onderwijs Zeeuws-Vlaanderen behouden

De aanbeveling tot fusie, zoals die in het rapport van de taskforce staat, botst echter met de grondwettelijke eis dat overal in Nederland, dus ook in Zeeuws-Vlaanderen, openbaar onderwijs moet zijn. In het rapport staat dat er één stichting voor algemeen bijzonder onderwijs moet komen. Daarmee zou het openbaar voortgezet onderwijs in Zeeuws-Vlaanderen verdwijnen.

VOS/ABB benadrukt dat een fusie tot één samenwerkingsbestuur van samenwerkingsscholen meer voor de hand ligt. Daarmee zou zowel het openbaar als bijzonder onderwijs voor Zeeuws-Vlaanderen behouden blijven. Op deze manier zou dus wel aan grondwetsartikel 23 voldaan worden en blijft het duale bestel bestaan.

Directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB heeft dit toegelicht op Omroep Zeeland.

Grote leerlingendaling

Scholen in Zeeuws-Vlaanderen hebben het al jaren zwaar, omdat het aantal leerlingen sterk afneemt. Veel kinderen gaan al op jonge leeftijd naar scholen in België. Het wordt steeds lastiger om met minder kinderen voldoende onderwijs te behouden.

Als er scholen voor voortgezet onderwijs dicht moeten, dreigt de situatie dat leerlingen van 12 tot 18 jaar over grote afstanden (tot 30 kilometer) moeten gaan reizen. Dat is extra bezwaarlijk, omdat Zeeuws-Vlaanderen relatief weinig openbaar vervoer heeft.

Net als op de Wadden

VOS/ABB en Verus roepen minister Slob op het onderwijs voor deze kinderen en de scholen in Zeeuws-Vlaanderen te redden door structureel toereikende financiële middelen vrij te maken. Zoals scholen op Waddeneilanden een aparte status hebben vanwege slechte bereikbaarheid van scholen en de lage leerlingdichtheid, zou ook Zeeuws-Vlaanderen apart behandeld moeten worden.

Steun startgroepen duurzaam

Veel ouders en kinderen uit Zeeuws-Vlaanderen kiezen voor België omdat het dichtbij is en omdat kinderopvang vanaf twee-en-een-half jaar daar vrijwel gratis is. Als ouders voor hun kinderen niet voor het Zeeuws-Vlaamse basisonderwijs kiezen, heeft dit ook negatief effect op het voortgezet onderwijs in het gebied.

Om deze ontwikkeling tegen te gaan is met succes geëxperimenteerd met startgroepen in Zeeuws-Vlaanderen. Kinderen zijn al jong welkom, tegen gereduceerd tarief. Het is daarom goed dat de Taskforce adviseert structureel extra middelen vrij te maken voor startgroepen. Den Haag zou dit advies moeten overnemen.

Lees het rapport

 

Nieuw stappenplan bij fusie

Als u lid bent van VOS/ABB, kunt u het door ons geactualiseerde Stappenplan bij fusie downloaden. In onze online Toolbox zitten drie versies van het aangepaste rekeninstrument voor fusiecompensatie.

In het stappenplan staat wat u bij een fusie moet doen en wanneer u dat moet doen. Er zijn verwijzingen in opgenomen naar externe regelingen en modelformulieren.

Het stappenplan is gebaseerd op de Wet toekomstbestendig onderwijsaanbod en de recente wijziging van de Regeling fusietoets. Het vervangt het eerdere stappenplan in ons in 2014 herziene katern 17 over de instandhouding van scholen.

Rekeninstrumenten fusiecompensatie

In onze online Toolbox zijn drie versies van het aangepaste rekeninstrument voor fusiecompensatie opgenomen. Hiermee kunt u de bijzondere bekostiging berekenen die een school ontvangt die fuseert met één of twee scholen.

De drie versies van het aangepaste rekeninstrument hebben betrekking op respectievelijk basisscholen, scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs en scholen voor speciaal basisonderwijs (de Regeling bekostiging personeel PO 2017-2018 is aangepast voor het geval een school voor speciaal basisonderwijs opgaat in een reguliere basisschool).

Ga naar de Toolbox

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Fusie: jammer maar helaas als leerlingen niet meegaan…

Het is het risico van het schoolbestuur als blijkt dat bij een fusie minder leerlingen meegaan naar de nieuwe school dan verwacht. Dat staat in antwoorden van staatssecretaris Sander Dekker van OCW op Kamervragen van de SGP over het recht op fusiecompensatie.

Tweede Kamerlid Roelof Bisschop van de SGP wilde van Dekker weten in hoeverre het redelijk is om het bevoegd gezag voor het recht op fusiecompensatie af te rekenen op een leerlingenstroom, terwijl het hierop ‘nauwelijks of in ieder geval geen doorslaggevende invloed’ heeft. Deze vraag had met name betrekking op situaties waarin tegen de verwachtingen in geen leerlingen naar de nieuwe school overgingen.

Dekker antwoordt dat hij zich kan voorstellen dat leerlingenstromen anders lopen dan een schoolbestuur verwacht, ‘maar de wet verbindt geen bekostigingsaanspraken aan aannames van een schoolbestuur’. Dit rechtvaardigt volgens hem dat die aannames voor risico van het schoolbestuur komen.

Schoolbesturen gestraft

VOS/ABB vindt het een miskenning van de professionaliteit van schoolbesturen dat zij financieel worden gestraft voor ontwikkelingen die ze niet in de hand hebben. Dat stelt directeur Hans Teegelbeckers in reactie op het standpunt van de staatssecretaris.

Lees de volledige reactie van Teegelbeckers.

Schoolbestuurders zijn geen waarzeggers!

In mei kwam Tweede Kamerlid Roelof Bisschop van de SGP met vragen over de door het onderwijsveld als ongewenst beschouwde fusiecompensatieregeling. Met zijn antwoorden hierop geeft staatssecretaris Sander Dekker van OCW blijk van onwetendheid over de beleidsbepaling van schoolbesturen. Het lijkt erop dat hij schoolbestuurders ziet als waarzeggers…

Van een schoolbestuur wordt verwacht, en dat is logisch, dat het zijn beleid voert op basis van kenbare gegevens of gefundeerde verwachtingen over de (nabije) toekomst. De regelgeving is daarop toegespitst. Het bestuur dient een meerjarenbeleidsplan te hebben en een daaraan verbonden meerjarenformatieplan. Ook het toezicht op de financiën is zo ingericht dat het bestuur duidelijkheid moet verschaffen over de wijze waarop het de continuïteit van de organisatie waarborgt, zoals middels een continuïteitsparagraaf.

De tegenstelling tussen de hierboven genoemde regels met de antwoorden die de staatssecretaris geeft, zit in het volgende: er wordt als eis voor het verkrijgen van fusiecompensatie gesteld dat een bepaald deel van de leerlingen de fusie volgt. Dat klinkt logisch, maar de realiteit leert dat dit moeilijker te voorspellen is dan de regelgeving nu verlangt.

Schoolkeuze ligt bij ouders

Ouders beslissen vaak in de zomervakantie (waarin de fusie daadwerkelijk plaatsvindt) of hun kind of kinderen meegaan met de fusie of dat ze toch een andere school kiezen. Voorbeelden hiervan zijn er te over. Het besluit tot fusie en alle daaraan gerelateerde stukken, bijvoorbeeld over de formatie en de financiën, dateren van ver voor de zomervakantie. Dan zijn ouders niet zo bezig met hun schoolkeuze, blijkt in de praktijk.

Continuïteit, stabiliteit en voorzienbaarheid in handelen zijn onzeker geworden in een fusieproces. Schoolkeuze ligt niet in handen van het schoolbestuur, maar van de ouders. De staatssecretaris stelt dat juist met de compensatie als stimulans tot samenvoeging een toekomstbestendige school kan worden vormgegeven. In de praktijk blijkt dat besturen die stimulans niet herkennen en de onzekere factor benoemen.

Financiële consequenties

De financiële stimulans is dus niet zeker. Daarom dient het bestuur voor een stabiele beleidsvorming uit te gaan van het negatieve scenario waarin maar weinig of zelfs geen leerlingen de fusie volgen. In dat geval is fuseren namelijk doorgaans duurder dan niet fuseren. Het wordt pas achteraf duidelijk wat de financiële consequenties zijn.

De staatssecretaris veegt daarnaast alle samenvoegingen waarbij weinig of geen leerlingen zijn meegegaan op één hoop. Er gingen in een aantal gevallen geen leerlingen mee en dus waren het volgens hem geen fusies.

Identiteit

De enige eis voor samenvoeging is de overgang van genoeg leerlingen, maar een school is meer dan alleen de leerlingpopulatie. Dat blijkt onder meer uit de wettelijke eisen die gesteld zijn voor de fusie-effectrapportage. Zo is de identiteit van de school ook een belangrijk item. In debatten in de Tweede en vooral ook de Eerste Kamer over de samenwerkingsschool kwam dat goed naar voren. De wetgever en de staatssecretaris waren het daarover eens. De onderbouwing van de regelgeving over de fusiecompensatie is, zo blijkt, op een heel andere grondslag gebaseerd dan de overige fusiewet- en regelgeving.

Uit zijn antwoorden blijkt dat de staatssecretaris de professionaliteit van de schoolbesturen miskent. Een bestuur wordt immers gestraft voor ontwikkelingen die het niet in de hand heeft. In plaats van het onderwijsveld in tijden van leerlingendaling daadwerkelijk een stimulans te bieden, wordt vereist dat bij een samenvoeging het schoolbestuur op voorhand moedwillig grote onzekerheden in het financieel en formatiebeleid inbouwt.

Of ziet Dekker schoolbestuurders als vakkundige waarzeggers die door een glazen bol in de toekomst kunnen kijken?

Hans Teegelbeckers, directeur VOS/ABB

Lees ook het bericht Fusie: jammer maar helaas als leerlingen niet meegaan….

Toezichthouders onderwijs en kinderopvang gefuseerd

De Vereniging van Toezichthouders in Onderwijsinstellingen (VTOI) en de Nederlandse Vereniging van Toezichthouders in de Kinderopvang (NVTK) zijn gefuseerd.

De nieuwe vereniging VTOI-NVTK zegt zich hard te maken ‘voor de continuïteit en de kwaliteit van het onderwijs en kinderopvang vanuit een maatschappelijk perspectief’. De fusie ‘past bij de huidige maatschappelijke ontwikkelingen, die ons laten zien dat instellingen voor kinderopvang en scholen meer en meer de samenwerking met elkaar zoeken op zowel organisatorische als inhoudelijke gronden’, aldus de VTOI-NVTK.

Extra voorwaarde: terugvordering fusiecompensatie

De extra voorwaarde dat minstens de helft van de leerlingen van samen te voegen scholen mee moet naar de fusieschool, is gepubliceerd in de Staatscourant. Deze extra voorwaarde kan in krimpgebieden vele tientallen leraren in het basisonderwijs hun baan  kosten, omdat het ministerie van OCW kan overgaan tot terugvordering van fusiecompensatie.

VOS/ABB en collega-organisaties drongen er vorig jaar in een brief aan staatssecretaris Sander Dekker van OCW op aan de omstreden voorwaarde aan de fusiecompensatie te schrappen. De reden daarvoor was onder andere dat door deze extra voorwaarde de bekostiging afhankelijk wordt gemaakt van de leerlingenstroom waarvoor een bevoegd gezag niet verantwoordelijk is of mag zijn. Ouders bepalen immers waar een kind onderwijs volgt en dat mag niet door een bestuur worden afgedwongen.

De extra voorwaarde vergroot het risico dat fusiecompensatie uitblijft. Dat zal leiden tot minder bereidheid tot samenwerking, terwijl Dekker met de fusiecompensatie juist het tegenovergestelde beoogt.

Terugvordering

Bovendien kan nu een aantal schoolbesturen worden geconfronteerd met terugvordering van fusiecompensatie, omdat ze achteraf niet aan de (extra) voorwaarde voldoen. Het betreft miljoenen euro’s, zo blijkt uit meldingen die bij ons is binnengekomen.

Als de terugvorderingen feit worden, zullen vele tientallen banen in het primair onderwijs verloren gaan. Dit staat haaks op het kabinetsbeleid om het onderwijs ook in krimpgebieden kwalitatief op peil te houden.

Informatie: Ronald Bloemers, 06-51914694, rbloemers@vosabb.nl

Geconfronteerd met terugvordering fusiecompensatie?

Wij willen graag weten of u bent geconfronteerd met een voorgenomen besluit om reeds toegekende fusiecompensatie terug te vorderen. Ook als u een vermoeden hebt dat uw organisatie hiermee zal worden geconfronteerd, kunt u zich melden bij onze politiek en juridisch adviseur Ronald Bloemers, die vervolgens kan kijken welke actie nodig is om deze kwestie aan de orde te stellen bij de politiek.

Het betreft mogelijke terugvorderingen vanwege de voorwaarde die aan de fusiecompensatie is toegevoegd dat minstens de helft van de leerlingen van twee samen te voegen scholen de fusie moeten volgen.

Wij hebben hierover in maart vorig jaar met de profielorganisaties Verus, VGS, LVGS, VBS en ISBO een brief gestuurd aan staatssecretaris Sander Dekker van OCW. In die brief gaven we aan de extra voorwaarde onacceptabel te vinden. Inmiddels lijkt OCW op grond van de extra voorwaarde fusiecompensatie te willen gaan terugvorderen.

Het betreft miljoenen euro’s, zo blijkt uit een beperkt aantal meldingen dat tot nu toe bij ons is binnengekomen. Als de terugvorderingen feit worden, zullen vele tientallen banen in het primair onderwijs verloren gaan. Dit staat haaks op het kabinetsbeleid om het onderwijs ook in krimpgebieden kwalitatief op peil te houden.

Bent u al of wordt u waarschijnlijk geconfronteerd met een terugvordering? Meld u dan onder vermelding van ‘Terugvordering fusiecompensatie’ bij onze politiek en juridisch adviseur Ronald Bloemers: rbloemers@vosabb.nl.

VOO wil dat MR sluiting van school kan tegenhouden

Ouders en docenten in de medezeggenschapsraad moeten de mogelijkheid krijgen om niet in te stemmen met een eventuele sluiting van hun school. Daarvoor pleit de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) in een brief aan de Tweede Kamer.

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW wil aan de fusietoets het begrip ‘zorgplicht menselijke maat’ toevoegen, met daarbij een extra bevoegdheid voor de medezeggenschap in de Wet medezeggenschap op scholen (WMS), maar dat vindt VOO niet genoeg. ‘De huidige adviesbevoegdheid van de (G)MR bij sluiting van scholen moet een instemmingsbevoegdheid te worden, net als bij fusie en overdracht’, aldus VOO.

Lees de VOO-brief 

Wetsvoorstel samenwerkingsschool door Tweede Kamer

De Tweede Kamer is akkoord met het wetsvoorstel van staatssecretaris Sander Dekker van OCW om de vorming van de samenwerkingsschool te vergemakkelijken.

Een duidelijke meerderheid in de Tweede Kamer stemde voor het wetsvoorstel van Dekker, maar de christelijke fracties stemden tegen. Zij vrezen voor een aantasting van de positie van het bijzonder onderwijs.

Identiteitscommissie

Een aantal amendementen op het wetsvoorstel werd verworpen. Zo wilde Michel Rog van het CDA dat de verplichte identiteitscommissie zou worden geschrapt, omdat die plicht tegen de grondwettelijke vrijheid van onderwijs zou indruisen. Sander Dekker zei tijdens de verdediging van zijn wetsvoorstel dat die commissie nou juist ‘het hart en het geweten’ van de formele samenwerkingsschool wordt.

SGP’er Roelof Bisschop had een amendement tegen de overheersende invloed van de identiteitscommissie ingediend en ook dat werd verworpen.

Openbaar schoolbestuur

Rog wilde met nog een ander amendement, dat het evenmin haalde, voorkomen dat de samenwerkingsschool onder een openbaar schoolbestuur kan komen te vallen. Het zou volgens hem niet stroken met grondwetsartikel 23 over de vrijheid van onderwijs, omdat de overheid, zo stelde Rog, dan verantwoordelijkheid zou krijgen over godsdienstig en levensbeschouwelijk onderwijs.

De amendementen uit christelijke hoek moeten worden gezien in het licht van het bijzonder onderwijs. De christelijke fracties in de Kamer, ook die van de ChristenUnie, vrezen dat de formele samenwerkingsschool zoals Sander Dekker die voor zich ziet, de positie van het bijzonder onderwijs wordt aangetast.

Acceptatieplicht

Een amendement van SP’er Jasper van Dijk om algemene acceptatieplicht te koppelen aan de formele samenwerkingsschool, haalde het wel. Dit betekent dat de samenwerkingsschool geen leerlingen zou mogen weigeren, zoals het bijzonder onderwijs met de wet in de hand nu nog wel kan.

Ook een gewijzigd amendement van Loes Ypma van de PvdA werd aangenomen. Dit amendement beoogt dat godsdienstig en humanistisch vormingsonderwijs (g/hvo) mogelijk worden in de samenwerkingsschool, ook als deze school formeel geen openbare school is. Dit amendement werd gewijzigd in verband met het initiatiefwetsvoorstel van onder anderen Ypma voor structurele financiering van g/hvo.

Lees meer…

Handboek voor fusies openbare en christelijke scholen

De samenwerkende stichtingen Westerwijs en Penta Primair hebben een handboek online gezet over fusies van openbare en christelijke basisscholen.

In de afgelopen tien jaar hebben de twee stichtingen aan de wieg gestaan van acht informele samenwerkingsscholen in het Groningse Westerkwartier en het Drentse Noordenveld. Na de fusies wordt daar zowel openbaar als christelijk onderwijs gegeven.

De voorbereiding van de achtste fusie was voor het federatiebestuur van beide stichtingen aanleiding om aan de directeuren van de samenwerkingsscholen te vragen een handboek te maken voor de samenwerking tussen openbaar en christelijk primair onderwijs.

Het handboek, dat als titel De Reisgids heeft meegekregen, brengt in kaart waar alle betrokkenen rekening mee moeten houden als ze stap voor stap het fusieproces doorlopen.

Download handboek

Adviseur Ron van der Raaij van VOS/ABB is als procesbegeleider nauw betrokken bij de samenwerking tussen de stichting Westerwijs en Penta Primair.

Schoolbesturen als eerste aan zet bij samenwerking

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW vindt dat schoolbesturen die met elkaar willen samenwerken als eerste verantwoordelijk zijn voor een goede afweging van diverse samenwerkingsvormen. Dat schrijf hij in een brief aan de Tweede Kamer.

Adviseur Ronald Bloemers heeft samen met zijn collega en beoogd directeur Hans Teegelbeckers namens VOS/ABB op basis van de visie van de vereniging en ervaringen in het onderwijsveld input geleverd voor het opstellen van de brief. Volgens hen laat de brief zien dat het kabinet tegen zogenoemde pseudofusies is, zoals personele unies en holdings.

Daarbij tekent Dekker duidelijk aan dat dergelijke koepelstichtingen geen aan het bevoegd gezag toebehorende taken en verantwoordelijkheden mogen uitoefenen.

Knellende wetgeving frustreert samenwerking

‘De reden van de pseudofusies wordt in deze brief helaas niet belicht’, aldus Bloemers, die had geadviseerd om dat wel in de brief te vermelden.

‘Juist de knellende wetgeving, zoals rond de fusietoets en de vorming van samenwerkingsscholen en -besturen, zorgt ervoor dat besturen niet fuseren en personele unies of holdings oprichten. Dat is wat wij uit het veld meekrijgen. Nu Dekker zich uitspreekt over een volgens het kabinet onwenselijk gevolg, was het benoemen van de oorzaak en het aanpakken daarvan wel zo doortastend geweest’, aldus Bloemers.

Volgens hem is de fusietoets een splijtzwam in het kabinet. ‘De PvdA wil een verzwaring, terwijl de VVD de fusietoets wil afschaffen. Er wordt nu in de brief gesteld dat schoolbesturen aan zet zijn en zelf de verantwoordelijkheid moeten nemen. Pseudofusies, zoals personele unies en holdings, zijn dan naar mijn idee het gevolg.’

Fusietoets blijft moeilijk peilbaar instrument

Medio oktober was er een andere brief van Dekker over aanpassingen van de fusietoets. Bloemers: ‘Daarin staat dat de fusietoets onder bepaalde omstandigheden wordt versoepeld, maar het blijft een toets achteraf en daarmee een moeilijk peilbaar instrument. Na het fusieproces te hebben doorlopen, blijft het afwachten of de soms jarenlange inspanningen enig nut hebben gehad.’

Uit de brief die in oktober naar de Tweede Kamer werd gestuurd, blijkt ook dat er een extra verplichting komt. ‘Er zal een zorgplicht voor de menselijke maat komen. Deze plicht zal voor alle schoolbesturen gaan gelden, ook als er geen sprake is van fusie. De medezeggenschapsraad krijgt er een adviesbevoegdheid bij en de interne toezichthouder moet actief op de menselijke maat gaan toezien’, zo legt Bloemers uit.

Professioneel maar gratis…

Dit brengt volgens Bloemers extra taken en verantwoordelijkheden in de uitwerkings- en verslagsfeer met zich mee, terwijl daar geen geld voor is. ‘Ik heb bij het ministerie van OCW weer aandacht gevraagd voor het voortdurend uitbreiden van taken en verantwoordelijkheden, zonder dat schoolbesturen daarvoor middels bekostiging worden geoutilleerd. Dekker vindt kennelijk dat professioneel bestuur en toezicht gratis moeten zijn…’

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Menselijke maat. Wat is dat eigenlijk?

Bij het ministerie van OCW snappen ze nog steeds niet wat er wordt bedoeld met de menselijke maat in het onderwijs. Het gaat niet om de omvang van de organisatie, maar om de manier waarop die is georganiseerd!

Minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker van OCW hebben in een brief aan de Tweede Kamer over fusies in het onderwijs aangegeven dat de menselijke maat voldoende geborgd moet blijven. Daaraan verbinden ze kwantitatieve criteria. Een uitgebreide fusietoets blijft volgens hen noodzakelijk als er in het primair onderwijs een school met meer dan 500 leerlingen ontstaat. In het voortgezet onderwijs ligt die grens op 3000 leerlingen. Ze verbinden ook scherpe getalscriteria aan bestuurlijke fusies.

Persoon of formaat

Uit gesprekken die het ministerie van OCW met het onderwijsveld heeft gevoerd voorafgaand aan de publicatie van de brief (er is onder andere met VOS/ABB gesproken) kwam duidelijk naar voren dat de menselijke maat meer betrekking zou moeten hebben op de personen in de organisatie dan op het formaat ervan. Er ontstaat immers pas een probleem als de onjuiste persoon bestuurder wordt. Het maakt dan niet uit hoeveel scholen er onder een bestuur vallen.

Een voorbeeld dat in de gesprekken met het veld werd genoemd, is het Bestuur Openbaar Onderwijs Rotterdam (BOOR), dat met het huidige bestuur niet als te groot wordt gezien. BOOR heeft 78 scholen onder zich, terwijl de fusietoets in het begin uitging van circa 10 scholen als maximum voor de menselijke maat.

Groot en menselijk

De menselijke maat zit hem dus niet zozeer in de omvang van de totale organisatie, maar in de wijze waarop de bedrijfsvoering is vormgegeven. Een bestuur van 10 scholen dat alles centralistisch regelt en van bovenaf oplegt, heeft geen menselijke maat. Daarentegen heeft een bestuur van 100 scholen dat veel decentraal heeft belegd, wel een menselijke maat. Dit komt bij het ministerie van OCW helaas nog steeds niet binnen.

Hans Teegelbeckers, senior-beleidsmedewerker VOS/ABB

Samen verder als ‘identiteitsrijke ontmoetingsscholen’

De openbare en christelijke basisscholen in vier Friese dorpen gaan fuseren tot ‘identiteitsrijke ontmoetingsscholen’, meldt de Leeuwarder Courant.

Het gaat om basisscholen in de dorpen Eastermar, Jistrum, Noardburgum en Tytsjerk in de gemeente Tytsjerksteradiel van de stichting OPO Furore (openbaar onderwijs) en PCBO Tytsjerksteradiel (christelijk onderwijs). In elk dorp blijft één school over.

De krimp van het aantal leerlingen is de reden voor de samenvoeging van de scholen, meldt de krant. De twee schoolbesturen hebben de afgelopen periode gesprekken gevoerd met ouders, de gemeente en verenigingen van dorpsbelang. Daaruit bleek dat er meer waarde werd gehecht aan het blijven bestaan van een basisschool in elk dorp dan aan de etiketten ‘openbaar’ en ‘christelijk’.

Fusie van geringe omvang in vier weken goedgekeurd

Een fusie van geringe omvang zal binnen vier weken kunnen worden goedgekeurd. Dat melden minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker van OCW in een brief aan de Tweede Kamer. 

In de brief staat dat de minister van OCW op basis van een lichtere toets toestemming zal verlenen aan een fusie van geringe omvang als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

  • Met de fusie kan een breed en toegankelijk onderwijsaanbod in stand worden gehouden.
  • De procedure voor medezeggenschap is zorgvuldig doorlopen en er is voldoende draagvlak onder interne en externe betrokkenen.
  • De menselijke maat in de instelling is voldoende geborgd binnen de aanvraag.

Een dergelijke procedure kan binnen vier weken zijn afgerond. De lichtere toets zal worden uitgevoerd door DUO. De verkorte procedure kan middels het aanpassen van de fusieregeling al op korte termijn ingaan.

Grote fusie

Als de omvang van de nieuwe organisatie na een fusie boven bepaalde grenzen komt of wanneer er signalen zijn dat er onvoldoende draagvlak voor de fusie is onder belanghebbenden, zal de minister de Adviescommissie fusietoets in het onderwijs inschakelen. Dat zal in ieder geval gebeuren in onderstaande situaties:

  • Als er door een fusie een school voor primair onderwijs ontstaat met meer dan 500 leerlingen. Voor het voortgezet onderwijs ligt die grens op 3000 leerlingen.
  • Als door een bestuurlijke fusie in het primair of voortgezet onderwijs het marktaandeel van het fusiebestuur meer dan 50 procent wordt of meer dan 35 procent in een zeer sterk stedelijke gemeente.
  • Als bij een bestuurlijke fusie meer dan 30 scholen voor primair onderwijs of meer dan 10 scholen voor voortgezet onderwijs betrokken zijn.

De adviescommissie zal dan moeten beoordelen of de noodzaak om te fuseren opweegt tegen de gevolgen van de fusie voor de betrokkenen.

Korte en lange termijn

Afgezien van de verkorte procedure die al op korte termijn kan worden ingevoerd, is er voor de voorgestelde wijzigingen een (tijdrovende) wetswijziging nodig. Dit betekent dat ze niet eerder dan 1 augustus 2019 van kracht zullen zijn.

Het gaat dan onder andere het opnemen van de zorgplicht voor menselijke maat in het onderwijs en de toevoeging hiervan aan het schoolplan en het bestuursverslag. Ook het regelen van een adviesbevoegdheid van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad en de deelnemersraad ten aanzien van de algemene zorgplicht voor de menselijke maat en een voorgestelde aanpassing van de fusie-effectrapportage vereisen een wetswijzigingstraject.

Fusietoets belemmert samenwerking

De huidige fusietoets wordt in het onderwijs vaak gezien als een onnodige belemmering van noodzakelijke lokale of regionale samenwerking tussen verschillende onderwijsorganisaties. De bezwaren worden vooral gezien in plattelandsregio’s die te maken hebben met een sterke afname van het aantal leerlingen, waardoor de continuïteit van scholen in het gedrang komt.

 

Dekker stelt besluit over bestuurlijke fusie uit

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW stelt het besluit over een bestuurlijke fusie uit. Het gaat om de voorgenomen fusie van de Groningse Stichting Westerwijs voor openbaar primair onderwijs en de Stichting Penta Primair. VOS/ABB en de christelijke profielorganisatie Verus begeleiden het fusieproces van deze twee stichtingen.

Dekker licht het uitstel toe in een brief aan de Tweede Kamer. In die brief schrijft hij dat de Commissie Fusietoets in het Onderwijs (CFTO) de voorgestelde bestuurlijke fusie heeft afgewezen, omdat die niet voldoet aan artikel 64c, tweede lid, van de Wet op het primair onderwijs (WPO). Daarin staat dat dat een fusie alleen mag als daarmee wordt voorkomen dat een school wordt gesloten of geen bekostiging meer krijgt.

Bestuurlijke fusie vereenvoudigd

In het wetsvoorstel Samen sterker door vereenvoudiging van de samenwerkingsschool, dat nu in de Tweede Kamer ligt, staat dat het bewuste artikel kan worden geschrapt. Dekker schrijft dat hij niet nu al kan doen alsof artikel 64 c, tweede lid, WPO niet meer bestaat. Daarom kan hij nog geen goedkeuring geven aan de voorgestelde fusie.

Met de twee schoolbesturen is afgesproken dat een besluit over de voorgestelde fusie wordt uitgesteld. De staatssecretaris zegt voornemens te zijn om positief te besluiten over de fusie op het moment dat vaststaat dat genoemd wetsartikel vervalt.

VOS/ABB en de christelijke profielorganisatie Verus begeleiden het fusieproces van de twee stichtingen voor openbaar respectievelijk christelijk primair onderwijs. Senior-beleidsmedewerker Ron van der Raaij van VOS/ABB is de projectleider.

Dekker schuift aanpak krimp op lange baan

De organisatie van asielzoekersonderwijs krijgt prioriteit boven het programma leerlingendaling, meldt staatssecretaris Dekker aan de Tweede Kamer. Dat is jammer, want de leerlingendaling in krimpgebieden heeft minimaal net zulke grote gevolgen voor het onderwijs als de komst van vluchtelingen.

Naast de noodzakelijke inzet voor de opvang van vluchtelingenkinderen hebben scholen absoluut ook steun nodig voor de langetermijngevolgen van de krimpproblematiek. De aanpak daarvan dreigt nu ‘on hold’ te worden gezet. Het openbaar onderwijs wordt hierdoor extra hard getroffen, omdat juist het openbaar onderwijs de meeste kleine scholen in krimpregio’s heeft.

Reeks aanpassingen noodzakelijk
Voor de aanpak van krimpproblemen is het nodig dat wet- en regelgeving wordt aangepast. Het betreft onder meer:

  • de fusietoets, waarvan minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker inmiddels zelf hebben toegegeven dat deze belemmerend werkt voor het funderend onderwijs. In de Evaluatie Wet fusietoets van november 2015 staat al dat de fusietoets samenwerking blokkeert en in de praktijk ‘ten onrechte een afschrikkende werking’ heeft.De bewindslieden schreven in november 2015 dat ze per 1 maart 2016 met conclusies zouden komen op basis waarvan de regels eventueel aangepast konden worden. Het is inmiddels mei en de conclusies zijn er niet.
  • De fusiecompensatieregeling, met name de voorwaarde dat bij een samenvoeging van twee scholen minimaal 50 procent van de leerlingen de fusie moet volgen.
  • Indiening wetsvoorstel tot vereenvoudiging van de vorming van een samenwerkingsschool en het wegnemen van ongelijkheid tussen openbaar en bijzonder onderwijs met betrekking tot de samenwerkingsschool. Het openbaar onderwijs mag geen samenwerkingsschool in stand houden, het bijzonder onderwijs wel.
  • Indiening wetsvoorstel ‘Toekomstbestendig onderwijsaanbod’ dat juist ziet op de aanpak van verschillende wettelijke belemmeringen. Er is al een internetconsultatie geweest, daarna bleef het stil.

Teleurstelling
In zijn brief aan de Tweede Kamer schrijft Dekker nu dat hij de voortgangsrapportage leerlingendaling die was aangekondigd voor de zomer van 2016 pas eind van het jaar zal sturen. Ook meldt hij dat de accountmanagers die bezig waren met de ondersteuning van schoolbesturen in krimpgebieden tijdelijk gaan ‘herprioriteren’ ten gunste van het asielzoekersonderwijs. ‘Dit heeft een herfasering tot gevolg voor het programma leerlingendaling’. Daarmee laat hij de schoolbesturen in krimpgebieden, en met name die met openbare scholen, in de kou staan.

VOS/ABB is teleurgesteld en roept de staatssecretaris op om dat te doen wat nodig is om het programma leerlingendaling zonder verdere vertraging door te laten gaan.

 

 

Geen toets nodig bij uitbreiding samenwerkingsbestuur

Bij uitbreiding van een bestaand samenwerkingsbestuur hoeft niet te worden getoetst of scholen met opheffing worden bedreigd. Dat moet alleen als er door een fusie een samenwerkingsbestuur tot stand komt, zo staat in een brief van staatssecretaris Sander Dekker van OCW aan de Commissie Fusietoets Onderwijs (CFTO).

Dekker maakte in juli bekend dat hij inging tegen een negatief advies van de CFTO. Die had twee fusies afgekeurd tussen het samenwerkingsbestuur van de Stichting Lek en IJssel en de Stichting Katholiek Primair Onderwijs Nieuwegein respectievelijk de Vereniging Samenwerkingsschool Jenaplan Onderwijs Woerden en omstreken. Het betrof in totaal zes bijzondere scholen.

De CFTO had die fusies afgekeurd, omdat niet werd voldaan aan de continuïteitsvoorwaarde, zoals die is verwoord in artikel 64c, tweede lid, van de Wet op het primair onderwijs (WPO). Daarin staat dat een samenwerkingsbestuur slechts tot stand mag komen als de fusie noodzakelijk is om de continuïteit van het onderwijs te handhaven. Met andere woorden: er moet worden aangetoond dat de school of scholen waar het om gaat, met opheffing wordt/worden bedreigd.

Dekker wijst erop dat het in het artikel nadrukkelijk gaat over het tot stand komen van een samenwerkingsbestuur. In het geval van de stichting Lek en IJssel ging het om een uitbreiding van een bestaand samenwerkingsbestuur. Dan geldt volgens hem de continuïteitsvoorwaarde niet.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Met terugwerkende kracht fusiecompensatie

Scholen voor voortgezet onderwijs die vanwege krimp samengaan, krijgen hiervoor met terugwerkende kracht tot 2013 financiële compensatie. Dat heeft staatssecretaris Sander Dekker van OCW bekendgemaakt.

Tot nu toe gingen deze scholen er bij een fusie vaak financieel op achteruit doordat een deel van hun basisbekostiging dan wegviel. Om scholen in krimpgebieden te stimuleren samen te werken, krijgen ze dit verlies de eerste jaren gecompenseerd.

Dekker: ‘In grote delen van ons land neemt het aantal leerlingen op middelbare scholen de komende decennia flink af. Alleen door samen te werken kunnen scholen ook in de toekomst goed onderwijs blijven bieden. Deze nieuwe regeling stimuleert middelbare scholen om bij krimp de handen ineen te slaan.’

In het primair onderwijs bestaat al een vergelijkbare regeling.

Lees meer…

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl