Netwerkbijeenkomst IKC over kinderopvang en onderwijs

Op 11 oktober komt het IKC-netwerk van VOS/ABB bijeen: er wordt dan een bezoek gebracht aan integraal kindcentrum De Horst in De Wijk (Drenthe).

Dit IKC valt onder de Stichting Wolderwijs. Deze stichting verzorgt zowel openbaar primair onderwijs als kinderopvang in de Drentse gemeente De Wolden.

Stichtingen voor openbaar onderwijs kunnen ook kinderopvang organiseren, maar in de praktijk blijkt het nogal lastig om dat daadwerkelijk te doen. Stichting Wolderwijs kan als ervaringsdeskundige andere organisaties op weg helpen.

De IKC-netwerkbijeenkomst is op donderdag 11 oktober van 09.30 tot 12.00 uur (met lunch) in IKC De Horst in De Wijk. Als uw organisatie lid is van VOS/ABB, is deelname gratis. Is uw organisatie geen lid (bijvoorbeeld kinderopvangorganisaties), dan betaalt u voor het bijwonen van deze bijeenkomst 100 euro (per persoon, btw-vrij).

Aanmelden

U kunt zich voor de bijeenkomst aanmelden via welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘IKC-netwerkbijeenkomst 11 oktober’. Vermeld ook uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en uw telefoonnummer. Wij willen ook graag van u weten of u van de lunch gebruikt wilt maken, zodat we daar rekening mee kunnen houden.

Het IKC-netwerk van VOS/ABB is bedoeld om kennis en ervaring met elkaar te delen. Zit u nog niet in dit netwerk? U kunt zich ervoor aanmelden bij Rozemarijn Boer: 06-20010418, rboer@vosabb.nl. Voorwaarde is wel dat uw organisatie lid is van VOS/ABB.

 

 

 

Scholen en opvang balen van talmende minister

Veel scholen en kinderopvangcentra willen onder één dak, maar de huidige regels maken dat onnodig moeilijk en de minister doet er voorlopig niets aan, meldt het Algemeen Dagblad. De krant laat onder anderen beleidsmedewerker Rozemarijn Boer van VOS/ABB aan het woord.

In het regeerakkoord staat niets over de samenwerking van onderwijs en kinderopvang in integrale kindcentra (IKC’s). Daar komt bij dat onderwijsminister Arie Slob een reactie op het in maart 2017 verschenen rapport Tijd om door te pakken van de Taskforce samenwerking onderwijs en kinderopvang heeft doorgeschoven naar de zomer.

‘Het hangt met plakband aan elkaar’, zegt Rozemarijn Boer van VOS/ABB in het AD over de huidige situatie.  Sommige scholen en kinderopvangorganisatie bedenken nu zelf constructies om samen te kunnen werken, maar ‘dit kost onnodig veel tijd, geld en energie’, zo benadrukt zij.

Boer heeft eerder samen met haar collega Eline Vrenken de kwestie aangekaart in een commentaar op deze website, waarin zij minister Slob oproepen vaart te maken met een reactie om geïntegreerde kindvoorzieningen wettelijk mogelijk te maken.

Tijd om door te pakken met onderwijs en opvang

Het kabinet geeft nog geen reactie op het advies van de Taskforce samenwerking onderwijs en kinderopvang. Dat is erg vervelend, want scholen en kinderopvangorganisaties willen nú verder.

Bij de begrotingsbehandeling in de Tweede Kamer kreeg de minister voor OCW de vraag wanneer hij belemmeringen wegneemt bij de vorming van integrale kindcentra. De minister liet weten pas in de loop van 2018 met een reactie te komen, terwijl de taskforce in maart van dit jaar al met het rapport Tijd om door te pakken kwam. In dat rapport staan adviezen over samenwerking en het wegnemen van knelpunten.

Het is op zich al teleurstellend dat er in het regeerakkoord niets staat over de samenwerking tussen onderwijs en opvang, maar nu blijkt dus ook nog eens dat de minister wacht met een reactie. Dat schiet niet op!

Onderwijs en opvang willen doorpakken!

Ondertussen lopen veel van onze leden die werken aan integrale kindcentra tegen allerlei problemen op. We noemen als voorbeelden verschillende arbeidsvoorwaarden, gescheiden geldstromen en problemen met de btw. Er gaat nu onnodig veel tijd en dus geld zitten in het bedenken van bestuurlijke constructies voor samenwerking.

Wij roepen de minister daarom op vaart te maken met een reactie om geïntegreerde kindvoorzieningen wettelijk mogelijk te maken. Het is tijd om door te pakken!

Rozemarijn Boer en Eline Vrenken, beleidsmedewerkers VOS/ABB

Ouders vinden kindcentrum erg handig

De redenen waarom ouders kiezen voor een kindcentrum in plaats van een ‘gewone’ school, zijn deels praktisch en deels inhoudelijk van aard. Dat blijkt uit het onderzoek Ouders over kindcentra 2017.

De belangrijkste redenen voor ouders om te kiezen voor een kindcentrum, zijn dat het handig is voor het brengen en halen dat alles op één plek zit, dat de professionals een goede band hebben met de kinderen en dat de overblijf goed is geregeld.

Ouders noemen ook als redenen dat in kindcentra professionals met verschillende deskundigheden met elkaar samenwerken, dat er een veilige en vertrouwde omgeving voor de kinderen is en dat er aandacht is voor een brede ontwikkeling. Ook wordt de soepele overgang tussen school en buitenschoolse opvang genoemd.

Lees meer…

Netwerken P&O, Financieel Management en IKC’s

De dienstverlening van VOS/ABB bestaat onder andere uit ondersteuning van bestuursbureaus. U kunt hierbij denken aan informatievoorziening en advies, maar ook aan bijeenkomsten die wij gedurende het jaar organiseren. Dat doen we onder andere voor verschillende netwerken waarin medewerkers van onze leden zitten. Deze netwerken zijn er ook voor u!

Onze netwerken zijn gericht op het delen van kennis en het uitwisselen van ervaringen. De diverse netwerkbijeenkomsten duren één dagdeel en vinden drie keer per jaar plaats op verschillende locaties verspreid over het land.

Op dit moment bieden wij voor ondersteunend personeel twee netwerken:

Netwerk Personeel en Organisatie (P&O)

Ons P&O-netwerk richt zich op verschillende thema’s, zoals het lerarenregister, professionalisering van leerkrachten en schoolleiders en duurzame inzetbaarheid. Andere onderwerpen waar het zich mee bezighoudt, zijn Strategisch Human Resource Management (SHRM), de school als lerende organisatie en de functiemix en formatieplanning. Dit netwerk is specifiek bedoeld voor de P&O/HRM-professionals (adviseurs en managers).

Om te bepalen welke onderwerpen wij tijdens netwerkbijeenkomsten aan bod kunnen laten komen, hebben wij een (korte) online enquête uitgezet. De enquête is beschikbaar tot en met maandag 5 juni.

Het Netwerk Personeel en Organisatie wordt gecoördineerd door onze adviseurs Céline Haket (0348-405252, chaket@vosabb.nl) en Ivo Israel (06-22939653, iisrael@vosabb.nl).

Indien u wilt toetreden tot ons P&O-netwerk, kunt u dat per e-mail aan ons secretariaat laten weten via welkom@vosabb.nl. Vermeld in uw mail ‘Netwerk P&O’, uw naam en functie, de organisatie waarvoor u werkt en uw telefoonnummer.

Netwerk Financieel Management

In dit netwerk komen controllers, directieleden en financieel managers van besturen bijeen om kennis en ervaringen met elkaar te delen. Daarnaast gaan we samen met u in op actuele veranderingen waarover in Den Haag is besloten. Tevens gebruiken we dit netwerk om input van u en andere leden te krijgen over actuele bekostigingsthema’s.

Het Netwerk Financieel Management wordt gecoördineerd door onze adviseurs Ronald Bloemers (06-51914694, rbloemers@vosabb.nl) en Ron van der Raaij (06-53733449, rvanderraaij@vosabb.nl).

Indien u wilt toetreden tot ons Netwerk Financieel Management, kunt u dat per e-mail aan ons secretariaat laten weten via welkom@vosabb.nl. Vermeld in uw mail ‘Netwerk Financieel Management’, uw naam en functie, de organisatie waarvoor u werkt en uw telefoonnummer.

Netwerk Integrale Kindcentra (IKC’s)

Naast bovenstaande netwerken willen wij een nieuw netwerk oprichten dat zich zal richten op integrale kindcentra (IKC’s). De samenwerking tussen onderwijs en kinderopvang is op veel plaatsen niet meer weg te denken. Het aantal IKC’s groeit en daarmee ook de maatschappelijke aandacht hiervoor. Daarom is kennisuitwisseling op dit gebied belangrijk.

Wij willen u vragen of u interesse heeft in ons IKC-netwerk. U kunt dit laten weten aan adviseur Rozemarijn Boer via het mailadres rboer@vosabb.nl. Vermeld in uw mail ‘Netwerk IKC’s’, uw naam en functie, de organisatie waarvoor u werkt en uw telefoonnummer.

 

Hoe zit het met btw-vrijstelling bij SWV’s en IKC’s?

De Helpdesk van VOS/ABB krijgt geregeld vragen over btw-vrijstelling voor activiteiten van samenwerkingsverbanden passend onderwijs. Ook wordt vaak advies gevraagd over hoe het zit met btw-vrijstelling bij uitwisseling van personeel binnen integrale kindcentra (IKC’s).

Bij de beantwoording van de vraag of er sprake is van btw-vrijstelling voor activiteiten die voortvloeien uit het ondersteuningsplan van het samenwerkingsverband passend onderwijs, moet grote zorgvuldigheid worden betracht.

In zijn Kamerbrief van 15 september 2015 gaf staatssecretaris Eric Wiebes van Financiën aan dat de tijdelijke vrijstelling tot 1 augustus 2016 ook na die datum van kracht blijft.

Het is daarbij van belang op te merken dat wat betreft activiteiten richting schoolbesturen het samenwerkingsverband wordt aangewezen als sociaal culturele instelling. De activiteiten van schoolbesturen richting het samenwerkingsverband worden ondergebracht onder de onderwijsvrijstelling, zo meldt ook de PO-Raad.

De Helpdesk wijst erop dat aan het gebruik van btw-vrijstellingen strikte voorwaarden zijn verbonden. Er moet altijd worden aangetoond dat aan al die voorwaarden is voldaan!

De technische uitwerking van de regeling vindt u op bladzijden 7 en 8 van de Kamerbrief.

Btw-vrijstelling en IKC

In een Kamerbrief van 8 juli jongstleden gaat Wiebes in op de btw-regeling bij uitwisseling van personeel bij samenwerking tussen een onderwijsinstelling, kinderopvang, voor- en vroegschoolse educatie, sportvereniging en huiswerkbegeleiding. Deze informatie is van belang voor integrale kindcentra (IKC’s).

De staatssecretaris maakt in zijn brief duidelijk dat het niet mogelijk is om alle genoemde vormen van uitwisseling van personeel van btw vrij te stellen. Het moet per geval worden beoordeeld of de werkzaamheden als geheel genomen te kwalificeren zijn als één ondeelbare onderwijsprestatie. Als dit niet het geval is, is het uitlenen van het personeel in beginsel belast met btw.

Een algemene vrijstelling van btw bij samenwerking binnen een IKC is dus niet aan de orde!

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

SER wil dat kindvoorzieningen verheffen en verbinden

De Sociaal-Economische Raad (SER) beschouwt kindvoorzieningen als een middel tot verheffen en verbinden. Die maatschappelijke doelstellingen dienen volgens de raad te worden verankerd in een toekomstig stelsel.

Het adviesorgaan voor regering en parlement schrijft in het ontwerpadvies Gelijk goed van start dat het loont om te investeren in jonge kinderen met een achterstand. Als op jonge leeftijd ontwikkelingsachterstanden worden aangepakt, kunnen volgens de SER ‘de effecten van vroege ontwikkelingsverschillen ongedaan (…) worden gemaakt’. Het positieve gevolg hiervan is, zo schrijft de raad, dat de leerprestaties gedurende de schoolcarrière beter zullen zijn.

Daarnaast ziet de raad een rol weggelegd voor kindvoorzieningen bij het bevorderen van sociale integratie. ‘Jonge kinderen met verschillende achtergronden kunnen in deze voorzieningen samen leren en samen spelen en als bijkomend voordeel krijgen allochtone en autochtone ouders zo de kans om elkaar te ontmoeten.’

Voor alle kinderen
Kindvoorzieningen kunnen, aldus de SER, tegelijkertijd de functie van ‘verheffen’ en ‘verbinden’ hebben. Gezien de baten en de positieve effecten ziet de raad voorzieningen voor opvang en educatie als een publiek belang. Dit zou moeten worden verankerd in een toekomstig stelsel, onder andere door op termijn alle kinderen van 0 tot 4 jaar, ongeacht achtergrond of afkomst en ongeacht of ouders werken, in de gelegenheid te stellen ‘in voldoende mate aan kindvoorzieningen deel te nemen’.

Het beleid moet volgens de SER met name gericht zijn op het borgen van de kwaliteit, de toegankelijkheid en de betaalbaarheid van de kindvoorzieningen. De raad pleit voor een inclusief systeem, waarbinnen kinderen met een achterstand extra aandacht krijgen en worden ondersteund. In dit kader gebruikt de SER de termen ‘passende kinderopvang’ en ‘maatwerk’. De raad verbindt die termen met voor- en vroegschoolse educatie.

Schets van de toekomst
Minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft vrijdag na de ministerraad laten weten dat het SER-advies een mogelijk beeld schetst van de toekomst. Het gaat volgens hem echt niet lukken om het, zoals de SER adviseert, voor alle kinderen mogelijk te maken om vier dagdelen per week naar de kinderopvang te gaan. Het zou al mooi zijn, vindt hij, als er twee dagdelen opvang per week worden gerealiseerd.

Commerciële kinderopvang past bescheidenheid

In het streven naar de totstandkoming van integrale kindcentra vecht de kinderopvang feitelijk voor behoud van de eigen sector.

Dat stellen bestuurder Annemie Martens en beleidsmedewerker Bas Otten van de Stichting PlatOO voor openbaar en algemeen toegankelijk primair onderwijs in acht gemeenten in Zuidoost-Brabant. In een opiniestuk in het Eindhovens Dagblad wijzen zij erop dat het niet vreemd is dat kinderopvangorganisatie Korein met vestigingen in Eindhoven en omgeving geld belangrijker vindt dan inhoud.

‘De vraag is of je iets anders mag verwachten van de kinderopvang. Het ontbreekt hun immers aan een expliciete maatschappelijke opdracht. Daarom zou het ook goed zijn als de kinderopvang zich wat bescheidener opstelt in de maatschappelijke en politieke discussie over integratie van onderwijs en opvang’, aldus Martens en Otten.

Lees meer…

Achterstandspositie openbaar onderwijs blijft onbenoemd

Binnen de huidige wet- en regelgeving zijn voldoende mogelijkheden om kinderopvang en onderwijs op elkaar af te stemmen, schrijven staatssecretaris Sander Dekker van OCW en minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken in een brief aan de Tweede Kamer. Wat ze in hun brief al of niet bewust onbenoemd laten, is de achtergestelde positie van het openbaar onderwijs.  

Het schrappen van regels om kinderopvang en onderwijs beter op elkaar af te stemmen, bijvoorbeeld in integrale kindcentra (IKC’s), is volgens Dekker en Asscher niet nodig, zo schrijven ze in hun brief die een reactie is op het actieplan Geef kinderen de ruimte. Daarbij gaan ze al of niet bewust voorbij aan de positie die het openbaar onderwijs in het huidige stelsel heeft ten opzichte van het bijzonder onderwijs.

Uit de aanvankelijke interpretatie van de wet bleek dat besturen van openbare basisscholen in tegenstelling tot schoolbesturen voor bijzonder onderwijs geen kinderopvang mochten aanbieden, omdat ze strikt genomen alleen onderwijs zouden mogen verzorgen.

Artikel 48 WPO
Eerder verklaarden het ministerie van OCW en de PO-Raad in het Bestuursakkoord voor het primair onderwijs dat de wet, in het bijzonder artikel 48 van de Wet op het primair onderwijs (WPO), voor het openbaar onderwijs geen belemmering meer is om IKC’s in stand te houden, waarin onderwijs en kinderopvang samenkomen.

VOS/ABB vraagt zich af waarom Dekker en Asscher dit belangrijke punt onbenoemd laten in hun recente brief aan de Tweede Kamer.

Samenwerkingsscholen
Een ander punt is dat het samenvoegen van verschillende scholen tot een samenwerkingsschool evenmin door een openbaar schoolbestuur kan worden gerealiseerd. Dit vormt vooral in gebieden afnemende leerlingenaantallen als gevolg van demografische krimp een belemmering bij samenwerking en zet het openbaar onderwijs daar op een achterstand ten opzichte van het bijzonder onderwijs.

Hierover is onlangs een buitengewoon conservatief advies van de Onderwijsraad verschenen. De raad vindt dat samenwerkingsscholen een grondwettelijke uitzondering moeten blijven. Voor dat advies baseert de Onderwijsraad zich op een vermeende onwrikbare handhaving en rigide interpretatie van grondwetsartikel 23 over de vrijheid van onderwijs.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Handreiking over samenwerking in integrale kindcentra

Het Landelijk Steunpunt Brede Scholen heeft voor scholen en kinderopvangorganisaties een handreiking over integrale kindcentra (IKC’s) gepubliceerd.

Samenwerking tussen onderwijs en kinderopvang is op veel plaatsen niet meer weg te denken. Soms ontstaat samenwerking omdat partijen een gezamenlijke visie op de ontwikkeling van kinderen delen. Soms is het een manier om het eigen marktaandeel te behouden of vergroten. Of samenwerking ontstaat als sprake is van een integraal huisvestingsplan.

De meest vergaande variant van samenwerking tussen onderwijs en kinderopvang krijgt vorm in een IKC. Daarin is sprake van één pedagogische visie, één team en één centrale aansturing.

Download de handreiking van het Landelijk Steunpunt Brede Scholen.

VOS/ABB heeft in maart jongstleden op het besloten ledengedeelte van deze website een handreiking gepubliceerd over de verschillende samenwerkingsmogelijkheden tussen onderwijs en kinderopvang. Deze handreiking gaat niet alleen over IKC’s, maar ook over minder vergaande vormen van samenwerking.

‘Krimpvisie Dekker biedt kansen’

Stichting de Mare voor openbaar primair onderwijs in de Overijsselse gemeenten Olst-Wijhe en Raalte ziet kansen in de visie van staatssecretaris Sander Dekker van OCW op de toekomst van de kleine scholen. Dat twittert directeur-bestuurder Adrie Bolijn van de Mare.

Hij verwijst naar een artikel op de website Salland Centraal, waarin de Mare wordt geciteerd: ‘Wij zien in het voorstel een mogelijkheid om onze voornemens om het onderwijs in onze gemeente een kwaliteitsimpuls te geven door de ombouw van scholen tot kindcentra en onderwijsteams bestaande uit twee of meerdere scholen, te verwezenlijken. We zien het schrijven van de staatssecretaris als een steun in de rug.’

De Mare wil het onderwijs toekomstbestendig maken met behoud van kwaliteit door in te zetten op samenwerking van scholen en op de vorming van integrale kindcentra. ‘Het voorstel van de staatssecretaris betreft onder andere het vergemakkelijken van fusies tussen scholen en de vorming van samenwerkingsscholen, scholen van openbare en christelijke signatuur. Bovendien wil de staatssecretaris de vorming van kindcentra bevorderen. Beide voorstellen sluiten naadloos aan bij de weg die Stichting de Mare heeft ingezet.’ Daarmee verwijst Bolijn naar het koersdocument Veranderen met visie van de Mare.

Het voorstel van Dekker om de kleinescholentoeslag om te vormen tot een bonus op samenwerking, heeft voor de Mare grote financiële gevolgen. ‘Tegelijkertijd biedt de financiële prikkel die wordt ingezet voor samenwerkende scholen, een mogelijkheid om onze visie verder te verwezenlijken. Tenminste, als er niet gekort wordt op het totale budget dat nu besteed wordt aan de kleine scholentoeslag’, aldus Bolijn.