Actueel overzicht wetsvoorstellen en jurisprudentie

De Onderwijsjuristen van VOS/ABB hebben de overzichten van wetsvoorstellen en jurisprudentie geactualiseerd (let op: alleen toegankelijk voor leden van VOS/ABB!).

In het jurisprudentie-overzicht staat onder andere het oordeel van Landelijke Commissie voor Geschillen WMS dat het bevoegd gezag een ingrijpend besluit als fusie op tijd en op de juiste wijze moet bespreken met de medezeggenschapsraad (MR). Het bevoegd gezag mag niet zonder evidente noodzaak lang wachten met het formeel in gang zetten van de in de Wet medezeggenschap op scholen (WMS) beschreven instemmingsprocedure.

Een ander oordeel komt van de Landelijke bezwaaradviescommissie toelaatbaarheidsverklaring. Deze commissie vindt dat de school die de toelaatbaarheidsverklaring aanvraagt, niet ook de deskundigenverklaring mag opstellen die dient voor de beoordeling van de aanvraag. De school heeft immers belang bij de uitkomst van de aanvraag.

Ook de Geschillencommissie passend onderwijs heeft een interessante uitspraak gedaan: een school mag in haar schoolondersteuningsprofiel niet vermelden dat pas voor leerlingen vanaf midden groep 5 een ontwikkelingsperspectief wordt opgesteld. Dit moet een reguliere basisschool voor alle leerlingen doen die extra ondersteuning krijgen die niet valt onder het basisondersteuningsaanbod.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Actuele jurisprudentie en wetsvoorstellen

De Helpdesk van VOS/ABB heeft de overzichten van jurisprudentie en wetsvoorstellen en jurisprudentie geactualiseerd (let op: alleen toegankelijk voor leden van VOS/ABB!). Hieronder lichten we er enkele relevante uitspraken en wetsvoorstellen uit.

Jurisprudentie
Geen uitslag op basis van anonieme verklaringen
Een duidelijke uitspraak betrof het geslaagde beroep van een leraar tegen zijn ontslag. Het ontslagdossier was slechts gebaseerd op een rapport met anonieme verklaringen van leerlingen uit zijn klas. Die verklaringen waren vrij stuitend. Echter, alleen anonieme verklaringen kunnen geen reden zijn voor ontslag, zo oordeelde de commissie van beroep. De leraar had geen kans gehad op een redelijk proces via hoor en wederhoor. De verklaringen waren niet verifieerbaar en dus kon niet worden vastgesteld dat er sprake was van een gewichtige reden voor ontslag.

Enkele clausule onvoldoende
In een zaak voor de Rechtbank Overijssel was een zieke (ex-)werknemer haar ZW-uitkering misgelopen doordat zij een vaststellingsovereenkomst met haar (ex-)werkgever had gesloten. Op verzoek van de werknemer heeft de rechter de overeenkomst met terugwerkende kracht vernietigd, omdat de werkgever de werknemer had moeten informeren omtrent de mogelijke gevolgen van het tekenen van de overeenkomst voor haar recht op ZW. Enkel een clausule in de overeenkomst waarin staat dat de werkgever niet kan garanderen dat de overeenkomst geen nadelige gevolgen heeft voor toekenning van een uitkering, is onvoldoende.

 Wetsvoorstel versterking bestuurskracht
Op 16 februari is het wetsvoorstel Wet versterking bestuurskracht aangenomen in de Tweede Kamer met een aantal amendementen. Een belangrijke wijziging is dat de meldplicht voor de interne toezichthouder aan de inspectie is komen te vervallen. Voorts zal het wetsvoorstel voor een doeltreffender regeling van het onderwijstoezicht op 1 maart 2016 worden behandeld in de Tweede Kamer.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur,

Overzicht wetsvoorstellen en jurisprudentie

De Helpdesk van VOS/ABB heeft de overzichten van wetsvoorstellen en jurisprudentie geactualiseerd (let op: alleen toegankelijk voor leden van VOS/ABB!).

Jurisprudentie
Entreerecht

In januari hebben verschillende commissies uitspraken gedaan over het onthouden van het entreerecht. Daarbij wordt voornamelijk gekeken naar de verwachtingen die in het verleden zijn gewekt bij werknemers en de procedure die schoolbesturen hebben gehanteerd voor het toekennen van de bovenbouwuren aan docenten. Dit heeft geleid tot een aantal afwijzingen van het beroep, maar ook een aantal toekenningen.

Bovenwettelijke WW-uitkering
Ten aanzien van de bovenwettelijke WW-uitkering oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat een wettelijke indexatie van de WW-uitkering ook doorgegeven dient te worden als wijzigingen van de inkomsten aan KPMG. De indexatie kan namelijk een wijziging meebrengen in de hoogte van de bovenwettelijke WW-uitkering. Ondanks het feit dat het een wettelijke indexatie is die ook de instanties kenbaar zou moeten zijn, dient de ex-werknemer deze wijziging alsnog door te geven.

Verboden onderscheid
Het College voor de Rechten van de Mens spreekt als zijn oordeel uit dat een school jegens een leerling verboden onderscheid heeft gemaakt op grond van handicap of chronische ziekte bij de weigering haar de toetsen in het kader van het LVS uitsluitend mondeling te laten afleggen.

Wetsvoorstel
Op 20 januari is het wetsvoorstel sociale veiligheid op school bij de Tweede Kamer ingediend. De regering vindt dat alle kinderen recht hebben op een onbezorgde schooltijd, die in het teken staat van ontwikkelen, ontdekken en leren. Kinderen moeten veilig zijn op school, zodat ze in staat zijn om te leren en zich te ontwikkelen. Met dit wetsvoorstel worden schoolbesturen in het funderend onderwijs, dus in het basisonderwijs, het voortgezet onderwijs en het (voortgezet) speciaal onderwijs, verplicht om zorg te dragen voor een sociaal veilige schoolomgeving waarbij aandacht wordt besteed aan pesten. Hiertoe regelt het wetsvoorstel drie concrete verplichtingen:

− het voeren van sociaal veiligheidsbeleid;
− het beleggen van de taken: coördineren van het beleid ten aanzien van pesten en fungeren als aanspreekpunt in het kader van pesten bij een persoon;
− de monitoring van de sociale veiligheid van leerlingen, zodanig dat het een actueel en representatief beeld geeft. Hieronder valt ook het welbevinden van leerlingen.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur,

 

Turks op basisschool kan niet worden verplicht

Het is niet verplicht allochtone kinderen op de basisschool les te geven in hun moedertaal. Dat heeft de rechtbank Den Haag beslist in een procedure die een aantal Turkse belangenorganisaties had aangespannen tegen de Staat.

De belangenorganisaties vinden dat de Staat in strijd handelt met verschillende internationale verdragen en Europese wetgeving door het onderwijs van allochtone talen niet te ondersteunen. De rechtbank ging daar niet in mee, omdat de Nederlandse wetgever een bepaalde mate van beleidsvrijheid heeft. In ons land hadden gemeenten tot 2004 de mogelijkheid onderwijs van allochtone talen aan te bieden. Vanaf 2004 is de overheid daarmee gestopt.

De rechtbank oordeelt dat uit de verdragsbepalingen waarop de belangenorganisaties zich beroepen, niet een recht volgt op onderwijs van de allochtone moedertaal. Ook kunnen de organisaties niet rechtstreeks een beroep doen op deze verdragsbepalingen om dit onderwijs af te dwingen in Nederland.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

School hoeft geschorste leerlingen niet meer toe te laten

Openbare Scholengemeenschap Hugo de Groot in Rotterdam hoeft twee geschorste leerlingen niet meer toe te laten. Wel moet de school zorgen voor adequaat onderwijs in afwachting van plaatsing van deze leerlingen in een reboundvoorziening. Dat heeft de voorzieningenrechter bepaald.

De school heeft de leerlingen uit 3 vmbo respectievelijk 3 havo geschorst, omdat ze in de kantine een leerling uit de eerste klas hadden mishandeld. Dit was niet het eerste incident waarbij deze leerlingen betrokken waren. Vanaf het eerste leerjaar vertonen ze al gedragsproblemen. De school heeft ze daar vaak op aangesproken en ook maatregelen genomen om een gedragsverandering bij hen te bewerkstelligen.

Met de ouders van de leerlingen is geprobeerd een constructief gesprek aan te gaan over de kwestie, maar dat liep op niets uit. Zij vonden de zaak niet ernstig genoeg voor de schorsing van hun kinderen. Er ontstond een vertrouwensbreuk tussen de school en de ouders, die naar de rechter stapten om de school te dwingen hun zoons weer toe te laten.

De voorzieningenrechter geeft de school gelijk dat terugkeer van de twee leerlingen niet reëel is. Wel moet de school op grond van de zorgplicht de twee adequaat onderwijs geven in afwachting van plaatsing in een reboundvoorziening. Adequaat onderwijs kan bestaan uit huiswerkopdrachten die de jongens thuis kunnen maken.

Het bestuur van de Stichting BOOR voor openbaar onderwijs in Rotterdam en de directie van OSG Hugo de Groot voelen zich gesteund door de uitspraak van de rechter. Rector Eric van ’t Zelfde meldt op de website van de school het volgende: ‘Wij vinden het ontzettend belangrijk dat onze leerlingen zich veilig voelen bij ons op school. Dat kan alleen als we ook maatregelen kunnen nemen als ándere leerlingen die veiligheid in gevaar brengen. We zijn blij dat de rechtbank die gedachte steunt.’

Rector Van ’t Zelfde was dinsdagavond in de EO-talkshow Knevel en Van de Brink (zie vanaf 37’10”) om een toelichting te geven op wat de uitspraak voor het onderwijs betekent.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Na zedendelict nooit meer in onderwijs werken

In het onderwijs moet bij zedendelicten de weigering van een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) zonder uitzondering het uitgangspunt zijn. Het onderwijs dient immers garant te kunnen staan voor de veiligheid van het kind.

Dit standpunt van VOS/ABB volgt op het nieuws over een leraar van een openbare basisschool in Spijkenisse. De man is vrijgesproken voor het verrichten van ontuchtige handelingen met een leerling, maar is wel veroordeeld voor het in het bezit hebben van kinderporno. De rechter oordeelde dat de leraar zijn beroep kan blijven uitoefenen en dat hij niet, al dan niet tijdelijk, zal worden ontzet uit zijn bevoegdheid.

Hoe verhoudt deze uitspraak zich tot het aanvragen van een VOG? Uit de Beleidsregels VOG NP-RP 2013 vloeit voort dat er twee criteria zijn voor het beoordelen van een aanvraag voor een VOG: het objectieve criterium en het subjectieve criterium. Het subjectieve criterium is hier van bijzonder belang. Het kan er namelijk toe leiden dat een VOG toch wordt toegekend, ook als er een mogelijk risico bestaat voor de samenleving als de aanvrager zijn beroep weer gaat uitoefenen. De belangen van de aanvrager kunnen zwaarder wegen dan het mogelijke risico voor de samenleving.

Bij zedendelicten is het uitgangspunt dat een VOG niet wordt verstrekt (als aan de voorwaarden is voldaan). Als dit evident disproportioneel is voor de aanvrager, kan echter alsnog worden geoordeeld dat hij de VOG wel krijgt toegekend. Dit zou kunnen betekenen dat in de zaak die in Spijkenisse speelde, de bewuste leraar alsnog met succes een VOG zou kunnen aanvragen om in het onderwijs te kunnen werken.

VOS/ABB acht dit een ongewenste zaak, omdat het onderwijs garant dient te staan voor de veiligheid van elk kind. Daarom moet in het onderwijs bij zedendelicten de weigering van een VOG zonder uitzondering het uitgangspunt zijn.

Juridisch adviseur mr. José van Snek van de Helpdesk van VOS/ABB heeft een toelichting geschreven op deze kwestie.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Vrijspraak in ontuchtzaak basisschool Spijkenisse

De rechtbank in Rotterdam heeft een oud-leerkracht van een openbare basisschool in Spijkenisse vrijgesproken van ontuchtige handelingen met een leerling. De man is wel veroordeeld voor het in bezit hebben van kinderporno, maar de ernst daarvan is volgens de rechter gering. De officier van justitie had naast een gevangenisstraf geëist dat de man zijn beroep van leerkracht gedurende vijf jaar niet meer mocht uitoefenen, maar ook daar ging de rechter niet in mee.

De zaak veroorzaakte in 2011 veel onrust in Spijkenisse. De leerkracht in kwestie kwam in beeld na een eerdere ontuchtzaak in die plaats, waarbij hij overigens niet betrokken was. De man is voormalig wethouder in Spijkenisse. Toen hij in juni 2011 werd aangehouden, zat hij namens de PvdA in de gemeenteraad. In augustus van dat jaar trad hij vanwege de ontuchtzaak terug.

De man werd ervan beschuldigd dat hij in een kleedkamer een toen 9-jarige jongen onzedelijk had betast. De rechter sprak de man vrij, omdat de getuigenverklaringen van de jongen en van een aantal klasgenoten volgens een rechtspsycholoog niet betrouwbaar waren. Het staat daarom volgens de rechter niet vast dat de fysieke handelingen van de verdachte, die bestonden uit het kietelen van de leerling, een seksuele lading hadden. De rechter merkt het kietelen dus niet aan als ontuchtig handelen.

De man is wel veroordeeld omdat hij kinderporno op zijn computer had. Hij heeft daarvoor een voorwaardelijke gevangenisstraf gekregen van één maand met een proeftijd van één tijd jaar. De ernst van de kinderporno die op de computer van de man is aangetroffen, is niet van dien aard dat de rechter een verbod op het uitoefenen van leerkracht voor minderjarigen nodig vond.

In zijn oordeel heeft de rechter meegewogen dat de ontuchtzaak ernstige gevolgen heeft gehad voor de man zelf en voor zijn gezin. Vanwege dreigementen vanuit de bevolking was het niet meer mogelijk voor het gezin om in Spijkenisse te blijven wonen.

In verband met deze zaak, organiseerde het bij VOS/ABB aangesloten bestuur Prokind Scholengroep in augustus 2011 een informatiebijeenkomst voor ouders. Daarbij waren ook politie en justitie en de burgemeester van Spijkenisse, Mirjam Salet (PvdA), aanwezig. Op verzoek van Prokind trad VOS/ABB destijds op als onafhankelijk voorzitter van de informatieavond.

Download de uitspraak.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Actueel overzicht jurisprudentie en wetsvoorstellen

Vanaf deze maand staan de voor het funderend onderwijs relevante uitspraken in de online VOS/ABB-jurisprudentiedatabank. De databank – in het besloten ledengedeelte van deze website – wordt nog bijgewerkt. Ook de werking ervan moet nog worden verbeterd. De databank is dus nog niet af, maar is al wel te gebruiken.

Twee uitspraken die deze maand zijn toegevoegd, zijn interessant om te belichten. De eerste betreft het verzoek van de ouders van een basisschoolleerling om buiten de schoolvakanties vakantie op te nemen. De grond was het beroep van de vader, die als piloot juist in de schoolvakanties moet werken. Het verzoek werd afgewezen. De specifieke aard van het beroep van piloot bracht niet de onmogelijkheid met zich mee om in de schoolvakanties vrij te nemen; dit was het gevolg van de arbeidsvoorwaarden. De ouders hebben niet aannemelijk kunnen maken dat ze slechts buiten de schoolvakanties op vakantie kunnen.

Een andere interessante uitspraak betrof het beroep van een leraar tegen een schriftelijke berisping. De berisping was op twee verschillende gronden van plichtsverzuim gegeven. Op beide gronden werd het beroep gegrond verklaard. Een van de gronden van de berisping betrof het aanspreken van een leerling met de term ‘beugelbekje’. Dit kan als plichtsverzuim worden aangemerkt, maar gezien de omstandigheden in dit specifieke geval werd geoordeeld dat de straf niet proportioneel was door de disbalans in de werkzaamheden in de periode waarin het incident plaatsvond en het feit dat er reeds spijt was betuigd.

Wetsvoorstellen
Met betrekking tot de wetsvoorstellen geldt dat op 21 maart jongstleden er in de Tweede Kamer een debat heeft plaatsgevonden over de invoering van de centrale eindtoets in het primair onderwijs. In dat debat heeft staatssecretaris Sander Dekker van OCW een aantal toezeggingen gedaan over wijzigingen die hij meeneemt in het wetsvoorstel, zoals het feit dat de eindtoets zal dienen plaats te vinden tussen 15 april en 15 mei. Overige wijzigingen kunnen teruggevonden worden in het wetsvoorstellenoverzicht, eveneens in het besloten ledengedeelte van deze website.

Daarnaast staan ook de wetsvoorstellen die de minister van OCW mogelijk wil intrekken en het nieuwe wetsvoorstel inzake stichting en opheffen van scholen in het overzicht vermeld.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl 

Rechter: school mocht leerling met ‘rugzakje’ weigeren

De school had aangegeven dat de leerling niet op haar plaats is in het reguliere onderwijs, en ook dat het personeel van de school niet voldoende kennis en mogelijkheden heeft om een kind met gedragsmoeilijkheden te kunnen begeleiden. De rechter achtte die motivatie voldoende, ook al wilde hij wel meer schriftelijke documentatie.

Het ging om een 14-jarig meisje, dat een indicatie heeft voor Leerling Gebonden Financiering (het ‘rugzakje’) vanwege de diagnose PDD-NOS. Het laatste jaar heeft ze thuisonderwijs gehad. Haar moeder wilde nu graag dat ze naar de enige vo-school in haar omgeving ging, een openbare school voor vmbo- en lwoo-onderwijs. Maar de school wilde haar niet toelaten.

Volgens de school is uit de beschikbare stukken gebleken dat het kind een forse leerachterstand heeft en een onderbroken leerweg. Het meisje zou daarom minstens een  ‘drempeltest’ moeten doen, maar volgens de moeder is haar dochter niet in staat zo’n test te maken.

De school heeft vervolgens op diverse manieren geprobeerd gegevens over het meisje te verzamelen, onder meer door gesprekken met de Indicatiecommissie en de speciale basisschool waar ze op heeft gezeten. De rechter vond dat de school op deze manier voldoende heeft gemotiveerd waarom er – ondanks het ‘rugzakje’ – zodanige twijfels bestaan aan de mogelijkheden van dit meisje, dat ze in redelijkheid geweigerd kon worden. Het verzoek om een voorlopige voorziening (onmiddellijke toelating) werd afgewezen. De school is in deze zaak bijgestaan door advocaat Jan Schutter van VOS/ABB.