Tientallen miljoenen voor scholen met krimp

Voor het voortgezet onderwijs is de komende vijf jaar maximaal 48 miljoen euro per jaar beschikbaar voor regionale samenwerking op het gebied van krimp. Dat schrijft onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

Slob: ‘Door deze investering helpen we scholen om toekomstbestendig te worden. Hoe dat kan, verschilt per regio. In sommige regio’s kan dat door betere samenwerking, maar in andere regio’s zullen scholen moeten fuseren of kunnen er vestigingen verdwijnen. En soms moet een vestiging juist openblijven, omdat anders leerlingen te ver moeten fietsen.’

In 2020 wordt 10 miljoen euro vrijgemaakt en het jaar daarna 15 miljoen euro. Het kan oplopen tot 48 miljoen euro per jaar.

Scholen kunnen een aanvraag indienen. Voorwaarde is dat ze bij de aanpak van de gevolgen van krimp samenwerken met hun gemeente(n), basisscholen en het vervolgonderwijs in hun regio.

Lees meer…

‘Bereikbaarheid niet in gevaar door sluiting van scholen’

Sluiting van scholen als gevolg van krimp van het aantal leerlingen heeft nauwelijks gevolgen heeft voor de bereikbaarheid van het onderwijs. Dat staat in een brief van staatssecretaris Sander Dekker van OCW aan de Tweede Kamer.

Tussen 2008 en 2016 zijn er 669 scholen voor primair onderwijs gesloten. In verreweg de meeste gevallen is de reisafstand van leerlingen niet veel groter geworden, meldt Dekker. Hij hanteert daarbij het criterium dat er in de regel hemelsbreed binnen een straal van 3 kilometer een school is. Alleen in enkele dunbevolkte gebieden, zoals de Veluwe, wordt dat criterium volgens de staatssecretaris niet gehaald.

Hij zoomt in zijn brief in op acht scholen (met in totaal 174 leerlingen) die per 1 augustus 2015 zijn gesloten en die op een afstand van 3 kilometer of meer stonden van de dichtstbijzijnde andere school. ‘In de praktijk zien mijn accountmanagers dat er na goed overleg afspraken worden gemaakt om de leerlingen zo goed mogelijk te herplaatsen op een school op aanvaardbare afstand die past bij de keuze van de ouders’, aldus Dekker.

Volgens hem vinden schoolbesturen, ouders en gemeenten gezamenlijk oplossingen, bijvoorbeeld door een vergoeding voor de reiskosten. ‘Dit bevestigt mijn overtuiging dat samenwerking en overleg in de regio over het onderwijsaanbod onontbeerlijk is voor het behoud van een divers en toegankelijk scholenaanbod’, aldus Dekker.

Bereikbaarheid voortgezet onderwijs

Ook in het voortgezet onderwijs ziet Dekker geen grote problemen als het om de bereikbaarheid gaat. ‘Als een afdeling of school wordt gesloten, is dezelfde schoolsoort in de meeste regio’s binnen gemiddeld 5 kilometer op een andere school beschikbaar.’ Daarbij tekent hij wel aan dat het niet in alle gevallen gaat om een school van dezelfde richting. Bovendien kan het aanbod aan profielen in het beroepsgerichte vmbo verschillen.

De staatssecretaris verwijst naar een analyse uit 2015 over de bereikbaarheid van het vmbo. Daaruit bleek volgens hem dat het aanbod van profielen bijna geheel dekkend was. Uit een nieuwe analyse, waarbij ook is gekeken naar andere onderwijssoorten, blijkt dat voor vmbo gemengde leerweg en gymnasium in de meeste regio’s op gemiddeld iets meer dan 5 kilometer een andere vestiging met hetzelfde aanbod beschikbaar is.

Voor het praktijkonderwijs geldt dat volgens de staatssecretaris niet, omdat dat een specifieke voorziening is die op minder plaatsen beschikbaar is.