Regelluwe scholen: uiterlijk 25 mei aanmelden

Scholen die willen aanhaken bij het Experiment Regelluwe Scholen, moeten zich uiterlijk 25 mei vóór 12 uur aanmelden. De toelating is niet meer beperkt tot scholen met het predicaat ‘excellent’. Ook scholen die van de Inspectie van het Onderwijs het oordeel ‘goed’ hebben gekregen, kunnen nu meedoen.

Het experiment is in 2016 van start gegaan en wordt nu uitgebreid met 48 scholen. Deze scholen mogen afwijken van bepaalde wet- en regelgeving om vernieuwingen in het onderwijs te kunnen doorvoeren.

Het doel hiervan is om te onderzoeken of dit leidt tot betere kwaliteit of meer doelmatigheid van het onderwijs.

Regelluwe deelexperimenten

Dit zijn de vijf thema’s of deelexperimenten waar scholen zich voor kunnen aanmelden:

  • verminderen van instroommomenten voor kleuters
  • inruilen van onderwijstijd voor ontwikkeltijd (po en vo)
  • vervangen van een theoretisch vak door een praktijkvak op de havo
  • afnemen van deelexamens op de eigen school (vo)
  • afwijken van bevoegdheidseisen in het vo

Per deelexperiment worden acht scholen toegevoegd. Alleen het deelexperiment over het inruilen van onderwijstijd voor ontwikkeltijd wordt uitgebreid met acht scholen voor primair onderwijs én acht scholen voor voortgezet onderwijs. De selectie gebeurt op basis van een aantal criteria.

Meer informatie op www.regelluwescholen.nl. Daar staat ook het aanmeldformulier.

Kamer steunt gedeeltelijk herziening curriculum

De Tweede Kamer steunt het idee om de vakken Nederlands, rekenen en wiskunde, Engels, burgerschap, digitale geletterdheid en techniek te herijken. Dat bleek donderdag tijdens een voortgezet algemeen overleg over de herziening van het curriculum van het primair en voortgezet onderwijs.

De Kamer staat achter een motie van D66, VVD en PvdA om de onderdelen Nederlands, rekenen en wiskunde, Engels, burgerschap, digitale geletterdheid en techniek te herijken. In de motie staat dat samen met het onderwijsveld een proces in gang moet worden gezet ‘dat leidt tot concrete bouwstenen voor kerndoelen, eindtermen en referentieniveaus waarover eind 2018 politieke besluitvorming kan plaatsvinden’.

Geen volledige herziening curriculum

In de motie staat ook dat voor de overige vakken uitsluitend op verzoek van het onderwijsveld en met de vakverenigingen kan worden verkend of kerndoelen, eindtermen en referentieniveaus aanpassing behoeven.

4,5 miljoen euro voor vernieuwing curriculum

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW stelt tot mei volgend jaar 4,5 miljoen euro beschikbaar voor vernieuwing van het curriculum in het primair en voortgezet onderwijs.

Het geld is bedoeld om teams van leraren en schoolleiders vrij te stellen voor de uitwerking van een nieuw curriculum, zo staat in een brief aan de Tweede Kamer. Daarnaast zal Dekker geld beschikbaar stellen voor de werkorganisatie en de benodigde inzet van het nationaal expertisecentrum voor leerplanontwikkeling SLO.

De coördinatiegroep voor curriculumontwikkeling zal mede op basis van de ervaringen die in de komende periode worden opgedaan in beeld brengen wat er na het voorjaar van 2018 nodig is om tot een geactualiseerd curriculum te komen.

Download plan van aanpak curriculumontwikkeling

Download inphographic over curriculumontwikkeling

Praat mee over onderwijsverbetering

Hoe kunnen we het onderwijs te verbeteren? U kunt daarover meepraten op digitale platforms voor schoolbestuurders, managers en leraren. Deze platforms zijn ingericht in opdracht van het ministerie van OCW.

Het ministerie wil graag weten hoe u als onderwijsprofessional staat tegenover een aantal keuzes die gemaakt kunnen worden bij de organisatie van het onderwijs. U kunt daarbij denken aan onderwijstijd, flexibiliteit, ICT, gepersonaliseerd leren en de inzet van onderwijsteams.

Praat mee

Hoog tijd voor nieuw curriculum

Leerlingen en hun ouders vinden dat het hoog tijd is om het landelijk curriculum aan te pakken, ze willen meer verbinding tussen vakken en de keuzeruimte moet groter zijn dan nu het geval is. Dit concludeert de Regiegroep Onderwijs2032 in een advies dat aan staatssecretaris Sander Dekker van OCW is overhandigd.

Uit het advies blijkt verder dat leerlingen en ouders naast vakinhoudelijke kennisoverdracht meer aandacht willen voor vakoverstijgende vaardigheden, burgerschap en digitale geletterdheid.

De Regiegroep Onderwijs2032 ziet voldoende mogelijkheden om met alle betrokken partijen een volgende stap te zetten naar vernieuwde kerndoelen. De huidige kerndoelen zijn 10 jaar oud en sluiten niet altijd meer goed aan op eigentijdse lessen.

Volgens de regiegroep spelen lerarenteams een cruciale rol in het vernieuwingsproces.

Lees meer…

Onenigheid in Onderwijscoöperatie over Onderwijs2032

Lerarenorganisaties hebben hun steun aan het vernieuwingsproject Onderwijs2032 ingetrokken, meldt NRC.

De krant schrijft dat lerarenorganisaties, waaronder de Algemene Onderwijsbond (AOb) en Beter Onderwijs Nederland (BON), die met elkaar de Onderwijscoöperatie vormen, het niet eens zijn met hun voorzitter Joost Kentson. Hij had zijn steun betuigd aan Ons Onderwijs 2032, maar dat viel kennelijk niet goed.

‘Wij waren niet zo gelukkig met de publicatie van een gezamenlijke brief waar de voorzitter zijn handtekening onder heeft gezet’, zo citeert NRC voorzitter Liesbeth Verheggen van de AOb. BON had zich er al eerder van gedistantieerd. De Onderwijscoöperatie gaat nu aan staatssecretaris Sander Dekker van OCW melden dat de lerarenorganisaties eerst hun achterban vragen of er wel draagvlak is voor Onderwijs2032.

Kritiek uit Kamer
PVV’er Harm Beertema ziet Onderwijs2032 ook niet zitten. Hij had een motie ingediend om het project te staken, maar die motie kreeg geen meerderheid. Eerder zei CDA-Kamerlid Michel Rog dat Onderwijs2032 elitaire trekjes heeft en neigt naar ‘didactische nieuwlichterij’.

Motie Beertema verworpen: Onderwijs2032 gaat door

Het project Onderwijs2032 gaat gewoon door. Een motie van PVV’er Harm Beertema om dit onderwijsvernieuwingsproject bij het oud vuil te zetten, heeft het in de Tweede Kamer niet gehaald.

Beertema stelde in zijn motie over Onderwijs2032 dat er ‘geen breed gedeelde vraag is geweest naar alweer een onderwijsvernieuwing’.

Het project is volgens hem slechts bedoeld om ‘een behoefte aan vernieuwing te creëren die er niet was’. Daardoor zou het ‘leiden tot onduidelijkheid, onrust en verhoogde werkdruk’. Beertema riep daarom in zijn motie op het project te staken.

De motie haalde geen meerderheid. Beertema twitterde vervolgens dat de afwijzing van zijn motie ertoe leidt dat het project Onderwijs2032 sluipenderwijs wordt ingevoerd, ‘met hartelijke dank aan PvdA, GL, D66, VVD, CDA’ .

Kamer verwerpt motie voor maximumaantal lesuren

Een herhaalde motie van D66 om in het primair en voortgezet onderwijs een maximumaantal lesuren vast te leggen, heeft het in de Tweede Kamer weer niet gehaald.

De motie was afkomstig van D66-Tweede Kamerlid Paul van Meenen. Hij stelde dat er in het kader van onderwijsvernieuwing en de ontwikkeling van docenten in het funderend onderwijs een maximum moest worden gesteld aan het aantal lesuren.

Hij had voor fulltimers in het primair onderwijs graag een maximum gezien van vier dagdelen per week en in het voortgezet onderwijs van 20 lesuren per week. Een Kamerminderheid van D66, SP, GroenLinks en Partij voor de Dieren steunde de motie, terwijl VVD, PvdA, CDA en PVV tegen stemden.

‘Vernieuwers verwoesten rekenonderwijs’

Leerlingen in het voortgezet onderwijs kunnen niet meer goed rekenen. Dat stelt wiskundelerares Karin den Heijer van het openbare Erasmiaans Gymnasium in Rotterdam.

In een ingezonden brief die woensdag in de Volkskrant is gepubliceerd, stelt ze dat vernieuwers het rekenonderwijs hebben verwoest. Den Heijer baseert zich op haar eigen bevindingen en op rekenpilots, waarvan de resultaten onlangs naar de Tweede Kamer zijn gestuurd.

In plaats van de staartdelingen en de rijen met sommen die leerlingen vroeger op de basisschool moesten maken, is het rekenonderwijs van nu met zijn verhaaltjessommen volgens Den Heijer vooral een oefening begrijpend lezen. Het resultaat is, zo schrijft ze, dat de huidige leerlingen uit groep 8 slechter kunnen rekenen dan ooit. Ze ziet die negatieve ontwikkeling ook in het voortgezet onderwijs.

Lees de ingezonden brief en luister via de website van RTV Rijnmond naar een interview met Den Heijer.

Wat heeft commissie-Dijsselbloem opgeleverd?

Heeft het parlementaire onderzoek naar onderwijsvernieuwingen geleid tot een structurele verandering van de onderwijspolitiek? De Vaste Kamercommissie voor OCW heeft de Onderwijsraad gevraagd daar onderzoek naar te doen.

In 2007 deed een parlementaire commissie onder leiding van toenmalig PvdA-Kamerlid Jeroen Dijsselboem onderzoek naar onderwijsvernieuwingen die in de 20 jaar daarvoor waren ingevoerd, zoals de basisvorming, het studiehuis en het vmbo.

Aanleiding voor het onderzoek was de aanhoudende kritiek op deze vernieuwingen en de wijze waarop ze werden ingevoerd. De conclusie van de parlementaire commissie was dat onderwijsvernieuwingen van bovenaf waren ingevoerd, zonder voldoende rekening te houden met draagvlak in het onderwijs zelf.

De Vaste Kamercommissie voor OCW wil nu weten of de conclusies en aanbevelingen van de commissie-Dijsselbloem hebben geleid ‘tot een structurele verandering van de onderwijspolitiek, uitmondend in een groter maatschappelijk vertrouwen in de kwaliteit van het onderwijs en een grotere betrokkenheid van de actoren in het veld’.

Een belangrijke vraag hierbij is hoe het onderwijsbeleid kan ‘balanceren tussen centrale sturing en decentrale autonomie met het oog op het realiseren van duurzame onderwijskwaliteit’.

De Onderwijsraad verwacht dat het onderzoek in het eerste kwartaal van 2014 wordt afgerond.