Tweede Kamer vindt prestatiebox leegtrekken goed idee

Een meerderheid van de Tweede Kamer gaat mee in het plan van CDA en D66 om de prestatiebox leeg te trekken om zo de leraren in het primair onderwijs een extra salarisverhoging te geven. Als onderwijsminister Arie Slob daar elders geld voor vrijmaakt, mag dat wat de Kamer betreft ook. 

CDA-Kamerlid Michel Rog en zijn collega Paul van Meenen van D66 vinden dat er slechts ‘vage doelen’ aan de prestatiebox zijn verbonden. Het gaat daarbij onder andere om professionalisering, doorgaande leerlijnen en uitdagender onderwijs.

Volgens hen zijn de doelen niet alleen vaag, de scholen zouden ze ook niet halen. Het onderwijs wordt er volgens hen alleen maar slechter van. Daarom zou het beter zijn om het geld uit de prestatiebox (263 miljoen euro of een deel daarvan) te besteden aan een extra salarisverhoging. Rog en Van Meenen denken dat het onderwijs dan vanzelf beter wordt. Een meerderheid in de Tweede Kamer is het met hen eens.

Minister Slob zei eerder dat hij de prestatiebox niet wil leegtrekken, maar hij moet nu van de Tweede Kamer alsnog gaan onderzoeken of dat toch mogelijk is, of dat er wellicht andere mogelijkheden zijn om de lerarensalarissen extra te verhogen.

Het salaris van de leraren in het primair onderwijs is al verhoogd met gemiddeld 8,5 procent. Dat komt neer op een extra maandsalaris. Daarnaast hebben leraren in het primair onderwijs een bonus van 2000 euro gekregen.

Slecht beleid

Ronald Bloemers van VOS/ABB vindt het plan van CDA en D66 om de prestatiebox leeg te trekken voor hogere lerarensalarissen getuigen van slecht beleid. ‘Iedereen die een beetje verstand heeft van onderwijs, weet dat de bekostiging al vele jaren ontoereikend is. Er zijn onderzoeken te over die dat bewijzen. Dan is het geen oplossing om het geld uit de prestatiebox, dat onder andere bedoeld is voor kwaliteitsverbetering en professionalisering, weg te kapen voor een salarisverhoging.’

‘Het is helemaal navrant dat Rog en Van Meenen stellen dat het geld uit de prestatiebox nutteloos over de balk wordt gesmeten en dat volgens hen het onderwijs in Nederland alleen maar slechter wordt. Zij weten natuurlijk ook wel dat dit absoluut niet het geval is, en dat scholen er heel goede dingen mee doen om het onderwijs te verbeteren, met het ontoereikende budget dat ze wel hebben’, aldus Bloemers.

Hij voegt daaraan toe dat de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) elk jaar weer laat zien dat het onderwijs in Nederland van goede kwaliteit is en dat dit wordt bereikt met relatief weinig geld.

Reactie: Michel Rog van het CDA laat naar aanleiding van bovenstaand bericht weten dat hij het niet eens is met het gebruik van het woord ‘leegtrekken’. Hij formuleert het in politieke termen als volgt: ‘Wij vragen om een tripartiet gesprek gericht op de vraag óf en zo ja hoeveel geld uit prestatiebox anders kan worden aangewend’.

Geen salarisverhoging met geld uit prestatiebox

Onderwijsminister Arie Slob benadrukt dat er geen extra salarisverhoging voor leraren in het primair onderwijs komt. Hij schiet het plan van de coalitiepartijen CDA en D66 af om voor een extra salarisverhoging de prestatiebox leeg te trekken.  Ronald Bloemers van VOS/ABB vindt dat plan van CDA-Kamerlid Michel Rog en zijn collega Paul van Meenen getuigen van slecht beleid.

Het salaris van leraren is al verhoogd met gemiddeld 8,5 procent. Daarnaast hebben leraren in het primair onderwijs een bonus van 2000 euro gekregen. CDA-Tweede Kamerlid Michel Rog en zijn collega Paul van Meenen van D66 vinden dat niet genoeg.

Zij wijzen erop dat er nog steeds een verschil bestaat tussen de lerarensalarissen in het primair onderwijs en de hogere salarissen in het voortgezet onderwijs. Dat verschil is volgens hen niet uit te leggen en moet daarom, zo stellen ze, kleiner worden gemaakt.

Het geld uit de prestatiebox kan hiervoor worden gebruikt, vinden Rog en Van Meenen, omdat volgens hen niet duidelijk is waar dit eerder aan is uitgegeven. ‘De gestelde doelen uitdagender onderwijs, brede onderwijsverbeteringen, professionele scholen en doorgaande ontwikkellijnen zijn niet gehaald, of de resultaten zijn zelfs verslechterd’, aldus CDA en D66.

Minister Slob gaat hier niet in mee, zo liet hij in de Tweede Kamer weten. Hij benadrukte dat er afspraken zijn gemaakt over de prestatiebox en dat hij daar niet aan gaat tornen, in ieder geval niet tot 2020. In dat jaar wordt de prestatiebox geëvalueerd.

Slecht beleid

Ronald Bloemers vindt het plan van CDA en D66 om de prestatiebox leeg te trekken voor hogere lerarensalarissen getuigen van slecht beleid. ‘Iedereen die een beetje verstand heeft van onderwijs, weet dat de bekostiging al vele jaren ontoereikend is. Er zijn onderzoeken te over die dat bewijzen. Dan is het geen oplossing om het geld uit de prestatiebox, dat onder andere bedoeld is voor kwaliteitsverbetering en professionalisering, weg te kapen voor een salarisverhoging.’

‘Het is helemaal navrant dat Rog en Van Meenen stellen dat het geld uit de prestatiebox nutteloos over de balk wordt gesmeten en dat volgens hen het onderwijs in Nederland alleen maar slechter wordt. Zij weten natuurlijk ook wel dat dit absoluut niet het geval is, en dat scholen er heel goede dingen mee doen om het onderwijs te verbeteren, met het ontoereikende budget dat ze wel hebben’, aldus Bloemers.

Hij voegt daaraan toe dat de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) elk jaar weer laat zien dat het onderwijs in Nederland van goede kwaliteit is en dat dit wordt bereikt met relatief weinig geld.

Regeling personele bekostiging 2018-2019

De Regeling personele bekostiging voor het schooljaar 2018-2019 is bekendgemaakt. Hieronder staat puntsgewijs wat van belang is om te weten.

  • Kleine ophoging van de reguliere lumpsum met 0,191 procent in verband met de oploop van de functiemix. Dit betreft zowel de gemiddelde personeelslast van de leraren als het basisbedrag in het budget personeels- en arbeidsmarktbeleid (PAB). De oploop in het functiemixbudget loopt nog door tot en met 2020. Dit geldt voor alle sectoren van het primair onderwijs.
  • Flinke ophoging van de kleine scholentoeslag. Dit is gedaan in het artikel van het PAB en niet in de specifieke artikelen over de kleinescholentoeslag die niet tot het PAB behoren. Besturen dienen hiermee rekening te houden in hun allocatiemodel, omdat de PAB-middelen vaak bovenschools worden gebracht. De bedragen in het PAB over de kleinescholentoeslag zijn 326 procent van het oude bedrag in het schooljaar 2017-2018. Dit geldt alleen voor het basisonderwijs.
  • De middelen voor de werkdrukvermindering zijn ook toegevoegd aan het PAB. Het bedrag per leerling is, zoals eerder aangekondigd, verhoogd met 155,55 euro.
  • De uitbetaling van de prestatieboxmiddelen vindt altijd plaats in twee delen. Om budgettechnische redenen is dit gewijzigd. In het schooljaar 2017-2018 betrof dit 33,6 procent in november en 66,4 procent in maart. In het schooljaar 2018-2019 zal dat 44,7 procent respectievelijk 55,3 procent zijn.

De toepassing van de referentiesystematiek zorgt nog voor een aanpassing in september 2018. Dan zal er een kabinetsbijdrage komen op basis van de ontwikkeling van de lonen en werkgeverslasten in de marktsector. Het kabinet stelt dit medio juni vast in het voorjaarsoverleg.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Geld voor talentontwikkeling en uitdagend onderwijs

De Regeling prestatiebox primair onderwijs 2015-2020 is gepubliceerd.

Deze regeling bepaalt dat scholen geld krijgen voor talentontwikkeling door uitdagend onderwijs, een brede aanpak voor duurzame onderwijsverbetering, professionalisering en doorgaande ontwikkellijnen. Deze ambities staan in het Nationaal Onderwijsakkoord.

De regeling treedt in werking op 1 augustus 2015. De juridische grondslag van de regeling is artikel 123, eerste lid, van de Wet op het primair onderwijs en artikel 120, eerste lid, van de Wet op de expertisecentra.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl